Psalm 87:5 | De Geest breekt muren af

Friezen, Groningers, Hollanders, Marrokanen, Turken: bij ons doet afkomst ertoe. We bouwen muren tussen volken, maar ook om onszelf heen. De Geest breekt die muren af: als je in Jezus gelooft, tel je als geboren Jeruzalemmer.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: ‘Kom heilige Geest’ (Sela)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Kids Opwekking 241
Gebed
Kinderen naar kinderclub
Lezen: Psalm 87 : 1 – 7
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
Lezen: Handelingen 2 : 1 – 13
Zingen: GKB Psalm 87 : 1, 2, 3, 4 en 5
Preek over Psalm 87 : 5
Zingen: Opwekking 767
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Zingen: ‘Aan uw tafel’ – Sela
Viering avondmaal
Zingen: Opwekking 718
Gebed
Collecte met luisterlied ‘Heal Our Land’
Zingen: Opwekking 488
Zegen

De Geest breekt muren af

Inleiding
dia 1 – vlaggen
In de 2 bijbellezingen zijn heel wat exotische volken langs gekomen.
In Psalm 87 Rahab, Babel, Filistea, Tyrus en Nubië.
Handelingen 2 noemt er nog veel meer,
zoals Kappadocië, Frygië en Pamfylië – van die heerlijke tongbrekers.
Hoe dan ook: het is een bont gezelschap.

Hoog tijd dus om naar de wat minder exotische volken te gaan.
Dan beginnen we – hoe kan het ook anders – met de Friezen.
Je kunt natuurlijk een hele discussie beginnen
over de vraag wanneer je een Fries bent,
maar laten we het simpel houden:
je bent een Fries wanneer je in Friesland geboren bent.
Wie hier is er dan een Fries?

dia 2 – fryslan
Volgens de tekst op dit shirt heb je het dan getroffen.
Voor mij, als Drent, zitten hier ook nogal wat tongbrekers in,
dus ik zal het maar even in vertaling voorlezen:
‘ik heb er niet voor gekozen Fries te zijn,
ik heb gewoon geluk gehad.’

dia 3 – vooroordelen
Tenminste, zo denken Friezen zelf erover.
In de rest van Nederland staan ze bekend
als stugge blonde schaatsers –
als we dit kaartje tenminste moeten geloven.

Zoals gezegd – ik ben geen Fries.
Ik doe graag alsof ik een Drent ben,
maar in mijn paspoort staat toch echt ‘Hardenberg’.
Ik kom dus uit Overijssel, al bestaan er geen Overijsselaren.
Je bent een Sallander of een Tukker.
Ik een Sallander – kan ik ook niets aan doen.
Volgens de kaart het land van de beekjes en de boeren.

Eens kijken wat we nog meer hebben.
Groningers in de zaal? Stoicijnse boeren!
Hollanders? Kaaskoppen!
Zeeuwen? Gierig, en staat als eerste onder water.
Limburgers? Corrupte onbegrijpelijke reserve-belgen.
Wie heb ik nu nog gemist?

Om zulke vooroordelen kun je lachen – tenminste: dat hoop ik maar.
Ik heb er in ieder geval nooit nadeel van ondervonden
dat ik geboren ben in de gemeente Hardenberg.
Maar wat als ik geboren was in Marokko?
Of gewoon in Nederland, maar met Marokkaanse wortels? of Turkse?
Dan krijg je met minder onschuldige vooroordelen te maken.

dia 4 – De Geest breekt muren af
Wat wij doen, is dit: wij bouwen muren.
We schermen af: Friezen zijn geen Groningers,
en al helemaal geen Hollanders.
Maar vandaag vieren we Pinksteren.
Het feest van de Geest die muren afbreekt.
Lees maar in Psalm 87:5: ‘met recht kan men van Sion zeggen:
“welk volk ook, het is hier geboren, de Allerhoogste houdt Sion in stand.’
Niks geen volken die niet welkom zijn: iedereen mag erbij horen.
Want de Geest breekt muren af!

1. Muren bouwen…
dia 5 – bouw
Maar voordat er muren gesloopt worden,
moeten ze er natuurlijk eerst zijn.
En ze zijn er: aan muren geen gebrek.
We blijven maar muren bouwen…

dia 6 – Psalm 87 lijkt wij tegenover zij
Psalm 87 lijkt ook die kant op te gaan.
Het is een echt stadslied, waar Jeruzalem wordt bezongen –
want Sion, dat is een andere naam voor Jeruzalem.
Jeruzalem is beter dan alle andere steden van Israël.
Om nog maar niet te spreken over de steden buiten Israël.
Toen ik in Kampen ging studeren leerde ik het Kamper stedelied.
Kampen wordt erin verheerlijkt,
en is uiteraard beter dan alle andere plaatsen – vooral Zwolle…
Zo begint Psalm 87 ook: Jeruzalem tegenover de rest.
Het is ‘wij’, Jeruzalem, tegenover ‘zij’, de anderen.
Er staan muren om Jeruzalem, letterlijk.
‘De Heer heeft de poorten van Sion lief.’
Als je Jeruzalem in wilt komen, moet je door de poorten.
En daar wordt eerst gekeken of jij wel naar binnen mag.

Psalm 87 begint herkenbaar.
Nee, wij bezingen Jeruzalem niet.
En Kampen waarschijnlijk ook niet.
Maar het Friese volkslied natuurlijk wel!
Wie zei er net ook alweer dat je Fries was? – o, nu durven jullie niet meer. ;)
In ieder geval: wij bouwen muren.

dia 7 – we beschermen onszelf met muren
En soms zijn muren heel goed.
Ik bedoel, ik ga vandaag niet de bouwsector afkraken.
Ik ben blij dat ons huis muren heeft!
Dat houdt de kou en de regen buiten.
Maar vaak houden onze muren meer buiten.

dia 8 – muur
Soms bouwen we letterlijk muren om onszelf te beschermen.
In de Verenigde Staten moet een muur langs de grens met Mexico komen
om Mexicanen buiten de deur te houden.
Geen idee wat de stand van zaken rondom dat project is trouwens…
Iets verder terug is het IJzeren Gordijn, dat Europa in tweeën deelde.
En een heel gevoelige: in Israël staan muren tussen Israël en de Palestijnen.

Maar ook als we niet letterlijk muren bouwen,
kunnen we toch heel wat muren opwerpen.
Je komt Nederland echt niet zomaar in:
daar moet je de goede papieren voor hebben.
En als je een Arabische achternaam hebt
is het echt moeilijker om aan werk te komen.

Maar we bouwen niet alleen muren tussen volken.
We bouwen ook muren om onszelf heen.
Want eigenlijk is iedereen een bedreiging voor jou!
Mensen doen elkaar akelige dingen aan,
dus bescherm je jezelf met een hoge muur.
En dat is lastig: we zijn gemaakt voor relaties,
en volgens mij verlangt iedereen naar verbinding, naar contact,
maar ondertussen durven we ons niet bloot te geven,
en verschansen we ons achter onze muren.

dia 9 – sinds Babel regeren angst en superioriteit
Waar komen die muren eigenlijk vandaan?
In de bijbel wordt daar al vroeg over verteld, in Genesis 11.
Het is het verhaal van de torenbouw van Babel.
De mensen vinden van zichzelf dat ze heel wat zijn,
en bouwen een enorme toren,
als een soort monument voor de mens,
om te laten zien waar we allemaal toe in staat zijn.
Maar ook wel als muur om God buiten te houden.
God reageert door verwarring te zaaien:
de mensen kunnen elkaar niet meer verstaan,
en gedesillusioneerd pakken ze hun bezittingen,
om overal te gaan wonen.
Vanaf die dag doet het er toe van welk volk je bent.
Binnen de kortste keren werd de mensheid gedreven
door een giftige mengelmoes van angst en superioriteit.
We zijn bang voor iedereen die anders is,
en tegelijk voelen we ons beter.

Dat is niet zo best…
Je zou verwachten dat als Jezus op aarde komt,
hij het helemaal anders gaat doen.
En ja, Jezus zinspeelt er wel op dat het anders gaat worden,
dat hij niet alleen koning van de Joden is, maar van de hele wereld,
maar tijdens zijn leven op aarde gaat Jezus grotendeels met de muren mee.
Jezus houdt buitenlanders nog op afstand.
Als in Matteüs 15 een buitenlandse vrouw Jezus om medelijden smeekt,
reageert Jezus als volgt:
‘ik ben alleen gezonden naar de verloren schapen van het volk van Israël.’
Lekker nationalistisch…
Het wordt nog bonter: ‘het is niet goed om de kinderen hun brood af te nemen
en het aan de honden te voeren.’
Hoor ik dat goed: zijn Israëlieten kinderen en buitenlanders honden?!
Het is dat de vrouw blijft aandringen: ‘maar de honden eten toch de kruimels’ –
anders zou ze onverrichterzake naar huis zijn gekeerd.
Bij Jezus blijven de muren nog even staan.

2. De Geest breekt muren af
dia 10 – sloopkogel
Totdat het Pinksteren wordt.
Dán moeten de muren er toch echt aan geloven.
De Geest haalt met zijn sloopkogel de muren omver.
Het is genoeg geweest met die verdeeldheid,
met dat steeds buitensluiten van iedereen die anders is.
Jezus zinspeelde er al op,
maar nu het Pinksteren is, nu de Geest komt, wordt het werkelijkheid.
De deuren, of in de taal van Psalm 87: de poorten, gaan nu wagenwijd open.
Zoals Johannes het zegt in Openbaring 21 over het nieuwe Jeruzalem:
‘de poorten zullen overdag nooit gesloten worden, en nacht zal het er niet meer zijn.’
Pinksteren is het begin daarvan, het begin van nieuwe eenheid.

dia 11 – zelfs de grootste vijand hoort erbij
Psalm 87 lijkt een typisch stadslied te zijn, tot je bij vers 4 aanbelandt:
‘ik noem Rahab en Babel mijn getrouwen.
Filistea, Tyrus en Nubië zijn allen hier geboren.’
Dat is heel andere koek dan die muren!
Niks geen ‘wij Jeruzalem’ tegen ‘zij de rest’.
De rest, alle andere volken, zij horen er helemaal bij!

En het zijn niet de vriendelijkste volken.
Er is natuurlijk gradatie.
De meeste Nederlanders zullen niet zo veel tegen Denen hebben.
Denen vormen voor ons geen bedreiging,
eigenlijk lijken we best wel op elkaar, dus we kunnen prima vrienden zijn.
Met een land als Polen is het al wat moeilijker, ook al zitten we samen in de EU,
maar Rusland is pas echt bedreigend.
In Psalm 87 zijn het juist de meest angstaanjagende volken die genoemd worden!
Vooral Rahab, een andere naam voor Egypte, en Babel:
de grootmachten van de toenmalige wereld,
altijd op zoek naar mogelijkheden hun rijk te kunnen uitbreiden,
en Israël moest dus altijd vrezen voor annexatie.
Met de Filistijnen was het altijd ruzie,
en de Tyriërs hebben Israël met Baäl opgezadeld,
wat bepaald geen aanwinst was…
Wat Nubië, oftewel Ethiopië, in dit rijtje doet, is niet helemaal duidelijk,
maar laat in ieder geval zien dat ook verre landen meedoen.
Maar verder is het vooral: zelfs de grootste vijand hoort erbij!

In Psalm 87 is dat nog profetie,
maar in Handelingen 2 begint het werkelijkheid te worden.
Als al die mensen uit al die landen
de leerlingen van Jezus in hun eigen taal horen spreken.
In Babel ontstonden de talen, met Pinksteren overwint de Geest de taalbarrière.
Nu moet ik wel iets preciezer zijn:
die mensen in Jeruzalem, dat zijn voor het grootste deel Joden.
Joden die overal ter wereld woonden, maar wel Joden.
Geen ‘echte’ buitenlanders.
Maar dat begint met Pinksteren wel:
het goede nieuws van Jezus gaat de wereld over,
klinkt in alle talen en bereikt alle volken.
Dat talenwonder is het begin daarvan.

dia 12 – niet te gast, maar genaturaliseerd in Jeruzalem
In Psalm 87 loopt het uit op een soort naturalisatieplechtigheid.
God zelf schrijft de volken in.
Want die volken, overal vandaan, zijn bij God niet te gast:
ze gelden als geboren Jeruzalemmers.
Ze krijgen hun inburgeringsdiploma, zonder er iets voor te doen.

Ook wij, Nederlanders.
Wie bij Jezus wil horen, wordt genaturaliseerd tot Jeruzalemmer.
Paulus schrijft erover in Efeziërs 2:12-14:
‘Bedenk dat u destijds niet verbonden was met Christus,
geen deel had aan het burgerschap van Israël
en niet betrokken was bij de verbondssluitingen en de beloften die daarbij hoorden.
U leefde in een wereld zonder hoop en zonder God.
Maar nu bent u, die eens ver weg was,
In Christus Jezus dichtbij gekomen, door zijn bloed.
Want hij is onze vrede, hij die met zijn dood de twee werelden één heeft gemaakt,
de muur van vijandschap ertussen heeft afgebroken.’
Dat Hardenberg in mijn paspoort staat is niet langer relevant.
Van mij mag je best trots zijn dat je een Fries bent, maar voor Christus telt het niet.
Hij zegt: ‘ben je Fries? Kun je ook niets aan doen!
Maar door mij tel je mee: ook jij wordt een Jeruzalemmer.’

dia 13 – eenheid, niet van de mens maar van de Geest
Door de Geest ontstaat er een nieuwe eenheid.
Maar wel een andere eenheid dan de eenheid van Babel.
Die was gebaseerd op trots: ‘kijk ons nou!’
Het was een eenheid van hoogmoed,
van mensen die het zonder God willen doen.
De eenheid die met Pinksteren begint is anders.
Niet op basis van mensen, maar op basis van de Geest.
In Psalm 87 zie je dat ook: ‘mijn bronnen zijn alleen in u.’
Wat ons samenbindt, is niet dat we op elkaar lijken,
niet onze gezamenlijk hobby’s of idealen,
maar Gods liefde voor ons, het offer dat Jezus gebracht heeft en onze liefde voor hem.
Op die basis breekt de Geest muren af,
om een nieuwe eenheid te maken.

3. Zoek elkaar
dia 14 – zoek elkaar
Met zo’n God, met zo’n Geest,
kunnen wij ons natuurlijk niet langer achter muren verschansen.
Hij zet de poorten wijd open – dan wij ook.
Laten we elkaar zoeken!

dia 15 – in de kerk en in de wereld (contact)
Als je bij Jezus hoort, dan horen daar geen muren bij,
maar poorten die uitnodigend open staan.
We bouwen geen muren, we halen ze juist onderuit!
Christenen staan in dienst van de Geest – de Oppersloper.
Dus zoek elkaar, in de kerk.
Laten we geen groepen maken, clubjes gelijkgestemden.
Zulke muren horen hier niet.
Laten we naar elkaar luisteren, écht luisteren, en elkaar begrijpen.
Laten we ons naar elkaar bloot geven,
de muren weghalen die we om onszelf neer zetten,
en die dat verlangen naar echt contact zo in de weg staan.
Zoek elkaar, ook in de wereld.
Want door de Geest mogen we laten zien
dat er een alternatief is voor muren,
een alternatief voor dat eeuwige wij/zij-denken.
Sta open voor wie anders is dan jij,
stap over die drempel heen en leer die ander kennen.
Wees in hoe je met mensen omgaat
een uitnodiging om ook ingeschreven te worden in Jeruzalem.

dia 16 – geen angst en trots, maar vreugde!
Ja, dat kan eng zijn.
En wat we minder graag toegeven:
daar voelen we ons ook wel eens te goed voor.
Maar de Geest wil je veranderen.
Die angst en die trots van je wegnemen.
Besef dat ook jij een vreemdeling in Jeruzalem was.
De Geest wil met je aan de slag,
wil je helpen bij het leven als christen,
en dan kun je de angst en het superioriteitsgevoel wegdoen.

Dan gaat een hele wereld voor je open.
Samen in Jeruzalem, samen rondom Christus, is het groot feest.
Zo sluit Psalm 87 af: ‘en dansend zingen zij.’
Want bij Jezus kom je thuis.
Als alle muren verdwijnen, we met God leven en elkaar in de ogen kijken,
dan is het feest – het is de hemel.
In de kerk, en vandaag in het bijzonder bij het avondmaal,
beginnen we met die wereld zonder muren.
Amen.




