Genesis 45:5 | Een nieuw begin

Mark Veurink
Mark Veurink
9 oktober 2016

Genesis 45:5 | Een nieuw begin

image_pdfimage_print

Schuldgevoelens zijn niet prettig. We leven liever alsof er niets aan de hand is. Maar hoe confronterend schuld ook is, bij Jezus mag je verder. Hij is vooruit gestuurd naar een nieuw begin.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 156 : 1 en 4
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Leefregels
Zingen: Psalm 130 : 1, 2 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Genesis 44 : 14 – 45 : 5
Zingen: Psalm 133 : 1
Preek over Genesis 45 : 5
Zingen: Opwekking 378 : 1, 2, 4 en 5
Kinderen komen terug
Onderwijs avondmaal (formulier 2)
Viering
Zingen tijdens viering: LvK Gezang 360 : 1, 2 en 3
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 111
Zegen

God wil met je verder

Inleiding
dia 1 – videoband
Een paar weken geleden waren mijn ouders 30 jaar getrouwd.
Dat is natuurlijk reden voor een feestje.
Met de familie zijn we naar het Dolfinarium geweest,
en ’s avonds zaten we uitgeteld op de bank.
Tot mijn moeder bedacht dat er nog ergens filmmateriaal van hun bruiloft moest zijn.
Dus we hebben smakelijk gelachen
om hoe vreemd mensen er in de jaren ’80 uitzagen.

Toen we toch bezig waren
kwamen er beelden van het 12,5-jarig huwelijksjubileum langs.
En dan zie je dus opeens een jongere versie van jezelf.
Best confronterend…

Eerst kwamen mijn zusjes in beeld.
Zij waren toen 9 en 6 jaar en deden een poging te snookeren.
Lachen, gieren, brullen natuurlijk.
Het is een wonder dat die snookertafel het heeft overleefd…

Geen huwelijksjubileum zonder stukjes,
dus hadden mijn zusjes en ik, met hulp van een buurvrouw,
een stukje voorbereid over hoe het er thuis aan toeging.
We hadden wekenlang op het stukje geoefend,
ik zat toen zelf in groep 8 en mijn meester was ook op het feest,
dus ik ging extra mijn best doen om een hoofdrol te krijgen in de groep-8-musical,
en toen moest mijn jongste zusje natuurlijk dichtklappen.
Ze was haar tekst vergeten,
of had per ongeluk iets verkeerds gezegd ofzo.
Totaal niet belangrijk, maar in mijn ogen wel.

Toen ik het weer terug zag,
schaamde ik me plaatsvervangend voor de Mark van toen…
Ik werd namelijk boos op mijn zusje.
Ze snapte toch wel dat je op zo’n belangrijk moment
het niet kunt maken om je tekst te vergeten?
Iedereen zat vol aandacht naar ons te kijken!
Echt, zo confronterend om naar jezelf te kijken
als je geen geduld hebt en je zusje afsnauwt met:
‘neehee, snap het dan, je moet eerst dit zeggen.’
Dat dat zusje bijna in tranen uitbarst doet er niet toe…

dia 2 – een nieuw begin
Herinneringen kunnen best confronterend zijn.
Je kunt je schamen voor wat je lang geleden hebt gedaan.
Dat is ook wat met de broers van Jozef gebeurt:
zij worden geconfronteerd met hun verleden.
Maar ze leren ook dat ze opnieuw mogen beginnen.
Dat is het thema vanochtend: een nieuw begin.

1. Confronterend!
dia 3 – confronterend!
Een confronterend verhaal dus.
Maar niet alleen voor de broers: ook voor ons.
Vandaag gaan we voor de vierde keer met Jozef bezig,
en elke keer mochten we ontdekken dat Jezus op Jozef lijkt.
Maar dat is niet het hele verhaal:
helaas lijken wij op de broers…

dia 4 – leven alsof er niets aan de hand is
Het is alweer 22 jaar geleden.
22 Jaar hebben de broers niets van Jozef gehoord.
Maar Jozef is nooit écht weg geweest.
De broers hadden gedacht dat alles makkelijker zou zijn zonder Jozef.
Ze komen bedrogen uit.
Hun vader, Jacob, wordt een verbitterd man.
De broers zijn niet alleen van Jozef af, ze zijn ook hun vader kwijtgeraakt.
Elke dag worden ze geconfronteerd met hun verleden.
Het leek zo’n goed plan, maar nu leven ze met een schuldgevoel.
Terugdraaien gaat niet, dus proberen ze er maar het beste van te maken.
Met elkaar praten ze er nooit over.
Ze proberen te leven alsof er niets aan de hand is.
En, dat moet gezegd, ze slagen er heel aardig in.
Een buitenstaander zal hun geheim niet snel ontdekken.

