Johannes 14,13-14 – Zoek in je gebed de grootheid van de Vader

Hans Burger
Hans Burger
10 maart 2010

Johannes 14,13-14 – Zoek in je gebed de grootheid van de Vader

image_pdfimage_print

Biddag voor gewas en arbeid

Liturgie

Zingen: Ps 62,1.3
Stil gebed
Votum / groet
Zingen: Gez 168 in canon
Gebed
Lezen: Johannes 14,1-14
Zingen: Gez 39
Preek
Zingen: LB 380,2.4.5.7
Gebed
Zingen: Ps 65,1
- Bauke van der Meer – gewas, landbouw, milieu
Zingen: Ps 65,5
- Gerrit Pieter Deinum – werk, school
Zingen: Ps 67,1
- Sandra van Leijen – gemeente, koninkrijk
Zingen: Ps 67,3
Collecte
Zingen LB 393
Zegen

Opmerking:

- ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over Johannes 14,13-14 – Zoek in je gebed de grootheid van de Vader

Broers en zussen, gemeente van Jezus onze Heer, gasten in ons midden,

1. Van de week zag ik een filmpje op internet. Een stuk uit een preek van John Piper, een Amerikaanse dominee. Hij benadrukt hoe belangrijk het is om gegrepen te zijn door de waarheid van het evangelie. Dan verspil je je leven niet, dan kun je als christen in deze wereld voor God van betekenis zijn. Maar, zegt hij: het trieste is: veel van jullie willen niet dat je leven verschil maakt. Alles wat jullie willen is leuk gevonden worden, leuke opleiding, een goede baan, leuke partner, lange weekenden, goede vakanties, gezond oud worden, een leuk pensioen, een makkelijke dood, en dan niet naar de hel. En het tragische is: je maakt je er niet druk om of je leven van betekenis is voor de eeuwigheid. De droom waar veel mensen voor leven is, bij wijze van spreken: vroeg met pensioen gaan, ergens een mooi huis, rondvaren op je motorcruiser, en schelpen verzamelen. Is dat dan wat je God aan te bieden hebt? Een mooie boot, een schelpenverzameling? Zo’n leven, het is diep tragisch – het heeft geen enkele blijvende betekenis. Ik heb het filmpje op mijn hyves-pagina gezet.

Wij komen hier vanavond om te bidden. Voor eten. Voor werk. Maar hoe doen we dat? Wat is jouw droom voor een mooi een geslaagd leven? Een leuk en comfortabel leven waarin je geniet en je vermaakt? Bid je daar om? Of een leven waarin, zoals Jezus het zegt, door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt? Bid je: Heer, hier ben ik. Geef me alles wat ik nodig heb om voor u beschikbaar te zijn? Het is mijn verlangen om u groot te maken. Geef me wat ik daarvoor nodig heb!

Je kunt op twee manieren bidden om hetzelfde. Eten. Drinken. Kleren. Een huis. Een opleiding. Een baan. Een partner. Het goede voor je kinderen. Gezondheid. Maar je leven is totaal verschillend. Hoe ga jij bidden? Zometeen? En hoe bid je straks, thuis?

Bidden is nodig en belangrijk. We zijn diep, diep van God afhankelijk. Voor alles. Ook voor eten, drinken, kleren, opleiding, werk – het lijkt wel alsof het allemaal vanzelf spreekt. Of het vooral van jezelf afhangt. Maar dat is een leugen. Als God ons leven niet zegent, dan kun je het zo maar kwijt zijn. Tegelijk is steeds weer die vraag belangrijk: hoe bid je? Waar ben je in je gebed op gericht?

Daarom staan we vanavond eerst stil bij die twee verzen uit Johannes 14.

2. In Johannes 14 zitten we midden in de laatste gesprekken die Jezus met zijn leerlingen heeft. Bijna is het zover dat zijn tijd gekomen is. Bijna zal Hij verhoogd worden aan het kruis en teruggaan naar zijn Vader. Het moment van afscheid is gekomen.

En dan? Als Jezus weg is? Blijven ze dan alleen achter? Wat moeten ze dan, zonder Jezus – Hij is alles voor hen!