Handelingen 2:41 | De geboorte van de kerk

Pinksteren: het is de verjaardag van de kerk! In Handelingen 2 wordt de kerk geboren. Wat zie je als je het fotoalbum van het begin van de kerk doorbladert? Wat zegt het begin over wie we vandaag zijn?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 334
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 87 : 3, 4 en 5 (Frysk)
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 2 : 32 – 42
Zingen: LvK Psalm 51 : 1 en 2 en Opwekking 389
Preek over Handelingen 2 : 41
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: Kids Opwekking 31
Onderwijs over ouderlingen
Bevestiging Romke Wielstra
Zingen: LvK Gezang 304
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 102a : 1 en 5
Zegen

De geboorte van de kerk

Inleiding
dia 1 – gefeliciteerd
Mag ik jullie allemaal van harte feliciteren!
‘Huh, waarmee dan, ik ben toch niet jarig ofzo?’
Nou, dat is het dus juist.
We zijn vandaag jarig.
Hoe oud we vandaag precies zijn geworden,
daarover verschillen de meningen een beetje,
maar het zou zomaar kunnen
dat we vandaag onze 1984e vieren!
Ja, laat ik het voorzichtig zeggen,
we zijn al wel een beetje op leeftijd geraakt.
Met ‘we’ bedoel ik trouwens de kerk.
Want Pinksteren is de verjaardag van de kerk.
Natuurlijk, ook voor Pinksteren waren er gelovigen,
maar met Pinksteren begint de christelijke gemeente.
Wij zijn dus jarig,
en dan lijkt een felicitatie mij wel op zijn plaats.
Doe het maar even: feliciteer elkaar met onze verjaardag!

dia 2 – 1e schooldag
Op deze 1984e verjaardag pakken we ons fotoalbum erbij
en gaan we terug naar onze kindertijd.
Laatst vroeg Daniël mij:
‘papa, hoe zag jij er eigenlijk uit toen jij zo oud was als ik?’
Nou, zo dus!
Deze foto is van mijn eerste schooldag,
en je kunt zien dat ik het best een beetje wennen vond…

dia 3 – zwart
Zo’n fotoalbum doorbladeren
roept allerlei herinneringen en gevoelens op.
Sommige foto’s herken je direct: ja, dit bén ik!
Sommige foto’s maken je jaloers: ik zou weer kind willen zijn.
Sommige foto’s zijn confronterend: ben ík dit?
Voor sommige foto’s schaam je je zelfs…
Als ik tijd neem om foto’s te bekijken, beleef ik het weer opnieuw.
Ben ik weer dat jongetje van 4,
die het liefste dicht bij zijn mama is,
maar ook zonder zorgen de wereld inkijkt
en intens geniet van het ontdekken van de wereld.

dia 4 – de geboorte van de kerk
Vandaag gaan we foto’s kijken.
De foto die we wat beter gaan bekijken is vers 41 van Handelingen 2.
“Degenen die Petrus’ woorden aanvaardden, lieten zich dopen;
op die dag breidde het aantal leerlingen zich uit met ongeveer drieduizend.”
Met deze foto gaan we terug in de tijd,
naar de dag dat we geboren werden,
om zo weer beter zien waar we vandaan komen en wie we zijn.

1. Wie vormen de kerk?
dia 5 – wie vormen de kerk?
Dan beginnen we met de mensen.
Wie zijn dat eigenlijk,
die 3000 die Petrus’ woorden aanvaardden,
en de gemeente van het eerste uur worden?
Wie vormen die kerk?

Het gebeurt in Jeruzalem, waar het Wekenfeest in volle gang is.
Een oogstfeest, 7 weken na het Pesachfeest,
waar de eerste opbrengst van het land aan God wordt gegeven.
Laten we er maar eens bij gaan staan, daar in Jeruzalem.
Zoals ik weer even 4 ben als ik mijn fotoalbum doorblader,
zo staan wij daar vandaag ook op het Wekenfeest.
We gaan terug naar ons begin.

dia 6 – wat gebeurt er toch?
Je bent er dus bij.
Wat heb je die dag gezien?
Wat heb je die dag beleefd?
Het was in ieder geval een heel andere dag
dan je je van tevoren had voorgesteld!
Het Wekenfeest, ook Pinksteren genoemd,
verliep meestal best voorspelbaar, maar vandaag niet!

Er hangt iets in de lucht.
Wat het precies is, daar krijg je de vinger niet goed achter,
maar je voelt dat vandaag alles anders is.
Opeens stoten mensen om je heen elkaar aan:
‘wat is dat voor geluid, stil eens!’
Het wordt stil op straat,
het geroezemoes van net is opeens verdwenen.
En dan hoor je het ook: die wind!
Maar het klopt niet:
er was voor vandaag geen wind voorspeld!
Bovendien is de lucht strak blauw,
en hangen de blaadjes aan de bomen er stil bij.
Al snel wordt je meegevoerd in de menigte,
op zoek naar de bron van dit geluid.

Het brengt je bij het huis van de leerlingen van Jezus,
die vreemde rabbi uit Nazareth.
Nou ja, dat is toch verleden tijd, Jezus is dood,
maar vreemd dat die leerlingen nog altijd samen zijn.
Om je heen stromen duizenden mensen toe,
nieuwsgierig naar wat hier toch gebeurt!

dia 7 – verantwoordelijk voor Jezus’ dood
Een van de leerlingen, later leer je hem kennen als Petrus,
staat op en begint de mensenmassa toe te spreken.
Hij begint over Joël, maar al snel gaat het over Jezus.
En dan begint het toch wel een beetje ongemakkelijk te worden.
Volgens Petrus is Jezus door God gezonden.
Je denk nog: ‘ja, maar Jezus is dood,
en dat was echt niet gebeurd als Jezus van God kwam.’
Dan komt de grote schok:
‘u hebt deze Jezus laten kruisigen,
maar God heeft hem tot leven gewekt
en aangesteld tot Heer en messias.’

Het is nooit fijn om kritiek te krijgen.
Tenminste, ik vind het maar moeilijk om goed met kritiek om te gaan.
De eerste reflex is je ervoor afsluiten.
Maar Petrus maakt het nog veel bonter:
‘jullie hebben de messias vermoord!’
Petrus draait er niet om heen: het is een forse aanklacht.
Je wilt de hakken in het zand zetten, vluchten voor deze confrontatie.

Maar het lukt niet.
Je ziet jezelf weer staan, 7 weken geleden,
bij het paleis van Pontius Pilatus.
Opgezweept door de mensen om je heen,
ook toen was je onderdeel van een grote menigte,
had je het ook gescandeerd: ‘aan het kruis, aan het kruis,
weg met Jezus, aan het kruis!’
Je had de herinnering alweer veilig weggestopt,
wilde er niet meer aan terugdenken,
maar dat wordt nu onmogelijk gemaakt.
Je was zo overtuigd van je gelijk,
overtuigd dat Jezus een Godslasteraar was,
en dat je God een dienst bewees door hem op te ruimen,
maar opeens zie je het, komt het hard binnen:
Jezus was wie hij zei dat hij was – de Zoon van God.
En jij, jij bent verantwoordelijk voor zijn dood.

dia 8 – wat nu?!
Wat nu?
Dit is niet zomaar een foutje, waar je ‘sorry’ voor kunt zeggen.
Je kunt het niet ongedaan maken.
Wanhoop borrelt op: nee, laat het niet waar zijn!
Even later schaamte: hoe kan ik nog met mijzelf leven?
In je verbeelding zie je het vuur al uit de hemel komen,
waarmee Jezus wraak neemt voor wat jij hem hebt aangedaan.
‘Toen ze dit hoorden, waren ze diep getroffen,’ schrijft Lucas.
Je voelt je zoals David, eeuwen geleden, toen hij Psalm 51 schreef:
‘Door eigen schuld verzink ik in de nacht. (…)
Want tegen u, want tegen u alleen, heb ik gezondigd.’

2. De Geest sticht de kerk
dia 9 – de Geest sticht de kerk
Het zijn ongemakkelijke foto’s, daar in Handelingen 2.
Van die foto’s in je fotoalbum waar je je voor schaamt…
Maar laten we toch maar verder kijken,
want hier wordt de kerk geboren!
Uit de mensenmassa komen er 3000 tot geloof.
Op het Wekenfeest, op het oogstfeest,
worden zij de eerste oogst van Gods koninkrijk.
De Geest sticht de kerk!

dia 10 – een nieuw begin, mét Jezus!
Terug het fotoboek in.
Je bent nog altijd in Jeruzalem,
en de grote vraag is: ‘wat nu, wat moeten we doen?’
Je bent niet de enige met die vraag,
overal vragen mensen zich vertwijfeld af hoe ze verder kunnen.
God zal wel woedend zijn…
Is er nog een manier om zijn oordeel af te wenden?
Moeten ze door het stof?
Moeten ze vasten, of offeren, of iets anders als boetedoening?
Niets van dat alles!
Petrus is er heel duidelijk over:
‘keer u af van uw huidige leven
en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus.’
Dat is alles!

Maar dat is ook al moeilijk genoeg.
Jezus Christus aanroepen?!
De laatste keer dat jij de naam van Jezus hebt gebruikt,
was toen je hem aan het kruis wilde hebben.
Er is lef voor nodig te erkennen dat je het helemaal mis had.
Lef, om Jezus aan te roepen,
en jouw lot in zijn handen te leggen.
Toch vinden 3000 mensen dat lef.
Erkennen ze dat ze helemaal fout waren,
dat ze opnieuw willen beginnen met hun leven,
maar nu mét Jezus Christus.
Dát is het werk van de Geest.

dia 11 – de kerk wordt geboren
En dan komt die prachtige foto
van de doop van 3000 Jeruzalemmers.
Beeld het je even in, 3000!
Als deze kerkzaal stampvol zit, dan zijn er 300 mensen.
In Jeruzalem zijn het 10 van die stampvolle kerken,
vol mensen die dezelfde dag nog gedoopt worden!
Wat een operatie moet dat zijn geweest!
Jij wordt gedoopt door Petrus,
naast jou wordt een ander gedoopt door Johannes,
daarnaast zijn Jakobus en Natanaël bezig,
honderden zijn je al voorgegaan,
en achter jou staan nog duizenden in de rij.
Voortaan zijn jullie ook leerlingen van Jezus,
horen jullie bij hem.

En dan, in vers 42, komt de groepsfoto.
De kerk is geboren, met de Geest als grote aanstichter,
en wat bruist het in die kerk!
Wij, want het gaat nog altijd over ons begin,
wij bleven bij het onderwijs van de apostelen:
we wilden meer weten, dronken de woorden van de apostelen in.
Wij vormden een gemeenschap, een nieuwe familie,
waar niemand minder was en niemand meer.
Wij braken het brood, vierden elke dag het avondmaal,
en voelden ons daarin dicht bij Jezus.
En we wijdden ons aan het gebed,
want de kerk is niet van ons maar van Jezus.

3. Geest en kerk?
dia 12 – Geest en kerk?
‘De Geest sticht de kerk.’
Dat is misschien niet de boodschap die je met Pinksteren had verwacht.
Misschien staan voor jouw gevoel de kerk en de Geest
wel heel erg ver uit elkaar.
Er wordt in ieder geval best wel eens een tegenstelling van gemaakt:
de kerk en de Geest.
De kerk zou star zijn, terwijl de Geest juist voor beweging staat.
De kerk zou gericht zijn op bewaren,
terwijl de Geest juist steeds aan het vernieuwen is.
Hoezo, de Geest sticht de kerk?

dia 13 – de kerk is het blijvende resultaat
Natuurlijk, de Geest deed op die Pinksterdag meer.
Het geluid van de wind,
de vuurtongen op de hoofden van de leerlingen,
het wonder van de talen.
Mooie, indrukwekkende tekenen:
een fantastische ervaring moet dat zijn geweest!
Maar na Pinksteren blijft de kerk.
De kerk is het blijvende resultaat.
Ja, er bleven ook tekenen, maar daar ging het niet om!
Die tekenen wezen steeds naar Jezus,
zodat mensen tot geloof kwamen,
en de kerk verder groeide.

De Geest en de kerk horen helemaal bij elkaar.
De Geest zonder kerk is ondenkbaar:
de Geest is er juist op gericht om mensen tot geloof te brengen
en dan kerk te laten zijn.
Net zo ondenkbaar is de kerk zonder Geest.
Zonder de Geest is de kerk dood.

dia 14 – organisatie: in dienst van de Geest
Natuurlijk, de kerk in onze tijd
ziet er heel anders uit dan in Handelingen 2.
Daar was helemaal niks geregeld,
geen structuur, geen organisatie, geen activiteiten,
het gebeurde gewoon!
Een gemeente van 3000 mensen, die elke dag verder groeit,
waar helemaal niets is vastgelegd,
aan de ene kant zorgt dat ervoor dat alles heel spontaan gaat,
aan de andere kant wordt het ook wel eens een chaos,
en gebeuren er kleine of grotere ongelukken.
Dat gebeurt in het boek Handelingen ook:
gelukkig blijft de kerk geen baby,
maar viert ze haar verjaardagen,
en wordt op een gegeven moment volwassen.
Dan is er al veel meer organisatie.
Maar wel altijd in dienst van het werk van de Geest!
Hoe we de kerk ook organiseren,
laat die organisatie nooit heilig worden,
laten we met ons georganiseer de Geest niet wegdrukken,
maar steeds bidden waar hij ons hebben wil!

(Dat gedlt ook voor de ambten.
Vandaag wordt Romke Wielstra als ouderling bevestigd.
Dat is een cadeau van de Geest aan onze gemeente.
Vandaag mogen we het gerust een verjaardagscadeau noemen.
Maak ook van de ambten en de Geest geen tegenstelling!
Als Paulus in 1 Korintiërs 12 schrijft over gaven van de Geest,
noemt hij naast de gave van genezing of van geloof
net zo goed de gave van apostelen.
Dus Romke: de Geest geeft jou als ouderling aan de gemeente!
Maar niet om vervolgens alles zelf te doen
en de macht naar jezelf toe te trekken.
Als kerk zijn we leerlingen van Jezus, de beweging van de Geest,
en aan jou en de andere ambtsdragers,
is de opdracht: moedig mensen hiertoe aan.
Moedig mensen aan hun leven te delen, hun geloof te delen.
En voor ons als gemeente geldt:
laat je dan ook inschakelen, want de Geest wordt aan ons allen gegeven!)

4. Het geheim van de kerk
dia 15 – het geheim van de kerk
Als ik dat fotoalbum van het begin van de kerk doorblader,
dan wordt ik ook wel een beetje jaloers.
Wat een bruisende gemeente, wat een leven!
Het roept bij mij wel een verlangen op:
hoe kunnen we zo gemeente zijn?
Wat is het geheim van de kerk?

dia 16: niet: een goede structuur
Het geheim ligt niet in allerlei modellen en structuren.
Er zijn boekenkasten vol geschreven
over hoe je de kerk het beste kunt organiseren,
en daar staan best nuttige dingen in,
maar een goede kerkstructuur geeft nog geen bruisende gemeente.
Die foto van de kerk in Handelingen vindt ik prachtig,
maar daar kun je geen beleid van maken,
dat kun je niet organiseren.

dia 17 – wel: bekeer je!
Nee, het geheim ligt in de woorden van Petrus:
“Keer u af van uw huidige leven
en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus.”
Gedoopt, dat zullen de meesten van ons al zijn.
Blijft staan: keer je af van je huidige leven, bekeer je!
Want die mensen in Jeruzalem
zijn echt niet de enige verantwoordelijken voor de dood van Jezus.
U, jij en ik zijn dat net zo goed!
Laten we nooit vergeten wie we zijn:
dat we Jezus vermoord hebben,
en dachten God daarmee een dienst te bewijzen.
Wanneer u weer eens eigen baas wilt zijn.
Wanneer jij het weer eens zelf wilt doen.
Wanneer ik het weer eens beter wil weten dan God.
Stop met het leven waarin voor God geen plaats is,
stop met het leven waarin Jezus het niet voor het zeggen heeft.
Kom bij Jezus, dat is alles wat wij volgens Petrus moeten doen.
En hij zal zijn Geest geven.

dia 18 – duif
Het is Pinksteren.
Wie vieren onze verjaardag.
Ons geheim? Dat is de Geest!
De kerk is met hem begonnen,
hij heeft ons weer een jaar gegeven,
en ik ben razend benieuwd waar hij ons verder brengen zal!
Amen.




