Lucas 2:10 | Kerst: nooit meer bang!

‘Wees niet bang,’ zegt de engel tegen de herders. Niet zo gek: God is een God om bang van te worden. Maar dat wil hij niet. Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapenende baby. Wat een wonder!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Vooraf: orgelmuziek
Zingen: Opwekking 525 : 1 en 3
LvK Gezang 139 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 138 : 1, 2, 3 en 4 (1 en 4 samenzang, 2 en 3 door KR)
Filmpje: toen & nu
Zingen: Knoop het even in je oren
Ga je mee op zoek naar het koningskind
Gebed
Lezen: Lucas 2 : 1 – 20 (NBV)
Luisterlied: Mary did you know
Preek
Zingen: Opwekking 527
LvK Gezang 141 : 1 en 3
Filmpje: kerstpraatjes
Zingen: Stille nacht, heilige nacht (LvK 143 : 1, 2 en 3)
In een stalletje
Gebed
Mededelingen
Collecte met luisterlied
Zingen: LvK Gezang 135 : 1 en 3
Zegen
Zingen: Wonderbare raadsman
Ik wens jou

Kerst: nooit meer bang!

Inleiding
dia 1 – zwart
(Pan met knuffelslang neerzetten)
Zo, jullie zijn vast benieuwd naar wat hier in zit.
Ik zal het maar verklappen: ik heb een slang meegenomen.
Ik hoop dat er niemand bang voor slangen is…
Zijn hier ook van die echte helden die een slang wel durven te aaien?

Laten we eens kijken of mijn slang uit de pan wil komen.
(slang laten zien)
Dit is hem dus: mijn slang!
Voor deze slang is niemand bang, iedereen durft deze slang te aaien.
Je kunt er mee knuffelen, maar je kunt hem ook als sjaal om je nek doen.

Ik heb deze slang lang geleden gekregen omdat ik bang was voor slangen.
Vooral ’s avonds: ik was bang dat er een slang onder mijn bed zou liggen.
Totdat ik deze slang kreeg.
Deze slang mocht onder mijn bed, en ik was niet meer bang voor slangen,
want er lag al een andere slang onder mijn bed.
Ik kon weer lekker slapen.

dia 2 – bang
Waar ben jij bang voor, of waar was je bang voor?
Wie durft het te vertellen?

Je kunt voor heel verschillende dingen bang zijn.
Je kunt bang zijn voor slangen, of voor spinnen, of je hebt hoogtevrees.
Het kan ook dieper gaan:
dat je bang bent voor de toekomst, bang om er alleen voor te staan.
Maar het kan nóg dieper: dat je bang bent voor God.

dia 3 – Kerst: nooit meer bang
Daar gaat het vanmorgen over.
De engel zegt tegen de herders, Lucas 2:10:
‘jullie hoeven niet bang te zijn, want ik breng jullie goed nieuws.
Het hele volk zal daar blij mee zijn.’
Vandaag vieren we het kerstfeest met als thema: nooit meer bang!

1. Bang voor God?
dia 4 – kampvuur
Het is een nacht als alle andere.
Even buiten Bethlehem brandt een groot kampvuur.
Het is van een groepje herders.
’s Middags, toen ze met de schapen op pad waren,
hadden ze hout verzameld voor het vuur.
Zo deden ze dat altijd, want vuur houdt je lekker warm
en zorgt ervoor dat de wilde dieren weg blijven.

Om de beurt mogen ze even slapen.
Een van de herders staat op wacht:
hij houdt in de gaten of alles goed gaat met de schapen.
De anderen liggen dicht bij het vuur
en hebben hun jassen als dekens over zich heen getrokken.

dia 5 – engel
Maar opeens staat er een engel.
De herder op wacht wil de anderen nog waarschuwen,
maar het heeft geen zin: ze zijn al wakker.
Ze schrikken zich rot en zijn bang!
Dat lijkt me niet zo gek!
De herders worden wakker van het felle licht,
en dat is een heel vervelende manier om wakker te worden.
Een paar jaar geleden lag ik ’s nachts heerlijk te slapen,
tot Hanneke per ongeluk het grote licht aandeed.
Ik was direct klaarwakker.
Maar dat is nog niet alles: in het licht zien de herders een engel!
Eerst denken ze dat het een droom is,
maar nee: er staat echt een engel.
Daar zou ik ook bang van worden!

De herders zijn bang voor de engel – da’s logisch!
Maar ze zijn niet alleen bang voor de engel.
Ze zijn ook bang voor God.
Het is niet zomaar een felle lamp die de herders wakker maakt:
het is het stralende licht van God!
De herders weten: ‘God is hier’, en daarom zijn ze zo bang.
Misschien vind je dat gek.
Waarom zou je bang zijn voor God?
God wil toch niet dat je bang voor hem bent?

dia 6 – zondeval
Nee: God vindt dat afschuwelijk!
Toch staat de bijbel vol met mensen die bang voor God zijn.
De allereerste mensen al, Adam en Eva.
In het begin waren ze helemaal niet bang:
ze vonden het juist fijn om bij God te zijn, daar genoten ze van.
Tot die ene dag…
Adam en Eva aten van de boom waarvan God had gezegd:
‘van deze boom mag je niet eten.’
Vanaf dat moment zijn Adam en Eva bang.
Ze weten dat ze iets verkeerds hebben gedaan,
en durven God niet meer te ontmoeten.
Als God ’s avonds naar hen op zoek gaat,
verstoppen ze zich voor God.
Zo bang zijn ze.

Dat gaat niet alleen over Adam en Eva:
het gaat ook over de herders, en over jou, en over mij.
God is, met een moeilijk woord, ‘heilig’.
Dat betekent dat God groot is, en goed, maar ook dat hij zonde haat.
Daarom zijn de herders bang voor God:
ze weten dat God te heilig is om te ontmoeten.
Het liefst zouden ze zich verstoppen.

2. Nooit meer bang
dia 7 – engel 2
Maar ja, waar moeten ze zich verstoppen?
Achter de schapen?!
Voor zo’n engel kun je je toch helemaal niet verstoppen?
Dat hoeft ook niet!
De engel zegt: ‘jullie hoeven niet bang te zijn.
Niet voor mij, ik doe jullie niets,
maar ook niet voor God: hij wil juist iets moois aan jullie vertellen.’

Weet je trouwens welke opdracht het vaakst in de bijbel staat?
‘Wees niet bang.’
God blijft het maar zeggen, en toch blijven mensen bang voor God.
De herders ook.
Die engel kan dat nou wel zeggen,
dat ze echt niet bang hoeven te zijn,
maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan…
Maar de engel gaat verder.
Hij vertelt de herders dat Jezus geboren is
en hoe ze Jezus kunnen vinden.

dia 8 – herders
Daar gaan de herders.
Ze laten de schapen achter, daar moet God maar even voor zorgen,
en ze gaan op zoek naar Jezus.
Wanneer ze Jezus gevonden hebben,
vergeten ze helemaal hoe bang ze waren.

Wie heeft er wel eens een baby vastgehouden?
Was je er bang voor?
Nee, voor baby’s hoef je niet bang te zijn.
Baby’s kunnen nog helemaal niks.
De herders worden er helemaal blij van.
‘Mag ik hem even vasthouden?’, vraagt een van de herders aan mama Maria.
Het mag.
De herder pakt Jezus uit zijn bedje, de voerbak, en knuffelt hem voorzichtig.
Baby Jezus wordt er helemaal rustig van, en de herder ook.
Met zijn kleine vingertjes prikt Jezus in de baard van de herder,
ze voelen zich bij elkaar helemaal op hun gemak.

Wat hier gebeurt is heel bijzonder!
Dit is niet zomaar een baby, dit is Jezus, de zoon van God.
God, waar de herders zo bang voor waren.
Maar voor een baby kun je gewoon niet bang zijn.
Een baby is ontwapenend.
Zó komt God naar ons toe.
Hij wordt een baby, zodat je gewoon niet meer bang voor hem kúnt zijn!
Want God wil niet dat we bang van hem worden!

En deze baby gaat ervoor zorgen
dat er geen enkele reden meer is om bang voor God te zijn.
De engel noemt Jezus de redder:
deze baby gaat alles tussen God en mensen goed maken,
zodat je je nooit meer voor God wilt verstoppen,
maar juist graag bij hem wilt zijn!

De herder heeft Jezus nog steeds in zijn armen.
Jezus is in slaap gevallen.
De herder aait het kleine hoofdje.
Hij kijkt nog eens goed.
‘Niet te geloven,’ denkt hij, ‘is deze baby de redder?!’
Niets wijst erop dat dit onschuldige, slapende mensje de Zoon van God is.
Maar de herders hebben Gods licht gezien, daarom geloven ze het.
Daarom zullen ze nooit meer bang zijn voor God.

3. Geef Jezus je angst
dia 9 – herders 2
Ook jij hoeft nooit meer bang te zijn.
Misschien ken je het liedje van Guus Meeuwis wel:
‘geef mij nu je angst, ik geef je er hoop voor terug,
geef mij nu de nacht, ik geef je de morgen terug.’
Dat zingt Jezus voor jou: ‘geef mij maar je angst.’

God wil niet dat je bang voor hem bent.
God heeft er genoeg van dat we bang voor hem zijn –
dat is de boodschap van kerst.
God doet alles zodat jij niet bang meer hoeft te zijn!
Ook niet als je weer iets stoms doet.
Als je je weer eens voor jezelf schaamt,
en je je het liefst voor God wilt verstoppen.
Het hoeft niet: geef Jezus je angst!
Denk aan die kleine baby in de armen van de herder:
voor God hoef je niet bang te zijn.

Maar daar hoort nog wel wat bij:
laat het een wonder blijven dat je niet bang hoeft te zijn!
Het is niet normaal dat God van je houdt, dat is een groot wonder!
God is geen lieve knuffelbeer, die alles wat jij doet prima vindt.
Nee: God is heilig, een God om bang van te worden!
Toch wil deze God bij jou zijn.
Wil hij dat je van hem geniet, in plaats van bang voor hem bent.
Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapende baby.
Geef Jézus je angst.

Dat is kerst.
Je hoeft nooit meer bang te zijn.
Wat een wonder!
Amen.




Matteüs 2:1-12 | Wie is de koning?

De koning is geboren! Maar er is nog een koning: Herodes. Wie is nou eigenlijk de echte koning? Wie is de baas in deze wereld? Het lijkt wel eens alsof de Herodessen het voor het zeggen hebben. Maar Jezus is de enige echte!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Visnet: Kaarsgedicht
‘Jezus zegt dat hij hier van ons verwacht’
Samenzang: ‘Kom vier het feest met mij’ (Sela)
Stil gebed
Votum en groet
Samenzang: LvK Gezang 143 : 1 en 3 (Stille nacht, heilige nacht)
LvK Gezang 134 : 1 en 2 (Eer zij God in onze dagen)
GKB Gezang 83 : 1 en 3 (Vrolijk zingen wij ons lied)
Gebed
Visnet en ‘t Doke:
‘Vrolijk kerstfeest iedereen’
‘Er is een kindeke’
‘We gaan op zoek’
Lezen: Matteüs 2 : 1 – 12 (BGT)
Luisterlied: ‘Dag koning Herodes’ //www.youtube.com/watch?v=OgExVkvW8eY
Luisterlied door kerkenraad: LvK Gezang 145 : 1, 2 en 3 (Nu zijt wellekome)
Preek
Samenzang: ‘Als je veel van iemand houdt’ (Elly en Rikkert)
‘Immanuël’ (Kids Opwekking 54)
Gedicht door Klaas Wiersma
Luisterliederen door Winy, Rianne en Jitske:
‘God rest ye merry, gentlemen’
‘The first Noel’
Gebed
Collecte
Samenzang: LvK Gezang 135 : 1, 2 en 3 (Hoor de engelen zingen de eer)
Zegen
Samenzang: GKB Gezang 50 (Ere zij God)
Luisterlied door Winy, Rianne en Jitske: ‘Joy to the world’

Wie is de koning?

Inleiding
dia 1 – zoeken
Ik wil graag met jullie op zoek.
De kinderen zongen het al:
‘ga je mee op zoek naar het koningskind’.
Laten we dat doen: op zoek naar de koning.
Maar als je de koning zoekt,
is het ook wel handig om te weten hoe je een koning herkent.
Laten we eens kijken of jullie daar een beetje goed in zijn.
Ik heb wat plaatjes,
en dan moeten jullie zeggen of het wel of geen koning is.

dia 2 – Willem Alexander
We beginnen even makkelijk: is dit een koning?
En waar zie je dat aan?

dia 3 – Stijn Schaars
Volgende: is dit een koning?
Waarom niet?

dia 4 – Elizabeth
En deze?
Dat was dus de instinkvraag:
dit is geen koning, maar een koningin.
Queen Elizabeth van Engeland, om precies te zijn.

dia 5 – Oyo
Volgende: is dit een koning?
Ja, dit is een koning.
Zijn naam: Oyo Nyimba Kabamba Uguru Rukidi IV.
Goed onthouden, want straks wordt je overhoord…
Waar kun je aan zien dat dit een koning is?

dia 6 – Eduard van Zuijlen
En deze, een koning?
Nee, het is ‘maar’ onze burgemeester, Eduard van Zuijlen.
Wie weet hoe je dat ziet?

dia 7 – Harald
De laatste: is dit een koning?
Ja, het is koning Harald van Noorwegen.

dia 8 – wie is de koning?
Zijn er mensen die ze allemaal goed hadden?
Mooi, dan kan het nog wel wat worden
met onze zoektocht naar de koning!
Jullie weten hoe je een koning herkent!
Al zoeken we vandaag een heel jonge koning,
hij is nog niet zo lang geleden geboren,
maar dat moet ook wel lukken, toch?!
Ik bedoel, ook de kroonprins woont in een paleis,
heeft een hele hofhouding aan bedienden,
en draagt dure kleren.

1. Op zoek
dia 9 – aankomst
Wij zijn vandaag niet de enigen die op zoek zijn.
Er zijn wijze mannen die de koning ook zoeken.
Misschien moeten wij maar gewoon achter hen aan gaan,
dan kunnen ze ons mooi de weg wijzen naar de koning!
Ze hebben er al een hele reis op zitten.
Ze komen uit een ver land.
Ze kunnen niet wachten om de koning te zien.

dia 10 – geboortekaartje
Die wijze mannen waren uitgenodigd.
Als ergens een baby wordt geboren,
dan sturen de ouders vaak een geboortekaartje.
‘Wij hebben een baby,
en we vinden het leuk als je komt kijken.
De koffie en beschuit met muisjes staan klaar.’
Die wijze mannen hadden ook een geboortekaartje gekregen.
Maar wel een bijzonder geboortekaartje.

dia 11 – ster
Het geboortekaartje van de koning was een ster.
Overdag deden die wijze mannen allerlei belangrijke en moeilijke dingen,
en ’s avonds pakten ze hun sterrenkijkers, en keken omhoog, naar de sterren.
Zij geloofden dat als er op de wereld iets belangrijks gebeurde,
dat het in de sterren te zien zou zijn.
De bijbel zegt daar iets anders over,
maar voor deze keer vond God het mooi om een ster te sturen.
En ja hoor, op een dag zagen de wijze mannen de ster.
Ze pakten hun boeken over uitleg van de sterren erbij,
en al snel waren ze erachter: de koning van de Joden is geboren.
Het geboortekaartje was aangekomen!

