Ezechiël 37:22 | God maakt één

Mensen zijn niet gemaakt om alleen te zijn. Maar eenheid en verbondenheid zijn best lastig… We verlangen naar elkaar, maar vaak kunnen we elkaar niet vinden. Net als Juda en Efraïm. Kunnen we ooit één worden? In families, in de kerk, in de samenleving en de wereld?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 194
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 127 : 1, 2 en 7
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Ezechiël 37 : 15 – 28
Zingen: GKB Psalm 60 : 1 en 3
Preek over Ezechiël 37 : 22
Zingen: GKB Gezang 119 : 1, 2 en 5
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: Kinderen van de Vader (Elly en Rikkert)
Onderwijs avondmaal
Viering avondmaal
Zingen: LvK Gezang 66 : 1, 3, 5 en 6
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: GKB Gezang 167 : 1, 2 en 3
Zegen

God maakt één

Inleiding
dia 1 – verzuiling
Vroeger…
Hmm, nu klink ik als een oude man…
Vroeger dus… toen had je in Nederland de verzuiling.
De samenleving bestond uit groepen: de zuilen.
Je kon bijvoorbeeld socialistisch zijn:
dan stemde je op de Partij van de Arbeid, je las het Parool,
je was lid van vakbond FNV en je TV stemde je af op de VARA.
Je buurman was juist liberaal:
hij stemde VVD, las het NRC, deed niet aan een vakbond en keek AVRO.
Je had een christelijke zuil,
en de vrijgemaakten hadden zelfs een eigen zuil, inclusief eigen reisvereniging.
Tot zover dit college maatschappijleer…

dia 2 – netwerk
Je zou denken dat dit typisch iets van vroeger is:
toen kon je je opsluiten in een groepje dat net zo dacht als jij.
Maar welkom in de 21e eeuw: dat kan echt niet meer!
Op je smartphone heb je contact met de hele wereld.
Niks geen strak afgebakende groepen!

dia 3 – facebook
Of… toch wel?
Want Facebook maakt gewoon nieuwe zuilen.
De computers van Facebook zijn slim!
Ze weten echt heel veel over jou!
Dat kan heel onschuldig zijn, dat ze weten dat ik van auto’s houdt,
dat jij van mode houdt, en jij van dieren.
Dan zorgt Facebook ervoor dat je over die dingen niets mist.
Maar het kan ook minder onschuldig:
dat Facebook weet hoe jij over vluchtelingen denkt.
Als jij vindt dat Nederland vol is, krijg je alleen nog maar berichten te zien die dat bevestigen.
Terwijl als jij vindt dat Nederland nog veel meer voor vluchtelingen moet doen,
je juist de berichten te zien krijgt over hoe zwaar vluchtelingen het hebben.
Facebook presenteert nieuws dat in jouw straatje past.
De mogelijkheden zijn oneindig!
Ben jij voor vrouwelijke ouderlingen?
Prima, Facebook laat het je zien.
Heb je een hekel aan Frankrijk?
Facebook doet met je mee.
Eet je elke ochtend een zak chips leeg?
Facebook geeft je groot gelijk…

dia 4 – God maakt één
Het punt is: we zijn verdeeld.
Misschien niet zo openlijk als bij de verzuiling, maar we zijn verdeeld!
We leven in een wereld van ons eigen gelijk,
waar geen plaats is voor andere meningen.
Een wereld waar je uiteindelijk alleen bent…
In die wereld geeft Ezechiël hoop:
je bent niet alleen, want God maakt één!

1. Verdeeld en alleen
dia 5 – verdeeld en alleen
Die eenheid is voor de Israëlieten ver te zoeken.
Ze zijn verdeeld, al heel lang.
Toen David en daarna Salomo koning van Israël waren,
zo’n 400 jaar geleden, toen was Israël een eenheid.
Maar zelfs in Israël, het volk van God, lukte het niet de eenheid te bewaren.
Verdeeldheid, wantrouwen en boosheid kregen de overhand.

dia 6 – de breuk: Juda en Efraïm (kaartje)
Salomo wordt opgevolgd door zijn zoon Rechabeam.
Een hork eersteklas.
Ik denk zelfs dat dat woord voor hem is uitgevonden…
De Israëlieten vragen hem, de nieuwe koning, om lastenverlichting.
Rechabeam reageert met een lastenverhoging en zegt:
‘mijn pink is dikker dan het lid van mijn vader!’
Oftewel: mijn vader was geen echte man,
want hij had een klein geslachtsorgaan.
Maar dat staat dus echt in de bijbel!
Als je me niet gelooft: lees 1 Koningen 12 maar eens.

Als je dat doet, lees je direct dat de Israëlieten het niet pikten.
Het komt tot een breuk.
Een klein deel van de Israëlieten blijft trouw aan Rechabeam.
Het zijn de Israëlieten uit de stammen Juda en Benjamin,
in het zuiden van Israël.
Vanaf nu heten zij Juda.
De andere Israëlieten, van de overige 10 stammen,
kiezen een eigen koning: Jerobeam,
die binnen mum van tijd een eigen godsdienst introduceert.
De stammen die zich bij hem aansloten,
worden genoemd naar de grootste stam: Efraïm.

Voor alle duidelijkheid: die verdeeldheid ging wel ergens over!
Het was niet zo weer even op te lossen.
En dat blijkt: 400 jaar later zijn de Israëlieten nog steeds verdeeld.
Tenminste, wat er nog van de Israëlieten over is.
De Efraïmieten zijn al in ballingschap, meegenomen door de Assyriërs.
Nu treft de Judeeërs hetzelfde lot, maar dan door de Babyloniërs.
Dé ballingschap bestaat dus niet: het zijn 2 ballingschappen.
Zo verdeeld was Israël.
Ezechiël beeldt die verdeeldheid uit met die twee stukken hout.
Eén voor Juda, één voor Efraïm.

dia 7 – verdeeldheid in Nederland (mensen)
Sinds de tijd van Ezechiël is de wereld niet minder verdeeld geworden.
Israël was in tweeën verdeeld.
Nederland is in 17 miljoen verdeeld…
In Israël was het simpel:
er waren twee sterke leiders, en je hoorde bij één van hen.
Binnen die groep was er eenheid.
Tegenwoordig heeft iedereen overal een mening over.
En, dat weten we allemaal, meningen willen nog wel eens botsen…
Wij weten misschien niet beter meer,
kunnen ons niet voorstellen dat er een tijd is geweest
waar niet iedereen zijn eigen mening had,
maar dat is een Westerse uitvinding van, zeg, de laatste 200 jaar.
Dus is niet alleen de wereld verdeeld,
maar is ook de samenleving verdeeld,
is de kerk verdeeld,
zijn zelfs families verdeeld.
Nogmaals: verdeeldheid gaat vaak wel ergens over!
Dat kunnen wij niet even oplossen.

dia 8 – verdeeldheid drijft uit elkaar
Het gevolg is wel dat je er alleen voor staat.
Verdeeldheid drijft mensen uit elkaar,
zeker als ze hun eigen mening hoogst serieus nemen.
Terwijl tegelijk iedereen ergens wel beseft
dat we niet bedoeld zijn om alleen te zijn.
Soms kies je er misschien voor,
bijvoorbeeld omdat je in mensen teleurgesteld bent,
maar ook dat voelt niet goed.

We hebben elkaar nodig.
Niet alleen tijdens grote sportevenementen
of tijdens een van de vele gezellige kerstmarkten.
Daar heb je even het gevoel dat je wordt opgenomen in een eenheid.
Maar vaak houden we het maar gewoon met elkaar uit.
Of zelfs dat niet eens.
We verlangen naar elkaar, maar we kunnen elkaar niet vinden.
Net als Juda en Efraïm elkaar niet konden vinden.

2. God maakt één
dia 9 – God maakt één
Ezechiël mag profeteren:
het lijkt misschien alsof het in verdeeldheid eindigt,
maar God gaat verder: hij maakt één!

dia 10 – Ezechiël maakt eenheid zichtbaar
Dat laat Ezechiël zien met die plankjes.
Typisch Ezechiël: hij is de profeet van symbolen en voorwerpen.
Hij deed heel vreemde dingen om iets duidelijk te maken.
Zo moest hij eens 390 dagen op zijn linkerzij en 40 dagen op zijn rechterzij liggen,
als symbool voor de schuld van Israël – het staat in Ezechiël 4.
Ezechiël is een beeldend profeet.
Hier ook, met die plankjes van Juda en Efraïm.
Ezechiël moet ze tegen elkaar aan leggen,
zodat het lijkt alsof het één stuk hout is.
Want God zal Juda en Efraïm weer één maken!

dia 11 – King
Dat doet me denken aan ‘I have a dream’ van Martin Luther King.
In die beroemde toespraak zegt hij:
‘Ik droom dat op een dag
de zonen van voormalig slaven en de zonen van voormalig slavenhouders
tezamen zullen neerzitten aan de tafel der broederschap.’
King droomt van een einde aan de verdeeldheid.
Precies wat Ezechiël profeteert.

dia 12 – waar zijn de 10 stammen gebleven?
Nu gaat het in Ezechiël niet direct over eenheid in het algemeen.
Daar mag je het wel op toepassen, dat komt zo,
maar het is een profetie over Juda en Efraïm.
Daarom even een uitstapje: wat is er met hen gebeurd?
Juda is inderdaad teruggekeerd in Israël.
Zelfs, zoals Ezechiël zegt, onder leiding van een nakomeling van David: Zerubbabel.
Sinds die tijd worden ze Joden genoemd, wat is afgeleid van Juda.
Maar waar is Efraïm gebleven?

Daarover gaan de meest woeste verhalen rond.
Er is zelfs een theorie geweest
dat de Engelsen de nakomelingen van Efraïm zijn…
Je mag drie keer raden uit welk land de bedenker van dat idee kwam…
Maar wat is er wel met die 10 stammen gebeurd?
Het lijkt erop dat ze vooral vermengd zijn.
Vermengd met de Judeeërs, maar ook met Assyriërs en Kanaänieten.
Sommigen zijn mee teruggekomen uit de ballingschap.
Als Jezus voor het eerst in de tempel komt,
ontmoet hij de profetes Hanna, uit de stam Aser.
De profetie van Ezechiël is wel een beetje uitgekomen,
maar Efraïm heeft nooit een volwaardige plek gekregen.
Ook in het huidige Israël niet.
Er zijn, onder andere in Afrika, wel kleine stammen ontdekt
waar erfelijkheidsonderzoek is gedaan, die verwant blijken aan de Joden,
zelfs erkend zijn als Joden en naar Israël gehaald,
maar het grootste deel van de 10 stammen is opgegaan in allerlei volken.

dia 13 – delen in de eenheid van Israël
Misschien een lange uitweiding, maar ik wil er iets belangrijks uit halen:
de eenheid die God belooft, gaat de aardse realiteit te boven.
Menselijk gezien kan het niet: Efraïm bestaat niet meer.
Ezechiël schrijft over een toekomst die nog komen moet: als Jezus terugkomt.
Dat wordt nog duidelijker als je het bijbelboek Openbaring er bij pakt.
Bij Ezechiël zegt God: ‘bij hen zal ik wonen,
ik zal hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn.’
In Openbaring 21 staat: ‘Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.
Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn.’
Precies dezelfde woorden, maar nu meervoud: volken.
De eenheid is verder uitgebreid: niet alleen Israël, maar alle volken!
Wij mogen delen in de eenheid die God aan Israël belooft.
De kerk mag er in delen, de samenleving mag er in delen, de wereld mag er in delen!
Israël wordt één, en wij doen mee.

3. Eenheid zonder brokken
dia 14 – eenheid zonder brokken
Het kan een vreemde gedachtekronkel van mij zijn,
maar bij het kopje in de bijbel, ‘één God, één volk, één herder’,
moet ik toch echt denken aan Adolf Hitler met zijn slogan:
‘ein folch, ein reich, ein führer’…
Eenheid kan in ieder geval gruwelijk mis gaan!
Eenheid betekent maar al te vaak dat iedereen moet worden zoals ik…
Bestaat eenheid zonder brokken wel?

dia 15 – eigenbelang maakt eenheid onmogelijk
Eenheid mislukt vaak.
Het gaat even goed, maar dat duurt niet lang.
Na David en Salomo was het gedaan met de eenheid van Israël.
Je ziet het net zo goed bij bijvoorbeeld de Europese Unie:
ooit vol idealen begonnen, maar tegenwoordig hopeloos verdeeld.
Altijd steekt eigenbelang de kop op,
en dan kun je het wel schudden met die eenheid.

dia 16 – eenheid pas mogelijk als het goed is met God
Maar de eenheid waar Ezechiël over profeteert, is anders.
Ezechiël heeft het niet alleen over eenheid, hij zegt er iets bij:
‘David, mijn dienaar, zal hun koning zijn,
en samen zullen ze één herder hebben.’
Het gaat hier niet over een gewone koning, maar over Jezus Christus.
Waar Jezus koning is, daar is echte eenheid mogelijk!

Jezus maakt het goed tussen God en ons.
Wanneer Jozef merkt dat zijn toekomstige vrouw, Maria, zwanger is,
krijgt hij uitleg van een engel.
Hij zegt: ‘Maria zal een zoon baren.
Geef hem de naam Jezus, want hij zal zijn volk bevrijden van hun zonden.’
Jezus is gekomen om de relatie tussen God en ons te herstellen.
Dát is de sleutel voor eenheid zonder brokken.
Als de relatie met God hersteld is,
dan pas kan ook tussen mensen echte eenheid ontstaan.
Dat geldt voor Juda en Efraïm,
voor de kerk, de samenleving en de wereld:
alleen met Jezus Christus als Redder en Heer kunnen we één zijn.

dia 17 – Jezus nodigt in die eenheid uit
Die eenheid is heel anders dan die van nazi-Duitsland.
Jezus dwingt geen eenheid af.
Hij doet wel alles om jou voor die eenheid te winnen.
Om jou te winnen voor het leven in Gods aanwezigheid,
voor het leven in Gods liefde.
Om mee te doen in de eenheid van de Vader, de Zoon en de Geest.
Jezus wil niets liever.
Én hij wil dat het uit jezelf komt.

4. Eén in Christus
dia 18 – één in Christus
Waar Jezus regeert,
begint die eenheid waar Ezechiël over profeteert.
Dan begint het dus hier!
Jezus is koning van zijn kerk, in Christus zijn we één!

dia 19 – laat ons niet uit elkaar drijven
Jezus bidt om eenheid, in Johannes 17.
Dat gaat over eenheid binnen de gemeente.
Dat we ons niet door verdeeldheid, boosheid, onbekendheid en wantrouwen
uit elkaar laten drijven.
Laten we die echte eenheid in Christus zoeken!
Dat kerken scheuren, is helemaal te gek voor woorden, en niet uit te leggen.
Volgens katholieken zijn kerkscheuringen een protestantse uitvinding,
en ik vrees dat ze daar gelijk in hebben…
Ik ben blij dat we als CGK en GKv samen verder gaan:
een stukje van Gods verdeelde volk heeft de eenheid teruggevonden.

dia 20 – relativeer jezelf
Nederland is hopeloos verdeeld, in 17 miljoen.
Als kerk mogen we het anders doen.
Mogen we laten zien dat er meer is dan jij,
dat de wereld niet om jou draait.
Je leven is niet pas de moeite waard
als je overal je eigen keuzes in kunt maken.
Echt levensgeluk ligt niet in dat je dicht bij jezelf blijft,
maar in dat je dicht bij Christus blijft.
We zijn doorgeslagen in onze nadruk op het individu.

dia 21 – een lichtje in de wereld (kaarsen)
In een wereld die hunkert naar verbinding,
een wereld vol eenzame mensen,
mag de kerk een hoopvol signaal zijn.
Voor dat verlangen moet je in de kerk zijn!
Hier sta je er niet alleen voor,
ben je deel van een gemeenschap die samen met jou onderweg wil zijn.
Met die eenheid is de kerk een lichtje in een donkere wereld.

Die eenheid gaan we vieren, met brood en wijn.
We vieren dat we elkaar als kerken gevonden hebben.
We zetten ons er voor in dat niemand er alleen voor staat.
En we kijken uit naar de overweldigende eenheid die Jezus brengt,
dat we verenigd met Juda en Efraïm hem de lof toebrengen.
Amen.




Genesis 45:5 | Een nieuw begin

Schuldgevoelens zijn niet prettig. We leven liever alsof er niets aan de hand is. Maar hoe confronterend schuld ook is, bij Jezus mag je verder. Hij is vooruit gestuurd naar een nieuw begin.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 156 : 1 en 4
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Leefregels
Zingen: Psalm 130 : 1, 2 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Genesis 44 : 14 – 45 : 5
Zingen: Psalm 133 : 1
Preek over Genesis 45 : 5
Zingen: Opwekking 378 : 1, 2, 4 en 5
Kinderen komen terug
Onderwijs avondmaal (formulier 2)
Viering
Zingen tijdens viering: LvK Gezang 360 : 1, 2 en 3
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 111
Zegen

God wil met je verder

Inleiding
dia 1 – videoband
Een paar weken geleden waren mijn ouders 30 jaar getrouwd.
Dat is natuurlijk reden voor een feestje.
Met de familie zijn we naar het Dolfinarium geweest,
en ’s avonds zaten we uitgeteld op de bank.
Tot mijn moeder bedacht dat er nog ergens filmmateriaal van hun bruiloft moest zijn.
Dus we hebben smakelijk gelachen
om hoe vreemd mensen er in de jaren ’80 uitzagen.

Toen we toch bezig waren
kwamen er beelden van het 12,5-jarig huwelijksjubileum langs.
En dan zie je dus opeens een jongere versie van jezelf.
Best confronterend…

Eerst kwamen mijn zusjes in beeld.
Zij waren toen 9 en 6 jaar en deden een poging te snookeren.
Lachen, gieren, brullen natuurlijk.
Het is een wonder dat die snookertafel het heeft overleefd…

Geen huwelijksjubileum zonder stukjes,
dus hadden mijn zusjes en ik, met hulp van een buurvrouw,
een stukje voorbereid over hoe het er thuis aan toeging.
We hadden wekenlang op het stukje geoefend,
ik zat toen zelf in groep 8 en mijn meester was ook op het feest,
dus ik ging extra mijn best doen om een hoofdrol te krijgen in de groep-8-musical,
en toen moest mijn jongste zusje natuurlijk dichtklappen.
Ze was haar tekst vergeten,
of had per ongeluk iets verkeerds gezegd ofzo.
Totaal niet belangrijk, maar in mijn ogen wel.