Dan herinnert Jezus ons aan de betekenis van het gebed. Jezus gaat naar de Vader, en door het gebed houden we contact met Hem. Er blijft contact met boven. Heel speciaal contact zelfs: we mogen bidden in de naam van Jezus.

Het zijn van die vanzelfsprekende formules. ‘Dit bidden we u in Jezus’ naam’. ‘Om Jezus’ wil amen’. En dan weet je: nu mag je gaan eten. Nu gaan we naar huis. Nu begint het. ‘Om Jezus’ wil amen. OK jongens, wat gaan we doen?’

Maar weet je wat je zegt, met dat ‘in Jezus’ naam’?

Stel je voor dat onze demissionaire premier in het Torentje bij de hofvijver zit te werken. Er wordt geklopt. ‘Meneer Balkenende, er is iemand voor u.’

‘Wie, Wouter Bos?’

‘Nee, eh…’

‘Nou laat dan maar. Ik wil nu niet gestoord worden. Dan moeten ze maar een afspraak maken.’

‘Maar het is uw dochter, Amelie.’

‘O, maar dan is het anders, laat haar maar komen.’

Stel dat je vrienden bent met Amelie. Misschien kun je dan via haar ook wel bij de premier binnen komen, in het Torentje.

Jezus Christus is de Zoon van God. Hij en zijn Vader, ze kennen elkaar en ze houden van elkaar. Hij kan altijd rekenen op een luisterend oor bij zijn Vader. Stel dat je vrienden bent met Jezus. Dat is toch precies wat Jezus zegt, kijk in Johannes 15,14-15. ‘Ik noem jullie vrienden.’ Zo mogen wij met Jezus mee naar de Vader toe. We mogen een beroep op Jezus doen, op wie Jezus voor ons is en op alles wat Hij voor ons gedaan heeft.

Sta je er wel eens bij stil wat een voorrecht het is?

Te mogen bidden in Jezus’ naam?

Vader, ik wil u iets vragen namens Jezus?

Vader, ik heb een vraag voor u met beroep op uw lieve Zoon – Hij staat erachter?

Vader, luister alstublieft naar mij, alsof Jezus het zelf vroeg?

Dat voorrecht krijgen wij – omdat Jezus niet meer hier bij ons is.

Omdat Hij verhoogd is aan het kruis.

Omdat Hij de grootheid van zijn Vader zichtbaar heeft gemaakt.

Omdat Hij in de glorie en heerlijkheid van de Vader is, naast zijn Vader is.

Hij is weg.

Omdat Jezus daar is, in Gods heerlijkheid, daarom mogen wij bidden in Jezus’ naam.

3. Stel nu dat je zou bidden:

Vader, we bidden u in Jezus naam. Geef ons genoeg te eten, elke dag een goed diner. Wilt u zorgen dat we elk jaar een nieuwe garderobe kunnen kopen, genoeg geld voor kleren hebben? Zegen de aandelenmarkten, zodat onze beleggingshypotheek goed rendement oplevert en onze pensioenen minstens waardevast zijn. Zorgt u ervoor dat die lastige buren snel hun huis verkopen, en dat er aardige mensen voor in de plaats komen. En een wijnkelder onder ons huis, u weet dat we dat graag willen. Kunt u ervoor zorgen dat het er nog een keer van komt?

En dan zegt Jezus: Wat je maar in mijn naam vraagt, dat zal ik doen. Dus?!

Zou je dat kunnen bidden in Jezus’ naam?

Jezus, die zijn heerlijkheid bij de Vader verliet? Die een baby’tje werd?

Die stuitte op forse weerstand bij de Farizeeërs en de Joodse leiders?

Die dood moest, omdat Hij Lazarus levend had gemaakt?

Die steeds de wil van God zijn Vader zocht – en deed? Tot in de dood aan het kruis?

Zou je dat kunnen bidden en dan een beroep op Jezus doen? Het bij de Vader naar voren kunnen brengen alsof Jezus er achter staat?

Nee. Ik denk dat iedereen hier wel aanvoelt: dat klopt niet.

Zo bidden wij niet.

Maar wat zijn onze zorgen? Als ik me zorgen maak, verlangens heb, is dat zo anders?

