2 Korintiërs 12:9 | Genade – alles wat je nodig hebt!

Wil je iets verkopen, dan moet je komen met een gelikt succesverhaal. Maar de boodschap van het kruis vraagt een heel ander verhaal: genade verdient een kwetsbaar verhaal. Als wij zwak zijn, kunnen we vertellen dat genade alles is.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.
Deze preek is gehouden in de afscheidsdienst van Franeker.

Liturgie
Zingen: Opwekking 789
Stil gebed
Zingen: Votum en groet (Sela)
Zingen: GKB Gezang 147 : 1, 3 en 4
Afscheidswoord Hanneke
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: 2 Korintiërs 11 : 30 – 12 : 10
Zingen: GKB Psalm 73 : 9 en 10
Preek over 2 Korintiërs 12 : 9
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Kinderen terug
Leefregels: Matteüs 5 : 3 – 10
Zingen: Opwekking 331
Viering avondmaal
Zingen: NLB Psalm 103c : 1, 3 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: NLB Gezang 416 : 1, 2, 3 en 4
Zegen

Genade – alles wat je nodig hebt!

Inleiding
dia 1 – zwart
Ik sta hier vandaag voor het laatst
Of in ieder geval voor het laatst als eigen voorganger van deze gemeente –
want ik ben zeker wel van plan terug te komen,
maar dan als gastvoorganger.
Deze laatste keer wil ik terug naar de eerste keer: 1 april 2012.
Ik studeerde en was beroepbaar,
en ik mocht in Franeker ‘op beroep’ komen preken.
Hanneke was niet mee, die was zogenaamd ziek,
maar eigenlijk net in verwachting van Daniël.
Van de vrouwenvereniging kregen we toen nog een kaartje
waarin Hanneke beterschap werd gewenst.

dia 2 – genade – alles wat je nodig hebt!
Die allereerste keer preekte ik over 2 Korintiërs 12:9:
‘”Je hebt niet meer dan mijn genade nodig,
want kracht wordt zichtbaar in zwakheid.”
Dus laat ik mij veel liever voorstaan op mijn zwakheid,
zodat de kracht van Christus in mij zichtbaar wordt.’
Ik had die tekst toen niet bewust voor Franeker uitgekozen:
het was gewoon de meest recente preek die ik geschreven heb.
Maar deze tekst is altijd dicht bij mij gebleven –
en daarom heb ik juist deze tekst gekozen om mee af te sluiten.

“Je hebt niet meer dan mijn genade nodig”,
dat is alles wat ik in de jaren hier in Franeker heb willen zeggen.
Genade, genade en nog meer genade!
Daarom het thema vanmorgen:
genade – alles wat je nodig hebt.

1. Gelikt succesverhaal
dia 3 – gelikt succesverhaal
Maar is dat echt zo?
Is genade alles wat je nodig hebt?
De christenen in Korinte hebben daar zo hun vragen bij.
Genade alleen – dat is toch wat mager –
in een bloeiende kerk mag je toch wel meer verwachten?
Dat is in ieder geval wel de boodschap van de leraren in de Korintische kerk,
door Paulus sarcastisch ‘die geweldige apostelen van u’ genoemd.
Zij staan voor een gelikt succesverhaal.

dia 4 – in Korinte: charismatische leraren – beheersen verteltechniek
Een gelikt verhaal:
ze weten precies hoe je een verhaal aantrekkelijk presenteert.
In mijn boekenkast staat een boek met de prachtige titel:
‘ijs verkopen aan Eskimo’s’ – over allerlei presentatietechnieken.
Daar hoefde je die Korintische leraren dus niets over te vertellen.
Zij beheersten de verteltechniek, de retorica, tot in de puntjes.
Als zij iets vertelden, hingen de mensen aan hun lippen.
Zij zouden inderdaad zelfs aan Eskimo’s ijs kunnen verkopen.

dia 5 – vertellen succesverhalen
Bovendien is het een succesverhaal.
Ze praten graag over de successen van het geloof.
Als ‘gewone’ christen tel je eigenlijk niet mee.
Je moet je recht van spreken in de kerk verdienen
door aan te komen met verhalen over bijzondere godservaringen,
verhalen over mensen die door jou tot geloof zijn gekomen,
of verhalen van mensen die God door jou genezen heeft.
Het is trouwens prachtig als deze verhalen verteld kunnen worden,
maar niet om elkaar op grond hiervan te beoordelen.

dia 6 – Paulus steekt daar bleek bij af
Dat gebeurde in Korinte wel.
Vergeleken met die ‘superapostelen’ steekt Paulus bleek af.
Hij moet het van zijn inhoud hebben,
niet van zijn charismatische voorkomen.
Hij zegt het zelf in hoofdstuk 11:
‘ook al ontbreekt het mij aan welsprekendheid, kennis bezit ik genoeg.’
Oftewel: Paulus heeft echt iets te zeggen,
maar slaagt er niet altijd in de boodschap aantrekkelijk over te brengen.

Bovendien komt Paulus niet met een succesverhaal –
al kan hij dingen vertellen waar menig christen jaloers op is.
Maar hij vertelt liever over tegenslag en zwakte.
Over die keer dat hij in Damascus was,
en de stad hermetisch werd afgesloten voor een klopjacht op Paulus,
en Paulus in een mandje over de stadsmuur naar beneden werd gelaten.
Klinkt voor ons als een stoer heldenverhaal,
maar werd toen gezien als een aftocht om je voor te schamen.
Of die doorn in het vlees – wat het ook maar precies is.
In de ogen van de Korintische christenen
is Paulus daarom het kneusje onder de apostelen.

dia 7 – ook wij aanbidden kracht
Volgens mij is er niets nieuws onder de zon.
De christenen in Korinte horen graag een gelikt succesverhaal –
dat geldt voor ons niet minder.
Onze samenleving aanbidt kracht.
Als jij een verhaal te vertellen hebt,
en daar mensen graag in wilt meenemen,
dan kun je maar beter met een gelikte presentatie komen.
Want, verwend als we zijn, vinden we het al snel saai.
We willen een show.

En ook wij houden van succesverhalen.
De eerste vraag die wij stellen als iemand ons ergens van wil overtuigen,
is deze: ‘wat heb ik eraan?’
Reclamemakers doen niet anders dan die vraag beantwoorden.
En het mooiste is als je in 1 zin kunt zeggen wat je ergens aan hebt.
Vertaald naar het christelijk geloof wordt dat: ik geloof omdat het werkt.

Net als Paulus kan ik die verwachtingen niet waarmaken.
Ik heb grote bewondering voor cabaretiers die de zaal kunnen bespelen,
die precies weten waar ze mee bezig zijn en de aandacht perfect weten vast te houden.
En ik weet ook wel: vaak zit daar een heel team achter,
of gaan er aan de show maanden voorbereiding inclusief try-outs vooraf,
maar toch: ik kijk naar hen op.
Zelf ben ik niet zo’n ster.
Ik zou graag al lopend over het podium mijn verhaal willen doen,
maar sta nog altijd veilig achter de lessenaar,
en werp om de zoveel woorden een blik op mijn uitgeschreven tekst.

Ik heb ook al geen succesverhalen.
Heel veel weet ik gewoon niet, en bij vlagen vind ik geloven moeilijk.
Om het nog maar niet te hebben over al die manieren van geloven.
Wat ik moet denken van gebedsgenezing, de evolutietheorie of Israël,
ik vind het maar wát verwarrend!
Ik ben geen supergelovige met indrukwekkende godservaringen,
maar ik houd wel van Jezus,
en kan niet anders dan steeds weer getroffen te worden
door hoe het kruis van Jezus de wereld op zijn kop zet.
That’s it.

2. Genade verdient een kwetsbaar verhaal
dia 8 – genade verdient een kwetsbaar verhaal
En dan vind ik het schitterende van 2 Korintiërs 12: dat is genoeg!
Natuurlijk voel ik de verleiding het mooier te maken,
maar het hóeft helemaal niet!
Paulus wil ook graag een krachtiger verhaal kunnen neerzetten,
hij bidt daar om, hij smeekt van zijn ‘doorn in het vlees’ bevrijd te worden,
zodat hij de boodschap van Jezus krachtiger kan brengen,
maar God zegt tegen Paulus: ‘nee!’
Want de boodschap van genade verdient een beter verhaal.
Geen gelikt succesverhaal – dat vertelt dat genade niet genoeg is.
Genade verdient een kwetsbaar verhaal,
waarin Gods kracht, waarin het wonder van het kruis, kan blinken!

dia 9 – geen succes, maar de kracht van het kruis
Geen succesverhaal dus,
over hoe geweldig het leven als christen wel niet is.
‘Je hebt niet meer dan mijn genade nodig,’ zegt God tegen Paulus,
‘wánt kracht wordt zichtbaar in zwakheid’.
Wij vertellen graag over onze successen, ik ook,
maar als het over God gaat,
vertellen je mislukkingen een veel krachtiger verhaal!