Handelingen 2:11b | De Geest helpt goed nieuws de wereld in

Waar op de wereld je ook bent, overal kun je christenen vinden. Dat is het werk van de Geest. En hij wil ook ons daarbij inschakelen. In deze preek extra aandacht voor de verbondenheid met ‘onze’ zendingsgemeente in Zuid-Afrika.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 117 (Nederlands én Fries)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 334
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 2 : 1 – 13
Zingen: Psalm 71 : 8, 9 en 11
Preek over Handelingen 2 : 11b
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 8 en 9
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 477 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 165
Zegen

De Geest helpt goed nieuws de wereld in

Inleiding
dia 1 – vlag Zuid-Afrika
We gaan vandaag op de Afrikaanse toer.
Twee weken geleden hebben we een kaartje gestuurd
naar de zendingsgemeente in Soshanguve in Zuid Afrika.
Ik vermoed dat dat kaartje nog op zijn lange reis is…
Vandaag, op Pinksteren, staan we extra stil bij wereldwijde verbondenheid,
juist ook met het zendingswerk in Zuid Afrika.

dia 2 – kaart Zuid-Afrika
Eerst maar eens jullie topografie testen.
Je ziet hier een kaart van Zuid-Afrika.
Wie kan Soshanguve aanwijzen?
Het ligt iets ten noorden van Pretoria.
Pretoria is een grote stad, met zo’n 750.000 inwoners,
maar Soshanguve mag er ook zijn: 400.000 inwoners.

dia 3 – zendingsgemeente
Vanuit Friesland wordt al heel wat jaren zendingswerk gedaan in deze regio.
Zo zijn 5 zendingsgemeenten in Soshanguve gesticht,
onder andere de gemeente van ds. Phineas Kgatle.
Die naam komt vanochtend nog wel vaker voorbij,
en om te voorkomen dat ik elke keer weer mijn tong breek,
zal ik hem vanaf nu maar gewoon ds. Phineas noemen.
Samen met een paar andere gemeenten
steunen wij het werk van deze zendingsgemeente,
een gemeente met ongeveer 85 leden.

dia 4 – filmpje
Om even goed in Afrikaanse sferen te komen, luisteren we naar een liedje:

dia 5 – Phineas
Wij zijn allemaal één, of we nu kerk zijn in Franeker of in Soshanguve.
Overal op de wereld zijn kerken, overal mensen die geloven in Jezus Christus,
en dat mag je gerust een wonder noemen.
Vandaag staan we er bij stil hoe het kan
dat overal op aarde mensen Jezus hebben leren kennen.

Ik had het al even over ds. Phineas.
Hij heeft voor deze Pinksterzondag meegedaan met de preekvoorbereiding,
hij heeft bedacht waar het over zal gaan.
Dus wat je vanochtend uit mijn mond hoort
is een beetje van Phineas en een beetje van mijzelf.

dia 6 – de Geest helpt goed nieuws de wereld in
Maar veel belangrijker: het is een boodschap die de Geest voor ons heeft.
Daarmee zijn we bij het thema van vanochtend:
de Geest helpt goed nieuws de wereld in.
Want goed nieuws moet naar buiten.

1. Delen wat God doet? Eng!
dia 7 – delen wat God doet? eng!
Inderdaad, het gaat over vertellen over God.
Gods grote daden moeten de wereld over.
Maar volgens mij vinden we het ook wel eng,
om te delen wat God doet.

dia 8 – we hebben iets moois te vertellen
Gek eigenlijk, want we hebben echt iets moois te vertellen!
Veel mensen die er bij waren in Jeruzalem op de eerste Pinksterdag zijn diep onder de indruk.
Wat ze nu horen, zoiets hebben ze nog nooit gehoord!
Ze zijn onder de indruk van de wonderlijke dingen die ze meemaken,
maar ze zijn misschien nog wel meer onder de indruk van wat ze horen:
van Gods grote daden.

Van Jezus hadden ze allemaal wel eens gehoord.
Sterker nog: 50 dagen geleden waren ze er ook bij,
toen Jezus ter dood werd veroordeeld
omdat rechter Pontius Pilatus een woedende menigte zijn zin gaf.
Ze hadden zelf geroepen: ‘aan het kruis met hem’.
Nu staan ze er weer.
Nu dringt tot hen door wat er écht is gebeurd.

Ze horen dat het kruis niet het einde van Jezus is:
Jezus is opgestaan, Jezus heeft gewonnen van de dood,
Jezus heeft gewonnen van de macht van het kwaad,
en nu is Jezus koning in de hemel.
Dát is het goede nieuws van Gods grote daden.
In de afgelopen weken hebben we het erover gehad
hoe Jezus je een compleet nieuw leven geeft.
Als je daar ook maar een klein beetje van merkt,
heb je echt iets te vertellen!

dia 9 – we durven niet zo goed…
Maar hoe geweldig het ook is wat God doet,
dat met anderen delen is nog wel even een ander verhaal…
Vaak vinden we het al moeilijk om met elkaar over God te praten,
en dan praten we maar over koetjes en kalfjes.
Wel zo veilig…
Hoe vaak zeg je nu tegen iemand:
‘weet je, ik zou het jou zo gunnen dat jij christen bent.
Jezus is echt goed nieuws voor jou!’
Volgens mij durven we niet goed.

Misschien is onze grootste angst wel wat in Handelingen 2:13 gebeurt:
dat mensen zeggen: ‘ze zullen wel dronken zijn’.
Dat mensen je totaal niet serieus nemen,
dat ze je er zelfs belachelijk om maken.
Dat hebben we liever niet…

dia 10 – Lubach
Ik denk bijvoorbeeld aan deze meneer: Arjen Lubach.
Regelmatig op TV te vinden en beroepsgrappenmaker.
Zijn satirische nieuwsshow ‘zondag met Lubach’ doet het goed.
Ergens heb ik bewondering voor hem:
hoe hij de moeilijkste thema’s zo even neerzet.
Maar met christenen heeft hij niet zo veel.
Lubach vindt, ik citeer hem maar even,
‘het volstrekt gestoord dat weldenkende mensen in een god kunnen geloven’.
Over die uitspreek wilde Gert-Jan Seegers van de Christenunie
graag met Lubach in gesprek.
Dat gesprek is er geweest, afgelopen maandag.
Het heeft Lubach in ieder geval niet van mening veranderd.
Volgens Seegers was er af en toe zelfs lichte verbijstering in zijn ogen te zien,
dat mensen echt in God kunnen geloven.

2. De Geest helpt goed nieuws de wereld in
dia 11 – de Geest helpt goed nieuws de wereld in
Toch is dat precies waar Pinksteren om gaat:
het goede nieuws moet naar buiten.
Ds. Phineas zegt het zo: ‘Pinksteren draait om missie,
het doel is, Habakuk 2:14, dat zoals de zee vol water is
de aarde vol zal zijn van kennis van de grootheid van de Heer.’
Daarbij worden we geholpen door de Geest:
de Geest helpt het goede nieuws over Jezus de wereld in.

dia 12 – de Geest geeft een duw in de rug
In Jeruzalem gebeuren vreemde dingen.
Er is het geluid van een harde wind,
er lijken vlammen te zijn op de hoofden van de leerlingen,
en die leerlingen spreken in elke taal die je maar kunt bedenken.
Dat moet overweldigend zijn geweest.
Ik zou het best willen meemaken, dat de Geest zich zo duidelijk laat zien.
Maar uiteindelijk, en ik volg Phineas maar weer even,
gaat het er niet om dat de Geest je een topervaring geeft, een extase:
de bijzondere gebeurtenissen in Jeruzalem
helpen het goede nieuws de wereld in.

De Geest geeft een enorme duw in de rug.
Misschien weet je nog dat je nog maar net kon fietsen.
Heel stoer natuurlijk, maar je wordt er ook wel moe van.
Dan is het fijn als je een duwtje in je rug krijgt van je vader of moeder.
Dat is wat de Geest doet.
Als het van mij zou afhangen dat iedereen over Jezus weet, zou het niets worden.
Maar het hangt niet van jou af: de Geest helpt.
De leerlingen van Jezus waren ook echt niet zo dapper.
Ja, Petrus kon wel eens denken dat hij de wereld aankon,
maar dat hij nu voor meer dan 3000 mensen moet spreken,
daarvan had hij nooit gedacht dat hij het zou kunnen.
Maar door de Geest doet hij het!

dia 13 – begin van een wereldwijde beweging
Er gebeurt heel wat die dag.
Voor Pinksteren kwamen bijna alle volgelingen van Jezus uit Galilea,
in het noorden van Israël.
Nu komen maar liefst 3000 inwoners van Jeruzalem tot geloof.
Hier begint de kerk.
Maar hier blijft het niet bij!
Het is een geweldig begin, maar niet meer dan een begin.
De beweging gaat verder.
Het talenwonder laat er al iets van zien:
het nieuws van Jezus moet overal naar toe.
Uiteindelijk zo ver dat overal op aarde mensen van Jezus hebben gehoord,
dat er volgelingen van Jezus zijn in Jeruzalem, maar ook in Soshanguve en Franeker.
Geen enkele andere godsdienst heeft zich zo over de wereld verspreid.
Dat is het werk van de Geest.

3. Overal anders
dia 14 – overal anders
Maakt het dan helemaal niet uit wie je bent?
Mooi dat het voor iedereen is,
maar we zijn toch ook wel heel verschillend!
Klinkt een beetje als een massaproduct, als ‘one size fits all’.
En dat willen we dus liever niet.
Als iets voor iedereen geschikt is, past het nooit helemaal bij je.
Dan moet je met minder genoegen nemen.
Bij God is dat dus niet zo: wat hij doet, is voor iedereen,
maar in elke situatie kan het op een andere manier worden gebracht.

dia 15 – de Geest spreekt alle talen
Het wonder van die talen in Jeruzalem
betekent niet alleen dat het goede nieuws voor iedereen is.
Het betekent ook dat de Geest naar je toe wil komen zoals je bent.
Het was daar in Jeruzalem echt niet nodig dat er zoveel talen gesproken werden.
De mensen die daar waren, waren dan wel niet allemaal opgegroeid in Jeruzalem,
maar ze woonden er nu wel allemaal.
Met hun moedertaal deden ze er niet zo veel:
ze spraken Aramees met elkaar, of misschien Grieks.
Maar de Geest wil het nog dichter bij brengen.
Zelfs Judeeërs, staat er, hoorden de leerlingen in hun eigen taal.
Nogal logisch zou je zeggen: die hadden dezelfde taal.
Maar hun dialect was wel anders,
misschien net zoals het Kleifries van het Woudfries verschilt.
Het gaat trouwens niet alleen om talen,
het gaat ook om cultuur, om je gewoontes, om wie je bent.

dia 16 – in Zuid-Afrika anders dan in Nederland
Daarom klinkt het goede nieuws in Zuid-Afrika anders dan bij ons.
Natuurlijk, het is in een andere taal, maar het verschil is nog veel groter.
Ds. Phineas schrijft dat in Zuid-Afrika
veel mensen zijn grootgebracht met de traditioneel-Afrikaanse godsdienst.
Ze hebben geleerd dat God ver weg is in de hemel,
en als je God wilt aanbidden, dat je dan de hulp van je overleden voorouders nodig hebt.
Die voorouders moet je tevreden stellen met allerlei rituelen.
Allemaal om iets bij God te bereiken.
De man op de foto, geloofde tot voor kort op deze manier.
Nu heeft hij Jezus gevonden, net als zijn vrouw en kinderen,
en je kunt je voorstellen dat het voor hem een geweldige bevrijding is!

Wij leven in een heel andere situatie.
Ik zou hier wel elke week kunnen preken tegen traditionele Afrikaanse godsdiensten,
en misschien zou het voor een keertje nog interessant zijn ook,
maar we hebben daar helemaal niets aan.
Wij worden geconfronteerd met andere godsdiensten:
met materialisme, het geloof dat alleen die dingen bestaan die je kunt waarnemen,
of met kapitalisme, waar geld steeds het doorslaggevende argument is.
Ook dan is het trouwens een enorme bevrijding om Jezus te leren kennen!

dia 17 – de Geest wil je op jouw manier aanspreken
De Geest wil jou op jouw manier aanspreken.
Hij wil je liefde voor Jezus geven,
besef van Gods grote daden, dat dat geweldig nieuws is,
en hij wil je laten weten dat het ook voor jou is.
Dat doet hij op allerlei manieren.
Dat kan met spectaculaire wonderen.
Het kan door iets dat je leest.
Het kan door iets in een preek dat je raakt.
Het kan ook door een gesprek met bijvoorbeeld iemand
die hetzelfde heeft meegemaakt als wat jij meemaakt,
en die vertelt wat geloven toen voor hem of haar betekende.
Zo spreekt de Geest je persoonlijk aan.

4. Deel van Pinksterbeweging
dia 18 – deel van Pinksterbeweging
Maar nu terug naar het vertellen over God.
Daarin staan we er niet alleen voor:
de Geest brengt het goede nieuws naar buiten.
Zo is het de hele wereld overgegaan, en zo wil de Geest ook jou aanspreken.
Als je dat goede nieuws hebt ontdekt,
dan wil de Geest je ook gebruiken om het verder te brengen.
Hij wil je deel maken van zijn Pinksterbeweging.

dia 19 – de Geest werkt door de kerk heen
Want zo kun je de kerk wel noemen: ‘Pinksterbeweging’.
De Geest kan op heel bijzondere manieren werken,
hij kan dromen en visioenen geven,
maar vaak werkt de Geest ook gewoon door mensen.
Hij gebruikt de kerk om het evangelie verder de wereld in te brengen.
De kerk is de wereldwijde beweging van de Geest.
Met de woorden van ds. Phineas:
het doel van ons als kerk, dat zijn we niet zelf en dat is ook niet ons geluk,
het is ons doel om Gods grote daden overal bekend te maken,
te beginnen in ons eigen Jeruzalem.

Hij en zijn gemeente doen dat in Soshanguve,
dat is, om zo te zeggen, hun Jeruzalem.
Ze willen niet voor zichzelf houden wat ze van God hebben gekregen,
daar is het veel te mooi voor!
Wij mogen het hier in Franeker doen.
Geen geheim maken van dat we christenen zijn.
Laten zien dat het mooi is om Jezus te kennen.
En dat in de taal van de mensen om ons heen:
dat we hen kennen, dat we geïnteresseerd zijn in wat mensen bezig houdt,
en dat we hen willen leren begrijpen.
Dan laten we zien dat geloven niet iets plechtigs is voor op zondag,
maar dat het over het leven gaat.

dia 20 – mag de Geest zijn werk door jou doen?
Zijn we dan terug bij af?
Dat we eigenlijk anderen over God moeten vertellen, maar het eng is?
Wel als je denkt dat het nu allemaal van jou afhangt.
Maar het punt is juist dat de Geest aan het werk is.
Hij maakt ons echt niet allemaal straatevangelist,
maar hij helpt je wel om je geloof niet te verstoppen omdat je je er voor schaamt.
Laat de Geest zijn werk maar doen.
Vraag hem hoe hij je kan gebruiken.
Luister naar hem, zie de mensen die hij op je weg plaatst,
en leer hun taal te spreken en hun leven te begrijpen.
En wees dan niet bang als de gelegenheid zich voordoet
om te vertellen wat Jezus voor jou zo bijzonder maakt.
De Geest zal je er bij helpen.

