Johannes 20,17 – Hemelvaart: Jezus is onze weg naar de Vader!

Hans Burger
Hans Burger
13 mei 2010

Johannes 20,17 – Hemelvaart: Jezus is onze weg naar de Vader!

image_pdfimage_print

Hemelvaart en Alphadienst

Liturgie

Voorzang Opw 488
Kaars aansteken
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: Gez 167
Gebed
Schriftlezing:
- Hand 1,1-14
- Johannes 20,11-18
Zingen: LB 234
Preek over Johannes 20,17
Zingen: Gez 68
Geloofsbelijdenis
Zingen: Gez 99,1.2
Gebed
Ervaringen met Alpha – een van de cursisten
Zingen Opw 585
Collecte
Zingen Ps 68,7.8.13
Zegen

Opmerkingen:

- ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl .

- bij deze preek is een pp-presentatie beschikbaar

Preek over Johannes 20,17 – Hemelvaart: Jezus is onze weg naar de Vader!

Beste Alpha-cursisten, gasten, gemeenteleden

[Dia 1] 1. Of broers en zussen, dat zeggen we dan ook tegen elkaar, hier binnen de gemeente. Waarom – dat komt in deze preek nog wel naar voren. Maar dat komt straks.

Eerst maar eens even dat vers uit Johannes 20. Jullie hebben op de Alpha-cursus je al eens over deze tekst gebogen. Sommigen van jullie vonden het moeilijk – Wat is hier de bedoeling van?

Is Jezus opgestaan uit de dood, mag Maria hem zien, en wat hoort ze dan? Houd me niet vast – ik ga weg. Wordt Maria dan eigenlijk niet blij gemaakt met een dode mus?

Pasen – Jezus is opgestaan – daar kun je je iets bij voorstellen – dat is een mooi feest. Maar waarom gaat Jezus dan direct daarna al weer weg? Wat heb je dan aan Pasen?

Ik moest daarbij denken aan het kaatsspel. Van de week was het Sjukelân weer eens afgezet met blauw doek vanwege een wedstrijd. Als je naar een kaatswedstrijd kijkt, en je kent de spelregels niet, dan snap je niet wat er gebeurd. Je ziet ballen heen en weer vliegen, je hoort mensen juichen, je ziet zo’n rood-wit bord waar ballen aan hangen – waar slaat het allemaal op? Pas als je de spelregels kent, kun je van het spel gaan genieten. Als je begrijpt wat er gebeurt.

Zo is het ook met vers uit Johannes 20. Als je het verhaal niet kent, snap je er niks van. Waarom moet Maria gaan vertellen dat Jezus weggaat? Waarom gaat Jezus niet met haar mee om samen de leerlingen te verrassen? Wat is dit voor gebeuren?

Ik ken de hele geschiedenis al wel. En dan vind ik het een heel mooi vers. Het laat heel mooi zien wat de betekenis van hemelvaart is. Ik hoop dat jullie vanmorgen uit te leggen. En dan hoop ik dat je hier straks weggaat en denkt: Mooi dat we juist met hemelvaart deze Alpha-kerkdienst hadden. Nu snap ik tenminste waarom hemelvaart een feest is!

2. Laten we eerst eens kijken: in welke geschiedenis heeft die ontmoeting van Jezus en Maria z’n plekje?

Johannes begint te laten zien: De mensen zijn bij God weggelopen. Daardoor raken wij ons leven kwijt – allemaal gaan we vroeg of laat dood. God heeft alles gemaakt, maar wij mensen, we kennen Hem niet meer. Toen heeft God iemand gestuurd –Zijn eigen Zoon. Zijn enige Zoon.

God heeft Hem de wereld ingestuurd. Met een duidelijk doel. God wil die kloof overbruggen. Geen afstand meer tussen ons en God. God wil ons nieuw leven geven, eeuwig leven. Geen dood meer. God en mensen weer samen – samen eeuwig leven.