Best gek eigenlijk, dat ze op zoek gaan.
Ik bedoel, als jij een geboortekaartje krijgt
dat er in Hongarije, ik noem maar wat, een koning is geboren,
zou je er dan heen gaan?
Ik zou denken dat het kaartje niet voor mij bestemd is:
wat moet ik nou met een Hongaarse koning?!
Maar die wijze mannen gaan op reis!
Op zoek naar de Joodse koning.
Want als de sterren over een koning vertellen,
moet het wel een heel bijzondere koning zijn!
Hier gebeurt iets groots,
misschien wordt hier wel wereldgeschiedenis geschreven.
Daar moeten die wijze mannen bij zijn!

dia 12 – Jeruzalem
Maar waar moeten ze precies zijn?
In het geboortekaartje stond geen adres.
Het is niet zo dat ze die ster de hele reis gezien hebben.
Ach, zo moeilijk kan het ook niet zijn.
Een koning, die woont natuurlijk in een paleis.
En het paleis, dat staat vast in de hoofdstad, Jeruzalem dus.

Daar rijden ze, op hun kamelen, Jeruzalem in.
Ze vragen het direct aan de soldaten bij de poort:
‘wij komen voor de nieuwe koning, waar moeten we zijn?’
De soldaten halen hun schouders op: ze weten van niks.
Ze proberen het in de stad, vragen het aan iedereen.
‘Die nieuwe koning, waar kunnen we hem vinden?’
Maar niemand weet iets.
Die wijze mannen, ze snappen er niets van.
Zijn er in Jeruzalem dan geen geboortekaartjes gestuurd?
Zo worden die mannen zelf het geboortekaartje.

Geboortekaartjes zijn er in Franeker genoeg.
Bijna iedereen viert vandaag kerst.
Maar ga je mee op zoek?
Want kerst is niet een gezellig feest met een mooi verhaal.
Het gaat over een koning die je leven verandert.
Zoek je mee?

2. Wie is de koning?
dia 13 – Herodes
Niemand kan de wijze mannen verder helpen,
maar ondertussen heeft wel iedereen het over hen.
‘Heb je het al gehoord, van die mannen van ver?
Ze zoeken de nieuwe koning van de Joden!
Laat Herodes het niet horen, hij krijgt nog een hartverzakking…’
Tja, wie is de koning eigenlijk?
In Jeruzalem weten ze het wel: Herodes.

En ja hoor, Herodes krijgt er lucht van,
en hij schrikt zich een hoedje.
‘Een kindje, een koning?! Dat is er maar één!
En dat is Herodes, dat weet iedereen!’
En als Herodes schrikt, dan schrikt Jeruzalem ook.
Ze weten heel goed dat als Herodes boos is,
je maar beter bij hem uit de buurt kunt blijven!

Herodes is een ongelofelijke ijdeltuit.
Alles draait om hem, iedereen moet hem bewonderen.
Maar dat is nog niet het ergste.
Herodes is verslaafd aan macht.
Hij is de koning van de Joden, en waag het niet daar aan te komen!
Herodes durft niemand te vertrouwen.
Hij is bang voor mensen die zijn macht kunnen afpakken.
Zulke mensen liet hij uit de weg ruimen.
Zelfs zijn eigen vrouw, een aantal zonen en zijn schoonmoeder liet Herodes vermoorden.
De keizer van Rome, Augustus, heeft eens gezegd:
‘je kunt beter Herodes’ varken zijn dan zijn zoon…’
Nee, Herodes is geen fijne koning.
Hij is levensgevaarlijk!

dia 14 – audiëntie
Nu hoort deze koning over een nieuwe koning
die de koning van de Joden zou zijn.
Dat kan Herodes niet hebben.
In het geheim laat hij onze wijze mannen bij zich komen.
Ze zijn onder de indruk van het paleis,
het is prachtig, verleidelijk mooi,
maar ze weten heel goed dat ze hier hun koning niet gaan vinden.

Herodes doet allervriendelijkst.
Alsof hij de wijze mannen verder wil helpen.
‘Ik heb eens wat navraag gedaan’ zegt Herodes,
‘je zou het in Bethlehem kunnen proberen,
een paar kilometer verderop.
Ik denk niet dat er wat is hoor, maar proberen kan altijd.
Laat me trouwens even weten of jullie hem gevonden hebben.
Dan kan ik er ook naartoe en hem eren.’

Dat is dus niet Herodes’ bedoeling,
maar dat kunnen de wijze mannen moeilijk weten.
Herodes die een koning eert?
Houd toch op: hij wil zelf geëerd worden!
Er is geen ruimte voor twee koningen van de Joden.
Wie is nou eigenlijk de koning?
Herodes toch?

Wie is de koning?
Wie is nou de baas in onze wereld?
Zijn dat de mensen waar je bang van wordt?
Die willen dat je vol bewondering naar hen kijkt?
Pestkoppen?
Terroristen, zoals deze week in Berlijn?
Hebben mensen zoals Herodes,
mensen die nergens voor terugdeinzen,
het echt voor het zeggen?

3. De enige echte!
dia 15 – Bethlehem
De wijze mannen gaan verder.
Ze hebben wel door dat ze niet in Jeruzalem moeten zijn.
Herodes is niet de koning die ze zoeken.
Gelukkig niet…
Ze zoeken een andere koning.
Zoek je mee?

De mannen maken hun kamelen klaar en vertrekken naar Bethlehem.
Ze zijn Jeruzalem nog niet uit, of ze zien hem weer: de ster!
Maar deze keer wijst de ster de weg,
naar een heel gewoon huisje in een rustig straatje in Bethlehem.
Daar vinden ze Jezus.

dia 16 – huis
We zijn net in het paleis van Herodes geweest.
Het verschil kan bijna niet groter.
Herodes woont in een prachtig paleis,
om aan iedereen duidelijk te maken hoe belangrijk hij is.
Bij Jezus merk je aan niets dat hij belangrijk is.
Deze nieuwe koning lijkt niet op een koning.
Als er een foto van Jezus zou zijn,
en ik had die foto net aan jullie laten zien,
dan had iedereen gezegd dat hij geen koning is.
Je zou misschien verwachten dat Jezus,
na alle koninklijke pracht en praal van Herodes, een teleurstelling is.
Maar het tegenovergestelde is waar:
de wijze mannen zijn van de kleine Jezus
veel meer onder de indruk dan van die machtige Herodes.

dia 17 – cadeaus
Een koning is geboren, en ze hebben hem gevonden!
Nog nooit zijn de mannen zo blij geweest als nu.
Herodes deed wel alsof hij heel wat was,
maar koning Herodes liet hen koud:
dat soort koningen kennen ze inmiddels wel.
Maar Jezus is anders.
Ze trekken hun tassen open,
en daar komen de kraamcadeaus.

Wel een beetje vreemde cadeaus.
Ik zou andere cadeaus meenemen als ik op kraambezoek ga.
Rompertjes, schoentjes, speelgoed, dat soort dingen.
Maar goud, wierook en mirre?
Misschien weet je niet eens wat het is…
Goud wel, maar wierook en mirre?
Mirre is een soort olie en met wierook kun je het lekker laten ruiken.
Ik heb naar mirre gezocht, maar dat was erg duur: 1600 euro per liter…
Wierook heb ik wel.
Wie van de kinderen wil het eens ruiken?
(meegeven aan kinderen om thuis aan te steken)

Het zijn niet zomaar cadeaus.
Met deze cadeaus zeggen de mannen: ‘Jezus, u bent koning.
Wij willen uw onderdanen zijn.
Alstublieft, u bent ons alles waard.’

dia 18 – kroon en kruis
Jezus is misschien geen indrukwekkende koning.
Zijn geboorte wordt door bijna niemand opgemerkt.
Maar de wijze mannen hebben het gezien:
deze koning zal de wereld voorgoed veranderen.
Deze koning is de enige echte.
Geen koning als Herodes, die je leven opeist,
maar een koning die zijn leven voor je geeft.
Misschien wisten die wijze mannen dat.
De mirre die ze gaven, kijkt er al naar vooruit:
na zijn dood werd Jezus met mirre gezalfd.

Het lijkt wel eens alsof koningen zoals Herodes het voor het zeggen hebben.
Wie het hardste schreeuwt en de gemeenste wapens gebruikt, krijgt zijn zin.
Maar Herodes is geen echte koning.
De daders van die aanslag in Berlijn maken de dienst niet uit.
Ja, ze krijgen nog de ruimte.
Maar er is maar één echte koning: Jezus.
Wie is jouw koning?
Amen.




Lucas 2:7b – Jezus maakt plaats, en jij?

Kerst: Jezus is geboren. Maar er is voor hem geen plaats… Is dat wel feest? Moeten we ons niet schamen dat we geen plaats voor Jezus hebben? Nee: Jezus kiest voor de laagste plaats om plaats voor jou te maken!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Intocht kinderen met lichtjes
Zingen: -LvK Lied 138 : 1, 3 en 4 (Komt allen tezamen)
-Opwekking 527 (Licht in de nacht)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 85 (Weet jij waarom Jezus hier op aarde kwam; in 2 groepen)
Lampjes-spel
Gebed
Kerstspel Lucas 2
Zingen: -‘Wijs mij de weg naar Bethlehem’ (Sela)
-Opwekking 549 (Ik kniel neer)
Preek over Lucas 2 : 7b
Zingen: LvK Lied 145 : 1 en 2 (Nu zijt wellekome)
Visnet Libdub
Zingen: -‘Luid klokje klingelingeling’ (a capella, instrumentjes)
-Kids Opwekking 123 (Goed nieuws)
-‘Vrolijk kerstfeest iedereen’
Afronding project kinderclub
Zingen: ‘Als je veel van iemand houdt’ (Elly en Rikkert)

Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 525 (Jubel het uit)
Zegen
Zingen: GKB Gezang 50 (Ere zij God)

Jezus maakt plaats, en jij?

Inleiding
dia 1 – zwart
Ik heb 4 kinderen nodig voor een spelletje.
Steek even je vinger omhoog
als je vindt dat je nu al veel te lang stil moet zitten.
Wie wil er met het spelletje meedoen?
(4 kinderen aanwijzen, eventueel 5e als scheidsrechter)

dia 2 – stoelendans
Goed, we gaan een bekend spelletje doen: stoelendans.
Kennen jullie de spelregels?
Even kort: jullie zijn met z’n vieren,
maar er zijn maar drie stoelen.
Als zometeen de muziek start,
lopen jullie om de stoelen heen.
Als de muziek stopt, ga je zo snel mogelijk op een stoel zitten.
Maar voor een van jullie is geen plaats:
degene die geen plekje kan vinden, is af en mag bij mij komen staan.
Dan gaan we door met de volgende ronde,
totdat er nog maar één van jullie overblijft.
Duidelijk?
Oke, ga maar om de stoelen heen staan.
We starten de muziek.

(drie rondes, tot er nog maar een deelnemer overblijft)

dia 3 – winnaar
Dames en heren, we hebben een winnaar!
Mag ik een applaus voor (degene die is overgebleven)?
Maar… we hebben nog een winnaar!
Mag ik nog een applaus voor (de eerste afvaller)?
Ja, jij hebt ook gewonnen, want met kerst gaat het allemaal een beetje anders.
Laten we het maar de kerst-spelregels noemen.
En die moet ik misschien toch maar even uitleggen.

We vieren vandaag dat Jezus is geboren.
Maar voor baby Jezus was nergens plaats,
net zoals voor jou, (de eerste afvaller), geen plaats was.
En het is niet leuk als er geen plaats voor je is!
Maar omdat jij geen stoel had, konden de andere drie wel zitten.
Je maakte plaats voor hen.
Net als Jezus: hij zorgt dat er plaats is voor ons allemaal.
Als je geen plaats hebt, lijk je een beetje op Jezus.
En daarom ben jij ook winnaar!
Jullie mogen weer gaan zitten.

dia 4 – Jezus maakt plaats, en jij?
Kerst is de omgekeerde wereld:
voor de Zoon van God is geen plaats.
Toch is er goed nieuws: hij doet het voor ons.
Je kunt dat nieuws in één zinnetje samenvatten:
Jezus maakt plaats, en jij?

1. Geen plaats voor Jezus
dia 5 – voerbak
In een stal in Bethlehem ligt baby Jezus.
Nee, niet in een schoon wiegje met een zacht matrasje en een warme kruik.
Jezus ligt in een harde voerbak voor de dieren.
Niet de eerste plek waar je de Zoon van God zou zoeken…
Hij verdient zoveel beter,
op z’n minst het beste bedje van heel Israël.
Wat doet deze baby in zo’n armoedige voerbak?

dia 6 – een ongeplande reis (soldaten)
Daarvoor moeten we nog een klein sprongetje maken,
naar Nazareth, een paar weken eerder.
Nazareth is een stadje waar nooit wat bijzonders gebeurt.
De rest van Israël is al vergeten dat Nazareth ook nog bestaat.
Maar de Romeinen zijn het niet vergeten…

Het is een gewone dag als ze komen, de Romeinse soldaten.
Het is maar een klein groepje,
maar iedereen is nieuwsgierig wat ze in Nazareth te zoeken hebben.
Iedereen stopt met zijn dagelijkse bezigheden,
en als snel staat iedereen op het dorpsplein.
Eén van de soldaten haalt een vel papier tevoorschijn en leest voor:
‘Dit is een bevel van keizer Augustus.
Er zal een volkstelling worden gehouden.
Binnenkort gaan de tellingskantoren open.
Iedereen moet zich inschrijven in de plaats van zijn familie.’
De soldaat ruimt het papier weer op, en ze vertrekken.

Ook Jozef staat op het plein.
Een volkstelling, dat is wel het laatste waar hij op zit te wachten.
Nog even, en dan komt de baby.
Hij en Maria zijn er helemaal klaar voor.
Ze zijn niet rijk, maar Jozef heeft zelf een mooi bedje gemaakt.
Maar nu gooit keizer Augustus hun plannen overhoop.
De familie van Jozef komt niet uit Nazareth, maar uit Bethlehem.
Naar Bethlehem is een paar dagen reizen.
Wat moeten ze?
Wachten tot de baby er is?
Maar dan wordt de reis alleen maar moeilijker…
Nee, ze kunnen maar beter direct vertrekken.

dia 7 – geen plaats voor de baby (herbergier)
Zo gezegd, zo gedaan.
Jozef en Maria gaan op weg naar Bethlehem,
een klein stadje in de buurt van Jeruzalem.
Ze zijn niet de enigen.
Op de wegen rond Bethlehem is het druk.
Het kleine stadje kan die toestroom eigenlijk niet aan.
Het wordt overspoeld door mensen die een plekje zoeken om te slapen.
Voor Bethlehem is het een zware belasting.
Die keizer moest eens weten wat zijn bevel voor gewone mensen betekent.
Maar Bethlehem laat zich niet kennen:
overal stellen mensen hun huizen open.

Ook Jozef en Maria vinden een plekje.
Ze zijn moe van de reis,
en willen een paar dagen uitrusten voor ze teruggaan.
Maar het loopt anders.
‘Jozef,’ fluistert Maria, ‘Jozef, volgens mij kunnen we niet meer terug,
de baby komt, ik voel het!’
Ook dat nog!
Maar waar kan die baby dan geboren worden?
Voor Jozef en Maria was nog wel plaats,
maar voor de bevalling is het een ander verhaal.
Zo belandt Jezus in die voerbak in dat stalletje.
Er is geen plaats voor een huilende baby in het veel te volle Bethlehem.
Hij mag blij zijn met de stal!

dia 8 – te druk voor Jezus
Dat is niet eerlijk, maar dat is de wereld ook niet.
Jezus is niet de enige baby voor wie geen plaats is.
Elke dag worden baby’s geboren voor wie geen plaats is.
Miljoenen mensen lopen er elke dag tegenaan:
dat de wereld geen plaats voor hen heeft.
Misschien zou Jezus vandaag wel als asielzoekersbaby geboren worden,
op reis door de grillen van een of andere dictator.

