Efeze 1,20-23 – Bemoedigd door hemelvaart

Hans Burger
Hans Burger
16 mei 2007

Efeze 1,20-23 – Bemoedigd door hemelvaart

image_pdfimage_print

Hemelvaart

Liturgie

  • Voorzang Ps 47,1.2
  • Votum / Zegengroet
  • Zingen: Ps 47,3.4
  • Gebed
  • Lezen: – Handelingen 1,1-11 – Efeze 1
  • Zingen: Gez 100 (GK 23),1.6
  • Tekst: Ef 1,20-23
  • Preek
  • Zingen Gez 101 (GK 24),1.3.5
  • Geloofsbelijdenis
  • Zingen Gez 162 (NG 83),3.4
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen Gez 139 (GK 30),1-3
  • Zegen

Opmerkingen:

- hierboven is de nummering van het nieuwe Gereformeerd kerkboek gevolgd.

- ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig:hansburger@filternet.nl

Preek over Efeze 1,20-23 – Bemoedigd door hemelvaart

Broers en zussen, gemeente van Jezus Christus

1. Ik weet niet hoe jullie hemelvaart precies ervaren, maar naar mijn idee is het een feestdag die er een beetje bij hangt. Een doordeweekse dag met één kerkdienst. Vroeger toen ik klein was viel het me al op dat in de kerk allerlei mensen op zondag keurig in pak waren. Maar met hemelvaart kwamen ze sportiever gekleed in de kerk. Het is zo’n dag dat je ’s morgens naar de kerk gaat, en ’s middags trek je er op uit. Of heb je een gemeentedag.

Ik heb het idee dat we er minder mee uit de voeten kunnen dan met Pasen. Vergelijk alleen maar de rubriek hemelvaartsliederen en de paasliederen in het kerkboek en het liedboek. Er zijn veel meer paasliederen dan hemelvaartsliederen.

Hemelvaart is het feest van een vertrek. Met Jezus’ hemelvaart komt er een einde aan zijn verschijningen. Vanaf hemelvaart is Jezus onzichtbaar. De discipelen vragen: Heer, gaat u binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen? En Jezus zegt dat zijn Vader daarover beslist. Dan is hij weg, meegenomen door een wolk.

Het lijkt wel zoiets: je hebt mensen op bezoek gehad, het was een gezellige dag. Je neemt afscheid, je loopt samen naar buiten. Je staat nog even te praten bij de auto. En dan gaan de deuren dicht. Door de open raampjes roep je nog wat. Je zwaait naar elkaar, de auto toetert. En dan loop je weer naar binnen. Tijd om af te wassen en op te ruimen.

Met Pasen heb je wat te vieren: Jezus Christus is opgestaan. Hij is niet dood, maar hij leeft. Hij heeft de dood overwonnen. Maar met hemelvaart? Wat vieren we dan?

En dan Paulus in Efeziërs. Hij bidt voor zijn lezers. Hij wenst ze inzicht toe. Hij wil ze bemoedigen. De opstanding van Jezus noemt hij dan haast terloops als bemoedigend voorbeeld. Maar vooral bemoedigd hij zijn lezers met de verhoging van Jezus Christus in de hemel.

En om die verhoging gaat het. Die verhoging zit ook al in bij Pasen. Het is al vóór hemelvaart dat Jezus volgens Matteüs tegen zijn leerlingen zegt: ‘Mij is alle macht gegeven in hemel en op aarde.’ Opstanding en verhoging horen bij elkaar. Maar als we met hemelvaart iets te vieren hebben, dan is het de verhoging van Jezus Christus.

Bemoedigd door hemelvaart, hoe kan dat? Daarover gaat deze preek. Laten we eens kijken hoe Paulus zijn lezers bemoedigt met de verhoging van Jezus Christus.

2. Daarbij is het goed om even op te merken: vers 20-21 zijn eigenlijk onderdeel van een langere zin, die begint in vers 18. Zo’n lange Paulus-zin, die doormidden geknipt is. Paulus schrijft dus: Moge uw hart verlicht worden, zodat u zult zien … hoe overweldigend groot de krachtige werking van Gods macht is. En die macht blijkt in de opstanding maar vooral in de verhoging van Jezus Christus in de hemel.

Het eerste dat Paulus aanvoert als de bemoediging van hemelvaart is de kracht van God die erin blijkt.