Jezus is een tijd op aarde. Hij trekt rond, hij vertelt over God, hij doet wonderen. Maar dan komt er een moment dat Hij zegt: Ik zal weer weggaan. Ik wil een paar stukjes met jullie langslopen, waarin hij dat aan zijn leerlingen uitlegt.

Eerst Johannes 12 vers 23-24. [Dia 2]

Jezus zei: ‘De tijd is gekomen dat de Mensenzoon tot majesteit wordt verheven. Waarachtig, ik verzeker u: als een graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft het één graankorrel, maar wanneer hij sterft draagt hij veel vrucht.

Daar zegt Jezus dus: ik ga sterven als een graankorrel. Die ene graankorrel sterft maar het levert een plant op met een aar vol met graankorrels. Daarmee heeft Jezus het over zijn dood – hij gaat sterven, en daardoor zal er iets moois ontstaan.

Daarna, zegt Jezus, word ik tot majesteit verheven. Wat betekent dat?

Even later, in Johannes 14 zegt Jezus ook weer dat Hij weg zal gaan. Hij gaat naar het huis van God de Vader terug. [Dia 3]

In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou ik anders gezegd hebben dat ik een plaats voor jullie gereed zal maken? Wanneer ik een plaats voor jullie gereedgemaakt heb, kom ik terug. Dan zal ik jullie met me meenemen, en dan zullen jullie zijn waar ik ben.

Dus Jezus zegt: ik ga terug naar het huis van mijn Vader. Ik zorg dat daar ook plek voor jullie is. Als ik daar klaar mee ben, kom ik terug om jullie op te halen.

En dan Johannes 17 vers 24.

[Dia 4]

Vader, u hebt hen aan mij geschonken, laat hen dan zijn waar ik ben. Dan zullen zij de grootheid zien die u mij gegeven hebt omdat u mij al liefhad voordat de wereld gegrondvest werd.

Jezus gaat terug naar de Vader, weer naar de grootheid die hij eerst had. Daar heb je die majesteit van Jezus weer. En wat wil Jezus? Dat wij bij hem zijn – in die hemelse grootheid en majesteit.

Dus wat krijg je dan als je alles op een rijtje zet? Kijk maar even mee

[Dia 5]

•        Jezus komt uit Gods grootheid en majesteit

•        Hij zoekt ons – mensen van God los

•        Hij komt om ons weer bij God te brengen

•        Hij sterft – wij kunnen weer bij God komen

•        Hij staat op uit de dood

•        Hij gaat terug naar het huis van de Vader, naar Gods majesteit, Gods grootheid

•        Hij maakt daar kamers voor ons klaar

•        Hij komt straks terug om ons op te halen

[Dia 6] Waar zitten we als Maria Jezus ontmoet? Wat denk je?

Na zijn opstanding, en voor hij terug gaat naar zijn Vader. Kijk maar op de dia: [klik] het zwarte is al gebeurd, het rode [klik] moet nog gaan gebeuren.

Als je dat ziet, dan kun je ook beter begrijpen waar Johannes 20 vers 17 over gaat.

3. Het eerste waar ik jullie op wil wijzen: [Dia 7] Jezus zegt hier hele mooie dingen over God.

Jezus zegt: God is ‘mijn Vader, die ook jullie Vader is’, en ‘mijn God, die ook jullie God is’

In de eerste 19 hoofdstukken van Johannes gaat het wel over God die Vader is. Maar dan alleen: de Vader van Jezus. Niet onze Vader.

Stel je dat eens voor. Ik weet niet hoe gewoon jullie dat vinden, dat we als christenen God ‘Vader’ noemen. Ik denk dat het ons vaak niet opvalt. We zijn er als christenen in elk geval aan gewend. God is onze Vader. Natuurlijk.

Nee dus. Dat is helemaal niet natuurlijk. Hier in Johannes 20 wordt dat voor het eerst gezegd. Mijn Vader, zegt Jezus, dat is ook jullie Vader.