Toen ik het weer terug zag,
schaamde ik me plaatsvervangend voor de Mark van toen…
Ik werd namelijk boos op mijn zusje.
Ze snapte toch wel dat je op zo’n belangrijk moment
het niet kunt maken om je tekst te vergeten?
Iedereen zat vol aandacht naar ons te kijken!
Echt, zo confronterend om naar jezelf te kijken
als je geen geduld hebt en je zusje afsnauwt met:
‘neehee, snap het dan, je moet eerst dit zeggen.’
Dat dat zusje bijna in tranen uitbarst doet er niet toe…

dia 2 – een nieuw begin
Herinneringen kunnen best confronterend zijn.
Je kunt je schamen voor wat je lang geleden hebt gedaan.
Dat is ook wat met de broers van Jozef gebeurt:
zij worden geconfronteerd met hun verleden.
Maar ze leren ook dat ze opnieuw mogen beginnen.
Dat is het thema vanochtend: een nieuw begin.

1. Confronterend!
dia 3 – confronterend!
Een confronterend verhaal dus.
Maar niet alleen voor de broers: ook voor ons.
Vandaag gaan we voor de vierde keer met Jozef bezig,
en elke keer mochten we ontdekken dat Jezus op Jozef lijkt.
Maar dat is niet het hele verhaal:
helaas lijken wij op de broers…

dia 4 – leven alsof er niets aan de hand is
Het is alweer 22 jaar geleden.
22 Jaar hebben de broers niets van Jozef gehoord.
Maar Jozef is nooit écht weg geweest.
De broers hadden gedacht dat alles makkelijker zou zijn zonder Jozef.
Ze komen bedrogen uit.
Hun vader, Jacob, wordt een verbitterd man.
De broers zijn niet alleen van Jozef af, ze zijn ook hun vader kwijtgeraakt.
Elke dag worden ze geconfronteerd met hun verleden.
Het leek zo’n goed plan, maar nu leven ze met een schuldgevoel.
Terugdraaien gaat niet, dus proberen ze er maar het beste van te maken.
Met elkaar praten ze er nooit over.
Ze proberen te leven alsof er niets aan de hand is.
En, dat moet gezegd, ze slagen er heel aardig in.
Een buitenstaander zal hun geheim niet snel ontdekken.

Leven alsof er niets aan de hand is: dat herken ik.
Nadenken over zonde, over schuld, dat is vermoeiend.
Je zou er depressief van worden.
Nee, we genieten liever van het leven,
en houden onszelf graag voor dat we nog helemaal niet zo slecht zijn.

dia 5 – de confrontatie
Maar dan worden de broers geconfronteerd met hun verleden.
Er heerst hongersnood, en Jacob stuurt zijn zonen er op uit
om graan te kopen in Egypte.
Het is al de tweede keer dat ze deze reis maken.
Beide keren komen ze op audiëntie bij de onderkoning.
Het lijkt wel alsof die man dwars door hen heen kijkt!
Maar ze hebben hun graan en zijn weer op weg naar huis.

dia 6 – beker
Maar zo makkelijk gaat het niet.
Ze worden ingehaald door boze lijfwachten van de onderkoning.
‘Hoe durven jullie!’ schreeuwt de opperlijfwacht.
De broers kijken vragend: waar heeft die man het over?
‘Jullie hebben de beker van de onderkoning gestolen.
Stelletje ondankbare honden!’
De broers weten van niets.
‘Kijk maar in onze tassen.’
En ja hoor, de beker wordt gevonden, in de tas van Benjamin,
die ook van niets weet.

Wat gebeurt hier toch?
Wat wordt hier voor gemeen spelletje gespeeld?
De broers moeten zich verantwoorden voor de onderkoning.
Daar aangekomen neemt Juda het woord.
Je zou verwachten dat hij duidelijk maakt dat ze erin worden geluisd.
Maar Juda zegt iets heel anders:
‘God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht.’
Hè? Hoezo?!

De beker maakt iets los bij Juda, iets wat goed verstopt was.
Een beker is in het oude Egypte niet zomaar een keukenvoorwerp.
De beker staat voor iemands levenslot.
Dom bijgeloof natuurlijk, maar daar gaat het niet om.
Juda weet hoe belangrijk de beker voor Egyptenaren is.
Dat het stelen van een beker gelijk staat aan het stelen van een leven.
De beker confronteert hem met een ver verleden,
toen Juda zijn broers had overgehaald het leven van broertje Jozef te stelen.
Bam! Opeens komt het hard binnen.

dia 7 – het kruis confronteert!
Confronterend, die beker!
In de kerk wordt je ook steeds geconfronteerd.
Wat de beker voor de broers is, is voor ons het kruis.
Ja, het kruis staat symbool voor hoe groot Gods liefde voor ons is.
Maar het kruis is en blijft een foeilelijk ding.
Een keiharde aanklacht tegen hoe wij leven.
Het herinnert ons eraan dat we onze broer Jezus verraden hebben.

Het kruis zegt: wees toch niet zo zelfingenomen, zo tevreden met jezelf.
Breng je het er echt zoveel beter vanaf dan Jozefs broers?
Zij keken niet om naar hun broertje, het was ieder voor zich.
Dat gaat toch over ons?
En al die mooie dingen die Jezus zegt, wat brengt je daar nou van terecht?
Laten we het maar even binnen de gemeente houden:
houden wij echt zoveel van elkaar als van onszelf?
Nee, uw zonde, jouw schuld, mijn egoïsme
heeft een onschuldige man aan het kruis gebracht!
Dat kruis is een confronterend ding!

2. Een nieuw begin
dia 8 – een nieuw begin
Daar sta je dan.
Kunnen we dat kruis niet weghalen?
Wat een sfeerbederver is dat!
Maar dan zegt Jozef: ‘wees niet bang en maak jezelf geen verwijten.’
Dat is precies wat die beker en dat kruis oproepen: hartkloppingen, angstzweet.
Maar het krijgt een onverwachte wending: een nieuw begin.

dia 9 – een gemeen spel?
De enige die precies weet wat er gebeurt, is Jozef.
Zijn broers hebben hem niet herkend,
maar hij heeft hen al lang herkend.
En die beker, dat was zijn eigen idee.
Het lijkt alsof Jozef een gemeen spel speelt,
dat hij zijn broers hardhandig een lesje wil leren.
Maar zo wraakzuchtig is Jozef niet.
Wel wil hij dat de broers nu eindelijk eens hun verleden onder ogen zien.

Nu ze dat doen, nu ze er niet meer omheen draaien wie ze zijn,
nu ze geen geheim meer hooghouden maar met de mond van Juda schuld belijden,
nu komt de ontknoping.
‘Ik ben het, Jozef! Wees niet bang!’
Dat is inderdaad wel nodig om te zeggen,
want de broers zijn doodsbenauwd.
Zal Jozef dan nu met hen afrekenen?
Krijgen ze dan eindelijk hun verdiende loon?

dia 10 – Jozef is vooruit gestuurd
Natuurlijk is het niet goed wat ze met Jozef gedaan hebben.
Hij benoemt het ook: ‘jullie hebben mij verkocht.’
Maar dan gaat Jozef opeens over op de andere kant:
‘God heeft mij voor jullie uitgestuurd om jullie leven te redden.’
De broers zijn volledig verantwoordelijk, zij hebben Jozef naar Egypte gestuurd,
en toch kan Jozef zeggen dat God hem daar gebracht heeft,
omdat God de familie Jacob een nieuw begin wil geven.
De hele familie moet in Egypte komen wonen,
en Jozef is alvast vooruit gestuurd om plaats te maken.

Alsof de familie Jacob op kamp gaat en Jozef de boel mag organiseren.
Hij heeft alvast een mooie locatie geregeld,
heeft de nodige contacten gelegd,
en zorgt voor een enorme stapel pannenkoeken als de familie uitgehongerd aankomt.
Vooruit gestuurd.

dia 11 – Jezus is vooruit gestuurd
Net als Jezus.
Als het Pinksteren is, als de Heilige Geest komt, zegt Petrus in zijn toespraak:
‘Jezus, die u gekruisigd hebt, is door God tot Heer en messias aangesteld.’
Ook Petrus benoemt het kwaad: ‘jullie hebben Jezus gekruisigd.’
Genade betekent niet dat zonde wordt weggemoffeld: dat is goedkoop.
Maar dan volgt direct de andere kant:
het was Gods weg om hem, net als Jozef, koning te maken.
Jezus is vooruit gestuurd, om je een nieuw begin te geven.
Jezus is vooruit gestuurd om ons te redden.
Jozef ging vooruit naar Egypte,
Jezus gaat ons voor om plaats te maken in het koninkrijk van zijn Vader.

De woorden van Jozef mag je gerust in Jezus’ mond leggen.
Uit Jezus’ mond klinkt het zo:
‘Ik ben Jezus, jullie broer, die jullie verraden hebben,
veroordeeld tot de dood aan het kruis.
Maar wees niet bang en maak jezelf geen verwijten,
want God heeft mij voor jullie uit gestuurd om jullie eeuwig leven te geven.’
Bij Jezus ben je welkom, ondanks je verleden.
Dat is de belofte van brood en wijn.

3. Nieuwe eenheid
dia 12 – nieuwe eenheid
Gaat dat niet een beetje makkelijk?
Wel als alles bij het oude blijft.
Maar de hereniging is het begin van nieuwe eenheid.

dia 13 – er moet wel wat gebeuren…
Het is niet een aflevering van Spoorloos
waar mensen elkaar uit het oog zijn geraakt,
en dolblij zijn als ze elkaar weer vinden.
Daarvoor is er te veel gebeurd.
Het is niet gewoon even ‘zand erover’.
Beseffen de broers wel wat ze Jozef hebben aangedaan?
Zijn ze er weer toe in staat?
Ze hebben al eens een broertje als slaaf naar Egypte laten gaan.
Nu wacht Benjamin hetzelfde lot.
Zullen de broers hem ook laten vallen?
Of hebben ze inmiddels geleerd wat het is om broers te zijn?

Dat hebben ze.
Juda, degene die met het idee kwam om Jozef te verkopen,
juist Juda werpt zich nu op als beschermer van Benjamin.
Juda biedt zich aan: ‘laat mij maar slaaf worden in Benjamins plaats.’
Juda is echt veranderd, net als de andere broers.
Het is niet meer ieder voor zich, ze zijn er nu voor elkaar.
Ze vinden niet alleen Jozef, maar ook elkaar.
De familie wordt eindelijk een eenheid.

dia 14 – Jezus verandert je door zijn Geest
Hoe zit dat met Jezus en ons?
Moet je voor Jezus ook eerst laten zien dat je veranderd bent?
Ben je pas welkom als je een goed mens bent?
Paulus zegt in Romeinen 5:
‘Christus is voor ons gestorven toen wij nog zondaars waren.’
Jezus is niet pas voor je gestorven als je eerst veranderd bent.
Nee: Jezus zelf verandert je, door zijn Geest.

Als Petrus heeft uitgelegd wat er met Jezus is gebeurd,
laten mensen zich dopen en worden ze een eenheid.
Dan staat er: ‘ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen,
vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood
en wijdden zich aan het gebed.’
Het koninkrijk, waar Jezus naar vooruit is gestuurd, begint!
God maakt een einde aan het ‘ieder voor zich’.
De familie Jacob werd een eenheid, christenen ook.
We zijn familie van elkaar.

dia 15 – hoe kan en wil jij bijdragen aan verbondenheid?
Dat betekent niet dat iedereen elkaar goed ligt.
Misschien lagen Juda en Benjamin elkaar ook wel niet zo.
Benjamin was het nieuwe lievelingetje van Jacob geworden
en Juda hield nu eenmaal niet zo van lievelingetjes…
Hij had Benjamin best kunnen laten vallen.
Maar hij deed het niet, uit liefde voor zijn vader.
Laat ook onze eenheid daar beginnen: liefde voor Jezus Christus.

We hoeven ook echt niet de deur bij elkaar plat te lopen.
Dat de christenen in Handelingen 2 elke dag bij elkaar kwamen
betekent nog niet dat wij dat ook moeten doen.
Maar we zijn wel aan elkaar verbonden!
Willen we er voor elkaar zijn?
Mogen we op elkaar terugvallen?
Staan we naast elkaar?
Stel die vragen vooral aan jezelf,
misbruik ze niet om anderen mee om de oren te slaan.
Hoe kan ík en hoe wil ík bijdragen aan verbondenheid?
En zometeen, als we de maaltijd van Jezus vieren,
mogen we die verbondenheid proeven.
Amen.




Psalm 87:7 | Verlangen naar meer: spiritualiteit

Is er meer? Steeds minder Nederlanders geloven in een god. Toch blijven we op zoek naar betekenis. Bij God mag je thuiskomen met die vragen: je bent gemaakt voor meer, gemaakt om met God verbonden te zijn.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 171 : 1 en 2
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 42 : 1 en 3 (Oude Berijming)
Gebed
Lezen: Psalm 87 : 1 – 7
Zingen: Psalm 57 : 1 en 5 (GKB = LvK)
Preek over Psalm 87 : 1
Zingen: Opwekking 520 : 1, 2, 4 en 5
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 358 : 2, 3 en 4
Onderwijs en viering avondmaal
Zingen: Psalm 103 : 1 en 5 (GKB = LvK)
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 710
Zegen

Verlangen naar meer: spiritualiteit

Introductie serie
Is er meer?
Meer dan het leven dat we zo goed kennen?
In ieder geval verlangen we ernaar.
Ik geloof dat onze verlangens wijzen naar iets dat groter is dan wij,
dat we in onze verlangens God kunnen ontmoeten.
In de afgelopen weken stonden we al bij een aantal verlangens stil:
geluk, schoonheid, recht en seksualiteit.
Vandaag over het laatste verlangen: spiritualiteit.
We lezen Psalm 87.

Inleiding
dia 1 – klokje
Vroeger hingen we tegeltjes in huis.
Zoals deze: ‘zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.’
Is er toevallig iemand die hem nog heeft hangen?
Of, in dezelfde categorie, ‘oost west, thuis best’?
Want die twee wandspreuken betekenen ongeveer hetzelfde:
van alle plaatsen op de wereld
voel je je thuis toch het meest op je gemak.
Het is voor mij trouwens een raadsel waarom je van alle dingen thuis
uitgerekend naar het tikken van je klokje zou verlangen…

dia 2 – steigerhout
Ach ja, dat was vroeger.
In plaats van tegeltjes hebben we tegenwoordig steigerhouten bordjes.
Ik kon er helaas geen plaatje van vinden, maar de mooiste vind ik nog altijd:
‘in dit huis hebben we steigerhouten bordjes
met zoete teksten in 13 verschillende lettertypes.’
Ook op deze moderne wandtegeltjes is ‘thuis’ een geliefd thema.
Bijvoorbeeld deze:
‘Bij ons thuis…
Zit er geen dopje op de tandpasta,
hangt er altijd een leeg wc-rolletje,
gooien we handdoeken in de hoek,
spelen we memorie met sokken,
appen we tijdens het eten
en houden we van elkaar!’
Vind ik al een stuk herkenbaarder dan zo’n tikkend klokje!

dia 3 – wifi
Nog eentje:
‘home is where the wifi connects automatically’.
Thuis is waar je smartphone automatisch verbinding maakt met het wifi-netwerk.
Na een paar weken op die camping zonder internet in Frankrijk
weet je dat je weer thuis bent als je telefoon vol stroomt met berichtjes.
Ik vind het altijd wel lekker: een vakantie zonder wifi.
Maar als ik weer thuis ben, is het eerste wat ik doe,
nog voor het uitpakken van de tassen,
kijken wat ik allemaal gemist heb.
Eindelijk weer verbonden met de buitenwereld.
Mooi, om weer dingen te delen met familie en vrienden.

dia 4 – verlangen naar meer: spiritualiteit
Vandaag gaat het over spiritualiteit.
Over verbonden zijn, niet met de buitenwereld, maar met God.
Dat is pas echt thuiskomen!

1. Op zoek naar meer
dia 5 – op zoek naar meer
Psalm 87 is een lied over thuiskomen bij God.
Volken, overal vandaan, vinden hun bron.
Ze vinden waar ze voor leven.
Dat is waar veel mensen vandaag naar op zoek zijn:
op zoek naar de bron, op zoek naar meer.

dia 6 – is geloven achterhaald? (God in Nederland)
Even wat cijfertjes.
Een paar maanden geleden verscheen het rapport ‘God in Nederland’.
Volgens dat rapport gelooft nog maar 14% van de Nederlanders in een persoonlijke God.
En dat zijn niet allemaal christenen:
ook Joden en moslims geloven in een persoonlijke God.
2 Keer zoveel, 28 procent van de Nederlanders, ziet zichzelf als ietsist:
ze geloven dat er iets hogers moet zijn.
Dan heb je nog agnosten, die gewoon niet weten of er iets hogers is, goed voor 34%,
en de atheïsten, die niet in een God of hogere macht geloven: 24%.
De NOS maakte er een nieuwsbericht van:
‘hoe God verdween uit Nederland.’

Waarom eigenlijk?
Waarom geloven nog maar zo weinig Nederlanders in God?
Ik denk vooral omdat we God niet meer nodig hebben.
Of niet meer nodig denken te hebben…
Vanaf het einde van de Middeleeuwen, en al helemaal de laatste 200 jaar,
is de wereld onherkenbaar veranderd.
Probeer iemand uit de 18e eeuw maar eens uit te leggen wat wifi is…
De wetenschap en de techniek hebben een enorme vooruitgang gebracht.
Eigenlijk heb je maar 2 dingen nodig om de wereld te kunnen begrijpen en verbeteren:
je verstand en je waarneming.
Voor alles moet je een logische verklaring kunnen vinden
en als je iets niet kunt waarnemen kan het ook niet bestaan.
Dat is het westerse ‘geloof’.
Geloven in God is gewoon iets voor zweverige types…

dia 7 – mensen blijven op zoek
Toch is dat westerse geloof wel kaal…
Vooral als je kijkt hoe mensen er vanaf komen.
Als alles logisch moet zijn en je alles moet kunnen waarnemen,
dan is er geen ruimte meer voor iets als een ‘ziel’ of een ‘geest’.
Hersenprofessor Dick Swaab heeft daarom een boekje geschreven met de titel:
wij zijn ons brein.
Het gebeurt allemaal in je hersenen.
Je kunt wel denken dat je verliefd bent, maar wat er eigenlijk gebeurt
is dat bepaalde delen van je hersenen extra worden gestimuleerd
door de afgifte van bepaalde stofjes.
Mensen worden een soort robots.
Ingewikkelde robots, maar wel robots.