Voor Jezus is geen plaats, want mensen hebben genoeg aan zichzelf.
Ik denk niet dat wij het er beter vanaf gebracht hadden.
Wat zijn we vaak druk,
wat zijn we veel met onszelf bezig,
wat zijn er veel dingen die om onze aandacht vragen.
Nee, voor Jezus is geen plaats, we zitten vol!

2. Jezus maakt plaats voor jou
dia 9 – koude douche
Wat een ontvangst krijgt Jezus…
Het lijkt een koude douche:
God zelf komt op aarde en dan wordt hij zo behandeld…
Waarom zouden we het kerstfeest nog vieren?
Hier is toch niets moois aan?
Is kerst geen reden om ons diep te schamen?
Nee, dat is het niet.
Dit is voor God geen koude douche.
Hij verwijt ons niet dat we geen plaats voor Jezus hebben.
God kiest er bewust voor om op deze manier naar ons te komen.
Zo wil hij plaats voor jou maken!

dia 10 – God wil geen voorkeursbehandeling (stal)
Het is geen stomme pech dat Jezus in een voerbak terecht komt.
Als de mensen hadden geweten
dat die arme baby in de voerbak niet zomaar een baby is,
maar de Zoon van God, de beloofde Messias,
dan was er meer dan genoeg plaats voor hem geweest.
Ik denk dat de mensen dan in de rij hadden gestaan:
‘Jozef en Maria, in mijn huis is nog wel plaats, ik slaap wel een nachtje in de stal.’
Want wat een eer zou het zijn als Jezus in jouw huis geboren wordt!
Iedereen wil graag iets voor Jezus doen.
Ze zouden geld inzamelen voor een koninklijk bedje,
en elk uur zou het worden verschoond.
Ze zouden van Jezus de meest vertroetelde baby van Israël maken.
Maar God wil het niet!

God wil geen voorkeursbehandeling.
Hij zorgt ervoor dat bijna niemand Jezus herkent, op de herders na.
Hij zit er niet op te wachten om als een prinsje vertroeteld te worden.
Jezus wil geen leven vol glitter en glamour tussen koningen en miljonairs,
hij wil een gewoon leven tussen gewone mensen.
Jezus wil met zijn poten in de modder staan.
Want hij is niet gekomen om een luxe plaats op te eisen,
maar om een plaats voor jou te maken!

dia 11 – Jezus doet het voor jou (kruis)
God wil dat dit vanaf het begin al duidelijk is.
Daarom ligt baby Jezus in die voerbak.
En later in zijn leven komt het steeds terug.
Jezus zegt eens tegen iemand:
‘Vossen hebben een hol en vogels hebben een nest.
Maar de Mensenzoon heeft geen plek om uit te rusten.’
Uiteindelijk hebben de mensen maar één plaats voor Jezus: het kruis.
Jezus doet het om plaats voor jou te maken,
om ervoor te zorgen dat je welkom bent bij God!

Jezus is geen prinsje voor wie zelfs het beste nog niet goed genoeg is.
Hij heeft genoeg aan een stal met een voerbak.
Wat een geweldig nieuws is dat
voor iedereen in de wereld voor wie geen plaats is!
Voor die miljoenen die op de vlucht zijn of in armoede leven.
Voor iedereen die niet mee kan komen met onze samenleving.
Jezus is ook zo iemand!
Dat is geweldig nieuws, voor ons allemaal.
God spaart zichzelf niet, om jou te winnen en een plaats te geven.
Op zo’n God kun je vertrouwen!

3. Maak jij plaats?
dia 12 – maak jij plaats?
Jezus maakt plaats, en jij?
Hij wil graag een plek in jouw leven.
Maak jij plaats?

dia 13 – wees tevreden
Hoe je plaats maakt, kun je van Jezus leren.
Jezus was tevreden, tevreden met zijn voerbak.
Ben jij ook tevreden met wat je hebt?
Wij denken heel snel dat we heel veel nodig hebben.
Iedereen een eigen slaapkamer,
elk jaar nieuwe kleren, ook als je oude kleren nog best kunnen,
minstens één keer per jaar op vakantie, enzovoort.
Maar dat heb je helemaal niet nodig, het is luxe.
Op zich is dat niet verkeerd, maar besef wel hoe rijk je dan bent,
en wees tevreden en dankbaar.
Maar vaak hebben we er niet genoeg aan.
Bij je vrienden hebben ze alles net weer wat mooier, en je wordt jaloers.
God zegt: ‘denk toch niet dat je zoveel nodig hebt.
Kijk maar naar die voerbak!
Je hoeft niet te vechten voor een goede plaats op aarde,
ik heb een nog veel mooiere plaats voor je!’

dia 14 – maak plaats voor mensen zoals Jezus
Maak jij plaats?
Jezus zegt in Matteüs 25: ‘alles wat jullie gedaan hebben
voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters,
dat hebben jullie voor mij gedaan.’
De geboorte van Jezus kunnen we niet meer overdoen,
maar we kunnen wel plaats maken voor mensen net als Jezus,
mensen voor wie in onze wereld geen plek is.
Jezus zegt: ‘als je dat doet, maak je plaats voor mij!’

Dat hoeft helemaal niet moeilijk te zijn.
Misschien zit er wel iemand bij jou in de klas,
die altijd alleen zit en geen vrienden heeft.
Ga er dan gewoon eens naast zitten
of ga samen eens iets leuks doen.
Dan maak je plaats.

Op deze wereld zijn miljoenen mensen voor wie geen plaats is.
Je kunt ze niet allemaal helpen, dat kan alleen Jezus.
Maar maak je plaats, met je tijd, met je geld, met je relaties?
Niet alleen voor mensen die jou goed liggen,
maar ook voor mensen waar niemand plaats voor heeft?
Dan breng je hoop in mensenlevens.
Dan zegt Jezus: zo heb je ook voor mij plaats gemaakt.

dia 15 – Jezus maakt plaats voor jou!
Net als Jezus zelf.
Hij deed het: hij gaf zijn plaats op,
om plaats voor jou te maken.
Daarom is het vandaag feest.
Amen.




Lucas 2:15-20 – Hij is het echt!

Kerst: Gods Zoon komt op aarde. Maar Gods Zoon blijkt een heel gewone baby. Is hij het wel echt? Door de herders geeft God een bevestiging: ja, hij is het! Aanbid hem met de herders mee.

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LB Gez 138 Komt allen tesamen (1 en 3)
LB Gez 139 Komt verwondert u (1-3)
NLB Gez 482 Er is uit ’s werelds (1-3)
Welkom
Zingen: Sela, Kom vier het feest met mij (1-3)
Afkondiging overlijden zr. Bakker
Zingen: Psalm 23 : 1
Gebed
Aansteken kaars
Stil gebed, votum en groet
Zingen: Gez 86 Wij trekken in een lange stoet (1 en 2)
Opw 525 Joy to the world (1 en 2)
Opw 533 Eén klein kind
Elly & Rikkert, Zo lang gewacht
Gebed
Lezen: Lucas 2 : 1 – 20
Luisterlied: Sela, In het licht
Preek over Lucas 2 : 15 – 20
Zingen: LB Gez 134 Eer zij God in onze (1 en 2)
LB Gez 141 Ik kniel aan uw kribbe (1 en 3)
LB 138 Komt allen tezamen (2 en 4)
Sketch over de wijzen
Zingen: Elly & Rikkert, Als je veel van iemand houdt
Vrolijk Kerstfeest iedereen
Opw 529 Komt laten wij aanbidden
Mededelingen en collecte
Zingen: Sela, Als alles duister is
Zegen
Zingen: Ere zij God

Hij is het echt!

Inleiding
dia 1 – jarig
Het is feest vandaag.
Feest omdat Jezus is geboren.
Op welke datum hij is geboren, weet niemand.
Maar vandaag vieren we het feest van zijn geboorte.
We vieren de verjaardag van Jezus.
Je zou wel kunnen zeggen: Jezus is jarig!

Iedereen is elk jaar één keer jarig,
behalve als je op 29 februari geboren bent,
maar dan moet je het maar op een andere dag vieren.
Maar er is wel een verschil tussen
dat je jarig bent en dat je je jarig voelt.
Elk jaar op 1 augustus ben ik jarig,
maar soms voel ik me dan helemaal niet jarig.
Wie weet iets wat ervoor zorgt dat je je ook echt jarig voelt?
Noem eens wat!

dia 2 – jarig voelen
Visite, slingers, cadeautjes, taart, vrijgesteld van de afwas, feestmuts,
allemaal dingen die helpen om je jarig te voelen.
Zonder dat soort dingen is je verjaardag een hele gewone dag,
net zoals alle andere dagen.
Als je op je verjaardag op staat,
en er hangen geen slingers,
er is niemand die je feliciteert,
je krijgt geen cadeautjes en geen taart,
dan ga je er bijna aan twijfelen:
heb ik me niet gewoon vergist?
Ben ik wel echt jarig?
Volgens de kalender wel, maar het voelt niet zo.
Maar als je wakker wordt, ontbijt op bed krijgt,
er voor je gezongen wordt,
en je de hele dag visite hebt,
dan voel je je echt jarig.

dia 3 – hij is het echt!
Je kunt dus jarig zijn maar je niet jarig voelen.
Soms voelen dingen anders dan ze zijn.
En dat is met kerst ook zo.
De verjaardag van Jezus is een hele bijzondere dag:
we vieren dat de Zoon van God geboren is!
We vieren dat het licht in de wereld is gekomen.
Maar de geboorte van Jezus is helemaal niet zo bijzonder.
Je zou zomaar eraan twijfelen: is dit wel Gods zoon?
Daarover gaat het vanochtend: hij is het echt!

1. Niet te geloven
dia 4 – niet te geloven
Maar eerst over die twijfel.
In Lucas 2 staat het zo gewoon beschreven.
‘Maria bracht een zoon ter wereld’,
veel meer staat er niet over de geboorte van Jezus.
Alsof hij een heel gewoon kind is.
Is deze baby God zelf?
Dat is bijna niet te geloven.

dia 5 – Maria en Gabriël
Ook niet voor Jozef en Maria.
Ja, ze wisten dat het een heel bijzondere baby was.
De manier waarop Maria zwanger was geworden, was heel bijzonder:
opeens was ze gewoon zwanger, en Jozef had er niets mee maken.
Dat klopte ook met de boodschap van de engel Gabriël.
Hij had vertelt dat Maria de moeder zou worden van Gods Zoon.
En kort daarna was Maria bij Elisabeth op bezoek geweest,
en die had het haar ook nog weer verteld:
‘Maria, je wordt de moeder van de Heer!’

dia 6 – een gewone bevalling en een gewone baby
Jozef en Maria wisten het heel goed.
Maar nu lijkt het zo gewoon.
Over de bevalling is weinig bijzonders te vertellen.
Zo weinig dat we er zelf maar een mooi verhaal omheen hebben gemaakt.
Over balkende ezels die staan toe te kijken bijvoorbeeld…
Het enige bijzondere is dat Maria niet thuis is bevallen, in Nazareth.
Ze was met Jozef meegegaan naar Bethlehem.
Waarschijnlijk logeerden ze daar een paar weken bij familie.
Die familie was niet rijk, en hadden dus geen aparte slaapkamer waar Maria kon bevallen.
In die tijd waren veel huizen zo gebouwd dat beneden ruimte was voor de dieren
en de mensen boven sliepen.
Om toch een beetje privacy te hebben tijdens de bevalling,
zijn Jozef en Maria maar naar beneden gegaan.
De herders waren ’s nachts met de dieren buiten,
dus waarschijnlijk waren er helemaal geen dieren bij de geboorte.
Maria heeft een hele gewone bevalling gehad.

dia 7 – baby
En dan is de baby er.
‘Lieve Jezus, welkom bij papa en mama.’
Zoiets zal Maria wel hebben gezegd.
En Jezus lijkt een hele gewone baby.
Hij huilt, hij is tevreden als hij bij mama mag drinken,
en verder slaapt hij veel.
Natuurlijk komt er ook kraamvisite.
Zij zien ook een hele gewone baby.
Misschien is er zelfs wel iemand geweest die heeft gezegd:
‘ja, die ogen, die heeft hij echt van jou Maria,
maar die neus, dat is toch echt meer van Jozef…’
Er is helemaal niets waardoor je zou denken
dat niet Jozef maar God zelf de vader van Jezus is.

dia 8 – is hij wel echt de Zoon van God?
Dit is hem dan: de zoon die Gabriël beloofd had.
De redder, het licht voor de wereld.
Maar hij lijkt zo gewoon.
Jozef en Maria weten wel dat hij Gods Zoon is,
maar Jezus is zo gewoon, dat ze er bijna aan gaan twijfelen.
Het voelt niet alsof deze baby zo bijzonder is.
Hebben ze zich niet gewoon wat ingebeeld?
Is dit wel echt?

En als bij Jozef en Maria de twijfel al toe kan slaan,
dan bij ons natuurlijk helemaal.
Zo’n gewone baby, wat moet je daar nu mee?
Aan niets is te merken dat deze baby de redder van de wereld is.
Is deze baby wel echt de Zoon van God?
Het is niet te geloven.

2. Bevestigd door God
dia 9 – bevestigd door God
Aan de baby is niets bijzonders te zien.
Maar hij is het echt: de beloofde zoon van God.
God zorgt ervoor dat het ook voor Jozef en Maria echt wordt.
God zegt het nog eens: deze baby is mijn Zoon!
Door de herders bevestigt hij het goede nieuws.

dia 10 – herders
Want een eindje buiten Bethlehem zijn herders.
Het is nacht, en zij letten op hun dieren.
Het begint als een gewone nacht,
maar het wordt de nacht van hun leven.
Want opeens is er een engel in stralend licht.
God zelf heeft een boodschap voor hen!
Het is goed nieuws: er is een baby geboren.
En het is niet zomaar een baby:
deze baby is de beloofde messias, hij is de Heer.
God zelf is naar de wereld gekomen!
Als er daarna bij die ene engel opeens ook nog een enorm leger van engelen komt,
zijn de herders diep onder de indruk,
en willen ze nog maar één ding: naar deze baby toe.

dia 11 – voederbak
Maar er worden in Bethlehem wel meer baby’s geboren.
Hoe kunnen ze deze baby nu herkennen?
Want, zoals we al gezien hadden, Jezus is een heel gewone baby.
Dat zegt de engel ook:
het is een gewone baby, gewikkeld in een doek, en hij ligt in een voerbak.
Je zou verwachten dat hij zich daarvoor verontschuldigt:
‘sorry, het is maar een gewone baby,
en hij is niet bepaald bij rijke mensen geboren,
maar vergeet die voerbak, daar moet je maar even doorheen kijken,
want hij is het echt wel hoor.’
Maar nee, de voerbak is juist het teken:
van alle baby’s in Bethlehem gaat het om die ene baby in een voerbak.

Met die informatie gaan de herders op pad, naar Bethlehem.
En inderdaad, ze vinden baby Jezus precies zoals de engelen hadden gezegd.
Ze vertellen aan Jozef en Maria wat hen vannacht toch is overkomen.
Dat er engelen waren, en dat hij het verteld heeft:
over de geboorte van Jezus, het licht van de wereld.

dia 12 – door de herders zegt God: hij is het echt!
En zo vertelt God aan Jozef en Maria:
‘deze baby lijkt misschien wel heel gewoon,
maar hij is het echt: mijn Zoon.’
Maria heeft zich niet maar wat ingebeeld.
Nu de herders precies hetzelfde vertellen
als eerder de engel Gabriël en Elisabeth verteld hadden,
is het helemaal duidelijk: deze baby is het echt.

