Kolossenzen 2,14-15 – Het kruis van Christus: God is overwinnaar

Hans Burger
Hans Burger
21 april 2007

Kolossenzen 2,14-15 – Het kruis van Christus: God is overwinnaar

image_pdfimage_print

De betekenis van het kruis van Jezus Christus (4)

 Liturgie

  • Voorzang Ps 18,1
  • Votum / groet
  • Zingen GK 93 (nieuw) (buiten Franeker Ps 18,1.14)
  • Wet
  • Zingen Ps 141,1.2.3
  • Gebed
  • Schriftlezing Kol 2,6-15
  • Zingen LB 203,2.3
  • Tekst Kol 2,14-15
  • Preek
  • Zingen GK 142,1-3 (was GK 33) (’s middags Geloofsbelijdenis Zingen GK 92 (was GK 21))
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen GK 111 (was NG 58)
  • Zegen

Opmerkingen:

- hierboven is de nummering van het nieuwe Gereformeerd kerkboek gevolgd.

- ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl

Preek over Kolossenzen 2,14-15 Het kruis van Christus: God is overwinnaar

Gemeente van Jezus Christus

1. Jezus is opgestaan. Hij is overwinnaar. Hij heeft alle macht in hemel en op aarde. Maar er is iemand die daar niet blij mee is: de duivel. En hij doet niets liever dan ons bij Christus vandaan trekken.

Hoe probeert de duivel ons te pakken te nemen? Paulus zegt: of je laat je meeslepen door de machten van deze wereld, of je richt je op Christus.

De duivel zelf kijken we niet recht in de ogen. Hij probeert ons bij Christus weg te trekken via die machten van deze wereld. En waar moet je dan aan denken?

Iets wat ik zelf merk, is de macht van de media, van internet, nieuws en TV. Als ik achter mijn computer zit, ben ik voortdurend online. Je kunt van al het nieuws direct op de hoogte zijn. Nu.nl bijvoorbeeld geeft je direct al het laatste ANP-nieuws. Alleen al steeds dat laatste nieuws eist zomaar een groot deel van mijn aandacht op. Terwijl ik mijn aandacht zou willen laten vullen door Jezus Christus. Als startpagina heb ik daarom een site die elke dag een nieuwe korte bijbelstudie geeft, maar vaak klik ik al verder voor ik hem gelezen heb.

Ik denk dat veel christenen daarvan wel iets herkennen. Hoe lastig is het om tijd te vinden voor bijbellezen en bidden, voor hun gemeente. Hun belevingswereld wordt dus steeds minder gevuld met Jezus Christus. Hij staat niet in het centrum van de aandacht. En die tijd gaat zitten in andere dingen, die onze aandacht opeisen. De media, mobiele communicatie waardoor je altijd bereikbaar bent, muziek waardoor het nooit meer stil is en je je eigen onrust niet meer hoeft te voelen, noem maar op. In dat trekken van aandacht, dat opslokken van onze tijd, daarin voel je de machten van deze wereld.

Maar de duivel gebruik ook andere machten. Denk aan de macht van sex en erotiek. Ga eens na hoe je beeld van relaties wordt beïnvloed door de media. Echtscheiding, overspel, verleiden, het is zo gewoon in media-land dat ik merk dat het ongewild mijn beeld van relaties beïnvloedt. Terwijl ik zou willen dat de liefde van Christus voor de gemeente als enige mijn beeld van relaties zou bepalen.

Denk aan de macht van het geld, van techniek en wetenschap. Steeds moeten er nieuwe produkten ontwikkeld worden, de economie moet blijven groeien. Maar waarom eigenlijk? Zorgt God de Vader dan niet voor ons? Waarom investeren we die tijd die nu in research en marketing gestoken wordt niet in evangelisatie, in vrede op aarde?

 

2. Sluipend probeert de duivel ons mee te trekken. Ons te verdoven, te versuffen. Ons van alles belangrijk te laten vinden, als het maar niet Jezus Christus is.

Zo gebeurde het ook in Kolosse. Daar belanden we in de afdeling zelfhulp, spiritualiteit en esoterie. Ook zoiets herkenbaars in onze tijd. Ook nu werkt de duivel via dit soort theorieën.