Doe je mee?
Met die beweging van Pinksteren?
Mag de Geest je gebruiken, door je heen werken?
Nog een keer ds. Phineas:
‘God rust zijn kerk toe met de kracht van zijn Geest
zodat hij verheerlijkt wordt onder alle volken.’
Amen




Handelingen 2:16-17 – Gaan voor Jezus met de Geest

We houden van nuchterheid: doe maar gewoon. Maar met de Geest gaat het er niet zo gewoon aan toe. Wat betekent die Geest voor gewone mensen?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: JdH 57 ‘Er komen stromen van zegen’ en Psalm 87 : 3, 4 en 5
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 249 : 1, 2 en 3
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 2 : 14 – 42
Zingen: Psalm 67 : 2 en 3 (Frysk)
Preek over Handelingen 2 : 16 – 17
Zingen: GKB Gezang 167 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: LvK Lied 477 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 334
Zegen

Gaan voor Jezus met de Geest

Inleiding
dia 1 – dromen
‘De meeste dromen zijn bedrog.’
Dat zal wel waar wezen, maar dromen is ook leuk!
In je dromen is de wereld net even anders dan in het echt.
Alles gaat dan zoals jij het in je dromen bedenkt.
Maar het kan wel heel echt lijken.
Wie heeft dat wel eens,
dat je ergens over hebt gedroomd,
en dat je het later op de dag je nog weer herinnert,
en dan niet meer weet of het nou een droom was of echt?

Dromen zeggen iets over wat je, bewust of onbewust, bezig houdt.
In de weken voordat Hanneke en ik zijn getrouwd,
heb ik heel wat over onze bruiloft gedroomd.
Over hoe ik te laat wakker werd op onze trouwdag,
en daardoor alles in de soep liep,
maar gelukkig ook over mijn bruid.
En dat maakte weer veel goed!

dia 2 – dierenarts
Dromen zijn niet alleen bedrog,
ze hebben alles met je leven te maken.
En aan sommige dromen kun je werken.
Als je er bijvoorbeeld van droomt om dierenarts te worden,
dan helpt die droom je door je schooltijd heen.
Wiskunde is dan wel ingewikkeld en misschien zelfs saai,
maar je zet alles op alles om er een voldoende voor te halen,
desnoods neem je er bijlessen voor,
want je weet al precies wat je wilt.

Mooi is dat, als mensen ergens voor gaan, hun droom najagen.
Zo’n droom, die mag wat kosten.
Bijvoorbeeld topsporters, die dromen van olympisch goud.
Dat vraagt jarenlange training,
maar ook bijvoorbeeld dat je er met je eten steeds rekening mee houdt.
Je hele leven komt in het teken van je droom te staan.

dia 3 – gaan voor Jezus met de Geest
Zou je ook op zo’n manier voor Jezus kunnen gaan?
Dat het je droom is om mensen over Jezus te vertellen?
Dat het je droom is om Gods liefde door te geven?
Dat klinkt misschien vreemd, maar het is precies wat de Geest doet.
Daar staan we vanochtend bij stil:
gaan voor Jezus met de Geest.

1. Doe maar gewoon
dia 4 – vogelaars
Ergens helemaal voor gaan, dat is mooi,
maar vaak ook wel een beetje vreemd.
Leuk als iemand om vijf uur ’s ochtends in de auto stapt
omdat er een of ander bijzonder vogeltje is gesignaleerd,
ieder zijn eigen hobby,
maar het moet natuurlijk niet te gek worden.
Ik bedoel, het zijn ook maar vogeltjes.
Leuk als iemand gek is van auto’s,
maar als ik elke preek weer met een autovoorbeeld aankom,
denken jullie ook: heb je hem weer…
Doe maar liever een beetje gewoon.

dia 5 – liever niet te vreemd…
En volgens mij denken we dat ook over het christelijk geloof.
‘Gaan voor Jezus’, dat klinkt wel erg hoogdravend…
Het is mooi als je wat aan je geloof hebt,
als je er steun in vindt, en echt Gods liefde ervaart,
maar vergeet niet dat je ook gewoon op aarde leeft.
Mensen die altijd maar over Jezus praten,
die vinden we misschien wel een beetje vreemd.
En we willen niet dat mensen denken dat wij ook zo zijn,
dat wij het over niets anders dan Jezus zouden kunnen hebben.
Wij zijn ook heel gewone mensen hoor!

‘Doe maar gewoon,’
dat denken de mensen in Jeruzalem ook over de leerlingen van Jezus.
Het is 10 dagen na Hemelvaartsdag, 50 dagen na het Paasfeest.
Een weetje: Pinksteren is naar die 50 dagen genoemd.
Het Griekse woord voor Pinksteren is ‘pentèkostè’, en dat betekent ‘de 50e’.
In het Engels heet Pinksteren nog letterlijk zo, ‘pentecost’,
en ook ons woord ‘Pinksteren’ komt ervan.
Terug naar Jeruzalem: in die tijd was Pinksteren al een feest, een oogstfeest.
Daarom zijn er veel mensen op straat.
Joden uit allerlei landen zijn in Jeruzalem
en bedanken God voor de nieuwe oogst.

dia 6 – vreemde dingen in Jeruzalem
Maar dit keer gaat het anders dan normaal.
In een van de huizen in Jeruzalem zijn ongeveer 120 leerlingen van Jezus bij elkaar.
Met hen gebeuren onverklaarbare dingen.
Eerst is er iets dat als een harde wind klinkt,
daarna iets wat eruit ziet als vuur,
en dan beginnen die leerlingen in allemaal vreemde talen te praten.
Wat gebeurt hier toch?!

Al snel wordt het door mensen buiten opgemerkt,
en in korte tijd staat half Jeruzalem voor de deur.
De leerlingen van Jezus zien dit als een geweldige kans:
zij begrijpen nu eindelijk wie Jezus is,
en ze kunnen niet meer over hem ophouden.
En heel wonderlijk: iedereen hoort hen in zijn eigen taal.

dia 7 – dronken of nuchter?
Vind je het gek dat sommigen denken dat ze dronken zijn?!
Jezus is er toch niet meer, waarom beginnen ze er dan weer over?
Moeten ze zichzelf nu echt zo voor schut zetten door over Jezus te gaan praten
terwijl overduidelijk is dat ze zichzelf niet in de hand hebben?
Mooi dat ze enthousiast zijn voor Jezus,
maar doe toch alsjeblieft gewoon!

Hoe vind jij het als mensen helemaal voor Jezus gaan?
Als iemand droomt over hoe we het goede nieuws van Jezus
gaan delen in Franeker?
Als we als kerk daar alles voor zouden doen,
ook al zouden we vreemd aangekeken worden?
Ik ben bang dat we dan allemaal bedenkingen hebben.
Want je moet natuurlijk wel nuchter blijven…
Ik snap wel waarom de mensen dachten dat de leerlingen dronken waren.

2. Vervuld van Gods Geest
dia 8 – vervuld van Gods Geest
Toch zijn ze dat niet: ze zijn volledig nuchter.
Dat ze zo enthousiast zijn over Jezus
en er niet meer over kunnen ophouden,
dat heeft een andere reden: ze zijn vervuld van Gods Geest.

dia 9 – Joël helpt het te begrijpen
Petrus merkt dat de mensen verlegen zijn met de situatie.
Daarom houdt Petrus een toespraak.
Hij gebaart dat de mensen stil moeten zijn,
zodat hij kan uitleggen wat er aan de hand is.
Als iedereen tot rust gekomen is, begint hij:
‘ik weet wat jullie denken, dat wij ze niet meer op een rijtje hebben
en gewoon te diep in het glas hebben gekeken.
Neem maar van mij aan dat dat niet zo is.
Hier gebeurt iets heel anders,
iets wat al is aangekondigd door de profeet Joël.’

Voor ons is dat misschien een beetje vreemd,
waarom begint Petrus opeens over Joël?
Hoe kan dat nou een verklaring geven?
Maar bedenk dan wel dat alle aanwezigen
gelovige Joden of gelovige buitenstaanders waren.
Zij kenden de profeet Joël en wisten dat die profetie nog in vervulling moest gaan.
Dat Petrus over Joël begint,
is voor hen een echte verklaring van wat er gebeurt.
Ze krijgen iets aangereikt wat ze al weten,
wat hen helpt om het te begrijpen.

dia 10 – een nieuwe tijd is begonnen
Maar wat zegt Joël dan?
Joël zegt dat aan het einde van de tijd Gods Geest over de mensen wordt uitgegoten.
‘En kijk’, zegt Petrus, ‘dáár zijn jullie vandaag getuige van.
Vandaag is die profetie van Joël in vervulling gedaan.
Vandaag is een nieuw tijdperk begonnen, het einde van de tijd.
Vandaag is Gods Geest uitgegoten.
Daarom kunnen wij niet ophouden over Jezus!’

dia 11 – de Geest doet profeteren en dromen
Want dat is profeteren.
Bij een profeet denk je misschien aan iemand die de toekomst kent,
en inderdaad, Joël was zo’n profeet die iets over de toekomst heeft gezegd.
Of je denkt bij profetie aan het hebben van een persoonlijke boodschap voor iemand,
dat je een heel sterk gevoel hebt dat je namens God iets moet zeggen,
misschien zelfs tegen iemand die je helemaal niet kent.
Ik geloof echt dat God mensen zo kan gebruiken,
maar dat is niet wat er met Pinksteren gebeurt.
Profeteren is veel simpeler: het is getuigen van Jezus,
het is spreken over de grote dingen die God doet.
En dat is precies wat Petrus doet: de hele toespraak gaat over Jezus.

De profetie van Joël gaat ook over dromen en visioenen.
Ook weer zoiets waar je allerlei kanten mee op kunt.
Het kan gebeuren dat God in een droom tot je spreekt.
Verderop in Handelingen gebeurt dat ook een paar keer,
dat God aanwijzingen geeft over hoe het evangelie verspreid moet worden.
Maar het belangrijkste van dromen en visioenen:
de Geest zorgt ervoor dat je God leert kennen,
en dan niet wat feitelijke informatie over God, wetenswaardigheidjes,
maar dat je hem als een persoon leert kennen
dat God je bezighoudt, dat je wilt gaan voor Jezus.
Dat is geen dronkenschap, maar het werk van de Geest.

3. De Geest: (n)iets voor mij?
dia 12 – de Geest: (n)iets voor mij?
Dat was toen in Jeruzalem.
De Geest kwam over Petrus en de andere leerlingen,
daarom zijn ze zo enthousiast over Jezus.
Toch blijft het vreemd, hoe zij helemaal voor Jezus gaan.
Ik denk dan: ‘ja, maar zo enthousiast ben ik helemaal niet.’
Is de Geest over mij dan wat minder uitgestort?
Die Geest, is dat ook voor jou en voor mij?

dia 13 – de Geest is er ook voor ons
Laat ik eerst maar het antwoord van Petrus geven:
ja, de Geest is er ook voor jou en mij.
Dat de Geest over de leerlingen van Jezus is gekomen,
dat is nog maar het begin.
Die profetie van Joël gaat net zo goed over ons.
Het gaat over alle mensen aan het einde der tijden,
de periode tussen Pinksteren en Jezus’ terugkomst naar de wereld.
Het is geen toekomstmuziek van wat nog eens gaat gebeuren,
de Geest is al uitgegoten.
En het is voor alle mensen,
het maakt niet uit of je jong of oud bent,
man of vrouw, arm of rijk, blank of gekleurd,
God maakt geen onderscheid tussen mensen.
Door de Geest kan iedereen God leren kennen,
kan iedereen gaan voor Jezus
en dromen hebben over hoe we Gods liefde kunnen uitdelen.
Gods Geest is er ook voor ons vandaag!

dia 14 – slaat de Geest ons over?
Maar waarom lijkt het vandaag zo anders?
Ik heb nog nooit een talenwonder meegemaakt.
Ik heb God nog nooit in een droom gezien.
Ik vind het vaak maar lastig om over Jezus te praten,
helemaal als het buiten de veilige kerkmuren is.
Het is ook niet zo dat Jezus mij de hele dag bezig houdt.
En ik kan het natuurlijk verkeerd hebben,
maar ik vermoed dat ik niet de enige ben…
Heeft de Geest ons dan overgeslagen?

Als je echt van God houdt, hoef je je daar geen zorgen om te maken.
Wat in Handelingen 2 gebeurt, is natuurlijk wel uniek.
Het is nog maar 50 dagen na de opstanding van Jezus.
Die leerlingen van Jezus zitten er middenin.
Jezus’ dood, Jezus’ opstanding, verschillende verschijningen, de Hemelvaart,
het ligt allemaal nog vers in het geheugen.
En nu, met Pinksteren, komt het echt binnen,
leren ze Jezus op een heel nieuwe manier kennen.
Natuurlijk zijn ze daar diep van onder de indruk!
Dit is nieuw, ook voor de mensen op straat,
en natuurlijk delen de leerlingen wat ze nu over Jezus weten.

dia 15 – de Geest geeft liefde die vertrouwd is
Maar je kunt niet altijd zo enthousiast zijn.
Het blijft niet nieuw.
Ik vergelijk het maar met verliefdheid:
dat is een supersterk gevoel voor de ander.
Maar op een gegeven moment wordt verliefdheid liefde.
Liefde is niet minder sterk, maar wel anders:
je wordt vertrouwder met elkaar.
Dat is met God ook zo: je wordt steeds vertrouwder met hem.
Dat is anders dan die eerste Pinksterdag.
Maar ook die ‘gewonere’ liefde voor God komt van de Geest.

En uit die liefde groeien dromen.
Nee, misschien niet dat het je’s nachts bezighoudt,
maar er kunnen dan nog steeds dagdromen zijn.
Je kunt dromen over je toekomst,
maar door de Geest kun je ook dromen over Gods toekomst
en over zijn plan met Franeker.
Je kunt dromen over jezelf,
maar door de Geest kun je ook dromen over het uitdelen van Gods liefde.
Door de Geest kun je naar Franeker kijken als deel van Gods wereld.
De Geest is er ook voor ons!

4. Ga voor Jezus met de Geest
dia 16 – ga voor Jezus met de Geest
De Geest laat je voor Jezus gaan,
zodat je leven in het teken van Jezus komt te staan.
Dat deed hij op het eerste Pinksterfeest in Jeruzalem,
en dat doet hij net zo goed bij ons.
Hij wordt ook uitgegoten over nuchtere Friezen, of Drenten zoals ik.
Dus ga voor Jezus met de Geest.

dia 17 – schuifpui
Ik zat deze week weer eens in het HEMA-restaurant,
en het was lekker weer.
Sommige mensen zaten daarom buiten op het terras.
Steeds als de schuifpui open ging
voelde ik een windvlaag op mijn rug.
Dat vind ik wel een mooi beeld voor de Geest:
zet de deur van je leven voor hem open,
zodat hij in je leven kan gaan waaien.

dia 18 – de Geest komt niet automatisch
Want je krijgt de Geest niet automatisch.
Na de toespraak van Petrus komen 3000 mensen tot geloof.
Zij laten zich dopen en krijgen de Geest.
Maar niet iedereen denkt er zo over:
sommigen horen Petrus aan en ergeren zich er alleen maar aan.
Hoe zit dat bij jou?
Ga je voor het veilige, het vertrouwde,
en ben je bang voor rare fratsen van de Geest?
Of wil je deel uitmaken van wat met Pinksteren begon,
voor Jezus gaan in dit einde van de tijd,
mag de Geest de controle nemen in je leven?

dia 19 – neem tijd dat de Geest je kan vullen
Als je met de Geest voor Jezus wilt gaan, investeer er dan ook in.
Neem tijd dat de Geest je kan vullen.
Het klinkt misschien ouderwets,
maar door gewoon elke dag bijbel te lezen en te bidden,
kan de Geest je liefde voor Jezus laten groeien.
Natuurlijk, de Geest kan dat ook op andere manieren,
hij kan je ook opeens een visioen geven,
hij kan door dichte deuren heen breken,
maar beter kun je gewoon de deur open zetten.
Voordat de Geest kwam,
hebben Jezus’ leerlingen daar ook alle tijd voor genomen.

dia 20 – laat de Geest je dromen vullen
Laat de Geest je dromen vullen.
Laten we dromen over dat Gods liefde de wereld over gaat, ook in Franeker.
En blijf dan niet hangen in allerlei bedenken,
zoals ‘dat we hebben al eens geprobeerd’,
of ‘niemand zit erop te wachten.’
Die bedenkingen komen niet van de Heilige Geest.
Het is niet van de Geest als je geloof strikt privé is.
De Geest laat je profeteren, met woorden en daden.
De Geest doet grote dingen!
Nee, die 3000 komen misschien niet tot geloof,
maar als is het er maar één!