Lekker eten – regelmatig nieuwe modieuze kleren – stabiele financiële markten, pensioenen en hypotheken die waardevast zijn – een nette buurt met aardige mensen om ons heen – leuke dingen erbij, uitgaan, vakantie, een wereldreis…

Wat zou er voor gebed uit ons hart opborrelen als we niet geleerd hadden dat het niet netjes is om hier allemaal voor te bidden?

Jezus leert ons: bidden in mijn naam betekent ook: hetzelfde belangrijk vinden als ik, Jezus. En wat is dat? Dat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt.

Wat betekent dat voor hoe wij hier vanavond bidden? En thuis?

Zo bidden, dat in de gebedsverhoring die Jezus geeft, de grootheid van de Vader zichtbaar wordt. Zoals het er vroeger stond: dat de Vader verheerlijkt wordt in de Zoon.

Is dat mijn en jouw verlangen: dat ik zo leef, dat Christus in mij woont? Dat ik me door zijn Geest laat leiden? Dat zo God groot gemaakt wordt door mijn leven?

Let er op: dat is het verlangen dat past bij bidden in Jezus’ naam.

Weet je wat je dan bidt?

Vader, geef ons vandaag genoeg te eten en te drinken. Geef dat we genoeg hebben om te delen met anderen. En als we te weinig hebben, laat het dan waar zijn: zelfs al zou er geen schaap in de weide zijn, geen koe meer in de stal, dan nog zal ik mij in U verblijden!

Vader, geef me een baan, zodat er brood op de plank komt. Laat me dan zo werken dat ik in mijn bedrijf het licht van Christus kan laten schijnen – dat ik een prettige en betrouwbare collega ben, op wie ze aan kunnen. En dat ze aan me proeven dat ik bij U hoor. En als ik mijn baan kwijtraak, laat mijn leven dan gedragen worden door u. Dan stort mijn wereld niet in, maar weet ik me ook veilig als ik geen werk heb.

Vader, wilt u ons gezondheid geven. Dan kunnen we ons inzetten voor ons gezin, voor de kerk, voor uw koninkrijk. En als we ziek blijven, geef dat we dan samen met Jezus Christus ons kruis dragen. Want dan kan ook in onze ziekte uw naam groot worden, dan kunnen mensen zien dat U onze krachtbron bent, ook als wij geen kracht meer hebben.

Vader, help ons in het contact met die lastige overbuurman. We vinden hem soms zo irritant, help om hem lief te hebben, met uw liefde. Om hem te blijven groeten. Om niet over Hem te roddelen. Om te kijken hoe we Hem toch kunnen bereiken.

4. Van dat gebed mag je veel verwachten, heel veel.

Je mag bidden namens Jezus.

En Jezus zelf zal doen wat we hem vragen.

Hij doet het graag: ervoor zorgen dat in de Zoon de Vader groot gemaakt wordt.

Jezus is dan wel weggegaan bij ons hier op aarde, Hij is in de hemel des te beter in staat om al die gebeden van ons te verhoren.

Daarom zegt Jezus het zo stellig: vraag wat je wilt in mijn naam, en ik zal het doen! Zo is het – wij mogen meedenken en vragen – en Hij doet het, wat wij vragen.

En natuurlijk maakt Jezus dan zijn eigen afweging: hoe kan door wat ik als verhoring op het gebed geef, mijn Vader groot gemaakt worden? Want daar gaat het Hem om.

Maar onze gebeden worden verhoord.

Bovendien kunnen we groeien in onze manier van bidden.

Bid het maar, elke dag: Heer, leer mij zo bidden dat het past bij uw naam. Leer mij dat te verlangen, dat U grootgemaakt wordt, Here Jezus. En dat in u de grootheid van de Vader zichtbaar wordt. Richt mij steeds meer op die grootheid van de Vader.

Bid het elke dag, in Jezus’ naam.

Dat gebed wordt verhoord.

In dat licht mogen we ook bidden voor gewas en arbeid.

Bidden om eten en drinken, zodat in de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt.

Bidden om onderwijs en werk, zodat in de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt.

Bidden voor onze gemeente, zodat door ook hier de Vader verheerlijkt wordt in de Zoon.