En die kracht is van belang. Hij schrijft in vers 19 over krachtige werking van Gods macht, die overweldigend groot is. Gods macht is echt heel groot, dat wil Paulus laten zien.

Is Gods macht echt zo groot? Waar zie je die macht dan?

Die vraag kan je soms bekruipen. Soms kun je zo ontmoedigd raken door dingen die je meemaakt. Mensen, christenen, je broers en zussen in de gemeente, ze kunnen je teleurstellen. Doordat je in de gevangenis zit zoals Paulus toen hij deze brief schreef. Het spreekt niet vanzelf dat je de grootheid van Gods macht ziet. Zomaar verlies je die uit het oog.

Daarom schrijft Paulus ook. Daarom wenst hij het zijn lezers toe: Moge jullie hart verlicht worden, zodat jullie zullen zien hoe overweldigend groot die kracht van God is. Laat dat ook ons gebed voor elkaar zijn. Dat wens ik jullie ook toe: dat je God niet uit het oog verliest. Maar dat je net als Paulus onder de indruk bent van de grootheid van Gods macht. We zijn vaak zogenaamd nuchter als we het over God hebben. Maar Paulus voert de verhoging van Jezus Christus aan als voorbeeld om uitbundig uit te kunnen pakken. De krachtige werking van Gods macht is overweldigend groot!

En dat is geen interessant wetenswaardigheidje. Die macht werkt voor ons die geloven. God zet die macht niet voor iedereen in. Hij heeft het over de mensen die God geroepen heeft, de heiligen, degenen die geloven.

Als je daar bij hoort: dan zet God die geweldige macht dus voor ons in.

Laat dat even goed op je in werken.

Paulus gaat er haast van stotteren. De woorden buitelen over elkaar. Zo is hij onder de indruk. Zo groot is Gods macht dus ook. En die macht, die gebruikt God in ons leven. En die zal Hij voor ons gebruiken bij de voltooiing van de tijd, bij de definitieve overgang naar de toekomstige wereld.

3. Allemaal mooi. Maar laten we concreet worden. Zeggen dat iemand sterk is, is prachtig. Zeggen dat hemelvaart bemoedigend is, klinkt mooi. Maar waarin blijkt dat dan?

Paulus noemt drie elementen van de verhoging van Jezus Christus die bemoedigend zijn.

Het eerste is: Jezus Christus kreeg in de hemelsferen een plaats aan Gods rechterhand.

Daar lopen we aan tegen een verschil tussen het wereldbeeld van Paulus en het wereldbeeld van de mensen om ons heen. Wij leven in een wereld waarin verteld wordt over een Russische kosmonaut, Joeri Gagarin, die terug komt van een ruimtereis. Weer op aarde zou hij gezegd moeten hebben dat hij goed had rondgekeken in de ruimte. Maar God had hij niet gezien, dus die bestond niet.

We weten van alles over een enorm heelal. Maar God en de hemelsferen zijn in onze cultuur buiten beeld verdwenen. Alle kennis over het heelal kan ons voorzichtig maken om te zeggen waar de hemel zich bevindt. Ik zal jullie eerlijk zeggen: ik weet het niet.

Maar de hemelsferen zijn er wel. Misschien wel dichterbij dan we denken. Normaal onzichtbaar, maar de hemelen kunnen ook open gaan. Dan zien mensen opeens legers van engelen, zoals Elisa tijdens het beleg van Dotan – lees het maar eens na in 2 Koningen 6. Of dat ziet Stefanus opeens Jezus Christus aan de rechterhand van God, lees maar in Handelingen 7.

Er is meer dan ons zichtbare heelal. Er is niet alleen onze schepping, er is ook de hemel, de plaats waar God woont. De hemel, dat is de plek die alle aardse regelkamers, regiehokjes en controle-ruimtes overtreft. Dat is de plek die de Trèveszaal, het Kremlin of het Witte Huis in de schaduw zet. De hemel, dat is de plek waar God woont en waar Hij de aarde regeert.

En daar heeft Jezus Christus de ereplaats gekregen. En dat is niet alleen maar een symbolische plek met een ceremoniële functie. Wie in het oude nabije oosten aan de rechterhand van de koning of de keizer mocht zitten, die was na de koning of de keizer de belangrijkste in macht. Zo zit Jezus Christus aan de rechterhand van God, in de hemelsferen. In Gods paleis, in het machtscentrum van heel de zichtbare en onzichtbare wereld, daar is Jezus Christus.