Soms heb je het even nodig dat iemand anders je het weer vertelt.
Je voelt je veel jariger als mensen je feliciteren met je verjaardag.
Als je moeder zegt dat het bijna vakantie is,
wordt het veel echter als je meester of juf dat ook zegt.
Als je mondeling hebt gehoord dat je een baan krijgt,
wordt het veel echter als het ook nog in een brief wordt bevestigd.
Die bevestiging geeft God door de herders.
En dan voelt het ook echt, voor Jozef, Maria en de herders.
Samen vieren ze de goedheid van God.

3. Onze aanbidding waard
dia 13 – onze aanbidding waard
Hij is het echt!
Zoals de herders vertellen wat zij van de engel hebben gehoord:
deze gewone baby is een redder, de messias, het licht van de wereld.
God zelf is naar de wereld gekomen.
God laat mensen niet aan hun lot over, maar bemoeit zich met ons.
Hij is al onze aanbidding waard!

dia 14 – ‘heb je het al gehoord?’
De herders kunnen daar niet over ophouden.
Ze hebben Jozef en Maria verteld over de nacht van hun leven,
over die indrukwekkende engelen.
Ze hebben de geboorte van Jezus gevierd.
Er is niets anders waar ze nog aan kunnen denken.
En wat doe je dan?
Precies: je vertelt het rond.
De herders doen dat.
De eersten die zij op straat tegenkomen, krijgen het hele verhaal te horen.
En het is zo’n bijzonder verhaal, dat het al snel als een lopend vuurtje rondgaat.
‘Heb je het al gehoord, dat verhaal van die herders?’

dia 15 – ben je alleen verbaasd…
Lucas schrijft: ‘iedereen die het hoorde was verbaasd.’
En daarmee heeft hij alles ook wel gezegd.
Natuurlijk ben je verbaasd als je hoort over engelen en over een baby die God is.
En dan, neem je het serieus?
De mensen in Bethlehem niet:
‘ja, vast, een baby die God is, geloof je het zelf?
Zit er ergens een steekje bij je los ofzo?’
Ze schudden even hun hoofd,
en gaan verder met het leven van elke dag.

dia 16 – …of doe je mee in aanbidding?
Geloof jij het?
Het verhaal van de herders?
Dat Jezus echt de Zoon van God is?
Het is mooi dat Lucas niet doet alsof iedereen het direct gelooft.
Want dan zou je kunnen denken:
‘wat een domme mensen leefden toen, in zoiets kun je toch niet geloven?’
Maar ook in die tijd waren er heel wat mensen die het niet konden geloven.
En Lucas is daar eerlijk over:
dat God op aarde komt, is helemaal niet logisch.
Maar dat niet iedereen het gelooft, maakt het juist geloofwaardig.
Lucas vertelt ons geen mooie verhalen, hij vertelt hoe het is.
Kerst is niet gewoon, Jezus is geen gewone baby.
Daarom is hij al onze aanbidding waard.

dia 17 – aanbidding
Dus doe mee met de herders.
Als zij terug gaan naar hun dieren, jubelen ze van verwondering.
Ze blijven elkaar vertellen hoe goed God is,
dat hij naar deze wereld is gekomen.
En op hun beurt doen de herders weer mee met de engelen.
Van dat lied hebben ze vast iets onthouden,
en het blijft maar rondzingen in hun hoofd:
alle eer aan God!
Amen.




Filippenzen 2:5-7 – Kerst: Jezus geeft alles op voor jou

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Deze preek is een vervolg en uitbreiding op de meditatie ‘God wordt klein’, over Filippenzen 2:6-7, die ik op de volkskerstzang heb gehouden.

Liturgie

Zingen: Midden in de winternacht

LvK Lied 138 : 1, 2, 3 en 4 (Komt allen tezamen)

LvK Lied 134 : 1, 2 en 3 (Eer zij God in onze dagen)

Stil gebed

Votum en groet

Zingen: Opwekking 526 (Goed nieuws)

Gebed

Kinderen naar club

Lezen: Lucas 2 : 1 – 14

Zingen: Opwekking 533 (Een klein kind)

Lezen: Filippenzen 2 : 1 – 7

Zingen: Psalm 98 : 1, 2 en 4

Preek over Filippenzen 2 : 5 – 7

Zingen: LvK Lied 135 : 1, 2 en 3 (Hoor de englen zingen d’eer)

Kinderen terug

Kinderlied: projectlied : 5 en 6

Gebed

Collecte

Zingen: ‘Kom vier het feest’ (Sela)

Zegen

Zingen: GKB Gezang 50 (Ere zij God)

Preek: Kerst: Jezus geeft alles op voor jou

Lego

dia 1 – zwart

Veel mensen, en de kinderen allemaal, hebben deze weken vakantie.

Je hoeft vandaag niet naar school,

dat begint pas over anderhalve week weer.

Alle tijd om lekker te spelen.

Ik heb zelf ook wat speelgoed meegenomen.

Kunnen jullie zien wat het is?

Het is een Legopoppetje.

Ik heb me heel wat kerstvakanties met Lego vermaakt.

Lego was mijn favoriete speelgoed.

Of misschien is dat het nog steeds wel…

Want Lego is niet alleen voor kinderen.

Ik denk dat ik ongeveer 8 jaar oud was.

We logeerden bij een oom en tante en ik had Lego meegenomen.

Ik had iets moois gemaakt, en toen was het bedtijd.

De volgende ochtend was er opeens iets anders van mijn Lego gemaakt!

De schuldige biechtte het gelukkig op, maar ik was wel boos.

Maar ga er dus maar vanuit dat als je in bed ligt,

de grote mensen met jouw Lego spelen…

Hoe dan ook, ik wil aan de hand van Lego uitleggen wat met Kerst gebeurt.

Een van de leukste dingen van Lego,

vind ik dat je je fantasie kunt gebruiken.

Als je het kunt verzinnen, kun je het ook bouwen.

Op die manier kun je een hele wereld bouwen.

Met huizen, met straten, met speeltuinen.

Maar je kunt ook een wereld bouwen van ruimteschepen.

Je bouwt een wereld die je zelf hebt bedacht.

Helaas is het niet altijd vakantie, kun je niet altijd met Lego spelen.

Behalve als je van Lego je werk kunt maken.

Dat is toch een droombaan:

elke dag met Lego spelen, en daar dan ook nog geld voor krijgen!

Zoals bijvoorbeeld de directeur van Legoland.

Hij is de hoogste baas, hij mag bedenken hoe die Legowereld eruit moet zien.

Net zoals God heeft bedacht hoe onze wereld eruit moet zien!

En nu komen we bij kerst.

Stel je voor, je bent de directeur van Legoland,

en je gaat van de Lego houden.

Het is zo erg dat je verliefd wordt op de Legopoppetjes.

En je besluit: ‘ik wil ook in die Legowereld leven,

ik word een Legopoppetje!’

Natuurlijk kan dat niet.

Een mens kan zichzelf niet veranderen in een stukje plastic.

Maar met kerst gebeurt wel zoiets.

God heeft onze wereld gemaakt, hij heeft bedacht dat er mensen moeten zijn.

En God houdt zo veel van mensen,

dat hij in Jezus zelf mens wordt.

Dat is het onvoorstelbare wonder van kerst.

De grote God komt als mens.

1.God wordt mens

dia 2 – kerst: de grote God wordt klein

Elk jaar weer vieren we het kerstfeest.

Elk jaar weer wordt dit verhaal verteld.

Je hoeft heus geen christen te zijn om het verhaal van kerst te kennen.

Maar het overbekende verhaal kan heel makkelijk gewoon worden.

Dat je het wonder van het verhaal niet meer hoort.

Als je tot je laat doordringen wat er gebeurt met kerst,

dan zakt je mond open van verbazing.

Kerst is de omgekeerde wereld.

Zoals de engelen het vertellen aan de herders:

‘vandaag is jullie redder geboren, hij is de Heer’.

De Heer is geboren, God is geboren, hoe kan dat?!

Paulus schrijft erover.

Over dat Jezus God is,

maar als mens naar onze wereld komt.

De Maker wordt een mens van vlees en bloed.

Met Kerst vieren we dat de Schepper een schepsel wordt.

Christenen zijn wel een beetje gewend aan het idee,

maar het is pure Godslastering!

God is machtig, God is heilig.

De geloofsbelijdenis van Moslims is ‘God is groot’.

Dit gaat er lijnrecht tegenin: God is klein.

Hoe haal je het in je hoofd dat de grote God klein wordt?!

Dat is ronduit vernederend voor God.

Het is onvoorstelbaar wat Jezus allemaal opgeeft.

Als morgen in het nieuws is

dat de directeur van Legoland in een Legopoppetje is veranderd,

dan zou je heel raar staan te kijken.

Met kerst gebeurt het.

Het is nog groter:

het verschil tussen God en mens

is groter dan het verschil tussen een mens en een Legopoppetje.

Dat vieren we vandaag.

God dompelt zich helemaal onder in onze wereld.

Hij kijkt niet vanaf een afstand naar de wereld die hij heeft gemaakt,

maar hij wordt zelf onderdeel van die wereld.

En dan niet als koning in een paleis,

maar als huilende baby in een stinkende voederbak.

De grote God wordt klein, hij vernedert zich.

Kerst is absurd!

dia 3 – geloofwaardig omdat het absurd is

Misschien is het juist daarom ook wel geloofwaardig.

Want stel je voor dat je zelf een godsdienst mag bedenken.

Hoe zou die er dan uitzien?

Ik zou dan iets bedenken over hoe de wereld ontstaan is,

over de zin van het leven en hoe je geluk vindt,

over de dood en wat er na dit leven gebeurt.

Maar een God die zichzelf vernedert,

een God die zelf een mens wordt,

– en dan ook nog eens een miserabel mens,

Paulus schrijft dat hij de gestalte van een slaaf aanneemt, –

zo’n God verzin je gewoon niet!

In de tweede eeuw na Christus zei iemand:

“ik geloof omdat het absurd is.”

Ik denk dat hij gelijk had.

God wordt mens,

dat kun je niet bedenken,

daar kun je je alleen maar over verbazen.

Stil worden van verwondering.

2.Jezus gaat voor jouw belang

dia 4 – Jezus gaat voor jouw belang

Of toch niet?

Want laten we nog even teruggaan naar die directeur van Legoland.

Als hij serieus overweegt een Legopoppetje te worden,

dan is hij toch gewoon niet goed wijs?!

Het is absurd, maar het is ook gewoon dom.

Waarom wordt Jezus mens?

Zit er bij hem soms ook een steekje los?

Nee, Jezus weet heel goed wat hij doet.

Paulus schrijft dat Jezus zich richt op de ander.

Jezus gaat niet voor zijn eigen belang,

maar voor het belang van de ander.

Hij wordt mens, niet voor zichzelf, maar voor ons!

Jezus is niet gek, hij maakt zich klein omdat hij van jou houdt.

Omdat hij jou een nieuw leven wil geven.

dia 5 – Jezus wil je verlossen

De afgelopen weken hebben we het gehad

over een aantal koningen uit het Oude Testament.

Over David, Salomo, Joas en Hizkia.

Bij elk van die koningen kun je iets zien

van wat er gebeurt met een wereld die aan mensen is overgeleverd.

Mensen maken een puinhoop van de wereld.

De wereld is donker, we hebben het zelf verziekt.

Jezus is Gods antwoord daarop.

Jezus werd mens om je te verlossen uit die donkere wereld,

waarin het steeds om jou gaat.

Jezus werd mens om jouw zonden te vergeven

en je een nieuw begin te geven.

Was het daarvoor echt nodig dat Jezus mens werd?

Ik weet het niet, ik kan God niet narekenen.

Ik weet wel dat ik het mooi vind.

Het laat zien dat God ons volstrekt serieus neemt.

Een directeur van Legoland kan een poppetje oppakken

en ergens anders weer neerzetten.

God hoeft maar met zijn vingers te knippen,

en de hele wereld wordt nieuw.

Maar hij wil ons daarin meenemen

en ons in onze waarde laten.

dia 6 – Jezus kiest niet voor zijn eigen belang

Dat is de mentaliteit van Jezus:

hij is helemaal gericht op ons belang.

Hij is niet bezig met hoe hij er zelf uit komt.

Zichzelf zet hij helemaal opzij.

Natuurlijk bleef Jezus God, ook in zijn tijd op aarde.

Maar hij doet afstand van zijn ‘rechten’ als God.

Jezus laat zich niet gelden,

heel anders dan die vier koningen uit het Oude Testament.

Want het gaat Jezus niet om zijn eigen belang.

Dat maakt Kerst echt een feest.

Dat God mens wordt, dat is al bijzonder,

het is feest omdat we de geboortedag van Jezus vieren.

Maar het feest is nog veel groter:

Jezus doet dat voor jou!

Jezus gaat voor jouw belang.

3.Jezus’ mentaliteit in ons

dia 7 – Jezus als voorbeeld

Voor wiens belang ga je zelf?

Volgens Paulus is Jezus ook een voorbeeld:

‘laat onder u de gezindheid heersen die Christus Jezus had’.

Daarmee zitten we midden in het jaarthema

dat we dit jaar in De Voorhof hebben: dienen zoals Jezus.

Die gezindheid van Jezus is niet zo vanzelfsprekend.

In de tijd van Jezus niet, in onze tijd ook niet.

Je gaat jezelf toch niet vrijwillig klein maken?

Als je kijkt in lijstjes wat mensen echt belangrijk vinden in het leven,

dan staat gelukkig worden altijd bovenaan.

Je eigen belang dus.

In onze wereld is het ieder voor zich.

Je eigen belang opgeven, je richten op het belang van de ander,

dat is nog niet zo makkelijk.

Natuurlijk willen we best wat voor een ander doen.

Dan kunnen we ook best even in het belang van de ander denken,

zonder dat we er direct zelf wat aan moeten hebben.

Maar zo af en toe iets voor een ander doen,

is wel iets heel anders dan de mentaliteit van Jezus hebben.

dia 8 – mentaliteit: manier van denken en leven

Paulus zegt niet: ‘doe ook eens iets voor een ander’,

maar: ‘laat de mentaliteit van Jezus in je zijn.’

Het gaat om een mentaliteit, een mind-set, een manier van denken en leven.

Niet zo af en toe iets goeds doen voor een ander,

maar in elke situatie je afvragen: wat is het belang van de ander?

Dat is niet te vatten in één voorbeeld.

Gaan voor het belang van de ander, dat kan overal.

Het kan in de trein.

Je kunt daar zo snel mogelijk een mooi plekje zoeken,

je kunt ook anderen ruimte geven.

Het kan op je werk.

Je kunt vervelende klusjes naar anderen doorschuiven,

je kunt ze ook zelf doen.

Het kan in de kerk.

Je kunt het gezellig hebben met de mensen die je kent,

je kunt ook eens op een onbekende afstappen.

Het kan overal!

Onrealistisch en niet haalbaar?

Als het aan mensen ligt wel.

Maar in Filippenzen 2:13 schrijft Paulus:

‘het is God die zowel het willen als het handelen bij u teweegbrengt.’

God wil je veranderen, op zijn manier:

hij neemt jou serieus.

Hij dwingt je niet met harde hand,

maar laat je langzaam veranderen.

Jezus doet het je voor.

En langzaam wordt het een gewoonte.

dia 9 – Jezus brengt echte vrede

Het moet wat zijn,

een wereld waarin niemand meer aan zichzelf denkt,

maar iedereen kijkt wat hij voor een ander kan betekenen.

Kerst is het begin van die wereld,

het begin van vrede op aarde.

Kerst gaat verder als we, net als Jezus,

onszelf opofferen voor anderen,

en in het spoor van Jezus vrede en eenheid brengen.

En Jezus maakt het af!

Amen.




Filippenzen 2:6-7 – God wordt klein!

