Psalm 22:32b | Een God van daden!

Is geloven een kwestie van doen? Dat imago heeft geloven wel eens. Maar het gaat niet om wat wij doen, het gaat om wat Gód doet! Het is Pasen: God neemt de regie.
In Franeker heb ik de korte versie van deze preek gehouden, de tekst hieronder is de iets langere versie.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2, 3 en 4
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: ‘De steen is weg’ en ‘Klap in de handen van blijdschap’
Gebed
Zingen: Opwekking 614 (Milan op gitaar)
Kinderen naar club
Lezen: Matteüs 28 : 1 – 10 en Psalm 22 : 28 – 32
Zingen: LvK Psalm 92 : 2 en 3
Preek over Psalm 22 : 32b
Zingen: GKB Gezang 99 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Onderwijs belijdenis en doop
Getuigenis Julia
Zingen: ‘Mighty to Save’ (Hillsong)
Belijdenis en doop
Zingen: NLB Gezang 416 : 1, 2, 3 en 4
Collecte
Felicitaties
Gebed
Zingen: LvK Gezang 215 : 1, 2 en 3
Zegen

Een God van daden!

Inleiding
dia 1 – zwart
‘Hij is een God van daden.’
Mooi, dat klinkt als een daadkrachtige God.
En een beetje daadkracht, dat is niet verkeerd!

Bij mij komt daadkracht bij vlagen…
Het hangt er ook vanaf of ik iets leuk vind.
Bij leuke dingen ga ik voortvarend te werk.
Bij minder leuke dingen, wil ik het nog wel eens uitstellen.

dia 2 – onkruid
Bijvoorbeeld onze tuin.
Daar is meer dan genoeg te doen,
maar ik vind het gewoon niet leuk.
Dan erger ik me aan onkruid tussen de tegels,
aan bladeren uit de herfst die nog overal liggen,
aan een lading zand rondom de zandbak,
aan het hoge gras en woekerende planten,
en ik doe niets…

Alsof de tuin zichzelf bijhoudt.
Nou, mooi niet dus!
Die tactiek volg ik nu al een paar jaar,
door alleen het hoogstnoodzakelijke te doen,
maar daar wordt het dus alleen maar erger van…
Hoe langer je het werk in de tuin uitstelt,
hoe ontmoedigender het wordt eraan te beginnen.
Je kunt dan wel leuk verstoppertje spelen tussen het hoge onkruid,
dat dan weer wel…

dia 3 – resultaat
Dit jaar heb ik besloten het anders te doen.
De tijd die ik besteed aan me ergeren aan de tuin,
kan ik beter besteden aan het bijhouden van de tuin.
Elke week een paar uurtjes in de tuin,
en ik erger me al een heel stuk minder.
Eindelijk heb ik er de daadkracht voor gevonden.
Stiekem ben ik het zelfs een beetje leuk gaan vinden…

dia 4 – een God van daden
Daadkracht is een positieve eigenschap.
Geen woorden, maar daden.
De handen uit de mouwen.
Psalm 22 zegt: zo is God!
Het past perfect bij Pasen.
We vieren dat Jezus is opgestaan: Gods grootste daad.
Nou en of: hij is een God van daden!

1. Kwestie van doen?
dia 5 – kwestie van doen?
Daadkracht is iets moois.
Je zou denken dat bij zo’n God van daden
daadkrachtige mensen passen.
Dat God wil dat wij de handen uit de mouwen steken.
Is dat zo?
Is geloven een kwestie van doen?

dia 6 – je moet zoveel…
Het is in ieder geval een vooroordeel over christenen.
Christenen moeten zo veel…
Tja, en zo’n vooroordeel komt natuurlijk ergens vandaan:
misschien doen christenen ook gewoon veel.
Soms heel positief: door bijvoorbeeld iets voor de samenleving te doen.
Het schijnt dat christenen flink meer geld aan goede doelen geven
dan de gemiddelde Nederlander.
Maar het kan ook vermoeiend zijn: je moet zoveel…
Je móet je houden aan de regels, je móet goed leven, je móet het goede voorbeeld geven.
Is dat waar het christelijk geloof voor staat?
Is het proberen een goed mens te zijn,
en zo goed mogelijk Gods regels naleven?

Die vragen hebben alles met Pasen te maken.
Als het geen Pasen was geworden, als Jezus niet was opgestaan,
dan was het antwoord: ja, geloven is een kwestie van doen.
Het voorbeeld van Jezus volgen, dat is wat dan nog overblijft.

dia 7 – Jezus gaf hoop op betere wereld
Als Jezus niet was opgestaan…
Voor Maria en Maria is het helemaal geen vraag.
Hun Jezus is dood.
En daarmee is een droom uiteengespat.
Ze hadden zo gehoopt dat er nu echt iets zou veranderen.
Dat mocht ook wel, want ze leefden in een genadeloze wereld.
Een wereld waar de grootste mond en de dikste portemonnee het voor het zeggen hadden.
Maria en Maria dus niet.
Als vrouwen werden ze sowieso al geacht hun mond niet open te trekken…

Jezus was in hun leven gekomen.
En hun leven was nooit meer hetzelfde geweest.
Zeker voor Maria, de moeder van Jezus.
Nog voor ze getrouwd was, was ze zwanger van Jezus.
Vanaf dat moment was Jezus haar leven.
Maar ook voor de andere Maria:
zij was bezeten door zeven demonen.
Jezus had ze uitgedreven.

Jezus was anders dan anderen.
Hij had geen grote mond of dikke portemonnee,
en toch liepen de mensen met hem weg!
Jezus had iets wat anderen niet hadden.
Vrede. Kracht. Vastberadenheid. Liefde.
Aan Jezus kon je je toevertrouwen.
Dat hadden Maria en Maria gedaan.
Ze geloofden in het koninkrijk waar Jezus het steeds over had.
Waar de laatste de eerste zou worden.
Nu is de hoop vervlogen.

dia 8 – nu zelf aan de slag?
Ja, en wat nu?
Wat blijft er nog over van Jezus?
Het zijn vooral de herinneringen.
Herinneringen aan wat Jezus heeft gedaan: zijn wonderen.
Herinneringen aan wat Jezus heeft gezegd: zijn onderwijs.
Jezus heeft het dan wel niet voor elkaar gekregen,
maar kunnen zijn volgelingen dan niet verder met zijn gedachtegoed?
Om, in de geest van Jezus, dat koninkrijk toch wat dichterbij te brengen?
Er is werk aan de winkel!

Dat is ook waar David staat aan het begin van Psalm 22.
Er zijn genoeg herinneringen aan God.
David weet wat God allemaal voor zijn voorouders heeft gedaan.
Maar zelf voelt David zich alleen.
Merkt David niets van God,
en zit er voor David niets anders op dan zelf te vechten voor zijn leven.
Een gevecht dat bij voorbaat verloren is…

Zo zou je het christelijk geloof kunnen zien.
Jezus heeft het voorbeeld gegeven, nu zijn wij aan zet.
Nu is het aan ons om Jezus’ levensfilosofie in de praktijk te brengen.
Om het hemels koninkrijk op aarde te brengen.
Daar kunnen we wel wat daadkracht bij gebruiken!

2. Een Gód van daden!
dia 9 – een God van daden
Ik vind dat best ontmoedigend klinken!
Zo daadkrachtig ben ik nou ook weer niet…
Is geloven een kwestie van doen?
Gelukkig niet!
Het gaat niet over mensen die daadkrachtig zijn,
maar over een Gód van daden!

Het christelijk geloof gaat niet over wat wíj allemaal moeten doen,
het gaat om Góds daden.
Het is geen advies, geen schat aan levenswijsheid,
maar nieuws: het gaat om iets wat gebeurd is.
Geen woorden van God, waar wij ons voordeel mee kunnen doen, maar daden.

dia 10 – Jezus is opgestaan: een daad van God
David heeft daar al iets van gezien.
De eerste helft van Psalm 22 is wanhopig.
David schreeuwt zijn klacht uit naar God.
Hij voelt zich door God aan zijn lot overgelaten.
Zijn tegenstanders wrijven het er nog eens extra in:
‘laat die God van je je bevrijden, hij houdt toch van je?’
David ziet al voor zich hoe ze hem een langzame dood laten sterven.
Maar halverwege kantelt de Psalm, en opeens is het een Paaslied!
David vindt zijn vertrouwen op God terug,
en komt in een jubelstemming.
En dan eindigt het schitterend: hij is een God van daden!
David gebruikt grote woorden:
overal op aarde zullen mensen zien wat God heeft gedaan,
en zich in aanbidding voor God buigen.

De hele Psalm kun je als Psalm van Jezus lezen,
en dat geldt voor dit gedeelte zeker.
Wat God voor David heeft gedaan ging niet de hele wereld over,
maar wat God voor Jezus heeft gedaan wel!
Hij heeft hem opgewekt uit de dood!
En óf hij een God van daden is!

Matteüs 28 zit vol daden.
De aarde beeft.
Een engel daalt af uit de hemel.
De engel rolt de steen weg.
De bewakers bij het graf zijn doodsbenauwd.
Matteüs wil één ding goed duidelijk maken: God is hier bezig!
En dan brengt de engel het grootste nieuws aan Maria en Maria:
‘Jezus is hier niet, hij is immers opgestaan, zoals hij gezegd heeft.’
De engel zegt het alsof het de gewoonste zaak van de wereld is…
Maar stel je Maria en Maria eens voor.
Hoe vaak zou de engel het gezegd hebben,
voor het bij de vrouwen doordrong?
En dan de ontlading: ‘hij leeft! he did it!’
Ze zullen elkaar in de armen zijn gevallen,
met tranen in hun ogen: God heeft het gedaan!

dia 11 – christelijk geloof: geen filosofie, maar nieuws
God is een God van daden – dát is Pasen.
Dit is groot nieuws!
Zou het vandaag gebeuren, dan zou het in mum van tijd de wereld over gaan.
Het zou ‘breaking news’ zijn bij CNN.
Voorpaginanieuws bij alle kranten.
Trending Topic op Twitter, met hashtag ‘HeLives’.
Elke talkshow zou Maria en Maria uitnodigen om hun verhaal te doen.
Het evangelie, het goede nieuws, is, de naam zegt het al: nieuws!

Dát is de kracht van het christelijk geloof.
Het christelijk geloof is geen filosofie of levenswijsheid,
waarmee je uiteindelijk toch weer op jezelf wordt teruggeworpen.
Nee, het gaat niet om jouw daadkracht.
Geloven is geen kwestie van doen.
Gód heeft het gedaan – het is fantastisch nieuws.
God trekt de regie naar zich toe.

Daarom dooft het verhaal van Jezus ook niet uit.
Zou Jezus alleen mooie dingen hebben gezegd
en een aansprekend, maar ook onbereikbaar, voorbeeld hebben gegeven,
dan was hij vanzelf vergeten,
of op zijn best in een rijtje filosofen van vroeger terecht gekomen.
Maar Jezus is opgestaan, en dat nieuws is de hele wereld over gegaan.
Het dooft niet uit – ook niet in onze tijd.
Dat gevoel hebben we misschien wel eens,
maar elke dag komen mensen tot geloof!
Wereldwijd groeit de kerk – en dat is nooit anders geweest!
Maar niet alleen ver weg: ook in Nederland komen mensen tot geloof.
Nee, niet massaal, maar gewoon, één voor één.
In Franeker mochten we daar vanochtend getuige van zijn,
en dat was heel bijzonder.
Hij is een God van daden!

3. En nu wij
dia 12 – en nu wij
Jezus is opgestaan.
Maar dat is nog niet het hele verhaal.
Niet alles wat nieuws is, betekent ook iets voor jou.
Is Pasen de uitzondering die de regel bevestigt?
Jezus is aan de dood ontsnapt,
dat is nieuws wat je misschien vrolijk maakt,
maar is het ook meer dan een mooie uitzondering?

dia 13 – the 33
Vorige week zag ik de film The 33.
De film vertelt het waargebeurde verhaal van 33 mijnwerkers in Chili.
In de zomer van 2010 komen zij vast te zitten in de mijn.
Terwijl ze in de mijn aan het werk zijn, stort een groot deel van de mijn in.
Ze kunnen nog net op tijd uitwijken naar een schuilplaats.
Maar er is geen weg naar buiten…
Het duurt maanden voordat ze worden bevrijd.
Maar uiteindelijk is het zo ver.
Een enorme boormachine heeft een smalle tunnel gegraven,
van de buitenwereld naar de schuilplaats.
De reddingswerkers laten een capsule in de tunnel zakken, als een soort lift,
met ruimte voor één persoon.
In de schuilplaats wordt de capsule met groot gejuich onthaald,
en al snel wordt de eerste mijnwerker gered.
Maar daar blijft het natuurlijk niet bij:
de 33 worden 1 voor 1 naar boven gehaald.
Toen de eerste mijnwerker gered was, wisten ze: nu wij ook!

dia 14 – Pasen is: nu wij ook
Dat is Pasen: nu wij ook!
God heeft de tunnel geboord, de uitweg uit de dood.
Jezus is de eerste die er door God uitgehaald wordt,
maar zeker niet de enige!
Wij zijn als die mijnwerkers, die gezien hebben dat de eerste gered werd,
en weten dat ze nu zelf ook gered zijn.
Daarom kan Paulus zelfs zeggen:
‘hij heeft ons samen met hem uit de dood opgewekt’ – Efeziërs 2.
Het ís al zover!

God is een God van daden.
Hij heeft Jezus gered, en nu ben jij aan de beurt!
Dat is waar het christelijk geloof om draait.
Geen kwestie van doen, maar van God verwachten.

dia 15 – durf je te vertrouwen?
Een mooi voorbeeld is David.
David is lang op de vlucht geweest voor koning Saul.
Het zou goed kunnen dat hij Psalm 22 in die periode heeft geschreven.
Twee keer had David de kans om Saul te doden,
je kunt het vinden in 1 Samuël 24 en 26.
Dat zou in één klap een einde maken aan al zijn problemen.
Maar David deed het niet.
David wilde niet het heft in eigen handen nemen.
Hij wist dat God een God van daden was, dat God hem zou redden.
Daar bleef hij op wachten.

Natuurlijk, dat betekent niet dat we onze handen overal maar van moeten aftrekken,
donaties naar goede doelen moeten stopzetten,
ons opsluiten in een comfortabele schuilplaats,
en maar wachten tot God iets doet.
Christen zijn is leven voor een betere wereld,
Jezus heeft er van alles over gezegd.
Het is alvast leven voor Gods koninkrijk, die betere wereld,
in het vertrouwen dat God die wereld brengt.

Durf jij het?
Te vertrouwen dat God een God van daden is?
Durf jij het niet jezelf te redden, maar God je laten redden?
Durf jij het niet jouw daden maar Gods daden te vertrouwen?

God is een God van daden.
Jezus is opgestaan, hij leeft!
Laat ieder hem prijzen.
Ook dat is Psalm 22.
Het maakt niet uit, uit welk land je komt.
Het maakt niet uit, hoe geslaagd of mislukt je jezelf vindt.
Het maakt niet uit, hoe oud of jong je bent.
Jezus is opgestaan, hij leeft!
En nu wij.
Halleluja!




Marcus 16:8 | Pasen: alles is anders!

‘As ’t net kin sa’t it moat, dan moat it mar sa’t it kin.’ De wereld kun je niet veranderen, dus je kunt er maar beter mee leren omgaan. Of… Pasen maakt alles anders: je hoeft je niet neer te leggen bij hoe het in de wereld gaat. Pasen betekent dat je leven zin heeft.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2, 3 en 4 (Daar juicht een toon)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 146 : 1, 3 en 8 (Ik wil zingen al mijn dagen)
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Marcus 16 : 1 – 8
Zingen: LvK Lied 215 : 1 en 3 (Christus, onze Heer, verrees)
Preek over Marcus 16 : 8
Zingen: GKB Gezang 94 : 1, 2 en 6 (In het vroege morgenlicht)
Kinderen terug
Kinderlied: ‘de steen is weg’
Belijdenis en doop
Onderwijs
Zingen: Opwekking 518 (Heer, U doorgrondt en kent mij)
Gebed
Getuigenis Jekele
Belijdenis Liesbeth, Suzanne en Jekele
Doopsbediening Jekele
Doopvragen Emil en Henny
Doopsbediening Femke
Opdracht
Zingen: NLB Gezang 416 : 1, 2 en 3 (Ga met God en hij zal met je zijn)
Felicitaties
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 520 (Wees mijn verlangen)
Zegen
Zingen: GKB Gezang 99 : 1 en 3 (U zij de glorie)

Pasen: alles is anders!

Inleiding
dia 1 – zwart
Absurd toch?
Heb je het beste nieuws gekregen dat je ooit had kunnen bedenken,
sterker nog: nieuws dat zo goed is, dat je het nooit had kunnen bedenken,
en dan ben je helemaal niet blij!
In plaats daarvan ben je bang en vlucht je weg.
Snap jij dat?

dia 2 – over mijn lijk
Kort geleden zag ik een fragment van de tv-serie ‘over mijn lijk’
waardoor ik er opeens meer van ging begrijpen.
In ‘over mijn lijk’ worden ongeneeslijk zieke jongeren gevolgd.
Hoe gaan zij om met de naderende dood?
Hoe nemen ze afscheid van het leven?
Wat is belangrijk voor hen in de tijd die hen rest?
Indringende televisie.

dia 3 – Chelsea
Het beste nieuws wat je dan kunt krijgen, lijkt mij,
is dat je genezen bent.
Eén van de deelnemende jongeren, Chelsea, krijgt zo’n soort bericht.
Zij heeft een spierziekte en volgens de artsen nog 3 tot 5 jaar te leven.
In die tijd zou ze steeds verder achteruit gaan.
Maar dat gebeurt niet.
Waarschijnlijk is er sprake van een andere spierziekte.
Het kan dat ze nog 3 jaar te leven heeft,
maar het kan net zo goed dat ze nog 80 jaar leeft.
De deur naar het leven is voor haar weer geopend.