En Jezus zegt: ik ga naar mijn God, die jullie God is. Daar geldt hetzelfde voor. We zijn er aan gewend, God is onze God. Logisch, zou je haast zeggen.

Nee dus. Dat is helemaal niet logisch. Hier wordt het juist expliciet gezegd.

Zonder Jezus waren wij van God los. Bezig voor eeuwig dood te gaan. Mensen zonder God en zonder hoop. God was niet onze God – niet in positieve zin.

Heb je daar wel eens bij stil gestaan? Stel je voor dat het zo zou blijven. Dan blijft God een grote, verre, bedreigende God. Niks geen gevoel van veiligheid. Geen mooi gedicht over voetstappen in het zand, misschien ken je dat gedicht wel. Geen God die je draagt als het moeilijk is. Dan is het ploeteren door het zand in je eentje tot je er dood bij neervalt. Zo is ons leven zonder Jezus.

Maar door Jezus is dat helemaal anders.

Als jij in Jezus gelooft, dan zegt Hij het ook tegen jou:

Ik ben opgestegen naar mijn Vader, die ook jullie Vader is. Naar mijn God, die ook jullie God is.

Wij hebben dezelfde God als Jezus. Onze God is Hij.

Maar ook: Wij hebben dezelfde Vader als Jezus! Eigenlijk is dat nog veel bijzonderder. Dat God onze God is, ok. Maar onze Vader? God is niet de Vader van de apen, de neushoorns, of de olifanten. Wel hun schepper.

De grote God – hij adopteert jou en mij als zijn kinderen! Daarom noemen we elkaar hier – samen geloven we in Jezus Christus – broers en zussen – van Jezus en van elkaar. Alleen daarom: we zijn kinderen van één Vader. Kijk maar eens om je heen: dan zie je broers en zussen van Jezus!

4. Prachtig – maar waarom moet Jezus dan opstaan en direct weer weggaan? Waarom kan hij daar niet bij Maria blijven – hier bij ons op aarde? Dan kan God toch ook onze God en Vader zijn?

Vergelijk het eens hier mee.

Een groep Nederlanders zit al een tijd gevangen in Afganistan. Koningin Beatrix is diep begaan met hun lot. Ze stuurt daarom Willem Alexander naar Afganistan toe om hen te bevrijden. De prins vindt de groep Nederlanders. Hij ontdekt dat ze in de macht zijn van een krijgsheer die ergens anders woont. Hij praat met de gevangenen, en bemoedigt ze. Dan zegt hij: ik ga nu weg, maar ik zorg dat jullie in Nederland terugkomen. Hij vertrekt naar die krijgsheer. Daar krijgt hij het voor elkaar dat de groep Nederlanders vrijgelaten wordt. Blij gaat hij terug naar de groep Nederlanders. Hij vertelt ze opgetogen dat ze vrij zijn. Tegelijk zegt hij: En dan heb ik nog een grote verrassing: Beatrix adopteert jullie als haar eigen kinderen! Zelf ga ik alvast naar Nederland terug. Ik laat een paar van mijn mensen hier bij jullie om jullie terug te begeleiden naar Nederland. Daar zien we elkaar thuis op paleis Huis ten Bosch, en dan vieren we groot feest, samen met de Koningin – jullie nieuwe moeder!

Niemand zou verwachten dat ze met z’n allen in Afganistan zouden blijven. Ze willen allemaal terug naar Nederland. Ze willen met de koningin feest vieren op Huis ten Bosch. In hun nieuwe thuis, bij hun nieuwe moeder!

Wij lijken wel op die groep Nederlanders in Afganistan.

Wij waren mensen van God los – ver weg van God, ver van Gods paleis, gevangen.

Wie zorgt er voor dat dat anders wordt? Dat doet alleen God zelf. God de Vader stuurt zijn Zoon weg van huis. Met een duidelijke opdracht: ons bij Hem in zijn paleis brengen.

Hoe doet Jezus dat? Door zichzelf bekend te maken. Door een oproep te doen: geloof in mij.