Als er iemand is die met een krachtig verhaal kan komen,
dan is het God wel!
Als God naar deze wereld komt,
dan mag je verwachten dat het zo overweldigend is
dat iedereen op knieën valt om hem te aanbidden.
Maar zo kwam God dus niet.
Niet krachtig, maar als een zwakke baby,
die zijn leven begint als vluchteling.
Daarmee is de toon gezet.
Ook zijn verdere leven is geen klassiek succesverhaal:
steeds meer mensen moeten niets van hem hebben,
tot Jezus uiteindelijk uit de weg geruimd wordt aan het kruis.
Dat is geen succesverhaal – het is een complete mislukking!
Maar juist die mislukking is het hoogtepunt in Gods reddingsplan voor de wereld!
‘Kracht wordt zichtbaar in zwakheid’ – Jezus is het ultieme bewijs.

Als we dat echt geloven,
dan moeten we dus ook niet met allerlei succesverhalen komen aanzetten.
We hoeven het christelijk geloof niet te verkopen
door duidelijk te maken welke voordelen je er allemaal van hebt.
Soms ‘werkt’ geloven helemaal niet.
Paulus smeekt om genezing – maar hij moet het met genade doen.
Dat is best een lastige boodschap, zeker voor mensen die graag resultaat zien,
maar christelijk geloof gaat niet om voordelen: genade is genoeg!
En waar wij zwak zijn, niet kunnen vertellen van onze successen,
daar kan Gods kracht zichtbaar worden.

dia 10 – geen show, maar een kwetsbaar verhaal
Genade verdient ook geen gelikt verhaal.
Er is geen uiterlijk vertoon nodig om Christus aan de man te brengen.
Want daar druipt het succes vanaf.
Je kunt nog zo zeggen dat het niet om succes gaat,
maar als je ondertussen een professionele show optuigt,
die niet onderdoet voor wat je op de televisie te zien krijgt,
straal je wel degelijk uit dat we als kerk krachtig moeten zijn.
Maar de boodschap van genade verdient een kwetsbaar verhaal.
We hoeven Christus niet in de markt te zetten,
de boodschap van het kruis, de boodschap van genade,
die overtuigt in zichzelf.

Ik heb wel eens preken gehouden waar ik tevreden over was.
Dat waren dus niet mijn beste preken…
Als een preek ervoor zorgt
dat ik bijzonder in mijn nopjes ben met mijzelf,
dan is er ergens toch iets mis gegaan!
Gelukkig heb ik vaker dat ik na een preek denk: dat had beter gekund.
Dat houd mij klein, en laat mij beseffen dat het een wonder is
dat God door mij heen mensen wil aanspreken,
en dat dat nog gebeurt ook!

dia 11 – het effect: genade blinkt!
Daarmee komen we bij het effect:
als we geen gelikte succesverhalen vertellen,
dan kan genade blinken.
Want gelikte succesverhalen, die gaan niet over God.
Die verhalen zeggen: ‘kijk mij nou’.
Dat past perfect in onze samenleving,
en ook in Korinte werden de mensen graag opgemerkt.
Maar niet ik moet gezien worden – Gód moet gezien worden!
Niet míjn kracht, maar zíjn genade!

Ik heb het mogen merken, deze jaren in Franeker.
Als ik deed alsof ik sterk was,
want ik ben dat niet, ik doe maar alsof,
dan lukt het niet van genade te vertellen.
Maar als ik me realiseerde dat ik de antwoorden niet heb,
en als ik de pijn van het leven voelde,
juist dan konden we samen dicht bij God komen.
Ik heb het gemerkt in het bezoekwerk,
in het contact met jongeren op catechisaties,
in het preken: als ik zwak was, ontstond er ruimte voor contact.
Juist daar kon genade schitteren!

3. Verspilde moeite?
dia 12 – verspilde moeite?
Toch heb ik me er niet gemakkelijk vanaf gemaakt.
Ik heb heel wat tijd gestoken in het voorbereiden van preken.
Ik heb cursussen gevolgd om beter te kunnen preken,
en dat boek gelezen: ‘ijs verkopen aan Eskimo’s’.
Had ik dat allemaal beter niet kunnen doen,
en moet ik dat boek maar verbranden?
Is dat verspilde moeite geweest
die de boodschap van het evangelie alleen maar in de weg staat?

dia 13 – genade verdient een zorgvuldig verhaal
Nee, dat geloof ik niet.
De boodschap van het kruis verdient het om met zorg gebracht te worden.
Een preek is niet bedoeld als een slecht en saai verhaal,
waarin voorgangers zoals ik hun eigen onkunde tonen.
Paulus zegt wel van zichzelf dat hij niet welsprekend is,
ondertussen nuanceren zijn brieven dat beeld op zijn minst.
Als je Paulus’ brieven eens in z’n geheel leest,
dan valt al snel op dat Paulus een duidelijke opbouw gebruikt.
Die opbouw kun je ook nog naast de verteltechniek van die tijd leggen,
de klassieke Griekse retorica,
en die blijkt Paulus uitstekend te beheersen!
Paulus maakt daar vrijmoedig gebruik van,
om de boodschap van het evangelie met kracht neer te zetten.

Als we over Jezus vertellen,
dan mogen we gebruik maken
van alles wat de communicatiewetenschappen ons leren –
zodat als mensen afknappen, dat niet is omdat ze tijdens de preek in slaap vallen!
Als we over Jezus vertellen,
dan moeten we ook niet blijven steken bij hoe moeilijk geloven is,
bij onze twijfels en moeiten,
maar moeten we vertellen van Gods kracht.

dia 14 – maar nooit ‘kijk mij eens’
Maar het moet geen: ‘kijk mij eens preken’ worden.
Want ik geloof dat God veel interessanter is,
veel meer je aandacht waard, dan dat ik dat ben.
Paulus leert zichzelf niet groot te maken, maar God,
en ik hoop dat dat in mijn preekwerk ook steeds te proeven is.

4. Sta genade niet in de weg
dia 15 – sta genade niet in de weg
Dat geldt natuurlijk niet alleen voor mij:
voor ons allemaal geldt dat we er niet zijn om onszelf groot te maken,
maar om God groot te maken.
Als we echt geloven dat genade alles is wat je nodig hebt,
dan moeten we die genade ook niet in de weg staan.

dia 16 – gids
Een mooi voorbeeld kwam ik tegen in een boekje van Max Lucado.
Hij vertelt over een jongeman die in een museum rondleidingen geeft.
De mensen die hij rondleidt zijn onder de indruk van de prachtige schilderijen,
en de jongeman neemt alle complimenten dankbaar in ontvangst.
Het voelt alsof de complimenten voor hem zijn,
al kan hij zelf absoluut niet schilderen.
Hij wordt trotser en trotser,
tot hij op een dag voor de schilderijen gaat staan,
en iedereen hem bewonderen kan in plaats van de schilderijen.

dia 17 – durf zwak te zijn – dan komt er ruimte
Ik als predikant, wij als kerk,
moeten niet vóór de boodschap van genade gaan staan.
Doe niet alsof jouw leven één groot succesverhaal is!
Houdt de schijn niet hoog dat jij een geweldig leven hebt,
door alleen mooie dingen te delen en moeilijke dingen voor jezelf te houden.
Juist als we eerlijk zijn, naar elkaar en naar God,
als we zwak durven te zijn
en toe kunnen geven dat we niet alle antwoorden hebben,
juist dan komt er ruimte voor God,
ruimte om elkaar bij het kruis van Christus te ontmoeten!
Het eerlijke, kwetsbare verhaal van genade
is veel mooier dan de gelikte succesverhalen die je overal hoort.

dia 18 – avondmaal
Daarom vind ik het ook zo mooi dat we vandaag avondmaal vieren.
Dat is misschien een beetje gek in een afscheidsdienst,
maar ik ben er heel blij mee!
Want aan de maaltijd van Jezus zijn we allemaal gelijk.
Daar zijn geen succesvolle en minder succesvolle christenen.
We komen er als zwakkelingen, als losers,
die weten dat Gods genade alles is!
Daar komen we bij hem die voor ons zwak geworden is.
Zijn genade is alles wat je nodig hebt!
Amen.




Psalm 87:5 | De Geest breekt muren af

Friezen, Groningers, Hollanders, Marrokanen, Turken: bij ons doet afkomst ertoe. We bouwen muren tussen volken, maar ook om onszelf heen. De Geest breekt die muren af: als je in Jezus gelooft, tel je als geboren Jeruzalemmer.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: ‘Kom heilige Geest’ (Sela)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Kids Opwekking 241
Gebed
Kinderen naar kinderclub
Lezen: Psalm 87 : 1 – 7
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
Lezen: Handelingen 2 : 1 – 13
Zingen: GKB Psalm 87 : 1, 2, 3, 4 en 5
Preek over Psalm 87 : 5
Zingen: Opwekking 767
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Zingen: ‘Aan uw tafel’ – Sela
Viering avondmaal
Zingen: Opwekking 718
Gebed
Collecte met luisterlied ‘Heal Our Land’
Zingen: Opwekking 488
Zegen

De Geest breekt muren af

Inleiding
dia 1 – vlaggen
In de 2 bijbellezingen zijn heel wat exotische volken langs gekomen.
In Psalm 87 Rahab, Babel, Filistea, Tyrus en Nubië.
Handelingen 2 noemt er nog veel meer,
zoals Kappadocië, Frygië en Pamfylië – van die heerlijke tongbrekers.
Hoe dan ook: het is een bont gezelschap.