Hoe zou je reageren als je dat bericht krijgt?
Ik zou zeggen: je bent superblij, je maakt een vreugdedans
en organiseert een feest om het leven te vieren.
O, en natuurlijk is Chelsea blij, maar ze vertelt ook iets anders.
Ze had zich al helemaal neergelegd bij haar naderende dood.
Nu moet ze afscheid nemen van het idee dat ze binnenkort zal sterven.
Afscheid nemen van iets dat heel bepalend voor haar is geworden.
Het klinkt misschien gek, maar dat is een soort rouwproces.
Chelsea moet opnieuw beginnen, moet zichzelf weer gaan uitvinden.
Ze had zich ingesteld op nog maximaal 5 jaar,
en dan maak je keuzes voor die korte periode:
stoppen met je opleiding, extra tijd voor vrienden en familie, dat soort dingen.
Zo’n periode van 5 jaar, hoe heftig het ook is, geeft je zekerheid.
Nu moet ze weer leren leven met onzekerheid.
Dat is best verwarrend!

dia 4 – Pasen: alles is anders
Positief nieuws kan je onzeker en bang maken.
En als je het zo bekijkt
is de reactie van de vrouwen bij het graf van Jezus nog niet zo gek.
Want Pasen zegt: je moet opnieuw beginnen,
alles is anders!

1. Het is niet anders…
dia 5 – tegeltje
Wij kunnen het leven niet naar onze hand zetten.
Ook al geloven we graag dat we ons eigen leven bepalen,
het besef dat er van alles in je leven is waar je geen invloed op hebt, zit heel diep.
Er is zelfs een Fries spreekwoord voor:
‘as ’t net kin sa’t it moat, dan moat it mar sa’t it kin.’
Je kunt er maar beter het beste van maken.
Het is niet anders…

dia 6 – het leven doet pijn
Dan denk ik ook aan Brussel.
In het Midden-Oosten zijn aanslagen aan de orde van de dag,
en hebben mensen zich op deze dreiging ingesteld.
Maar ook in onze westerse wereld, de wereld waarin we ons veilig voelden,
wordt de dreiging van terreur steeds reëler.
En wat dan direct na zo’n aanslag wordt gezegd:
‘we moeten ons niet laten beheersen door angst,
want dan hebben de terroristen gewonnen.’
Ik denk dat dat waar is,
al is de ellende met angst dat je er niet zoveel controle over hebt.
Hoe dan ook: de kans is groot dat in de nabije toekomst
meer van zulke aanslagen gepleegd worden, er is een reële dreiging,
en daar moeten we maar mee leren leven.
Het is niet anders…

Dat geldt natuurlijk niet alleen voor terrorisme:
het geldt voor elke tegenslag waar je mee te maken krijgt.
Ziekte, een burn-out, relatieproblemen,
werkloosheid, eenzaamheid, afgewezen worden,
en je kunt het rijtje vast wel aanvullen met je eigen problemen.
Je kunt je er maar beter op instellen dat leven pijn doet,
dat het leven niet is wat je ervan zou willen.
Het is niet anders…

dia 7 – leren leven met tegenslag
Dat is ook hoe de vrouwen die ochtend bij het graf komen.
De afgelopen maanden hebben ze geleefd in een droom.
Een droom van een betere wereld, een droom van een beter leven.
Ze kennen Jezus nu een paar jaar,
en langzaam is in hen de overtuiging gegroeid
dat Jezus van de wereld een betere plek zal maken.
Jezus sprak vaak over Gods koninkrijk,
over een prachtige wereld waar liefde voorop gaat.
Maar nu zijn ze weer met de neus op de feiten gedrukt.
Met praatjes over liefde wordt de wereld nog niet mooier.
Die wereld heeft keihard afgerekend met hun Jezus.
Het kruis heeft hun droom om zeep geholpen.
De herinnering aan Jezus blijft.
Maar de wereld zal er niet anders van worden.

De vrouwen staan weer met beide benen op de grond.
Het leven doet pijn, daar zijn ze inmiddels wel aan gewend geraakt.
Jezus is dood: het is niet anders.
Ze zullen ermee moeten leren leven.
Dat het wel eens anders zou kunnen zijn, komt niet in hen op.
Ook al heeft Jezus vaak gezegd dat hij zou opstaan.
De vrouwen weten: dood is dood.
Je kunt wel hoop koesteren, maar je houdt jezelf voor de gek.
Je kunt maar beter leren leven met de situatie.

2. Pasen: alles is anders!
dia 8 – Pasen: alles is anders!
Pasen breekt op dat fatalisme in.
Ís het niet anders?
Pasen is radicaal goed nieuws: alles is anders!

dia 9 – ongelofelijk nieuws
De vrouwen schrikken vreselijk als ze bij het graf komen.
Wat ze daar aantreffen is wel het laatste wat ze verwachten.
De steen is weg, Jezus ligt niet in het graf,
maar er is wel een jongeman, een engel,
die hen vertelt dat Jezus leeft en ze samen met leerlingen naar Galilea moeten gaan.
De vrouwen kunnen nog maar één ding bedenken: wegwezen!

Die vrouwen zijn geen supergelovigen
die het goede nieuws gelijk omarmen.
Ze kunnen het gewoon niet geloven.
De bijbel doet niet alsof het logisch is om te geloven in de opstanding:
dat is het niet en dat is het nooit geweest.
Niemand hield rekening met de opstanding van Jezus.
Marcus is daar heel eerlijk over.
Maar hoe ongeloofwaardig het ook is, hij wil het ons vertellen.
Dat maakt het juist geloofwaardig.

dia 10 – compleet nieuw begin
De vrouwen vluchten, want ze kunnen het niet geloven.
Maar er is ook een andere kant.
Wat ze in het graf te horen krijgen is te groot.
Ze worden geconfronteerd met een kracht die ze niet voor mogelijk hadden gehouden.
Dit is te groot, een ongekende kracht, niet te overzien.
Als dit waar is, is niets meer zeker, moeten ze opnieuw beginnen,
net als Chelsea uit ‘over mijn lijk’.
Het hele wereldbeeld van deze vrouwen staat op zijn kop.
Dat ze in paniek vluchten laat zien hoe krachtig Pasen is.

Pasen is niet een extraatje na Goede Vrijdag.
Jezus heeft voor onze zonden betaald,
en nu loopt het gelukkig ook nog goed af: eind goed, al goed.
Nee: Pasen is niet een feestelijke afsluiting van de lijdenstijd.
Pasen is een compleet nieuw begin: alles is anders.
Door Pasen is de wereld een andere plaats geworden.
Als Jezus niet zou zijn opgestaan,
zouden we zijn voorbeeld hebben overgehouden
en moedeloos worden omdat we de wereld niet beter kunnen maken.
Pasen is dat God inbreekt met zijn levenskracht,
dat hij verder gaat waar wij het niet kunnen.

dia 11 – je niet neerleggen bij hoe het gaat
Dat is geweldig nieuws in een wereld vol angst en haat.
Pasen vertelt je dat je je niet hoeft neer te leggen bij hoe de dingen gaan.
Jezus is opgestaan, tegen alle verwachtingen in.
En dat is nog maar het begin!
Wij denken dat we er maar het beste van moeten maken,
maar God legt zich niet bij de situatie neer.
Daarom mag je als christen na aanslagen als die in Brussel
meer zeggen dan dat we de angst niet mogen laten winnen.
Pasen geeft je ook een reden om niet bang te zijn:
haat en dreiging horen er niet bij, hebben niet het laatste woord.
Je hoeft je er niet bij neer te leggen, want God maakt alles anders.

3. Een ander leven
dia 12 – een ander leven
Na Pasen is het leven niet meer hetzelfde.
Pasen geeft je een ander leven.

dia 13 – Pasen zet je wereld op de kop
Daar kun je op reageren zoals die vrouwen: bang.
Als zij worden geconfronteerd met de kracht van Pasen
rennen ze gillend weg.
Dit is zó anders dat ze ervan weg vluchten.
Van de engel moesten ze de leerlingen op de hoogte brengen,
maar ze zijn te geschrokken om wie dan ook iets te vertellen.
Ze voelen dat hier iets groots gebeurt, iets dan hen ver te boven gaat,
en het brengt hen in totale verwarring.
Ze beseffen dat dit hun wereld op de kop zet,
maar ze kunnen totaal niet overzien wat het voor hun leven betekent.
Pasen is ook gewoon te groot om te vatten.

Maar door Gods genade kun je ook anders reageren: je eraan overgeven.
Want God wil verder met bange mensen.
Mensen die niet beter weten dan dat het leven pijn doet,
die zich daar op hebben ingesteld,
die er maar gewoon het beste van proberen te maken.
Pasen zet de deur open naar een nieuwe wereld.
Alles is er anders, en het is prachtig!
Als de vrouwen daar later die dag achter komen,
verdwijnt hun angst en geven ze zich aan het nieuwe leven over.

dia 14 – je leven heeft waarde!
Maar wat is dat dan?
Hoe maakt Pasen je leven anders?
De opstanding van Jezus vertelt je dat je leven waarde heeft,
zelfs al zou vandaag je laatste dag zijn.
Je kunt dan niet meer zeggen:
‘ach, met de dood is het toch afgelopen,
en tot die tijd moet je er maar het beste van maken.’
Dan wordt je op jezelf teruggeworpen.
Maar God gaat verder met je leven.
Paulus heeft een lang bijbelhoofdstuk over de opstanding geschreven, 1 Korintiërs 15,
en dan sluit hij af met:
“kortom: wees standvastig en onwankelbaar
en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer,
in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn.”
Wat je vandaag met je leven doet, maakt uit.
Als je je werk doet, als je boodschappen doet, als je naar school gaat,
als je bidt, als je geeft, als je liefhebt: het doet ertoe!

dia 15 – open
Pasen geeft je een ander leven.
Liesbeth, Suzanne en Jekele:
vandaag zeggen jullie ‘ja’ op dat leven.
Jekele en Femke: jullie mogen de doop ontvangen,
teken en zegel van dat nieuwe, andere leven.
Een leven waarin je verder mag kijken omdat God de deur open heeft gezet.
Het is Pasen: Jezus leeft!
Amen.




Lucas 24:5b – Jezus, hij is niet bij de doden!

Jezus leeft, maar waar moet je hem zoeken? In ieder geval niet bij de doden. Hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag en zoekt je! Dat verandert je kijk op het hele leven.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 488 en Opwekking 614
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Lucas 24 : 1 – 12
Zingen: Psalm 21 : 3 en 7
Preek over Lucas 24 : 5b
Zingen: Sela – ‘Juicht / Hij is verheerlijkt’ (combinatie Opwekking 174 en 349)
Kinderen terug
Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 11
Zingen: LvK Lied 217 : 3 en 4
Belijdenis
Onderwijs belijdenis
Getuigenis Klasina
Zingen: GKB Gezang 160 : 1 en 2
Belijdenisvragen en zegenbede
Oproep aan gemeente
Zingen: Opwekking 710
Felicitaties
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 99 : 1 en 4
Zegen
Zingen: GKB Gezang 99 : 1 en 2

Jezus, hij is niet bij de doden!

Inleiding
dia 1 – zwart
‘Waarom zoeken jullie de levende onder de doden?’
De engelen stellen deze vraag met verbazing.
Vandaag is de grote dag, Jezus leeft!
Maar over een feest lezen we niets, wel over ongeloof.
Hoe kan dat?!

dia 2 – WIDM
Nou, ik weet wel een antwoord…
Het is maar één woord: ‘kokervisie’.
Wat dat is, kan ik het beste uitleggen met een voorbeeld:
het tv-programma ‘Wie is de Mol’?
Tien bekende Nederlanders gaan samen naar een ver land.
Met groepsopdrachten verdienen ze geld voor de pot.
Er is één probleem:
een van de deelnemers wil juist dat er zo weinig mogelijk in die pot komt.
Dat is de mol.
De mol saboteert, verdraait en verduistert.
Aan de deelnemers de taak de mol te ontmaskeren.
Alles draait om die ene vraag: ‘wie is de mol?’

dia 3 – detective
Thuis op de bank wordt je er in meegezogen.
Kun jij ontdekken wie de boel bedriegt?
Als een ware speurneus komt alles onder een vergrootglas.
‘Hij is wel erg stil, heeft hij iets te verbergen?’
‘Maar zij treed juist steeds op de voorgrond,
dat kan natuurlijk ook een manier zijn om de aandacht af te leiden…’
‘Is ze echt zo naïef, of speelt ze het maar?’
En dat de portofoon het weer eens niet doet,
dat is een wel heel doorzichtige mollenstreek.

dia 4 – kokervisie
Na een paar afleveringen wordt het steeds duidelijker:
jij weet wie de mol is!
Vanaf dan wordt het alleen nog maar bevestigd.
Als jouw mol niets uithaalt,
dan is dat natuurlijk omdat hij voorzichtig moet zijn.
Als jouw mol verantwoordelijk is voor het mislukken van een opdracht,
dan is dat logisch: hij is de mol.
Dat is precies wat kokervisie is:
jij weet hoe het zit, en alles wat er gebeurt, pas je in dat plaatje in.

Tot in de laatste aflevering blijkt dat jij er helemaal naast zat.
Tenminste, zo gaat dat bij mij altijd…
Alle verborgen hints heb ik gemist,
en de dingen waarvan ik dacht dat het hints waren,
bleken het helemaal niet te zijn.
De echte mollenacties zijn precies in beeld gebracht,
maar ik heb het gewoon niet gezien.
Achteraf blijkt alles anders.

dia 5 – Jezus, hij is niet bij de doden!
Kokervisie: je denkt dat het snapt.
Dat is wat er in Jeruzalem aan de hand is, die eerste paasdag.
De mensen dachten dat ze Jezus snapten.
Maar ze hebben het helemaal mis,
want Jezus, hij is niet bij de doden.

1. Jezus bij de doden zoeken
dia 6 – Jezus bij de doden zoeken
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’, vragen de engelen.
Voor de vrouwen bij het graf is dat helemaal geen vraag:
Jezus is dood, waar zouden ze hem anders moeten zoeken?
Natuurlijk zoek je Jezus bij de doden!

dia 7 – alleen de herinnering blijft bestaan
Daarom zijn ze daar, die ochtend.
Vrijdag hadden ze in alle haast Jezus begraven.
Er was geen tijd voor afscheid en verdriet.
Nu, op de vroege zondagochtend, willen ze dat inhalen.
Willen ze Jezus de laatste eer bewijzen,
door zijn lichaam met olie te verzorgen.
Willen ze voor de laatste keer zitten aan zijn voeten,
en kijken naar die man die hun levens veranderd heeft.
Willen ze huilen omdat het nooit meer hetzelfde zal zijn.
Alleen de herinnering aan Jezus zal voortleven.
En waar kun je die herinneringen beter zoeken dan hier,
in het graf, Jezus’ laatste rustplaats?

Wij kennen het vervolg van het verhaal:
Jezus is niet dood, hij leeft.
Jezus heeft zelfs verteld dat het zo zou gaan,
bijvoorbeeld in Lucas 9: ‘maar op de derde dag zal hij uit de dood worden opgewekt.’
Ze hadden het dus kunnen weten!
Geloofden ze Jezus soms niet?

dia 8 – opstanding past niet in het systeem
Probeer je even in die vrouwen in te leven.
Zo gek is het niet dat ze denken dat Jezus dood is.
Zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar:
dode mensen worden niet weer levend.
De dood is definitief.
Alleen Jezus kon er een einde aan maken,
maar ja, die is nu dood…
Dat Jezus zou opstaan uit de dood, dat paste gewoon niet in hun systeem.
Trouwens, ook niet in ons systeem.

dia 9 – televisie
Als je 500 jaar terug in de tijd zou kunnen gaan,
en dan de mensen daar zou moeten uitleggen wat een televisie is,
dan zouden ze je ook nooit gaan begrijpen.
Een schilderij dat steeds verandert en waar ook nog geluid uit komt…
Dat bestaat gewoon niet!
Hoe vaak je daar ook zou vertellen over een televisie,
de mensen zouden het toch nooit begrijpen.

dia 10 = dia 8
Zo is het met de opstanding van Jezus ook.
Hij heeft het er van tevoren wel over gehad,
maar de mensen konden het niet begrijpen.
Het past gewoon niet bij de wereld die zij kennen.
Dit is nieuw, dit is totaal anders.
Geen wonder dat ze Jezus bij de doden zoeken.
En natuurlijk reageren de andere leerlingen sceptisch
als de vrouwen hen proberen aan te praten dat Jezus leeft.
Dat kan gewoon niet!
Die vrouwen hebben slecht geslapen,
ze zijn emotioneel helemaal op, die kun je niet geloven.
Jezus is gewoon dood, punt.

dia 11 – wie Jezus was in plaats van wie Jezus is
Natuurlijk zoeken ze Jezus bij de doden!
En vandaag kunnen wij ook zomaar in die valkuil stappen.
Door te zoeken naar herinneringen aan Jezus,
in plaats van Jezus vandaag als de levende te ontmoeten.
Je leert Jezus niet kennen als je alles over hem leest.
Je leert Jezus niet kennen als je naar Israël gaat en daar zijn graf bezoekt.
Je leert Jezus niet kennen als hij in de geschiedenisboekjes blijft,
en alleen maar in de herinnering voortleeft.
Jezus bij de doden zoeken,
het is veel weten over wie Jezus was maar niets over wie hij vandaag voor je is,
het is veel studie doen naar Jezus, maar niet of nauwelijks in gebed met hem omgaan.

2. Jezus is niet bij de doden!
dia 12 – Jezus is niet bij de doden!
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Ook al is het volstrekt logisch om Jezus daar te zoeken,
toch stellen de engelen deze vraag.
En voor hen is het geen flauwe vraag:
ze verbazen zich er oprecht over waarom die vrouwen nog bij het graf komen.
Want Jezus had het gezegd, dat hij zou opstaan.
Ja, ze hadden het kunnen weten,
als ze echt naar Jezus hadden geluisterd,
en hun zicht niet vertroebeld was door hun eigen kokervisies.
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Het is geen vraag maar een boodschap:
Jezus is niet bij de doden!

dia 13 – alles blijkt anders
Langzaam dringt het bij de vrouwen door.
Als de engelen doorpraten,
Jezus’ eigen woorden in herinnering brengen,
komt het bij de vrouwen binnen.
‘O, wacht, ja, ja, het klopt, het klopt!’
Bij Petrus gaat het al net zo.
Terwijl de andere leerlingen nog denken
dat de vrouwen emotioneel ontoerekeningsvatbaar zijn,
haakt het bij Petrus.
Hier is iets aan de hand, en hij wil weten wat!