Probeer je dat voor te stellen: Jezus Christus in de hemelsferen aan Gods rechterhand. De machtigste man in hemel en op aarde.


4. Het tweede wat Paulus noemt is een verdere invulling van het eerste. Jezus Christus heeft een plek gekregen aan Gods rechterhand. Maar dat zegt nog niet alles.

Je kunt president van Amerika zijn en wonen in het Witte Huis. Maar ondertussen plegen je tegenstanders de ene na de andere zelfmoordaanslag in Irak en lukt het niet om dat land stabiel te krijgen. Je kunt wonen op Downingstreet 10 als premier van Groot-Brittannië, en tot de ontdekking komen dat je je populariteit kwijt bent en je macht los moet laten.

Hoe zit Jezus aan Gods rechterhand? Zit Hij samen met zijn Vader te kniezen, zich te beklagen over de puinhoop die ze er in hun schepping van gemaakt hebben? Hoe is de stemming in de hemel – treurig, terneergeslagen om de ene na de andere tegenslag?

Er zijn mensen die dat willen geloven. Als God er is, dan is hij een machteloze oude man. De hemel moet een trieste boel zijn. Jullie zeggen natuurlijk allemaal dat je het daar niet mee eens bent. Maar onderschat niet de zuigkracht van zo’n beeld. De duivel wil ons dolgraag doen geloven dat God de wereld ook niet kan veranderen. Als God er is, dan maakt het niets uit.

Want als de duivel iets niet wil weten, dan is het wel dat juist Jezus aan Gods rechterhand zit. En hoe zit hij daar?

Niet triest en terneergeslagen, maar krachtig en strijdlustig. Hij is immers overwinnaar van zonde en dood. Hij heeft de duivel en zijn machten verslagen. Volgens Paulus zijn die machten er dus. Er zijn allerlei zichtbare en onzichtbare machthebbers. Goede en slechte. Ze zijn er in deze wereld, ze zullen er ook in de toekomstige wereld zijn. Vorsten en heersers, machten en krachten noemt hij ze hier. Al die machthebbers moeten Jezus Christus erkennen als hun meerdere, of ze nu willen of niet. Vroeg of laat moeten ze hem erkennen als hoogste heer en koning. Hij is de machtigste man in hemel en op aarde.

Probeer je dat voor te stellen. Jezus van Nazareth. De messias. Degene in wie wij geloven. Degene bij wie wij horen.

Die Jezus, van wie je houdt – jouw Jezus, mijn Jezus, onze Jezus – Hij is het hoofd van alles. Alles ligt aan zijn voeten. Weer zo’n oud oosters beeld: alle machten liggen aan zijn voeten. Letterlijk onder-worpen.

5. En dan gebeurt er iets aparts.

Paulus gebruikt eerst het beeld van Jezus Christus als hoofd, als machthebber over alle machten. Alle machten liggen aan zijn voeten. Hem moeten ze erkennen als hun meerdere. Ze moeten voor hem buigen.

Maar wat zit er tussen je hoofd en je voeten? Je lichaam.

En dat is het derde bemoedigende punt wat Paulus noemt. Jezus Christus is verhoogd. Hij heeft de positie gekregen van de machtigste man in hemel en op aarde. Dat heeft gevolgen voor zijn lichaam, de gemeente! Als Jezus Christus verhoogd wordt, dan wordt het lichaam van Christus, de gemeente, daarin meegenomen.

Dat is bijzonder! Met hemelvaart vieren we niet alleen dat Jezus Christus de hoogste mogelijke positie die je je voor kunt stellen heeft gekregen. Er komt nog iets bij: Jezus Christus neemt ons daarin mee.

Jezus is koning en priester – wij zijn koningen en priesters.

Jezus staat boven alle zichtbare en onzichtbare machten van de kosmos – wij staan boven alle zichtbare en onzichtbare machten van de kosmos. Wij delen in de positie, in de autoriteit van Jezus. Zoals Jezus voor ons bidt, zo mogen wij in de naam van Jezus Christus voor elkaar bidden. Zoals Jezus Christus de zonde overwonnen heeft, zo mogen wij in Christus overwinnaars zijn.

Dit gaat heel ver.

Paulus wil laten zien: Gods kracht is zo groot, en die kracht gebruikt hij ook voor ons.