Gaan voor Jezus met de Geest, dat is geen kwestie van dronkenschap.
Paulus schrijft in Efeziërs 5:
‘Bedrink u niet, want dat leidt tot uitspatting,
maar laat de Geest u vervullen.’
Amen.




Johannes 14:15-17 – Pinksteren: mentoraat van boven

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie

  • Zingen: Opwekking 733 (Frysk)
  • Stil gebed
  • Votum en groet
  • Zingen: Psalm 87 : 1, 2, 3 en 4 (versie ‘Levensliederen’)
  • Gebed
  • Kinderen naar club
  • Luisterlied “Holy Spirit”
  • Lezen: Handelingen 2 : 1 – 4 en Johannes 14 : 15 – 26
  • Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
  • Preek over Johannes 14 : 15 – 17
  • Zingen: Opwekking 687 : 1, 3 en 4
  • Kinderen terug
  • Lezen wet
  • Zingen: Psalm 119 : 64, 65 en 66
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen: LvK Lied 477 : 1 en 2
  • Zegen

Preek: Mentoraat van boven

Inleiding
dia 1 – reageerbuisjes
Sommigen kunnen het zich waarschijnlijk niet voorstellen,
maar mijn favoriete vak op school was scheikunde.
Voor de een is het een nachtmerrie,
voor een ander is het groot feest, zoals bij mij.
Scheikunde is zo fascinerend:
je gooit twee doorzichtig stofjes door elkaar,
en opeens is het een knalgeel goedje geworden!
En heb je wel eens goed op een pak vla gekeken?
Laatst hadden wij perensmaak vla.
Je denkt dat het perenvla is, maar dat is het dus niet!
Iemand is met scheikunde bezig geweest
en heeft ontdekt hoe je de smaak van peer kunt nabootsen.
Het is een wonderlijk vak!

dia 2 – schoolbord
Maar het is ook een moeilijk vak,
zeker als je er niets vanaf weet.
In de derde klas kreeg ik mijn eerste lessen scheikunde,
en een van de eerste keren dat ik het lokaal binnenkwam,
stonden op het bord nog allemaal aantekeningen van de zesde klas.
Wonderlijke getallen en symbolen, nog wat Griekse letters er tussen,
en niet te vergeten: een mysterieuze mol…
Nee, niet van dat tv-programma, maar wat is het dan wel?!
Paniek, dit kan ik nooit, ik kan maar beter met scheikunde stoppen!
Dan moet je als derdeklasser toch wel even rustig ademhalen…
Wat kan een bord vol aantekeningen ontmoedigend werken!

dia 3 – zwart
Ik heb het vak gehouden.
Het bleek allemaal niet zo moeilijk als het leek.
Toen ik in de zesde klas was aanbeland
kon ik precies ontcijferen wat er op het bord stond.
Maar ik heb wel vier jaar nodig gehad om dat te leren.
Vier jaar hulp gehad van mijn leraren om dat volle bord te gaan begrijpen,
zelfs om zelf ook zo’n bord vol te kunnen schrijven.
Ik heb les gekregen, boeken gelezen en proefjes gedaan,
en met die hulp heb ik examen scheikunde gedaan.
Ik stond er dus niet alleen voor.

dia 4 – mentoraat van boven
Dat is Pinksteren ook:
je staat er niet alleen voor.
Er is hulp: de Heilige Geest.
Ik gebruik daar het woord ‘mentor’ voor,
dat zal ik zo nog wel toelichten.
Pinksteren is mentoraat van boven.

1.Ik kan het niet alleen
dia 5 – ik kan het niet alleen
We gaan naar Johannes 14.
Het is dik 50 dagen voor het eerste Pinksterfeest,
het is de avond voor Jezus’ kruisiging.
Die avond vertelt Jezus de leerlingen hoe het daarna zal gaan.
Jezus heeft al gezegd dat hij teruggaat naar zijn Vader.
De leerlingen voelen zich erg ongemakkelijk.
Zoals ik me in de derde klas voelde bij dat bord vol aantekeningen,
maar dan nog veel sterker.
Ze worden er misselijk van als ze het laten doordringen,
ze raken in paniek: ‘Jezus, laat ons toch niet alleen!
We kunnen het niet alleen, het lukt nooit!’

dia 6 – veel te grote opdracht
Dit hebben ze niet zien aankomen,
en ze hebben helemaal niet het gevoel dat ze er klaar voor zijn.
Jezus heeft toegeleefd naar zijn dood aan het kruis,
en met die boodschap moeten de leerlingen nu de wereld in.
Maar ze snappen er zelf nog niets van!
Jezus heeft laten zien wat liefde is,
en nu moeten de leerlingen herkenbaar zijn aan hun liefde.
Maar daar komt nog weinig van terecht.
Jezus heeft zieken genezen, als teken van het nieuwe leven,
en de leerlingen krijgen die opdracht ook.
Maar hoe zouden ze dat kunnen?
Ze voelen zich in de steek gelaten
met opdrachten die veel te groot zijn.

dia 7 – alleen geloven lukt niet
‘Ik kan het niet alleen.’
Volgens mij geldt dat voor iedereen.
Als je geen christen bent,
maar wel nieuwsgierig naar het christelijk geloof
en er best meer over zou willen weten,
maar niet voor je ziet hoe je christen zou kunnen zijn.
Hoe kun je geloven in iemand die zich al 2000 jaar niet heeft laten zien?

Maar ook als je in Jezus gelooft, geldt het:
‘ik kan het niet alleen.’
Het is makkelijk om te zeggen dat je in Jezus gelooft,
maar wat trekt de wereld!
wat is het fijn om geld te hebben, mooie kleren en een hippe telefoon,
en je hebt aan je eigen leven eigenlijk wel genoeg.
Wat zou het makkelijk zijn als Jezus gewoon met je meeliep,
zodat je weet dat hij echt is.
Dat zou trouwens ook direct een paar lastige kwesties schelen.
We zouden hem gewoon kunnen vragen
of vrouwen eigenlijk ook ouderling mogen worden,
in plaats van er heftige discussies over te voeren.

dia 8 – alleen Jezus volgen lukt niet
Hoe kun je als christen in de wereld staan?
Je omarmt Jezus, maar hebt geen idee hoe je hem kunt volgen.
Je wilt zo graag over Jezus vertellen, maar het valt zo tegen.
Je wilt je kinderen liefde voor Jezus bijbrengen, maar hoe?
Je wilt op je werk verschil maken, maar niemand merkt het.
Was Jezus maar hier.
Ik kan het niet alleen!

2.Mentor van boven
dia 9 – het hoeft niet alleen
En het mooie nieuws van vandaag:
je hoeft het ook niet alleen!
Jezus belooft een mentor van boven.
In Jezus geloven, hem volgen,
hem voorop zetten in je leven,
dat hoef je niet alleen te doen!
Zoals ik ook niet dat bord vol onbegrijpelijke aantekeningen
opeens alleen moest kunnen begrijpen,
daar hebben leraren mij bij geholpen.
Jezus belooft hulp, de Geest van de Waarheid.

Die Geest herinnert je steeds aan Jezus.
En voor Jezus’ leerlingen is die Geest geen onbekende.
Jezus zegt dat de Geest bij hen is en blijft.
Het is de Geest die ze door Jezus al kennen,
maar die met Pinksteren ook in henzelf komt.
De Geest is God die je niet alleen laat,
de Geest is letterlijk Immanuël: God met ons.

dia 10 – trooster of pleitbezorger?
In de Nieuwe Bijbelvertaling wordt hij een ‘pleitbezorger’ genoemd.
In andere vertalingen wordt hij soms ‘trooster’ genoemd.
Het is vertaald uit het Grieks,
en daar wordt een woord gebruikt dat heel moeilijk met een woord te vertalen is.
Soms wordt het daarom ook maar gewoon helemaal niet meer vertaald,
en dan kun je het woordje ‘parakleet’ tegenkomen.
Maar dan weet je al helemaal niet meer wie die Geest is.

dia 11 – pleister
Is de Geest een trooster?
Als ik aan troosten denk,
dan denk ik aan een kind dat op z’n knie gevallen is,
waar een beetje bloed uit komt,
en dat hij dan een mooie Donald-Duck-pleister krijgt en een kusje erop.
De Geest is geen Donald-Duck-pleister-plakker,
niet iemand die je even een aai over de bol geeft.
Het woord ‘trooster’ heeft wel een diepere betekenis gehad,
maar als je vandaag wilt uitleggen wie de Geest is,
kun je beter een ander woord gebruiken.

Pleitbezorger dan?
Zeg maar een soort advocaat,
iemand die voor ons opkomt.
Dat kan het woord inderdaad betekenen,
zo wordt het in de bijbel voor Jezus ook wel gebruikt,
hij ‘pleit voor ons’ bij de Vader,
maar dat is niet wat de Geest doet.

dia 12 – de Geest is een mentor
Maar wat dan wel?
Hoe kun je in gewoon Nederlands zeggen wie de Geest is?
Volgens mij zo: de Geest is een mentor.
Ik ben zelf nog niet zo heel lang predikant,
en als beginnende predikant heb ik een predikant-mentor.
Misschien heb je wel eens stage gelopen.
Dan heb je ook een stagebegeleider of mentor.
Je mag dan zelf het werk doen, maar je wordt erbij geholpen.
Jij bent verantwoordelijk voor wat je doet,
maar je mentor kan je aanwijzingen geven,
hij zal soms zeggen dat je het helemaal verkeerd aanpakt,
soms geeft hij ook gewoon een compliment
of doet het even voor,
en misschien nog wel het belangrijkste:
hij probeert je enthousiast te maken voor het werk.

dia 13 – (zonder afbeelding)
Nou, dat is de Geest!
De mentor van boven.
Een mentor die je helpt te geloven en leerling van Jezus te zijn.
Hij praat je moed in, hij houdt je scherp, hij gaat tegen je in,
en het belangrijkste: hij maakt je enthousiast voor Jezus,
zet je hart in vuur en vlam voor hem!
Deze mentor woont in je hart, gaat altijd mee,
en verandert je zo van binnenuit.
Hij laat je dingen doen waarvan je dacht dat je het niet kon.
Deze mentor helpt je om te geloven,
om van Jezus en elkaar te houden, te vergeven,
om Jezus bekend te maken,
om jezelf niet voorop te zetten maar te verloochenen.
Hij is de mentor van boven in je hart.

3.Wat merk ik van de Geest?
dia 14 – wat merk ik van de Geest?
Als Jezus deze mentor belooft,
is het nog een belofte voor de toekomst.
Met Pinksteren is die belofte ingelost:
het is een belofte voor vandaag.
Maar wat merk ik van de Geest?

dia 15 – Geest liet de kerk explosief groeien
Jezus’ leerlingen hebben er in ieder geval heel veel van gemerkt.
Door de Geest gingen ze Jezus begrijpen
zoals ze Jezus nog nooit begrepen hadden.
Ze zetten zich met hart en ziel in, met alles wat ze hadden,
om het goede nieuws van Jezus overal te vertellen.
Ze waren bereid offers te brengen,
ze zijn bespot en vervolgd, maar gaven niet op.
En de kerk is explosief gegroeid:
de eerste pinksterdag kwamen er direct 3000 bij.
Dat is het werk van de Geest.

dia 16 – niet piekeren of je de Geest hebt
Maar wat merk je vandaag nog van de Geest?
Kun je van jezelf zeggen dat de Geest ook in jou woont?
Ik vind dat altijd heel vervelende vragen.
Ik houd van Jezus, maar heb nog nooit iemand genezen,
ik heb geen geesten uitgedreven en ik spreek ook niet in tongen,
en ben zeker niet altijd ‘in de Heer’.
Ik heb er ook wel over gepiekerd: heb ik de Geest wel?
Waar ik dan steeds uitkom, is: ben ik wel goed genoeg?

Dat is een hele ongeestelijke vraag.
Want als er iets belangrijk is in het christelijk geloof,
is het wel dat ik Gods liefde niet kan verdienen,
dat er bij God geen sprake is van wel of niet goed genoeg,
maar dat hij uit genade van mensen houdt.

dia 17 – de Geest herkennen
Daarmee wil ik niet zeggen dat het altijd wel goed zit.
Het kan inderdaad zo zijn dat de Geest niet jouw mentor is.
Hoe je de Geest kunt ontvangen, daar kom ik zo nog op terug.
Maar het kan ook zijn dat je de Geest niet herkent
omdat je de verkeerde dingen van hem verwacht.
Het is niet zo dat de Geest er wel voor zorgt
dat je altijd met een supergevoel christen bent.
Je herkent de Geest aan dat je meer op Jezus wilt lijken.

En de Geest helpt je niet alleen via sensationele ervaringen.
Ja, dat kan hij best doen, en dat is prachtig.
Maar hij kan je ook helpen door mensen heen.
Als iemand jou inspireert om van Jezus te houden,
of als iemand je confronteert met iets in je leven wat niet bij Jezus past,
en het komt bij je binnen en raakt je,
dan is dat ook de Geest die jou helpt.

4.De Geest ontvangen
dia 18 – de Geest ontvangen
Als christen sta je er niet alleen voor,
er is hulp, een mentor van boven.
Maar… niet voor iedereen!
Jezus heeft het over de wereld
die de Geest niet kan ontvangen.
Niet iedereen heeft de Geest.
Hoe kun je de Geest ontvangen?

dia 19 – de leerlingen en de wereld
Jezus maakt een scherpe tegenstelling tussen twee groepen:
de leerlingen en de wereld.
De Geest woont in de leerlingen,
maar de wereld kan de Geest niet ontvangen.
De grote vraag is dus: bij welke groep wil jij horen?
Bij Jezus’ leerlingen of bij de wereld?

dia 20 – wereld: recht van de sterkste
‘De wereld’, dat is een term die door Johannes vaak gebruikt wordt.
Wat hij bedoelt is hoe het er in de wereld aan toe gaat.
De wereld, dat is dat je met geld een fijn leven kunt opbouwen.
Het is dat je mensen beoordeelt op hun prestaties,
en het zelf ook heel belangrijk vindt wat je doet.
De wereld is dat je je klasgenoten beoordeelt op hun kleding of telefoon.
De wereld is het recht van de sterkste.
De wereld is: het is mijn leven, en ik bepaal wel wat ik ermee doe.
Als je voor die wereld leeft,
is het geen wonder dat je niets van de Geest merkt.

dia 21 – je krijgt de Geest door van Jezus te houden
De sleutel om de Geest te ontvangen,
is dat je hoort bij die andere groep: Jezus’ leerlingen.
Jezus zegt: ‘als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden,
dán zal ik je die mentor van boven geven.’
Je krijgt de Geest dus door van Jezus te houden.

En dan denk ik direct:
‘ja, maar hoe kan ik dan van Jezus houden,
dat kan ik toch niet alleen?!’
En dat is ook zo.
Ik geloof dat God daar zelf achter zit,
dat God er ook achter zit als je nieuwsgierig bent naar Jezus,
maar dat het tegelijk ook een opdracht is.

Jezus nodigt je uit om van hem te houden.
En dan ga je ook steeds meer op hem lijken,
want liefde is niet alleen een gevoel, liefde verandert je leven.
Daarom zegt Jezus er ook bij dat je dan doet wat hij zegt.
Liefde voor Jezus begint, heel simpel, met nieuwsgierig zijn naar Jezus,
met onder de indruk komen van Jezus.
Jezus liefhebben met heel je hart, dat is heel hoog gegrepen,
daar heeft de Geest nog wel even werk aan,
maar onder de indruk zijn van Jezus, dat is de basis.
Dat je meer wilt weten over wie Jezus is,
je steeds vertrouwder wordt met hem,
en daarom kiest: ik wil die wereld niet, ik hoor liever bij Jezus,
die juist altijd voor de zwakken opkwam.