Het doet mij denken aan de verrassende ontknoping van een spannend boek.
Dat alle radertjes in je hoofd als een gek gaan draaien,
dat je het niet snapt, dat je honderden vragen hebt,
en dat langzaam het plaatje duidelijk wordt.
Dat alles anders is dan je dacht,
en dat als je het boek opnieuw zou lezen,
je opeens allemaal dingen leest die je eerder gewoon over het hoofd had gezien.

Zoiets gebeurt met de vrouwen en met Petrus.
Dat Jezus leeft, het paste niet in hun systeem.
Dan kun je twee dingen doen:
ontkennen dat Jezus leeft of je systeem aanpassen.
Ze doen het laatste: ze leren op een heel nieuwe manier te kijken,
naar Jezus, naar zichzelf en naar het leven.
Als Jezus is opgestaan, dan is alles anders dan gedacht!
Het is van een volstrekt andere orde, het past in geen enkel systeem,
het zet hoe je naar het leven kijkt helemaal op de kop.
Opeens begrijpen de vrouwen dat ze een kokervisie hadden.
Ze moeten Jezus opnieuw leren kennen.
De opstanding van Jezus past niet in onze kokervisies,
past niet bij het zoeken naar Jezus bij de doden:
Jezus is niet dood, hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag!

dia 14 – Jezus is koning in de hemel en op aarde
Een ‘volstrekt andere orde’ noemde ik het net.
Wat is dat compleet nieuwe, dat alles verandert?
Het is dat Jezus gestorven is en leeft,
dat hij met een hemels lichaam op aarde is,
dat hemel en aarde elkaar in hem ontmoeten.
Het is dat Jezus niet in alleen in de herinnering voortleeft,
als een wijze leraar die veel voor mensen betekend heeft.
We hoeven niet ‘in zijn geest’ hem na te doen
om van de wereld een betere plek te maken,
hij brengt zelf zijn koninkrijk op aarde.
Jezus is de koning van hemel en aarde,
zijn dood blijkt de genadeslag voor al het kwaad te zijn.

Dit is zo’n verrassende ontknoping, alles blijkt anders te zijn,
een ontknoping ook waar je honderden vragen bij kunt stellen.
‘Hoe zit het dan met dit?’, en ‘wat betekent dit hier nu voor?’
Met die vragen ben je nooit klaar.
De opstanding van Jezus blijkt altijd weer groter,
verwondert je alleen maar meer.

3. De levende Jezus zoekt je
dia 15 – de levende Jezus zoekt je
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Die vraag is voor ons een uitdaging.
Blijf je Jezus bij de doden zoeken?
Of ga je anders aankijken tegen Jezus, de wereld en het leven?
Het daagt je uit om je kokervisie aan de kant te zetten.

dia 16 – herken Jezus…
Maar als je Jezus niet bij de doden moet zoeken, wat moet je dan wel?
Het lijkt eigenlijk best wel voor dat hand te liggen:
dan moet je Jezus gewoon bij de levenden zoeken.
Dat klinkt simpel, en het is te simpel.
Want waar moet je dan zoeken?
Als Jezus leeft, dan kan hij overal zijn!
Dat de leerlingen naar Jezus zoeken, levert niets op.
Ze ontmoeten Jezus pas als Jezus zich laat zien,
als Jezus het is die hen zoekt!
Wij kunnen Jezus wel zoeken, maar het begint met dat Jezus zoekt.
Laat je je door de levende vinden?
Of vind je het idee zo belachelijk dat je hem simpelweg niet herkent?
Omdat het gewoon niet in je systeem past?

Klasina, jij belijdt vandaag in ons midden dat Jezus leeft.
Jezus heeft jou gezocht!
Klasina, jij bent door Jezus gevonden, jij hebt Jezus herkend,
en nu mag jij getuigen dat Jezus leeft!

dia 17 – …in wat hij doet
Als Jezus je zoekt – en dat doet hij! – dan kun je hem overal herkennen.
Ik wil er nu nog twee van noemen.
Het eerste: je kunt Jezus herkennen in wat hij doet.
Je hoeft niet naar de plaatsen waar Jezus ooit geweest is
om door hem gevonden te worden.
Hij is overal, en laat overal zijn handtekening achter.
Je kunt hem herkennen in het werk van het Leger des Heils
op de Wallen in Amsterdam.
Maar je hoeft zelfs niet zo ver van huis.
Je kunt Jezus ook in Franeker, of Dronrijp, herkennen.
Overal waar mensen met Jezus leven,
overal waar mensen vergeven, liefhebben en zichzelf verloochenen,
mag je Jezus herkennen.
Niet het lege graf bewijst dat Jezus is opgestaan,
maar wat Jezus doet in de levens van mensen die hem herkennen.

dia 18 – …aan zijn maaltijd
Het tweede: volgende week vieren we de maaltijd van de Heer.
Klasina, jij mag het voor het eerst meevieren.
Ook daar aan tafel mag je Jezus als de levende ontmoeten.
Het avondmaal is geen herinnering aan wie Jezus was,
ja natuurlijk denken we terug aan zijn sterven en leven,
maar het is allereerst een ontmoeting met wie Jezus is.
En wie volgende week aan tafel gaat,
doet zelf ook weer belijdenis van zijn of haar geloof:
dat Jezus niet dood is, maar de levende Heer.

Jezus is niet bij de doden, hij leeft en zoekt je.
Mag hij jou vinden?
Dan zul je echt leven, met hem!
Amen.




Johannes 21:12 – De after-Pasen-dip

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe. Bij deze preek is preekverwerkingsmateriaal beschikbaar:

Liturgie

  • Zingen: Psalm 95 : 1, 2 en 3
  • Stil gebed
  • Votum en groet
  • Zingen: Opwekking 407
  • Gebed
  • Kinderen naar club
  • Lezen: Johannes 21 : 1 – 14
  • Zingen: Psalm 93 : 1, 2 en 3
  • Preek over Johannes 21 : 12
  • Zingen: LvK Lied 75 : 1, 2 en 3
  • Kinderen terug
  • Lezen wet
  • Zingen: LvK Lied 442 : 1, 2 en 4
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen: GKB Gezang 111
  • Zegen

De after-Pasen-dip

Inleiding
dia 1 – zwart
Leuke dingen vliegen vaak voorbij.
Als je ergens veel zin in hebt, een feest bijvoorbeeld,
moet je vaak heel lang wachten voordat het eindelijk begint,
maar voor je het weet is het alweer afgelopen
en zit je weer midden in je gewone leven.

Een paar jaar geleden waren Hanneke en ik op vakantie in Engeland,
het was een prachtige vakantie en we konden heerlijk uitrusten.
Maar aan elke vakantie komt een einde,
en ook deze vakantie was veel te snel afgelopen.
En dan begint de stress van het gewone leven weer.

dia 2 – natte tent
Het begon al bij het inpakken op de camping.
We kampeerden in een tentje, en het was dus in Engeland,
dus de tent was drijfnat.
Zie hem dan maar eens goed ingepakt te krijgen…
De terugreis begon dus al goed.

dia 3 – snelweg
We vertrokken ’s ochtends van de camping,
en de boot zou pas ’s avonds vertrekken.
Alle tijd dus om over een toeristische route naar de veerhaven te rijden,
van je laatste vakantiedag moet je per slot van rekening gebruik maken.
Halverwege de middag kwamen we er achter dat we niet echt opschoten,
en dat we maar beter rechtstreeks naar de haven konden rijden.
Maar het leek wel alsof de wereld in slow-motion was gezet.
Hoe kon dat nou, want volgens de kaart was het helemaal niet ver meer?

dia 4 – mijlen
Wie wel eens in Engeland is geweest, voelt hem misschien al wel aankomen.
Engelsen moeten altijd alles anders doen:
ze betalen met ponden, ze rijden links, ze drinken thee met melk,
én ze hebben geen kilometers maar mijlen…
Dat wisten we best, maar we dachten dat een ANWB-kaart
toch wel gewoon met kilometers zou werken.
Niet dus…

dia 5 – boot
Om een lang verhaal kort te maken:
met veel stress hebben we de boot gemist.
Gelukkig konden we nog wel worden omgeboekt naar een volgende boot.
Maar natuurlijk baalden we behoorlijk.
Eindelijk kwamen we toch in Nederland, diep in de nacht,
en we roken huis al.
Het mocht niet zo zijn:
twee wegopbrekingen met onduidelijke omleidingen…

dia 6 – zwart
Zodra we toch thuis kwamen, wilden we zo snel mogelijk naar bed.
Maar in de auto lag nog altijd een natte tent.
Die moest nog wel even opgehangen worden.
En alsof het niet al genoeg tegenzat,
knapte de waslijn onder het gewicht van het tentdoek.

Welkom thuis in Nederland, welkom in het gewone leven.
Twee weken konden we heerlijk uitrusten,
en uiteindelijk kwamen we gestrest en vermoeid thuis.
Het gewone leven gaat verder,
en de vakantie lijkt al heel ver weg.
De after-vakantie-dip is begonnen.

1.    Verder na Pasen
dia 7 – after-Pasen-dip?
Het is nog maar een week geleden dat we het paasfeest hebben gevierd,
een uitbundig feest omdat Jezus leeft.
Maar wat lijkt het alweer ver weg!
Het was zo feestelijk, maar hoe kun je dat vasthouden?
Het gewone leven slokt ons al snel weer helemaal op.
En dat Jezus leeft, wat merk je daar nu eigenlijk van?
Het leven gaat gewoon door hoor!
Ik noem het maar de after-Pasen-dip.
En vanmorgen staan we daar bij stil:
hoe ga je om met je after-Pasen-dip?
Hoe houd je vast dat Jezus leeft?

dia 8 – Pasen lijkt ver weg
Voor Jezus’ leerlingen is dat ook niet makkelijk.
Zij leven in een hele vreemde tijd.
Eerst liep het volk met Jezus, hun meester, weg,
maar even later gaven ze hem de doodstraf.
En terwijl de leerlingen nog vol verdriet zijn,
staat Jezus op en laat zich aan de leerlingen zien.
De stemming slaat weer om: Jezus leeft!

Maar de tijd gaat verder.
Ja, Jezus is opgestaan, dat weten ze.
Maar ze zien niet zo veel meer van Jezus.
Eerst trokken ze altijd met hem op.
Nu niet meer.
Ze kunnen niet eens naar Jezus toe gaan.
Zo af en toe zien ze hem nog, als Jezus daar zelf voor kiest.
Pasen lijkt alweer ver weg.

dia 9 – het leven gaat gewoon door
En er moet ook gewerkt worden.
Je kunt niet altijd feest vieren.
Het leven gaat ook gewoon door.
Ook voor Petrus, die visser is.
Op een avond gaat hij vissen,
en een paar anderen uit de groep gaan met hem mee.
Heel gewoon, alsof er niets met Jezus gebeurd is.
Maar wat valt het tegen.
De hele nacht zijn ze hard aan het werk,
maar ze vangen helemaal niets.
Dat kunnen ze er ook nog wel bij hebben…
Jezus leeft, dat zal best,
maar op dit moment hebben ze andere dingen aan hun hoofd.

Het is wennen voor de leerlingen.
Met Pasen leek het erop dat alles weer zou worden zoals het was,
dat Jezus ontsnapt was aan de dood,
en gewoon weer verder zou gaan met rondtrekken in Israël.
Maar nee, Jezus leeft wel, maar hij staat op afstand.
En als Jezus aan het begin van de morgen verschijnt,
staat hij ook op een afstandje, op de oever van het meer,
en herkennen ze Jezus eerst helemaal niet.

Hoe ga je verder na Pasen?
Hoe kun je dat feest blijven vasthouden,
blijven vieren dat Jezus ook vandaag leeft?
Hoe kun je Jezus herkennen in het gewone leven,
zodat de after-Pasen-dip geen vat op je krijgt?

2.    Jezus herkennen
dia 10 – Jezus herkennen
Pasen is het feest,
niet alleen van dat Jezus is opgestaan,
maar ook van dat Jezus nog altijd leeft.
En met die verschijning in Johannes 21 wil Jezus
zijn leerlingen en ons helpen om hem te herkennen.
Zodat Pasen ook echt iets voor je betekent.

dia 11 – leerlingen herkennen Jezus eerst niet
Als ze bij Jezus op strand zitten,
en Jezus hen brood en vis geeft, wat hij net heeft geroosterd,
begrijpen de leerlingen het allemaal: dit is Jezus, de Heer.
Ze kunnen er gewoon niet meer onderuit.
Maar in eerste instantie herkennen ze Jezus niet.

Na die rampzalige nacht, waarin ze geen vis gevangen hebben,
komt het bootje weer wat dichter bij de oever.
Daar staat een man.
Eerst letten ze niet zo op hem, maar hij probeert hun aandacht te trekken.
Over het water schreeuwt hij: ‘zo jongens, nog wat vis gevangen?!’
Een pijnlijke vraag, en het antwoord is een kortaf ‘nee’.
Maar de man weet van geen ophouden:
‘probeer het eens aan de andere kant!’
Nou ja, ze hebben nu niets, dus ze hebben niets te verliezen.
Ze gooien het net aan de andere kant van de boot…
…en ze kunnen hem niet meer in de boot tillen, zo veel vis zit erin!

dia 12 – vis
En Johannes heeft het door.
Deze mysterieuze man, het is Jezus!
Johannes herkent hem, niet aan zijn gezicht of zijn stem,
maar aan wat hij doet.
Een hele nacht niets vangen, en dan opeens een net dat uitpuilt,
dat moet Jezus zijn!
En Johannes zegt het direct tegen de anderen.

dia 13 – help elkaar Jezus te herkennen
Eigenlijk vind ik het wel mooi dat Johannes de enige is die Jezus herkent.
Blijkbaar is het niet altijd zo makkelijk om Jezus te herkennen.
En is het ook geen schande als je dat moeilijk vindt.
Anderen zien soms meer dan jijzelf.
Vertel elkaar maar waar je Jezus in herkent.
Net zoals Johannes zegt: ‘jongens, het is de Heer!’
Het is de moeite waard om naar elkaar te luisteren.
Jezus herkennen, dat hoef je niet in je eentje te doen.

dia 14 – aan de slag met wat Jezus zegt
Maar hoe kun je zelf Jezus herkennen?
Bij Johannes begint dat doordat ze naar Jezus luisteren,
ze doen wat hij tegen hen zegt.
Om Jezus te herkennen hoef je niet te zitten wachten
tot Jezus zich eindelijk weer eens laat zien.
Luister maar gewoon naar alles wat hij zegt, en ga er mee bezig!
De bijbel staat er vol mee.
Het gaat over het eeuwige leven, de nieuwe wereld van God,
een wereld van liefde en recht.
Laat dat je beheersen.
In je dagelijkse bezigheden, want dagelijkse dingen horen er gewoon bij,
en ook in het delen van het goede nieuws.
Als je Jezus wilt herkennen, begin maar gewoon met doen wat hij zegt,
dan zul je zien wat hij allemaal doet.

Dat doet hij trouwens ook wel zonder ons.
Het is niet zo dat wij van alles moeten doen
omdat Jezus anders niets zou kunnen…
God is niet van mij afhankelijk.
Als de leerlingen op het strandje komen,
ligt er al genoeg vis klaar.
Maar naar Jezus luisteren helpt wel om hem te herkennen,
en op je eigen plek mag je dan ook iets bijdragen aan Gods nieuwe wereld.

3.    Is het Jezus wel?
dia 15 – is het Jezus wel?
Luisteren dus naar Jezus en doen wat hij zegt,
dan kun je herkennen dat Jezus nog altijd leeft
en Pasen verschil maakt.
Maar dat blijft nog wel ongrijpbaar.
Hoe kun je nu zeker weten dat Jezus iets doet?
En als je Jezus moet zien in vage dingen als liefde en recht,
is dat dan Jezus nog wel?

dia 16 – Jezus is ongrijpbaar
Voor Jezus’ leerlingen is het wat dat betreft makkelijker.
Jezus staat daar echt op het strand,
ze kunnen hem aanraken en hij geeft hen te eten.
Ze zitten daar met z’n allen rondom een vuurtje,
en het voelt weer een beetje zoals vroeger,
toen Jezus nog niet gedood was.

En toch is het ook voor de leerlingen ongrijpbaar.
Ze kennen Jezus behoorlijk goed,
ze hebben drie jaar met hem opgetrokken.
Wat hebben ze samen veel gegeten.
Wat dat betreft is het heel vertrouwd.
En toch schrijft Johannes op:
‘geen van de leerlingen durfde hem te vragen wie hij was.’

Ze begrijpen dat Jezus  het is,
en ze durven het niet te vragen.
Het voelt heel vertrouwd om samen eten,
maar het is tegelijk ook zo anders.
Ze eten met de oude Jezus, de Jezus die ze goed kennen,
maar toch ook weer niet.
Het is zo verwarrend.
Ja, het is Jezus, maar wie is hij eigenlijk?
Ook al ontmoeten de leerlingen Jezus tenminste nog lichamelijk,
toch is hij ook voor hen ongrijpbaar, mysterieus.

dia 17 – klap in gezicht
Het is nog niet zo makkelijk om Jezus aan te wijzen.
Vorige week, vlak voor Pasen, las ik een berichtje
over een  jonge man in Iran die ter dood was veroordeeld.
Hij had een andere man vermoord.
Hij zou worden opgehangen en alles stond al klaar.
Het touw zat zelfs al om zijn hoofd heen.
Maar in Iran heeft de familie van het slachtoffer
het recht om de straf niet te laten doorgaan.
De familie kan dat laten zien door het slachtoffer een klap in het gezicht te geven.
De moeder van het slachtoffer deed dat.
Er valt meer over te zeggen, maar laten we het hier maar even bij houden:
die dader kreeg onverdiende liefde, genade.

dia 18 – toch mag je Jezus herkennen
Is dat Jezus?
Die mensen waren niet eens christenen, maar moslims.
Kun je dan wel zeggen dat je Jezus daar ziet?
Nou, als je het wilt zien,
dan mag je weten dat hij er iets mee te maken heeft.
Want zonder God is er helemaal geen liefde.
En tegelijk kun je niet zomaar een stempeltje drukken:
‘o ja, duidelijk, dat is Jezus’.