Hier zegt Hij: Jezus Christus is de machtigste man in hemel en op aarde, en die positie gebruikt hij voor ons. Maar dat niet alleen, het gaat nog veel verder: wij delen in die positie.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet overzie wat ik daarmee zeg.

Wij delen in de positie van Jezus Christus als koning en hogepriester aan Gods rechterhand.

Dat zegt iets over de macht van het gebed.

Dat zegt iets over de macht van de naam van Jezus.

Dat zegt iets over hoe wij in de geestelijke strijd staan.

Het is niet voor niets dat Paulus verderop schrijft: God is bij machte oneindig veel meer te doen dan wij vragen of denken (3,20).

Oneindig veel meer. Dat is de bemoediging van hemelvaart.

Gods kracht is zo groot. Jezus Christus is overwinnaar. Hij zit aan Gods rechterhand. Hij regeert alle dingen. Alles ligt aan zijn voeten, hij is het hoofd van de hele schepping. En dat voor ons! En tussen zijn hoofd en zijn voeten – daar zijn wij, het lichaam van Christus.

6. Zo zijn wij het lichaam van Christus. Dat wil zeggen volgens Paulus: wij zijn de volheid van hem die alles in allen vervult. God wil alles vullen met zijn volheid. Hij is bezig in Christus de hele wereld te vullen met zijn aanwezigheid. En dat doet hij door ons.

Dat wil zeggen: dat doet Hij door de kerk.

De kerk kampt met een negatief imago. Kun je niet geloven zonder de kerk? Moet je nu wel twee keer per zondag naar de kerk? Zie je wel wat er in naam van de kerk aan fouten gemaakt zijn?

Laten we vanuit hemelvaart naar de kerk kijken.

De kerk: dat zijn Gods geroepen heiligen. De kerk, dat zijn de gelovigen in wie Gods macht werkt. De kerk, dat is de plek waar Gods aanwezigheid tastbaar wordt. Dat is de plek waar Gods macht werkt. Daar moet je zijn – buiten de kerk is geen heil, zeiden ze in de eerste eeuwen van het christendom. Daar werkt Gods kracht. De kerk is het begin van Gods nieuwe wereld.

Kun je geloven buiten de kerk? Dat is eigenlijk een rare vraag.

De kerk is de plek waar God bezig is om de hele kosmos te vullen met zijn aanwezigheid. De kerk groeit uit, tot kerk en kosmos samenvallen. De kerk is dus Gods bouwplaats. Het is immers Gods tempel in aanbouw – wie vraagt er dan of God ook buiten die bouwplaats aan het werk is? De kerk is het lichaam van Christus – tussen het hoofd en de voeten van Jezus Christus – wat heb je dan aan een losse vinger, een losse teen? Laten we niet proberen om de chaos die de kerk geworden lijkt, nog groter te maken. Het einddoel is juist: een wereldwijde kerk, waar alleen alle gelovigen bij horen. Gods nieuwe schepping, zichtbaar voor iedereen.

Misschien denk je nu: maar wat bedoel je met de kerk? Laten we zeggen: de kerk dat zijn alle mensen die in Jezus Christus geloven, die bij elkaar komen om Gods woord te horen, die gedoopt zijn en die avondmaal vieren met elkaar. Dat zijn de mensen die in de positie van Jezus delen.

De rest niet. Voor hen is hemelvaart geen bemoediging. God zal uiteindelijk alles in allen vervullen, maar er zullen ook mensen zijn die daar niet meer bij horen. Zij sterven de tweede dood. Ze horen niet bij de nieuwe mensheid, ze verliezen hun bestaansrecht. Hoor je bij die nieuwe mensheid?

Laat je bemoedigen door hemelvaart! Laten we vanuit hemelvaart naar de kerk kijken. Laten we vanuit hemelvaart naar elkaar kijken. Niet roddelen, maar met de ogen van Christus elkaar zien. Niet afhaken, maar meedoen. Niet onszelf ongeloofwaardig maken door laksheid en gemakzucht. Elkaar niet ontmoedigen maar elkaar meenemen. Niet wegblijven van de samenkomsten, maar elkaar bemoedigen. Bidden om inzicht in de geweldige grootheid van Gods macht. En laat die macht werken in ons bestaan!

Laat jezelf niet ontmoedigen. Wees bemoedigd door hemelvaart: Jezus Christus zit aan Gods rechterhand – voor ons, zijn lichaam, de volheid van God die in Christus alles in allen vervult.

Amen