Dus kom onder de indruk van Jezus,
die zo veel meer te bieden heeft dan de wereld,
verwonder je over hem,
en je krijgt hemelse hulp, een mentor van boven.
Amen




Johannes 20,19-23 – Vrede door Christus, vrede via ons, vrede door de Heilige Geestr

Pinksteren – Openbare geloofsbelijdenis

Liturgie

Voorzang:
- Gez 38,1 en 4
- Gez 163,1.2
Belijdeniscatechisanten leggen witte roos bij het doopvont
Stil gebed:
Votum
Zegengroet
Zingen: Gez 105,1.2.3
Wet met Rom 8,12-17
Zingen: Opw 136 – Abba Vader
Gebed
Lezen:
- Hand 2,1-13
- Johannes 20,19-23
Preek over Johannes 20,19-23
Zingen: Gez 64
Kinderen
Openbare geloofsbelijdenis:
- Zingen Gez 168
- vragen
- ja-woorden en zegen
- zingen: Gez 10
- gelukwens namens de gemeente
- Gezamenlijke geloofsbelijdenis: Gez 179a in beurtzang zoals aangegeven
Gebed:
Collecte
Zingen: Gez 161,1.3.4

Zegen

Opmerkingen:

- ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

- bij deze preek is een pp-presentatie beschikbaar

Preek over Johannes 20,19-23 – Vrede door Jezus Christus, vrede via ons, vrede door de Heilige Geest

1. ‘Rust heb je niet hè’? Die woorden waren het begin van een omwenteling bij Joop Gottmers. [Dia 1]Vorige week stond in het Friesch Dagblad een stuk over hem. Een gepest jongetje wat uitgegroeid tot een vechtmachine. Europees kampioen Thaiboksen en nog een aantal andere titels. Handelaar in cocaïne. Crimineel.

Het ging niet goed met hem. Toen hij het helemaal niet meer zag zitten, vastgelopen was, kwam hij bij een antiekhandelaar. En die zei tegen hem: ‘Rust heb je niet hè?’

En dat was de spijker op de kop. Hij had geld, veel geld. Titels. Een reputatie als crimineel. Drugs. Maar geen rust. En toen kwam die antiekhandelaar die tegen hem zie: ‘Rust heb je niet hè?’ Dat was wat hij zocht. Hij zag het leven niet meer zitten. Opgejaagd door de politie. Verslaafd aan pillen, cocaïne, amfetamine. Rusteloos.

En toen zei die antiekhandelaar: Weet je hoe dat komt? Rust heb je niet, want je kent God niet. Als je rust wilt, moet je God gaan zoeken. En dat is Joop Gottmers gaan doen. Hij kan er indrukwekkend over vertellen: God heeft hem gevonden. Joop heeft rust gevonden. Bij Jezus Christus. Bij God.

Heb jij rust? [Dia 2]

Vrede – van binnen?

Wat zijn er veel verhalen over mensen die vol zijn van onrust. Bankdirecteuren uit de VS wiens leven instortte bij het begin van de financiële crisis in 2008. Depressieve mensen. Mensen die van binnen leeg zijn.

Wat wil Jezus ons geven? Hij wil die leegte vullen. Hij geeft rust. Vrede. Kijk maar in Johannes 20. Jezus komt bij zijn leerlingen, op de avond van Pasen. Wat wenst hij ze? ‘Ik wens jullie vrede!’[klik]

Bij Jezus is vrede en rust en blijdschap.

Joop Gottmers zegt erover: Die vrede is veel meer waard dan al het geld wat ik vroeger had. Vroeger was ik nooit gelukkig, nu wel. Nu straalt hij rust en vrede uit. Dankzij Jezus Christus.

Jullie, Joukje, Bram, Gerlean en Marry, gaan hier straks je geloof belijden. Dan gaat het over zonde en schuld. Dan gaat het over Jezus die je verlosser is. Over vergeving door Jezus’ bloed. Van die grote woorden uit de Bijbel en uit de kerk.

Maar uiteindelijk komt het hier op neer: Zonder Jezus is er geen rust, geen vrede. Echte rust en echte vrede vind je alleen bij Jezus. Daar ja tegen zeggen, dat is geweldig!

2. Jezus zegt: ‘Ik wens jullie vrede.’ Zo zegt Jezus het nu ook – tegen jou en mij.

Toen zei hij het tegen zijn leerlingen. Als je kijkt wat er hiervoor gebeurd is, dan is dat eigenlijk heel bijzonder. [Dia 3]Een van zijn leerlingen, Judas, heeft hem verraden. Jezus wordt gearresteerd. Al zijn leerlingen hebben Hem in de steek gelaten. Petrus heeft hem verloochend. Hij is in een oneerlijk proces ter dood veroordeeld. Hij is met spijkers aan een kruis geslagen. Een verschrikkelijke dood gestorven. Dood in een graf.

Stel dat jou zoiets zou overkomen. Stel dat je ook nog weer levend wordt. Hoe zou jij dan bij je oude vrienden binnenkomen?

Boos?

Teleurgesteld?

Gefrustreerd?

Waarom hebben jullie niet voor mij gevochten? Waarom hebben jullie het niet voor me opgenomen?

Of zou je ze terug willen pakken, je moordenaars? Kom op, hoeveel zwaarden hebben jullie hier? Nu zullen we ze!

Van de week hadden we het over de dienst en over deze tekst. Toen viel het jullie op. Zo snel na alles wat er gebeurd is kan Jezus dit zeggen. Hoe komt Hij aan de kracht om ze nu vrede te wensen?

Heb jij wel eens een conflict gehad? Hoe snel zou jij het dan over je lippen krijgen: ‘Vrede wens ik jullie?’

Jezus kan dat. Hij krijgt het over zijn lippen, zonder dat de leerlingen gezegd hebben: Sorry, dat we u in de steek gelaten hebben. Het spijt me, dat ik u verloochend heb. Kennelijk heeft Jezus in zichzelf een enorme vrede en rust. Dan is het niet gek dat je bij Jezus vrede en rust kunt vinden.

Jezus had het ook van te voren al gezegd, toen hij afscheid nam. Dus nog voor zijn sterven. [Dia 4]

Johannes 14, 27:

Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan.

En Johannes 16,33:

Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden in mij.

Pinksteren dat is: Jezus geeft overal op aarde vrede die nergens anders te vinden is. Niet in een kick – van het winnen van een kampioenschap. Van cocaïne. Van macht of geld. Van succes, een glanzende carrière of romantische liefde. Dat je aanzien hebt als bankdirecteur of als wetenschapper. Jezus geeft vrede zoals de wereld die niet kan geven. Zijn vrede. Vrede die alleen in Hem te vinden is.

3. Wie is die Jezus? [dia 5]

Nou, kijk maar wat er gebeurt. De leerlingen zijn bij elkaar, zonder Jezus. Ze zijn bang dat de Joden hen ook te pakken zullen nemen. Daarom zit alles potdicht. Je kunt niet binnenkomen.

En dan is Jezus er zomaar. Opeens staat Jezus in hun midden. Wat een blijdschap. Jezus is er! Hij is gestorven. Èn Hij is opgestaan als een nieuwe schepping. Een geestelijk lichaam. En Hij is vlakbij ons, ook al zien we hem niet. Hij zou vanuit de hemel ook hier zo binnen kunnen stappen.

Daarom kun je soms ook het gevoel hebben dat Hij bij je is. Dat Hij achter je staat, Gerlean. Een warm gevoel, Marry, dat je van jongsaf hebt als je soms in de kerk komt. Als er gebeden wordt. Ook jij, Joukje, hebt gemerkt dat God er is. Al die jaren dat het niet goed met je ging, heeft hij je gedragen. Een houvast dat blijft ook als het thuis tegenzit, Bram. Hij is zo dichtbij dat Hij zomaar binnen zou kunnen stappen. Wees blij met Hem!

We kunnen hem ontmoeten als wij als zijn leerlingen bij elkaar zijn. Die eerste avond na de Opstanding waren de leerlingen bij elkaar. Eigenlijk was dat de eerste kerkdienst ooit. Op zondagavond waren de leerlingen bij elkaar, en sindsdien doen we dat altijd: op zondag vieren dat Jezus is opgestaan. Bij elkaar zijn in zijn naam. Hij is er bij, hier. Zoals Hij toen opeens binnenkwam, zo is Hij nu ook dichtbij. Bij ons. Kom daarom naar de kerkdiensten. Hier ontmoet je hem.

Hier, waar zijn woord gelezen wordt, hier klinkt zijn stem. ‘Ik wens jullie vrede.’

Die vrede heeft alles te maken met wat Jezus doet als hij daar staat. [dia 6]Hij laat zijn handen en zijn zij zien. Waarom is dat?

Omdat in zijn handen de littekens staan van de spijkers. Omdat er een speer in zijn zij gestoken is. Het zijn de littekens van zijn kruisdood. Hij die is opgestaan is ook gekruisigd.

Weet je wat zo bijzonder is?

Zijn dood aan het kruis, dat is ook de bron van vrede. Jezus kan ons vrede geven, omdat Hij aan het kruis gestorven is.

Mensen hebben van zichzelf geen vrede en rust in hun hart. Denk aan Joop Gottmers.

Wat valt het mij vaak op – dat er mensen zijn zonder vrede.

Een vloekende man, grof in de mond, zonder vrede door zijn ziekte.

Een meisje dat vecht om te overleven, zonder rust door wat ze heeft meegemaakt.

Dat is onze zonde – dat we los van God zijn.

De Bijbel zegt: Jezus is het lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt. Zijn dood aan het kruis neemt onze zonde weg. Er is vergeving van zonden. Hij neemt onze onrust, ons kwaad weg.

Daarom zegt Jezus het juist na zijn kruisiging: Ik wens jullie vrede. Door die verschrikkelijke dood heeft hij vrede gesticht.

Jou en mij – God biedt ons vrede aan. Misschien snap je het niet allemaal wat ik zeg – maar die vrede kun  je ervaren! Vrede met onszelf. Vrede met ons verleden. Vrede met elkaar. Wat geeft dat een innerlijke rust!

Jezus zei het eerder al – Matteüs 11,28:

Kom naar mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven.

Hier zegt Jezus het twee keer:

‘Ik wens jullie vrede!’

‘Ik wens jullie vrede!’

Wil jij dat ook?

Jullie staan hier zometeen om te zeggen dat je dat wilt – de vrede van Jezus Christus.

Maar ik mag jullie allemaal uitnodigen. Iedereen is net zo welkom om Jezus te leren kennen. Om van Hem vrede te krijgen. Diepere vrede dan je het ergens in de wereld kunt vinden.

4. Jezus geeft vrede – ook via mensen, via ons. [dia 7]

Want we vieren vandaag Pinksteren. Jezus stuurt zijn leerlingen de wereld in. Toen, op Pasen, de leerlingen van toen. Sinds Pinksteren ons allemaal.

Ben jij leerling van Jezus geworden? Dan stuurt hij zelf jou er ook op uit. In het spoor van die eerste leerlingen.

Kijk maar wat hij zegt tegen zijn leerlingen. Eerst wenst hij ze vrede. Dan zegt Hij:

Zoals de Vader mij heeft uitgezonden, zo zend ik jullie uit.

En:

Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven; vergeven jullie ze niet, dan zijn ze niet vergeven

Jezus stuurt die leerlingen van toen de wereld in. Hij is gestuurd door de Vader. Jezus, de Zoon, en zijn Vader, ze zijn één. En zoals Jezus gestuurd is door de Vader, zo stuurt hij ook zijn leerlingen de wereld in.

Met Pinksteren vieren we dat. Vanaf nu gaat het goede nieuws van deze vrede de wereld in. Die eerste leerlingen krijgen een heel bijzondere taak. Zij mogen opschrijven wat Jezus heeft gedaan. Zij zijn zo belangrijk voor hoe het verder gaat. Zij hebben het ook ons geleerd: Als je in Jezus Christus gelooft en alles van Hem verwacht, dan krijg je vergeving. Geloof je niet in Jezus, dan is er voor jou geen vergeving en geen vrede.

Van hen kunnen wij het leren. In hun spoor mogen wij het ook doen. Wij mogen het weer aan anderen vertellen.

Zoals die antiekhandelaar die tegen Joop Gottmers zei: Jij hebt geen rust hè? Weet je hoe dat komt? Omdat je God niet kent.’ Jij moet Jezus Christus leren kennen. Dan zul je rust vinden. Zoals Joop Gottmers het sinds zijn bekering zelf doet.

Via mensen blijft Jezus zijn vrede uitdelen aan steeds weer nieuwe mensen.

Dat kunnen je ouders zijn.

Je opa en je oma.

Een kinderclub waar je naar toe gaat.

Vrienden en vriendinnen.

Dat kun je zelf doen waar jij leeft. Laten merken dat er in jouw leven een bron is van rust en vrede.

Je hoeft daarvoor geen studie te doen. Je hoeft geen supergelovige te zijn. Het begint gewoon bij: Laten merken dat je de vrede kent die Jezus geeft. Als je van skeeleren houdt, kun je vertellen hoe heerlijk dat is. Je hebt er ervaring mee. Daar hoef je geen medaillewinnaar voor te zijn. Zo is het hier ook. Als jij gemerkt hebt dat Jezus’ vrede in jouw leven alles anders maakt, een enorme rust geeft, dan kun je daarover vertellen. Ook al snap je niet alles. Ook al heb je het gevoel dat je te weinig weet. Over de rust en vrede die Jezus geeft kun je vertellen, als je die vrede zelf ervaren hebt.

5. Kun je je voorstellen dat jij dat zou doen? Of vliegt het je aan?

Denk dan aan wat Jezus doet: hij blaast over hen. Ik vind dat zo mooi. Hij blaast. Zijn adem, zijn geest komt op hen. Dat is Pinksteren: de Geest van Jezus komt op ons.

Weet je wat die Geest doet in ons?

Hij legt de liefde van God, de vrede van Christus in ons hart. [dia 8]

Misschien ben je soms wel onrustig. Opgejaagd. Het loopt niet lekker. Iemand zit je dwars. Je ziet het niet zitten, met je volle agenda. Je hebt geen zin meer om thuis te zijn. Op je werk zijn ze vervelend – bedenk het zelf maar.

Dan kun je zelf bidden om de Heilige Geest. Of je kunt iemand anders vragen: Wil jij voor mij bidden om de Heilige Geest?

Als de Geest je weer vult, dan komt er rust en vrede in je hart. Hij belooft die dingen in je hart te leggen.

Vandaag belijden jullie je geloof. Misschien is het over een half jaar wel lastig om vol te houden. Misschien heb jij een jaar of 10 geleden je geloof beleden en zit je nu in een geloofscrisis. Bid de Heilige Geest dan je opnieuw de rust en de vrede van Jezus te geven! Om blij te zijn met Hem.

De Geest is niet alleen een Geest van rust.

De Geest wordt juist ook gegeven voor die opdracht. Wij hebben met elkaar een missie. Wij mogen verder gaan met het werk van Jezus: Gods vrede en vergeving uitdelen. En – laten we wel wezen: dat is nogal iets wat Jezus ons daar toevertrouwt. Wat kunnen we makkelijk brokken maken… Wat kunnen we die vrede en vergeving in de weg staan. Als het van ons af zou hangen, dan zou het niet wat worden.

Maar: het is vandaag Pinksteren. Het hangt niet van ons af! Want Jezus gaf zijn leerlingen de Heilige Geest voor hun opdracht. En wij krijgen die Geest ook. De Geest is ook een Geest van kracht, inspiratie, creativiteit, wijsheid, tact, liefde.

Alles wat jij nodig hebt om zelf getuige te zijn van Jezus en de vrede die Hij geeft, dat krijg je van de Heilige Geest.

Je eigen geloof, de rust en de vrede in jouzelf.

Blijdschap omdat je Jezus hebt leren kennen.

Maar ook wat je nodig hebt in het contact met anderen.

Zodat via jou en mij nog weer anderen Jezus mogen ontmoeten. En van hem mogen krijgen vrede en vergeving!




Handelingen 2,38-39 – Wat moeten wij doen?

Liturgie

  • Voorzang Gez 118,1.3
  • Stil gebed
  • Votum / groet
  • Zingen Gez 102a,1.2
  • Schuldbelijdenis en genadeverkondiging: n.a.v. Handelingen 2,38-39
  • Zingen Ps 34,6.7.8
  • Schriftlezing: Hand 2,1-13.36-42
  • Zingen Gez 103,1.5.6.9
  • Preek over Handelingen 2,38-39
  • Zingen: LB 473,1.5.6.10
  • Kinderen
  • (’s Morgens Zingen: Ps 51,5Lezen: Rom 8,1-13 plus Gal 5,22-23Zingen LB 252,1.2)
  •  (’s middags: GeloofsbelijdenisZingen: LB 477)
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen Gez 64,1.3.4
  • Zegen

Opmerking: ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl

Preek over Handelingen 2,38-39 – Wat moeten wij doen?