Het is nog niet zo gemakkelijk om Jezus aan te wijzen.
En ik ben blij dat Jezus’ leerlingen die moeite ook al hadden.
Dat hoort er dus gewoon bij!
Jezus is waar wij nog niet zijn.
Maar daarom hoeven we nog niet te zeggen dat hij er niet meer is
en dat hij zich niet meer laat zien.
We mogen gewoon zeggen waar we Jezus herkennen,
terwijl hij ongrijpbaar blijft.

4.    Aan tafel
dia 19 – aan tafel
Als de leerlingen Jezus herkend hebben,
gaan ze samen eten.
Een hele gewone maaltijd, van geroosterd brood en vis.
Een soort strandbarbecue.
Aan tafel, tijdens de maaltijd, ontmoeten ze Jezus pas echt.

dia 20 – samen eten is een kans…
En dat is vaker zo.
Dat was het ook al voor Jezus’ dood.
In de evangeliën worden heel wat maaltijden beschreven.
Veel gesprekken van Jezus  met zijn leerlingen ontstaan tijdens een maaltijd.
Eén van die maaltijden is zelfs symbool geworden voor Jezus’ dood.
Er is iets aan de hand met eten.
Eten is meer dan je honger bestrijden.
Eten is lekker, en samen eten is gezellig.
Eten is een geweldige gelegenheid om Jezus en elkaar te ontmoeten.

Als je Jezus wilt herkennen, waar begin je dan?
Want doen wat Jezus zegt, dat is zo groot,
hoe kun je daar in je eigen leven nou iets  mee doen?
Het kan ongetwijfeld op heel veel manieren,
maar samen eten, net zoals Jezus en de leerlingen doen,
kan een goede en simpele manier zijn
om naar Jezus te luisteren, hem te gehoorzamen en hem te herkennen.

dia 21 – …om te luisteren, gehoorzamen en herkennen
Naar Jezus luisteren door even stil te staan van je dagelijkse bezigheden,
eten is een moment van rust, van bijkomen,
en daarom is het ook mooi om aan tafel uit de bijbel te lezen.
Luisteren doe je ook door te beseffen dat je van God afhankelijk bent,
dat ook eten een geschenk van hem is.
Jezus gehoorzamen doe je door  tijd te nemen voor elkaar,
als je samen eet kun je elkaar ook liefde geven en helpen,
kun je elkaar kennen en je leven delen.
En dan mag je Jezus ook herkennen,
in zijn goede zorg, in liefde, in de dingen die je met elkaar deelt.
Als je samen eet, en dan ook tijd neemt voor Jezus en elkaar,
dan mag je Jezus zien.

Ik vind het prachtig dat Jezus met zijn leerlingen gaat eten.
Het is iets heel simpels, iets wat je elke dag doet.
Maar bij Jezus doet het ertoe.
Eten is voor hem belangrijk.
En het is een vooruitzicht op de toekomst,
waar hij als gastheer het eeuwige feestmaal voorbereid.
Een feestmaal dat nooit ophoudt,
waaraan je ook geen dip over houdt.

dia 22 – herken Jezus aan tafel
Zit je in een after-Pasen-dip?
Ga gewoon eens samen eten, en neem daarvoor de tijd.
Nodig iemand uit, uit de kerk, uit je straat,
of wie je ook maar tegenkomt.
En eet dan, rustig aan, luister en ontmoet.
Herken Jezus in heel gewone dingen, zelfs aan tafel.
Want Jezus leeft.

Amen.




Johannes 20:16 – Jezus leeft, en hij kent mij!

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie

  • Zingen: Opwekking 430 en Opwekking 733
  • Stil gebed
  • Votum en groet
  • Zingen: Psalm 150 : 1 en 2
  • Gebed
  • Kinderen naar club
  • Lezen: Johannes 20 : 1 – 18
  • Zingen: LvK Lied 215 : 1 en 2
  • Preek over Johannes 20 : 16
  • Zingen: Opwekking 461
  • Kinderen terug
  • Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 11
  • Zingen: Opwekking 687 : 1, 2 en 4
  • Belijdenis en doop
  • Getuigenissen Hielkje en Margriet
  • Luisterlied André en Letty
  • Onderwijs doop en belijdenis
  • Gebed
  • Belijdenis: vragen en zegenbede
  • Doop: vragen en doopbediening
  • Oproep aan gemeente
  • Zingen: Opwekking 710
  • Felicitaties
  • Luisterlied Emma
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen: GKB Gezang 99 : 1, 2 en 3
  • Zegen

Preek: Jezus leeft, en hij kent mij!

Inleiding

dia 1 – koffie

Ik kom regelmatig bij de HEMA,

en dan drink ik in het restaurant een kop koffie.

Zo’n lekker grote mok,

zodat je een half uur van je koffie kunt genieten.

De medewerkers van het restaurant herkennen me inmiddels ook.

En soms hoef ik helemaal niets meer te zeggen.

Als ik dan naar de kassa loopt, vraagt de medewerkster al:

‘een grote koffie maar weer?’

Zo’n momentje maakt mij blij.

Het is misschien heel klein en onbenullig,

maar het tovert wel een glimlach op mijn gezicht.

Die medewerkster herkent mij

en heeft de moeite gedaan te onthouden wat ik altijd bestel.

Ook al weet ze verder vrij weinig over mij,

ik voel me even gekend.

Ze behandelt me niet als de zoveelste klant van de dag,

maar als een persoon.

Dat willen we graag, persoonlijk behandeld worden.

We willen geen nummertje zijn, maar gekend worden.

Bedrijven proberen daar handig gebruik van te maken,

ook als ze je helemaal niet persoonlijk kennen.

En dan gaat het mis…

dia 2 – horloge

Een paar maanden geleden had ik een nieuw horloge nodig,

gewoon een simpel en goedkoop horloge,

en heb ik via Google op internet gezocht.

Een paar dagen later heb ik een horloge gekocht, in een gewone winkel.

Maar op internet achtervolgden horlogereclames me nog maanden lang…

Allemaal advertenties van veel te dure horloges

die ik ook had kunnen kopen.

Alsof ik daar nog op zat te wachten…

Google weet ongetwijfeld heel veel over mij,

maar ze kennen me niet.

Hoe persoonlijk ze het ook maken, het blijft nep.

dia 3 – Jezus leeft, en hij kent mij

Een persoonlijke benadering,

veel persoonlijker dan het beste restaurant ooit kan zijn,

zie je in de ontmoeting van Jezus met Maria.

Jezus kent haar, hij noemt haar naam.

En dan ziet Maria het: haar Jezus leeft!

Vanmorgen kijken we met Maria mee,

en ik hoop dat je het zelf ook mag ontdekken:

Jezus leeft, en hij kent mij!

Leeft Jezus?

dia 4 – leeft Jezus?

Het lijkt daar helemaal niet op,

op de zondag na Jezus’ dood.

Jezus is voorgoed verleden tijd.

En ook voor ons lijkt het al snel alsof Jezus dood is.

Hoe kun je geloven dat hij leeft?

dia 5 – Maria: Jezus is verleden tijd

Maria huilt.

De hele ochtend al.

Ze is vroeg naar het graf van Jezus gekomen.

Om dichtbij de man te zijn die zo veel voor haar betekende.

Voor ze Jezus had leren kennen,

was ze bezeten geweest door zeven boze geesten.

De mensen hadden praatjes over haar.

Maar Jezus had haar weer een leven gegeven!

Nu is Jezus dood, en Maria wil hem de laatste eer bewijzen.

Vrijdag hadden ze hem begraven, het was allemaal heel snel gegaan,

te snel voor het verdriet van Maria.

Dus op zondagmorgen is ze er weer.

Maar als ze bij het graf komt, ziet ze dat het open is.

‘Nee hè’, denkt ze, ‘wat nu weer?

Alsof ik het niet al moeilijk genoeg heb…’

De begrafenis vrijdag was zo snel gegaan,

de beheerder van de begraafplaats zal Jezus wel een betere plek hebben gegeven.

Maar hoe kan Maria hem nu vinden?

Dit kan ze er niet meer bij hebben,

dus ze vraagt Petrus en Johannes om hulp.

Maar daar heeft ze weinig aan.

Zij zien het lege graf ook,

bij Johannes begint er wat te dagen,

maar Maria maakt het niet mee.

En weg zijn Petrus en Johannes alweer.

Maria blijft achter.

Als er geen lichaam meer is van Jezus,

dan kan ze tenminste nog rouwen op de laatste plek waar hij geweest is.

Het spookt in haar hoofd:

alles zal weer worden zoals het was.

De boze geesten zullen terugkomen en de mensen zullen weer over haar praten.

Want Jezus is dood.

dia 6 – Jezus is opgestaan, maar leeft hij ook?

Maria houdt er geen moment rekening mee dat Jezus leeft.

Waarom zou ze ook?

Misschien kun je dat zelf ook niet geloven,

omdat de dood nu eenmaal het einde is.

Maar ook als je wel kunt geloven dat Jezus is opgestaan,

is dat nog iets heel anders dan geloven dat Jezus leeft.

dia 7 – Willem van Oranje

Je kunt de opstanding van Jezus zien als een gebeurtenis van lang geleden.

Iets wat een plek heeft in de geschiedenisboekjes,

naast allerlei andere gebeurtenissen van vroeger,

bijvoorbeeld de moord op Willem van Oranje.

Een interessant feitje als je van geschiedenis houdt,

maar voor je eigen leven betekent het niets.

Je haalt je schouders er over op.

dia 8 = dia 6

Dat Jezus is opgestaan, dat zal wel, maar dat Jezus nog altijd leeft?

Dat is moeilijk te geloven.

Vaak denken we toch aan Jezus als iemand van vroeger,

alsof hij later alsnog overleden is.

En wat is er nu veranderd?

In de wereld gaat alles nog net zo als vroeger.

We worden zelfs weer bang voor de Russen.

De koude oorlog, die ik alleen uit de geschiedenisboekjes ken, komt weer terug.

En de dood heeft nog steeds het hoogste woord.

Leeft Jezus wel?

2.Jezus kent mij!

dia 9 – Jezus kent mij

Ja, Jezus leeft, en hij kent jou!

Dat Jezus is opgestaan, is geen interessant wetenswaardigheidje

waarmee je misschien nog eens een quiz kunt winnen.

Het is ook geen sterk verhaal waardoor je de moed erin houdt.

De opstanding van Jezus is heel persoonlijk:

Jezus leeft, en hij kent mij!

Maria staat nog bij het graf als ze hem tegenkomt.

Een hele gewone man.

Maria denkt nog steeds dat de beheerder van de begraafplaats

Jezus in een ander graf heeft gelegd.

Dit zou wel eens de man kunnen zijn die ze nodig heeft,

en ze begint een heel verhaal.

dia 10 – een naam is veel meer dan een argument

De man luistert en laat haar praten,

en dan ineens zegt hij haar naam: ‘Maria’.

Er gaat een schok door Maria heen.

‘Deze man kent mij!

Nee, het zal toch niet waar zijn?’

Razendsnel gaan Maria’s gedachten.

En het dringt tot haar door: Jezus leeft!

Jezus had een heel verhaal tegen Maria kunnen afsteken.

Hij had Maria kunnen herinneren aan zijn eigen woorden

en haar verwijten kunnen maken.

In plaats daarvan noemt hij haar naam: ‘Maria’.

Jezus kiest de persoonlijke weg.

Juist dat overtuigt Maria.

Hoe kun je geloven dat Jezus leeft?

Je kunt boekjes gaan lezen met allerlei argumenten,

en waarschijnlijk kom je ook nog best goede argumenten tegen.

Maar dat Jezus leeft, is te groot voor argumenten.

Als Jezus je naam noemt, zoals hij Maria’s naam noemt,

dan is dat toch veel meer dan welk argument ook?!

dia 11 – Jezus noemt ook jouw naam

Het goede nieuws: Jezus doet dat!

Jezus kent je, hij wil een relatie met je, hij noemt je naam.

Al bij de doop zegt Jezus dat hij je kent.

‘Mirjam, ik leef! Demy, ik leef!’

André, Letty, Hielkje en Margriet,

tegen jullie heeft Jezus dat al lang geleden gezegd.

Vandaag zeggen jullie dat jullie zijn persoonlijke stem hebben herkend,

dat jullie geloven dat hij leeft.

Jezus zegt het tegen ons allemaal: ‘ik ken je, ik leef!’

Nee, niet zo rechtstreeks als tegen Maria.

Maar hij zegt het, ook vandaag weer.

Hij zegt het door zijn woord heen,

bijvoorbeeld door een bijbeltekst die je raakt

hij zegt het ook door zijn volgelingen heen,

als ze vertellen over hoe zij Jezus kennen.

De vraag is of je het wilt horen.

Kun je geloven dat als je luistert,

je inderdaad Jezus kunt vinden,

of denk je dat je alleen de beheerder van de begraafplaats kunt vinden?

Luister naar Jezus en hoor wat hij zegt:

‘ik leef, en ik ken je!’

3.Leef met Jezus

dia 12 – leef met Jezus

Jezus is niet alleen opgestaan, hij leeft nog steeds!

Als Jezus Maria’s naam noemt, herkent ze hem.

En dan heeft Maria ook niet veel woorden nodig.

Zij kent Jezus als haar Heer.

En dat zegt ze: ‘Rabboeni, Meester’.

Het is de kortste geloofsbelijdenis die er is.

dia 13 – laat Jezus geen feitje zijn maar een persoon

Uit die korte belijdenis van Maria wil ik twee dingen halen.

Het eerste: laat Jezus geen feitje zijn, maar een persoon.

Ik noemde al even dat Willem van Oranje ooit is vermoord,

en dat geloof ik direct.

Ik kan het onthouden, en misschien komt het me nog eens van pas.

Zo kun je met de opstanding van Jezus ook omgaan:

een feitje dat je gelooft en in je geheugen opslaat.

Maar geloven in Jezus is een relatie met een persoon.

Maria zegt niet: ‘nu zal ik het onthouden’, dat zou ook nergens op slaan,

maar: ‘u bent mijn Heer, ik wil bij u zijn.’

dia 14 – neem Jezus serieus

Dan het tweede: neem Jezus serieus.

Maria noemt Jezus ‘meester’.

Dat betekent dat Jezus je iets te zeggen heeft.

Als Jezus dood zou zijn,

dan kon je alles wat hij tijdens zijn leven heeft gezegd

nog afdoen als mooie praatjes.

Maar omdat Jezus leeft, is er ook alle reden om hem serieus te nemen.

Hij heeft eeuwig leven beloofd in zijn nieuwe wereld,

een leven dat vandaag begint als je hem kent en voor hem leeft.

Jezus is geen praatjesmaker, hij heeft alle macht!

Voor Maria is dat een geweldige opluchting:

ze hoeft niet bang te zijn voor geesten of mensen.

Ook al lijkt er in de wereld weinig veranderd,

aan de dood is in ieder geval nog geen einde gekomen,

Jezus’ leven laat ons de toekomst al zien.

dia 15 – Jezus leeft!

Zeg het Maria maar na:

‘Rabboeni, Jezus, u bent ook mijn Heer,

u bent niet iemand uit een ver verleden, u leeft, nog altijd.’

Laat hem zo de levende zijn in jouw leven.

Want hij leeft!

Amen.




Matteüs 28:5-6 – Pasen maakt alle verschil

Liturgie

Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2, 3 en 4 (Daar juicht een toon)

Zingen: Psalm 150 : 1 en 2

Stil gebed

Votum en groet

Zingen: Opwekking 354 (Glorie aan God)

Gebed

Kinderen naar club

Lezen: Matteüs 28 : 1 – 10

Zingen: Psalm 30 : 1, 2 en 3

Preek over Matteüs 28 : 5 – 6

Zingen: LvK Lied 217 : 1, 2 en 4 (Jezus leeft en ik met hem)

Kinderen terug

Kinderlied:

Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 14

Zingen: LvK Lied 205 : 1, 4 en 6 (Nu triomfeert de Zoon van God)

Gebed

Collecte

Zingen: GKB Gezang 99 (U zij de glorie)

Zegen

Preek: Pasen maakt alle verschil

dia 1 – lijstje

Elk jaar, ergens in de maand december,

duiken ze weer op: lijstjes.

Een top-100 van de beste muziek die in het jaar gemaakt is,

een top-25 van bestverkopende automerken,

een top-10 van trending topics op Twitter,

en een overzicht van de belangrijkste nieuwsfeiten.

Ik kan nog veel meer lijstjes noemen,

maar laten we even stilstaan bij die laatste:

wat zijn de belangrijkste gebeurtenissen van het jaar?

Wat zal er in december in dat lijstje voor 2013 staan?

dia 2 – kranten

We zijn natuurlijk nog niet eens op de helft van het jaar,

maar van een paar dingen kun je al wel zeggen

dat het in alle jaaroverzichten terug komt.

Uiteraard gaat het over de euro.

Deze week was uitgebreid in het nieuws

hoe Cyprus van een faillissement is gered.

En er zullen vast nog wel meer landen volgen…

Het zal ook gaan over de bezuinigingen van het kabinet,

want dat raakt ons in onze eigen portemonnee.

Daarom is het belangrijk nieuws.

In Syrië woedt nu al een kleine twee jaar een burgeroorlog,

laten we hopen dat daar dit jaar een einde aan komt.

En nieuws wat dichter bij huis:

deze week is de rechtszaak tegen Jasper S. begonnen.

Dat roept heftige emoties op.

Om ook nog positief nieuws te noemen:

dat Willem Alexander koning wordt,

is natuurlijk groot nieuws.

dia 3 – nieuws 2003

Ik heb ook eens gekeken naar wat ons tien jaar geleden bezighield.

Wat gebeurde er allemaal in 2003?

Ik moest het opzoeken, want ik wist het echt niet meer.

Terwijl er toch wel wat dingen gebeurd zijn in dat jaar:

het tweede kabinet Balkenende trad aan,

Frankrijk en Duitsland hielden zich niet aan de begrotingsregels van de eurolanden,

Amerika begint de oorlog in Irak en pakt Saddam Hussein op,

er is een rel rondom de verloving tussen prins Johan Friso en Mabel Wisse Smit,

en Lance Armstrong wint de Tour de France.

dia 4 – triviant

Zeg eens eerlijk: wie wist er meer dan twee van deze dingen te noemen?

Het nieuws van 2003, we zijn het vergeten.