En dat kunnen de meeste mensen toch ook niet geloven.
We geloven dat we meer zijn dan dan onze hersenen.
Om een of ander reden wil het er bij ons niet in
dat het leven zonder betekenis zou zijn.
Elk mens stelt zich wel eens de vraag of er niet meer is.
Meer dan wat we zien, meer dan wat we beredeneren.
Een Russische filosoof zei eens: de mens is ‘ongeneeslijk religieus’.
Mensen blijven op zoek.

Nee, van zweverig gedoe moeten de meeste Nederlanders niets hebben.
Volgens dat onderzoek ‘God in Nederland’
zijn tegenwoordig alweer minder mensen bezig met spiritualiteit dan 10 jaar geleden.
Maar mensen blijven wel op zoek:
naar wie ze zijn, naar wat hen beweegt, naar wat hun leven zin en betekenis geeft.
Populaire films, zoals Harry Potter en The Hunger Games zitten vol religieuze vragen.
Bij elk mens komen de vragen wel weer een keer opzetten.
We blijven op zoek naar meer.

2. Thuiskomen bij God
dia 8 – thuiskomen bij God
Willen we graag dat er meer is?
Of zou er echt meer zijn?
Als christen geloof ik dat er meer is.
Dat verlangen naar meer is ook het makkelijkst te verklaren
door te erkennen dat we inderdaad gemaakt zijn voor meer.
Het verlangen naar meer wijst naar de God
bij wie je thuis mag komen.

dia 9 – thuis
Morgen beginnen de scholen weer,
en dat betekent dat voor de meesten van ons de vakantie er op zit.
Misschien ben je op vakantie geweest op Terschelling, in Frankrijk, en weet ik veel waar.
Hoe mooi en fijn het daar ook was, het is niet thuis.
Als je je straat weer in rijdt, dan weet je:
‘ja, dit is mijn plek, hier hoor ik.’

dia 10 – Jeruzalem: hemel en aarde raken elkaar
De volken in Psalm 87 zijn niet op vakantie geweest.
Ze komen werkelijk overal vandaan.
Toch hebben ze in Jeruzalem dat gevoel dat ze thuiskomen.
Alsof ze hun leven lang op reis zijn geweest,
zonder te weten waar ze eigenlijk hoorden.
Nu hebben ze eindelijk hun thuis gevonden,
komen ze erachter waar ze nu eigenlijk voor leven,
dat er meer is dan het leven dat ze kenden.
Ze zingen het uit: ‘Jeruzalem, mijn bronnen zijn alleen in u.’

dia 11 – hotspot
Maar wat maakt Jeruzalem dan zo bijzonder?
Het is dat in Jeruzalem hemel en aarde elkaar raken.
Even een voorbeeld om dat uit te leggen, en daarvoor blijven we in de wifi-sferen.
Je hebt de gewone wereld, real life,
en de virtuele wereld, de wereld van het internet.
Als je vanuit de gewone wereld contact wilt maken met die virtuele wereld
heb je een modem of een wifi-spot nodig:
dat zijn plaatsen waar die twee werelden bij elkaar worden gebracht.
Jeruzalem kun je met een wifi-spot vergelijken:
een plaats waar het bekende aardse leven
met het leven van de hemel in aanraking wordt gebracht.
In Jeruzalem kom je in aanraking met God,
gaat een nieuwe wereld voor je open.

dia 12 – (zonder afbeelding)
‘Mijn bronnen zijn alleen in u’:
hier ben je aangesloten op die hogere wereld.
Er ís meer, je bent niet gemaakt voor een leven
waar alleen telt wat je kunt zien en begrijpen.
Als je, zoals het Westerse geloof doet, het geloof in iets hogers wegduwt,
dan sluit je jezelf af van je bron.
De hele week zingt er al een liedje in mijn hoofd, van Mumford & Sons:
‘awake, my soul, cause you are made to meet your maker’,
word wakker, mijn ziel, want je bent gemaakt om je maker te ontmoeten.
Ook al besef je het misschien niet eens,
dat doen die volken uit Psalm 87 ook niet,
maar bij God vind je vervulling van dat verlangen naar meer.

dia 13 – thuiskomen bij Jezus
Straks allemaal een vliegticket naar Jeruzalem boeken dus?
Nee, dat hoeft nou ook weer niet.
Na Psalm 87 is God verder gegaan.
Hemel en aarde raken elkaar, niet in een stad, maar in een persoon: Jezus Christus.
Hij is letterlijk de hemel op aarde.
Jezus zegt zelf, in Johannes 4:
‘wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen.
Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden
waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’
Jezus is die plaats waar we met Gods wereld in verbinding worden gebracht.
En diezelfde Jezus zegt, in Matteüs 18:
‘waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden.’
Hij is hier!
Als we in Jezus’ naam samen zijn,
is dit ook een plaats waar hemel en aarde elkaar raken.

dia 14 – kun je ook in andere dingen ‘meer’ vinden?
Het verlangen naar meer wordt bij God vervuld.
Toch wordt niet iedereen christen.
Veel mensen vinden in andere dingen hun vervulling,
zien daarin hun levensdoel en bron.
In de relaties die ze hebben bijvoorbeeld.
Of in dat ze iets willen betekenen voor een betere wereld.
Of gewoon in genieten.
Laten we niet doen alsof dat als je maar logisch nadenkt, je vanzelf bij God uitkomt.
Ook in andere dingen kun je betekenis vinden.
En dat zijn goede dingen, waardevolle dingen.
Maar uiteindelijk zijn ze ook te kwetsbaar en beperkt om al je vragen tot rust te brengen.
Bovendien: ook die hebben hun bron in God.
Net zoals die volken pas echt thuis komen in Jeruzalem.

3. Met God leven
dia 15 – met God leven
Mensen verlangen naar meer,
en niet voor niets: we zijn gemaakt om met God om te gaan.
Bij God kunnen we meer vinden, als we met hem leven.

dia 16 – ga niet alleen verstandelijk met God om
Ergens is het gek:
mensen zoeken massaal naar meer, naar antwoorden op grote levensvragen,
maar de meeste van hen komen niet eens op het idee om het in een kerk te zoeken.
En dan kun je wel zeggen dat dat dom is,
maar het is ook reden om als kerk eens kritisch naar jezelf te kijken.
Waarom zoeken mensen het niet in de kerk?
De kerk staat vaak niet bekend als ‘spiritueel’,
als een plaats waar je een relatie met God hebt.
Mensen kennen de kerk vaker om een dogmatisch systeem waar geen leven in zit.
Zeker gereformeerde kerken, met al hun strijd voor de ware leer.
En begrijp me niet verkeerd, wát je over God gelooft doet ertoe.
Maar is de kerk ook nog een plek waar je bij God thuis kunt komen?
Waar we niet praten óver God, maar waar we leven met God?

Christenen zijn net gewone mensen.
Ze zijn ook Nederlanders, die geloven in wat ze zien en begrijpen.
Toen Nederland volledig ging vertrouwen op het verstand,
gingen christenen ook geloven met het verstand.
Alsof geloven niet meer is dan een verzekering van het leven na de dood.
Maar daarmee doen we God, en ook onze vragen, zo tekort!
God wil niet op afstand staan, hij wil met je leven!

dia 17 – vier feest voor God (huldiging)
Die volken in Psalm 87 hebben dat begrepen.
Als zij thuiskomen in Jeruzalem kunnen ze alleen nog maar dansen en zingen.
Wat een blijdschap!
Ze hebben ontdekt dat het leven zoveel meer is dan wat het lijkt,
ze hebben God ontdekt, en dat ze met hem verbonden mogen zijn.
Natuurlijk dans je dan en zing je dan:
als je de bron hebt gevonden, dan wíl je God eren.
Dat is waar de kerk allereerst voor is: samen God eren.
Natuurlijk leer je in de kerk ook dingen over God,
maar de kerk is niet een klaslokaal.
Je kunt het beter met een huldiging vergelijken,
zoals de Nederlandse Olympische sporters afgelopen week gehuldigd werden:
de kerk is de plaats om feest te vieren voor God.
En als we zo met God leven,
dan zijn we met Paulus’ woorden ‘tempels van de levende God’,
dan worden we zelf plaatsen waar hemel en aarde elkaar raken.

dia 18 – thuis aan het avondmaal
Ook het avondmaal is zo’n plaats.
Een plaats waar je verbonden mag zijn met God.
Een plaats waar je Jezus mag ontmoeten, in brood en wijn.
Een bron om uit te leven.
En het zou wel eens de sleutel kunnen zijn
om niet alleen op een verstandelijke manier in God te geloven,
maar ook echt met hem om te gaan en te leven.
Want hier gebeurt een geheim, iets wat het verstand te boven gaat.
God wil met je omgaan.
Welkom thuis!
Amen.




Handelingen 5:41 | Lijden om Jezus: een eer

Waar word je blij van? Waarschijnlijk niet van lijden… De apostelen wel: ze zijn blij dat ze mogen lijden om Jezus. Hoe kan dat? En wat als je niet of weinig lijdt om je christen-zijn?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 124 : 1
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 585 : 1, 2, R, 3 en R
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 5 : 17 – 42
Zingen: Psalm 40 : 3 en 4
Preek over Handelingen 5 : 41
Zingen: Psalm 66 : 3 en 5
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: ‘Aan uw tafel’ (Sela) : 1, 3 en 4
Onderwijs (5) en viering avondmaal
Zingen: LvK Lied 440 : 1 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 163 : 1, 2 en 3
Zegen

Lijden om Jezus: een eer

Inleiding
dia 1 – zwart
Wie was er bij, maandagmiddag?
Als je er bij was, hoef ik je niet eens te zeggen wat ik bedoel.
Ik heb het natuurlijk over het bezoek
van koning Willem Alexander en koningin Maxima aan Franeker.
Wie was er bij?
Steek even je vinger op!

dia 2 – koninklijk bezoek
Ik was er zelf helaas niet bij,
ik zat in de auto op weg naar een vergadering.
En ik houd al zo veel van vergaderen…
Toen ik weer thuis kwam, werd het me op Facebook nog even lekker ingewreven:
mijn hele tijdlijn stond vol met foto’s van het koninklijk bezoek.
Is er trouwens nog iemand in geslaagd een selfie te maken
met Willem Alexander of Maxima?
Of om ze een hand te geven?

Hoe dan ook, het is een hele eer als de koning en koningin lanskomen.
Ik bedoel, we noemen ze dan wel Willem Alexander en Maxima,
gewoon met hun voornamen, alsof het je buren zijn,
maar ze blijven toch de koning en de koningin.
Bijzonder dat zij de moeite nemen om naar Franeker te komen!

Daar werd dan ook alles voor uit de kast getrokken:
het centrum werd hermetisch afgesloten,
overal hingen de vlaggen uit,
het Raadhuisplein en de Voorstraat waren voor de gelegenheid tip-top,
en het zou me niet verbazen als de koning, die toch bekend staat als bierliefhebber,
nog een paar flesjes van het nieuwe Franeker Planeten-pils heeft meegekregen.

dia 3 – lijden om Jezus: een eer
We voelden ons vereerd met het hoge bezoek.
Maar wat heeft dat nou met Handelingen 5 te maken?
Eigenlijk heel simpel: de apostelen voelen zich ook vereerd.
Maar dan niet met hoog bezoek, maar omdat ze lijden om Jezus!
Hoe je dat ooit als een eer kunt beschouwen,
daar staan we vanmorgen bij stil.

1. Wat maakt je blij?
dia 4 – wat maakt je blij?
Vorige week hebben we het gehad over Petrus en Johannes
die door het Sanhedrin op het matje worden geroepen.
Dit keer zijn alle apostelen aan de beurt:
de elf die altijd met Jezus waren meegegaan en Mattias, de vervanger van Judas.
Het Sanhedrin heeft een appeltje met hen te schillen.
Als ze dan uiteindelijk mogen gaan,
staat er dat ze ‘verheugd’ zijn: ze zijn blij!
Laten we het eens van die kant bekijken: wat maakt je blij?

dia 5 – mona
Toetjesfabrikant Mona heeft het tot slogan gemaakt: ‘daar word je blij van!’
En dat is nog niet eens zo gek gedacht:
van lekker eten kun je best blij worden.
Maar er zijn natuurlijk veel meer dingen waar je blij van kunt worden.
Bijvoorbeeld als je deze week door je school bent gebeld
en te horen hebt gekregen dat je bent geslaagd.
Ook daar wordt je blij van.
Gefeliciteerd trouwens!
En waar ik zelf blij van word: morgen heb ik vakantie.
Nee, niet dat ik het zo verschrikkelijk vind om te werken,
ik ben blij dat ik in jullie midden predikant mag zijn,
maar het is ook fijn om even afstand te kunnen nemen en op te laden.
Ongetwijfeld kun je nog veel meer bedenken waar je blij van kunt worden:
goede gezondheid, fijne vrienden, leuke baan, genoeg geld, enzovoort.
Als je het hebt, wees er dan ook vooral maar blij mee.

dia 6 – blij met lijden?!
Maar wat je ook allemaal kunt bedenken aan dingen waar je blij van wordt,
ik denk niet dat er hier ook maar iemand is
die zegt: ‘lijden, daar word je blij van’.
En niet eens omdat je dat antwoord bent vergeten,
zo van: ‘o ja, lijden, daar kun je ook blij van worden.’
Nee: hoe zou je van lijden nu blij kunnen worden?
Is blij zijn niet het tegenovergestelde van lijden?
Als je lijdt, dan kun je toch niet meer blij zijn?

dia 7 – apostelen hebben reden blij te zijn: vrij
De apostelen zijn blij.
Ze hebben ook een reden om blij te zijn:
ze zijn net vrijgelaten, terwijl het net zo goed de doodstraf had kunnen worden.
De vorige keer waren Petrus en Johannes er nog vanaf gekomen
met de opdracht niet meer over Jezus te praten.
Daar hadden ze zich niet aan gehouden,
en nu zitten ze nog dieper in de problemen.
Weer mogen ze een nacht in de cel doorbrengen,
maar dit keer worden ze op een wonderbaarlijke manier door een engel bevrijd,
net als later, in Handelingen 12, Petrus, waar we het in de gezinsdienst over hebben gehad.
De volgende dag worden de apostelen alsnog opgehaald
om voor het Sanhedrin hun opwachting te maken.
De sfeer is grimmig: het Sanhedrin heeft er schoon genoeg van.
Dit kan niet langer zo doorgaan, er moet een grens gesteld worden.
Ze willen de apostelen ter dood brengen, allemaal.

Maar dan staat Gamaliël op.
Hij roept op om geen overhaaste dingen te doen:
dat gepraat over Jezus waait vanzelf wel weer over.
En mocht het toch van God komen, dan kun je maar beter niets doen.
Nu is op de woorden van Gamaliël best wel wat af te dingen,
Gamaliël blijft een Farizeeër die van Jezus niet wil weten,
maar waar het om gaat is dat door zijn toedoen de apostelen vrij komen,
en dan ook verder kunnen gaan met het vertellen over Jezus.
Met zo’n onverwachte bondgenoot mag je best blij zijn!

dia 8 – blij met lijden om Jezus
Maar dat staat er dus niet!
De apostelen zijn blij, niet omdat ze zijn vrijgelaten,
maar om de vernedering die ze mochten ondergaan!
Ze zijn blij dat ze mogen lijden om Jezus.
Kun je je het voorstellen?

2. Lijden om Jezus: een eer
dia 9 – lijden om Jezus: een eer
Hoe kan lijden nu een reden zijn om blij te zijn?
Waarom wordt van alle redenen die er voor de apostelen zijn om blij te zijn,
en die redenen zijn er best: ze zijn net vrijgelaten,
waarom wordt dan precies die ene reden genoemd
dat ze verheugd zijn dat ze waardig zijn bevonden
deze vernedering te ondergaan omwille van de naam van Jezus?
Het antwoord ligt in het woordje ‘waardig’:
ze zien het als een grote eer om te lijden om Jezus!

dia 10 – apostelen krijgen een zware straf
Voor alle duidelijkheid: geleden hebben ze!
Het is niet zo dat ze er makkelijk vanaf zijn gekomen.
Gamaliël zegt dan wel dat het Sanhedrin hen maar beter kan laten begaan,
en het Sanhedrin neemt die conclusie ook over,
maar voordat de apostelen hun vrijheid terug krijgen,
worden ze nog wel even gegeseld.
En dat doet serieus pijn!
Hun rug ligt open, en het duurt weken voor dat hersteld is.
Bij elke verkeerde beweging werden ze er weer aan herinnerd.
Ze komen er niet met een symbolische straf van af:
geselen is het serieuze werk, het waterboarden van die tijd.

En toch zijn de apostelen blij.
Beter gezegd: juist om deze marteling en vernedering zijn ze verheugd.
Het Sanhedrin ziet geen andere weg meer
dan de apostelen bang te maken met lichamelijke straffen:
dat zal die apostelen toch wel leren dat ze maar beter stil kunnen zijn over Jezus.
Maar de apostelen zien het heel anders:
ze zien het als een eer dat het Sanhedrin hen zo vernedert,
dat ze waardig bevonden zijn om te lijden.

dia 11 – het is een eer net als Jezus behandeld te worden
In Johannes 15, op de laatste avond die Jezus met de apostelen doorbrengt,
de volgende dag wordt hij gekruisigd,
in Johannes 15 zegt Jezus:
‘Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie. (…)
Denk aan wat ik gezegd heb: een slaaf is niet meer dan zijn meester.
Ze hebben mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen.’
Jezus heeft het al gezegd, dat ze zullen lijden om hem.
Nu gebeurt het.
Jezus wekte de woede van de Joodse leiders op,
nu worden de apostelen met diezelfde woede geconfronteerd.
Voordat Jezus werd gekruisigd, kreeg hij er van langs met de gesel,
nu is het de beurt aan de apostelen.
Jezus is hun Koning, hun Redder en Heer,
en nu krijgen zij dezelfde behandeling als hij.
Daarom voelen ze zich vereerd.