Broers en zussen, gemeente van Jezus Christus,

1. Wat moet je doen om de Heilige Geest te ontvangen? Of heb ik de Heilige Geest al gekregen? Hoe weet ik dat dan?

Pinksteren is een mooi feest. God komt in ons wonen – wat wil je nog meer.

Tegelijk valt mij op dat er rondom de Heilige Geest veel onzekerheid is. Bijvoorbeeld de vraag waar je nu precies aan moet denken bij ‘de Heilige Geest’. Ik hoor nogal eens: God de Vader en Jezus, daar kan ik me iets bij voorstellen. Maar de Heilige Geest? Ik vind het toch altijd wat vaag. Zou jij het uit kunnen leggen aan je collega, je buurman?

En dat roept natuurlijk allerlei andere vragen op. Wat doet de Heilige Geest? Waaraan kan ik de Heilige Geest herkennen? Plus natuurlijk deze vraag: wat moet ik doen om de Heilige Geest te ontvangen?

Je ziet hier in Handelingen 2 prachtige dingen gebeuren. Op de morgen van het Pinksterfeest begint het te waaien vanuit de hemel. Alle mensen in het huis krijgen een vlam op hun hoofd. Allemaal worden ze vervuld met de Heilige Geest. Ze gaan in andere talen spreken. Spectaculair. Maar als ik dat niet heb meegemaakt, heb ik dan de Geest wel gekregen? Wat moet ik doen om de Geest te krijgen?

Bij die vraag staan we vanmorgen speciaal stil. Wat moet ik doen om de Heilige Geest te krijgen? We doen dat naar aanleiding van het antwoord dat Petrus geeft in Handelingen 2,38-39. Daar noemt hij heel concreet een aantal dingen en in een bepaalde volgorde: eerst je bekeren, dan je laten dopen, Jezus aanroepen en vergeving krijgen. En dan zal de Heilige Geest je gegeven worden.

Ik merk dat ook deze tekst vragen op roept. Doen wij dingen verkeerd, in Nederland, in onze gemeente, in onze kerken? Soms lijkt het of wij zo weinig merken van de Heilige Geest. Moeten wij dingen anders doen? Staan wij de Heilige Geest in de weg?

Over al die vragen gaat het in deze preek. Ik kan ze niet allemaal goed behandelen in één preek. Het uitgangspunt is daarom de vraag in vers 37: Wat moeten we doen?

2. Alleen: wat wordt er eigenlijk gevraagd in vers 37?‘Wat moeten we doen om de Heilige Geest te krijgen’?

Nee, dat vragen ze helemaal niet. Ze reageren op de toespraak van Petrus. Petrus laat zien dat wat gebeurt de vervulling is van een profetie. De profeet Joël had voorspeld dat God zijn Geest aan alle mensen zou geven.

Dat God juist nu zijn Geest uitstort, dat zegt iets over Jezus. Jezus was een paar week geleden door zijn eigen volksgenoten gedood. Maar God had hem weer levend gemaakt. Jezus was immers de verlosser van Israël. God had Jezus bovendien met hemelvaart de hoogst voorstelbare positie gegeven. Jezus zit aan Gods rechterhand. Jezus regeert als koning over hemel en aarde. En dat zijn geen slappe praatjes. Het bewijs? Jezus heeft uit de hemel de Heilige Geest uitgestort – vandaar die vlammen, die wind, al die vreemde talen.

Conclusie van Petrus: jullie Joden, jullie hebben een grote fout gemaakt. Jullie hebben Jezus gedood. Maar hij was de verlosser, de Messias van God. Gelukkig heeft God ingegrepen. God heeft hem aangesteld tot heer en messias.

En dan schrikken ze allemaal enorm. Als dat waar is… Dan hebben ze hun eigen redder en verlosser vermoord. Vandaar hun vraag: Wat moeten we doen? We hebben iets ontzettend ergs gedaan. Hoe kunnen we nu verder?

Wat Petrus zegt is een antwoord op die vraag. Hij geeft dit antwoord aan allemaal ongedoopte volwassen Joden die hun eigen verlosser gedood hebben.

Daarom zegt Petrus: Bekeer je. Stop met dat leven zonder Jezus. Het waren allemaal vrome joden. Maar ze hebben Jezus gedood. En daarvan moeten ze zich bekeren, van een leven dat Jezus kan kruisigen.Zoek juist je toevlucht bij Jezus. Laat je dopen in zijn naam. Bij hem alleen kun je vergeving krijgen voor deze grote vergissing. En dan zal het wonder gebeuren. Jullie zijn Joden, aan jullie is de Heilige Geest beloofd. Jullie zullen de Heilige Geest alsnog krijgen! Net zoals wij, Jezus’ eigen leerlingen.

Vers 38-39 vormen dus een heel specifiek antwoord in een bepaalde situatie. Toch geeft Petrus hier wel degelijk een antwoord op onze vraag: Wat moeten wij doen om de Heilige Geest te ontvangen? Daarom lopen we de onderdelen van Petrus’ antwoord nu samen met elkaar langs.

God is de enige die ons zijn Geest kan geven. Maar wij hoeven niet passief af te wachten. Het heeft zin om te vragen: Ik wil graag de Heilige Geest ontvangen. Wat moet ik daarvoor doen?

3. Als eerste: je bekeren. Wat is dat?

Kijk naar de Joden in Handelingen 2. Vrome joden. Maar ze moesten zich bekeren. Hun leven was een leven zonder Jezus.

Je bekeren is je omdraaien. Stoppen met een leven zonder Jezus. En naar Jezus Christus toegaan.

Maar het is toch alleen dankzij Gods genade als ik mij bekeer? Nou, dan moet ik dus maar wachten tot God het mij geeft.

Die conclusie klopt niet. God geeft ons bekering – helemaal waar. Maar hoe doet hij dat? God begint met een oproep: bekeer je! Bijvoorbeeld nu in deze preek. Een oproep aan jou, aan jou, aan mij.

Leef jij zonder of met Jezus Christus? Is Jezus jou Heer en wil jij Hem gehoorzamen, of niet?Stop met leven zonder Jezus. Vandaag nog. Ga naar Jezus toe.

Dat is in eerste instantie iets eenmaligs. Je leefde zonder Jezus, maar je hebt je bekeerd. Je wilt Jezus volgen.

Maar ook als je met Jezus wilt leven, kan het opnieuw nodig zijn om je te bekeren. Als ik bij mezelf begin: zo maar zijn er stukken van mijn leven waar ik Jezus niet echt volg. Herken jij dat ook?

Het kan zijn dat je leven als christen mat is, zonder enthousiasme. Je gelooft wel, maar eigenlijk geloof je het wel. Je komt in de kerk, maar je zit de dienst uit en dat is het dan. Geloof je dan echt in Jezus Christus?

Het kan ook zijn dat je het te druk hebt om je echt in te zetten voor onze gemeente. Je hebt het te druk om te bidden, om bijbel te lezen. Tenminste, dat zeg je – ik heb het te druk. Maar je bent eigenlijk best veel tijd kwijt met de TV, met internet, met bellen, met klussen. Heb je het te druk? Of leef je eigenlijk zonder Jezus?

Het kan zijn dat er mensen zijn die je negeert – thuis, op je werk, in de kerk. Je groet ze niet, je ziet ze niet staan. Je hebt ze niet lief. En dan zegt Johannes: als je je broer of zus die je wel ziet, niet liefhebt, kun je onmogelijk God liefhebben – God die je niet ziet.

Wanneer leef jij zonder Jezus? Waar wil jij niet doen wat hij zegt? Denk daar over na. Vraag de Heilige Geest het je te laten zien.

En als je nu diep in je hart weet dat er iets in je leven is dat weg moet, aarzel dan niet. Zeg het hardop in gebed tegen Jezus. Zoek een medechristen op aan wie je dat vertelt. Een ouderling, je dominee, je groeigroep. Bid er samen voor – wie weet direct na deze dienst. En stop met dat zondige leven zonder Jezus.

4. Het tweede wat Petrus zegt: laat je dopen op de naam van Jezus Christus om vergeving van zonden te krijgen.

Beide zijn nodig voordat je de Heilige Geest kunt ontvangen: gedoopt worden op de naam van Jezus, en vergeving van zonden. Waarom?

De doop op de naam van Jezus Christus bezegelt een nieuwe relatie: een verbond tussen Christus en jou. Je hoort nu bij Christus, zoals een man bij een vrouw hoort. Man en vrouw trouwen meestal in gemeenschap van goederen. Dat wil zeggen: wat van mij is, is van Janneke. Wat van Janneke is, is van mij. Het prachtige servies van mijn opa en oma, en – helaas – die lelijke stoel van Jannekes oma waar zij zo aan gehecht is. Als wij een verbond sluiten met Jezus Christus, dan krijgen wij van Jezus wat van hem is. En wat krijgen wij dan? Vergeving van zonden, en – dat komt straks – de Heilige Geest.

Die vergeving van zonden. Waarom hebben we die nodig? Zonde staat tussen ons en God in. Wie zondig is past niet bij God – je bent vies, schuldig, onheilig. En dus pas je niet bij de Geest. Gods Geest is heilig. Je kunt de Heilige Geest alleen krijgen als je zonden vergeven zijn en als je schoongewassen bent door Jezus’ bloed.

Samengevat: door de doop op de naam van Jezus krijg je zeg maar ‘recht’ op de vergeving en op de Heilige Geest. Door de vergeving van zonden komt er in je leven ruimte voor de Heilige Geest.

En als je als kind gedoopt bent? Dat is heel mooi. De Joden in Handelingen 2 konden niet eerder als kind gedoopt worden.

Als je als kind gedoopt bent, dan krijg je via je ouders de belofte: Jezus wil zijn Heilige Geest ook aan jou geven.

Maar een gedoopt kind moet wel leren: van mijzelf ben ik geneigd tot een leven zonder Jezus. Als ik de zonde opzoek, word ik vies, onheilig, schuldig. Dan is er geen ruimte voor de Heilige Geest om in mij te wonen. Als ik leef zonder Jezus, moet ik mij daarvan bekeren. Ik heb Jezus nodig. Ik heb vergeving nodig. Anders kan ik de Heilige Geest niet ontvangen.

Zo wordt het tegen ons allemaal gezegd: bedroef de Geest niet. Doof de Geest niet uit. De Heilige Geest past niet in een zondig leven zonder Jezus. Alleen waar Jezus is met zijn vergeving, daar kan ook de Heilige Geest gegeven worden.

5. Na je bekering, nadat je een verbond gesloten hebt met Jezus, nadat je zonden vergeven zijn, is er ruimte om de Heilige Geest te ontvangen.

Pas dan? Werkt de Geest niet al veel eerder? Zonder de Geest kan ik me toch niet bekeren? Of Jezus als Heer erkennen?

Dat klopt helemaal. Dat de Joden in Handelingen 2 diep getroffen waren door Petrus’ woorden, was dankzij de Heilige Geest. Maar er is verschil tussen wat de Geest allemaal in je leven kan doen, en het ontvangen van de Geest, waardoor de Geest in je leven komt wonen.

Als ik een huis koop, krijg ik de sleutel. Dan ga ik klussen. Maar in de kamer staan tuinstoelen op de betonnen vloer, met verfspatten erop. Ik slaap er niet, ik woon er niet. Ik breng er al eens wat dozen met spullen naar toe. En dan, als alle spullen er staan en het hele huis klaar is, dan kom ik er wonen.

Zo is het met de Heilige Geest ook. Als de Geest met je bezig gaat, dan moet er eerst geklust worden. Bekering tot Jezus. Vastleggen van de koop – het sluiten van een verbond. Grote schoonmaak – vergeving. En dan ontvang je de Heilige Geest definitief en komt de Geest in je wonen.

Ook daarna blijft het nodig om te bidden om de Heilige Geest. Zoals je ook je huis moet onderhouden, helaas. Bid om vervuld te worden met de Heilige Geest. De Geest kan in je wonen, terwijl je toch niet vol bent van de Heilige Geest. Dan is het nodig om daar opnieuw om te bidden.

Heb jij de Geest ontvangen? Woont de Geest in jou? Blijf jij bidden om steeds opnieuw vervuld te worden van de Heilige Geest?

Hoe weet je dat de Geest in je woont? Als je merkt dat de Geest in jou aan het werk is!

En weet je wel wat de Geest je allemaal voor moois doet? Hij laat je zien wat zonde is, maar ook wie je verlosser is. Hij brengt je bij Jezus. Hij geeft geloof en zekerheid. Hij maakt je sterk en helpt je. Hij laat je iets geweldigs ontdekken: ik ben kind van God! Ik mag God ‘Vader’ noemen. Ik mag zelf tot God bidden! Hij wijst je een weg. Hij leert je de Bijbel begrijpen. Hij laat zijn vrucht in je leven rijpen. Hij wekt een steeds groter verlangen naar Jezus op!

Als de Geest die dingen in jouw leven doet, dan heb je de Geest ontvangen!

6. Word je daar onzeker van? Ben je bang dat je de Heilige Geest niet gekregen hebt?Of vraag je je af: werkt de Heilige Geest nog wel in onze kerk, in christenen om mij heen?

Ik vind het belangrijk om jezelf die vraag eerlijk te stellen. Wij kunnen de Geest bedroeven en uitdoven.

Ik merk het zelf: als er een zonde is waar ik niet mee breek, als ik iets in de plaats van Jezus zet, dan kan de Geest minder met mij.

Als jij en ik geen probleem hebben met onze zonde, worden we lauw. Dan wordt het een slappe hap in de kerk.

Misschien schrik je wel van jezelf. Eigenlijk ben ik bezig de Geest teleur te stellen. Eigenlijk zou ik me moeten bekeren… Maar…  Ik durf niet. Het gaat te ver. Wat moet ik dan? En de anderen doen het ook niet. Wat zullen de mensen van me zeggen?

Van jezelf schrikken is goed. Maar waarom zou je bang worden? Zelfs als jij de Geest nog niet ontvangen hebt? Bang zijn, dat is pas nodig als je wegloopt bij Jezus Christus.

God heeft een belofte gegeven. Lees het begin van Petrus’ toespraak. God zegt: ‘Ik zal over alle mensen mijn Geest uitgieten’.

Die belofte is voor Israël. Maar niet alleen! De belofte van de Heilige Geest is voor heel de wereld. Kijk maar wat Petrus zegt: de belofte is ook voor allen die ver weg zijn en die de Heer, onze God, tot zich zal roepen.

Petrus heeft het over jou en mij. Wij wonen ver weg van Jeruzalem. Helemaal in noordwestelijk Europa. De belofte is ook voor ons. God heeft ons geroepen. Hij roept ons nu. Als je gedoopt bent, heb je de belofte van de Heilige Geest zelf gekregen.

Wat denk je? Als je merkt dat je enthousiasme voor God weg is. Als je weet dat je de Geest hebt bedroefd. Wat zou God willen – dat jij bang wordt en voor hem wegkruipt?

Nee! Jezus wil juist dat je weer naar hem toegaat. Dat je eerlijk om vergeving vraagt. En dat je bidt: Heilige Geest van God,vul opnieuw mijn hart.

Dan zal God je niet laten vallen. Hij wil je juist graag vullen met zijn aanwezigheid.

Want Jezus zegt: ‘Als jullie dus, ook al zijn jullie slecht, je kinderen al goede gaven schenken, hoeveel te meer zal de Vader in de hemel dan niet de heilige Geest geven aan wie hem erom vragen.’

Wie Jezus wil volgen en bidt om de Heilige Geest, die zal de Geest ontvangen!




Handelingen 2,33 – Pinksteren: voor of tegen Jezus

Liturgie

  • Voorzang: Opwekking 334  / EL 382
  • Votum / Groet
  • Zingen: Ps 67
  • Wet met Ezechiël 36,26-27 en Galaten 5,16-23
  • Zingen: LB 252,1.2
  • Gebed
  • Schriftlezing: Handelingen 2,1-36
  • Zingen: Gez 105,1.2.5.9 (nieuw)
  • Tekst: Handelingen 2,33
  • Preek
  • Zingen: Gez 102a,1.2.4 (GK 26a)
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen Gez 64 (NG 37)
  • Zegen

Opmerkingen:

- ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig:hansburger@filternet.nl

- hierboven is de nummering van het nieuwe Gereformeerd kerkboek gevolgd.