Op het moment zelf is nieuws heel belangrijk,

soms wordt het zelfs ‘het nieuws van de eeuw’ genoemd,

maar een paar jaar later heb je er alleen nog wat aan

als je met een kennisquiz meedoet.

Ook het nieuws van 2013 zijn we zo weer vergeten.

dia 5 – zwart

Pasen is heel anders!

Dat Jezus is opgestaan, dat is pas wereldnieuws.

Vanaf dat moment is al duidelijk dat dit het belangrijkste nieuws is.

Van het jaar, van de eeuw, van onze jaartelling, van alle tijden.

Dit nieuws is niet morgen alweer achterhaald.

Het is zo groot, dat het nergens mee te vergelijken is.

Pasen maakt alle verschil van de wereld.

Ook vandaag.

1.Pasen is wereldnieuws!

dia 6 – pasen is wereldnieuws

Het is niet wat die vrouwen hadden verwacht,

Maria uit Magdala en de andere Maria, de moeder van Jezus.

Zij komen die zondag bij het graf om afscheid van Jezus te nemen.

Jezus betekende heel veel voor hen.

Nu weten ze niet meer hoe ze verder moeten.

Juist deze vrouwen, die alle hoop hebben verloren,

zijn getuige van dit grote moment.

Matteüs, die dit verhaal heeft opgeschreven,

laat op allerlei manieren zien hoe groot dit moment is.

dia 7 – aarde beeft

Dat begint met dat de aarde beeft.

Aardbevingen zijn natuurlijk altijd heftig,

maar dit is geen gewone aardbeving.

Hier beeft de aarde omdat er een engel komt.

God geeft door de aardbeving een teken:

‘let op, wat hier gebeurt, maakt alles anders.’

dia 7 – engel

Er komt een engel.

Dat is ook veelzeggend.

Op de belangrijkste momenten van de geschiedenis

zijn altijd engelen aanwezig.

Engelen waren er bij de schepping.

In Job 38 staat:

“Waar was jij toen ik de aarde grondvestte…

en Gods zonen (en dat zijn de engelen) het uitschreeuwden van vreugde?”

Rondom de geboorte van Jezus zijn er weer engelen.

Maria heeft van een engel gehoord dat ze zwanger was.

En als Jezus terugkomt,

zullen de engelen er weer bij zijn.

Dat God op die eerste Paasdag een engel stuurt,

laat zien dat het een heel bijzonder moment is.

dia 9 – bijzonder indrukwekkend

Het is ook nog eens een indrukwekkende engel.

Hij geeft licht als bliksem en is wit als sneeuw.

Tegen zoveel machtsvertoon van God

kunnen de bewakers niet op.

Ze vallen flauw van de angst.

Het is niet zo gek dat de engel de vrouwen eerst gerust stelt:

“wees niet bang”.

Natuurlijk waren ze bang!

Wat is hier toch aan de hand?

dia 10 – Jezus leeft!

De engel praat verder:

“Jullie zoeken Jezus die gekruisigd is,

jullie zoeken een dode man.

Maar hij is hier niet, want hij is niet dood.

Jezus is opgestaan, hij leeft!”

De oren van de vrouwen staan te klapperen:

wat zegt die engel?!

Jezus is niet dood?!

Is het dan toch niet het einde?

Even later zien ze Jezus zelf.

Ja, hij is echt opgestaan!

dia 11 – twin towers

Er zijn van die gebeurtenissen die iedereen zich weet te herinneren.

De meesten hier herinneren zich de aanslagen van 11 september 2001 wel.

Hoe live op de televisie te volgen was hoe een vliegtuig in de wolkenkrabber vloog.

Er is een wereld van voor en na 11 september.

Wie wat ouder is, herinnert zich ook de val van de Berlijnse muur.

Of de eerste mens die op de maan was.

En de ouderen herinneren zich

hoe Nederland in 1945 werd bevrijd van de Duitsers.

dia 12 – nieuw tijdperk

Dit soort gebeurtenissen hebben de wereld veranderd,

maar tegen Pasen kunnen ze niet op.

Als er één gebeurtenis is die de wereld verandert,

dan is het Pasen wel!

Er is een tijd voor Pasen en een tijd na Pasen.

Matteüs wil duidelijk maken

dat de opstanding van Jezus niet zomaar een wonder is,

van iemand die dood was, maar weer terugkomt.

Dit is een wonder dat de wereld op zijn kop zet.

Met de opstanding van Jezus begint een nieuw tijdperk,

begint een nieuwe wereld.

Niets zal meer hetzelfde zijn.

2.Kun je dit wel geloven?

dia 13 – kun je dit wel geloven?

Voordat we gaan kijken naar wat er dan allemaal verandert met Pasen,

wil ik eerst naar de vraag: ‘is het wel waar?’

Matteüs schrijft het allemaal wel zo mooi,

maar 2000 jaar later lijkt er in de wereld weinig veranderd.

Het is ook te mooi om waar te zijn…

Is die hele opstanding niet gewoon een fabeltje?

Ik kan natuurlijk niet bewijzen dat Jezus is opgestaan.

Ik ben er zelf niet bij geweest,

en er zijn ook geen foto’s of videobeelden van.

We moeten het doen met wat we er in de bijbel over lezen.

Maar dan zijn er ook best sterke argumenten voor te geven.

dia 14 – vrouwen

Waar je zomaar overheen leest,

is dat Jezus zich laat zien aan twee vrouwen.

Vrouwen…

In onze wereld worden natuurlijk grappen gemaakt

over de verschillen tussen man en vrouw,

maar eigenlijk is iedereen het er wel over eens

dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn.

Maar in die tijd was dat heel anders.

Ze vonden toen dat vrouwen niet geloofwaardig waren.

Al zeiden 10 vrouwen het ene, en 1 man het andere,

dan nog kreeg die ene man gelijk.

Gewoon, omdat hij man was.

Als Matteüs een verhaal had verzonnen,

en het een beetje geloofwaardig had willen maken,

dan hadden die vrouwen niet in dit verhaal gestaan.

Dan waren het mannen geweest die het lege graf hadden ontdekt.

Maar Matteüs verzint geen geloofwaardig verhaal,

hij schrijft op wat er gebeurt is.

dia 15 – absurd

Je zou kunnen denken:

‘nou ja, dan geloofden Matteüs en die vrouwen er in ieder geval in,

maar in die tijd was het ook gewoon wat gemakkelijker om in zoiets te geloven.

Inmiddels weten we dat het gewoon niet kan: opstaan uit de dood.’

Maar ja, dan moet je ook eerlijk zijn:

vroeger kon dat ook niet.

Als die vrouwen bij het graf komen,

dan houden ze echt geen rekening met dat Jezus opgestaan zou zijn.

De engel zegt zelf: “jullie zoeken een gekruisigde,

maar hij is opgestaan, zoals hij gezegd heeft.”

De vrouwen moeten aan Jezus’ woorden herinnerd worden,

want ze zijn het alweer vergeten.

Voor die vrouwen is het net zo absurd als voor ons

dat Jezus opgestaan zou zijn.

En toch geloven ze het, als ze het lege graf hebben gezien.

dia 16 – wat moet je ermee

Is Jezus echt opgestaan, is het echt gebeurd?

Dat vind ik nog best geloofwaardig.

Maar er is nog een diepere vorm van twijfel.

Dat Jezus toen is opgestaan, dat geloof ik best,

maar dat is het dan ook wel.

Het voelt helemaal niet als een moment waarop alles verandert.

Het leven gaat na Pasen al zo’n 2000 jaar gewoon door.

Wat betekent Pasen voor mijn leven?

Als je zulke twijfels hebt,

kijk dan ook maar naar die vrouwen.

Die hebben er geen idee van wat hen overkomt.

Zij kunnen echt niet overzien wat er nu allemaal verandert

en hebben geen idee wat ze ermee aan moeten.

Ik denk dat ze daar pas later wat van hebben begrepen.

En dat terwijl ze er met de neus bovenop stonden.

Het is dus helemaal niet zo gek

als je niet het gevoel hebt dat de opstanding van Jezus alles verandert.

3.Jezus had gelijk

Laten we het daar dan ook maar over hebben:

wat verandert er dan met de opstanding van Jezus?

dia 17 – Jezus had gelijk

Wat Pasen in ieder geval laat zien,

is dat Jezus gelijk had!

In zijn onderwijs heeft Jezus steeds benadrukt

hoe belangrijk het is om nederig te zijn

en om jezelf te verloochenen.

Jezus heeft dat in zijn leven ook steeds laten zien.

Juist in Matteüs komt dat uitgebreid naar voren.

Jezus zei dat we onze vijanden lief moeten hebben,

dat heeft hij zelf ook gedaan.

Hij waarschuwde voor machtsspelletjes,

wees liever de minste.

Zelf was hij dat ook,

hij zocht altijd het goede voor anderen.

Wie in Gods koninkrijk wil ingaan, moet zichzelf klein maken.

Want de laatsten worden de eersten.

dia 19 – opstanding bevestigt

Als Jezus niet zou zijn opgestaan,

dan zou alles wat Jezus had gezegd ongeloofwaardig zijn geworden.

Dan zou het verhaal heel tragisch eindigen:

het zou het verhaal zijn geweest van iemand die te goed was voor deze wereld,

en daar uiteindelijk zelf aan onderdoor is gegaan.

Het verhaal van een laatste die altijd een laatste bleef,

omdat hij niet voor zijn rechten opkwam.

Iemand die mooie verhalen had over hoe alles in Gods koninkrijk wordt omgekeerd,

maar achteraf gewoon een te grote fantasie had.

Als Jezus niet zou zijn opgestaan…

Maar hij is het wel!

Jezus’ leven is geen triest verhaal,

zijn onderwijs is geen onzin.

Hij is de minste van alle mensen geworden,

en zo is hij de eerste in Gods koninkrijk geworden.

Pasen betekent dat Gods koninkrijk echt is!

Jezus zelf heeft steeds dit uitzicht gehad.

De vrouwen bij het graf zijn het vergeten,

maar de engel herinnert hen er weer aan.

In Matteüs 20 zegt Jezus

dat hij wordt uitgeleverd, bespot, gegeseld en gekruisigd,

‘maar op de derde dag zal hij worden opgewekt uit de dood’.

Jezus wist dat zijn lijden de weg was naar nieuw leven,

naar een verheerlijkt leven.

dia 20 – nieuw begin

Jezus’ dood is dus ook niet een ‘ongelukje’.

In sommige computerspelletjes heb je meerdere levens.

Als je dan af bent, kun je met een nieuw leven verder gaan.

De dood is niet het einde, je krijgt een herkansing.

Jammer van dat leven, maar je mag toch verder bij waar je was.

Bij de opstanding van Jezus is het dus heel anders.

Dat is geen herkansing voor een mislukt plan.

Jezus gaat ook niet verder waar hij was.

Zijn dood was het einde van zijn lijden.

Door die dood kon hij opstaan in een nieuw leven.

dia 21 – naar Jezus luisteren

Alleen omdat Jezus is opgestaan,

heeft het zin om naar hem te luisteren.

Alleen omdat het Pasen is geworden,

kun je jezelf vernederen en verloochenen.

Want dan is dat niet het einde.

Pasen laat zien dat wie achter Jezus aan wil gaan,

ook achter Jezus aan mag gaan in een nieuw leven.

4.Jezus gaat ons voor

dia 22 – Jezus gaat ons voor

Daarmee kom ik ook bij de tweede betekenis van Pasen:

Jezus gaat ons voor.

Als je Jezus wilt volgen,

mag je in zijn opstanding ook je eigen toekomst zien.

Als je naar Jezus kijkt,

zie je al iets van het leven dat hij ons wil geven.

dia 23 – gewoon lichaam

Maar wat zie je dan bij Jezus?

In ieder geval een leeg graf.

Het is niet zo dat Jezus’ ziel naar de hemel is gegaan,

en dat hij nu geen lichaam meer nodig heeft.

Jezus staat op met zijn lichaam.

Hetzelfde lichaam als hij altijd al had,

maar nu vernieuwd.

Voordat Jezus stief,

was het koninkrijk van God aanwezig

in het onderwijs en leven van Jezus.

Hij liet zien wat voor houding bij het koninkrijk van God hoort.

Nu, met Pasen, is Gods koninkrijk ook aanwezig in Jezus’ lichaam.

Pasen laat zien dat het lichaam er voor God helemaal bij hoort.

God heeft de mens gemaakt als kroon van de schepping.

God heeft de mens gemaakt met een lichaam.

In het nieuwe koninkrijk houd je een lichaam.

Je wordt niet een of andere geest.

dia 24 – bijzonder lichaam

Dat lichaam van Jezus is wel een bijzonder lichaam.

Het is een lichaam dat niet aftakelt.

Het is niet vatbaar voor ziektes en de dood.

Maar Jezus eet wel gewoon.

Niet omdat hij honger heeft,

maar omdat het lekker is.

In je nieuwe lichaam zal je nooit meer ziek worden,

maar kun je wel genieten van een heerlijke maaltijd.

Wat is Pasen een geweldige belofte!

dia 25 – dood geen macht

En misschien nog wel het mooiste: de dood is niet het einde.

De dood heeft zelfs over Jezus’ lichaam geen macht.

De dood probeerde Jezus’ lichaam te vernietigen.

Hoe zwaarder het gehavend was, hoe beter.

En Jezus heeft het zwaar te verduren gekregen.

Maar God draait de zaken om.

In plaats van dat er weinig van Jezus’ lichaam over is,

wordt zijn lichaam nog veel mooier.

En wij mogen worden zoals Jezus.

dia 26 – pasen is belofte

Nog even terug naar het begin:

die lijstjes van het belangrijkste nieuws.

Van veel van die nieuwsberichten word je niet vrolijk.

Of het nu 2013 is, 2003, 1903 of het jaar 3,

het is steeds hetzelfde liedje.

Oorlogen, zelfverrijking, geweld, onrecht,

het is nog altijd aan de orde van de dag.

De wereld zucht en kreunt.

Maar Pasen is juist een belofte in zulke situaties.

De dood is niet het einde, onrecht is niet het einde,

God zal de zaken omkeren.

In de opstanding van Jezus mag je zien

waar deze wereld naar toe gaat.

Halleluja, Jezus is opgestaan.

Amen.




Johannes 20,5-9 – Ik ben de opstanding en het leven

Pasen 2012

Gezamenlijke dienst met de Christelijke Gereformeerde Kerk in Franeker

<

Liturgie

Binnendragen twee brandende nieuwe paaskaarsen (CGK en GKv)
Welkom
Zingen
- Gez 95 – Daar juicht een toon
- LB 215 – Christus onze Heer verrees
- Opwekking 430 – Heer ik prijs uw grote naam
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: Sandra met Julia Opw voor Kids 145 ‘Jezus is wil u bedanken’
Gebed
Schriftlezing: Johannes 20,1-23
Zingen: Gez 96,1.2.3.7.8
Preek over Joh 20,5-9
Meditatieve pianosolo
Zingen: Opw 575 Jezus alleen
Kinderen
Zingen: projectlied
Het nieuwe leven: Efeze 4,25-5,20
Zingen LB 218,1.3.7.8
Gebed
Collecte
Zingen:
- Opw 479
- Gez 99 U zij de glorie
Zegen
Zingen: Opw 710 Zegen mij

Opmerkingen:

- Bij deze preek is een Samen GROEI-en (een samenvatting met verwerkingsvragen) beschikbaar;

- Bij deze preek is een pp-presentatie beschikmaar met foto’s gemaakt door gemeenteleden in het kader van ons Paasproject

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over Johannes 20,5-9 – ik ben de opstanding en het leven

1. Jezus leeft! Hij is echt opgestaan! [dia 1]

We vieren feest vandaag.

Het Paasfeest is het belangrijkste feest van het christelijk geloof – hier staat of valt alles mee. Paulus zegt in 1 Korinte 15: Als Christus niet is opgewekt, dan is ons geloof nutteloos.

Pasen is het grootste feest. Maar het is ook de grootste aanslag op je geloof. [dia 2 zwart] Kun je dat geloven – zo groot?

Kijk Maria – ze gaat naar het graf. Ze is zo verdrietig. Haar Heer is dood! [dia 3]

En dood – dat is zo dood.

Ik was pas op een begrafenis en daar werden zulke mooie dingen gezegd – maar het was ook zo niet waar. Wij kunnen mooie dingen zeggen over voortleven na de dood, over de dood die bij het leven hoort, over dat de dood ook wel goed is – het is niet waar. De dood hoort niet bij het leven – zo het einde. Zo definitief. Zo losgescheurd van het leven. [dia 4 zwart]

En als je dan iemand verloren hebt, bij een graf staat, elke dag iemand mist, als je niet meer weet waarvoor je nog leeft…

Zou het echt zo zijn?

Doden staan toch niet op?

Maria komt vroeg op zondagmorgen bij het graf. En ze schrikt ontzettend. Het graf is open gemaakt! Waar is Jezus’ lichaam?

En ze rent terug. Naar Petrus, naar Johannes.

Hij is weg!

Grafschennis!

Grafroof!

Opgestaan uit de dood? Het is te groot. Het komt niet in haar op.

En wees nuchter – kijk naar de feiten.

Dood is dood.

Je wordt in een graf gelegd. Of gecremeerd.

En daarna is er alleen een herinnering.

De feiten spreken voor zich.

Nou, wat zeggen de feiten?

Zijn de feiten zo duidelijk?

Weet je het zeker?

Petrus en Johannes komen er ook aan gerend.

Johannes is sneller

Petrus is wat brutaler

Maar allebei zien ze het – ook dat zijn de feiten.

Ze komen bij het graf – geen kuil in de grond, maar een grafkamer uitgehakt in een rots.

Daar binnen, daar lag het lichaam.

Het ligt er niet meer.

Wel liggen er doeken.

Jezus’ lichaam was in doeken gewikkeld. Zo deden de Joden dat. Doeken met balsem overal om het lichaam heen. Net als een mummie in Egypte.

Die doeken liggen er wel – en het ziet er ook wel netjes uit. Opgerold. Sommige apart neergelegd – niet zoals een grafrover zou doen.

Maar het lichaam is er uit.

Petrus en Johannes, ze hebben het allebei gezien. Met eigen ogen.

Allebei kunnen ze ervan getuigen.

Ook dat zijn feiten.

2. Harde feiten – dat vinden we belangrijk.

Eerst zien, dan geloven.