Deze meditatie is gehouden op de Volkskerstzang van 18 december in de Martinikerk te Franeker.
Voor preeklezers: ik hoor graag als deze meditatie ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op:hmveurink@gmail.com. Bij deze meditatie is geen powerpoint beschikbaar.

God wordt klein!
1. Legoland
Over een week vieren we het kerstfeest.
We staan dan stil bij de geboorte van Jezus.
Het verhaal hebben we net gelezen.
Maar wat betekent kerst voor christenen?
Om dat uit te leggen,
wil ik jullie graag meenemen in de wereld van Lego.
Iedereen kent de Legosteentjes wel.
Het is heel simpel speelgoed.
Maar als je een keer de smaak te pakken hebt,
kun je je er eindeloos mee vermaken.
Je klikt die simpele blokjes aan elkaar vast en begint te bouwen.
Je gebruikt je fantasie en maakt je eigen wereld.
Als je het kunt bedenken, kun je het ook maken.
Ik kon er helemaal in opgaan.
Er is alleen een probleem:
op een gegeven moment zijn je blokjes op.
Het moet heerlijk zijn om een onbeperkte voorraad blokjes te hebben.
Zoals in Legoland, het pretpark van de Legosteentjes.
Dat is pas echt een wereld van Lego.
Met huizen, auto’s, en een vliegveld,
maar ook piramides, dinosaurussen en ruimteschepen.
Het is dat ik predikant ben,
maar anders had ik wel in Legoland willen werken…
Dan mag je de hele dag spelen met Lego,
en je wordt er nog voor betaald ook!
Jij bepaalt hoe die Legowereld eruit moet zien.
Stel je eens voor, jij bent de directeur van Legoland.
Je bent de hele dag bezig met Lego,
en je gaat ervan houden.
Het is bijna alsof je verliefd wordt op de Lego.
En je besluit: ‘ik wil ook in die Legowereld leven.
Ik wordt een Legopoppetje.’
Stel je voor…
Het is absurd en het kan niet.
Een mens kan geen Legopoppetje worden.
Maar met kerst gebeurt er wel zoiets.
Jezus is God, en houdt zoveel van de mensen,
dat hij zelf een mens wordt.
In de bijbel schrijft Paulus over Jezus
in zijn brief aan christenen in de stad Filippi:
“hij die de gestalte van God had,
hield zijn gelijkheid aan God niet vast,
maar deed er afstand van.
Hij nam de gestalte aan van een slaaf
en werd gelijk aan een mens.”
God wordt klein!
2. God wordt klein!
De kerstdagen zijn vaak heel gezellig.
Lekker eten met familie of met vrienden.
Buiten is het donker en koud,
maar binnen bij de verwarming is het heerlijk,
en een kerstboom vol lichtjes maakt het gezellig.
Het geeft een romantisch sfeertje, en ik houd daar wel van.
En dan heb je natuurlijk het verhaal van het kerststalletje.
Van Jozef en Maria, Jezus in de voederbak,
paar dieren als toeschouwers en de herders op bezoek.
Romantisch toch?
Dat is het dus niet!
Het kerstverhaal kan heel gewoon worden,
dan hoort het bij die gezellige kerstdagen,
maar het verhaal is schokkend!
Het is niet een romantisch verhaal
over de geboorte van een of ander vredeskind.
Nee, kerst is de wereld op zijn kop!
De engelen vertellen het aan de herders:
‘vandaag is jullie redder geboren, hij is de Heer’.
God wordt klein!
Als morgen in het nieuws is
dat de directeur van Legoland in een Legopoppetje is veranderd,
dan zou je heel raar staan te kijken.
Met kerst gebeurt het.
Het is nog groter:
het verschil tussen God en mens
is groter dan het verschil tussen een mens en een Legopoppetje.
Met kerst vieren christenen dat God mens wordt.
God dompelt zich helemaal onder in onze wereld.
Hij kijkt niet vanaf een afstand naar de wereld die hij heeft gemaakt,
maar hij wordt zelf onderdeel van die wereld.
En dan niet als koning in een paleis,
maar als huilende baby in een stinkende voederbak.
De grote God wordt klein, hij vernedert zich.
Geen mens had dat kunnen bedenken,
zoiets verzin je niet.
Het is zo tegengesteld aan wat je zou verwachten.
In de tweede eeuw na Christus zei iemand:
“ik geloof omdat het absurd is.”
God wordt mens,
dat kun je niet bedenken,
daar kun je je alleen maar over verwonderen.
3. Groot door klein te zijn
Een directeur van Legoland die een Legopopptje wil worden,
die verklaar je voor gek.
Wat bezielt Jezus om nog verder te gaan, om mens te worden?
Het antwoord, dat ben jij!
Jezus is niet gek,
hij maakt zich klein omdat hij van jou houdt.
Soms zou ik willen dat God het anders zou doen.
Bijvoorbeeld als ik hoor dat elk jaar 800.000 kinderen sterven door slechte hygiëne.
Een simpel toilet, stromend water en zeep kunnen zoveel levens redden!
Prachtig dat 3 DJ’s een week vasten in het glazen huis in Leeuwarden
om daar geld voor in te zamelen.
En tegelijk is het maar een druppel op de gloeiende plaat.
Als God zelf nou gewoon eens zou ingrijpen…
Maar onze hele wereld is verziekt.
In Syrië schieten mensen elkaar overhoop.
In Bangladesh werken kinderen als slaaf aan mijn nieuwe spijkerbroek.
In Nederland verkopen vrouwen hun lichaam.
Om het nog maar niet te hebben over familieruzies en eenzaamheid.
Onze wereld is ziek.
Waarom grijpt God niet van bovenaf in?
De directeur van Legoland kan dat doen.
Een Legopoppetje oppakken en ergens anders neerzetten.
Maar God doet dat niet zo.
Het klinkt misschien leuk,
een God die ingrijpt als het mis gaat,
maar zou je echt als een Legopoppetje behandeld willen worden?
Als Gods speelgoed?
Zonder dat je zelf nog iets in te brengen hebt?
Gods antwoord op een zieke wereld
is niet dat hij groots ingrijpt.
Gods antwoord is dat hij klein wordt.
Dat hij onderdeel wordt van die zieke wereld.
Hij ondergaat het aan den lijve.
Hij komt naast ons staan en met ons huilen.
Kerst betekent: God maakt zich klein.
En wat gebeurt er?
2000 Jaar later heeft bijna de hele wereld het gehoord,
juist omdat hij zo klein is geworden.
Overal zijn volgelingen van Jezus, van God die klein is.
Jezus verandert nog dagelijks mensen,
en zo verandert hij de wereld.
En bij een God die zoveel opgeeft,
durf ik erop te vertrouwen dat het goed komt.
4. Klein worden
God maakt zich klein, voor jou.
Zo wil hij de wereld veranderen.
En zo wil hij ook jou veranderen.
Doe dan niet alsof je zelf groot bent!
Wie van ons is er niet schuldig aan deze zieke wereld?
Wie van ons raakt niet verstrikt in zijn eigen donkere kant?
We zijn kleine mensen.
Mensen die een puinhoop hebben gemaakt van Gods wereld.
Daar kom je zelf niet uit.
Daar heb je hulp voor nodig.
Dat is kerst: Jezus is die hulp.
Mag hij jou helpen?
Dan ben je klein geworden.
Net als Jezus.
En dan zal God je groot maken.
Net als Jezus.
Zoals Paulus schrijft:
‘Daarom heeft God hem hoog verheven
en hem de naam geschonken
die elke naam te boven gaat.’

Amen.




Matteüs 1 – Kerst: de nieuwe Koning is met ons

Liturgie

Zingen: LvK 135 : 1, 2 en 3 (Hoor, de englen zingen de eer)

Zingen: GKB Gezang 82 : 1, 3 en 4 (Blaas de bazuin)

Stil gebed

Votum en vredegroet

Zingen: LvK 147 (Looft God, gij christnen; door gelegenheidskoor)

Gebed

Luisterlied: Mary Did You Know

Kinderen naar kinderclub

Lezen: Matteüs 1 : 1 en 17 – 25

Zingen: Psalm 72 : 1, 2 en 3 (O God, wil aan de koning schenken)

Preek over Matteüs 1 : 18 – 25

Zingen: Opwekking 527 (Licht in de nacht)

Kinderen terug

Zingen: projectlied helemaal (Als je alles hebt verloren)

Luisterlied (als geloofsbelijdenis): Ik ben (Sela)

Gebed ouderling van dienst

Collecte

Zingen: GKB Gezang 50 (Ere zij God)

Zegen

Preek: Kerst: de nieuwe Koning is met ons.

1.Hoge afkomst

dia 1 – zwart

Ik heb al een paar weken zin in vandaag.

Het is kerstfeest.

En de sfeer is ook echt feestelijk.

Heerlijk om zo samen de ‘verjaardag’ van Jezus te vieren!

Je kunt veel zeggen over Matteüs 1,

maar dat het een feestelijk hoofdstuk is…

Nou, nee, niet bepaald…

Het grootste deel van het hoofdstuk is een lange lijst van namen.

Het is een geslachtsregister,

en geslachtsregisters zijn saai.

dia 2 – 4 generaties

Voor ons zijn ze ook niet echt belangrijk.

Laat ik dat maar uitleggen met mijn eigen familiegeschiedenis.

Mijn opa Veurink was bouwvakker,

al was hij een groot deel van zijn leven arbeidsongeschikt.

Mijn vader koos voor een heel ander leven:

hij werd meester op een basisschool.

Meester zijn, dat leek mij maar niks,

en nu ben ik predikant.

En wat Daniël gaat worden, ik heb geen idee.

Hij mag doen wat hij zelf wil.

Er zijn hier vast meer mensen met zo’n familiegeschiedenis.

Iedereen kan zelf kiezen voor een beroep,

wat je ouders doen maakt daarvoor niet uit.

Zelfs op boerderijen is het niet meer vanzelfsprekend

dat een van de kinderen de boerderij van zijn ouders overneemt.

dia 3 – zwart

Dat is wel eens anders geweest.

Als we zo’n honderd jaar eerder hadden geleefd,

was ik waarschijnlijk ook bouwvakker geweest.

Studeren was alleen voor de hogere klasse weggelegd.

Je afkomst deed er echt toe.

dia 4 – adel

In Nederland zie je dat nauwelijks nog.

Alleen misschien bij de adel.

Een adellijke titel erf je.

Je wordt als baron of barones geboren,

daar kun je niets aan veranderen.

En als je niet zo geboren bent,

kun je die titel ook niet krijgen.

Toch is er in Nederland volgens mij maar een beroep dat je erft:

dat van koning of koningin.

Toen prinses Amalia werd geboren, was al duidelijk:

net als haar oma Beatrix moet zij koningin worden.

dia 5 – zwart

Nu weer even terug naar Matteüs

en dat geslachtsregister van Jezus.

In die tijd deed je afkomst er echt toe.

Als je dan naar die stamboom van Jezus kijkt,

dan is dat een indrukwekkende lijst.

Jezus wordt geboren in een zeer voorname familie.

Elke Israëliet heeft ontzag voor deze stamboom.

Jezus is namelijk van koninklijke afkomst.

Zijn stamboom is terug te leiden op die grote koning: David.

Al die verhalen uit de bijbel,

ze zijn onderdeel van Jezus’ familiegeschiedenis.

En nu wordt er een nieuwe koning geboren.

Een opvolger voor de grote David.

2.Donkere geschiedenis

Een voorname familie, ja.

Maar wel een familie die aan lager wal is geraakt.

Een familie die grote verhalen over vroeger kan vertellen.

Het teert op het verleden.

Ja, David, dat is een voorvader om trots op te zijn.

Maar daarna ging het alleen maar bergafwaarts.

Met als dieptepunt die pijnlijke wegvoering in ballingschap naar Babylonië.

Daarna is het nooit meer goed gekomen.

Kijk naar Jozef, is hij nu een koning?

Nee, een simpele timmerman.

dia 6 – vervallen huis

Het is een beetje zoals bij sommigen van de Nederlandse adel.

Vroeger waren dat steenrijke families,

waar iedereen diep respect voor had.

Nu is het geld vaak op,

terwijl de gigantische landhuizen wel onderhouden moeten worden.

De baron is ook gewoon tuinman geworden.

Of manager bij een of ander bedrijf.

dia 7 – zwart

Al Matteüs het geslachtsregister schrijft,

is er al 500 jaar geen echte koning meer geweest.

En dat is niet alleen het trieste verhaal van de koningsfamilie,

het is ook het trieste verhaal van Israël.

Al 500 jaar wordt het geregeerd door vreemden.

De geschiedenis is niet zo mooi.

Israël was het volk van God,

maar in de praktijk bleek dat maar uit weinig.

Het is een donkere geschiedenis.

Zelfs die grote koning David

verwekte zijn zoon Salomo bij de vrouw van een ander…

Het is een geschiedenis van geweld,

van wantrouwen en zelfverrijking,

van onrecht en oorlog,

van zonde en het vergeten van God.

Ja, er zijn oplevingen geweest.

Maar allemaal tijdelijk.

Die hele geschiedenis van Israël

is een grote lijn naar beneden.

Het is de geschiedenis van een verziekte wereld.

Dat is de wereld waarin Jezus geboren wordt.

Al die grote namen uit zijn stamboom

konden daar geen einde aan maken.

dia 8 – babysterfte

Het is onze wereld,

waarin Jezus werd geboren.

Een wereld die door en door verziekt is.

Wat is dat voor een wereld

waarin elke 6 seconden een baby sterft,

omdat er geen goede zorg is.

Een wereld waarin je voor een paar euro, misschien nog wel minder,

een mensenleven kunt redden, maar het toch niet doet.

Wat is dat voor een wereld,

waarin mensen elkaar het licht in de ogen niet gunnen.

Waar hele families verscheurd worden, om niets.

Een wereld waarin mensen vereenzamen,

ook al zijn er nog nooit zoveel mensen op aarde geweest als vandaag.

In die wereld wordt een koning geboren, Jezus.

Het is een koning zonder troon, zonder volk.

Een koning die timmerman moet worden.

3.God grijpt in

dia 9 – zwart

Als een ding pijnlijk duidelijk is geworden,

dan is het wel dat mensen dit niet kunnen veranderen.

Mensen kunnen deze zieke wereld niet genezen.

Dat is de boodschap van die stamboom van Jezus.

Niemand van al die koningen heeft dat patroon kunnen doorbreken.

Ook onze westerse wereld heeft dat patroon niet kunnen doorbreken.

O ja, voor allerlei problemen is een oplossing gevonden.

Maar elke oplossing leverde weer nieuwe problemen op.

We kunnen allerlei medicijnen ontwikkelen en naar Afrika sturen,

maar handelaars ruiken hun kans en verhogen de prijzen.

Via facebook probeer je de eenzaamheid wat te doorbreken,

maar de meeste mensen nemen niet eens de tijd je echt te begrijpen.

Nee, van mensen is geen oplossing te verwachten.

Het probleem van een verziekte wereld,

van een geschiedenis die steeds weer vastloopt

omdat mensen het verzieken,

dat kan alleen worden opgelost door ingrijpen van bovenaf.

Dat is precies waar kerst over gaat.

God kent de geschiedenis.

God weet dat de oplossing niet van mensen te verwachten is.

God zelf grijpt in.

dia 10 – Maria zwanger

Een meisje, Maria, wordt zwanger, zonder dat er een man aan te pas komt.

Ze is zwanger van de Heilige Geest.

Daar is geen voorstelling van te maken.

In onze beleving is het simpelweg onmogelijk.

Maar wat wil je: het is God zelf die ingrijpt.

Dat gaat juist niet op de menselijke manier.

Het ingrijpen van God is beangstigend.