Preek over Handelingen 2,33 – Pinksteren: voor of tegen Jezus

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

1. Moet je horen wat ik nu meegemaakt heb. Het was de morgen van Sjawoeot, een feest dat we in Jeruzalem elk jaar vieren. Ze noemen het ook wel Pinksterfeest. Trouwens een mooi feest, met muziek, dans, we lezen altijd het boek Ruth. We vieren twee dingen: we staan er stil bij dat God zijn wet gegeven heeft op de Sinaï. Maar ook is het een oogstfeest: de eerste en beste rijpe landbouwprodukten worden in de tempel geofferd. Feest van de wet en oogstfeest dus. Dubbelfeest!

Ik was al een paar uur wakker, en toen begon het opeens te waaien. Een enorme wind. Tenminste, dat dacht ik. Maar toen ik naar de lucht keek, zag ik dat er helemaal geen donkere wolken boven Jeruzalem samenpakten. De lucht was helder! En toch hoorde ik een harde wind.

Ik snapte er niets van, en ging de straat op. Daar liepen meer verbaasde mensen. Samen gingen we op het geluid af. En het gekke was: het geluid was echt het geluid van een stevige wind. Het klonk alsof het stormde. En dat geluid werd ook steeds sterker. Tot we bij een huis kwamen. En je zult me niet geloven, maar het is echt waar: het geluid kwam uit dat huis. Echt, uit dat huis.

De straat voor het huis werd steeds voller.

En nu moet je weten, ik heb in mijn leven nogal wat gezworven. Overal in de wereld wonen Joden, overal ben ik geweest. Geboren in Egypte, een tijd gewoond in Rome, toen het me daar niet meer beviel steeds dichter naar Jeruzalem toe: Sparta, Pergamum, Efeze, Antiochië, en nu geniet ik in Jeruzalem van mijn oude dag. Dus je kunt je voorstellen: ik spreek aardig wat talen.

Ik weet niet hoeveel talen ik precies hoorde, maar het leek wel een Babylonische spraakverwarring, zoals wij dat noemen. Allerlei talen door elkaar. Maar allemaal hadden ze het over God en over Jezus. En wat ook zo gek was: in dat huis hadden ze allemaal vuurvlammen op hun hoofd. Heel raar.

Maar wat me vooral trof, was dat ze het allemaal over die Jezus hadden. Een week of zeven geleden hebben ze hem laten kruisigen. Ik zal je eerlijk zeggen: het was mij betreft wat buiten proporties, maar ik was ook wel blij dat die Jezus uit Galilea nu weg is. Dat geeft weer een stuk rust in onze mooie stad. Maar nu hadden ze het allemaal weer over die Jezus

Zoiets heb ik echt nog nooit meegemaakt.

2. En toen kwam er een van hen naar voren. Hij begon een verhaal, en de mensen luisterden nog naar hem ook. Terwijl je toch direct kon horen dat hij uit Galilea kwam. Hij stonk nog naar de vis, zeg maar.

Die man nam het woord. Kort gezegd komt zijn verhaal hier op neer: dit hele gebeuren zet nog eens een dikke streep onder de opstanding van Jezus. Jullie Jeruzalemmers, jullie hebben hem gedood. Maar God heeft hem weer levend gemaakt. Zo heeft God Jezus aangesteld als Heer en als Messias.

Hij noemde allerlei dingen uit de Heilige Boeken, en betrok dat allemaal op Jezus en op wat er nu gebeurde.

Hij had het over het einde van de tijden. Als het allemaal klopt wat hij zei, dan zitten we inderdaad in het eind van de tijden. Ik bedoel, als er inderdaad door God doden levend worden gemaakt, en als God zijn Geest uitgiet over alle mensen, dan komt Gods koninkrijk, dan komt er vrede op aarde, dan zitten we inderdaad in het einde van de tijden.

Ik moet zeggen, zijn verhaal heeft me wel aan het denken gezet. Zou het echt zo zijn dat die Jezus door God is aangewezen als de Messias?

Petrus toespraak was glashelder:

We zijn beland in het einde van de tijden. Dat hoopten we al toen eerst Johannes de Doper, en daarna Jezus aankondigde dat Gods Koninkrijk dichtbij is. Maar als de doden opstaan, en als God inderdaad zijn Geest uitstort; en dan niet over een paar mensen, maar over iedereen; dan is Gods nieuwe wereld er bijna. Dat is Gods koninkrijk echt dichtbij

En hij legde het heel duidelijk neer bij de Jeruzalemmers: jullie konden er niet om heen dat Jezus van Nazareth een profeet was – kijk wat hij gedaan heeft. Maar – ook al was het Gods bedoeling – jullie hebben hem in handen gespeeld van de heidenen. Die hebben hem gekruisigd. Jullie hebben de dood van Gods Messias op je geweten!

Gelukkig was God er ook nog. Zoals de Heilige Boeken al zeggen: Jezus Christus is weer door God levend gemaakt. Wij hebben het met eigen ogen gezien, allemaal. Jezus is niet dood, maar Hij leeft.

En dan zegt vers 33, het tekstvers eigenlijk: de uitstorting van de Heilige Geest is het laatste bewijs hiervan. Pinksteren laat zien: Jezus is Heer en Messias. Niet zomaar, maar aangesteld door God zelf.

3. Rond hemelvaart hebben we stilgestaan bij de verhoging van Jezus Christus. Dat komt ook hier weer terug, in de toespraak van Petrus. Jezus is door God zelf verhoogd. Daar zit hij nu, aan Gods rechterhand.

En alleen daarom kan het ook Pinksteren worden.

Ga maar na. We hebben het met Pinksteren over de Heilige Geest. Die Heilige Geest, dat is niet zomaar een Geest. Als het over de Heilige Geest gaat, dan gaat het over Gods eigen Geest.

En God zelf zou zijn Geest uitgieten. Zo profeteren Jeremia 31, Ezechiël 36, en Joel 2 over de uitstorting van de Heilige Geest. Hoe zou iemand anders de beschikking hebben over Gods eigen Geest?

De enige die Gods Geest uit kan gieten, is God zelf. Alleen Hij kan zijn Geest niet uitgieten op zondige mensen, wiens hart op slot zit. Mensen die van Hem vervreemd zijn.

Eén mens vormde daarop een uitzondering. Jezus Christus, de Zoon van God. Door de Geest kon Hij mens worden. Met de Geest werd Hij gezalfd. In de kracht van de Heilige Geest kon Hij de nieuwe mens zijn, de laatste Adam. Die Geest is nu zijn Geest geworden. De Heilige Geest is voortaan de Geest van Jezus Christus.

Maar hoe kan die Geest van Jezus ook op ons uitgegoten worden? Dat kan alleen sinds zijn dood, opstanding en hemelvaart. Pas nu Hij onze zonden bedekt heeft en ons nieuw leven geeft, pas nu Jezus onze Heer is, pas nu Hij de Geest ook van zijn Vader gekregen heeft – pas nu kan Jezus Christus ook de Heilige Geest op zijn leerlingen uitgieten.

Misschien vraag je je wel eens af: wat moet ik met Jezus? Ik geloof wel dat er een God is, maar met Jezus heb ik niet zoveel.

De bijbel zegt duidelijk: op meerdere momenten heeft God zelf Jezus Christus aangewezen. Als Heer, als Messias, als verlosser. Pasen is zo’n moment; hemelvaart is zo’n moment. Maar Pinksteren is ook zo’n moment.

Met Pinksteren geeft Jezus zelf het bewijs dat je bij Hem moet zijn. Alleen bij Jezus Christus vind je leven, vind je God. De Vader heeft zijn Geest immers aan Jezus gegeven. En alleen Jezus deelt die Geest uit, aan wie in Hem gelooft.

En dat doet Hij dan ook. Volgens de belofte van zijn Vader en volgens zijn eigen belofte giet hij zijn Geest over ons allemaal uit.

4. God giet zijn Geest uit over alle vlees. Dat wil zeggen: niet maar een paar, maar al zijn dienaren en dienaressen. Al zijn leerlingen. Maar tegelijk: alleen zijn leerlingen.

Het geluid van de harde wind klonk op de morgen van Pinksteren in heel Jeruzalem, maar het kwam maar uit één huis: het huis waar Jezus’ leerlingen bij elkaar waren. En toen de Jeruzalemmers door dat geluid naar het huis gelokt waren, zagen ze een duidelijk verschil tussen Jezus’ leerlingen en zichzelf: alleen Jezus’ leerlingen spraken in allerlei talen, alleen op de hoofden van Jezus leerlingen zagen ze iets als vuurtongen.

Petrus markeert in zijn toespraak diezelfde duidelijke scheiding: Jezus heeft zijn Geest op ons doen neerdalen, dat is wat jullie zien en horen.

Jezus bewijst met Pinksteren dat Hij de Messias is, Heer over hemel en aarde. Maar Hij maakt het zichtbaar en tastbaar bij een specifieke groep mensen: zijn eigen volgelingen. Gods Geest werkt overal, maar als Geest van Jezus wordt Hij door Jezus zelf aan een groep mensen gegeven: zijn volgelingen.

Johannes de Doper had het al aangekondigd. Jezus Christus zou komen om te dopen met vuur en met de Heilige Geest. Nu doet Jezus het: hij doopt zijn leerlingen met vuur en met de Heilge Geest. Ze worden doordrenkt van Gods aanwezigheid.

Hij doet dit op het feest van de wet. De Joden vierden met Pinksteren de gave van de wet. Ook Jezus’ leerlingen. Op dat feest geeft Jezus Christus de Heilige Geest. Zoals de profeten als zeiden: het nieuwe verbond brengt je een nieuw hart. Een hart waarin de Geest van God woont. Hij schrijft op de tafel van je hart de wetten van God.

Hij doet dit op het oogstfeest. Jezus is opgestaan uit de dood. Daarmee begint de tijd van de oogst. Jezus Christus kan nu oogsten. Wij mogen gaan oogsten met Hem. We krijgen dan ook het begin van de oogst: de Heilige Geest.

Wij, dat wil zeggen: de leerlingen van Jezus Christus. Pinksteren is het bewijs van Jezus’ verhoging. Als bewijsmateriaal gebruikt Hij zijn leerlingen. Die worden gedoopt met de Heilige Geest, de anderen niet. Over hen wordt Gods Geest uitgegoten, over de anderen niet  Zij vieren het feest van het begin van de grote oogst – Jezus is overwinnaar, Jezus geeft leven.

Stel jezelf daarom vandaag de vraag: hoe sta ik tegenover Jezus Christus? Geloof ik in Hem? Hoor ik bij Jezus’ leerlingen?

Zij ontvangen op Pinksteren de Heilige Geest.

5. Waarom zou je voor Jezus kiezen en de Geest willen ontvangen?

Kijk en luister dan nog eens goed. Petrus zegt: die Geest heeft Jezus op ons doen neerdalen, en dat is wat u ziet en hoort.

Wat was er te zien?

Vuurtongen. Of beter gezegd: iets goddelijks, dat leek op vuurtongen. Wat zegt dat over de Geest? Wat zegt dat over Jezus Christus? Johannes de Doper zei al dat Jezus zou dopen met de Geest en met vuur. De Geest maakt ons vurig. De Geest is maar niet een klein waakvlammetje. Natuurlijk, de Geest zorgt ervoor dat er in je leven op z’n minst een waakvlam blijft branden, wanneer je in Jezus Christus gelooft. Maar de Geest wil veel meer. Het waakvlammetje moet een grote vlam worden.

Een vlam van vurige liefde. Liefde voor God, de Vader. Liefde voor je Heer, Jezus Christus. Liefde voor je broers en je zussen in de gemeente. Liefde voor je naaste, die het evangelie nog niet kent maar het wel nodig heeft. Net als wij allemaal.

Wat was er te horen?

Een sterke wind. Wind, die vuur aanwakkert.

Of beter gezegd: het was iets als de wind. Je kon niet zien waar de wind vandaan kwam. Normaal was dat al onhelder: waar komt de wind vandaan, vraagt Jezus in Johannes 3. In het geval van de Geest is het helemaal een geheim. Hoe kan er in een huis een sterk geluid klinken als van een stormwind? Zo is de Geest een goddelijk geheim.

Maar wel een geheim dat alles anders maakt. Je krijgt hem niet in de greep, maar hij waait wel. Hij blaast je vooruit, hij blaast het stof eraf.

En allerlei talen, waarin God grootgemaakt werd.

Gods grote daden werden verkondigd – verstaanbaar voor iedereen.

Dat gebeurde met Pinksteren. En dat roept vragen op, als je naar christenen in Nederland kijkt.

Hoe vurig is je liefde?

Hoe groot is de vlam die in jouw leven brandt? Een waakvlam, of is het meer?

Is er zo in jouw bestaan een goddelijk geheim? Is er een sterke goddelijke wind, die je vooruit blaast? Die frisheid en snelheid geeft?

Wordt God grootgemaakt in jouw leven?

Vragen waar je misschien van schrikt.

Heb ik de Geest wel ontvangen? Heeft Jezus zijn Geest wel over mij uitgegoten? Ben ik wel gedoopt met de Heilige Geest?

Het is helemaal niet erg als je daar van schrikt. Soms is dat juist wel goed. Laat Pinksteren maar een heilige onrust in je wakker roepen. Heb ik dat vuur wel in me? Waait Gods wind in mijn leven? Spreekt mijn leven van Gods grote daden?

6. Maar als je nu schrikt, wat dan?

Is het met de Geest niet iets als: je hebt het of je hebt het niet? En als je het niet hebt – pech gehad?

Maar dat is niet waar.

Immers: de Heilige Geest en Jezus Christus horen bij elkaar.

Pinksteren laat zien: Jezus Christus, die gekruisigde mens, zit aan Gods rechterhand. Hij is zelf God, Hij kan Gods eigen Geest uitgieten op al zijn volgelingen. De Geest is het levende bewijs van de opstanding en verhoging van Jezus Christus.

Kijk maar naar de toespraak van Petrus. Het gaat nauwelijks over de Heilige Geest. Vooral heeft Petrus het over Jezus Christus. Jullie, Jeruzalemmers, jullie hebben een profeet gedood. Maar God heeft hem levend gemaakt. God heeft hem verhoogd. En het bewijs van die verhoging, dat zie je nu: zoals Hij heeft gezegd, giet Jezus Christus zijn Geest uit.

Kom tot inkeer, belijd je zonden, en erken: Jezus Christus is inderdaad de beloofde Messias, mijn redder, mijn leven.

Die oproep klonk in Jeruzalem: bekeer je, belijd je zonden. Dat was daar nodig, dat is nu nog steeds nodig. Die zonde van de Jeruzalemmers was een belemmering om de Geest te ontvangen. Het is of je oude natuur, of de Geest. Het is of de zonde, of Jezus Christus.

Kies niet tegen Jezus, maar voor Hem. Kom bij de leerlingen van Jezus, kom bij de kerk. En ontvang de Heilige Geest.

Waar Jezus is, daar is de Geest te vinden

En waar de Geest is, daar wordt je bij Jezus gebracht.

Wie voor Jezus gekozen heeft, wie gelooft dat Hij de Messias is, de Heer, die heeft de Geest ontvangen. Niemand kan zeggen: Jezus is Heer, dan door de Heilige Geest.

Dan kan het nog zo zijn dat het vuur van de Geest een klein vuurtje is.

Of dat je christelijk leven stoffig is, niet echt fris en fruitig. Dat het bijna windstil geworden is.

Dat je jezelf nog niet buiten de kerkdiensten God groot ziet maken.

Schrik je dan?

Gelukkig maar – het zou niet best wezen wanneer je daar niet van schrok.

Maar dat is geen eindstation.

Over het vervolg van Handelingen 2 gaat de preek volgende week. Maar ik wil toch iets zeggen.

Belijd je zonde. Erken dat je liefde voor Jezus Christus veel te klein is. Belijd als dat nodig is dat je de Geest hebt tegengewerkt, hebt bedroefd.

Volg Jezus Christus, je Heer. En bid dan om vernieuwing van je eerste liefde. Bid om nieuwe vervulling met de Heilige Geest.

En ontvang dan ook de Heilige Geest van je Heer – Jezus Christus.

Amen