Laat er eerst maar eens goed onderzoek komen. En als iets wetenschappelijk bewezen is, ja, dan is het ok.

Wat zeggen de feiten?

Er is echt iemand dood.

Er is een graf.

Er liggen doeken in het graf – netjes opgeruimd

Er is geen lichaam meer.

Dat zijn de feiten, maar wat zegt het?

Het zegt Maria heel veel – Jezus is weggehaald! Waarheen?!

Wat het Petrus zegt – dat wordt niet duidelijk.

En de andere leerling – Johannes – die gelooft.

Zie je dat?
Er zijn harde feiten – en de een gelooft wel, de ander niet.

Met diezelfde harde feiten.

Kun jij geloven bij een open graf?

Kun jij geloven dat er een God is in een wereld vol lijden?

Kun jij geloven in God als het je tegen zit?

Of, misschien nog wel moeilijker: kun jij geloven als je alles prima voor elkaar hebt – waar heb ik God voor nodig? Ik zie er mooi uit, ik heb een mooi leven, ik heb het mooi voor elkaar!

De een gelooft wel, de ander niet.

Of je gelooft eerst niet, maar later wel.

Wat is het verschil?

Waarom niet, waarom wel?

Als je Johannes 20 snel leest, dan valt je in elk geval één ding op.

Maria gaat geloven als ze Jezus zelf ontmoet.

Nou nee, hem zien is niet genoeg.

Pas als Hij haar aanspreekt – ‘Maria!’

En de bange leerlingen, ze worden blij als ze Jezus ontmoeten.

Hij komt bij hen.

Hij geeft hen zijn vrede.

Dan is het allemaal duidelijk – blij geloven ze. Hij leeft!

En Petrus, van wie niet gezegd wordt dat hij direct geloofde – zou het iets zeggen dat hij in de ontmoeting zijn Heer verloochend had?

OK – dus de ontmoeting met Jezus maakt het verschil.

Het verschil tussen ongeloof en geloof – zoek Jezus op, en dan kun je gaan geloven!

Ik vind het moeilijk – en ik wil geloven. Waar zoek ik Jezus dan?

Ja… hoe moeten wij dat doen?

Waar kunnen wij Jezus ontmoeten?

Wij kunnen niet naar hem toegaan.

Als het waar is dat Hij is opgestaan, zoals de Bijbel vertelt, dan is Hij ook naar de hemel gegaan. Hij is hier niet meer!

En dus – moeten we het zonder doen?

Waar kijk jij naar?

Naar wat er mooi en aantrekkelijk uit ziet?

Naar wat er mis gaat?

Naar wat er pijn doet en wat je nooit meer mee wilt maken?

Naar wat goed voelt?

Waar let jij vooral op?

Maar, let nu eens goed op.

Als je Johannes 20 goed leest, dan staat er nog iets anders.

Waarom geloofden ze niet?

Vers 9: [dia 5]

Want ze hadden uit de Schrift nog niet begrepen dat hij uit de dood moest opstaan.

Dat is het meest belangrijke: het commentaar van de Schrift bij de feiten.

De feiten, die zeggen nog niet zoveel.

Het is maar net hoe je er naar kijkt.

Het is maar net waar je vooral naar kijkt.

Maria zag alleen haar tranen en een graf.

3. Het verschil zit in de woorden van de Schrift, de Bijbel.

En natuurlijk in wat die woorden zeggen.

Waar gaat het over in de Bijbel?

Over wat God gedaan heeft en doet en zal doen.

Over hoe God Jezus Christus gegeven heeft.

Over wat Jezus Christus voor ons heeft gedaan en meegemaakt.

In de Schrift ontmoet je Jezus zelf.

De feiten die zijn er.

De Bijbel zet die feiten in het licht. [dia 6]

Het licht van God.

Het licht van Jezus.

En dan is het mooi dat we vanmorgen een Paasproject afronden dat ging over de ik ben-woorden in Johannes.

Dit verhaal van Pasen in Johannes 20 is de climax van al die ik ben-woorden.

Leer vanuit die woorden naar de feiten kijken.

Zullen we ze nog eens langslopen?

Dan zie je dat ze allemaal gaan over Pasen, over leven.

De eerste – ik ben het brood dat leven geeft. [dia 7] Johannes 6. Dit brood eten, betekent nooit meer honger hebben, vers 35. Je diepste, geestelijke honger wordt gestild. Het brood eten betekent dat je bij Jezus hoort en dat hij jou op de laatste dag levend zal maken, vers 39. Niet alleen Hij opgestaan, ook jijzelf. Wie dit brood eet, sterft niet, vers 50. Hij zal eeuwig leven, vers 51. Eet dit brood, dan blijft Jezus in je. Geen dode, het is de Levende zelf die in je woont en je leven geeft.

Ik ben het brood dat leven geeft – dat gaat over Jezus die gestorven en opgestaan is, die zorgt dat jij en ik zullen opstaan en eeuwig leven.

De tweede – ik ben het licht, Johannes 8. [dia 8]Het donker, daar kun je niet leven. Daar is angst, daar kwijn je weg, daar verdwaal je. Direct worden dood en opstanding hier niet genoemd. Maar licht en leven hebben alles met elkaar te maken. Opstanding zet alles in het licht – je ziet een weg om verder te leven, je ziet waar je bent. Als het lente wordt en de avonden worden langer, ik vind het heerlijk: het wordt weer licht! Licht geeft leven.

Dan de derde – ik ben de deur, Johannes 10. [dia 9] Achter de deur ben je veilig voor dieven en rovers. De deur beschermt je leven, en door de deur ga je naar het leven toe. Dieven komen om te roven zegt Jezus in vers 10. Maar Jezus zelf? ‘Ok ben gekomen om hun het leven te geven in al zijn volheid.’ Leven in al zijn volheid – dat geeft Jezus door zijn opstanding. Echt leven, genieten, tot je recht komen, verzadigd zijn, geliefd zijn, bij God zijn – dat is leven, dat is opstanding.

De vierde, ook in Johannes 10. Ik ben de goede herder. [dia 10] De herder heeft hart voor de schapen. Hij gaat voor de schapen het gevecht aan met de wolf. Hij geeft desnoods zijn leven om de wolf te doden. En zegt Jezus dan, vers 17 en 18: [dia 11]

De Vader heeft mij lief omdat ik mijn leven geef, om het ook weer terug te nemen. 18 Niemand neemt mijn leven, ik geef het zelf. Ik ben vrij om het te geven en om het weer terug te nemen – dat is de opdracht die ik van mijn Vader heb gekregen.’

Dat gaat over opstanding. Hij is vrij om te sterven. Hij heeft ook de macht om uit de dood weer op te staan. Geen dode herder, maar een herder die eeuwig leven geeft. Jezus zal niemand verloren laten gaan, vers 28. Dat gaat over Jezus’ opstanding èn over onze opstanding.

Nummer vijf. Jezus gaat de dode Lazarus weer levend maken. Jezus zegt dan, Johannes 11,25-26: [dia 12]

‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven.’

Dat gaat over zijn opstanding. Hij is de opstanding. Maar natuurlijk en vooral over onze opstanding [dia 13] – nooit meer sterven – dankzij Jezus. Als jij sterft: de dood is niet het einde. Geloof in Jezus – en je ligt in je graf alleen maar tot de dag van de opstanding!

Het zesde. Johannes 14. Ik ben de weg, de waarheid en het leven, zegt Jezus. [dia 14] Jezus gaat naar zijn Vader en zo brengt Hij ons bij de Vader. Hij gaat niet als een dode, die na zijn dood verder leeft. Hij gaat naar zijn Vader als de opgestane. Zo is Hij ook het leven. Leven voor ons, leven bij God.

Het zevende ik ben-woord, Johannes 15. Ik ben de ware wijnstok. [dia 15] Het gaat hier niet met zoveel woorden over opstanding. Maar het hele beeld veronderstelt een Jezus die leven geeft, die krachtig is, zijn leven met ons deelt. In een dode Jezus kun je niet blijven. Een dode Jezus blijft niet in ons. Door zijn leven kunnen wij leven, alleen door de wijnstok kunnen wij vrucht dragen – dat gaat over Jezus die is gestorven èn opgestaan. Jezus die leven aan ons geeft. [dia 16 zwart]

Nou, dat is een heleboel bij elkaar.

Zie je het?

Jezus is niet dood.

Jezus leeft – Hij is opgestaan.

En niet alleen op zichzelf. Daar. Toen. Ver weg. Het zijn maar geen kale feiten – Hij is onze machtige, prachtige, lieve Jezus – de Heer die leeft!

Hij is de opstanding en het leven.

Voor jou. Voor mij. Voor iedereen die in Hem gelooft.

Ik mag iedereen uitnodigen: geloof in Jezus. Geloof dat Hij de opstanding en het leven is.

Geloof in Hem – en je krijgt leven.

Vitaal en vol.

Leven met God. In liefde.

Nieuw leven, voor eeuwig.

De dood krijgt het niet stuk – nooit meer.

De dood hoort niet bij het leven.

De dood is verslagen en zal verdwijnen.

Hij is de opstanding – ook wij zullen opstaan!




Romeinen 8,23-24 – Pasen gaat ook over je eigen lijf

Pasen (Franeker – korte versie)

Uitzending Radio Eenhoorn

Liturgie

Paasmorgen:
Voorzang: Gez 95
Aansteken nieuwe kaars
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: Ps 118,1.8.10
Gebed
Lezen uit de Bijbel: Lucas 24,1-12
Gez 44,1.2.3.4.7
Lezen uit de Bijbel: Romeinen 8,17-25
Preek over Romeinen 8,23-24 (en Lucas 24,3)
Zingen: Gez 114,1.2.5.6
Zingen met de kinderen: Weet je dat de lente komt
Muzikaal intermezzo: Opwekking 706
Als wetslezing: Rom 6,1-14
Zingen: LB 224,1.4.5.6 – Kondigt het jubelend aan
Gebed
Collecte
Zingen: Gez 99
Zegen

Opmerkingen:

- Bij deze preek heb ik een pp-presentatie gemaakt

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over Romeinen 8,23-24 – Pasen gaat ook over je eigen lijf

[dia 1]

1. Pasen is het mooiste christelijke feest. Het belangrijkste feest. Pasen laat zien waar het christelijk geloof over gaat: ook over je eigen lijf.

[Buiten Franeker: Wat heeft het christelijk geloof te maken met je lijf?]

Kijk eens naar je hand. [dia 2] Hoe ziet die er uit? Mooi en jong? Nog ongerimpeld en fris? Of is die hand oud aan het worden? Het vel is niet meer zo strak, de aders liggen duidelijk op de hand, de huid is gerimpeld, er zitten ouderdomsvlekken op. Of je nu wilt of niet, wat je ook eet, smeert, sport – noem het maar op – je lichaam wordt ouder.

Paulus zou zeggen: ja natuurlijk, ook je lichaam is onderworpen aan zinloosheid en aan de slavernij van de vergankelijkheid.

En uiteindelijk ga je een keer dood. Omdat je gekruisigd wordt, zoals Jezus. Omdat je een ongeluk krijgt, of ziek wordt, of gewoon oud en versleten bent.

Wat is dan de betekenis van Pasen?

Dat God je in de dood vasthoudt?

Dat God je tot in eeuwigheid niet vergeet?

Dat er leven is na de dood?

Dat soort dingen wordt vaak gezegd, ook door christenen. Pasen gaat over een leven na de dood.

Maar bijna alle religies geloven in een leven na de dood. Een eeuwige ziel. Reïncarnatie. Een walhalla. Een paradijs. Een Nirwana. De eeuwige jachtvelden.

Is Pasen niet meer dan een christelijke variant daarop? Gaat Pasen inderdaad over leven na de dood? Over wat er met je ziel gebeurt als je gestorven bent? [dia 3]

Maar waarom is het dan Pasen geworden?

Toen Jezus stierf ging hij dan toch al naar de hemel?

Toen Jezus dood ging, begon voor hem het eeuwige leven toch al?

In de dood kon God Hem toch vasthouden?

De Bijbel zegt echt iets anders over de dood. Kijk in de Psalmen.

Psalm 6,6: [klik]

Want doden noemen uw naam niet meer!

Wie in het dodenrijk kan u nog loven?

In het dodenrijk ben je zonder stem, ver van God.

Het dodenrijk is de plek waar je ziel niet zou moeten zijn, lees Ps 16,10 (HSV) [klik]

want Gij geeft mijn ziel niet prijs aan het dodenrijk,

noch laat Gij uw gunstgenoot de groeve zien.

Want de dood, dat is de plek waar je lichaam wegteert en geen rust vindt, Ps 49,16. [klik]

Jezus ging dood – het graf, dat is de plek waar je lichaam vergaat.

2. Pasen is juist dat Jezus niet meer in een graf ligt. [dia 5]

Hij werd op goede vrijdag in het graf gelegd.

Jozef van Arimatea had hem begraven. De vrouwen zagen het. Ze hadden goed onthouden waar hij lag. En na de sabbat komen ze terug. ’s Morgens vroeg. Ze willen de begrafenis afmaken.

Dood is dood.

Een lichaam balsem je om dat te verhullen. Dan lijkt het nog wat.

Maar een dood lichaam blijft een dood lichaam.

Alleen dan: het graf is open gebroken.

Daar staan ze met hun olie.

Zijn dode lichaam is er niet meer!

Waar is Jezus?

Zijn lichaam is weg!

Weg!

Ja natuurlijk – dat is Pasen. [klik]

Dat is opstanding.

Pasen gaat niet over wat er met je ziel gebeurt als je sterft.

Pasen gaat niet over een walhalla of een hemel of een nirvana.

Pasen gaat niet over een eeuwige ziel.

Pasen gaat over je lijf.

Als eerste over het lijf van Jezus.

Een kapot gemaakt lichaam.

Gegeseld.

Met gaten van grote roestige spijkers.

Uit elkaar gescheurd.

Uitgedroogd.

Dood.

Dat lichaam, dat is weer heel. Genezen. Hersteld. Levend. En nog veel meer dan dat.

Pasen is iets nieuws. Nooit eerder vertoond.

Pasen is: een mens die met lichaam en al deelt in de luister van God. [klik] Gods pracht en praal, Gods heerlijkheid. Daar deelt Jezus’ lichaam nu in. Een hemels lijf dat deelt in de goddelijke natuur. Niet alleen een ziel. Een lichaam. Een lichaam helemaal beheerst door de Geest van God.

Zichtbaar. Tastbaar. Lijfelijk. Concreet. Ongekend nieuw.

Precies – ongekend nieuw.

Misschien denk je wel: waar heb je het over? Staat die dominee een beetje lyrisch te doen – snapt hij wel wat hij staat uit te kramen?

Nee.

Voor Jezus zelf is het zichtbaar. Tastbaar. Concreet. Jezus ziet zichzelf – opgestaan en wel.

Voor ons is het ongekend nieuw. Ik sta hier dingen te zeggen die ik zelf nooit gezien heb. Sterker, de Bijbel zegt het zelf: hoe een lichaam dat opgestaan is eruit ziet, we weten het niet.

Niemand was er bij toen Jezus opstond uit de dood.

Het graf was leeg. Er was iets gebeurt, maar wat precies?

Jezus verscheen een paar keer. Maar Hij bleef niet. Hij hoort bij een nieuwe werkelijkheid. Een nieuwe schepping. [klik]

Sinds Jezus definitief naar de hemel is gegaan onzichtbaar. Verborgen. Onbekend voor ons. En het blijft onbekend tot Jezus terugkomt.

[Extra buiten Franeker:

3. Soms praten mensen over Pasen alsof het vooral over het hier en nu gaat.

Dankzij Pasen is er hoop.

Dankzij Pasen kunnen mensen opstaan tot een nieuw leven.

Dankzij Pasen kunnen we leven in de Geest.

Pasen, dat gaat over opstandingsleven dat hier en nu te vinden is.

Dat is allemaal ook waar. Alleen: het is maar een eerste uitvloeisel van Pasen. Het is niet Pasen zelf. Pasen zelf is veel meer.

Kijk maar in Romeinen 8: Paulus zegt daar allemaal mooie dingen over de Heilige Geest. Maar hij zegt ook, in vers 23: de Heilige Geest is ons alleen nog maar gegeven als voorschot.

Wat is een voorschot?

Een voorschot betaal je bijvoorbeeld als je een huis laat bouwen. De bouwers zijn aan het werk, een deel van het geld wordt al betaald. Als voorschot. De rest betaal je pas als het huis klaar is. Een voorschot is nog maar een begin van het totale bedrag.

God betaalt ons ook een voorschot. Straks komt de hele erfenis, zegt Romeinen 8. Nu is er alleen nog maar een voorschot. De Heilige Geest.

Waardevol en belangrijk – ik zou de Heilige Geest niet willen missen, absoluut niet.

Door de Geest woont God in je

Door de Geest weet je zeker dat God je Vader is.

Je kunt geloven en bidden.

De Geest bidt met je mee.

Wat zou je als christen zijn zonder de Heilige Geest?

Een voorschot is het begin. Maar waar eindigt dat? Een voorschot betekent een belofte. Een voorschot vraagt om een vervolg. Niemand is toch tevreden met een voorschot alleen?

Kijk dan eens wat Paulus zegt in Romeinen 8 vers 11:

Want als de Geest van hem die Jezus uit de dood heeft opgewekt in u woont, zal hij die Christus heeft opgewekt ook u die sterfelijk bent, levend maken door zijn Geest, die in u leeft.

Dat betekent: We hebben de Geest van het leven al in ons. Wat de Geest met Jezus gedaan heeft, dat gaat hij ook met ons doen. Maar dan gaat het niet alleen om wat de Geest nu al doet. Je mag verlangen naar meer. De Geest is begonnen, de Geest gaat het ook afmaken. Met Pasen heeft de Geest Jezus levend gemaakt. Vanaf Pinksteren tot en met de wederkomst van Jezus gaat de Geest ons levend maken. Opstaan uit de dood – het gaat ook om ons lijf.]

4. Jezus komt [wel] terug. Het graf was leeg. We zullen Jezus’ nieuw lichaam zien.

Pasen gaat over zijn lijf.

En Paulus zegt in Romeinen: wij zullen opstaan net als Jezus.

Kijk wat hij zegt in vers 23: wij wachten op [dia 6]

‘de openbaring dat we kinderen van God zijn, de verlossing van ons sterfelijk bestaan’

Dan denk je misschien even: wat bedoelt-ie daar nu weer mee?