Het was in Kolosse waarschijnlijk een mix van joodse en griekse ideeën. In de kosmos zijn er allerlei onzichtbare machten en krachten. Via die machten en krachten kun je deel krijgen aan het geheim van de goddelijke volheid. Om deel te krijgen aan die goddelijke volheid moet je groeien als mens. Zelfvernedering is dan van groot belang. Of bidden om een visioen. Uiteraard moet je ook rekening houden met die machten en krachten. Waar een engel gezien is, daar is iets bijzonders gebeurd. Daar vereer je de engelen. Eten kan niet zomaar, maar volgens vaste principes. Het een mag je wel eten, het ander niet. Dat is niet goed voor je contact met de onzichtbare machten. En ga zo maar door: houd je aan de kalender, vier de feestdagen en sabbatten, laat je besnijden enzovoort.

Prachtige verhalen. Het klonk mooi en meeslepend. En baat het niet, dan schaad het niet – toch?

Maar opnieuw geldt: het slokt je aandacht op. Daardoor ben je niet meer gericht op Jezus Christus alleen. Daardoor vind je niet belangrijk wat hij belangrijk vindt. Daardoor kan hij je niet vullen, vormen, veranderen. En je leven als christen stokt. Er zit geen ontwikkeling meer in, geen groei.

En wat doet Paulus dan?

Hij zet Jezus Christus midden in die wereld.

Die onzichtbare machten, ze zijn er – vorsten en heersers, machten en krachten. Ze hebben hun plek in een kosmos die chaotisch is geworden. Door onze zonde is de orde van de kosmos verstoord. De onzichtbare machten zouden de mensheid moeten dienen. Ze zouden ons mensen moeten helpen. Maar ze zijn nu een middel in de hand van de duivel geworden. Ze maken ons tot slaven en trekken ons nu bij God vandaan.

Alleen: Christus heeft die machten tot de orde geroepen. Hij heeft ze overwonnen. Hij is het hoofd van die machten en krachten geworden en staat er ver boven. Zoek je goddelijke volheid? Dan moet je bij Christus zijn. In hem woont de goddelijke volheid. Als je met hem verbonden bent, dan heb je daar deel aan.

3. Dat kon niet zomaar. Die machten hadden een wapen. Paulus heeft het over een handgeschreven document. Een document met voorschriften of bepalingen waarin wij worden aangeklaagd.

Je zou even kunnen denken dat Paulus het over de wet heeft. Maar die wet is niet uitgewist en vernietigd. Het gaat om een document waarin onze schuld is vastgelegd. Een schuldbekentenis van onszelf; een proces-verbaal; een uitspraak van een rechter – aan zoiets moet je denken.

Misschien denkt Paulus wel aan iets wat de Romeinen als een soort notitieblokje gebruikten: een soort boekje van twee houten plankjes. Beide plankjes waren aan de binnenkant bestreken met bijenwas. In die was kon je schrijven met een houten stift. En je kon wat je geschreven had ook weer uitvegen. In zo’n wasplankje kon je een schuldbekentenis opschrijven.

Hoe het ook zij: het wapen van die onzichtbare machten was onze schuld. Daardoor kregen ze ons in hun greep.

Zo werkt het toch ook – in het klein, of in het groot?

Je bent alleen en je zit even niet zo lekker in je vel. En dan ben je extra gevoelig op je zwakke plek, op het punt waar je makkelijk verslaafd zou kunnen raken. Roken, eten, erotische programma’s, drinken. En je geeft toe aan je eigen zwakheid. Vanaf dat moment ben je weer verkocht. Je voelt je schuldig maar je bent nu toch al voor de bijl gegaan. Je zou de Heilige Geest kunnen vragen: Help me om op te houden. Maar je schaamt je en bent ook een beetje bang om naar God toe te gaan. En dus ga je maar door. Het wordt alleen maar erger.

Zo werkt het in het groot ook. Je hebt gezondigd. God komt op afstand te staan. Je schaamt je. Je geweten spreekt. Wat ben je ook een slappeling, een lafaard. Wat ben je slecht. De duivel klaagt je aan en wrijft het er nog eens lekker in. En hij heeft gelijk – je bent een zondaar. Je bent een gevallen mens.