Waar word je blij van?
Van Mona-toetjes, een diploma of vakantie?
De apostelen zouden een heel ander antwoord geven.
Waar ze pas echt blij van worden, is leven met Jezus.
Dat is alles!
En als daar lijden bij komt kijken, dan is het een grote eer:
blijkbaar hebben mensen dan iets van Jezus in je herkend.

3. En als je niet lijdt?
dia 12 – en als je niet lijdt?
Tja, en wat dan als je niet lijdt?
Christenen in Nederland hebben het makkelijk:
als christen wordt je misschien wel eens vreemd aangekeken,
mensen snappen niet waarom je in Jezus gelooft,
maar of je christen bent, dat moet je vooral zelf weten, het staat je vrij.
Moet je dan maar beter je best doen om te lijden?

dia 13 – wees blij met godsdienstvrijheid
Nee, wees maar blij met Nederland.
Wees blij met de vrijheid van godsdienst die we hebben,
dat je de ruimte krijgt om christen te zijn,
dat er buiten geen politie staat te wachten om ons te intimideren,
en dat veel mensen het eerder interessant vinden dat je christen bent
dan dat ze er boos om worden.

dia 14 – trek je niet terug in christelijke wereld
Maar gebruik die vrijheid niet om je terug te trekken in de christelijke wereld.
Als de apostelen worden vrijgelaten,
krijgen ze weer de opdracht om de naam van Jezus nooit meer te noemen.
Je zou zeggen: de schrik moet er nu toch wel in zitten,
nu zullen ze toch wel even dimmen.
Niets daarvan: ze trekken er zich niets van aan!
De volgende dag staan ze gewoon weer te vertellen in de tempel over Jezus.
Ze krijgen boze blikken toegeworpen van de tempelpolitie
en van de leden van het Sanhedrin die langs komen,
maar ze doen wat ze altijd al deden: Jezus bekend maken.

Misschien zitten we wel te veel in het christelijk wereldje om te lijden.
Ik heb hier in Franeker nog nooit iemand gesproken die zei:
‘geloof jij in Jezus? je bent gek!’
Terwijl ik zeker weet dat er ook in Franeker mensen zo over denken.
Maar ik ken ze niet, alleen van TV.
In de talkshow van Jeroen Pauw krijgen christenen wel eens de wind van voren,
maar ik ken geen mensen persoonlijk die denken zoals hij.
Wat gaat er dan mis?
Misschien is het omdat ik predikant ben,
dan ontmoet je automatisch wat meer christenen.
Maar stel je toch eens de vraag: trek ik me in een veilige christelijke wereld terug?

dia 15 – ben je lijden waard?
En dan is er nog iets.
Van de apostelen wordt gezegd dat zij ‘waardig zijn bevonden’.
Is dat misschien het probleem: dat wij niet waardig bevonden worden?
Dat vervolging helemaal niet nodig is,
omdat je toch al een verwaterd geloof hebt,
dat je gelooft als het je uitkomt?
Ik zeg het maar even scherp, omdat ik denk dat daar wel iets zit.
Wij willen graag én én, de blijdschap van Mona, diploma en vakantie
én de blijdschap van Jezus.
Geloof je dat de blijdschap van Jezus veel meer is dan die andere dingen?
Dat als het geloof in Jezus je die gewone dingen zou kosten,
dat je het er dan graag voor over hebt?
Wat maakt jou nou echt blij?

4. Jezus, daar word je blij van!
dia 16 – Jezus, daar word je blij van!
Velen geloven dat je pas blij kunt zijn als het goed met je gaat,
als je leven op de rit is, als je succesvol bent, enzovoort.
Blij ben je als alles in je leven loopt zoals jij het wilt,
als er geen lijden is in je leven.
Dat kun je gerust een godsdienst noemen,
en als je daar een naam op wilt plakken:
het is de godsdienst van het hedonisme, van het genieten.
Ik denk dat we er allemaal een tik van hebben meegekregen.
Maar het is een genadeloze godsdienst:
je kunt het lijden niet blijven ontlopen,
en wat is je leven dan nog waard, kun je dan nog blij zijn?

Bij Jezus is geluk dat veel verder gaat,
dat niet van je af te pakken is.
Blijdschap ligt niet in dat er geen lijden in je leven is,
ook niet in dat er wel lijden in je leven is,
maar in het omarmen van Jezus als je Redder en Heer.
Dat betekent nog geen makkelijk leven,
misschien levert het zelfs wel lijden op,
maar het is het waard, het is een eer.
Daarom vieren we avondmaal,
om er voor uit te komen waar het echt om gaat.
Bij Jezus vind je zin, vind je een doel, vind je geluk.
Jezus, daar wordt je pas blij van!
Amen.




Kolossenzen 1:12-14 | God geeft je de vrijheid

Vrij zijn: dat willen we allemaal. Maar wat is vrijheid? Het lijkt alsof christelijk geloof een enorme beperking is van je vrijheid. Maar het gaat niet om wat wij doen, maar om wat God doet. Hij geeft echte vrijheid: hij haalt je uit de macht van de dood.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Psalm 111 : 1
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 205 : 1, 2 en 5
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Kolossenzen 1 : 1 – 23
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Preek over Kolossenzen 1 : 12 – 14
Zingen: GKB Gezang 141 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: GKB Gezang 125 : 1 en 6
Avondmaal
Instructies nieuwe vorm
Onderwijs
Viering
Zingen: GKB Psalm 107 : 1, 3 en 5
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 733
Zegen

God geeft je de vrijheid

Inleiding
dia 1 – huisartsenpost
Het is alweer zo’n 10 jaar geleden, maar ik zal het nooit vergeten.
Ik ging naar bed en had last van een wat zeurderige pijn.
Nou ja, dan maar lekker slapen, morgen is het vast weer over.
Dat was het dus niet…
Midden in de nacht heb ik een huisgenoot wakker gemaakt, ik woonde toen op kamers,
die huisgenoot heeft de buren wakker gemaakt om een auto te lenen,
en snel naar Zwolle, naar de huisartsenpost.

In de wachtkamer leek het wel uren te duren,
maar bij de dienstdoende arts was ik zo klaar.
‘Neem maar een aspirientje en ga lekker slapen.’
Alsof ik dat nog niet had geprobeerd…
De arts kon de oorzaak van de pijn niet ontdekken,
hij kon alleen uitsluiten dat het een blindedarmontsteking was.
Dan zou de pijn namelijk aan de andere kant moeten zitten.

Uiteraard hielp het aspirientje niet en de pijn bleef.
Twee dagen later weer naar een huisarts gegaan.
Die was er niet zo zeker van dat het de blindedarm niet kon zijn:
bij wijze van uitzondering zit die wel eens aan de andere kant.
En aangezien ik heel uitzonderlijk ben…
In ieder geval moest ik met spoed naar het ziekenhuis.

dia 2 – CT-scan
Daar kreeg ik een infuus in,
terwijl ik normaal bij de gedachte aan een prikje al wit wegtrek,
en werd volgegoten met contrastvloeistof.
Dat is al geen lekker spul, maar als je dan ook nog hondsberoerd bent…
Vervolgens een grote machinekamer in voor een CT-scan.
Toen kwam de arts met het geruststellende woord:
het is niet je blindedarm, je hebt nierstenen.
Ze zeggen dat niets zo pijnlijk is als het baren van een kind,
maar dan hebben ze nog nooit nierstenen gehad…

Met die pijn moest ik maar gaan slapen.
Dat lukte dus niet…
Gelukkig had ik zo’n knop naast mijn bed,
ik heb mijn laatste moed bijeengeraapt en de verpleging opgeroepen.
Met wat zwaardere medicatie mocht ik gaan slapen.
En geloof mij: ik heb nog nooit zo lekker geslapen!
De volgende ochtend was de pijn helemaal weg.
Wat was dat een bevrijding!
Sinds die tijd zorg ik dat ik veel drink,
want dat avontuur wil ik niet nog eens beleven.

dia 3 – God geeft je de vrijheid
In Kolossenzen 1 heeft Paulus het ook over een bevrijding.
Geloven is volgens Paulus bevrijdend:
het geeft ruimte, ontspanning, opluchting, rust.
Wat kun je blij zijn als je bevrijd bent!
God doet dat: hij geeft je de vrijheid.

1. Je moet zo veel…
dia 4 – je moet zo veel…
Vrijheid, daar houden we wel van!
Zeg ons niet hoe we het moeten doen, want je moet al zo veel!
Op de radio en op TV maakt Tele2 reclame met de slogan
‘niet omdat het moet, maar omdat het mag.’
Het is een loze kreet, als je het mij vraagt,
het heeft niets te maken met de diensten van Tele2,
maar haakt helemaal in op dat we vrij willen zijn.
Dat verkoopt blijkbaar.
Maar als je op zoek bent naar vrijheid,
dan is het christelijk geloof misschien niet de eerste plek waar je zoekt.
Christenen staan ook bekend om hun regels, je moet zo veel,
hoezo geeft God je de vrijheid?!

dia 5 – als je gelooft, verandert je leven
Als je dan Paulus leest, zou je zomaar in dat beeld bevestigd kunnen worden.
Even om je een beeld te vormen: wie zijn die Kolossenzen eigenlijk?
Kolosse is een stad in klein-Azië, tegenwoordig Turkije.
In die stad is nog niet zo lang een christelijke gemeente.
Paulus heeft heel wat plaatsen aangedaan op zijn zendingsreizen,
maar in Kolosse is hij nog nooit geweest.
Een zekere Epafras heeft de Kolossenzen over Jezus verteld,
en via Epafras is Paulus op de hoogte van de jonge kerk in Kolosse.

Paulus zou graag zelf naar Kolosse komen, maar het gaat niet:
Paulus zit in de gevangenis.
Daarom schrijft hij een brief.
Hij schrijft hoe blij hij is
dat ook in Kolosse mensen door Gods genade worden veranderd.
Dat is voor Paulus ook heel belangrijk: dat mensen veranderen.
Hij bidt er ook om, elke dag,
dat de Kolossenzen helemaal volgens Gods wil zullen leven.
Bij geloven in Christus hoort ook een leven als christen.

De Kolossenzen merken ook dat hun leven veranderd is
sinds ze Jezus hebben leren kennen.
Nog niet zo lang geleden hadden ze een heel ander leven,
en ze zijn blij dat ze dat achter zich konden laten.
Maar ze weten ook dat er nog best een weg te gaan is,
ze merken dat slechte oude gewoontes toch weer opduiken,
dat ze nog verder moeten groeien in hun leven als christenen.

dia 6 – is dat wel zo’n bevrijding?
Moet je als christen van alles?
Paulus maakt in ieder geval duidelijk,
en de Kolossenzen zullen het ongetwijfeld bevestigen,
dat als je christen bent, dat je leven dan ook verandert.
En daar kun je best moe van worden: ik moet anders leven.
Als ik christen ben, dan mag ik niet zelf bedenken hoe ik leef,
dan is het gedaan met mijn vrijheid!
En is het voor God ooit goed genoeg?
Het is ontmoedigend, al die regels…
Om het nog maar niet te hebben over hoe ver je moet gaan.
Als ik denk aan wat er allemaal in de wereld gebeurt,
hoeveel mensen op de vlucht zijn en onmenselijk worden behandeld,
dan krijg ik een schuldgevoel dat ik lekker op de bank kan hangen…
Soms vind ik mijzelf maar een waardeloos christen,
dan baal ik van mijzelf dat ik me er zo makkelijk vanaf maak.

Het lijkt wel dat als je vrij wilt zijn,
je maar beter met een boog om het christelijk geloof heen kunt lopen.
Christenen maken het zichzelf zo lastig…
Heb je zonder God niet veel meer vrijheid?

2. God geeft je de vrijheid
dia 7 – God geeft je de vrijheid
‘Nee,’ zegt Paulus, ‘dan heb je het niet begrepen.’
Ja, als je christen bent, verandert er iets in je leven,
maar dat is geen last, waarmee je je vrijheid opgeeft.
We lazen: ‘hij heeft ons gered uit de macht van de duisternis
en ons overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon.’
God maakt je juist vrij van de macht van de duisternis
en geeft je zo de vrijheid.

dia 8 – het gaat niet om wat jij doet maar wat God doet
Moet je voor God van alles?
Nee, dat zou zo zijn als Paulus had geschreven:
stap uit de duisternis en ga het rijk van Jezus binnen.
Maar dat zegt Paulus niet!
Hij zegt: Gód heeft ons gered en Gód heeft ons overgebracht.
In het christelijk geloof gaat het niet om wat wij allemaal moeten doen,
maar om wat God gedaan heeft en doet.

Afgelopen najaar hebben we hier in de kerk een Alpha-cursus gegeven.
Op een van de cursusavonden kwam deze tekst ook voorbij: God heeft ons overgebracht.
Bij die tekst moesten we een schilderij maken.
Ik heb zelf ook meegedaan, met dit resultaat.
Ik heb een lift geschilderd, of in ieder geval geprobeerd…
Jezus wordt wel eens vergeleken met een brug
die de kloof tussen God en ons overbrugt.
Een mooi beeld, maar over een brug moet je nog lopen.
Bij een lift is het anders:
Jezus komt naar beneden om ons in zijn rijk te brengen.
Jezus doet het.

Als Paulus het heeft over hoe de Kolossenzen veranderd zijn,
dan zit dat er ook steeds achter.
De Kolossenzen moeten niet van alles, Gód heeft hen veranderd.
Neem bijvoorbeeld vers 8:
daar gaat het over de liefde die de Géést in de Kolossenzen opwekt.

dia 9 – God maakt vrij van de macht van de dood
Christelijk geloof gaat dus niet om ‘moeten’: God verandert je.
De Kolossenzen hebben dat echt als een bevrijding ervaren!
Niet omdat ze ontevreden met hun leven waren.
Ga er maar vanuit dat het gewone mensen waren, zoals jij en ik.
Mensen van wie het leven soms meezit en soms tegenzit.
Maar geen mensen die zaten te wachten op een bevrijding.
Maar als Epafras op een dag vertelt over Jezus,
dat hij is opgestaan uit de dood, zijn ze nieuwsgierig.
Iemand die uit zijn graf wandelt, daar moeten ze meer van weten!
Hoe meer ze horen, hoe bevrijder ze zich voelen.
Ze ontdekken waar het leven echt om gaat.

Uit de duisternis naar het rijk van Gods Zoon, zo ervaren ze het nu echt.
Voordat ze Jezus leerden kennen waren ze in de macht van de duisternis.
En dáár zit het antwoord op waarom je voor vrijheid bij God moet zijn.
Wat is vrij zijn?
Ben je vrij als je helemaal niets hoeft, als niets of niemand macht over jou heeft?
Volgens Paulus bestaat dat helemaal niet!
Er is altijd iets dat jou beheerst.
En als er één ding is waar niemand onderuit komt, dan is het wel de dood.
De dood heeft macht over iedereen.
Je weet dat je op een dag zult sterven,
en dat is iets dat invloed heeft op je hele leven.
Ben je dan vrij?
God maakt je vrij van de macht van de dood.
Jezus is opgestaan: de macht van de dood is gebroken!
Dat opent de ogen van de Kolossenzen.
Opeens zien ze dat hun oude leven, waar ze best gelukkig in waren,
altijd beheerst werd door de macht van het duister.
Bij Jezus vinden ze zin, rust, houvast en liefde.
Ze leven niet langer om te sterven!

dia 10 – ook al blijft het duister trekken
Het is echt niet zo dat de Kolossenzen superheiligen zijn.
Ze voelen de macht van het duister trekken.
En toch zegt Paulus dat God hen al hééft bevrijd.
Ik kan enorm van mijzelf balen,
ik kan voelen dat ik als christen tekort schiet,
maar God zegt dat hij alles al gedaan heeft!
Dát is vrijheid.

3. Dank God!
dia 11 – dank God!
‘Hij heeft ons gered uit de macht van de duisternis
en ons overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon.’
Dat is in één zin waar christenen in geloven.
En je mag er blij mee zijn.
Dat zegt Paulus ook: ‘breng met vreugde dank aan de Vader.’

dia 12 – wees dankbaar voor wat God heeft gedaan
Ere wie ere toekomt:
christelijk geloof gaat niet om wat wij allemaal moeten doen
maar om wat God doet.
Paulus zegt: ‘hij stelt u in staat te delen in de erfenis.’
Je mag ook zeggen: God heeft je gekwalificeerd.
Zoals bij een sporttoernooi: daar mag je niet zomaar aan meedoen.
Als ik mij zou aanmelden voor, ik noem maar wat,
het Nederlands Kampioenschap badminton,
dan moet ik eerst bewijzen dat mijn niveau hoog genoeg is.
Ik zou dan al heel snel door de mand vallen…
Voor het koninkrijk van Gods Zoon ben je ook niet zomaar geschikt:
ook daarvoor moet je gekwalificeerd zijn.
En dat ben je, niet op basis van je eigen prestaties,
maar op basis van wat God heeft gedaan!
Jezus is opgestaan: daarom wacht je een geweldige toekomst
die nu al mag beginnen.
Alle reden om dankbaar te zijn!

dia 13 – dan ga je ook voor Gods rijk leven
Dankbaarheid helpt je ook verder, veel meer dan een schuldgevoel.
Misschien ben ik de enige die zo eigenwijs is,
maar als ik moet veranderen wil ik het niet en kan ik heel koppig zijn…
Maar als je God dankt voor wat hij voor je doet,
als je blij bent met God,
dan merk je dat de macht van het duister steeds minder aan je trekt.
Als je naar Jezus kijkt, als je zijn liefde op je laat inwerken,
als je je verwondert over alles wat hij gedaan heeft,
dan is dat duister helemaal niet meer zo aantrekkelijk.
En als je baalt van jezelf,
als je vindt dat je weer eens tekortschiet, houd het jezelf dan maar voor:
ik ben vrij, God heeft mij bevrijd, het duister heeft het niet voor het zeggen in mijn leven!

dia 14 – avondmaal: vier je vrijheid!
Kijk maar naar Jezus, juist ook in het avondmaal,
en dan wordt het nieuwe leven meer en meer werkelijkheid.
Jezus is opgestaan: er wacht ons een geweldige toekomst.
Nu al mogen we pootjebaden in het licht,
en straks worden we er helemaal in ondergedompeld,
is er nergens meer duister te bekennen.
God heeft ons overgebracht naar het rijk van zijn geliefde Zoon:
laten we dat aan het avondmaal vieren!
Amen.