Matteüs laat ons meekijken met Jozef.

Zijn vrouw is zwanger, maar seks hebben ze niet gehad.

Wat overkomt hem? Wat moet hij?

dia 11 – zwart

Een engel zegt: ‘Jozef, wees niet bang.’

Nou, Jozef was wel bang.

De angst greep hem aan.

Wat dacht je anders?

Voor mensen is het bespottelijk.

Zwanger door de Heilige Geest…

Wat is dat voor rotsmoes?

God bemoeit zich met de wereld,

maar mensen kunnen dat moeilijk accepteren.

Het gaat namelijk niet op een menselijke manier, God zij dank!

Jozef accepteert het wel.

Hij krijgt de opdracht het kind Jezus te noemen,

‘want hij zal zijn volk bevrijden van hun zonden.’

Wat al die menselijke koningen niet voor elkaar hebben gekregen,

dat zal Jezus doen.

Hij is een hele andere koning dan alle voorgaande.

Een koning die weer een volk zal hebben.

Een koning die er wel in slaagt

de sleur van de geschiedenis te doorbreken.

Deze koning zal zijn volk verlossen.

Met kerst vieren we de geboorte van deze koning.

Vieren we dat God ons niet aan onszelf overlaat,

want mensen zullen de wereld alleen maar verzieken.

We vieren dat Jezus ons hieruit verlost.

Dit kind zal de wereld onherkenbaar veranderen.

God zelf grijpt in.

4.In kleinheid groot

Dat klinkt enorm, heel groots, en dat is het ook:

de grote, machtige God, die op aarde ingrijpt.

Toch doet hij dat op zijn eigen manier.

Hij komt niet met bombarie en tromgeroffel

om nu eindelijk eens orde op zaken te stellen.

In plaats daarvan grijpt God heel sober in.

Zo vertelt Matteüs het ook.

Niet eens met een verhaal over het kerststalletje.

Ja, in het volgende hoofdstuk, waar we het komende zondagmorgen over hebben,

daar gaat het nog over de wijzen uit het oosten.

Maar over de geboorte zelf staat niet meer dan dat Maria een zoon baarde

en Jozef hem de naam Jezus gaf.

Misschien vind je dat wel teleurstellend.

Wilde je vandaag eigenlijk dat andere kerstverhaal horen, uit Lucas,

over Jezus die in een voederbak wordt gelegd omdat er nergens plaats voor is

en de herders die hem eer komen bewijzen.

Maar het wordt dan misschien iets uitgebreider vertelt,

ook daar is het verhaal heel sober.

De geboorte van Jezus wordt door de grote massa niet gezien.

Zo vertelt Matteüs het ook: je leest er bijna overheen.

Dat Jezus wordt geboren, je kijkt er bijna overheen.

De wereld keurt Jezus geen blik waardig.

dia 12 – luier

Hij lijkt een gewone baby.

Een baby met poepluiers.

Een baby die zijn ouders uit hun slaap houdt.

Een baby die helemaal afhankelijk is van zijn vader en moeder.

Zo kwetsbaar, zo klein.

Moet dat nu de grote koning zijn die de wereld verandert?

Ja, dat is hij.

Deze weg van kleinheid en kwetsbaarheid is hoe God ingrijpt.

God wordt mens, een heel gewoon mens, net als wij.

dia 13 – zwart

Vandaar ook die andere naam: Immanuël.

Het betekent: God met ons.

Kerst is dat God onder de mensen komt.

Dat hij zich helemaal aanpast aan ons.

Het is God die weet wat het is om mens te zijn.

God die de verleidingen kent waardoor deze wereld verziekt is.

God wordt een van ons: Immanuël.

Daarom kijk je zomaar over Jezus heen.

God maakt zich klein.

Maar juist die kleinheid is de kracht van God.

Mensen zouden het niet zo doen, dit is goddelijke wijsheid.

Die twee namen, Jezus, die zijn volk verlost van zonde,

en Immanuël, God met ons, zijn samen enorm krachtig.

God die van bovenaf ingrijpt in de geschiedenis,

doet dat door kwetsbaar te worden.

God had dat heel anders kunnen doen.

Maar hij wil dat niet.

Hij heeft de mensen gemaakt.

Hij heeft deze wereld gemaakt.

Daar wil hij geen einde aan maken.

Hij wil de problemen van binnenuit oplossen.

Met respect voor mensen.

Zo groot is zijn liefde, zijn passie, voor mensen.

Dat is Gods grootheid.

5.Nieuw koninkrijk

Een koning is geboren.

Dat is goed nieuws voor deze wereld.

Kerst is het feest van het licht.

In de verziekte, donkere wereld,

komt Jezus, het licht van de wereld.

Maar, zoals ik al zei,

die verziekte wereld waarin Jezus komt,

is ook onze wereld.

2000 Jaar na de geboorte van Jezus is het nog altijd donker.

Is het dan toch een sprookje?

Een mooi, romantisch verhaal over het kindje in een stal,

en de dieren die op kraambezoek komen?

Een verhaal dat je een glimlach geeft,

waardoor je even de sores van de wereld vergeet,

maar dat is het dan ook wel?

Is er iets veranderd door kerst?

Kerst is nog maar het begin,

een koning wordt geboren.

Het is nog niet het verhaal van een koning die overwonnen heeft.

Kerst is een belofte:

deze koning zal de wereld van zonde verlossen, maar zover is het nog niet.

Wanneer komt die overwinning nu eindelijk?

Wanneer komt er een einde aan de verziekte geschiedenis?

Al tijdens zijn leven op aarde kreeg Jezus die vraag.

De Israëlieten hoopten dat ze in hem een koning zouden krijgen zoals David,

een koning die hen zou bevrijden van hun vijanden.

Het antwoord van Jezus was:

‘mijn koninkrijk is niet van deze wereld.’

Jezus is koning.

Maar niet van onze zieke wereld met een zieke geschiedenis.

Jezus is koning van een nieuwe wereld.

De geboorte van Jezus zet de deur naar die nieuwe wereld open.

Dat is wat er met kerst verandert.

God komt naar de wereld en sticht een nieuw koninkrijk.

Een koninkrijk waar we in de kerk al sporen van mogen ontdekken,

als plaats om bij God te zijn en liefde uit te delen.

Het is een koninkrijk dat niet vast zit in de sleur van de geschiedenis,

dat niet door mensen verziekt wordt.

Een koninkrijk dat ons verandert,

omdat God bij ons is.

dia 14 – Matteüs 28

Immanuël, God met ons.

Daarmee sluit Matteüs zijn boek ook af.

Het laatste wat Jezus zegt tegen zijn leerlingen, is:

‘houd dit voor ogen:

ik ben met jullie, (Immanuël), alle dagen,

tot aan de voltooiing van deze wereld.’

Kerst is God met ons.

Tot de voltooiing van de wereld.

Amen.




Matteüs 2,13-23 – Wat een wreedheid! Maar Gods reddingsplan gaat door

Tweede Kerstdag

 

Liturgie

Voorzang
– LB 135 – Hoor de englen zingen de eer
– LB 140 – Prijs de Heer die herders prijzen
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: LB 26,1.2.4
Gebed
Schriftlezing: Matt 2,1-23
Zingen: Gez 85,1.3.4 – beurtzang
Preek over Matteüs 2,13-23
Zingen: Gez 86
KINDEREN
Projectlied vers 6 en refrein
Wet met Jeremia 31,31-34
Zingen LB 169,4.5.6
Muzikaal intermezzo – n.a.v. LB 141
Gebed
Collecte
Zingen – LB 134 – Eer zij God in onze dagen
Zegen

Opmerking:

– Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

  • Preek over Matteüs 2,13-23 – Wat een wreedheid! Maar Gods reddingsplan gaat door

1. Wat een verhaal hè? Moet dat nou, met kerst?

Dan kan ik zeggen: tja, het kerstproject ging er over. En dat heb ik gevolgd. Eerlijk gezegd, als het kerstproject er niet over gegaan zou zijn, had ik er niet met Kerst al over gepreekt..

En toch: die gruwelijke moordpartij zit meteen al in het kerstverhaal. De komst van de wijzen roept de slechtheid van Herodes wakker. Waarom zit er direct in het kerstverhaal al zo’n gruwelijke moordpartij?

Er gebeurt iets geweldig moois met Kerst. God wordt mens. Gods Zoon wordt geboren op aarde. God begint aan een prachtig verlossingsplan. Waarom dan meteen die wreedheid erover heen?

Het is toch gruwelijk – zo’n wrede koning? Herodes heeft meer moordpartijen op zijn geweten. Zonder pardon vermoordde hij een aantal van zijn eigen kinderen. En dan nu – om er maar zeker van te zijn dat je de goeie hebt kinderen vermoorden: je neemt een ruime marge, qua leeftijd, qua woonplaats – alle kinderen onder de twee jaar in Bethlehem en de dorpen eromheen dood. Of misschien uit wraak, als Herodes wist dat Jezus ontsnapt was; puur uit wraak kinderen doden. Wat een wreedheid…

Waar is dat goed voor?

Hoe kunnen mensen zich zo verzetten tegen God?

Zoiets moois als kerst, en dan tegelijk zo’n verschrikkelijke moordpartij…

Het doet me denken aan asielzoekers die Moslim waren en Christen worden. Dan denk je: mooi! Je mag via Jezus God leren kennen als een Vader! Dat gun je iedereen. Maar wat krijg je dan? In Nederlandse asielzoekerscentra worden ze mishandeld en bedreigd. Door medebewoners die Moslim zijn. Hier, in ons eigen land! Het is geen pretje om asielzoeker te zijn. Doordat ze christen worden, krijgen ze het alleen maar zwaarder.

En dat kan ook gebeuren bij een klasgenoot of een vriendin van je. Je hebt op school, of op je werk een vriendin. Je neemt haar mee naar Face 2 Face. En ze leert Jezus kennen. Je vindt het geweldig voor haar! Maar als ze er thuis mee komt? Haar ouders, haar broer reageren alleen met onbegrip. Met minachting zelfs. Je zou willen dat ze gestimuleerd wordt. Maar ouders en vrienden van vroeger maken het alleen maar moeilijk. Ze wordt gepest. Het valt haar zwaar.

Waarom? Waarom is er soms zo’n sterk verzet tegen Jezus, tegen God?

2. Het lijkt wel of God het hier zelf oproept.

God zorgt ervoor dat ze die ster zien. God zorgt ervoor dat ze naar Jeruzalem komen. Hij voorkomt niet dat de magiërs naar Herodes toegaan. Hij gaat pas ingrijpen via een engel nadat Herodes gevaarlijk begint te worden. Waarom heeft God niet gezorgd dat de magiërs niet bij Herodes op de stoep kwamen staan? Waarom kregen ze niet eerder een engel in een droom te zien? Dat had de levens van al die kinderen gespaard!

Weet je wat dat betekent had?

Dan had God Herodes bij voorbaat afgeschreven. Dan had Herodes geen kans gekregen.

Nu wordt hij voor de keus geplaatst.

Herodes, de koning van de Joden is geboren. Dat moet wel de beloofde koning zijn. De koning die goed voor het volk Israël zal zorgen! Zo staat het ook bij de profeten – er komt een goede leider die het volk Israel zal hoeden!

Herodes, wat doe je daar mee?

Ben je daar blij mee en ga je die koning aanbidden?

Of ga je bewust van de ene naar de andere leugen? Komt al jouw slechtheid naar buiten en keer je je tegen die koning?

God schrijft niemand af – jij bent te slecht. Jij bent gevaarlijk. Voor jou ben ik niet gekomen.

Waar Jezus komt, zet God je voor de keus: wat doe jij met Jezus? Ga jij hem eer bewijzen zoals de magiërs?

Of reageer je zoals Herodes?

God neemt jou en mij serieus. Hij geeft ons een kans. Laat maar zichtbaar worden: Wie ben jij? Wat wil jij met Jezus?

Het kan zijn dat God daarmee agressie en wreedheid wakker roept.

Maar dat is niet Gods schuld!

God geeft een koning die vrede op aarde komt brengen.

Wil jij dat niet, zoals Herodes? Verzet je je?

Voor die reactie ben jij zelf verantwoordelijk. En Herodes is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen reactie

En niet God.

Daarom staat er ook niet dat deze verschrikkelijke dingen gebeuren omdat God het wil. Omdat God wil dat er een profetie in vervulling gaat.

Dat staat in het Grieks wel in vers 15, en in vers 23. In de NBG-51 vertaling kun je dat goed zien. ‘Dit gebeurde opdat vervuld zou worden’. God had hier een bedoeling mee, dit moest gebeuren.

Bij de kindermoord in vers 17 staat in het Grieks iets anders. Er staat alleen ‘Toen werd vervuld’. Daarin proef je: je kunt niet zomaar zeggen: God wil dit. God zit hierachter. Bij vers 15 en 23 kun je zeggen: Dit gebeurde omdat het moest. Hier niet. Dit moest niet van God, al kreeg toen het gebeurde een profetie wel een diepere vervulling…

3. Dit verzet tegen de geboorte van Jezus, waar komt het vandaan?

Als je kijkt in Openbaringen 12, dan zie je de diepere laag achter dit verhaal. In Herodes proef je de macht van een grote vuurrode draak, met zeven koppen en tien horens. Deze draak staat klaar om het kind dat geboren wordt te verslinden. De duivelse macht van verzet tegen God.

Lieve mensen, vergeet dat niet: er is een geestelijke strijd aan de gang. Een gevecht tussen God en zijn grote tegenstander, de duivel. De geboorte van Jezus betekent dat die geestelijke strijd in een nieuwe fase komt. Nu wordt het spannend. Nu komt het erop aan. Wie gaat winnen: God of de duivel?

Het verhaal van Kerst is geen romantische zwijmelfilm. Het Kerstverhaal is eerder het begin van een bloedstollende oorlogsfilm – en dan echt gebeurd. Dit gevecht tussen God en de draak is echt. Daarom is het goed dat we ons dat realiseren op het kerstfeest zelf. Vanaf het begin is de duivel er bij om Jezus te doden. In Herodes vindt hij een bruikbaar middel om dat te doen.

Zonder mensen die doen wat hij wil, kan de duivel niks beginnen. Hij is afhankelijk van mensen zoals Herodes.

Wat doet God nu?

Hij grijpt in.

Hij haalt Jezus bij Herodes vandaan.

Jozef krijgt een droom. Hij ziet een engel. Die engel geeft een heel duidelijke waarschuwing: ‘Snel Jozef, naar Egypte met je kind en je vrouw. Herodes wil het kind doden!’

Midden in de nacht pakken ze al hun spullen bij elkaar. Het goud, de wierook en de mirre gaan natuurlijk mee. Die komen nu goed van pas. Reizen kost geld, en wat moeten ze straks in Egypte?

Nog diezelfde nacht trekken ze de deur achter zich dicht en verdwijnen ze in het donker. Richting Egypte. De weg terug naar het land waar Gods volk lang geleden uit bevrijd was, in de tijd van Mozes. Terug door de woestijn. Terug naar het land van de slavernij. Alsof Gods geschiedenis met Israel wordt teruggedraaid.

Jezus is terug in Egypte. Daar heeft die draak, Gods tegenstander, geen mensen die Jezus zullen kunnen doden. Daar is Jezus voorlopig veilig.

God redt zijn kind. Hij zorgt ervoor dat Jezus veilig is. Ondanks de wreedheid van Herodes, ondanks het felle verzet van de grote draak, van satan. God is zijn tegenstander te vlug af. Als Herodes’ soldaten komen om Jezus te zoeken, is de vogel gevlogen. De redder van straks leeft! Het reddingsplan van God gaat door! Eer aan God!

4. Ondertussen blijft het wel verschrikkelijk.

Jezus mag dan veilig zijn, Herodes moord er op los als een razende.