Leven alsof er niets aan de hand is: dat herken ik.
Nadenken over zonde, over schuld, dat is vermoeiend.
Je zou er depressief van worden.
Nee, we genieten liever van het leven,
en houden onszelf graag voor dat we nog helemaal niet zo slecht zijn.

dia 5 – de confrontatie
Maar dan worden de broers geconfronteerd met hun verleden.
Er heerst hongersnood, en Jacob stuurt zijn zonen er op uit
om graan te kopen in Egypte.
Het is al de tweede keer dat ze deze reis maken.
Beide keren komen ze op audiëntie bij de onderkoning.
Het lijkt wel alsof die man dwars door hen heen kijkt!
Maar ze hebben hun graan en zijn weer op weg naar huis.

dia 6 – beker
Maar zo makkelijk gaat het niet.
Ze worden ingehaald door boze lijfwachten van de onderkoning.
‘Hoe durven jullie!’ schreeuwt de opperlijfwacht.
De broers kijken vragend: waar heeft die man het over?
‘Jullie hebben de beker van de onderkoning gestolen.
Stelletje ondankbare honden!’
De broers weten van niets.
‘Kijk maar in onze tassen.’
En ja hoor, de beker wordt gevonden, in de tas van Benjamin,
die ook van niets weet.

Wat gebeurt hier toch?
Wat wordt hier voor gemeen spelletje gespeeld?
De broers moeten zich verantwoorden voor de onderkoning.
Daar aangekomen neemt Juda het woord.
Je zou verwachten dat hij duidelijk maakt dat ze erin worden geluisd.
Maar Juda zegt iets heel anders:
‘God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht.’
Hè? Hoezo?!

De beker maakt iets los bij Juda, iets wat goed verstopt was.
Een beker is in het oude Egypte niet zomaar een keukenvoorwerp.
De beker staat voor iemands levenslot.
Dom bijgeloof natuurlijk, maar daar gaat het niet om.
Juda weet hoe belangrijk de beker voor Egyptenaren is.
Dat het stelen van een beker gelijk staat aan het stelen van een leven.
De beker confronteert hem met een ver verleden,
toen Juda zijn broers had overgehaald het leven van broertje Jozef te stelen.
Bam! Opeens komt het hard binnen.

dia 7 – het kruis confronteert!
Confronterend, die beker!
In de kerk wordt je ook steeds geconfronteerd.
Wat de beker voor de broers is, is voor ons het kruis.
Ja, het kruis staat symbool voor hoe groot Gods liefde voor ons is.
Maar het kruis is en blijft een foeilelijk ding.
Een keiharde aanklacht tegen hoe wij leven.
Het herinnert ons eraan dat we onze broer Jezus verraden hebben.

Het kruis zegt: wees toch niet zo zelfingenomen, zo tevreden met jezelf.
Breng je het er echt zoveel beter vanaf dan Jozefs broers?
Zij keken niet om naar hun broertje, het was ieder voor zich.
Dat gaat toch over ons?
En al die mooie dingen die Jezus zegt, wat brengt je daar nou van terecht?
Laten we het maar even binnen de gemeente houden:
houden wij echt zoveel van elkaar als van onszelf?
Nee, uw zonde, jouw schuld, mijn egoïsme
heeft een onschuldige man aan het kruis gebracht!
Dat kruis is een confronterend ding!

2. Een nieuw begin
dia 8 – een nieuw begin
Daar sta je dan.
Kunnen we dat kruis niet weghalen?
Wat een sfeerbederver is dat!
Maar dan zegt Jozef: ‘wees niet bang en maak jezelf geen verwijten.’
Dat is precies wat die beker en dat kruis oproepen: hartkloppingen, angstzweet.
Maar het krijgt een onverwachte wending: een nieuw begin.

dia 9 – een gemeen spel?
De enige die precies weet wat er gebeurt, is Jozef.
Zijn broers hebben hem niet herkend,
maar hij heeft hen al lang herkend.
En die beker, dat was zijn eigen idee.
Het lijkt alsof Jozef een gemeen spel speelt,
dat hij zijn broers hardhandig een lesje wil leren.
Maar zo wraakzuchtig is Jozef niet.
Wel wil hij dat de broers nu eindelijk eens hun verleden onder ogen zien.

Nu ze dat doen, nu ze er niet meer omheen draaien wie ze zijn,
nu ze geen geheim meer hooghouden maar met de mond van Juda schuld belijden,
nu komt de ontknoping.
‘Ik ben het, Jozef! Wees niet bang!’
Dat is inderdaad wel nodig om te zeggen,
want de broers zijn doodsbenauwd.
Zal Jozef dan nu met hen afrekenen?
Krijgen ze dan eindelijk hun verdiende loon?

dia 10 – Jozef is vooruit gestuurd
Natuurlijk is het niet goed wat ze met Jozef gedaan hebben.
Hij benoemt het ook: ‘jullie hebben mij verkocht.’
Maar dan gaat Jozef opeens over op de andere kant:
‘God heeft mij voor jullie uitgestuurd om jullie leven te redden.’
De broers zijn volledig verantwoordelijk, zij hebben Jozef naar Egypte gestuurd,
en toch kan Jozef zeggen dat God hem daar gebracht heeft,
omdat God de familie Jacob een nieuw begin wil geven.
De hele familie moet in Egypte komen wonen,
en Jozef is alvast vooruit gestuurd om plaats te maken.

