Marcus 16,1-8 – Geloof: God doet grote en onverwachte dingen!

Hans Burger
Hans Burger
12 april 2009

Marcus 16,1-8 – Geloof: God doet grote en onverwachte dingen!

image_pdfimage_print

Liturgie

’s Morgens: Sing in – GK 95: Daar juicht een toon. – LvK: 215: Christus, onze Heer, verrees – GK 109: Halleluja, lof zij het Lam Welkom / MededelingenVoorzang: Ik wil juichen voor u mijn Heer Aansteken nieuwe paaskaarsStil gebed Votum / groet Zingen: Gez 111 – Jezus leeft in eeuwigheid Genadeverkondiging: lezen Ef 2,1-10Zingen: Ps 118,1.9 Gebed Bijbellezen: Marcus 15,40-16,8Zingen: LvK 222,1.2.3 Preek over Marcus 16,1-8Zingen: Gez 99 – U zij de glorieWet als belofteZingen: LvK 217,1.2.3 – Jezus leeft en ik met HemGebedCollecteTijdens de collecte: ‘Als er vergeving is’Zingen Gez 160 – Groot is u trouw Zingen Ps. 134 oude berijming – Loof looft nu aller Heren Heer Zegen

 

 

’s Middags: Votum / groet Zingen: LB 215Gebed Bijbellezen: Marcus 15,40-16,8Zingen: LvK 222,1.2.3 Preek over Marcus 16,1-8Zingen: Gez 99 GeloofsbelijdenisZingen: Gez 107,1.3.4GebedCollecteZingen: Gez 111Zegen

Opmerking: ik hoor het graag van de voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

Preek over Marcus 16,1-8 – Geloof: God doet grote en onverwachte dingen!

 

1. Wij zijn hier in de kerk gekomen voor een feest: Jezus is opgestaan! We hebben samen ontbeten – een aantal van ons; we hebben samen gezongen; en nu houden we met elkaar een feestelijke kerkdienst. Vandaag is het feest: Jezus is opgestaan!

En dan lezen we het Paasverhaal uit Marcus – helemaal geen feestelijk verhaal. Die engel zegt mooie dingen. Maar de vrouwen zijn alleen maar bang en geschrokken.

Hoewel, misschien herken je je juist wel in die vrouwen. Het is feest maar ik voel me helemaal niet blij. Hoe verander je dat?

Laten we eens goed naar Marcus 16 kijken. Waarom vertelt Marcus de geschiedenis van Pasen op deze manier? Wat kunnen wij ervan leren?

De vrouwen – de beide Maria’s en Salome – willen de begrafenis van Jezus afmaken. Ze waren erbij geweest. Snel snel was Jezus nog in een graf gelegd. De sabbat was eigenlijk al begonnen. Die begint immers op vrijdagavond bij zonsondergang. Zaterdagavond, als de sabbat weer voorbij is, gaan ze verder met Jezus’ begrafenis. Ze kopen geurige olie. Jezus’ dode lichaam was in linnen gewikkeld. Met geurige olie willen ze die doeken parfumeren. Dat hadden ze nog niet goed kunnen doen. De geurige olie moest de stank van het dode lichaam verdrijven. Als ze de olie in huis hebben, gaan ze naar bed, want de volgende morgen – dus zondagmorgen – gaan ze voor dag en dauw op pad.

Ze zijn op weg naar het graf, ze zijn er bijna. Maar opeens zegt een van hen: ‘De steen krijgen we nooit weg!’Helemaal vergeten. Zo druk waren ze met de dode Jezus, met de geurige olie. Er was een grote zware steen voor het graf gerold.

Je kunt niet overal aan denken. Dat levert soms grote praktische problemen op.

Waar ze helemaal niet aan denken: Jezus had voorzegd dat hij op zou staan uit de dood. Maar niemand van zijn volgelingen heeft het onthouden. Met een opstanding houdt niemand rekening.

Herken je dat? Soms zegt God dingen die te mooi zijn, te wonderlijk. Je kunt het niet geloven. En je vergeet wat God gezegd heeft. Paulus zegt bijvoorbeeld in Efeze 2 over de gevolgen van de opstanding in ons leven:

‘Hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God heeft voorbereid.’

Gaat dat over mij – denk je misschien wel? En je houdt er zo maar geen rekening mee dat het wel eens zou kunnen gebeuren – dat jij goede dingen doet in Christus Jezus.