Het mag dan waar zijn dat dit niet gebeurt omdat de profetie in vervulling moet gaan, het gebeurt wel.

Maar ook in verschrikkelijke dagen is de Bijbel een belangrijk boek. Zelfs verschrikkelijke dingen zijn in de Bijbel terug te vinden. Ook ons verdriet.

De Bijbel weet er van. Want God weet ervan. Jeremia profeteerde over het verdriet van moeders, toen hun kinderen gedeporteerd werden, in ballingschap.

In Rama hoort men klagen, bitter treuren.

Rachel beweent haar zonen,

zij wil niet worden getroost.

Haar kinderen zijn er niet meer.

Matteüs herkent die bittere pijn.

Onze pijn en ons verdriet zijn terug te vinden in Gods woord.

Realiseer je je dat?

De Bijbel is niet alleen een boek voor mooie feestelijke momenten. Ook in momenten van pijn is God er met zijn woord. Hij weet van ons verdriet. Hij verzamelt onze tranen in zijn kruik.

En weet je wat dan zo mooi is? Als je de Bijbel kent, dan valt het je op: hé, dat staat in Jeremia 31. Dat is een heel mooi hoofdstuk! En je pakt het er nog eens bij – zoek het maar eens op. In dat hele hoofdstuk staat maar één vers waar het gaat over verdriet. Vers 15. De rest van Jeremia 31 gaat juist over een geweldige toekomst.

Nu zijn er nog tranen. Alleen, dan gaat het verder, vers 16-17:

Maar dit zegt de Heer:

Huil niet langer, droog je tranen.

Je zorg voor hen wordt nu beloond

– spreekt de HEER.

Ze keren terug uit het land van de vijand.

Je hebt een hoopvolle toekomst,

je kinderen keren naar hun eigen land terug

– spreekt de HEER.

De tranen van Bethlehem worden de voorbode van een hoopvolle boodschap. Er komt een nieuw verbond! Feest. Lekker eten. Water in overvloed. Verlossing. Juichen. Dansen. Liefde. Vergeving. Zegen. Gods wet geschreven in de harten van mensen. Iedereen kent God! Wow!

Die kleine Jezus is de man die later zal zeggen:

Drink allen hieruit, dit is mijn bloed, het bloed van het nieuwe verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden

Omdat God zijn kind redt, komt er eens een eind aan alle verdriet. Dankzij dat nieuwe verbond uit Jeremia 31.

Stel je voor: jouw tranen, jouw pijn, jouw rouw.

Omdat je iemand verloren hebt. Kinderen, een partner, vrienden, broers en zussen.

Om wat je hebt meegemaakt.

Dingen misschien wel zo erg dat je niet meer getroost wilt worden.

Jezus gaat ervoor zorgen dat alle verdriet verdwijnt. Door Jezus zal God onze tranen drogen!

5. Ja, Jezus gaat daar voor zorgen. Ook al is Hij nu in Egypte.

Juist omdat Hij in Egypte is.

Jezus, de Jood Jezus, Hij gaat opnieuw doen wat Israël moest doen. Via Israël wilde God de wereld zegenen. Het is niks geworden – ze eindigden in de ballingschap.

Matteüs laat zien dat Jezus het echte Israel is. Het verhaal van Israël wordt teruggedraaid naar het begin, tot in Egypte. En daar begint God met Jezus opnieuw. Zoals het volk Israël uit Egypte geroepen werd, zo wordt Gods Zoon nu uit Egypte geroepen. Kijk in vers 15. De uittocht uit Egypte herhaalt zich.

En daarna gaat het verder: Jezus gaat door de Jordaan naar het beloofde land, Matt 3. Hij is veertig dagen in de woestijn, zoals het volk 40 jaar in de woestijn was, Matt 4. Hij geeft Israël een nieuwe wet vanaf de berg, net als Mozes, Matt 5-7.

Wonderlijk toch?

Het felle verzet van de draak, de wrede Herodes met zijn kindermoord, God benut zelfs die slechtheid en geeft er een draai aan, ten goede.

Zoals Jozef door zijn eigen arrogantie in Egypte belandde, en door zijn wrede broers. Zoals Jacobs familie door de hongersnood in Egypte kwamen. Gered door God.

Zo komt Jezus door de wrede Herodes in Egypte. Gered door God.

En dat wordt dan het begin van onze redding. Want waar Israël de fout in ging, daar blijft Jezus overeind. En zo gaat het nu echt gebeuren: de zegen van Abraham komt via Abrahams zaad bij alle volken! Jezus’ leven betekent ook de redding van mensen in Friesland. Van jou, van mij. Eindelijk is er redding voor mensen van over de hele wereld! Eindelijk is er zegen van God – ook voor ons!

Gods reddingsplan gaat door. De wreedheid van Herodes neemt Hij daarin mee. Wat is Gods wijsheid toch ondoorgrondelijk groot!

God wordt in zijn Zoon een kleine zwakke baby.

Geen partij voor de draak, zou je zeggen.

Dat moet wel mis gaan.

Binnen no time zal de draak die kleine Jezus verslinden.

Maar het gaat anders: de draak moet meewerken aan Gods plan.

Zelfs de intense slechtheid van de draak brengt God niet van de wijs.

God redt zijn Zoon.

En in het klein, in het verborgen, in een uithoek in Galilea groeit een man op.

De man uit Nazareth, een Nazoreeër.

Gods zwakte is sterker dan de kracht van Satan en zijn trawanten.

God redt zijn kind – om jou en mij te redden!

Geef je gewonnen aan die onopvallende Jezus – Hij geeft echte vrijheid.

Laten we naar Bethlehem trekken, naar die koning, om Hem te loven!




Matteüs 1,18-2,12 – Kerst: God verrast gelovigen en buitenstaanders

Eerste Kerstdag

Liturgie

Zingen
– LB 138,1.3.4 – Komt allen te zamen
– LB 139 – Komt verwondert u hier mensen
– LB 145,1.3 – Nu zijt wellekome
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: Gez 81,1.3.4 – Dit is de dag
Gebed
Schriftlezing Matteüs 1,18-2,12
Zingen Gez 35,1.5.6.7 – De wijzen de wijzen
Preek eerste deel
Zingen LB 132,1.3
Preek tweede deel
Zingen Gez 83,1.3.4 – Vrolijk zingen wij ons lied
KINDEREN
Projectlied vers 5 en refrein
Gebed
Collecte
Zingen Gez 50 – Ere zij God
Zegen

Opmerking:

– Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over Matteüs 1,18-2,13 – Kerst: God verrast gelovigen en buitenstaanders

1. Van de week sprak ik een Moslim, en ik vroeg of hij ook Kerst vierde. Nee, hij vierde geen Kerst. Ze hadden wel elk jaar met vrienden een gezellige avond. Maar nee, geen Kerst.

Is Kerst alleen een feest voor christenen? Of voor mensen die vroeger christen geweest zijn en dat feest nog willen blijven vieren?

Dat zou je zo maar kunnen denken.

Maar Kerst gaat gelovigen aan en mensen die nog niet geloven.

Mensen als Jozef die rechtschapen zijn, afstammen van David en altijd zolang ze terug kunnen kijken in God geloofd hebben.

En mensen van ver weg, die nog van niks weten, zoals de wijzen uit het Oosten.

Eerst Jozef.

Je zou kunnen zeggen: Jozef had op een christelijke school gezeten. Hij kwam zelfs uit een bekende christelijke familie. Daar lijkt het wel wat op. Hij had het allemaal geleerd. Hoe je een goed mens kunt zijn, zoals God dat wil. De verhalen uit de Bijbel. Vroeger regeerde koning David. Na David was het steeds meer mis gegaan. De grote beloftes: de oude tijden komen terug. Eens komt er een zoon van David die daarvoor zal zorgen. De Messias, de redder, zal komen!

Dat leer je – en je gaat naar school. Je volgt een opleiding. Je vindt een baan. Je krijgt een vriendin. Je maakt trouwplannen. Je gaat in ondertrouw. Je hebt zin in de bruiloft. En je hoopt natuurlijk ook dat de ooit Messias nog een keer komt.

Maar dan opeens gebeurt er iets met jouw vriendin.

Zij vertelt: Jozef, ik heb een engel gezien. Ik zal zwanger worden, en dat komt door de Heilige Geest. Dat kindje, het zal de Messias zijn! Jij komt toch uit de familie van David, Jozef? Die baby, dat wordt de nieuwe koning op de troon van David!

Wat zou jij denken als je Jozef was geweest en Maria kwam zo naar je toe?

Je gelooft natuurlijk dat het ooit zal gebeuren, maar je leven gaat gewoon door.

Maar dat het in jouw leven, nu, gebeurt…

Jouw vrouw de moeder van de beloofde redder?

Zwanger door de Heilige Geest?

Man, dat hadden we niet afgesproken.

Maria, wij zouden toch trouwen? Ik hou van jou! Wij zouden toch samen kinderen krijgen?

De lang verwachte redder komt. De beloofde Zoon van David. Als dat zo is, dan zet het alles op z’n kop. Maar het zet mijn leven helemaal op z’n kop. Alles wordt anders!

God komt opeens zo dichtbij.

Zo onverwacht.

Zo groot en overrompelend.

Zo opeens heel mijn leven in het licht van God…

Jozef schrikt ervoor terug. Hij wil zich terugtrekken. Dat zal ook wel de bedoeling zijn, toch? Ik ben hier niet goed genoeg voor. Ik zal het stil houden, zodat Maria er zo weinig mogelijk last van heeft.

Wij trouwen niet meer…

Stel je voor dat zo opeens heel je leven in het teken komt te staan van Gods redding.

Dat gebeurt niet alleen bij Jozef.
Dat gebeurt bij iedereen die Jezus wil volgen.

Kijk, als je al jaren christen bent, christelijk opgevoed, christelijke school, christelijke familie, dan weet je het. Met Kerst wordt Jezus geboren. Jezus is voor mijn zonden gestorven. Er is vergeving, God houdt van me. Geweldig! En je leven gaat door. En Jezus komt natuurlijk nog een keer terug.

Maar wat we vieren met Kerst, is voor ons net zo verrassend als voor Jozef.

Immanuël wordt geboren – God met ons.

Jezus, die zijn volk zal bevrijden van zonde.

Als je gelooft in die Jezus, die Immanuel. En als dat geloof geen onzin is.

Als die Jezus, met Kerst geboren, door de Heilige Geest in je komt wonen.

Dan komt opeens heel je leven in het licht van God.

God, die door de kracht die in ons werkt bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij vragen of denken, zegt Paulus in Efeze 3,20.

God heeft de macht u te overstelpen met al zijn gaven, zodat u altijd en in alle opzichten voldoende voor uzelf hebt en ook nog ruimschoots kunt bijdragen aan alle goed werk. Paulus in 2 Korinte 9,8.

God, tot wie Paulus bidt, Kolossenzen 1,10-11: We vragen dat u Gods wil ten volle mag leren kennen door de wijsheid en het inzicht die zijn Geest u schenkt. Dan zult u leven zoals het past tegenover de Heer, hem volkomen welgevallig. U zult vrucht dragen door al het goede dat u doet, uw kennis van God zal groeien en u zult door zijn luisterrijke macht de kracht ontvangen om alles vol te houden en alles te verdragen.

Heel je leven altijd en in alle opzichten helemaal voor God.

Dat is het doel van Kerst.

Heel je leven altijd en in alle opzichten helemaal voor God.

Kerst is voor ons net zo verrassend als voor Jozef. Ook voor mij. Ik ben niet verder dan jullie omdat ik dominee ben.

Opeens komt het wel heel dichtbij.

Gods redder komt een keer – maar als het zo in mijn leven gebeurt?

Gods genade is elke keer wonderlijk groot.

God helpt Jozef over de drempel. Een engel zegt: Jozef, wees niet bang.

Jozef ging er voor, nadat hij de engel in zijn droom gezien had.

Hij, zoon van David, gaat zorgen voor de grote zoon van David. Heel zijn leven wordt anders.

Laat die kleine baby, die zoon van David, ook dichtbij komen. God komt zijn volk bezoeken, midden in de dood. Ga voor Jezus! Leef in de verrassende volheid die Hij geeft! Heel je leven altijd en in alle opzichten helemaal voor Hem.

[Zingen – Zingen LB 132,1.3]

2. Die volheid, wat zie je er van?

Er is een roos gaan bloeien, midden in de nacht.

God komt ons opzoeken, midden in de dood.

Maar wat zie je ervan?

Is Kerst dan toch niet een feest voor mensen die christelijk opgevoed zijn? Wie gelooft, die ziet het? Wie niet gelooft, die ziet het niet – en daar hebben we alle begrip voor. We houden ons eigen feestje en we houden het voor onszelf?

Jezus wordt geboren, maar het leven gaat gewoon door.

De zoon van David?

Jeruzalem, de stad van David weet van niks.

De tempel draait gewoon door.

De Joodse leiders leven gewoon door.

De schriftgeleerden geven hun onderwijs en bestuderen de Torah.

Reizigers komen en gaan.

Pelgrims die in Jeruzalem willen bidden, willen offeren.

In Jeruzalem zijn ze gewend aan reizigers en toeristen.

Magiërs uit het Oosten? Niks bijzonders. Die zien we hier wel vaker.

Maar ze vragen de weg naar het paleis. Ze vragen naar een Koninklijke baby. Dat is apart. Een pasgeboren koning van de Joden?

Niemand weet ergens van.

Koning Herodes hoort er ook van. Wat? Wie heeft een zoon gekregen? Wie zegt dat? Blauw bloed?

Vorsten? Privé of Story?

Hoe komen ze erbij? Hebben ze het in de sterren gezien?

Dan wordt Herodes argwanend.

Magiërs uit het oosten? En ze komen hier omdat ze een ster hebben gezien?

Breng die mannen hier.

Herodes gelooft heilig in horoscopen en astrologie. De sterren liegen niet.

Zou er echt een koning geboren zijn?

Iemand die zijn macht bedreigd?

Herodes neemt deze magiërs uiterst serieus.

En dan schrikken ze in Jeruzalem. Wat gaat Herodes doen? Wordt hij weer gevaarlijk?

De hogepriesters en de schriftgeleerden weten van niks.

Ze weten alleen dat er ooit een keer een koning geboren zal worden in Bethlehem.

De theologen en de godsdienstwetenschappers, de mensen die gelovig zijn opgevoed, de mensen in de kerk, ze zijn ongerust. Wat gaat Herodes doen?

Maar als Herodes de magiërs naar Bethlehem stuurt, gaat niemand mee.

Alleen de magiërs gaan. En zij vinden het kind. En zij aanbidden het. Een nationaal kado zit er nog niet in. Er komt geen Davidsfonds of zo. Maar Koninklijke kado’s zijn er wel – goud, wierook en mirre.

Deze mannen hadden geen christelijke opvoeding.

Wat wisten ze van de Bijbel?

Ze hoorden er niet bij, ze waren buitenstaanders.

De verrassing van die ene ster was groot genoeg.

Ze wisten op een of andere manier: deze ster is de ster van een grote koning.

Wat deze koning gaat doen, is ook voor ons belangrijk. Deze koning gaat wereldgeschiedenis schrijven.

En ze kwamen. Ze zochten. Ze vonden. Verrast en vol eerbied aanbaden ze.

Jezus is niet geboren alleen voor mensen met een christelijke opvoeding.

Als Jezus echt de grote zoon van David is, dan wordt Hij koning van heel de aarde.

Dan kan niemand om hem heen. Of je nu belangrijk bent of niet. Of je nu altijd al bij een kerk hoort of niet.

De magiërs waren buitenstaanders. Maar ze gingen voor Jezus op de knieën.