Kijk nog eens naar jezelf. Kijk om je heen, hoe iedereen er uit ziet.

Kun je aan iemand zien: ‘Dat is een kind van God’?

Daarin zie ik Gods liefde. Gods luister. Gods heerlijkheid. Gods grootheid. Die ogen, dat karakter, die hele manier van doen – wat lijkt-ie op God, zijn Vader. En wat zie ik ook Jezus – duidelijk de grote broer.

Daar verlangen we naar. Tenminste, verlang je daar naar?

Lijken op God, lijken op Jezus?

Maar het is nog niet zo. We zien het nog niet aan onszelf – tastbaar, voelbaar, ervaarbaar, concreet, dat we kinderen van God zijn.

Het is nog niet openbaar. Als iets openbaar is, dan is het niet verstopt. In een kast, in een achterkamertje, of waar dan ook. Openbaar, dat is zichtbaar, publiek, bekend voor iedereen. Toegankelijk.

Paulus zegt: als geopenbaard wordt dat wij kinderen van God zijn, dan zul je het dus zien – en dat is dan tegelijk ‘de verlossing van ons sterfelijk bestaan’.

Daar gaat Pasen ook over.

Jouw sterfelijke lijf wordt verlost.

Jouw lijf dat wil zondigen.

Jouw lijf dat oud wordt.

Jouw lijf dat dement kan worden

Jouw lijf dat pijn heeft.  Au…

Jouw lijf dat beschadigd is. Zie je de littekens?

Jouw gevoel, dat diep gekwetst is – het gaat niet meer over.

Dat sterfelijk lichaam dat ooit eens in een kist gelegd wordt en in de grond weg zal zakken.

Dat sterfelijk bestaan wordt verlost!

Je ziel gaat maar niet naar de hemel. Dat gebeurde met Jezus ook, op goede vrijdag.

Pasen wil zeggen: er komt een dag dat jouw graf open gaat. Er komt een dag dat jij met Jezus op mag staan. [dia 7]

Vraag mij niet hoe.

Vraag mij niet hoe je er dan uit ziet.

Wat is een verheerlijkt lichaam?
Een geestelijk lichaam zonder zonde?

Een lijf dat deelt in de heerlijkheid en de luister van God?

Ik weet het niet.

Maar dit zegt de Bijbel heel duidelijk, Romeinen 8,29: [dia 8] wij zijn bestemd om het evenbeeld te worden van Gods Zoon.

Pasen gaat over je eigen lijf! Jij en ik – wij krijgen net zo’n lichaam als Jezus nu al heeft.

[Extra buiten Franeker:

5. Wat zou het mooi zijn. Is het niet te mooi om waar te zijn?

Het kan toch niet? Wat is er niet een ellende in de wereld. Kan dat allemaal verdwijnen?

Paulus weet er van. Kijk wat hij zegt: heel de schepping is ten prooi aan de zinloosheid. De schepping is slaaf van de vergankelijkheid geworden. Alles en iedereen ligt onder zinloosheid. Alles en iedereen gaat een keer kapot.

Hij heeft het over barensweeën. Er komt een nieuwe schepping, dat mag zo zijn. Maar nu is het lijden. Pijn lijden. Zuchten en lijden.

En wij zuchten mee. Wij zuchten in onszelf, vers 23. Natuurlijk, wat is er een ellende. Lijden. In het groot en in het klein. Begin maar heel klein.

Kijk nog eens naar je hand. Die wordt toch ouder?

Wie weet hier zeker: ik krijg geen kanker. Ik krijg geen ongeluk. Ik ga niet dood. Mijn begrafenis die komt er nooit. Niemand! Het lijkt eerder zo dat er een ding zeker is: je gaat een keer dood. Ons bestaan is zinloos en vergankelijk.

Het geldt voor de hele schepping. Die kreunt en zucht – door onze schuld mee in die zinloosheid en vergankelijkheid beland. Dode dieren. Dierenleed. Woestijnvorming. Milieuvervuiling. Uitputting van de natuur. Erosie. De hele schepping zucht en kreunt door mensen.

En wij zuchten mee. Ons lijf hoort bij de schepping. Het is een juk waar we onder zuchten.

Dat herken je toch? Misschien niet als je jong en gezond bent.

Hoewel, als je lelijk valt en het bloed druipt eruit?

Oei, daar schiet het in mijn rug.

Een versleten knie.

Ziek worden.

Oud worden.

Gaan sterven.

Wat is het soms een lijdensweg met dat lijf van ons.

Dat lijf, waarin de zonde woont. Lees Romeinen 7.

Dat lichaam, dat je bij God weg wil trekken.

Herken jij dat, dat je last hebt van je onverloste lichaam?

Verlang jij er naar, dat je hele bestaan – je voelen, je verlangen, je willen, je ervaren, je lijf, heel is en afgestemd is op God?

Pasen zegt: het begin is gemaakt. In Christus is de nieuwe schepping aanwezig.

Een nieuwe mens. Niet meer zinloos. Niet meer vergankelijk. Niet meer sterfelijk. Niet meer lijden en zuchten.

Wij mogen daarin delen – straks. Met heel de schepping.

Te mooi om waar te zijn? Zo leek het toen, zo lijkt het nu.

Maar vanaf het begin was dit het goede nieuws van Pasen.

Gods plan is zo groot: door Jezus wordt niet alleen de mensheid nieuw.

De schepping wordt ook vernieuwd. Dat is Pasen!]

6. Geloof je het zelf? Echt? Jakhals Erik Dijkstra niet. ‘Dit verhaal loopt niet goed af,’ zei hij donderdag in Gouda in The Passion. [dia 9]

Doden staan toch niet op?

Voor de leerlingen toen was het te groot.

Het wilde er niet in. Het graf was leeg – en de vrouwen waren helemaal van streek. Kletspraat, vonden de leerlingen de verhalen van de vrouwen later. Dood is dood.

Het graf was leeg. Geen Jezus, geen lichaam. Toen verscheen Jezus nog, maar al snel ging hij naar de hemel. Weg Jezus.

Paulus zegt: We hopen ergens op, maar we zien het nog niet. We zien de opgestane Jezus niet, we zien het niet in ons eigen lijf.

Wat doe jij dan? [dia 10]

Geloof jij dat Jezus is opgestaan? Het begin van een nieuwe schepping?

Hoop jij dat jouw lichaam en heel de schepping nieuw zal worden?

Of vind je het te groot, te mooi?

Wat kies jij? Hoop en geloof? Of geloof je niet?

Het is in de Bijbel heel duidelijk: als Jezus niet is opgestaan, als Jezus niet terugkomt, als het niet gaat over ons lichaam, dan gaat het christelijk geloof nergens over. [dia 11] Lees straks 1 Korinte 15 maar eens. Je kunt allerlei mooie verhalen houden over liefde en zo. Daar heb je Jezus niet voor nodig, dat kun je ook wel van anderen leren. Dan maken we er hier en nu het beste van, maar eens gaan we dood. Zinloosheid en vergankelijkheid blijven. De rimpels en de kraaiepoten blijven komen. Plastische chirurgie en botox kunnen het niet tegenhouden.

Het evangelie van Pasen is dit: het graf was leeg. Jezus’ lichaam is nieuw – zijn wonden zijn genezen. Hij deelt lijfelijk in Gods heerlijkheid. Gods nieuwe schepping is begonnen. [dia 12] Het gaat God ook om ons lijf.

En dus is de verlossing, de redding niet compleet als er met ons lijf niet iets gebeurd. Het is niet compleet als Jezus niet terugkomt. Pasen gaat over ons lichaam, jouw lichaam, mijn lichaam.

Geen rimpels meer. Geen dementie. Geen kanker. Geen zonde die ons in het bloed zit. Geen ouderdomsvlekken. Ook ons graf weer leeg.

Dat is ongelofelijk groot.

Pasen gaat niet over een leven na dit leven in de hemel.

Pasen gaat over een nieuwe schepping. De hemel komt op aarde. De dood zal verdwijnen. De zinloosheid zal verdwijnen. De vergankelijkheid zal verdwijnen.

Ongelofelijk groot!

Zo groot is Pasen.

Of het is onzin.

Of Jezus is opgestaan.

Pasen is geen onzin. Het graf was leeg. De doden staan op. Jezus’ opstanding is het begin. Talloze broers en zussen moeten volgen.

Wees niet ongelovig.
Maar geloof in Jezus. Hoop op Hem.

Dan word je gered. Jij met je lijf. Jij helemaal.




Marcus 16,1-8 – Geloof: God doet grote en onverwachte dingen!

Liturgie

’s Morgens: Sing in – GK 95: Daar juicht een toon. – LvK: 215: Christus, onze Heer, verrees – GK 109: Halleluja, lof zij het Lam Welkom / MededelingenVoorzang: Ik wil juichen voor u mijn Heer Aansteken nieuwe paaskaarsStil gebed Votum / groet Zingen: Gez 111 – Jezus leeft in eeuwigheid Genadeverkondiging: lezen Ef 2,1-10Zingen: Ps 118,1.9 Gebed Bijbellezen: Marcus 15,40-16,8Zingen: LvK 222,1.2.3 Preek over Marcus 16,1-8Zingen: Gez 99 – U zij de glorieWet als belofteZingen: LvK 217,1.2.3 – Jezus leeft en ik met HemGebedCollecteTijdens de collecte: ‘Als er vergeving is’Zingen Gez 160 – Groot is u trouw Zingen Ps. 134 oude berijming – Loof looft nu aller Heren Heer Zegen

 

 

’s Middags: Votum / groet Zingen: LB 215Gebed Bijbellezen: Marcus 15,40-16,8Zingen: LvK 222,1.2.3 Preek over Marcus 16,1-8Zingen: Gez 99 GeloofsbelijdenisZingen: Gez 107,1.3.4GebedCollecteZingen: Gez 111Zegen

Opmerking: ik hoor het graag van de voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

Preek over Marcus 16,1-8 – Geloof: God doet grote en onverwachte dingen!

 

1. Wij zijn hier in de kerk gekomen voor een feest: Jezus is opgestaan! We hebben samen ontbeten – een aantal van ons; we hebben samen gezongen; en nu houden we met elkaar een feestelijke kerkdienst. Vandaag is het feest: Jezus is opgestaan!

En dan lezen we het Paasverhaal uit Marcus – helemaal geen feestelijk verhaal. Die engel zegt mooie dingen. Maar de vrouwen zijn alleen maar bang en geschrokken.

Hoewel, misschien herken je je juist wel in die vrouwen. Het is feest maar ik voel me helemaal niet blij. Hoe verander je dat?

Laten we eens goed naar Marcus 16 kijken. Waarom vertelt Marcus de geschiedenis van Pasen op deze manier? Wat kunnen wij ervan leren?

De vrouwen – de beide Maria’s en Salome – willen de begrafenis van Jezus afmaken. Ze waren erbij geweest. Snel snel was Jezus nog in een graf gelegd. De sabbat was eigenlijk al begonnen. Die begint immers op vrijdagavond bij zonsondergang. Zaterdagavond, als de sabbat weer voorbij is, gaan ze verder met Jezus’ begrafenis. Ze kopen geurige olie. Jezus’ dode lichaam was in linnen gewikkeld. Met geurige olie willen ze die doeken parfumeren. Dat hadden ze nog niet goed kunnen doen. De geurige olie moest de stank van het dode lichaam verdrijven. Als ze de olie in huis hebben, gaan ze naar bed, want de volgende morgen – dus zondagmorgen – gaan ze voor dag en dauw op pad.

Ze zijn op weg naar het graf, ze zijn er bijna. Maar opeens zegt een van hen: ‘De steen krijgen we nooit weg!’Helemaal vergeten. Zo druk waren ze met de dode Jezus, met de geurige olie. Er was een grote zware steen voor het graf gerold.

Je kunt niet overal aan denken. Dat levert soms grote praktische problemen op.

Waar ze helemaal niet aan denken: Jezus had voorzegd dat hij op zou staan uit de dood. Maar niemand van zijn volgelingen heeft het onthouden. Met een opstanding houdt niemand rekening.

Herken je dat? Soms zegt God dingen die te mooi zijn, te wonderlijk. Je kunt het niet geloven. En je vergeet wat God gezegd heeft. Paulus zegt bijvoorbeeld in Efeze 2 over de gevolgen van de opstanding in ons leven:

‘Hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God heeft voorbereid.’

Gaat dat over mij – denk je misschien wel? En je houdt er zo maar geen rekening mee dat het wel eens zou kunnen gebeuren – dat jij goede dingen doet in Christus Jezus.

 

2. De vrouwen zien het graf inmiddels al liggen.

Hè? De steen is al weggerold.  Zo verdwijnen praktische problemen soms als sneeuw voor de zon…Wat is er gebeurd? Geschrokken kijken ze elkaar aan. Voorzichtig lopen ze naar het graf toe en gaan naar binnen.

‘Ohhhh’. Alle drie schrikken ze ontzettend. Er zit iemand in het graf! Een jonge man in witte kleren.

De man ziet dat ze vreselijk geschrokken zijn. ‘Wees niet bang’, zegt hij.  ‘Jullie zoeken Jezus, de man uit Nazareth, die gekruisigd is.’

Het klinkt vriendelijk. Maar als er in Marcus mensen zijn die Jezus zoeken, dan mist er altijd iets: geloof. De massa’s zoeken Jezus. ‘Iedereen is naar u op zoek!’ Jezus’ moeder en zijn broers en zussen komen Jezus een keer zoeken. De Joodse leiders zoeken Jezus om hem te doden.

De vrouwen hier zoeken ook: de dode Jezus uit Nazareth, die gekruisigd is.

Zo heb je zoekers en gelovigen. Een zoeker die weet het nog niet. Die heeft Jezus nog niet gevonden als de Messias, de Christus, de Mensenzoon. Die heeft Jezus nog niet gevonden als zijn eigen verlosser. Mensen die Jezus zoeken, die zoeken de dode Jezus, de man uit Nazareth die gekruisigd is. Wat ben jij: een zoeker of een gelovige?

Als er niks gebeurt blijven we allemaal zoekers. Een zoeker die tast, die probeert, die zoekt. Een zoeker die vergeet ook dingen, bereidt zich niet goed voor, schrikt van een praktisch probleem. O, helemaal niet aan gedacht. Hoe moet dat nu? Je kunt nooit overal aan denken. En dan zijn er leeuwen en beren op de weg. Een grote zware steen. En zo is er altijd wat. Mitsen en maren.

Maar gelukkig doet God grote en onverwachte dingen. Onze mitsen en maren verdwijnen als God aan het werk is. Die steen is helemaal niet belangrijk meer.

Luister maar wat de man verder zegt: ‘Hij is opgewekt uit de dood. Hij is hier niet. Kijk maar, dat is de plaats waar hij was neergelegd.’

Wie is Jezus, de man uit Nazareth die gekruisigd is? Zou je niet meer over Jezus moeten zeggen? Wie zou Jezus zijn volgens God?

Marcus vertelt vaak heel ingehouden over Jezus, over de vraag wie Hij is. Wie Jezus is, dat zie je alleen als je gelooft, als je het wil zien.

Wil je het zien? Jezus is opgewekt. Dat betekent: God heeft Jezus weer levend gemaakt. Jezus heeft zijn leven gegeven als losprijs voor velen. Hij heeft jullie vrijgekocht. Gods koning heeft overwonnen. Jezus Christus brengt ons in Gods koninkrijk!

 

3. Zou het wel tot de vrouwen doordringen wat de man zegt? Willen zij het zien?

Maar hij gaat al weer verder en geeft hen een opdracht. ‘Ga naar de leerlingen toe – en naar Petrus’.

Wat zouden ze tegen hen moeten zeggen? Vertel de leerlingen dat ik ze niet meer hoef te zien? En die Petrus, die hoef ik helemaal nooit meer te zien?

Nee, juist niet! Jezus wist toch van te voren hoe het zou gaan? Hij had het allemaal voorzegd, bij het avondmaal: jullie zullen ten val komen. En Petrus, jij zult me verloochenen. Tegelijk had hij er al bij gezegd: ‘Maar nadat ik uit de dood ben opgewekt, zal ik jullie voorgaan naar Galilea.’ Kijk maar in Marcus 14,27-31.

Jezus wist wie ze waren en hij hield van hen. Ook voor hen was hij gestorven.  Hoor je zijn liefde in wat de man namens Jezus zegt: ‘Ga terug en zeg tegen zijn leerlingen en tegen Petrus: “Hij gaat jullie voor naar Galilea, daar zullen jullie hem zien, zoals hij jullie heeft gezegd.”’Jezus wil met hen verder. Zoals hij had gezegd gaat hij ze voor naar Galilea. Ze zullen Hem weer zien!

Ook Petrus. Hij wordt apart genoemd. Alleen Marcus vertelt dat Petrus expliciet erbij genoemd wordt. De andere evangeliën doen dat niet. Bedenk dan dat Marcus waarschijnlijk het verhaal van Petrus vertelt. Wat zou er door Petrus heen gegaan zijn toen hij dit aan Marcus vertelde? ‘Ik werd apart genoemd. Het was niet voorbij. Jezus wilde ook met mij verder.’ Ik kan me voorstellen dat hem de tranen in de ogen stonden toen hij dit tegen Marcus zei.

Proef je daarin de liefde van Jezus? En weet je – die liefde is er ook voor ons – hij weet wie we zijn. Hij is ook voor ons gestorven, en opgestaan. Door Jezus opstanding mogen we nieuwe mensen zijn – opnieuw beginnen. Daarom gaat Jezus verder met leerlingen die Hem hebben laten vallen. Ben jij een zoeker? Een twijfelaar? Heb je Jezus verloochend? Jezus in de steek gelaten? Jezus weet precies wie je bent en kent je door en door. Hij is ook voor jou gestorven – en opgestaan. Besef je dat zijn opstanding, zijn liefde er ook voor jou zijn? Nieuw leven – want Jezus houd van jou?

 

4. Misschien besef je dat wel niet.

De vrouwen beseffen het allemaal niet. Ze zien dat Jezus niet meer in zijn graf ligt. Ze horen de engel praten. Harde feiten, zou je zeggen. Ze hebben niet door dat ze met een engel praten. Marcus heeft het niet over een engel, maar over een jonge man in witte kleren. Dat is niet voor niets!