 

2. De vrouwen zien het graf inmiddels al liggen.

Hè? De steen is al weggerold.  Zo verdwijnen praktische problemen soms als sneeuw voor de zon…Wat is er gebeurd? Geschrokken kijken ze elkaar aan. Voorzichtig lopen ze naar het graf toe en gaan naar binnen.

‘Ohhhh’. Alle drie schrikken ze ontzettend. Er zit iemand in het graf! Een jonge man in witte kleren.

De man ziet dat ze vreselijk geschrokken zijn. ‘Wees niet bang’, zegt hij.  ‘Jullie zoeken Jezus, de man uit Nazareth, die gekruisigd is.’

Het klinkt vriendelijk. Maar als er in Marcus mensen zijn die Jezus zoeken, dan mist er altijd iets: geloof. De massa’s zoeken Jezus. ‘Iedereen is naar u op zoek!’ Jezus’ moeder en zijn broers en zussen komen Jezus een keer zoeken. De Joodse leiders zoeken Jezus om hem te doden.

De vrouwen hier zoeken ook: de dode Jezus uit Nazareth, die gekruisigd is.

Zo heb je zoekers en gelovigen. Een zoeker die weet het nog niet. Die heeft Jezus nog niet gevonden als de Messias, de Christus, de Mensenzoon. Die heeft Jezus nog niet gevonden als zijn eigen verlosser. Mensen die Jezus zoeken, die zoeken de dode Jezus, de man uit Nazareth die gekruisigd is. Wat ben jij: een zoeker of een gelovige?

Als er niks gebeurt blijven we allemaal zoekers. Een zoeker die tast, die probeert, die zoekt. Een zoeker die vergeet ook dingen, bereidt zich niet goed voor, schrikt van een praktisch probleem. O, helemaal niet aan gedacht. Hoe moet dat nu? Je kunt nooit overal aan denken. En dan zijn er leeuwen en beren op de weg. Een grote zware steen. En zo is er altijd wat. Mitsen en maren.

Maar gelukkig doet God grote en onverwachte dingen. Onze mitsen en maren verdwijnen als God aan het werk is. Die steen is helemaal niet belangrijk meer.

Luister maar wat de man verder zegt: ‘Hij is opgewekt uit de dood. Hij is hier niet. Kijk maar, dat is de plaats waar hij was neergelegd.’

Wie is Jezus, de man uit Nazareth die gekruisigd is? Zou je niet meer over Jezus moeten zeggen? Wie zou Jezus zijn volgens God?

Marcus vertelt vaak heel ingehouden over Jezus, over de vraag wie Hij is. Wie Jezus is, dat zie je alleen als je gelooft, als je het wil zien.

Wil je het zien? Jezus is opgewekt. Dat betekent: God heeft Jezus weer levend gemaakt. Jezus heeft zijn leven gegeven als losprijs voor velen. Hij heeft jullie vrijgekocht. Gods koning heeft overwonnen. Jezus Christus brengt ons in Gods koninkrijk!

 

3. Zou het wel tot de vrouwen doordringen wat de man zegt? Willen zij het zien?

Maar hij gaat al weer verder en geeft hen een opdracht. ‘Ga naar de leerlingen toe – en naar Petrus’.

Wat zouden ze tegen hen moeten zeggen? Vertel de leerlingen dat ik ze niet meer hoef te zien? En die Petrus, die hoef ik helemaal nooit meer te zien?

Nee, juist niet! Jezus wist toch van te voren hoe het zou gaan? Hij had het allemaal voorzegd, bij het avondmaal: jullie zullen ten val komen. En Petrus, jij zult me verloochenen. Tegelijk had hij er al bij gezegd: ‘Maar nadat ik uit de dood ben opgewekt, zal ik jullie voorgaan naar Galilea.’ Kijk maar in Marcus 14,27-31.

Jezus wist wie ze waren en hij hield van hen. Ook voor hen was hij gestorven.  Hoor je zijn liefde in wat de man namens Jezus zegt: ‘Ga terug en zeg tegen zijn leerlingen en tegen Petrus: “Hij gaat jullie voor naar Galilea, daar zullen jullie hem zien, zoals hij jullie heeft gezegd.”’Jezus wil met hen verder. Zoals hij had gezegd gaat hij ze voor naar Galilea. Ze zullen Hem weer zien!