Hoog tijd dus om naar de wat minder exotische volken te gaan.
Dan beginnen we – hoe kan het ook anders – met de Friezen.
Je kunt natuurlijk een hele discussie beginnen
over de vraag wanneer je een Fries bent,
maar laten we het simpel houden:
je bent een Fries wanneer je in Friesland geboren bent.
Wie hier is er dan een Fries?

dia 2 – fryslan
Volgens de tekst op dit shirt heb je het dan getroffen.
Voor mij, als Drent, zitten hier ook nogal wat tongbrekers in,
dus ik zal het maar even in vertaling voorlezen:
‘ik heb er niet voor gekozen Fries te zijn,
ik heb gewoon geluk gehad.’

dia 3 – vooroordelen
Tenminste, zo denken Friezen zelf erover.
In de rest van Nederland staan ze bekend
als stugge blonde schaatsers –
als we dit kaartje tenminste moeten geloven.

Zoals gezegd – ik ben geen Fries.
Ik doe graag alsof ik een Drent ben,
maar in mijn paspoort staat toch echt ‘Hardenberg’.
Ik kom dus uit Overijssel, al bestaan er geen Overijsselaren.
Je bent een Sallander of een Tukker.
Ik een Sallander – kan ik ook niets aan doen.
Volgens de kaart het land van de beekjes en de boeren.

Eens kijken wat we nog meer hebben.
Groningers in de zaal? Stoicijnse boeren!
Hollanders? Kaaskoppen!
Zeeuwen? Gierig, en staat als eerste onder water.
Limburgers? Corrupte onbegrijpelijke reserve-belgen.
Wie heb ik nu nog gemist?

Om zulke vooroordelen kun je lachen – tenminste: dat hoop ik maar.
Ik heb er in ieder geval nooit nadeel van ondervonden
dat ik geboren ben in de gemeente Hardenberg.
Maar wat als ik geboren was in Marokko?
Of gewoon in Nederland, maar met Marokkaanse wortels? of Turkse?
Dan krijg je met minder onschuldige vooroordelen te maken.

dia 4 – De Geest breekt muren af
Wat wij doen, is dit: wij bouwen muren.
We schermen af: Friezen zijn geen Groningers,
en al helemaal geen Hollanders.
Maar vandaag vieren we Pinksteren.
Het feest van de Geest die muren afbreekt.
Lees maar in Psalm 87:5: ‘met recht kan men van Sion zeggen:
“welk volk ook, het is hier geboren, de Allerhoogste houdt Sion in stand.’
Niks geen volken die niet welkom zijn: iedereen mag erbij horen.
Want de Geest breekt muren af!

1. Muren bouwen…
dia 5 – bouw
Maar voordat er muren gesloopt worden,
moeten ze er natuurlijk eerst zijn.
En ze zijn er: aan muren geen gebrek.
We blijven maar muren bouwen…

dia 6 – Psalm 87 lijkt wij tegenover zij
Psalm 87 lijkt ook die kant op te gaan.
Het is een echt stadslied, waar Jeruzalem wordt bezongen –
want Sion, dat is een andere naam voor Jeruzalem.
Jeruzalem is beter dan alle andere steden van Israël.
Om nog maar niet te spreken over de steden buiten Israël.
Toen ik in Kampen ging studeren leerde ik het Kamper stedelied.
Kampen wordt erin verheerlijkt,
en is uiteraard beter dan alle andere plaatsen – vooral Zwolle…
Zo begint Psalm 87 ook: Jeruzalem tegenover de rest.
Het is ‘wij’, Jeruzalem, tegenover ‘zij’, de anderen.
Er staan muren om Jeruzalem, letterlijk.
‘De Heer heeft de poorten van Sion lief.’
Als je Jeruzalem in wilt komen, moet je door de poorten.
En daar wordt eerst gekeken of jij wel naar binnen mag.

Psalm 87 begint herkenbaar.
Nee, wij bezingen Jeruzalem niet.
En Kampen waarschijnlijk ook niet.
Maar het Friese volkslied natuurlijk wel!
Wie zei er net ook alweer dat je Fries was? – o, nu durven jullie niet meer. ;)
In ieder geval: wij bouwen muren.

dia 7 – we beschermen onszelf met muren
En soms zijn muren heel goed.
Ik bedoel, ik ga vandaag niet de bouwsector afkraken.
Ik ben blij dat ons huis muren heeft!
Dat houdt de kou en de regen buiten.
Maar vaak houden onze muren meer buiten.

dia 8 – muur
Soms bouwen we letterlijk muren om onszelf te beschermen.
In de Verenigde Staten moet een muur langs de grens met Mexico komen
om Mexicanen buiten de deur te houden.
Geen idee wat de stand van zaken rondom dat project is trouwens…
Iets verder terug is het IJzeren Gordijn, dat Europa in tweeën deelde.
En een heel gevoelige: in Israël staan muren tussen Israël en de Palestijnen.

Maar ook als we niet letterlijk muren bouwen,
kunnen we toch heel wat muren opwerpen.
Je komt Nederland echt niet zomaar in:
daar moet je de goede papieren voor hebben.
En als je een Arabische achternaam hebt
is het echt moeilijker om aan werk te komen.

Maar we bouwen niet alleen muren tussen volken.
We bouwen ook muren om onszelf heen.
Want eigenlijk is iedereen een bedreiging voor jou!
Mensen doen elkaar akelige dingen aan,
dus bescherm je jezelf met een hoge muur.
En dat is lastig: we zijn gemaakt voor relaties,
en volgens mij verlangt iedereen naar verbinding, naar contact,
maar ondertussen durven we ons niet bloot te geven,
en verschansen we ons achter onze muren.

dia 9 – sinds Babel regeren angst en superioriteit
Waar komen die muren eigenlijk vandaan?
In de bijbel wordt daar al vroeg over verteld, in Genesis 11.
Het is het verhaal van de torenbouw van Babel.
De mensen vinden van zichzelf dat ze heel wat zijn,
en bouwen een enorme toren,
als een soort monument voor de mens,
om te laten zien waar we allemaal toe in staat zijn.
Maar ook wel als muur om God buiten te houden.
God reageert door verwarring te zaaien:
de mensen kunnen elkaar niet meer verstaan,
en gedesillusioneerd pakken ze hun bezittingen,
om overal te gaan wonen.
Vanaf die dag doet het er toe van welk volk je bent.
Binnen de kortste keren werd de mensheid gedreven
door een giftige mengelmoes van angst en superioriteit.
We zijn bang voor iedereen die anders is,
en tegelijk voelen we ons beter.

Dat is niet zo best…
Je zou verwachten dat als Jezus op aarde komt,
hij het helemaal anders gaat doen.
En ja, Jezus zinspeelt er wel op dat het anders gaat worden,
dat hij niet alleen koning van de Joden is, maar van de hele wereld,
maar tijdens zijn leven op aarde gaat Jezus grotendeels met de muren mee.
Jezus houdt buitenlanders nog op afstand.
Als in Matteüs 15 een buitenlandse vrouw Jezus om medelijden smeekt,
reageert Jezus als volgt:
‘ik ben alleen gezonden naar de verloren schapen van het volk van Israël.’
Lekker nationalistisch…
Het wordt nog bonter: ‘het is niet goed om de kinderen hun brood af te nemen
en het aan de honden te voeren.’
Hoor ik dat goed: zijn Israëlieten kinderen en buitenlanders honden?!
Het is dat de vrouw blijft aandringen: ‘maar de honden eten toch de kruimels’ –
anders zou ze onverrichterzake naar huis zijn gekeerd.
Bij Jezus blijven de muren nog even staan.

2. De Geest breekt muren af
dia 10 – sloopkogel
Totdat het Pinksteren wordt.
Dán moeten de muren er toch echt aan geloven.
De Geest haalt met zijn sloopkogel de muren omver.
Het is genoeg geweest met die verdeeldheid,
met dat steeds buitensluiten van iedereen die anders is.
Jezus zinspeelde er al op,
maar nu het Pinksteren is, nu de Geest komt, wordt het werkelijkheid.
De deuren, of in de taal van Psalm 87: de poorten, gaan nu wagenwijd open.
Zoals Johannes het zegt in Openbaring 21 over het nieuwe Jeruzalem:
‘de poorten zullen overdag nooit gesloten worden, en nacht zal het er niet meer zijn.’
Pinksteren is het begin daarvan, het begin van nieuwe eenheid.

dia 11 – zelfs de grootste vijand hoort erbij
Psalm 87 lijkt een typisch stadslied te zijn, tot je bij vers 4 aanbelandt:
‘ik noem Rahab en Babel mijn getrouwen.
Filistea, Tyrus en Nubië zijn allen hier geboren.’
Dat is heel andere koek dan die muren!
Niks geen ‘wij Jeruzalem’ tegen ‘zij de rest’.
De rest, alle andere volken, zij horen er helemaal bij!