En waar de mens als Gods onderkoning op aarde zijn verantwoordelijkheid niet neemt, daar wordt de kosmos een chaos. Daar gaat van alles mis. Daar zijn al die onzichtbare machten blij met hun vrijheid, helpen de mens niet, maar maken hem tot slaaf. De orde van Gods schepping is grondig verstoord.

En steeds weer blijkt: het wapen van die machten, tegenover God, tegenover mensen, is dat document, waarin de zonde van de mens blijkt. De satan klaagt de mensen aan bij God, en hij heeft gelijk.

4. Dat wil zeggen: hij had gelijk. Hij kon bij God komen om de mensen aan te klagen, maar hij is uit de hemel gegooid. Hij mag er niet meer komen. Nooit meer.

Zijn wapen is hij kwijt.

Hoe is dat gebeurd?

Daarmee komen we opnieuw uit bij de vraag: wat betekent het kruis van Jezus Christus? Met deze preek sluit ik de serie over die vraag af. In onze tekst noemt Paulus twee betekenissen van het kruis (en de opstanding) van Christus. De eerste is de ontwapening van de duivel en de kwade machten van deze wereld.

Wat gebeurt er aan het kruis?

Er wordt bewijsmateriaal vernietigd.

Er is iets als een document waarin onze schuld is vastgelegd. Maar de tekst van dat document wordt weggeveegd. Was het een wasplankje, zoals ik net al opperde? Dan kon met de platte achterkant van de houten pen waarmee geschreven werd, de was weer gladgestreken worden. Je kon niet meer zien wat er eerst gestaan had.

Paulus zegt hier dus niet dat de schuld betaald wordt. Hij zegt iets anders: de zonden worden kwijtgescholden en het bewijsmateriaal, de verklaring waarin onze schuld is vastgelegd, wordt uitgewist, verscheurd, vernietigd.

De schuld wordt kwijtgescholden en de schuldbekentenis wordt verscheurd.

En dat gebruikt Paulus dan als beeld voor wat er gebeurd als Jezus aan het kruis gespijkerd wordt. Zijn lichaam wordt opgehangen. Spijkers in zijn handen en voeten. Dat gaat scheuren door je eigen gewicht. Zo werd het lichaam van Christus gescheurd. Vernietigd. Uitgewist.

Dat moet je even goed tot je door laten dringen. God vergeeft je zonden. De schuld wordt kwijtgescholden. Dat is één.

Maar er is ook een twee. Er zijn niet ergens in de hemel nog archieven die een keer open gaan om je alsnog te herinneren aan je zonde van lang geleden. Een deurwaarderskantoor houdt een archief bij waar je zo terug kunt vinden wie er in de loop der tijden allemaal in de schulden belandden. Als je wilt, kun je zo alle oude koeien uit de sloot halen die je maar wilt. In de hemel is dat anders. Alle bewijzen die herinneren aan je schuld, zijn ook weg. God haalt geen oude koeien uit de sloot. Vergeven is bij God: vergeven èn vergeten.

Ook de grote aanklager kan God niet herinneren aan onze zonde van vroeger. Het document waardoor wij werden aangeklaagd, is er niet meer. Laat dat goed tot je door dringen: het is er niet meer.

5. En daarom hebben kruis en opstanding volgens Paulus een tweede betekenis. De eerste is: in de dood van Jezus wordt het bewijs van onze schuld vernietigd. De tweede is: de duivel en de machten van deze wereld zijn nu hun wapen kwijt.

Daarmee hebben ze hun grip op ons leven verloren. Wij zijn nooit eigendom van de duivel geweest. Maar we hebben hem wel de ruimte gegeven om eens lekker te gaan stoken tussen ons en God. En waar wij onze verantwoordelijkheid voor Gods schepping niet genomen hebben, kreeg hij alle ruimte om er in de kosmos een chaos van te maken. De machten van deze wereld, die ons hadden moeten helpen, konden zich nu tegen ons keren.

De enige reden waarom dat kon, was dat document waarin onze schuld vastgelegd was. En dat document is weg, helemaal weg.

En in plaats daarvan is er een nieuwe mens. De nieuwe mens, kan ik beter zeggen: Jezus Christus. Hij is opgestaan uit de dood in een nieuw lichaam. Al die machten heeft hij van zich afgeschud. Hij staat er niet meer onder. Hij wordt niet door ze in bedwang gehouden.