Door te sterven. Hij bevrijdt ons uit de macht van de krijgsheer die ons gevangen houdt. Maar dat niet alleen. Hij blijft niet dood, dan zouden we er nog niks aan hebben. Hij staat op en komt het vertellen aan Maria en zijn leerlingen. Ook wij horen ervan: Jullie zijn vrij! Ik ga terug naar het paleis van mijn Vader. En daar komen jullie straks ook naar toe!

Dan kan Jezus natuurlijk niet op aarde blijven na zijn opstanding. Dat zou zijn alsof die groep Nederlanders in Afganistan bleef, ver van het paleis van Beatrix. Nee, we moeten met zijn allen naar Gods paleis. Naar de majesteit en grootheid van God waar Jezus vandaan gekomen is.

Daar gaat Jezus, de Zoon van God, naar toe. Terug naar waar Hij vandaan gekomen is. En daar wil Hij ons ook brengen!

Een belangrijk verschil met die Nederlanders in Afganistan is dan, dat je met het vliegtuig terug kunt vliegen. Maar je kunt geen vliegtuig nemen naar God toe.

Ook dan kun je niet zonder Jezus. Jezus zelf is de weg terug naar God. Hij legt die weg zelf aan. Hij baant een weg terug naar God. Door zelf die weg te gaan, kunnen wij weer bij God zijn. Zo maakt Hij God onze God, onze Vader. Door mens te zijn op aarde, door op te roepen tot geloof in zichzelf, door te sterven, door op te staan, en door naar de hemel te gaan, daardoor brengt Hij ons bij God.

Met hemelvaart overbrugt Jezus de afstand tussen ons en de hemel. Zonder hemelvaart waren we als die Nederlanders die in Afganistan zouden blijven. Zonder hemelvaart komen we niet in Gods paleis. Ook door hemelvaart is Jezus de weg naar de Vader.

5. Dus: hoe is Jezus voor ons de weg naar de Vader? [dia 8]

Als je de preek tot nu toe samenvat kom je op vier punten:

•        Door ons te zoeken: mensen van God los

•        Door ons op te roepen: geloof in Mij – ik breng jullie thuis

•        Door te sterven en op te staan: Hij maakt ons vrije kinderen van God

•        Door naar de Vader terug te gaan: Hij slaat de laatste brug naar het hemelse paleis

Jezus is de weg naar de Vader – ook door zijn hemelvaart!

Snap je nu waarom Maria Jezus niet vast moest houden? Stel je voor dat ze hem vast bleef houden, dan kon niemand horen wat er gebeurd was. Dan wist niemand hoe het nu verder zou gaan. Dan zouden ze allemaal in hun gevangenis in Afganistan blijven.

Maar Jezus kwam niet alleen om Maria te bevrijden! Jezus kwam om ons allemaal te bevrijden. En we moeten het allemaal horen! Daarom moest Maria het verder vertellen. En daarom vertellen wij het verder – hier in de kerk. Via een Alpha-cursus.

En zo zeg ik het nu tegen jullie:

Besef jij dat je lijkt op die Nederlanders, gevangen in Afganistan? Wij zijn mensen van God los – als Jezus niet zou komen. En dat betekent: je bent een bloem die afgeknipt is. Op een vaas blijft het even mooi, maar dan ga je dood. Eeuwig dood.

Maar Jezus is gekomen. Hij zoekt jou. Hij zegt: geloof in mij!

Geloof jij dat Jezus je vrijheid geeft, je leven is? Geloof jij dat Jezus jouw bij God brengt?

Ga naar Hem toe! Anders blijf je dood, krijg je geen nieuw leven.

Vraag Hem: Heer, neem mij ook mee!

Dan heb je een geweldig vooruitzicht:

Waar Jezus is, daar zul jij ook zijn.

Bij God – zijn God en jouw God.

Bij de Vader – zijn Vader en jouw Vader.

Thuis in het paleis van God – in Gods majesteit, in Gods grootheid, in Gods heerlijkheid.

Dat is voor eeuwig feest!