En het zijn niet de vriendelijkste volken.
Er is natuurlijk gradatie.
De meeste Nederlanders zullen niet zo veel tegen Denen hebben.
Denen vormen voor ons geen bedreiging,
eigenlijk lijken we best wel op elkaar, dus we kunnen prima vrienden zijn.
Met een land als Polen is het al wat moeilijker, ook al zitten we samen in de EU,
maar Rusland is pas echt bedreigend.
In Psalm 87 zijn het juist de meest angstaanjagende volken die genoemd worden!
Vooral Rahab, een andere naam voor Egypte, en Babel:
de grootmachten van de toenmalige wereld,
altijd op zoek naar mogelijkheden hun rijk te kunnen uitbreiden,
en Israël moest dus altijd vrezen voor annexatie.
Met de Filistijnen was het altijd ruzie,
en de Tyriërs hebben Israël met Baäl opgezadeld,
wat bepaald geen aanwinst was…
Wat Nubië, oftewel Ethiopië, in dit rijtje doet, is niet helemaal duidelijk,
maar laat in ieder geval zien dat ook verre landen meedoen.
Maar verder is het vooral: zelfs de grootste vijand hoort erbij!

In Psalm 87 is dat nog profetie,
maar in Handelingen 2 begint het werkelijkheid te worden.
Als al die mensen uit al die landen
de leerlingen van Jezus in hun eigen taal horen spreken.
In Babel ontstonden de talen, met Pinksteren overwint de Geest de taalbarrière.
Nu moet ik wel iets preciezer zijn:
die mensen in Jeruzalem, dat zijn voor het grootste deel Joden.
Joden die overal ter wereld woonden, maar wel Joden.
Geen ‘echte’ buitenlanders.
Maar dat begint met Pinksteren wel:
het goede nieuws van Jezus gaat de wereld over,
klinkt in alle talen en bereikt alle volken.
Dat talenwonder is het begin daarvan.

dia 12 – niet te gast, maar genaturaliseerd in Jeruzalem
In Psalm 87 loopt het uit op een soort naturalisatieplechtigheid.
God zelf schrijft de volken in.
Want die volken, overal vandaan, zijn bij God niet te gast:
ze gelden als geboren Jeruzalemmers.
Ze krijgen hun inburgeringsdiploma, zonder er iets voor te doen.

Ook wij, Nederlanders.
Wie bij Jezus wil horen, wordt genaturaliseerd tot Jeruzalemmer.
Paulus schrijft erover in Efeziërs 2:12-14:
‘Bedenk dat u destijds niet verbonden was met Christus,
geen deel had aan het burgerschap van Israël
en niet betrokken was bij de verbondssluitingen en de beloften die daarbij hoorden.
U leefde in een wereld zonder hoop en zonder God.
Maar nu bent u, die eens ver weg was,
In Christus Jezus dichtbij gekomen, door zijn bloed.
Want hij is onze vrede, hij die met zijn dood de twee werelden één heeft gemaakt,
de muur van vijandschap ertussen heeft afgebroken.’
Dat Hardenberg in mijn paspoort staat is niet langer relevant.
Van mij mag je best trots zijn dat je een Fries bent, maar voor Christus telt het niet.
Hij zegt: ‘ben je Fries? Kun je ook niets aan doen!
Maar door mij tel je mee: ook jij wordt een Jeruzalemmer.’

dia 13 – eenheid, niet van de mens maar van de Geest
Door de Geest ontstaat er een nieuwe eenheid.
Maar wel een andere eenheid dan de eenheid van Babel.
Die was gebaseerd op trots: ‘kijk ons nou!’
Het was een eenheid van hoogmoed,
van mensen die het zonder God willen doen.
De eenheid die met Pinksteren begint is anders.
Niet op basis van mensen, maar op basis van de Geest.
In Psalm 87 zie je dat ook: ‘mijn bronnen zijn alleen in u.’
Wat ons samenbindt, is niet dat we op elkaar lijken,
niet onze gezamenlijk hobby’s of idealen,
maar Gods liefde voor ons, het offer dat Jezus gebracht heeft en onze liefde voor hem.
Op die basis breekt de Geest muren af,
om een nieuwe eenheid te maken.

3. Zoek elkaar
dia 14 – zoek elkaar
Met zo’n God, met zo’n Geest,
kunnen wij ons natuurlijk niet langer achter muren verschansen.
Hij zet de poorten wijd open – dan wij ook.
Laten we elkaar zoeken!

dia 15 – in de kerk en in de wereld (contact)
Als je bij Jezus hoort, dan horen daar geen muren bij,
maar poorten die uitnodigend open staan.
We bouwen geen muren, we halen ze juist onderuit!
Christenen staan in dienst van de Geest – de Oppersloper.
Dus zoek elkaar, in de kerk.
Laten we geen groepen maken, clubjes gelijkgestemden.
Zulke muren horen hier niet.
Laten we naar elkaar luisteren, écht luisteren, en elkaar begrijpen.
Laten we ons naar elkaar bloot geven,
de muren weghalen die we om onszelf neer zetten,
en die dat verlangen naar echt contact zo in de weg staan.
Zoek elkaar, ook in de wereld.
Want door de Geest mogen we laten zien
dat er een alternatief is voor muren,
een alternatief voor dat eeuwige wij/zij-denken.
Sta open voor wie anders is dan jij,
stap over die drempel heen en leer die ander kennen.
Wees in hoe je met mensen omgaat
een uitnodiging om ook ingeschreven te worden in Jeruzalem.

dia 16 – geen angst en trots, maar vreugde!
Ja, dat kan eng zijn.
En wat we minder graag toegeven:
daar voelen we ons ook wel eens te goed voor.
Maar de Geest wil je veranderen.
Die angst en die trots van je wegnemen.
Besef dat ook jij een vreemdeling in Jeruzalem was.
De Geest wil met je aan de slag,
wil je helpen bij het leven als christen,
en dan kun je de angst en het superioriteitsgevoel wegdoen.

Dan gaat een hele wereld voor je open.
Samen in Jeruzalem, samen rondom Christus, is het groot feest.
Zo sluit Psalm 87 af: ‘en dansend zingen zij.’
Want bij Jezus kom je thuis.
Als alle muren verdwijnen, we met God leven en elkaar in de ogen kijken,
dan is het feest – het is de hemel.
In de kerk, en vandaag in het bijzonder bij het avondmaal,
beginnen we met die wereld zonder muren.
Amen.




Johannes 14:6 | Weg met je stappenplannen!

Voor alles maken we stappenplannen. Naar elk levensdoel is een stappenplan te bedenken. Maar kun je met een stappenplan ook dichter bij God komen? ‘Nee’, zegt Jezus, ‘ík ben de weg.’ Geen stappenplannen, maar Jezus!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 369
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: OB Psalm 42 : 1, 3 en 5
Gebed
Kinderen naar club
Leefregels
Zingen: NLB Psalm 130c
Lezen: Johannes 13 : 31 – 14 : 21
Zingen: GKB Psalm 1 : 1, 2 en 3
Preek over Johannes 14 : 6
Zingen: NLB Gezang 622 : 1, 4 en 5
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Luisterlied: Opwekking 797
Viering avondmaal
Zingen: NLB Gezang 405 : 1 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 111
Zegen

Weg met je stappenplannen!

Inleiding
dia 1 – checklist
Wie mij een beetje kent, weet dat ik een groot liefhebber van structuur.
Ik kan niet ergens aan beginnen
en dan maar zien waar het schip strand:
ik heb een systematische aanpak nodig.

Daarom vind ik het heerlijk
om op vrije avonden te priegelen met modelbouwpakketten.
Natuurlijk, je kunt zo’n doos openmaken,
de onderdelen uit het raam duwen
en op goed geluk de boel in elkaar lijmen.
Dat kan, maar dat is niet slim.
Met een systematische aanpak kom je veel verder.

Dus begin ik met de bouwtekening.
Het eerste uur van het bouwen van mijn locomotief
besteed ik aan het grondig bestuderen van de tekening.
Ik wil eerst snappen wat er gebeurt, voor ik er zelf aan begin.
Vervolgens maak ik mijn eigen plan,
want ik ben wel zo eigenwijs
dat ik het met enige regelmaat beter weet dan de tekeningen…
Ik draai de volgorde wat om,
en bedenk welk onderdeel wanneer geverfd moet worden.
Als ik dat hele stappenplan in mijn hoofd heb,
ben ik er eindelijk aan toe de eerste onderdelen aan elkaar te lijmen.
Heerlijk, zo’n gestructureerd project!

dia 2 – weg met je stappenplannen
Vandaag gaat het over stappenplannen.
Ik houd daar van: je weet precies waar je aan toe bent.
Thomas houdt daar ook van.
Hij vraagt Jezus naar de weg om bij de Vader te komen.
En dan krijgt Thomas een raadselachtig antwoord.
Johannes 14:6: ‘Jezus zei: “ik ben de weg, de waarheid en het leven.
Niemand kan bij de Vader komen dan door mij.”’
Jezus geeft Thomas geen stappenplan, maar wijst op zichzelf.
Daarom is het thema vanmorgen: weg met je stappenplannen!