En terecht!

Jezus is Immanuel. God met ons.

Hier zoekt God ons op. God verrast gelovigen en buitenstaanders.

God, die door de kracht die in ons werkt bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij vragen of denken, zegt Paulus in Efeze 3,20.

God heeft de macht u te overstelpen met al zijn gaven, zodat u altijd en in alle opzichten voldoende voor uzelf hebt en ook nog ruimschoots kunt bijdragen aan alle goed werk. Paulus in 2 Korinte 9,8.

God, tot wie Paulus bidt, Kolossenzen 1,10-11: We vragen dat u Gods wil ten volle mag leren kennen door de wijsheid en het inzicht die zijn Geest u schenkt. Dan zult u leven zoals het past tegenover de Heer, hem volkomen welgevallig. U zult vrucht dragen door al het goede dat u doet, uw kennis van God zal groeien en u zult door zijn luisterrijke macht de kracht ontvangen om alles vol te houden en alles te verdragen.

De magiërs hebben het door.

En jij? Ook al voel je je misschien een toeschouwer. Ook al weet je nog niks van de Bijbel.

Ook jij kunt net als de magiërs Jezus aanbidden. Jezus gaan volgen. In alles liefde! In alles God…

En jij – als je altijd met Kerst in de kerk gezeten hebt? Opgevoed met de Bijbel, net als de mensen in Jeruzalem? Ben jij eigenlijk ook een toeschouwer?

Wat hoor je vaak verhalen van mensen die Jezus hebben leren kennen, tot geloof gekomen zijn. Vroeger wisten ze van niks, waren ze misschien wel van God los. En als ze dan in een kerk komen? Zelf zijn ze diep onder de indruk. Wat lopen juist nieuwe christenen dan soms keihard aan tegen kleingeloof, tegen ongeloof. Die mensen in de kerk, aanbidden zij Jezus wel? Waarom vallen ze dan zo tegen? Je leven een beetje, soms en in bepaalde opzichten best wel voor een stuk voor God. Maar, het moet ook niet te gek worden.

Op wie wil jij lijken? Op Jozef? Op Herodes? Op de theologen en de godsdienstwetenschappers uit Jeruzalem? Op de priesters en de gewone mensen in Jeruzalem die gewoon doorleefden? Of op de wijzen?

Jezus is niet voor niks gekomen.

Hij komt om zijn volk te hoeden. De goede herder.

Hij komt om ons te bevrijden van onze zonden. Helemaal weg, die zonde!

Nieuw leven! Daar komt Hij voor.

Heel je leven altijd en in alle opzichten helemaal voor Hem.

  • Doe als de magiërs. Je weet nu van zijn geboorte – zoek Jezus. Proef hoe God ons verrast. Aanbid Jezus. Volg Hem. Leef met Jezus – in alles! Gods genade is altijd weer groter – Immanuel: God met ons!



Lukas 2,8-20 – De hemel gaat open – hoe reageer je?

Eerste kerstdag

Liturgie

Voorzang: LB 138,1.3.4 (Komt allen tezamen)
Voorzang: EL 103,1.2.4 (In Bethlehems stal)
Voorzang: drie verzen (Heerlijk klonk het lied der eng’len; zie hieronder)
Stil gebed
Votum / groet
Zingen: Gez 83,1.2.4 Vrolijk zingen wij ons lied
Gebed
Schriftlezing: Lukas 2,1-20
Zingen Gez 85,1.2  Weet jij waarom Jezus (beurtzang)
Kindermoment
Zingen (projectlied): Refrein – vers 5 – refrein
Preek over Lukas 2,8-20
Zingen LB 135,1.3
Geloofsbelijdenis
Zingen LB 134,1.3 Eer zij God in onze dagen
Gebed
Collecte
Tijdens de collecte: Bart, Winy, Sandra, Jacquelien
– What Child is it
– LB 143 Stille nacht (vers 1 en 2, vers 3 samenzang met gemeente)
Zingen Ps 150,1
Zegen
Zingen: Ere zij God

Opmerking: ik hoor het graag van te voren wanneer deze preek ergens gelezen wordt. Mijn mailbox is geduldig: hansburger@filternet.nl

Preek over Lukas 2,8-20 – De hemel gaat open – hoe reageer je?

Beste mensen, gasten en gemeente, broers en zussen in Jezus Christus,

1. De hemel gaat open. Dat is het thema van ons adventsproject. Nou, met Kerst gebeurt het. Kijk maar, je ziet het gebeuren: opeens wordt het licht. De herders zien engelen.

Weet je het nog? De hemel ging open bij de schepping – God zag: het is zeer goed. Bij de toren van Babel – dit gaat niet goed. Bij Jacob – het komt toch goed. Bij de berg Sinaï: God leert ons wat goed is.

En nu dus weer. De hemel gaat open. Eerst is het één engel, met geweldig nieuws. En dan is het een leger van hemelse soldaten. Ze roepen het uit: Eer aan God in de hoogste hemel!

De hemel gaat open – God is goed! Daarom vieren we feest vandaag.

We vieren geen feest omdat we vanavond lekker gaan eten. Omdat het zo gezellig is. Omdat de kerstboom zo mooi is. De cadeautjes zo fijn. Nee.

Waarom vieren we kerst?

Omdat Jezus is geboren en de hemel open gaat.

Omdat de engel goed nieuws heeft: de beloofde redder is geboren.

Omdat God onze eer waard is

Omdat er vrede op aarde komt.

Omdat God van mensen houdt.

Toch is het ook lastig. De hemel ging open. Toen, in het veld bij Bethlehem. Is de hemel hier vandaag ook open? Kerst, het is een mooi verhaal. En er zijn veel mensen die het horen. Maar wat lijken we vaak op die mensen hier in Lukas 2 die het ook horen. Kijk maar in vers 18: de herders vertellen het, en allen die het horen staan verbaasd over wat de herders vertellen. Meer niet.

Ze hebben over Jezus gehoord.

Ze zijn verbaasd.

Ze gaan weer verder.

Ze zijn er niet anders door geworden.

En jij? Ben jij ook zoals die mensen uit Lukas 2,18?

Dat wil je toch niet?

Kunnen wij wat leren van de herders en van Maria? Kunnen zij ons helpen om niet gewoon verder te leven? Om niet gewoon te doen alsof er niks gebeurd is?

2. We beginnen met de herders.

Vergelijk het maar met mensen die in ploegendienst werken. Bijvoorbeeld in de patatfabriek in Oosterbierum. Je staat ’s nachts even buiten, klaar met werken, voor je naar huis rijdt. Nog even nakletsen, het is een mooie nacht. Je ziet het licht van de lantarens, verder is het donker. Jullie zijn de enigen die wakker zijn, verder slaapt iedereen. En dan opeens – het lijkt wel of er in een keer tien bouwlampen aanflitsen. Er staat een engel op het parkeerterrein bij de fabriek. Er is zonet een kind geboren! Jullie zijn als enige wakker, daarom kom ik het jullie vertellen. Ga maar kijken in het dorp. Het kan niet missen: het kind ligt in een grote afwasteil.

Zo zijn de herders ’s zomers met de schapen in het veld. Zij zijn de enigen die wakker zijn op dit tijdstip.

Wat zouden ze gedacht hebben? Ze weten van niks. Ze kennen Jozef en Maria niet. Ze weten niet van de engel Gabriël, of van een reis uit Nazareth naar Bethlehem. Ze hebben Lukas 1 en 2 nog nooit gelezen. Het is een nacht als alle andere. En dan opeens – wham – een engel.

Maar ze zijn wel joden. Ze kennen de wet en de profeten wel – ons eerste deel van de Bijbel. Ze weten dat koning David van lang geleden uit Bethlehem kwam. Ze weten dat straks ooit een keer de Messias zal komen.

En wat zegt die engel?

Die zegt dat precies dat kind geboren is!

In de stad van David!

Het is een redder die geboren is.

De gezalfde Heer.

Ik weet niet hoe bewust de herders met hun geloof bezig waren.

Ik weet niet of ze vaak baden, vaak naar de synagoge gingen.

Maar dit snappen ze heel goed.

Vannacht is precies op de goede plek de lang verwachte redder gekomen. Nu komt Gods rijk. De zoon van David, geboren in de stad van David. Nu gaat alles goed komen!

En ze zien met eigen ogen al die engelen – een leger van hemelse soldaten.

Ze horen het met eigen oren:

‘Eer aan God in de hoogste hemel

En vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft’.

Hoe gek ze het ook gevonden hebben misschien, een kind in een voederbak.

Wat kunnen ze anders dan naar Betlehem gaan? Natuurlijk gaan ze kijken. De engel stuurt ze er zelf naar toe!

En ze gaan, en ze vinden het zoals de engel heeft gezegd. Een kind, een moeder en een vader. Een baby in een voerbak. Enthousiast vertellen ze wat zij meegemaakt hebben. Enthousiast vertellen ze het later ook aan anderen. En ze loven en ze prijzen God. Het was allemaal precies zoals de engel had gezegd!

Wat kunnen wij leren van de herders? Kunnen zij ons helpen om anders te reageren dan die mensen uit 2,18?

Wij hebben geen engel gezien die het ons vertelt: Jezus is geboren.

Wij hebben niet zelf het kind gezien in de voerbak.

Wij hebben alleen hun verhaal…

Net zoals de mensen toen….

3. En Maria dan?

Hoe zou het met Maria zijn? Ze heeft haar eerste bevalling achter de rug. Wat is het anders gegaan dan zij gedacht had! Thuis was de babykamer klaar. De spulletjes stonden netjes op z’n plek. Alles voor de bevalling was geregeld. Ze wist wie ze kon roepen als de weeën goed op gang kwamen. Ze had tegen de bevalling opgezien, maar ze had alle vertrouwen gehad in de vroedvrouw van het dorp.

En nu? Nu ligt ze hier in Bethlehem in plaats van thuis in Nazareth. In een overvol huis. Mooi dat ze hier mochten zijn, maar ruimte om te bevallen was er niet. Je kunt wel beneden bevallen, de dieren zijn nu toch buiten, hadden ze gezegd. Ach, en dat kon ook wel. Maar de zoon van God in een voederbak? Maria kon wel janken. Zou de Allerhoogste niet boos op haar zijn, dat zijn zoon hier nu zo ligt? Wat was zij een slechte moeder!

Maar dan komen er mannen binnen. ‘Kijk – precies wat ze zeiden – hier is een baby in een voederbak. Dit moet hem zijn!’

Er hangt opeens eerbied om de mannen heen.

Ze zijn onder de indruk. ‘U bent de Messias, onze Heer. U bent de zoon van David’.

Hoe weten ze dat? Wat komen ze doen?

De mannen vertellen wat zij meegemaakt hebben. Wij zijn herders, en we hebben engelen gezien. Die stuurden ons naar Bethlehem, om een baby te zoeken in een voederbak. Want dat is de beloofde zoon van David, onze gezalfde Heer.

Denk je eens in hoe dat op Maria over gekomen is.

Wat moet het haar getroffen en bemoedigd hebben. Zij is hier niet eenzaam ver van huis. Zij is geen slechte moeder. De Allerhoogste is niet boos op haar. Een engel van God wist van die voederbak. Dankzij die voederbak hebben de herders Jezus gevonden!

Die herders zeggen het precies zoals het is: in de stad van David is een redder geboren. Het is juist Gods bedoeling dat Jezus in de stad van David geboren wordt. Hij is de messias, de Heer – de zoon van David! En zij mag de moeder van die baby zijn! God heeft hen niet in de steek gelaten.

Het heeft Maria diep getroffen. Kijk maar in vers 19. Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef er over nadenken.

Wat kunnen wij van Maria leren? Kan zij ons helpen om anders te reageren dan de mensen uit Lukas 2,18?

Wij hebben niet net een superspeciale bevalling achter de rug: niet alleen je eerste bevalling, maar ook nog eens van de beloofde redder, de zoon van de Allerhoogste.

Wij zijn niet na alle voorbereidingen van een bevalling hals over kop ergens anders beland.

Wij voelen ons niet daarom een slechte moeder – ik kan zelf niet eens moeder worden.

Dus hoe kan ik van haar leren?

4. Moeten wij dan net zo zijn als die mensen uit 2,18: we luisteren, we zijn verbaasd, en er verandert niks? We gaan gewoon weer verder – wij zijn er niet anders van geworden. Na de kerstvakantie gaan we weer aan het werk, weer naar school, we pakken ons leventje weer op?

Waren wij maar de herders – wham – een engel die vertelt: Jezus is geboren. Waren wij maar Maria – de kleine Jezus aan jouw borst.

En hebben wij het niet nog moeilijker dan die mensen toen? Die mensen toen konden Jezus later nog eens ontmoeten. Ze konden zijn wonderen zien, zijn preken horen.

Maar weet je wat Jezus zelf zegt, in Lucas 11,27-28?

Terwijl hij dit zei, verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep tegen hem: ‘Gelukkig de schoot die u gedragen heeft en de borsten waaraan u gedronken hebt!’ Maar hij zei: ‘Gelukkiger zijn zij die naar het woord van God luisteren en ernaar leven.’

Wanneer ben je gelukkig? Als je een engel ziet? Als jij de moeder van Jezus bent, als hij gedragen is in jouw schoot en als hij aan jouw borsten gedronken heeft?

Nee! Wat zegt Jezus zelf: Je bent veel gelukkiger als naar het woord van God luistert en ernaar leeft.

Hoe ga jij om met het woord van God? Het woord waar we nu vanmorgen bij stilstaan

Neem die woorden van de engel; die woorden die Maria weer van de herders hoorde en in haar hart bewaarde. Vers 10 en vers 11. Wees niet bang, maar wees blij. Ik heb goed nieuws. In de stad van David is een redder geboren. De Messias, de Heer.

Gaat het je ene oor in, ben je even verbaasd, en dan het andere oor weer uit? Dan word je zo iemand uit 2,18. Dan heb je van horen zeggen wel eens iets over Jezus opgepikt. Maar je blijft er koud onder. Kerst? Jezus geboren? Boeiuh! Lekker eten, bedoel je zeker.

Of luister je als je iets hoort en ga je Jezus zoeken, zoals de herders deden? Het woord dat ze van de engel hoorden, was het woord van God. En ze deden er iets mee – ze gingen naar Bethlehem. Ze zochten Jezus!

Bewaar je Gods woord in je hart, blijf je erover nadenken, zoals Maria dat deed.

Luister jij naar het woord van God en leef je ernaar?

Dan wordt het echt Kerstfeest. Die woorden gaan immers over Jezus. Jezus Christus is zelf het woord dat mens werd. En dat woord krijgt kracht door de Geest van Jezus zelf. Jezus, het woord, en de Heilige Geest, ze horen bij elkaar.

Dan zul je Jezus zelf ontmoeten. Want Jezus, zijn woord en zijn Geest horen bij elkaar. Door zijn woord en Geest wil Jezus zelf in ons komen wonen. Hier, in onze harten. Toen werd Hij daar geboren en lag Hij in een voerbak. Door de Heilige Geest komt Hij wonen in jouw en mijn hart.

Trek je daaraan op, als je het niet ziet zitten – God laat ons niet in de steek. Hij komt ons redden. De redder is geboren. Hij was lang geleden beloofd. Er is lang op Hem gewacht. Nu maakt God een begin. En als God ergens aan begint, dan maakt Hij het af. Er komt vrede op aarde!

Laat vreugde je vullen. Op rare en onverwachte manieren doet God wat Hij belooft! De zoon van David is geboren in de stad van David. Een klein kind – Hij is mijn redder!

Dan kunnen we ook met de engelen God van harte loven – Ere aan God in de hoogste hemel! Eer aan God, ook hier in onze dagen.