Ook Petrus. Hij wordt apart genoemd. Alleen Marcus vertelt dat Petrus expliciet erbij genoemd wordt. De andere evangeliën doen dat niet. Bedenk dan dat Marcus waarschijnlijk het verhaal van Petrus vertelt. Wat zou er door Petrus heen gegaan zijn toen hij dit aan Marcus vertelde? ‘Ik werd apart genoemd. Het was niet voorbij. Jezus wilde ook met mij verder.’ Ik kan me voorstellen dat hem de tranen in de ogen stonden toen hij dit tegen Marcus zei.

Proef je daarin de liefde van Jezus? En weet je – die liefde is er ook voor ons – hij weet wie we zijn. Hij is ook voor ons gestorven, en opgestaan. Door Jezus opstanding mogen we nieuwe mensen zijn – opnieuw beginnen. Daarom gaat Jezus verder met leerlingen die Hem hebben laten vallen. Ben jij een zoeker? Een twijfelaar? Heb je Jezus verloochend? Jezus in de steek gelaten? Jezus weet precies wie je bent en kent je door en door. Hij is ook voor jou gestorven – en opgestaan. Besef je dat zijn opstanding, zijn liefde er ook voor jou zijn? Nieuw leven – want Jezus houd van jou?

 

4. Misschien besef je dat wel niet.

De vrouwen beseffen het allemaal niet. Ze zien dat Jezus niet meer in zijn graf ligt. Ze horen de engel praten. Harde feiten, zou je zeggen. Ze hebben niet door dat ze met een engel praten. Marcus heeft het niet over een engel, maar over een jonge man in witte kleren. Dat is niet voor niets!

Heb jij wel eens gedacht: als ik er bij geweest was op de morgen van Pasen, als ik eens een engel mocht zien. Dan was het veel makkelijker om te geloven.

Nee dus! Een engel zien, of een leeg graf, het maakt niet uit!De vrouwen staan te trillen op hun benen, doodsbang, ontzettend geschrokken. Ze willen maar een ding. Weg hier.

 

[Extra buiten Franeker

En het lege graf, de woorden van de engel, ze doen er niks mee. Het lege graf alleen is niet genoeg om tot geloof te komen. Maar het graf was wel leeg – dat zegt de bijbel heel duidelijk. En dat lege graf zegt ook veel over de betekenis van de opstanding.

Er zijn veel religies die geloven in een leven na de dood. Na je dood ga je naar een hiernamaals. Indianen hadden het over de eeeuwige jachtvelden, de Germanen over het Walhalla. Volgens de Boeddisten ga je naar het Nirvana, Hindoe’s geloven in reïncarnatie. Ga maar door. Om verder te leven na de dood heb je geen leeg graf nodig.

Het lege graf laat zien: opstanding is maar niet ‘verder leven bij God’. De bijbel belooft de opstanding van de doden.

Wat is opstanding? Er is een opstanding omdat de dood overwonnen is. De dood zal ongedaan gemaakt worden. Bij de opstanding gaan de graven open. Bij de opstanding komen mensen uit hun graf met een nieuw lichaam. Je komt uit je graf. Jij blijft jezelf. Jij krijgt een nieuw lichaam. Dat is bij Jezus als eerste gebeurt. Zijn lijf is niet prijsgegeven aan de dood. Hijzelf is uit het graf gekomen. Hij is zichzelf gebleven. Zijn lijf is vernieuwd, volmaakt, verheerlijkt uit de dood opgestaan. Zo zullen wij allemaal een nieuw lichaam krijgen. Opstanding is een nieuwe schepping, een nieuwe aarde.

Het lege graf van Jezus laat zien: Verschijningen van Jezus zijn geen geestverschijningen. Het is Jezus zelf die naar zijn leerlingen toe komt. Met een nieuw lichaam. Een nieuwe schepping.

Wij zijn op weg naar Gods rijk, naar een nieuwe aarde. Dat belooft de opstanding ons.

Maar– terug naar de vrouwen]

 

Waarom komt het bij hen niet binnen? Dat is voor ons een belangrijke vraag. We kunnen ervan leren over belemmeringen om tot geloof te komen, om te groeien in geloof.

De eerste belemmering. Jezus had gezegd: ik zal sterven maar ook weer uit de dood opstaan.Moeilijk om te begrijpen. In elk geval hadden ze het niet onthouden. Daardoor verwachtten ze geen grote en onverwachte dingen.Herken je dat?