Marcus 14:22-24 – Jezus geeft zich voor jou

Het kruis staat centraal in het christelijk geloof: Jezus geeft zich voor jou. Maar wat is dat offer van Jezus eigenlijk? Wat heb je eraan? Kun je het aannemen en de maaltijd van Jezus vieren?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 117
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 114 : 1 en 4
Lezen wet
Zingen: LvK Lied 177 : 1, 6 en 7
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Marcus 14 : 12 – 31
Zingen: Psalm 41 : 3
Preek over Marcus 14 : 22 – 24
Zingen: “Ik ben” (Sela)*
Kinderen terug
Zingen: GKB Gezang 125 : 1, 2 en 5
Viering HA – brood
Zingen: Psalm 136 : 1 en 20
Viering HA – wijn
Zingen: Psalm 116 : 7 en 10
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 118 : 9
Zegen

*bestaat uit 6 coupletten en een refrein, deels beurtzang, deels canon. R=refrein, a=allen, m=mannen, v=vrouwen. We zingen: 1a, 2v, Ra, 3m/Rv, 4v/Rm, 5m, 6a, Ra

Jezus geeft zich voor jou

Inleiding
dia 1 – ijs
Een maaltijd is pas een maaltijd als er een toetje is.
Tenminste, zo denk ik er over.
Als je er anders over denkt, ook prima,
maar weet dan wel dat je jezelf tekort doet.
Op zondag mag het toetje extra bijzonder zijn,
dus vaak staat bij ons dan een bak ijs op tafel.

Met zo’n bak kun je lang doen,
maar op een gegeven moment komt de bodem in zicht.
Die hele bak ijs weer in de diepvries zetten
terwijl er nog maar één kleine portie inzit, dat is ook weer zo wat…
Dan is de vraag al snel: wie wil er nog wat?
In zulke situaties wil ik niet al te gretig en onbescheiden zijn,
maar eigenlijk wil ik best nog wel wat.
Dus even afwachten, en dan zeg ik:
‘niemand die nog iets wil? dan offer ik me wel op!’

Het is niet helemaal waarvoor het woord ‘opofferen’ bedoeld is.
Opofferen betekent dat je iets doet in het belang van een ander
dat tegen je eigen belang ingaat.
Heel wat anders dus dan toetjes naar je toe schuiven…

dia 2 – rekening
Zo had ik in Kampen een docent die het leuk vond
om zijn studenten mee uit eten te nemen.
Daar zaten we, met z’n vijftienen in een restaurant,
genietend van een heerlijke maaltijd – uiteraard met toetje –
en opeens glipte die docent er even tussenuit.
Ondertussen probeerden wij geld bij elkaar te leggen,
maar terwijl wij daar nog mee bezig waren, was hij alweer terug:
‘laat maar lekker zitten, ik heb al betaald.’
We konden protesteren wat we wilden,
maar volgens hem moesten we niet moeilijk doen:
hij had creditcard, en het zou jammer zijn die nooit te gebruiken.

Dat is best een offer!
En niet zo makkelijk om aan te nemen.
Het is vaker gebeurd dat hij ons meenam naar een restaurant,
en dan ga je er op letten dat je het niet al te duur maakt.
‘Eigenlijk zou ik best nog een toetje lusten,
maar ik doe maar alsof ik genoeg heb gehad.’
En uiteindelijk hebben we hem ook maar een keer mee uit eten genomen,
om de situatie toch weer een klein beetje rechter te zetten.
Offers zijn moeilijk te accepteren.

dia 3 – Jezus geeft zich voor jou
Vanochtend gaat het over een veel groter offer.
Jezus geeft zich voor jou.
Ook dat is best moeilijk om te accepteren.
Maar dit offer is de weg naar leven en vrijheid.

1. Op zoek naar vrijheid
dia 4 – Pesach: feest van bevrijding (pesach)
Het is een bijzondere avond.
Vandaag is de aftrap van een Joodse feestweek,
het feest van het ongedesemde brood,
en deze avond wordt het Pesachmaal gegeten.
Jezus en zijn leerlingen kijken er naar uit:
elk jaar weer is dit feest één van de hoogtepunten van het jaar.
Het is een feest dat ver in de tijd terug gaat,
naar de bevrijding van Israël uit Egypte in de tijd van Mozes, zo’n 1250 jaar geleden.
Toch wordt het feest met volle overgave gevierd.
Op tafel staan allerlei gerechten die verwijzen naar de bevrijding uit Egypte –
bittere kruiden, het Pesachlam, ongedesemd brood, wijn –
en als Jezus en zijn leerlingen daarvan eten,
dan voelen ze de verbinding met hun voorgeslacht,
dan is het even alsof ze er zelf bij waren toen Israël werd bevrijd.
Het is vandaag het feest van de bevrijding,
en Joden weten hoe ze feest moeten vieren, dat kun je gerust aan hen overlaten,
daar kunnen wij nog wat van leren!

Al 1250 jaar wordt dit feest gevierd.
Niet alleen om wat God toen heeft gedaan.
Het is ook een feest van hoop en verwachting.
De Joden kijken uit naar de dag dat God hen opnieuw zal bevrijden.
Elke keer weer is het Pesachmaal een bemoediging:
God heeft ons toen de vrijheid gegeven, dan zal hij het weer doen!

dia 5 – zal Jezus de vrijheid brengen?
Misschien is het nu wel zo ver!
Dat maakt dit Pesachmaal anders dan alle andere.
Zou het eindelijk zo ver zijn, dat God zijn volk de vrijheid teruggeeft?
De leerlingen kunnen aan niets anders meer denken: nu is het erop of eronder.
Ze zijn er van overtuigd dat Jezus de verwachte bevrijder is.
Dit is hét moment om die vrijheid te grijpen:
een paar dagen geleden reed Jezus Jeruzalem binnen op een ezel,
en deden de mensen al alsof hij hun koning was.
Aan de andere kant: als het nu niet lukt, loopt het verkeerd af.
Jezus heeft de Joodse leiders tegen zich in het harnas gejaagd,
en het duurt niet lang of zij zullen een einde maken aan de opmars van Jezus.
En dan heb je nog die raadselachtige uitspraken van Jezus zelf:
dat hij binnenkort zal sterven.
Hoe dan ook: nu komt het er op aan,
nu zal duidelijk worden of Jezus de bevrijder is.

dia 6 – bevrijd worden van jezelf
Daar zitten ze aan tafel, vol spanning.
En Jezus voert de spanning nog verder op: ‘één van jullie zal mij uitleveren.’
Eén voor één vragen de leerlingen aan Jezus: ‘ik ben het toch niet?’
Een vreemde reactie.
In plaats van dat de leerlingen bezig zijn met wat met Jezus gaat gebeuren,
hebben ze het druk met zichzelf.
‘Als ík het maar niet ben…’
Ze proberen hun eigen straatje schoon te vegen.
Als Jezus de nieuwe koning wordt, willen zij aan de goede kant staan.
Ze zijn meer met hun eigen ideeën bezig dan met Jezus.

Je eigen straatje schoonvegen, dat komt me bekend voor.
Wat kunnen we het druk hebben met onszelf.
Miljoenen vluchtelingen kloppen aan voor een veilige plek,
maar ja, ‘dat is natuurlijk niet mijn verantwoordelijkheid…’
De reactie van Jezus’ leerlingen laat iets zien van hoe diep het kwaad zit.
We moeten niet alleen worden bevrijd van een wereld waarin van alles mis is.
Het kwaad zit net zo goed in onszelf.
Wij zijn net zo goed deel van het probleem,
van ons wordt de wereld niet beter.
Voor echte vrijheid moet je worden bevrijd van jezelf!

2. Jezus geeft zich voor jou
dia 7 – Jezus geeft zich voor jou
Alles staat die avond in het teken van vrijheid.
De leerlingen hebben gelijk:
Jezus is de bevrijder en dit is het moment.
Maar de bevrijding zelf is heel anders dan gedacht:
Jezus geeft zich voor jou.

dia 8 – Jezus’ gedachten gaan naar jou
Als enige die avond is Jezus niet met zichzelf bezig.
Hij weet wat hem de komende uren te wachten staat,
dat hij nog deze avond gearresteerd zal worden,
en morgen om deze tijd al is begraven.
Maar Jezus’ gedachten zijn niet bij zichzelf:
zijn gedachten gaan naar zijn leerlingen, naar zijn volk, en naar jou!
Zelfs dat iedereen maar met zichzelf bezig is,
dat er niemand is die op waarde weet te schatten wat Jezus gaat doen,
zelfs dat weerhoudt Jezus niet.
Hij is met een doel naar de wereld gekomen, en daar gaat hij recht op af.

dia 9 – Jezus maakt duidelijk wat hij gaat doen
Vanavond wil Jezus zijn leerlingen nog één keer duidelijk maken wat hij gaat doen.
Deze maaltijd is daar bij uitstek geschikt voor.
Het is een maaltijd die altijd volgens een vast stramien verloopt:
de verschillende gangen, de liederen die worden gezongen,
de momenten van uitleg bij de verschillende onderdelen van de maaltijd.
Alles ligt vast, maar vanavond niet.
Jezus wijkt van zijn tekst af.
Hij pakt het ongedesemde brood, dat staat voor een nieuw begin,
voor het achter je laten van het kwaad.
Jezus zou iets moeten zeggen over het lijden in Egypte,
maar zegt iets heel anders: ‘neem hiervan, dit is mijn lichaam.’
Met de wijn gaat het al net zo: ‘drink hiervan, dit is mijn bloed’.

Jezus had kunnen vertellen wat hij moest doen.
Maar in plaats van vertellen maakt Jezus het tastbaar met brood en wijn.
Jezus zal sterven en zo de vrijheid brengen waar al zo lang op werd gewacht.
Jezus geeft je een nieuw begin, bevrijd van het kwaad in jezelf,
een nieuw begin om met God te leven.
Dat mogen de leerlingen vanavond proeven.

dia 10 – echte vrijheid vind je in Jezus’ dood
Niemand wil de dood van Jezus op zijn geweten hebben.
Allemaal hadden ze gevraagd: ‘ik ben het toch niet?’
Ze zien zichzelf als voorvechters van Gods rijk, als medestrijders van Jezus.
Jezus laat zien dat het anders in elkaar steekt.
Zijn leerlingen kunnen hem niet helpen:
ook zij moeten worden bevrijd van het kwaad in henzelf.
Jezus zal zijn leven geven om hen vrij te maken.

Echte vrijheid, echt leven, vind je in de dood van Jezus.
Hij bevrijd je uit de macht van het kwaad.
Voor deze vrijheid kun je niet vechten.
Zwaarden en bommenwerpers brengen het niet dichterbij.
Deze vrijheid word je geschonken!
Jezus geeft zich voor jou, hij offert zich op: dat is het geheim van echte vrijheid.
En elke keer als de tafel hier in de kerk gedekt is, proeven we ervan.

3. Ontvang Jezus’ leven
dia 11 – ontvang Jezus’ leven
Je kunt hele theorieën loslaten op de vraag waarom Jezus moest sterven.
Dat gaan we vandaag niet doen.
Betrek het liever op jezelf:
Jezus geeft zich voor jou, kun jij dat ontvangen?

dia 12 – geef je verzet op: Jezus geeft zich
Ik zei al dat het moeilijk is om een offer te accepteren.
Ik vind het al moeilijk als iemand de rekening voor mij betaald…
Jezus’ offer is onvergelijkbaar veel groter.
Jezus trekt geen creditcard om je vrij te maken, hij geeft zichzelf!
Dat wil ik niet!
Ik wil mijzelf niet zien als iemand die hulp nodig heeft,
die zichzelf niet vrij kan maken.
Als Jezus zegt: ‘dit is mijn lichaam’,
dan zou je dat brood het liefst heilig verklaren,
er in ieder geval heel zorgvuldig mee omgaan.
Dat breek je niet in stukken om het vervolgens op te eten.
Toch is dat wat Jezus van ons vraagt:
geef je verzet op en ontvang Jezus’ lichaam en bloed als een zegen!

Net als Jezus’ leerlingen wil ik graag aan Jezus’ kant staan,
strijden voor een betere wereld, strijden tegen het kwaad.
Zoals Petrus zegt: ‘misschien zal iedereen ten val komen, maar ik niet.’
Het is stoere taal, maar komt recht uit Petrus’ hart.
Maar als één ding aan tafel duidelijk wordt,
dan is het wel dat wij ons niet aan Jezus geven,
maar dat Jezus zich aan ons geeft.
Je kunt je pas geven als je je aan Jezus’ leven overgeeft.

dia 13 – ontvang hem aan tafel
Jezus vraagt je om hem te ontvangen.
Dat kun je heel geestelijk maken:
hoe je met je gedachten en met je gevoel tegenover Jezus staat.
Aan tafel is het heel praktisch:
je ontvangt hem als je brood eet en wijn drinkt.
Aan tafel geeft hij zich aan ons.

dia 14 – belijdenis doen?
Nu mag niet iedereen met die maaltijd meedoen.
Hier in de kerk vragen we
dat je eerst belijdenis hebt gedaan van je geloof in Jezus.
Dat je hebt gezegd: Jezus heeft zich voor mij gegeven,
en dat is het grootste geschenk dat ik ooit heb gekregen.
Natuurlijk is het niet zo dat je Jezus pas kunt ontvangen als je belijdenis hebt gedaan.
Jezus heeft zich voor jou gegeven, of je nu belijdenis hebt gedaan of niet.
Het is niet pas echt als je ook Jezus’ maaltijd meeviert.
Wel is die maaltijd een geweldige verdieping van dat geheim van Jezus’ offer.

Als je de maaltijd nog niet mee mag vieren,
vraag je dan eens af of je dat zou willen.
Misschien weet je het nog niet zo goed,
vind je het nogal wat dat Jezus zijn leven voor je moest geven,
en weet je niet of je wel wilt dat Jezus je hele leven is.
Neem gerust de tijd om te ontdekken of je uit Jezus’ dood wilt leven.
Aan de andere kant:
als je Jezus’ leven wilt ontvangen,
als je zijn dood als het grootste cadeau in je leven ziet,
als je wilt leven in de vrijheid die Jezus geeft,
wat let je dan om belijdenis te doen?
Het is echt niet zo dat je eerst minstens 6 jaar catechisatie moet hebben gehad.
Als je er uit bent dat je uit Jezus’ offer wilt leven,
zie de maaltijd dan als een uitnodiging om ook belijdenis te gaan doen!

dia 15 – op weg naar Jezus’ feestmaal
Jezus’ dood geeft ons leven.
Maar Jezus’ dood is niet het einde.
Jezus doet de plechtige belofte dat als je hem ontvangt,
er een dag komt dat je met hem zelf aan tafel zit.
Samen met Jezus zullen we de vrijheid vieren,
een vrijheid die nog veel groter is dan wij ons kunnen voorstellen,
in het koninkrijk van God.
Amen.




Jesaja 9:1 – Jezus zet je leven in het licht

In het donker raak je de weg kwijt. En we zijn inderdaad de weg kwijtgeraakt. Zonder God is het leven donker. Maar God laat het er niet bij: hij zet het licht aan. Jezus wil zijn licht ook in jouw leven laten schijnen.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Aansteken adventskaars
Waar8ig: -‘Als alles donker is’
-‘Votum’
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 126 : 1 en 3
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Jesaja 8 : 21 – 9 : 6
Zingen: Psalm 80 : 1, 2 en 10
Preek over Jesaja 9 : 1
Waar8ig: -‘It folk dat omrûn yn it tsjuster’
-Psalmen voor Nu 16
Kinderen terug
Kinderlied (melodie LvK Gezang 124)
Leefregels
Zingen: Opwekking 595
Avondmaal: onderwijs (5) en viering
Zingen: Psalm 18 : 8 en 15
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Gezang 26 : 1 en 3
Zegen

Jezus zet je leven in het licht

Inleiding
dia 1 – licht-duister
Ik heb al de hele week een liedje in mijn hoofd.
Dat begon maandagochtend, toen ik mijn bijbel opende en die tekst las:
‘het volk dat in duisternis ronddoolt, ziet een schitterend licht.’
Het liedje is niet meer uit mijn hoofd te krijgen…
Ik wil het graag aan jullie laten horen,
en ja: daarmee neem ik het risico dat het liedje zich ook in jullie vastzet.
Of misschien is dat zelfs wel mijn bedoeling…
Laat het liedje je er dan aan herinneren dat Jezus licht brengt.

Genoeg er omheen gepraat: over welk liedje heb ik het?
Iemand die hem al aan voelt komen?
Het is het liedje In nije dei van De Kast.
We gaan een stukje ervan luisteren.

dia 2 – filmpje

(tot 1:55, daarna fade-out)

dia 3 – Jezus zet je leven in het licht
Ik weet ook wel dat dit geen christelijk liedje is,
en dat het liedje niet geschreven is om een christelijke boodschap over te brengen.
Maar leg Jesaja 9, ‘het volk dat in duisternis ronddoolt, ziet een schitterend licht’,
hier eens naast: ‘Lang wie it kâld en tsjuster, aanst komt de dei,
fynt it ljocht syn wei, yn in nije dei.’
Er staat precies hetzelfde: het wordt licht!
Dat is ook de boodschap van vanochtend:
Jezus zet je leven in het licht.