1. Stappenplannen
dia 3 – situatie: een gesprek over de tijd na Pasen (bord op schoot)
Jezus doet die uitspraak, ‘ik ben de weg, de waarheid en het leven’,
op de laatste avond met zijn leerlingen.
Ze zitten aan tafel, en natuurlijk niet alleen om te eten.
Als je met vrienden eet,
dan ga je niet met je bord op schoot voor de tv zitten.
Dan leg je juist je telefoons opzij,
eventueel spreek je een ludieke straf af
voor degene die als eerste de verleiding niet kan weerstaan
toch op zijn telefoon te kijken,
en je maakt tijd om met elkaar te praten.

dia 4 – (afbeelding weg)
Vanavond heeft Jezus zijn leerlingen heel wat te zeggen.
Jezus weet van alle veranderingen die eraan komen.
Nog een paar uur en Jezus wordt gearresteerd.
Jezus zal sterven, maar ook weer opstaan.
Vanavond is het moment om de leerlingen voor te bereiden
op de tijd na Pasen.

Er ontstaat een heel gesprek,
maar de leerlingen van Jezus begrijpen maar weinig van wat Jezus zegt.
Thomas, die zo graag duidelijkheid wil, kan er niets mee.
Waar gaat Jezus nou naartoe, en hoe kunnen zij daar komen?
Thomas vraagt naar de weg, naar een stappenplan:
hoe komen we weer bij u?

dia 5 – stappenplannen geven duidelijkheid (stappenplan)
Thomas is een Jood uit de eerste eeuw,
maar als westerling in de 21e eeuw had hij het ook niet slecht gedaan.
Want wat kunnen wij druk zijn met het plannen van onze levensweg!
Op school wordt je getraind om doelen te stellen,
en vervolgens een stappenplan te maken hoe je dat doel kunt bereiken.
Op al je levensdoelen kun je een stappenplan loslaten.
In onze samenleving zijn je mogelijkheden onbegrensd,
jij stippelt de weg uit naar je toekomst,
en voor die weg ben jij alleen verantwoordelijk.

Nu gaat het in Johannes 14 niet over algemene levensdoelen,
het gaat over de weg naar God, de Vader.
Maar ook op het vlak van godsdienst houden we van stappenplannen.
Dat verklaart ook een stukje van de populariteit van het Boeddhisme:
dat heeft gewoon een achtvoudig pad naar verlichting.
Heerlijk, zo’n stappenplan.
Net als met een bouwpakket: je begint gewoon met stap 1.
Maar ook christelijke boeken met stappenplannen doen het goed:
een beter gebedsleven in 10 stappen,
een betere leerling van Jezus worden in 40 dagen, enzovoort.

dia 6 – Thomas zoekt zo’n stappenplan
Als Thomas Jezus naar de weg vraagt,
zoekt hij zo’n antwoord: een stappenplan.
Dat past ook helemaal in het Jodendom.
‘De weg’ is daar een belangrijk thema.
Neem bijvoorbeeld Psalm 1:
er is een weg van rechtvaardigen en een weg van wettelozen.
En natuurlijk is het de bedoeling om op de goede weg te blijven!
Dat is de weg van Gods wet.
Zeker in de tijd van Jezus waren regels in het Jodendom heel belangrijk:
‘houd je aan Gods regels, houd je aan de extra regels, houd je aan nog meer regels,
en je bent op de goede weg: de weg naar God.’
Zo’n antwoord zoekt Thomas: een stappenplan.
‘Doe dit en dit en dit en dit, dan blijf je op de goede weg,
en zul je bij mijn Vader en mij zijn.’

2. Jezus in plaats van stappenplannen
dia 7 – de weg is geen stappenplan maar een persoon
Maar Jezus geeft niet het antwoord dat Thomas graag wil horen.
Geen stappenplan, maar: ‘ik ben de weg, de waarheid en het leven.’
Al die stappenplannen, Jezus schuift ze van tafel,
en in plaats daarvan schuift hij zichzelf naar voren: ‘ík ben de weg’.
Want de weg naar God is geen stappenplan,
wij kunnen niet allerlei stappen zetten om dichter bij God te komen.
Er is maar één weg, en dat is een persoon: Jezus Christus.

dia 8 – verdwaald
‘Ik bén de weg,’ zegt Jezus.
Dat is belangrijk: Jezus vertelt de weg niet, maar is zelf de weg.
Als je in een grote stad verdwaalt bent,
en je vraagt een voorbijganger naar de weg,
dan is de kans groot dat je na zijn derde aanwijzing
de draad al weer helemaal kwijt bent.
Jezus vertelt de weg niet, hij ís de weg.
‘Blijf bij mij,’ zegt Jezus,
‘ik ben voor jou gekruisigd en opgestaan.
Jij hoeft niets meer te doen, ik brengt je bij mijn Vader.’

dia 9 – Jezus heeft zich aan alle stappen gehouden
Niks geen stappenplannen dus.
En dat is maar goed ook, want geen mens kan zich aan die stappenplannen houden.
Dat merk ik al bij die bouwpakketten van mij:
hoe goed ik ook lees, ik maak altijd wel een fout.
Dat je zelf de weg van je leven uitstippelt,
dat klinkt mooi, maar in de praktijk krijg je te maken
met allerlei onvoorziene omstandigheden,
waardoor je weg heel anders loopt dan gepland.
En die stappenplannen om bij God te komen,
die werken gewoon niet!
De Joden deden zo hun best, met al hun regels,
maar 1 foutje, en je kon weer opnieuw beginnen…

Maar Jezus maakt geen foutjes.
Als ik Psalm 1 lees of zing,
dan zakt de moed me wel een beetje in de schoenen:
de rechtvaardige mens moet wel perfect zijn!
Dat ben ik dus niet – sorry…
Maar Jezus is het wel!
Alle wetten, alle regels, alles om heilig te zijn,
Jezus heeft zich eraan gehouden, Jezus heeft het gedaan!
Daarom is hij voor ons een nieuwe weg,
hoeven wij geen stappenplannen te volgen,
maar moeten we bij Jezus zijn.

dia 10 – genade: Gods Weg komt naar jou toe
Want het klinkt wel leuk, al die stappenplannen,
een beter gebedsleven in 10 stappen, dat vind ik heel aantrekkelijk,
maar het is genadeloos.
Stappenplannen leveren je over aan jezelf: jij moet er wat van maken.
En je weet hoe het dan gaat…
Je begint er vol goede moed aan,
met een beetje geluk kom je tot stap 5,
maar als je met stap 6 begint ben je stap 1 alweer vergeten,
en na een maand ben je weer terug bij af.
Een stappenplan is genadeloos, Jezus niet.
Jezus is de weg, de waarheid en het leven:
hij is de waarheid in eigen persoon en hij belichaamt het leven!

Het christelijk geloof gaat niet over alles wat wij moeten doen.
We hebben vorige week Pasen gevierd, en blijven het vieren:
juist daar wordt duidelijk dat Jezus zoveel meer is
dan een wijze man van vroeger aan wie je een voorbeeld kunt nemen.
Nee: hij is de nieuwe weg naar God!
Het christelijk geloof werpt je niet op jezelf terug,
niet jij moet een weg gaan, moet allerlei stappen volgen,
maar Gods weg komt naar jou toe!
Wanneer je in Jezus gelooft, is God nooit ver weg.
Dan hoef je niet naar hem toe te klimmen.
Jezus zegt: ‘dan zijn jullie in mij en ik in jullie!’

3. Doe je stappenplannen weg
dia 11 – doe je stappenplannen weg (prullenbak)
Ik voel me vaak een Thomas.
Thomas, die eerst niet kan geloven dat Jezus is opgestaan.
Thomas, de nuchtere man die snakt naar duidelijkheid.
Ik zou graag een stappenplan krijgen om dichter bij God te leven.
Ik zou graag willen dat geloven duidelijker is:
Jezus liefhebben, dat is zo vaag.
Zeg mij gewoon wat ik moet doen!
Maar hoe ik ook aan stappenplannen gehecht ben, Jezus is veel beter!
Stappenplannen lijken mooi, maar je moet het zelf doen.
Jezus zegt: ik doe het voor je, mijn genade is voor jou genoeg.
Dus zeg ik, tegen mijzelf en tegen jullie:
doe je stappenplannen toch weg!
Denk niet dat jij dichter bij God kunt komen
door hoe jij je best doet en de stappen volgt!

dia 12 – wees een ‘aanhanger van de Weg’
Weet je hoe de eerste christenen genoemd werden?
‘Aanhangers van de Weg’ – je komt het tegen in het bijbelboek Handelingen.
Doe je stappenplannen weg en wees een aanhanger van dé Weg.
Je komt niet bij de Vader door een stappenplan uit te voeren:
Jezus wil je bij de Vader brengen.
Geloof daarom in hem, vertrouw hem, leer hem steeds meer kennen.
Ga met Jezus om, leef met hem!
Want híj is de Weg.

(Vandaag mogen we hem ook ontmoeten in het avondmaal.
Daar mogen we 1 worden met onze Heer.
Daar mogen proeven van wat hij voor ons doet.)
Wij mogen onze stappenplannen in de prullenbak gooien,
want Jezus heeft alles al voor ons gedaan:
hij is de weg, de waarheid en het leven!
Amen.