Alsof de familie Jacob op kamp gaat en Jozef de boel mag organiseren.
Hij heeft alvast een mooie locatie geregeld,
heeft de nodige contacten gelegd,
en zorgt voor een enorme stapel pannenkoeken als de familie uitgehongerd aankomt.
Vooruit gestuurd.

dia 11 – Jezus is vooruit gestuurd
Net als Jezus.
Als het Pinksteren is, als de Heilige Geest komt, zegt Petrus in zijn toespraak:
‘Jezus, die u gekruisigd hebt, is door God tot Heer en messias aangesteld.’
Ook Petrus benoemt het kwaad: ‘jullie hebben Jezus gekruisigd.’
Genade betekent niet dat zonde wordt weggemoffeld: dat is goedkoop.
Maar dan volgt direct de andere kant:
het was Gods weg om hem, net als Jozef, koning te maken.
Jezus is vooruit gestuurd, om je een nieuw begin te geven.
Jezus is vooruit gestuurd om ons te redden.
Jozef ging vooruit naar Egypte,
Jezus gaat ons voor om plaats te maken in het koninkrijk van zijn Vader.

De woorden van Jozef mag je gerust in Jezus’ mond leggen.
Uit Jezus’ mond klinkt het zo:
‘Ik ben Jezus, jullie broer, die jullie verraden hebben,
veroordeeld tot de dood aan het kruis.
Maar wees niet bang en maak jezelf geen verwijten,
want God heeft mij voor jullie uit gestuurd om jullie eeuwig leven te geven.’
Bij Jezus ben je welkom, ondanks je verleden.
Dat is de belofte van brood en wijn.

3. Nieuwe eenheid
dia 12 – nieuwe eenheid
Gaat dat niet een beetje makkelijk?
Wel als alles bij het oude blijft.
Maar de hereniging is het begin van nieuwe eenheid.

dia 13 – er moet wel wat gebeuren…
Het is niet een aflevering van Spoorloos
waar mensen elkaar uit het oog zijn geraakt,
en dolblij zijn als ze elkaar weer vinden.
Daarvoor is er te veel gebeurd.
Het is niet gewoon even ‘zand erover’.
Beseffen de broers wel wat ze Jozef hebben aangedaan?
Zijn ze er weer toe in staat?
Ze hebben al eens een broertje als slaaf naar Egypte laten gaan.
Nu wacht Benjamin hetzelfde lot.
Zullen de broers hem ook laten vallen?
Of hebben ze inmiddels geleerd wat het is om broers te zijn?

Dat hebben ze.
Juda, degene die met het idee kwam om Jozef te verkopen,
juist Juda werpt zich nu op als beschermer van Benjamin.
Juda biedt zich aan: ‘laat mij maar slaaf worden in Benjamins plaats.’
Juda is echt veranderd, net als de andere broers.
Het is niet meer ieder voor zich, ze zijn er nu voor elkaar.
Ze vinden niet alleen Jozef, maar ook elkaar.
De familie wordt eindelijk een eenheid.

dia 14 – Jezus verandert je door zijn Geest
Hoe zit dat met Jezus en ons?
Moet je voor Jezus ook eerst laten zien dat je veranderd bent?
Ben je pas welkom als je een goed mens bent?
Paulus zegt in Romeinen 5:
‘Christus is voor ons gestorven toen wij nog zondaars waren.’
Jezus is niet pas voor je gestorven als je eerst veranderd bent.
Nee: Jezus zelf verandert je, door zijn Geest.

Als Petrus heeft uitgelegd wat er met Jezus is gebeurd,
laten mensen zich dopen en worden ze een eenheid.
Dan staat er: ‘ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen,
vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood
en wijdden zich aan het gebed.’
Het koninkrijk, waar Jezus naar vooruit is gestuurd, begint!
God maakt een einde aan het ‘ieder voor zich’.
De familie Jacob werd een eenheid, christenen ook.
We zijn familie van elkaar.

dia 15 – hoe kan en wil jij bijdragen aan verbondenheid?
Dat betekent niet dat iedereen elkaar goed ligt.
Misschien lagen Juda en Benjamin elkaar ook wel niet zo.
Benjamin was het nieuwe lievelingetje van Jacob geworden
en Juda hield nu eenmaal niet zo van lievelingetjes…
Hij had Benjamin best kunnen laten vallen.
Maar hij deed het niet, uit liefde voor zijn vader.
Laat ook onze eenheid daar beginnen: liefde voor Jezus Christus.

We hoeven ook echt niet de deur bij elkaar plat te lopen.
Dat de christenen in Handelingen 2 elke dag bij elkaar kwamen
betekent nog niet dat wij dat ook moeten doen.
Maar we zijn wel aan elkaar verbonden!
Willen we er voor elkaar zijn?
Mogen we op elkaar terugvallen?
Staan we naast elkaar?
Stel die vragen vooral aan jezelf,
misbruik ze niet om anderen mee om de oren te slaan.
Hoe kan ík en hoe wil ík bijdragen aan verbondenheid?
En zometeen, als we de maaltijd van Jezus vieren,
mogen we die verbondenheid proeven.
Amen.