1. Duisternis
dia 4 – duisternis
Maar voor het licht wordt, is het donker.
Je ziet het voor je als Jesaja het beschrijft:
‘overal heerst verstikkende duisternis; donker en somber is het, nacht overal.’
Ook die nieuwe dag van De Kast wordt voorafgegaan door het donker:
‘It libben wie wrang, it wachtsjen te lang.’
En even later: ‘lang wie it kâld en tsjuster.’
Laten we eerst eens kijken naar die duisternis.

dia 5 – in het donker raak je de weg kwijt
Echte duisternis komt in Nederland bijna niet voor,
zelfs niet in deze donkerste dagen van het jaar.
Waar je ook bent, bijna altijd zie je in de verte wel licht.
Maar in echte duisternis zie je geen hand meer voor je ogen.
Het is pikzwart, je hebt geen idee welke kant je op moet en wat je tegen komt.
Je loopt maar wat, je kunt niet zien waarheen.
Je kunt alleen maar verdwalen.
Of, zoals Jesaja het zegt, ronddolen.

dia 6 – kaartje
Israël is de weg helemaal kwijt.
Twee weken geleden hebben we het daarover gehad,
en laten we het kaartje er weer bij pakken.
Israël, groen, en Aram, geel, hebben een bondgenootschap gesloten,
en vallen samen Juda aan, paars.
Dat heeft te maken met het vierde land, dat niet op de kaart staat: het grote Assyrië.
Juda probeert Assyrië te vriend te houden,
terwijl Israël en Aram juist in opstand tegen Assyrië komen.
Maar het loopt uit op een puinhoop…

Israël en Aram kunnen tegen Assyrië niets beginnen.
Koning Tiglatpileser – die naam moet je maar onthouden voor een bijbels-namen-spelletje –
koning Tiglatpileser van Assyrië valt aan en houdt niet van half werk.
Hij laat maar weinig heel in Zebulon en Naftali, in het noorden van Israël,
en voert de inwoners af naar zijn eigen land.
Maar met Juda gaat het al niet veel beter.
Juda is een soort marionet van Tiglatpileser, ze leveren zich helemaal aan hem over.
In de tempel in Jeruzalem moet het altaar voor God plaatsmaken
voor een replica van een altaar van een Assyrische tempel…
Israël en Juda zijn de weg helemaal kwijt.

dia 7 – dieper probleem: God buitensluiten
De politieke situatie ziet er niet goed uit.
Toch is dat niet het hele verhaal.
Het diepere probleem volgens Jesaja
is dat de mensen niet langer op God vertrouwen.
Ze hebben God buitengesloten, leven hun leven zonder God.
Dat is precies waar ze die politieke ellende aan te danken hebben

dia 8 – poster
Het is donker als God uit het leven is.
Waar is God eigenlijk in Franeker?
Op het kerstfeest is hij in ieder geval niet welkom,
als ik de posters in de stad mag geloven…
De poster zet ‘alle’ kerstactiviteiten in Franeker op een rijtje,
maar de kerk is de grote afwezige in de kerstactiviteiten.
We hebben God uit het gewone leven weggeduwd,
en ik ben bang dat wij daar net zo goed aan meedoen.

dia 9 – druk met onszelf
De gevolgen merk je overal.
We zijn druk met onszelf en onze eigen belangen.
Het is ieder voor zich, je moet maar voor jezelf opkomen.
Maar we doen het ook met elkaar, als land.
Onze Nederlandse belangen gaan voorop.
Of het nu om een klimaattop gaat of om de opvang van vluchtelingen,
we kunnen niet anders dan denken in het landsbelang.
Net als elk ander land trouwens…

Het is donker, in Nederland net zo goed.
Misschien ben je er aan gewend, en merk je het niet eens.
Moet je het maar gewoon doen met het leven zoals het is.
Maar zonder God is het leven niet meer dan wat ronddolen op aarde.
Je neemt dan met te weinig genoegen.

2. Jezus zet je leven in het licht
dia 10 – Jezus zet je leven in het licht
Maar het blijft niet donker:
‘aanst komt de dei, fynt it ljocht syn wei, yn in nije dei.’
Of, met de woorden van Jesaja:
‘het volk dat in duisternis ronddoolt, ziet een schitterend licht.’
Jezus zet je leven in het licht.

dia 11 – God komt binnen als een kind
God laat ons niet wat ronddolen op de aarde, hij zet het licht aan.
Dat mensen hem uit het leven wegduwen, daar trekt hij zich niets van aan.
God laat zich niet door koppige en dwarse mensen tegenhouden.
Jesaja profeteert: ‘een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven.’
Wij proberen God buiten te sluiten, maar God komt binnen als een kind.
Dát is het licht voor de wereld!
In de tijd van Jesaja is dat nog toekomstsmuziek: het is nog pikzwart.
Toch zegt Jesaja: hij ís geboren.
Jesaja krijgt een blik in de toekomst,
maar wat in de toekomst gebeuren zal is net zo zeker als wat vroeger gebeurd is.

Het zal geen verrassing zijn: dit kind is Jezus.
In Matteüs 4 kun je lezen dat Jezus naar Galilea gaat,
naar dat gebied van Zebulon en Naftali dat zo donker is.
En dan wordt die profetie weer aangehaald:
‘het volk dat in duisternis leefde, zag een schitterend licht.’
Dat is het moment dat Jezus het goede nieuws begint te brengen:
Jezus is het licht van de wereld, de beloofde nieuwe koning.

dia 12 – Jezus anders dan alle aardse koningen
Jezus is een schitterend licht,
juist omdat hij zo anders is dan alle aardse koningen.
Kijk maar naar die vier namen die Jezus meekrijgt.
Jezus is een wonderbare raadsman.
Dat is iemand die je om raad vraagt, om advies vraagt,
iemand die volgens jou een wijs persoon is en in wie je vertrouwen hebt.
Zo iemand is Jezus, en dan niet zomaar een raadsman, maar een wonderbare:
hij heeft Gods wijsheid.
Hij wil je leven sturen, op een heel bijzondere manier.
Niet door je gevraagd en ongevraagd advies te geven, waar je dan weer iets mee moet,
maar door je langzaam, van binnenuit, te veranderen.
Iemand die je leert wat liefde is.

Jezus is een goddelijke held.
Helden zorgen dat het weer goed komt.
Iemand die met gevaar voor eigen leven iemands leven redt, is een held.
Jezus is de goddelijke held: hij geeft zijn leven voor de wereld.
Aan het kruis wint hij van de macht van de duisternis,
maakt hij de weg vrij om in het licht te leven.

Jezus is een eeuwige vader.
Ja, God de Zoon wordt ook een vader genoemd.
Jezus is niet afstandelijk maar heel persoonlijk.
Hij sluit zich niet op in een comfortabel paleis,
maar is altijd onder de mensen.
Hij ziet hen, hij kent hen, hij deelt in hun levens,
in hun vreugde, maar ook in hun verdriet.
Hij houdt van je.

En Jezus is de vredevorst.
Niet door een groot leger op te bouwen en de macht te grijpen.
Jezus doet het juist door klein en kwetsbaar te zijn, door lief te hebben.
Nog meer vliegtuigen met bommen brengen geen echte vrede.
Jezus pakt de duisternis bij de wortel aan: haat.
Hij zet er zijn liefde tegenover.

3. Leef in het licht
dia 13 – leef in het licht
Jezus zet je leven in het licht.
De Kast zingt: ‘Hjir is myn hân, hjir is myn hert
‘k jou myn bestean oan dy.’
Jezus heeft zijn hele bestaan aan ons gegeven.
Nu wil hij je leven zijn, je bestaan.
Leef in het licht.

dia 14 – mag Jezus jouw leven in het licht zetten?
Jezus is het licht van de wereld,
maar wel een ander licht dan gedacht.
Jezus heeft altijd in het middelpunt van de belangstelling gestaan,
in onze tijd zou hij moeiteloos voetbalstadions vol kunnen krijgen,
maar veel minder mensen hebben hem herkend als het licht.
Jezus is niet een licht dat de duisternis van de wereld wel even verjaagt,
omdat hij het diepere probleem wil aanpakken:
de duisternis in jouw leven.
En daar wordt Jezus bedreigend…

Mag Jezus’ licht in jouw leven schijnen?
Hij is geen lampje dat je op zondagochtend aanzet,
en weer uitzet als je met andere dingen bezig gaat.
Je zet een lamp niet aan om er even naar te kijken
en dan weer uit te zetten en iets anders te doen.
Die lamp is er juist zodat je ziet wat je doet!
Zo is het met Jezus ook:
het is niet de bedoeling dat je even met hem bezig bent,
en dan weer andere dingen gaat doen.
Jezus wil juist de lamp zijn die je hele leven in het licht zet.

dia 15 – open je ogen voor wie je liefde nodig heeft
Wat er dan verandert?
Jezus zet liefde voorop in je leven.
In het donker gaat iedereen zijn eigen gang,
leef je voor jezelf en voor wat jou goed uitkomt.
Jezus wijst de weg van liefde.
In het licht zie je anderen.
Durf je je voor hen open te stellen,
tijd voor hen te nemen en hun pijn te voelen?
Durf je je ogen open te houden,
niet weg te kijken van wie jouw liefde nodig heeft?
Jezus wil je bevrijden van het verstikkende ‘ieder voor zich’.

dia 16 – laat zien dat Jezus je leven kleur geeft
Als Jezus’ licht in je leven schijnt, schijnt het ook door je heen.
Breng je zelf licht in de duisternis.
Bijvoorbeeld vanmiddag, op de kerstmarkt.
Als kerk willen we laten zien dat er meer is dan de kerstinkopen,
dat het niet de kerstversiering is die ons leven kleur geeft,
en dat ‘vrede op aarde’ geen lege woorden zijn omdat het toch nooit gebeurd,
maar dat Jezus ons leven kleur geeft.

Hij is de goddelijk held, die uit liefde zijn leven gegeven heeft,
het licht voor een wereld in het donker.
Dat vieren we zo aan tafel, want dat is feest!
Jesaja schrijft:
‘u hebt het volk weer groot gemaakt, diepe vreugde gaf u het.’
Jezus zet je leven in het licht: hij geeft leven, hij geeft vreugde.
En er komt een dag, In nije dei, daar zorgt God wel voor,
dat het licht overal schijnt.
Amen.




Daniël 8:13-14 – God zet leven in perspectief

We leven in een aantrekkelijke wereld. Het is verleidelijk om daar helemaal in op te gaan. Maar God zet je leven in een ander perspectief: er is meer dan het leven dat je ziet. Het kruis keert je leven om!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 70 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 354 : 1 en 2
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Daniël 8 : 1 – 27
Zingen: Psalm 75 : 3, 4 en 6
Preek over Daniël 8 : 13 – 14
Zingen: GKB Gezang 143 : 1, 3 en 4
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: ‘Aan uw tafel’ (Sela)
Avondmaal: formulier (2) en viering
Zingen: Psalm 84 : 5 en 6
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Lied 300 : 1, 2 en 6
Zegen

God zet leven in perspectief

Inleiding
dia 1 – vliegtuig
Afgelopen weekend waren Hanneke en ik in Nice,
om te vieren dat we afgelopen maand 5 jaar getrouwd waren.
Op de terugweg hadden we vanuit het vliegtuig
een prachtig uitzicht over de Franse Alpen.
Het lijkt wel een miniatuurwereld!

dia 2 – bergen
Het leuke van bergen vind ik dat ze altijd verrassend zijn.
Hier in Friesland kun je kilometers ver kijken,
en je weet precies wat je onderweg tegenkomt.
Dat heeft z’n eigen charme,
maar ik geniet altijd wel van de onvoorspelbaarheid van de bergen.
Elke bocht is weer spannend: wat zou er zijn?
Misschien een meertje, of uitzicht over het dal, of toch een bos in?
Je komt er pas achter als je er bent.
Daarom is het in de bergen nooit saai.

Aan de andere kant: je weet er ook niet waar je aan toe bent.
Je ziet niet hoe ver het nog is.
Wanneer ben je nou eindelijk eens boven die boomgrens?
Ga je de top van de berg nog halen, of kun je maar beter omkeren?
Welke kant moet je op als het pad splitst?
Je kunt het niet overzien.
Net zoals het weer: misschien zit achter de berg wel een enorme onweersbui verstopt.

dia 3 – vliegtuig
Vanuit het vliegtuig kun je al die dingen wel zien.
Je ziet waar de wolken hangen,
je ziet de paden lopen,
je ziet wat de kortste weg is,
je ziet waar de bomen ophouden, enzovoort.
Vanuit de lucht kijk je heel anders tegen de bergen aan.
Je hebt een ander perspectief, je hebt het overzicht.

dia 4 – God zet leven in perspectief
In Daniël 8 gebeurt dat ook.
God geeft ons een kijkje vanuit de hemel op de wereld.
Hij wil je laten zien dat er meer is dan wat jij ziet.
God zet het leven in perspectief.

1. Opgaan in de wereld
dia 5 – opgaan in de wereld
Laten we eens naar dat visioen gaan kijken.
Het eerste wat ik dan wil zeggen is dat het niet bepaald een makkelijk visioen is…
Daniël zegt helemaal aan het einde ook dat hij het niet begreep,
dus wat dat betreft bevinden we ons in goed gezelschap.

dia 6 – visioen over geloofsvervolging
Al die dieren in het visioen zijn best vreemd,
en wat er met al die horens gebeurt, is helemaal bizar.
Grote horens, kleine horens, horens waar weer andere horens uit komen…
Het gaat heel snel en is moeilijk voor te stellen.
Eigenlijk zou je het in een filmpje moeten zien.
Toch zijn die dieren en horens niet het grootste probleem.
Als je het goed leest, de uitleg van Gabriël er naast legt,
en het vergelijkt met de wereldgeschiedenis, dan kom je er best uit.
Die dieren staan voor koninkrijken,
en de horens voor koningen.
Die koningen kun je ook echt aanwijzen in de geschiedenis.

Ook de koning waar het uiteindelijk om draait in het visioen:
de meedogenloze koning die opstaat tegen de vorst der vorsten.
Iedereen is het daarover eens: dat is een zekere koning Antiochus IV.
In al zijn arrogantie heeft hij zich de bijnaam ‘Epifanes’ gegeven,
dat betekent: ‘verschijning van God’.
Verder van de waarheid had hij niet kunnen zitten:
deze Antiochus is een verschijning van Gods grote vijand, de duivel.
Van een multiculturele samenleving moet hij weinig hebben:
in heel zijn rijk moet iedereen de Griekse cultuur en godsdienst overnemen.
Daarom bezet hij de tempel in Jeruzalem
en maakt er een tempel voor de Griekse god Zeus van.
Deze Antiochus is de eerste Jodenvervolger uit de geschiedenis.

Waar het visioen over gaat, dat is dus niet het grote probleem.
Het probleem is wel dat het geen mooi visioen is.
Daniël krijgt te zien dat er een heftige vervolging komt.
Het gaat over hoe moeilijk het zal zijn om te geloven:
je maakt het jezelf niet makkelijk als je vast houdt aan God.
Lekkere boodschap is dat…

dia 7 – vervolging tot Jezus’ terugkomst
Nu is Antiochus al lang dood, dus met zijn vervolging krijgen we niet meer te maken.
Maar wat moet je dan vandaag nog met dit visioen?
Wat het nog lastiger maakt, is dat de term ‘de tijd van het einde’ langskomt.
Gaat het wel over Antiochus, of gaat het eigenlijk over iets dat nog moet gebeuren?
Er is, denk ik, geen onderwerp waar christenen zo over verdeeld zijn als de eindtijd.
Gaat dit visioen daarover?
Over een heftige wereldwijde christenvervolging die nog moet komen?

Ik denk het niet.
Volgens mij gaat Daniël 8 allereerst over die vervolging onder koning Antiochus.
Alles wat er staat is op hem van toepassing.
Maar zijn opdrachtgever, de duivel, die is nog net zo actief als toen.
In het Nieuwe Testament gaat het ook over vervolging,
en soms gaat het daarbij ook over de antichrist.
Bijvoorbeeld in 1 Johannes 2:
“U hebt gehoord dat de antichrist zal komen.
Nu al treden veel antichristen op, en daardoor weten we dat dit het laatste uur is.”
Je kunt koning Antiochus gerust zien als voorbode van die antichrist.
Wat Daniël ziet is het begin van de vervolging, die doorgaat tot Jezus terugkomt.
Dat is niet voor de toekomst, die vervolging is er nu al.
Dit is het laatste uur, zegt Johannes, we leven al middenin de eindtijd!

dia 8 – aanval op het hart van het geloof
Nu merk ik hier in Nederland nauwelijks iets van die vervolging.
Maar dan helpt het om nog even naar die Antiochus te kijken.
Hij laat de offerdienst in de tempel stoppen en zet er een beeld van zijn eigen god voor terug.
De offerdienst was het hart van de Joodse godsdienst.
Elke dag werden in de tempel 2 offers gebracht, ’s ochtends en ’s avonds.
Die offers stonden voor vergeving en voor de omgang met God.
Wat het kruis van Jezus voor christenen is, dat waren die offers voor Joden.
Dat is waar de duivel ook in Nederland aanvalt:
hij doet alles om het hart van het christelijk geloof, Jezus’ dood en opstanding,
weg te drukken uit ons leven.
Hij houdt het graag oppervlakkig en gezellig.
En hij wil dan ook graag iets in de plaats van Jezus zetten:
dat je opgaat in de wereld.
Antiochus wil dat al zijn onderdanen opgaan in de Griekse wereld.
Onze vijand wil dat we vandaag opgaan in de Westerse wereld.
En dat is een aantrekkelijke wereld!
Waarom zou je nog verder kijken dan deze wereld, verder kijken dan vandaag?
Doen christenen niet veel te moeilijk over het leven?
‘Geniet gewoon van het leven, en maak je over God maar niet druk’,
dat is de boodschap die christenen vandaag bedreigt.

2. God zet leven in perspectief
dia 9 – God zet leven in perspectief
Het leven in deze wereld, dat is wat wij zien.
Dat is, om het even met de woorden van de inleiding te zeggen,
de bergwandeling vol verrassingen die wij maken.
Als dat alles is wat je ziet, dan ga je daarin op.
Maar God wil je meer laten zien, een kijkje van boven:
God zet leven in perspectief!

dia 10 – God kondigt het einde van de vervolging aan
Het visioen is niet alleen maar een somber verhaal.
Er wordt een moeilijke tijd aangekondigd, dat zeker,
maar uiteindelijk is de boodschap niet dat het zwaar wordt,
maar dat God er boven staat, dat het hem niet ontglipt wat op aarde gebeurt.
Dat perspectief geeft hoop.