Hebreeën 1-4 | Jezus opgeven? Ben je gek!

Geloven kan soms voelen als een opgave, wat meer kost dan oplevert. Waarom zou je volhouden, en je geloof niet op een lager pitje zetten? Hebreeën zegt: focus op Jezus, met hem heb je goud in handen! 1e Preek in leesproject over Hebreeën.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Gezang 192 : 1 en 2
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 44
Leefregels
Zingen: GKB Gezang 23
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Hebreeën 1 : 1 – 4 en 2 : 1 – 3
Zingen: GKB Psalm 95 : 4 en 5
Lezen: Hebreeën 4 : 1 – 11
Zingen: LvK Gezang 446 : 1, 2 en 3
Preek over Hebreeën 1 – 4
Zingen: Ik Ben – Sela (1, T, 2, 3, T, 4, 5T, 6T)
Kinderen terug
Avondmaal – onderwijs en viering
Zingen: GKB Psalm 95 : 1, 2 en 3
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 111
Zegen

Jezus opgeven? Ben je gek!

Inleiding
dia 1 – zwart
Wel de lusten, niet de lasten – daar houden we van.
In ieder geval beter dan andersom: wel de lasten, niet de lusten.
Bij allerlei keuzes die wij maken speelt dat een rol:
we maken een afweging van kosten en baten.

dia 2 – Herman
Precies die afweging maakte een paar jaar geleden dat ik Herman heb verkocht.
Herman was mijn oldtimer, een blauwe Volvo 142.
Om je auto een naam te geven moet er wel een steekje bij je los zitten,
dat geef ik direct toe.

In ieder geval: toen ik hem kocht was het ‘wel de lusten, niet de lasten’.
Als student een auto rijden, dat leek mij onhaalbaar.
Maar deze auto kon ik betalen!
De aanschaf viel alles mee,
hij koste niet veel meer dan een fatsoenlijke nieuwe fiets,
en als oldtimer was hij vrijgesteld van wegenbelasting.
Dus kocht ik een auto, en ik voelde me de koning te rijk.
De lasten waren prima te overzien, en wat heb ik van die auto genoten!
Zeg nu zelf, zo’n onverwoestbare Volvo is toch veel leuker
dan een of ander koekblik
waarin je met windkracht 4 de Afsluitdijk niet eens op durft?
Ok, ook Herman was een avontuur om in te rijden,
het was hard werken zonder stuurbekrachtiging
en boven de 100 km/u kon je elkaar niet meer verstaan,
maar elke keer stapte ik met een grote glimlach uit mijn auto.

Maar hier in Franeker werd het steeds meer ‘wel de lasten, niet de lusten.’
Rijden in Herman is altijd een feest gebleven,
maar het kwam er steeds minder van.
Ondertussen bleken de jaren voor Herman wel te gaan tellen.
Dat was vooral aan die ellendige roest te merken.
Had ik net alle roest van een portier verwijderd,
helemaal kaal geschuurd, plamuur erop, glad gepolijst,
en met m’n verfroller weer afgewerkt,
was het volgende portier alweer aan de beurt.
En de kofferbak. En de wielkasten.
Het was niet meer bij te houden.
Herman werd een actiepunt die mij een schuldgevoel bezorgde.
Dus heb ik hem verkocht, opgegeven.

dia 3 – Jezus opgeven? Ben je gek!
Zo’n afweging van kosten en baten kun je maken als je een auto verkoopt,
maar je kunt zo’n afweging ook op je geloof loslaten.
Dat is wat de Hebreeën doen.
Het wordt hen steeds moeilijker gemaakt om te geloven,
de kosten stijgen alleen maar, terwijl het hen steeds minder oplevert.
Kunnen ze Jezus niet beter opgeven?
En dan is de boodschap van Hebreeën 1-4:
Jezus opgeven? Ben je gek!
Dat is het thema deze morgen,
en ik hoop dat deze boodschap je mag helpen vol te houden!

1. Opgeven?
dia 4 – Hebreeën: schrijver en lezers onbekend
Eerst over die ‘brief aan de Hebreeën’.
Wie heeft die brief eigenlijk geschreven? En aan wie?
Op beide vragen moet ik het antwoord schuldig blijven…
Niemand weet wie deze brief geschreven heeft.
Vroeger werd nog wel eens aan Paulus gedacht,
ook al komt zijn naam in de brief niet voor,
maar tegenwoordig is dat eigenlijk het enige waarover iedereen het eens is:
deze brief komt niet van Paulus.
Een naam die wel eens voorbij komt, is die van Barnabas,
Paulus’ reisgenoot tijdens zijn 1e zendingsreis, maar het blijft gissen.
Net zoals naar de ontvangers van de brief.
Het is in ieder geval waarschijnlijk dat de brief aan Joodse christenen is geschreven,
daarom ook die naam ‘Hebreeën’,
maar of het Joodse christenen in Jeruzalem zijn,
of heel ergens anders op de wereld: we weten het niet.

dia 5 – situatie: onder druk geloof op te geven
Waar we wel meer over weten, is hun situatie.
Als je het boek Hebreeën lees krijg je daar een aardige indruk van.
De brief zit vol aanmoedigingen: kom op, houd vol, niet opgeven!
Blijkbaar stonden de Hebreeën onder druk dat wél te doen.
Waarschijnlijk moeten we daarbij denken aan vervolging:
eerst de Joden en later de Romeinen moesten niets van die nieuwe godsdienst hebben,
dus werden christenen gewelddadig onderdrukt.

Even in termen van kosten en baten:
ze merken dat geloven in Jezus hen steeds meer kost,
terwijl hun eerste enthousiasme al een aardig eindje is weggezakt.
Het kost hen meer dan dat het hen oplevert,
en daarmee is de vraag: is het nog wel de moeite waard om te geloven?
De verleiding is groot om te kiezen voor de gemakkelijke weg: het geloof opgeven.
Want als je er steeds minder aan hebt, maar er een gigantische prijs voor betaalt,
waarom zou je het jezelf dan zo moeilijk maken?

dia 6 – geloven: ballast of zegen?
Wij hebben natuurlijk met heel andere problemen te maken dan de Hebreeën,
maar de vraag is dezelfde: als geloven je meer kost dan oplevert,
waarom zou je het jezelf dan zo moeilijk maken?
Ik heb Herman toch ook verkocht, en dat was een goede keuze!
Wat als geloven voor jou meer en meer een gewoonte is,
waar je veel tijd in stopt, waar je veel energie in stopt,
maar je komt tot de ontdekking dat het je niets oplevert.
Eerst probeer je die conclusie nog even weg te duwen,
je moet er niet aan denken je geloof kwijt te raken,
maar het blijft aan je knagen, en langzamerhand laat je de gedachte toe.
Jij stond altijd klaar, voor iedereen, maar wat heeft het je gebracht?
Elke zondag zit jij in de kerk, maar de dienst gaat langs je heen,
of je begint je steeds meer te ergeren aan kleinigheden.
Je leest elke dag uit de bijbel,
maar merkt dat het je ene oor in, je andere oor uit gaat.
Waarvoor doe je het nog?

En dan gaat het hard.
Je slaat een keer bijbellezen over.
Je bidt eens een dagje niet.
Je gaat eens een zondag niet naar de kerk.
En eigenlijk merk je het verschil niet.
Het voelt eerder als een bevrijding.
En nee: dit is niet alleen het verhaal van kerkverlaters.
Dit is de twijfel, de aanvechting, waar volgens mij elke christen mee te maken heeft.
Ik in ieder geval wel!
Is geloven wel zo’n zegen? Of is het onnodige ballast?

Wanneer de Hebreeën die conclusie trekken,
vallen ze terug in hun vorige, Joodse leven.
Dat is voor hen de makkelijke weg.
Bij ons is dat uiteraard een andere weg.
Je kunt je geloof afzweren en voortaan als atheïst door het leven gaan.
Maar dat is nog best een grote stap – waarom zo moeilijk doen?
Je kunt ook je geloofsovertuigingen vasthouden,
je gelooft in God, en in Jezus, en in het leven na de dood,
en je houdt vast aan de christelijke normen en waarden,
maar je zet je geloof gewoon op een wat lager pitje.
Een soort ‘wel de lusten, niet de lasten’-geloof.
Een geloof waar het dagelijks leven met God naar de achtergrond verdwijnt,
onder het motto: ‘maar ik gelóóf het wel.’

2. Jezus, Jezus en nog eens: Jezus
dia 7 – Jezus, Jezus en nog eens: Jezus
Wat moet je, als je zulke gedachten bij jezelf merkt?
Als geloven voor jou meer een last dan een lust is?
Wat is het medicijn daartegen?
Dát lees je in Hebreeën 1-4.
Het medicijn is Jezus, Jezus en nog eens: Jezus!

dia 8 – Jezus is het beste dat mensen kan overkomen
Als Jezus niet het middelpunt van je geloof is,
dan is er inderdaad alle reden om je geloof aan de wilgen te hangen.
Of op zijn minst aan een kleerhanger in je garderobekast,
tussen alle andere kledingstukken die je nooit meer draagt,
maar waarvan je maar nooit weet of ze nog eens van pas komen.
Wij kunnen allerlei kleine dingen heel belangrijk maken,
zo belangrijk dat we denken dat dat geloven is.
Of het nou fatsoenlijk leven, de invulling van de kerkdienst
of je inzet voor commissies is.
Door op allerlei bijzaken te focussen verdwijnt Jezus uit het hart van je geloof.
Er is maar één manier om vol te houden: focus op Jezus!
Want als je beseft wie Jezus is en wat Jezus gedaan heeft,
dan zou je wel gek zijn je geloof op te geven!