Hoe belangrijk zijn de woorden van Jezus voor jou? Wat doe jij als ze moeilijk te begrijpen zijn? Onthoud je ze of ben je ze zo weer vergeten?

De tweede. Ze waren vol van hun eigen gevoelens, van angst en schrik. Daardoor konden ze niet luisteren. Daardoor hoorden ze niet dat de engel herhaalde wat Jezus allemaal al voorzegd had.

En jij? Het woord van God wordt steeds weer herhaald en uitgelegd. Elke zondag, elke catechisatie, elke Bijbelstudie, elke Bijbellezing. Maar je kunt zo vol zijn dat je niet meer kunt luisteren. Bevangen door angst en schrik. Komt het bij jou binnen wat er steeds weer gezegd wordt?

En de derde: wegrennen. Dat is wat de vrouwen doen: ze schrikken van die man in witte kleren. En dus rennen ze weg. Weg van de plaats waar ze het woord van God horen, weg van de plek waar ze tot geloof kunnen komen.

Hoe vaak ontneem jij jezelf de kans om tot geloof te komen, om te groeien in geloof?  Denk weer aan Efeze 2,10:

‘Hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God heeft voorbereid.’

Geen makkelijke zin. Maar als in deze moeilijke zin wel veel gezegd wordt over de betekenis van de opstanding voor jouw leven hier en nu? Denk je ‘te moeilijk’ – en vergeet je wat Paulus zegt, verwacht je dus ook niet de overweldigend grote rijkdom van Gods genade? Dat is de eerste belemmering. Of was je hoofd zo vol dat je het eigenlijk niet gehoord hebt? Dat is de tweede. Of blijf je vaak weg van kerkdiensten en bijbelstudies, en mis je zo veel onderwijs en uitleg? Dat is de laatste.

Als je zo leeft, dan kan er zoveel van God om je heen te zien zijn, dat je niet ziet! Dan zit je jezelf zo in de weg!

 

5. Ook het lege graf alleen is niet genoeg om tot geloof te komen. Hoe komen wij – en zij – dan tot geloof? Hoe groeien we in geloof?

Weet je wat mij opviel aan de drie belemmeringen? Ze hebben één ding gemeenschappelijk: niet luisteren naar het woord van Jezus Christus.

Waardoor komt er in het vervolg van Marcus wel geloof? Dat gebeurt door de ontmoeting met Jezus zelf, die de leerlingen aanspreekt. Door de verschijningen veranderen ze in gelovigen.

En wij kunnen Jezus, de opgestane Heer nog steeds ontmoeten: door de samenwerking tussen de Heilige Geest en het Woord van God.  Dat woord klink steeds weer. Jezus blijft ons aanspreken. De Heilige Geest blijft door dat woord heen ademen.

En dus heeft het ook iets eenvoudigs: Denk weer aan zo’n stukje als Efeze 2,10 en aan de drie belemmeringen: D

e eerste: het woord van God vergeten en daardoor weinig van God verwachten Ga er mee aan de slag. Als je het niet meteen begrijpt, verdiep je er dan in. Bid de Heilige Geest om inzicht. Vraag om uitleg. En denk niet: het gaat hier over zulke grote en onverwachte dingen, dat moet wel onzin zijn. Nee! Durf groot van God te denken en verwacht onverwachte dingen. Jezus is opgestaan!

De tweede: vol zijn van je eigen gevoelens, je eigen angst en schrik en niet kunnen luisterenVraag de Heilige Geest om nieuwe concentratie en aandacht. Want opstanding betekent vertrouwen in plaats van angst. Blijdschap in plaats van schrik. Verwacht dat de Geest ook doet wat past bij de opstanding van Jezus. En span je in om goed te luisteren. Want Jezus leeft!

De derde: wegrennen en niet tot geloof kunnen komenAls het niet meteen lukt, ren dan niet weg. Als je niks voelt, niks ervaart, niks van God merkt, blijft twijfelen – blijf op de enige plek waar dat kan veranderen: de gemeenschap van andere christenen, waar we samen naar Gods woord luisteren. Want dat is de plek waar de Heilige Geest werkt. We zijn immers bij elkaar in de naam van Jezus Christus, de opgestane.  Dan ga je anders kijken.

Dan ga je zien: Jezus leeft – in mij! Ook ik ben in Christus opgestaan als nieuwe schepping. Geloof: God doet grote en onverwachtse dingen! Want Jezus is opgestaan.