Ik stel me zo voor dat in die tijd van koning Antiochus
sommige Joden die oude profetieën van Daniël er weer bij pakten,
ook al was het levensgevaarlijke verboden lectuur.
Ze herkennen hun duivelse koning in het visioen, en dan komen ze bij vers 13:
“hoe lang zal het duren?”
Precies, dat is de vraag waar ze mee zitten!
Hoe lang moeten ze dit nog volhouden?
Ze krijgen ook een antwoord: 2300 avonden en ochtenden,
daarna is het gedaan met Antiochus!
Een beetje een vreemde manier van zeggen: ‘avonden en ochtenden’.
Dat is omdat hier weer naar die offers wordt verwezen:
2300 keer wordt het offer in de tempel overgeslagen.
Dat zijn 1150 dagen, dus iets meer dan 3 jaar.
Lang voordat de vervolging door Antiochus begonnen is,
geeft God het einde al aan!
Dat perspectief geeft de Joden moed.

dia 11 – het visioen is betrouwbaar
Het mooie is dat ze toen al wisten hoe betrouwbaar het visioen was.
Veel van wat Daniël zag was inmiddels gebeurd.
De Meden en Perzen waren aan de macht geweest,
ze waren verslagen door Alexander de Grote van Griekenland,
die opgevolgd werd door 4 generaals.
Alle details kloppen, en dat geeft vertrouwen dat het nu ook klopt.
En inderdaad: na iets meer dan 3 jaar sterft Antiochus door een ziekte.
Precies zoals Daniël zag.

dia 12 – het gaat met de wereld ergens naartoe
God zet het leven in perspectief.
Ook Jezus heeft het gehad over de tijd tussen Pasen en zijn terugkomst naar de aarde.
Hij kondigt aan dat het een moeilijke tijd zal zijn.
Een tijd van oorlogen en natuurrampen.
Maar ook een tijd waarin je geloof wordt aangevallen,
een tijd waarin de vijand probeert je leven van God weg te trekken.
Dat de wereld een chaos is, betekent niet dat God er niet is:
Jezus heeft zelf gezegd dat het zo zou gaan.
Maar hij geeft ook perspectief:
er is meer dan het leven dat je ziet,
God heeft zijn plan met deze wereld, het gaat echt ergens naartoe.

3. Geloven voor de toekomst?
dia 13 – geloven voor de toekomst?
Maar is geloven dan alleen iets wat je voor de toekomst doet?
Een toegangskaartje voor de hemel?
Nu even afzien, maar later word je ervoor beloond?
Mooi dat het goed afloopt,
maar waarom moet die weg er naartoe zo ingewikkeld?

dia 14 – perspectief van het kruis
Daniël krijgt op zulke vragen geen antwoord.
Ik denk wel dat hij die vragen had,
dat dat de reden is dat hij het niet begrijpt.
Het is heftig wat Daniël te zien krijgt!
Gods volk zal mishandeld worden, koning Antiochus zal tegen God zelf opstaan.
Hoe kan God dat ooit toestaan?!
Daniël snapt het niet, en ik ook niet.

Maar christenen weten wel meer dan Daniël.
God is geen toeschouwer die kijkt hoe we het er vanaf brengen.
In Jezus stelt God zichzelf bloot aan het gevaar.
Hij komt midden in de wereld.
Krijgt met diezelfde vijand te maken,
die ook Jezus probeert bij God weg te krijgen.
Krijgt met mensen te maken die helemaal opgaan in hun eigen wereld,
waarin geen plek voor Jezus is.
God laat het gebeuren.
Als iedereen zich tegen Jezus keert, zegt God niet ‘nu is het genoeg’.
Zelfs aan het kruis verzet hij zich niet.
Jezus gaat door het lijden, door de vervolging, het nieuwe leven in.

dia 15 – God wil vandaag met je omgaan
Is geloven nu afzien om later iets moois te krijgen?
Nee, niet als je het kruis van Jezus ziet.
Dat geeft nog veel meer perspectief dan Daniël kreeg.
God wil niets liever dan met jou leven, geen prijs is hem te hoog.
Dat is niet voor de toekomst, dat is voor vandaag.

dia 16 – leef uit de kracht van het kruis
De duivel laat je graag geloven
dat je leven geslaagd is als je leven aangenaam is,
als je je zaakjes goed voor elkaar hebt.
Het kruis laat iets heel anders zien: leven begint met liefhebben.
Dat is niet afzien, dat leven is pas echt de moeite waard!
Kijk dus verder dan je neus lang is.
Geniet van de dingen die je in deze wereld krijgt, maar ga er niet in op!
Je leeft niet voor jezelf, je leeft om lief te hebben.

En houd vast aan het hart van het christelijk geloof.
Gisteren was het hervormingsdag, de verjaardag van alle protestantse kerken.
Bijna 500 jaar geleden herontdekte Maarten Luther de kracht van het kruis.
Verlies dat kruis nooit uit het oog!
Jezus heeft zijn leven gegeven om ons leven te geven: dat is ons perspectief.
Dat is ook wat ons één maakt:
niet dat we allemaal hetzelfde zijn, hetzelfde over dingen denken,
dezelfde gewoontes hebben, dezelfde muziekvoorkeuren, enzovoort.
De duivel wil graag dat dat het belangrijkste voor ons is.
Maar het gaat om Jezus Christus alleen.
Laten we dat zo aan tafel gaan vieren!
Amen.




Daniël 1:8 – Overal en nergens thuis

Je zult maar op de vlucht zijn, en als vreemdeling in een ander land terecht komen. Daniël was ook zo’n vreemdeling in Babel. Van hem leren we dat christenen ook vreemdelingen zijn: midden in de wereld maar niet van hier. En daarom met een ruim hart voor vreemdelingen.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 122 : 1
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 285 : 1 en 2
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Daniël 1 : 1 – 21
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Preek over Daniël 1 : 8
Zingen: Psalm 125 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: ‘Ik ben’ (Sela) : 1, 2, 3 en 6 (refrein na 2 en 6)
Avondmaal: formulier (5) en viering
Zingen: GKB Gezang 161 : 2 en 3
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Lied 296 : 1, 2 en 3
Zegen

Overal en nergens thuis

Inleiding
dia 1 – fish and chips
Als je in Engeland bent,
dan moet je een keer Fish and Chips eten.
Wat voor ons patat met frikadel speciaal is,
dat is Fish and Chips voor de Engelsen:
gefrituurde aardappelpartjes en vis.
Het hoofdgerecht van elke snackbar.

Dus toen Hanneke en ik vier jaar geleden
voor het eerst samen in Engeland waren,
hadden we een duidelijke missie: Fish and Chips eten.
We waren in Londen,
en na een hele dag de stad te hebben verkend,
waren we moe en hadden zin om te eten.
Dus we gingen op zoek naar een snackbar.
Maar ja, het was wel Londen, dus alles is duur.
We schrokken van de prijzen die we tegenkwamen:
je betaalt toch ook geen 15 euro voor patat met frikadel?!
Als zuinige Nederlanders dachten we dat het goedkoper moest kunnen…
In de toeristische straten hanteren ze toeristische prijzen,
maar in de achterafstraatjes heb je vast voor minder je maaltijd.

dia 2 – Rolls
Op zich geen vreemde gedachte,
maar dan moet je wel de goede achterafstraatjes ingaan…
Wij belandden in een buurt die duidelijk boven onze stand was.
Overal stonden Bentleys, Rolls Royces en Aston Martins geparkeerd.
Geen snackbar te vinden, alleen maar restaurants ver boven ons budget.
Bij sommige van die restaurants waren chique feestjes bezig,
voor rijke mensen die zich op hun allerbest presenteren.
Hoge hakken, dure maatpakken en iedereen een glas champagne.
En daar liepen wij dus, op onze gympen,
in korte broek en bezwete T-shirts.
We voelden ons vreemd en bekeken…
Hier horen wij niet thuis!

Die goedkope snackbar hebben we trouwens nooit gevonden.
Uiteindelijk zijn we bij de Kentucky Fried Chicken terecht gekomen.
Afgelopen zomer, toen we weer in Engeland waren,
zijn we voor de herkansing gegaan.
Eindelijk hebben we Fish and Chips gegeten.
Missie volbracht!

dia 3 – overal en nergens thuis
Maar goed, het opgelaten gevoel dat je ergens niet hoort, dat je vreemd bent,
daar gaat het nu om.
Waar hoor je, waar ben je thuis?
De boodschap van vanmorgen is dat je als christen overal en nergens thuis bent.
Christenen zijn ingeburgerde vreemdelingen.

1. In een vreemde wereld
dia 4 – in een vreemde wereld
We treffen Daniël en zijn vrienden aan in het paleis van koning Nebukadnessar.
Ze zullen zich ook wel opgelaten hebben gevoeld: hier horen ze niet.
Babylonië is voor hen een vreemde wereld.

dia 5 – inburgeren in Babylon
14 Jaar zijn ze nog maar, Daniël, Chananja, Misaël en Azarja.
Jongens die zijn opgegroeid in de betere kringen van Israël.
Maar hun hele wereld is ingestort.
In Jeruzalem waren ze thuis, daar kenden ze iedereen, daar hoorden ze!
Nu zijn ze ontvoerd door de Babyloniërs.
En daar staan ze dan, in het paleis van Nebukadnessar,
samen met andere jongeren uit Israël.
Het is stil, niemand voelt zich op zijn gemak.
Wat moeten ze hier toch?

Er klinken voetstappen.
Een man, zo te zien een belangrijke Babyloniër, komt naar de jongeren toe.
Hij blijft staan en neemt de groep in zich op.
Niemand durft iets te zeggen.
Dan neemt de man het woord.
Gelukkig spreekt hij Aramees, daar kunnen ze nog wel wat van maken.

‘Welkom in het paleis,’ zegt hij.
‘Hebben jullie al goed om je heen gekeken?
Jullie bevinden je in het centrum van de wereld.
Hier gebeurt het!
Maar laat ik mij even voorstellen: ik ben Aspenaz en ik mag jullie begeleiden.
Jullie zijn geselecteerd om het speciale programma van de koning te volgen.
Hij heeft hoge verwachtingen van jullie.
Als je goed je best doet, zul je hier een geweldige toekomst hebben.
Ik zal jullie helpen om echte Babyloniërs te worden.
Ik zal jullie groot maken.’

Zo voelen Daniël en zijn vrienden het echt niet, dat dit hun thuis is.
Maar ze hebben geen keuze.
Ze doen mee in het programma van de koning.
Ze krijgen een uitgebreide inburgeringscursus aan het hof.
Elke dag krijgen ze les in de Babylonische taal en cultuur.
Ze worden ingewijd in de wereld van de Babylonische goden.
Ze worden gedrild in de modernste wetenschappen.

dia 6 – geen plaats voor God
Aspenaz blijkt niet van half werk te houden.
Deze jongeren moeten hun verleden vergeten,
moeten Israël vergeten, moeten hun God vergeten.
Vanaf nu gaat alles op de Babylonische manier.
‘Wat was jouw naam ook alweer?’, vraagt hij op een dag aan Daniël.
Daniël houdt van zijn naam, ‘God is mijn rechter’, betekent het.
Hij antwoordt Aspenaz: ‘ik heet Daniël, meneer.’
Aspenaz denkt even na.
‘Daniël… Met die naam zul je nooit ver komen.
Weet je wat, vanaf nu heet je Beltesassar.’
God moet plaatsmaken voor de Babylonische god Bel.

Je zult maar alles achter moeten laten,
om in een onbekend land met een onbekende taal
een nieuwe toekomst tegemoet te gaan.
Je zult maar, net als Daniël, een vreemdeling zijn,
die alles weer opnieuw moet leren.

dia 7 – christenen zijn vreemdelingen
Dan denken we al snel aan vluchtelingen, en terecht,
die ook deze week weer volop in het nieuws waren.
Maar ook christenen zijn vreemdelingen,
leven in een wereld die niet hun thuis is.
Ook al woon ik mijn hele leven al in Nederland, ik ben niet van hier.
Nederland en Babel, zo veel verschil is er niet.
Ja, de goden zijn anders, de taal is anders.
Maar: net als in Babel draait alles om onze prestaties.
Niet voor niets wordt in Daniël 1 ook de oude naam van Babel genoemd, Sinear.
Een paar weken geleden kwamen we die naam ook al tegen,
toen het ging over de torenbouw van Babel.
Mensen proberen zonder God te leven en maken zichzelf groot:
dat gaat toch gewoon over Nederland?

Voor christenen is dat een vreemde wereld.
Ja, de meesten van ons zijn Nederlanders,
die zich prima thuis voelen en weten hoe het hier gaat.
Maar die vluchtelingen in het nieuws herinneren ons eraan:
wij zijn vreemdelingen.

2. Overal en nergens thuis
dia 8 – overal en nergens thuis
Sommige vreemdelingen zullen altijd vreemdeling blijven,
ze integreren niet maar leven in een eigen wereldje.
Andere vreemdelingen doen alles om in te burgeren,
en zijn al snel nauwelijks meer als vreemdeling te herkennen.
Daniël doet geen van beide
omdat hij weet dat hij met God overal en nergens thuis is.

dia 9 – thuis: als God er maar is
Waar ben je thuis?
Volgens mij is dat niet zo’n moeilijke vraag.
Dat is waar je spullen zijn, waar je vrienden zijn,
waar je de mensen verstaat en waar je je op je gemak voelt.
En als je er zo naar kijkt, dan is Daniël in Babylon ver van huis.
Maar Daniël kijkt anders.
Spullen, vrienden, taal, het is allemaal belangrijk om je thuis te voelen,
maar het belangrijkste is God.
Want alleen bij God ben je echt veilig.
Als God er maar is, dan kan iets je thuis worden.

Dat geldt ook voor Babylon.
Natuurlijk heeft Daniël heimwee naar Jeruzalem.
Natuurlijk moet hij wennen aan die vreemde wereld.
Maar hij weet: God is hier net zo goed als in Jeruzalem
dus ik mag hier mijn nieuwe thuis gaan maken.
Daniël heeft altijd geleerd dat God de God van hemel en aarde is.
En hij gelooft het echt!
Veel Israëlieten denken dat nu de tempel is gevallen,
het ook met God afgelopen is.
Daniël weet wel beter: God is overal, waar je ook bent.

dia 10 – meedoen in de wereld
Daniël voelt zich vrij om van Babylonië zijn nieuwe thuis te maken.
Hij leert de taal en gewoonten, en maakt het zich eigen.
Hij accepteert zijn nieuwe naam, al blijft hij voor zijn volksgenoten gewoon Daniël.
Daniël doet volop mee, hij doorloopt glansrijk het programma van de koning.
Hij en zijn drie vrienden krijgen hoge plekken, in het centrum van de wereldmacht.
Daniël integreert met succes.
Zo kunnen christenen ook Nederlanders zijn,
meedoen in de samenleving en zich hier thuis voelen.
Want met God ben je overal thuis.

dia 11 – nergens echt thuis
Dat is de ene kant.
De andere kant: met God ben je nergens echt thuis.
Babel blijft een vreemde wereld.
Met eigen goden, normen en waarden,
die soms rechtstreeks tegen God ingaan.
Daniël wordt er helemaal in ondergedompeld,
maar weet ook: dit ben ik niet.
Ik ben niet van hier, maar van God.

Daniël en zijn vrienden zullen altijd vreemdelingen blijven.
Bij het eten bijvoorbeeld.
Ze willen het Babylonische eten niet.
Nee, niet omdat ze het niet lekker vinden,
maar omdat het hun geloof in God in de weg zou staan.
Ze vragen Aspenaz om ander eten, en met een omweg lukt het ze.
En elke keer als ze aan tafel gaan, is het een belijdenis:
ik hoor niet hier, maar bij God.
Precies wat wij straks ook belijden als we aan tafel gaan.

Christenen zullen altijd een beetje vreemd blijven.
Ingeburgerd in het koninkrijk der Nederlanden,
maar allereerst burgers van Gods koninkrijk.
Nederland is niet alles voor hen.
Nederland heeft zijn eigen goden, normen en waarden,
waar soms als christen mee te leven valt, maar soms ook niet.
Want hun thuis is ergens anders: bij Jezus Christus.
En daar horen soms heel andere keuzes bij.

3. Hoe houd je het vol?
dia 12 – hoe houd je het vol?
Christenen leven in twee werelden.
Dat is niet makkelijk.
Hoe houd je dat vol?
Thuis zijn in Nederland, maar toch ook niet?
Hoe blijf je christen midden in de wereld?

dia 13 – met regels lukt het niet
Waar haalt Daniël het lef vandaan om Aspenaz om ander eten te vragen?
Er zaten behalve Daniël en zijn vrienden meer jongeren uit Israël in de eetzaal,
en waarschijnlijk hebben die wel de koninklijke maaltijden gegeten.
Terwijl ze dat thuis toch echt anders geleerd hadden…
Het verschil is dat het voor hen een regeltje was:
als goede Israëliet eet je alleen voedsel dat koosjer is.
Maar in Babylon blijken zulke regels weinig waard.
Er is meer nodig om dappere keuzes te maken: liefde voor God.
Alleen dan houd je het vol.
We kunnen heel godsdienstig zijn,
alles keurig volgens onze christelijke regels doen,
maar, zoals Paulus in 1 Korintiërs 13 zegt,
als het niet uit liefde is, is het niets waard.

dia 14 – liefde voor God als basis
Wil je het als christen volhouden in een vreemde wereld,
dan moet liefde voor God wel je basis zijn.
Het is een verwarrende wereld,
en geloven wordt daarin zomaar een zondagsdingetje.
Dat houd je niet vol met regels.
Dat lukt alleen als je geraakt wordt door de liefde van Jezus,
als je niets mooiers weet te bedenken dan die liefde.

Misschien is dat wel hoog gegrepen, zo’n grote liefde voor Jezus.
Dat voel ik ook niet altijd zo.
Maak het gerust wat kleiner:
dat je nieuwsgierig bent naar Jezus,
dat je merkt dat Jezus anders is, misschien dat christenen anders zijn,
en dat je je er toe aangetrokken voelt.

Volhouden is ook kwestie van doen.
Daniël doet dingen anders om zijn liefde voor God.
Dat brengt hem ook dichter bij God,
want elke maaltijd is nu een herinnering aan God geworden.
Dat helpt hem om niet helemaal op te gaan
in die geweldige Babylonische wereld.
Laat het avondmaal ook maar zo’n herinnering voor je zijn.
Dat er een God is bij wie je echt thuis bent.