Dat wordt in de brief aan de Hebreeën verder uitgewerkt.
Als je deze week thuis al wat hoofdstukken hebt gelezen,
zul je gemerkt hebben dat Hebreeën geen makkelijk boek is.
Meer dan alle andere bijbelboeken grijpt Hebreeën terug op het OT.
De ene na de andere tekst wordt aangehaald,
en de schrijver gaat er vanuit dat het voor de lezer bekende kost is.
Maar als je er even goed voor gaat zitten, is het heel mooi.
Al die oude bijbelteksten overtuigen
dat Jezus het beste is dat de mensen ooit is overkomen en zal overkomen.

dia 9 – Jezus is meer dan: engelen – luister naar hem!
In Hebreeën 1-4 wordt dat op 2 manieren uitgewerkt.
In Hebreeën 1 en 2 wordt Jezus vergeleken met de engelen.
‘Hoezo engelen?!’ zul je misschien denken.
Nou, in het Jodendom van die tijd was veel aandacht voor engelen.
Engelen waren de boodschappers van God.
Een engel met een boodschap van God: veel dichter bij God kon je niet komen!
Maar dan zegt Hebreeën: Jezus is nog veel meer dan de engelen,
hij is Gods eigen Zoon!
Als je de boodschap van de engelen al zo belangrijk vindt,
dan verdient de boodschap van Jezus al helemaal alle aandacht!

Het is een unieke boodschap.
Engelen blijven op veilige afstand van mensen.
Ze brengen een boodschap over en zijn weer vertrokken.
Jezus niet – dat lees je in Hebreeën 2.
Jezus is mens geworden zoals wij,
‘om door zijn dood definitief af te rekenen met de heerser over de dood, de duivel,
en zo allen te bevrijden die slaaf waren van hun levenslange angst voor de dood.’
Jezus brengt niet alleen een boodschap over: hij ís de boodschap!

dia 10 – Mozes – Jezus leidt in Gods rust
Dan de tweede vergelijking, in Hebreeën 3 en 4,
waar Psalm 95 een grote rol in speelt.
Daar wordt Jezus met Mozes vergeleken.
Mozes was met de Israëlieten op weg naar het beloofde land,
het land van Gods rust.
Maar de echte rust, die hebben de Israëlieten nooit gevonden.
Daarvoor moet je bij Jezus zijn, die veel groter is dan Mozes.
Jezus leidt ons in Gods rust!

Naar ons toe zou de schrijver het anders hebben opgeschreven.
Hij schrijft aan mensen voor wie de engelen en Mozes boven elke twijfel verheven zijn,
maar Jezus niet – dat ligt bij ons natuurlijk anders.
Bij ons zou de vergelijking niet met engelen zijn,
maar met filosofen of gelukwetenschappers.
Dat zijn de mensen die ons vertellen
hoe we gelukkig kunnen worden en een goed leven kunnen hebben.
Dan zou Hebreeën zeggen: ‘Jezus is veel beter dan al die deskundigen van jullie.
Jullie zoeken naar de waarheid over het leven.
Maar Jezus komt van de Waarheid in eigen persoon!
Niemand staat dichter bij de Waarheid dan Jezus.
En dan te bedenken dat deze Jezus zich één maakt met ons – wat wil je nog meer?!’

De vergelijking zou ook niet met Mozes zijn,
maar met onze leiders van wie we heel wat verwachten:
dat ze zorgen voor werkgelegenheid,
dat onze koopkracht elk jaar wat puntjes stijgt,
dat je je op straat veilig voelt,
dat ze zorgen voor tevreden burgers.
Je kunt het ook zo zeggen: we verwachten dat ze ons naar het beloofde land brengen.
Dan zou Hebreeën zeggen: ‘Jezus is veel beter dan al die leiders van jullie.
Jullie zoeken naar het beloofde land, naar echte rust.
Jullie proberen het op allerlei manieren te bereiken,
maar Jezus brengt het jullie gewoon!
Hoezo is geloven ‘moeilijk doen’: kijk dan wat Jezus allemaal doet!’

dia 11 – goud
Dat is wat steeds terugkomt:
waar je Jezus ook mee vergelijkt, Jezus is altijd beter.
Alle alternatieven steken bij Jezus bleek af.
Met een ‘maar ik gelóóf het wel’-geloof doe je Jezus én jezelf tekort.
Met Jezus heb je goud in handen!
In hem, zegt Hebreeën 1, schittert Gods luister.
Je bent toch niet gek, dat je dat zou opgeven?!

3. Houd vol!
dia 12 – 1. focus op Jezus!
Wat moet je doen als geloven sleur wordt,
als je merkt dat het je meer kost dan oplevert?
Vanuit Hebreeën 1-4 wil ik 2 dingen meegeven.

Het eerste: focus op Jezus!
Dat klinkt zo logisch,
maar wat is het belangrijk om dat steeds weer te zeggen,
om jezelf er steeds weer aan te herinneren!
Want voor je het weet is je geloof een prachtig systeem
of een indrukwekkende manier van leven geworden,
maar is het hart eruit verdwenen.
Je geloof drijft op plichtsbesef, angst of gewoonte,
in plaats van op liefde voor Jezus Christus.
Dat kun je vast wel even volhouden,
maar uiteindelijk raak je in een geloofs-burnout.
Dus stel jezelf de vraag: waarom geloof ik?
Waar gaat het in mijn geloof eigenlijk om?
Misschien moeten er dan heilige huisjes omver om weer bij de kern te kunnen komen.
Leer je niet druk te maken om bijzaken: focus op Jezus!

dia 13 – 2. geef niet op!
Het tweede: geef niet op!
Hebreeën 3 vertelt over de Israëlieten die dat niet deden.
Een dramatische geschiedenis.
Ze staan op het punt het beloofde land in te gaan,
maar nu puntje bij paaltje komt haken ze af.
Opeens lijkt de woestijn veel aantrekkelijker, want vertrouwder,
dan dat beloofde land met al zijn gevaren.
Ze vertrouwen niet op God en zinken in het zicht van de haven.
Hebreeën zegt: laat die Israëlieten een waarschuwend voorbeeld zijn.
We zijn op weg het beloofde rijk van God.
Zorg dat je niet op het laatste moment afhaakt.
Wees niet zo dom je geloof op te geven!
Jezus komt terug – sta jij dan op hem te wachten?

dia 14 – 4:16
Het zijn harde woorden, en dat kan je onzeker maken.
Daarom is de belofte waar Hebreeën 4 mee afsluit zo mooi:
‘laten we zonder schroom naderen tot de troon van de Genadige,
waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden.’
Vandaag zoeken we dat in het avondmaal.
Juist daar valt alle ballast weg, alles wat niet bij de kern hoort.
We komen met lege handen bij Jezus Christus.
Hij voedt ons met zijn leven.
We vieren zijn dood en opstanding en krijgen nieuwe moed!
Amen.




Openbaring 21:2-3 | De hemel op aarde

Een nieuwe hemel en nieuwe aarde? Heb jij er zin in? Of mag het nog wel even wachten? Het nieuwe is onbekend, en daarom kun je een afwachtende houding aannemen. Johannes ziet hoe het zal worden, zodat wij er ook zin in kunnen krijgen.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Welkom
Adventskaars
Zingen: ‘Wijs mij de weg naar Bethlehem’ (Sela)
Votum en groet
Zingen: LvK Psalm 87 : 1, 3 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 26 : 1 en 3
Lezen: Openbaring 21:1 – 22:5
Zingen: LvK Gezang 28 : 1, 2 en 4
Preek over Openbaring 21 : 2 – 3
Zingen: Opwekking 520
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Viering avondmaal
Zingen: GKB Psalm 36 : 2
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: LvK Gezang 288 : 1, 5 en 7
Zegen

De hemel op aarde

Inleiding
dia 1 – botsauto’s
Ik zal een jaar of 10 zijn geweest.
We hadden een familiedag in attractiepark Drouwenerzand.
Het was er toen allemaal wat eenvoudiger dan tegenwoordig,
maar ik vermaakte me er uitstekend!
Glijbanen, draaimolens, en als hoogtepunt: de botsauto’s.
Als ik dan ook nog wat ooms zo gek kreeg om mee te doen
was het feest helemaal compleet.

dia 2 – kabelbaan
Maar bij een attractie bleef ik weg: de kabelbaan.
Nee, niet zo’n kabelbaanwaar je een aanloopje moet nemen
en dan op een wankel zitje springen
en hopen dat je er onderweg niet vanaf kukelt…
Bij deze kabelbaan moest je met een trap omhoog om bij er te komen,
je zat op een fatsoenlijke stoel, volgens mij zelfs in een kleine cabine,
en zodra je met een muntje had betaald
kwam het stoeltje in beweging voor een rit langs de boomtoppen.