Heb jij wel eens gedacht: als ik er bij geweest was op de morgen van Pasen, als ik eens een engel mocht zien. Dan was het veel makkelijker om te geloven.

Nee dus! Een engel zien, of een leeg graf, het maakt niet uit!De vrouwen staan te trillen op hun benen, doodsbang, ontzettend geschrokken. Ze willen maar een ding. Weg hier.

 

[Extra buiten Franeker

En het lege graf, de woorden van de engel, ze doen er niks mee. Het lege graf alleen is niet genoeg om tot geloof te komen. Maar het graf was wel leeg – dat zegt de bijbel heel duidelijk. En dat lege graf zegt ook veel over de betekenis van de opstanding.

Er zijn veel religies die geloven in een leven na de dood. Na je dood ga je naar een hiernamaals. Indianen hadden het over de eeeuwige jachtvelden, de Germanen over het Walhalla. Volgens de Boeddisten ga je naar het Nirvana, Hindoe’s geloven in reïncarnatie. Ga maar door. Om verder te leven na de dood heb je geen leeg graf nodig.

Het lege graf laat zien: opstanding is maar niet ‘verder leven bij God’. De bijbel belooft de opstanding van de doden.

Wat is opstanding? Er is een opstanding omdat de dood overwonnen is. De dood zal ongedaan gemaakt worden. Bij de opstanding gaan de graven open. Bij de opstanding komen mensen uit hun graf met een nieuw lichaam. Je komt uit je graf. Jij blijft jezelf. Jij krijgt een nieuw lichaam. Dat is bij Jezus als eerste gebeurt. Zijn lijf is niet prijsgegeven aan de dood. Hijzelf is uit het graf gekomen. Hij is zichzelf gebleven. Zijn lijf is vernieuwd, volmaakt, verheerlijkt uit de dood opgestaan. Zo zullen wij allemaal een nieuw lichaam krijgen. Opstanding is een nieuwe schepping, een nieuwe aarde.

Het lege graf van Jezus laat zien: Verschijningen van Jezus zijn geen geestverschijningen. Het is Jezus zelf die naar zijn leerlingen toe komt. Met een nieuw lichaam. Een nieuwe schepping.

Wij zijn op weg naar Gods rijk, naar een nieuwe aarde. Dat belooft de opstanding ons.

Maar– terug naar de vrouwen]

 

Waarom komt het bij hen niet binnen? Dat is voor ons een belangrijke vraag. We kunnen ervan leren over belemmeringen om tot geloof te komen, om te groeien in geloof.

De eerste belemmering. Jezus had gezegd: ik zal sterven maar ook weer uit de dood opstaan.Moeilijk om te begrijpen. In elk geval hadden ze het niet onthouden. Daardoor verwachtten ze geen grote en onverwachte dingen.Herken je dat?

Hoe belangrijk zijn de woorden van Jezus voor jou? Wat doe jij als ze moeilijk te begrijpen zijn? Onthoud je ze of ben je ze zo weer vergeten?

De tweede. Ze waren vol van hun eigen gevoelens, van angst en schrik. Daardoor konden ze niet luisteren. Daardoor hoorden ze niet dat de engel herhaalde wat Jezus allemaal al voorzegd had.

En jij? Het woord van God wordt steeds weer herhaald en uitgelegd. Elke zondag, elke catechisatie, elke Bijbelstudie, elke Bijbellezing. Maar je kunt zo vol zijn dat je niet meer kunt luisteren. Bevangen door angst en schrik. Komt het bij jou binnen wat er steeds weer gezegd wordt?

En de derde: wegrennen. Dat is wat de vrouwen doen: ze schrikken van die man in witte kleren. En dus rennen ze weg. Weg van de plaats waar ze het woord van God horen, weg van de plek waar ze tot geloof kunnen komen.

Hoe vaak ontneem jij jezelf de kans om tot geloof te komen, om te groeien in geloof?  Denk weer aan Efeze 2,10:

‘Hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God heeft voorbereid.’

Geen makkelijke zin. Maar als in deze moeilijke zin wel veel gezegd wordt over de betekenis van de opstanding voor jouw leven hier en nu? Denk je ‘te moeilijk’ – en vergeet je wat Paulus zegt, verwacht je dus ook niet de overweldigend grote rijkdom van Gods genade? Dat is de eerste belemmering. Of was je hoofd zo vol dat je het eigenlijk niet gehoord hebt? Dat is de tweede. Of blijf je vaak weg van kerkdiensten en bijbelstudies, en mis je zo veel onderwijs en uitleg? Dat is de laatste.

Als je zo leeft, dan kan er zoveel van God om je heen te zien zijn, dat je niet ziet! Dan zit je jezelf zo in de weg!

 

5. Ook het lege graf alleen is niet genoeg om tot geloof te komen. Hoe komen wij – en zij – dan tot geloof? Hoe groeien we in geloof?

Weet je wat mij opviel aan de drie belemmeringen? Ze hebben één ding gemeenschappelijk: niet luisteren naar het woord van Jezus Christus.

Waardoor komt er in het vervolg van Marcus wel geloof? Dat gebeurt door de ontmoeting met Jezus zelf, die de leerlingen aanspreekt. Door de verschijningen veranderen ze in gelovigen.

En wij kunnen Jezus, de opgestane Heer nog steeds ontmoeten: door de samenwerking tussen de Heilige Geest en het Woord van God.  Dat woord klink steeds weer. Jezus blijft ons aanspreken. De Heilige Geest blijft door dat woord heen ademen.

En dus heeft het ook iets eenvoudigs: Denk weer aan zo’n stukje als Efeze 2,10 en aan de drie belemmeringen: D

e eerste: het woord van God vergeten en daardoor weinig van God verwachten Ga er mee aan de slag. Als je het niet meteen begrijpt, verdiep je er dan in. Bid de Heilige Geest om inzicht. Vraag om uitleg. En denk niet: het gaat hier over zulke grote en onverwachte dingen, dat moet wel onzin zijn. Nee! Durf groot van God te denken en verwacht onverwachte dingen. Jezus is opgestaan!

De tweede: vol zijn van je eigen gevoelens, je eigen angst en schrik en niet kunnen luisterenVraag de Heilige Geest om nieuwe concentratie en aandacht. Want opstanding betekent vertrouwen in plaats van angst. Blijdschap in plaats van schrik. Verwacht dat de Geest ook doet wat past bij de opstanding van Jezus. En span je in om goed te luisteren. Want Jezus leeft!

De derde: wegrennen en niet tot geloof kunnen komenAls het niet meteen lukt, ren dan niet weg. Als je niks voelt, niks ervaart, niks van God merkt, blijft twijfelen – blijf op de enige plek waar dat kan veranderen: de gemeenschap van andere christenen, waar we samen naar Gods woord luisteren. Want dat is de plek waar de Heilige Geest werkt. We zijn immers bij elkaar in de naam van Jezus Christus, de opgestane.  Dan ga je anders kijken.

Dan ga je zien: Jezus leeft – in mij! Ook ik ben in Christus opgestaan als nieuwe schepping. Geloof: God doet grote en onverwachtse dingen! Want Jezus is opgestaan.




Marcus 15,33-34 – Waarom?

Goede vrijdag

Liturgie

Voorzang: Gez 89,1.4
Stil gebed
Votum / groet
Zingen: Ps 6,1-3
Gebed
Bijbellezing: Marcus 15,20b-39
Stilte
Zingen: Ps. 22,1-3
Preek over Marcus 15,33-34
Zingen: LB 181,1.3.4.5
Gebed
Collecte
Avondmaalsformulier
Geloofsbelijdenis
Zingen Ps 22,11.12
Viering
Zingen Ps 22,13
Dankgebed
Zingen LB 192,1.2.3.6
Zegen
De kerk in stilte verlaten

Opmerking: ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl

Preek over Marcus 15,33-34 – Waarom?

1. Waarom? Waarom?

Het is een vraag die vaak gesteld wordt. Waarom moet ik dit meemaken? Waarom krijg ik nu dit weer over me heen?

Het is een vraag die in onze tijd vaak gesteld wordt. Waarom is er al dat lijden in de wereld? Waarom doet God er niks aan? Het lijkt wel of we juist in ons welvarende werelddeel steeds minder goed om kunnen gaan met pijn, met tegenvallers, met risico’s.

Maar de vraag is terecht. Weet je dat die vraag ook in de Bijbel klinkt? Kijk in Job. In de Psalmen. Een en twintig psalmen, die jou en mij de vraag leren stellen: Waarom HEER? Hoe lang duurt het nog, HEER?

Waarom bent u er niet als het moeilijk is? Hoe lang duurt het nog dat u mij vergeet? Hoe lang nog zullen mijn goddeloze vijanden het van me winnen? Waarom verstopt u zich en bent u zo ver weg?

Bijvoorbeeld in psalm 22:

Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten? U blijft ver weg en u redt mij niet, ook al schreeuw ik het uit.

Daar is het een uitroep van David. David kent God, weet dat zijn familie op God vertrouwd heeft, weet dat God voor hem gezorgd heeft vanaf dat hij als baby geboren werd.Maar nu wordt hij bespot, gepest, uitgestoten. Vol leedvermaak kijkt iedereen toe. Hij roept het uit: Waarom bent u zo ver weg? Waarom redt u mij niet? Bevrijd mij, red mij!

De Bijbel is daar dus heel eerlijk over. Herken je het dat God ver weg lijkt? Soms snap je er helemaal niets van: Waarom gebeurt dit allemaal? Als je zelf tegen pijn aanloopt, mislukking, ziekte. Als je leven kapot gaat. Als je gepest wordt. Als mensen die dichtbij je staan je zo teleurstellen. Als je ziet hoeveel er kapot gaat door zonde. Hoe het kwaad van de één anderen meesleept. Hoe kinderen beschadigd raken door hun ouders. Hoe de een altijd wat heeft, tegenslag op tegenslag. Terwijl het de ander voor de wind gaat.

Mijn God, hoelang moet dit nog duren? Mijn God, waarom blijft u zo ver weg?

2. Je zult maar het beste gezocht hebben voor je volk. Mensen waren onder de indruk en liepen met je weg. Je had volgelingen. Maar anderen wilden je niet begrijpen. Gingen je haten, zonder reden. Wilden je dood. Maar wat heb je verkeerd gedaan? En dan is het een van je eigen volgelingen die je verraadt. De anderen laten je in de steek. Zeggen dat ze je niet kennen en niet bij je horen. Iedereen sart je, bespot je. Je wordt geslagen. Gemarteld. Je krijgt geen eerlijk proces. Van te voren staat al vast wat de uitkomst is: hij moet dood. Weg met die man.

Zo ging het met Jezus. Het ene moment werd hij toegejuicht. Het volgende moment slaan ze de spijkers door zijn handen en zijn voeten. Zijn kapotgeslagen rug schuurt tegen het ruwe hout van het kruis waaraan ze hem hangen. En ze lachen vol leedvermaak. Ze bespotten hem. He Messias, waar blijf je? Je kwam toch om mensen te redden? Nou, red jezelf, dan zullen we naar je luisteren.

Het moet Jezus door merg en been gegaan zijn. Zijn lijf, zijn ziel, overal werd hij diep gekwetst. Maar het ergste: altijd had hij dichtbij God geleefd. Altijd was hij God gehoorzaam geweest. Hij was een rechtvaardige. Hij was voor God gegaan, door dik en dun. Hij had mensen opgeroepen: Gods rijk is nabij. Bekeer je. Richt je op God!

En waar is God nu? Ze staan om Hem heen: wilde stieren. Roofzuchtige leeuwen. Zijn lijf gaat kapot. Zijn tong is een lap leer die aan zijn gehemelte kleeft. En de pijn, van die spijkers die zijn hele lijf kapot trekken…

God is zijn sterkte Maar waar is Hij dan? De hemel wordt donker als de nacht. Al het licht verdwijnt. Bidden is schreeuwen tegen een muur. God luistert niet. Hij laat het gebeuren. Hij doet niets!

Jezus schreeuwt het uit. Hij valt terug in het aramees, zijn moederstaal. Hij valt terug op die woorden uit de psalmen die hij zo goed kent. Hij schreeuwt het uit: Eloï, eloï, lema sabachtani? Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?

Jezus lijdt onschuldig. Maar Hij blijft trouw aan God. Zelfs nu schreeuwt Hij het naar God toe uit. Zie je dat? Zelfs nu nog geeft Hij ons een voorbeeld: Blijf in je lijden God zoeken. Ook al lijkt het of God er niet is, blijf Hem roepen.

3. Zo wordt God in Jezus Christus één met mensen die verscheurd worden door lijden. Met anderen roept hij het uit: ‘Mijn God, waarom?’ In Christus lijdt God met ons. In Jezus Christus zoekt God ons op, mensen die lijden.

Maar er is meer. Ons lijden komt door de zonde van ons allemaal. Het is onze zonde die ons eigen leven en de levens van anderen om ons heen kapot maakt. We sleuren anderen mee, maken onszelf en anderen kapot.

Zonde maakt ook relaties kapot. Zie je het niet om je heen? Zonde maakt mensen soms toch diep eenzaam?

Neem Judas. Hij heeft Jezus verraden. Hij ziet wat er van komt: Jezus is ter dood veroordeeld. En dan krijgt hij spijt. Hij is Jezus kwijt. Hij is zijn vrienden kwijt, de andere leerlingen van Jezus. Hij schaamt zich, voelt zich schuldig en hij is alleen. De leiders van het volk kan het niet schelen. Ze zeggen: ‘Wat gaat ons dat aan? Zie dat zelf maar op te lossen!’ Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord.

Maar het kan ook minder extreem. Petrus heeft gezegd dat hij niks met Jezus heeft. Ik ken hem niet! Dan kraait de haan. Petrus herinnert zich wat Jezus gezegd heeft: ‘Voordat een haan tweemaal heeft gekraaid, zul je mij driemaal verloochenen.’ Als hij zich dat herinnert, begint hij te huilen. Wat moet Petrus zich alleen gevoeld hebben.

Herken je die eenzaamheid?

Die komt er vanzelf. Zonde maakt relaties kapot. Wie zondigt, beschadigt zijn relatie met God en raakt God kwijt. Zonde is ten diepste breken met God. Dan word je pas echt eenzaam. Leven zonder God is leven zonder levensbron, zonder hoop. Dan wordt leven wachten op de dood. De eeuwige dood.

In die eenzaamheid werkt de straf en de vloek op de zonde. God straft de zonde met de allerdiepste eenzaamheid. Verlaten zijn door God en mensen, en eeuwig sterven. Overgeleverd worden aan haat. Leven in greep van de duistere machten. Gekweld worden door angst en pijn. De hel…

Dat is waar Jezus belandt. Hij wordt meegesleurd door de zonde van die mensen om Hem heen die Hem verwerpen. Hun zonde maakt Hem kapot. Maar Hij wil dat ook laten gebeuren. Hij sterft voor ons. Hij wordt door God tot zonde gemaakt. Jezus Christus neemt de gevolgen ervan voor zijn rekening: de vloek, de straf.

Dat is een bekend verhaal. Maar we mogen er nooit aan wennen. Nooit. Dan neem je de schreeuw van Jezus niet serieus. ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’

Wie daar een goedkoop antwoord op geeft, zo van ‘Zo wilde God het zelf toch, Jezus wist toch dat hij op zou staan’, slaat de plank helemaal mis. Hier past eerst de verbijstering om het kwaad, om onze zonde.

Wij hebben Jezus meegesleurd in onze val. Wij hebben zijn leven kapot gemaakt. Zijn schreeuw, zijn verbijstering was oprecht. Juist voor hem was die eenzame godverlatenheid een verschrikking. Wij zijn het die hem die verschrikking aangedaan hebben.

Maar waarom? En waarom was dit Gods weg? Op die vragen moeten wij ten diepste het antwoord schuldig blijven.

4. Maar: sinds die kreet van Jezus is er wel iets fundamenteel veranderd.

Ik zei net al: God is in Jezus Christus is een geworden met mensen die verscheurd worden door lijden.

Wat je daar aan hebt? Het betekent iets geweldig moois: wie in Jezus Christus gelooft, is in zijn lijden nooit meer alleen. Als jij je diep eenzaam voelt – ziek in het ziekenhuis, gepest of in de steek gelaten, ’s avonds huilend alleen in bed – dan wil God je in de Bijbel toch bemoedigen. Ons lijden wordt een lijden met Christus. En Christus voelt met ons mee.

De Hebreeënbrief zegt:

Juist omdat hij zelf op de proef werd gesteld en het lijden volbracht heeft, kan hij ieder die beproefd wordt bijstaan. (2,18)

En:

Want de hogepriester die wij hebben is er een die met onze zwakheden kan meevoelen, juist omdat hij, net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld, met dit verschil dat hij niet vervallen is tot zonde. (4,15)

In ons lijden is de Here Jezus bij ons. Misschien voel je het niet. Maar toch belooft hij het. Als iemand achter je staat, zie je hem niet. Voel je hem ook niet. Maar Hij is er wel. Zo is Jezus ook bij ons, of je het nu voelt of niet. Toch is hij er. Geloof in Jezus!

En daar komt iets bij. Jezus Christus heeft voor ons die totale eenzaamheid, die diepste godverlatenheid doorstaan. En tot het einde toe hield Hij God vast. Tot het einde toe richtte Hij zich op God. Hij riep niet tegen mensen: Waarom gebeurt dit? Waarom laat God dit toe? Hij richtte zich op God zelf: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’ Hij sprak God zelf aan.

En doordat Jezus trouw bleef aan God, zijn wij voor altijd verlost van die totale eenzaamheid. Hij is door God verlaten, zodat wij nooit meer door God verlaten zouden worden. Nooit meer die totale allerdiepste godverlatenheid. Nooit meer.

Voor Jezus was het een eenzaamheid zonder bodem. Zonder grond onder de voeten. Voor ons geldt altijd: Heer, u bent mijn leven, de grond waarop ik sta. Ook als je eenzaam bent. Ook als je lijdt.

Jezus riep het uit: Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten? Zo was Gods Zoon in het lijden bij ons.Zo doorstond Gods Zoon de diepste godverlatenheid voor ons. Zo brengt Gods Zoon ons weer bij God, is Hij zelf God bij ons. Voor altijd. Voor ieder die in Hem gelooft.