4. Wees een ingeburgerde vreemdeling
dia 15 – wees een ingeburgerde vreemdeling
Met God ben je overal en nergens thuis.
Wees daarom, net als Daniël, een ingeburgerde vreemdeling.

dia 16 – trek je niet terug uit de wereld
Ingeburgerd: Daniël deed volop mee in de Babylonische wereld.
Dat is niet de makkelijkste weg.
De makkelijkste manier om te blijven geloven,
is om je terug te trekken op een christelijk eilandje
en alleen met christenen om te gaan.
Maar dat is best gevaarlijk!
Voor je het weet is die mooie christelijke wereld je thuis,
in plaats van God.
Zo ging het met Israël ook: de mooie wereld van de tempel,
daar voelden ze zich thuis,
en langzamerhand werd de tempel hun afgod.
Trek je dus niet terug in een veilig christelijk wereldje!

dia 17 – sta midden in de samenleving
Wees juist een goede burger.
Zet je maar, net als Daniël, in voor de samenleving.
In je werk, in vrijwilligerswerk, door vriendschappen te sluiten.
Of iets anders: door mee te doen met de Agrarische Dagen.
God is overal, het is zijn wereld,
en daarom mag je in Franeker thuis zijn.

dia 18 – blijf een vreemdeling, met hart voor vreemdelingen
En tegelijk: blijf een vreemdeling.
Dat belijden we zo aan tafel: wij zijn vreemdelingen die thuis zijn bij God.
Ik ben niet van hier.
Laat dat ook blijken.

Dan kom ik weer terug bij die vluchtelingen.
Juist christenen, die zelf altijd vreemdeling zijn,
moeten een ruim hart voor vreemdelingen hebben.
Zij zijn niet anders dan wij.
Onze burgemeester, Fred Veenstra, schreef deze week een weblog met de titel:
‘hoe gastvrij zou Franeker zijn?’
Hij schrijft dat de vraag of ook hier een AZC moet komen
misschien binnenkort wel aan de orde komt.
Als dat gebeurt, is Franeker daar dan klaar voor?

dia 19 – gastgezin
Wat zou het mooi zijn om als christenen, als kerken in Franeker,
daarbij voorop te lopen.
Door vreemdelingen met open armen welkom te heten.
Zo is het project ‘gastgezin voor een vluchteling’ ontstaan.
Het idee is om vluchtelingen met gewone Nederlanders in contact te laten komen.
Sommigen willen zelfs vluchtelingen in huis nemen,
maar je kunt ook bijvoorbeeld eens in de week met hen eten.
Op de website hebben zich al meer dan 16.000 mensen aangemeld!
Het was deze week op televisie in de talkshow ‘Pauw’,
waar de initiatiefnemers vertelden dat ze Gods liefde aan vreemdelingen wilden uitdelen.
Prachtig toch?!

Als christen mag je best een beetje vreemd zijn.
Want je leeft ergens anders voor.
Niet voor Babel, maar voor Jeruzalem.
Daarover schrijft Johannes, in Openbaring 21:
‘Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.
Ik hoorde een luide stem vanaf de troon, die uitriep:
“Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.
Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn.”’
Amen.




Handelingen 8:35 – Welkom met je gebreken

Wanneer pas je bij God? Een Ethiopische man op zoek naar God wordt teleurgesteld: God is te heilig voor mislukte mensen. Maar door Jezus is de toegang vrij en ben je bij God welkom!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 117
Stil gebed
Votum en groet
Waar8ig: Gloria
Onze Vader
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 8 : 26 – 40
Zingen: Psalm 22 : 11, 13 en 14
Preek over Handelingen 8 : 35
Zingen: GKB Gezang 141 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Lezen wet
Waar8ig: God en God alleen
Psalmen voor Nu 16
Onderwijs avondmaal (5)
Avondmaalsviering
Zingen: LvK Lied 90 : 2, 6 en 11
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 733
Zegen

Welkom met je gebreken

Inleiding
dia 1 – brandweer
Er zijn van die beroepen waar iedereen wel eens over heeft gedroomd.
‘Als ik later groot ben, dan word ik…’
Nou, vul maar wat in.
Brandweerman bijvoorbeeld, wie droomde daarvan?
Of profvoetballer?
Daar is dus maar weinig van terecht gekomen…
En voor de dames:
wie wilde er altijd al zuster worden?
Gek is dat eigenlijk,
dat meisjes veel realistischere dromen hebben dan jongens…

Zelf heb ik heel wat gefantaseerd over wat ik zou worden.
Predikant stond trouwens niet in mijn lijstje, dus ergens is het misgegaan…
De ene keer droomde ik ervan om banketbakker te worden,
want de hele dag taart eten, dat leek me wel wat,
de andere keer wilde ik architect worden,
een soort spelen met LEGO, maar dan in het groot.
En, zoals elke jongen, heb ik er ook ooit over gedroomd om F16-piloot te worden.

dia 2 – f16-piloot
Die droom werd al snel om zeep geholpen.
Sinds ik in groep 4 zat, draag ik al een bril,
want ik kon de liturgiebordjes in de kerk niet lezen,
en dan kun je een carrière als F16-piloot wel vergeten.
Piloten moeten nu eenmaal goede ogen hebben.
Er zijn trouwens nog wel wat meer redenen te bedenken
waarom ik geen F16-piloot moet worden,
en gelukkig had ik dat zelf ook wel door.
En anders was ik bij de keuringen wel afgevallen.
Want piloot bij de luchtmacht, dat wordt je niet zomaar.
Ik zou niet worden toegelaten.

dia 3 – welkom met je gebreken
Vandaag gaat het over iemand die niet toegelaten wordt:
de man uit Ethiopië.
Hij past niet bij God, hij is ongeschikt.
Maar dan krijgt hij een bijzondere ontmoeting met Filippus,
en leert hij God op een heel nieuwe manier kennen:
bij God ben je welkom met je gebreken.

1. Leven met gebreken
dia 4 – leven met gebreken
Op het eerste gezicht is met die Ethiopische man weinig aan de hand.
Om alvast vooruit te grijpen op de themadienst van vanmiddag:
het lijkt erop dat deze man geslaagd is in het leven.
Toch heeft hij een leven met gebreken.

dia 5 – van buiten: succes in het leven
Een Ethiopiër in Jeruzalem, dat zie je niet elke dag.
Ethiopië ligt niet echt om de hoek, deze man heeft een hele reis gemaakt.
Blijkbaar heeft hij geld waarmee hij verre reizen kan maken.
Ook bijzonder: hij kon lezen.
En dan niet alleen zijn eigen taal,
maar ook het oud-Hebreeuws van de profeet Jesaja.
De Ethiopiër is rijk en hoog opgeleid.

dia 6 – Dijsselbloem
Hij heeft een goede baan:
ambtenaar van de koningin van Ethiopië,
belast met het beheer van haar schatkist.
Vandaag zouden we hem minister van Financiën noemen,
de Jeroen Dijsselbloem van Ethiopië.
De Ethiopiër heeft zich opgewerkt en heeft een topbaan.

dia 7 – van binnen: beschadigd door het leven
Dat is de buitenkant.
Toch is deze Ethiopiër niet tevreden met zijn leven.
Nee, niet omdat hij zijn topbaan nog niet genoeg vindt,
maar omdat hij die baan alleen maar kon krijgen door zijn gebrek.
Deze man is een eunuch, onvruchtbaar gemaakt.
De koningin van Ethiopië stelde mannen aan die geen bedreiging voor haar waren,
mannen die haar niet zwanger konden maken.
Als de Ethiopische minister van Financiën begint te praten,
kun je het ook wel horen: hij heeft nooit de baard in de keel gekregen.

Gebreken horen nu eenmaal bij het leven.
Iedereen heeft zijn eigen mislukkingen.
Niemand komt zonder kleerscheuren door het leven.
Sinds de zondeval is het leven aangetast.
Elk leven is op een of andere manier beschadigd.
Ieder heeft zijn eigen mislukkingen.

dia 8 – God is te heilig
De Ethiopiër liep er hard tegenaan.
Hij kwam in Jeruzalem om God te aanbidden.
Maar hij had net zo goed thuis kunnen blijven.
In de tempel, de plek bij uitstek om God te aanbidden, was hij niet welkom.
Hij was een vreemdeling, en bovendien gecastreerd.
De regels zijn duidelijk, ik lees het voor uit Deuteronomium 23:
‘mannen bij wie de zaadballen zijn geplet of het lid is afgesneden,
mogen niet deelnemen aan de dienst van de Heer.’
Sorry voor de onsmakelijke taal, zo staat het er gewoon…
De Ethiopiër had al moeite met zijn gebrek,
en nu blijkt dat hij ook nog eens niet welkom is bij God…
God is te heilig voor mensen als hij.

Vanmorgen is hij uit Jeruzalem vertrokken.
Onderweg leest hij uit de boekrol die hij in Jeruzalem gekocht heeft.
Geen vrolijk gedeelte: het lijkt wel alsof het over hem gaat!
‘Als een schaap naar de slacht’: zo voelt hij zich door die afschuwelijke ingreep.
‘Hij deed zijn mond niet open’: praten kan hij nog, maar zijn stem is misvormd.
‘Hij werd vernederd’: hij is aangetast in zijn eer.
‘Wie zal van zijn nakomelingen verhalen?’: niemand, hij zal nooit nakomelingen krijgen.

Leven met gebreken, die Ethiopiër weet er alles van!
Hij weet dat hij niet bij God past.
En nu wij: hoe kijk je tegen jezelf aan?
Vind je het logisch dat God met je om wil gaan?
Of ben je door je gebreken niet goed genoeg voor God?
Ik sta daar eigenlijk nooit bij stil, maar dat is wel goed:
God is zo heilig, daar pas ik met al mijn gebreken nooit bij!
Ik heb helemaal niets bij God te zoeken,
nog veel minder dan aan de stuurknuppel van een F16!

2. De Geest aan het werk
dia 9 – de Geest aan het werk
Gelukkig houdt het hier niet op!
Tot nog toe is het een treurig en menselijk verhaal.
Maar het is maar één kant van het verhaal:
God doet zelf ook mee.
De Geest is aan het werk!
Dat klinkt misschien nog vaag,
maar je mag hem ontdekken in heel gewone dingen.

dia 10 – de Geest maakt open voor God
De Geest is al langer bezig met deze belangrijke Ethiopiër.
Waarom zou een belangrijke Ethiopiër naar Jeruzalem komen
om daar God te aanbidden?
Een Ethiopiër heeft toch gewoon zijn eigen land en goden,
wat heeft hij in Jeruzalem te zoeken?
Normaal gesproken niets, maar de Geest is met hem aan het werk.
Juist de teleurstelling in zijn leven zal hem ook een zetje hebben gegeven.
Als zijn leven een groot succes was,
niet alleen aan de buitenkant, maar ook van binnen,
waarom zou hij dan God zoeken?
Maar de gebreken van je leven kunnen je open maken voor God.

dia 11 – de Geest stuurt gebeurtenissen
En dan is daar opeens Filippus.
Precies de goede man op precies het goede moment op precies de goede plek.
Dit is precies wat de Ethiopiër nodig had.
En het is geen toeval:
deze ontmoeting, waar van buiten niets bijzonders aan te zien is,
deze ontmoeting, die het leven van de Ethiopiër voorgoed zal veranderen,
deze ontmoeting is de Geest aan het werk.
Is de Geest vaag?
Nee, je mag hem zien in de mensen die God op je weg plaatst.

dia 12 – schrijver
Je hebt vast wel eens een boek gelezen of een film gezien,
waarvan je dacht: maar zo gaat het in het echt niet.
Het is wel heel toevallig dat op precies het goede moment de goede dingen gebeuren.
Dat kan alleen maar omdat de schrijver het bedacht heeft.
Handelingen 8 lijkt ook wel zo’n verhaal: het klopt te goed.
Inderdaad: het is geen toeval, de Geest schrijft hier de geschiedenis.

Dus zie de Geest maar in heel gewone dingen.
In het verlangen dichter bij God te komen.
In ontmoetingen met anderen,
die achteraf altijd betekenis voor je blijven houden.
Als we elkaar helpen vast te houden aan Jezus,
dan is dat de Geest aan het werk!

3. Door Jezus welkom bij God
dia 13 – door Jezus welkom bij God
Door de ontmoeting met Filippus
wordt het leven van de Ethiopiër voorgoed anders.
Het krijgt een onverwachte wending:
van jezelf pas je totaal niet bij God,
maar door Jezus ben je welkom bij God!

dia 14 – Jesaja 53: over iemand van gebreken
De Ethiopiër zit in zijn wagen en heeft een lange reis voor de boeg.
Alle tijd om eens rustig te lezen
in de boekrol die hij in Jeruzalem heeft gekocht.
Waarom hij nu precies dit gedeelte leest, Jesaja 53, is onduidelijk.
Of toch niet: de Geest blijft maar aan het werk.
Hij leest zoals mensen in die tijd altijd deden: hardop.
Zoals ik al zei, hij herkent zijn eigen ellende in het gedeelte,
maar Jesaja zal het toch niet over hem hebben?
Over wie gaat het dan wel?

Net als hij zich die vragen stelt, is daar Filippus.
Filippus hoort hem al van een afstandje
en weet: hier wil de Geest mij hebben.
‘Meneer’, roept Filippus, ‘hoor ik u nu uit Jesaja lezen?’
De Ethiopiër kijkt op van zijn boekrol,
hij was er zo in verdiept dat hij Filippus nog niet had gezien.
‘Ja, dat klopt, taaie kost hoor, daar kom ik zelf niet uit.’
‘Zal ik u helpen?’ vraagt Filippus.
En Filippus stapt in de wagen.

dia 15 – Jezus draagt de gebreken
De Ethiopiër leest het nog een keer voor.
‘Wat moet ik hier toch mee? Over wie gaat het?’ vraagt hij.
Filippus beseft: ik mag deze man het goede nieuws over Jezus brengen.
Hij vertelt hoe die tekst uit Jesaja over Jezus gaat.
Die man die vernederd wordt,
die alle ellende van de wereld over zich heen krijgt zonder te protesteren,
die man die lijkt te bestaan uit alleen maar gebreken,
dat is Jezus!

Maar het is geen ellende die Jezus overkomt!
Hij kiest er zelf voor.
Het is de taak van Jezus om door alle gebreken heen te gaan.
Alles waardoor die Ethiopiër, jij en ik, niet bij God passen,
Jezus neemt het op zichzelf.
God zegt niet: ‘geen mens past bij mij, ik ben te heilig,
daarom trek ik me van jullie terug.’
In plaats daarvan komt hij naar de mensen toe,
en neemt alle gebreken op zich.
Jezus maakt de weg naar God open, heet je welkom bij God.
Bij Jezus is leven!

dia 16 – de mislukten horen erbij!
Even verderop in Jesaja staat geweldig nieuws, juist voor die Ethiopiër:
‘dit zegt de Heer: de eunuch die vasthoudt aan mijn verbond,
hem geef ik iets beters dan zonen en dochters:
een gedenkteken en een naam in mijn tempel
en binnen de muren van mijn stad.
Ik geef hem een eeuwige naam, een naam die onvergankelijk is.’
Door Jezus hoort nu ook deze mislukte man erbij!
Door Jezus ben je welkom met je gebreken.

4. Wees blij!
dia 17 – wees blij!
Misschien zeg ik daarmee niets nieuws,
heb je al zo vaak gehoord dat God door Jezus van je houdt.
Eigenlijk hoop ik dat ook,
want het is een van de belangrijkste onderdelen van het christelijk geloof.
Maar laat het niet gewoon worden, wees juist blij!

dia 18 – een prachtige belijdenis
De Ethiopiër drinkt de woorden van Filippus in:
dit is wat hij zocht, dit is waar hij altijd al naar verlangde.
Het is alsof zijn leven opnieuw begint.
Daarom wil hij graag gedoopt worden.

Misschien vind je dat maar een vreemde vraag,
en vind je het nog vreemder hoe gemakkelijk het daarna gaat.
Dan ben je zeker de eerste niet.
Al vroeg in de kerkgeschiedenis is een extra vers in Handelingen 8 ingevoegd,
waarin de Ethiopiër een geloofsbelijdenis uitspreekt.
Want dopen, dat is niet zomaar iets,
dat moet je niet in een bevlieging doen.

Maar juist die vraag, ‘waarom zou ik niet gedoopt kunnen worden?’,
is een geweldige geloofsbelijdenis!
In Jeruzalem waren er nog allemaal redenen waarom hij er niet bij hoorde,
waarom hij niet welkom was bij God.
Nu begrijpt hij dat zijn gebreken niet in de weg staan,
dat hij door Jezus bij God mag horen.
Dat hij durft te vragen om de doop,
laat zien dat hij het helemaal heeft begrepen!
En als Filippus weer uit beeld verdwijnt,
vervolgt hij zijn weg vol vreugde.

dia 19 – het nieuwe leven vieren
Als je bij Jezus hoort, heb je alle reden om blij te zijn.
Nee, het is niet zo dat Jezus het einde van je gebreken is.
De moeilijke dingen van het leven blijven.
Net zoals die Ethiopiër onvruchtbaar zal blijven.
Maar die gebreken zijn je leven niet.
Voor God ben je niet wat er allemaal aan je mankeert.
Je bent niet je verdriet, je handicap of je verslaving.
God gaat juist verder met mislukte mensen.
Jezus geeft je een nieuw leven, en daarom: wees blij!

Soms lijken christenen helemaal niet zulke blije mensen.
Vooral als je voor God nog weer aan van alles moet voldoen.
‘Door Jezus ben ik vergeven, maar nu moet ik het waar maken.’
Nee, dat is een grote leugen!
Voor God hoef je jezelf niet te bewijzen,
want je hoort bij Jezus.
De doop van de Ethiopiër is een teken van dat nieuwe leven.
Maar ook als het al lang bekend voor je is,
wil God je dat steeds weer meegeven.
Daarom vieren we zo het avondmaal: we vieren het nieuw leven.

En als je het viert, als je blij bent, dan mag iedereen het weten.
In de bijbel staat niets over hoe het met de Ethiopiër verder is gegaan,
maar in Ethiopië is wel een van de oudste christelijke kerken.
Het kan maar zo zijn dat dat met deze man begonnen is.
Als wij het nieuwe leven zo aan tafel gaan vieren,
dan getuigen we er mee van Jezus Christus.
Door hem is iedereen welkom bij God!
Amen.