Nee, met de opstanding van Jezus Christus heeft God deze machten te kijk gezet.

Stel je voor, in de onzichtbare wereld. Paasmorgen.

Het graf van Jezus gaat open. En daar komt Jezus Christus naar buiten. In een genezen, vernieuwd lichaam. De mens zoals God die in gedachten had. God en zijn engelen zijn blij. De engelen juichen en prijzen God. Hoor je hun gejuich? Jezus Christus heeft overwonnen!

En de duivel? En de onzichtbare machten van onze wereld?

Wat een afgang. Ze zijn ontwapend en verslagen.

En ze druipen af. Dit willen ze niet zien. Hier willen ze niet bij zijn. En je ziet aan ze dat ze balen. Hartgrondig balen. Kwaad om hun verlies. Wat hebben ze zich vergist in die Jezus, die slappeling die zich liet kruisigen. Het leek dat ze hem er onder hadden, en juist toen waren ze hun wapen kwijt.

En hij staat boven hen. De machten van de geschapen wereld moeten hem voortaan erkennen als hun meerdere. Ze moeten weer doen wat hij, de laatste Adam, zegt. Hij zal hen weer in het gareel terugbrengen. Hij komt orde op zaken stellen in de kosmos. Hij gaat alle dingen nieuw maken. De chaos zal verdwijnen.

Hij is het hoofd van de schepping. Hij is het hoofd van de kerk. Hij is de eerste. In Hem woont Gods volheid. Jezus Christus is overwinnaar!

6. Jezus heeft overwonnen. Maar de duivel en zijn machten proberen nog van alles. Rondom ons bestaan voltrekt zich een geestelijke strijd. Blijf je bij Jezus, of raak je hem kwijt?

Hoe sta je in die strijd? Een paar dingen.

Als eerste. Laat je aandacht steeds weer gericht zijn op Jezus Christus. Hij is je bevrijder. Dat wil zeggen: laat hem je aandacht vullen. Laat hem je belevingswereld bepalen. En daar tegenover: kijk eerlijk wat de dingen zijn die de duivel in jouw leven gebruikt om jouw beleveingswereld te vullen. Op welke manier trekken de machten van deze wereld aan jou en eisen jouw aandacht op? Wees daar eerlijk over en help elkaar ook dat te ontdekken.

En als je dat dan weet: wees dan extra alert op die punten. Dat zijn immers je zwakke punten. Juist als je niet zo lekker in je vel zit, weet de duivel je soms weer te verleiden. Tenminste zo vergaat het mij.

Als tweede: neem serieus dat de duivel zijn wapen kwijt is. Heel snel laten wij ons intimideren door tegenslag, door een schuldgevoel, door de duivel die doet alsof hij zijn wapen nog heeft. Maar laat je door de duivel niet bang maken! Hij is zijn wapen kwijt.

Ken je dat verhaal over Maarten Luther? Luther had regelmatig last van aanvechtingen. Op een keer was hij alleen. Door de kaarsen in de kamer bewogen er schaduwen op de muur. Hij dacht dat hij de duivel zag. En Luther pakt zijn inktpot en gooit die naar de duivel.

Jezus heeft overwonnen. Evangelischen zeggen dan wel eens: ga in de overwinning staan. Onze zonde, onze schuld heeft niet het laatste woord. Ook al is er zo’n stem die zegt dat je waardeloos bent, dat je al weer voor de bijl bent gegaan. Als Jezus Christus je zonde vergeeft, dan is de zonde weg. En die stem die kun je keihard in z’n gezicht uitlachen. Ga weg, in de naam van Jezus!

En tot slot: ga je steeds meer vrij voelen in Christus. Als je het niet voelt, lees dan deze woorden uit Kolossenzen 2 nog eens over. En nog eens. Leer ze desnoods uit je hoofd. God heeft de machten van deze wereld ontwapend en verslagen. Jezus Christus is opgestaan. Hij is overwinnaar. En pas het op jezelf toe. Mijn schuldbekentenis is vernietigd. Mijn zonde is vergeten. Jezus Christus is mijn bevrijder!