Dan moet je net mij hebben.
Voor geen goud dat ik daar in zou stappen.
Mijn zusje wel, de waaghals!
De hele dag zeurde mijn familie aan mijn kop:
‘wil je niet ook eens de kabelbaan proberen?’
Neuj, echt niet!
Zo zei ik dat natuurlijk niet.
Ik zal wel een smoesje bedacht hebben,
maar uiteindelijk was ik er gewoon te bang voor.
Stel je voor dat je neerstort…

Toen we bijna weggingen, werd het gezeur alleen nog maar meer.
‘Kom op Mark, één keer.’
Ik heb mij over mijzelf heengezet en ben gegaan.
En nog een keer, en nog een keer.
Wauw, wat was dat gaaf!
En toen moesten we alweer naar huis.
Ik had de hele dag erin kunnen zitten,
maar ik had zitten miepen dat ik niet durfde…
Wat had ik er spijt van dat ik die kabelbaan niet eerder had ontdekt!

Misschien zijn jullie niet zo bang aangelegd als ik.
Dat is al snel zo, kan ik je vertellen…
Maar toch: je hebt allemaal wel van die dingen die nieuw zijn,
waar je absoluut geen zin hebt,
en achteraf blijkt het fantastisch en wil je niets anders meer.

dia 3 – de hemel op aarde
Ik denk dat het met die nieuwe hemel en aarde ook zo is.
We hebben een schitterend visioen gelezen,
maar ik hoor niet vaak: ‘o, wat heb ik daar toch zin in!’
Nee, het mag nog wel even duren…
In deze preek wil ik je iets van de toekomst laten zien,
met als thema: ‘de hemel op aarde’,
en ik hoop dat het je helpt om er zin in te krijgen!
Want wat is het mooi, Openbaring 21:2-3:
‘Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.
Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwacht.
Ik hoorde een luide stem vanaf de troon, die uitriep:
“Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.
Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn.”’

1. Wat komt ervoor terug?
dia 4 – Openbaring 20: God doet het kwaad weg
Net als vorige week eerst een korte terugblik.
Vorige week lazen we Openbaring 20.
Een pittig hoofdstuk maar waar het om gaat:
God maakt definitief een einde aan het kwaad.
Het is een grote opruiming op de aarde: God doet al het kwaad weg.
Ik heb afgelopen week mijn boekenkast opgeruimd:
alle boeken die ik nooit gebruik gaan weg.
Zo doet God met het kwaad, en het komt nooit meer terug!

dia 5 – wat komt in plaats van het kwaad?
Maar wat dan wel?
Als al het kwaad weg is, wat komt ervoor in de plaats?
Mijn boekenkast zal zich wel weer vullen met nieuwe boeken.
Maar wat komt nu in plaats van het kwaad?
In de adventstijd gaat het om verwachten, maar wát verwacht je eigenlijk?

In Openbaring 20 is het nog oorlog.
Er wordt heftig gevochten, steden worden belegerd,
dag en nacht hoor je kanonnen bulderen.
In Openbaring 21 zijn de kruitdampen opgetrokken.
Dan kom je in een heel andere wereld: er kan gebouwd worden.
Hoe moet de wereld er nu uit gaan zien?

Wat je terugkrijgt is niet automatisch beter.
Ik denk dat over het geheel genomen,
Nederland na de 2e Wereldoorlog mooier is geworden,
maar wat hebben we in die tijd ook lelijke blokkendozen gebouwd!
Het kan ook heel anders.
Met gejuich wordt een dictator verdreven,
maar even later regeert de volgende dictator met harde hand.
Je kunt het kwaad wel opruimen, maar wat krijg je ervoor terug?
Dáárover gaat het visioen van vandaag.

dia 6 – ‘we moeten het nog maar zien’
Maar misschien maakt die vraag, ‘wat krijg je ervoor terug’,
ook wel dat we niet overlopen van enthousiasme.
Dat ‘zin’ wel een erg groot woord is,
we nemen liever een afwachtende houding aan,
en eigenlijk mag het ook nog wel even duren.
Want wat je hebt, dat ken je, en wat komt, dat is altijd afwachten.
Daarom zat ik de hele dag in de botsautootjes,
en liet ik die kabelbaan graag aan mij voorbij gaan.
Ik las ergens over een predikant die de gemeente had gevraagd
wie echt zin had in de terugkomst van Jezus.
Hij had net zo goed kunnen vragen wie er na de kerkdienst
nog even wilde helpen met de afwas:
daar waren meer vingers omhoog gegaan…

De nieuwe hemel en de nieuwe aarde, het is onbekend, het is zo ongrijpbaar.
Deze wereld kennen we, en wat ervoor terugkomt, dat moeten we nog maar zien.
Zo gaat dat met nieuwe dingen.
Nieuwe dingen kunnen heel eng zijn, bedreigend.
Wij mensen, houden van vastigheid.
Ik denk dat zelfs mensen die altijd op zoek zijn naar iets nieuws
op een of andere manier tradities hebben, dingen die altijd hetzelfde blijven.
Zo zitten we nu eenmaal in elkaar: dat geeft ons een beetje zekerheid.
Wat komt daar voor terug?

2. De hemel op aarde
dia 7 – audiotour
Johannes krijgt het in een visioen te zien en deelt het met ons!
Hij krijgt een rondleiding in de hemel op aarde.
Misschien heb je in een museum wel eens een audiotour gedaan.
Je krijgt een koptelefoon op,
en hoort via de koptelefoon aanwijzingen hoe je moet lopen
en informatie over wat je nu eigenlijk ziet.
Zoiets overkomt Johannes,
alleen dan niet met een koptelefoon, maar een engel die hem rondleidt
in wat er voor die oude vertrouwde wereld in de plaats komt.
Met Johannes mogen wij ontdekken hoe het zal zijn.
Zodat wij er ook zin in kunnen krijgen!

dia 8 – aards: de toekomst is op een nieuwe aarde
Het eerste wat opvalt is hoe aards het er allemaal uitziet.
Het clichébeeld van de toekomst is niet zo aantrekkelijk…
Samen met de engelen hang je rond op wattige wolken,
je zingt mierzoete liedjes, en verder is er weinig te doen: het is er een tikje saai.

dia 9 – afmetingen
Johannes ziet iets heel anders:
‘ik zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.’
Het is niet zomaar een stadje:
het is 12.000 bij 12.000 stadie groot, dat is 2300 bij 2300 kilometer!
Om even een indruk te geven:
dat is van Franeker naar Sint Petersburg in Rusland,
dan door naar Istanboel in Turkije,
om via Madrid weer terug te gaan naar Franeker.
Dan heb je ongeveer een rondje om die stad gereden.
Echt een gigantische stad dus, het vult de wereld.
Wat een gezicht moet dat zijn als die stad uit de hemel komt!
Eerst een klein stipje, maar het wordt groter en groter,
totdat zo ver je kijken kunt, alles stad is.
Wij gaan dus niet omhoog, voor een plekje op de wolken,
onze woonplaats komt juist omlaag, naar de aarde!

dia 10 – afbeelding weg
Het is een nieuwe aarde,
waar je aan de ene kant vertrouwde dingen ziet,
maar waar het aan de andere kant compleet anders is.
God pakt het grondig aan.
Niet een likje verf hier en een nieuw bloemetje daar,
om het weer zo mooi te maken als het ooit was:
nee, het is een grondige verbouwing, waar niets blijft zoals het was,
maar het tegelijk wel de aarde blijft.

dia 11 – jaspis
De gebouwen bijvoorbeeld.
In Franeker vind ik het oude stadhuis al indrukwekkend, of de oude stinsen.
Het Paleis op de Dam in Amsterdam doet daar nog een schepje bovenop:
als je daar rondloopt, misschien met zo’n audiotour,
komen de dure materialen je overal tegemoet.
Maar bij het nieuwe Jeruzalem valt het in het niet!
Een stadsmuur om die gigantische stad van ‘jaspis’,
een steen die je normaal in sieraden gebruikt.
De straten van zuiver goud: er is nergens op bespaard.

dia 12 – afbeelding weg
Of neem de natuur.
In Friesland is heel wat water, maar er is weinig in te zien: veel te troebel.
Door het nieuwe Jeruzalem stroomt een glasheldere rivier.
En die bomen: fruitbomen kennen we.
Maar bomen waar elke maand weer vruchten aan hangen?!
In nieuw Jeruzalem is altijd vers fruit!
En elke maand is het weer anders!
Geen appelboom die niets anders geeft dan appels.
De ene maand appels, de andere maand ananas,
en weer een andere mand een totaal andere vrucht, maar lekker!

Vergeet ook alsjeblieft dat luieren op de wolken.
Je hoeft je in het nieuwe Jeruzalem niet te vervelen.
We zullen als koningen ‘heersen’.
Dat woord komt uit het begin van de bijbel.
Het is de opdracht die God aan de eerste mens geeft: heers!
Zorg voor de natuur, laat elkaar genieten van je talenten.
Het is geen luilekkerland, wat best leuk is voor een maandje,
maar waar de eeuwigheid toch wel wat lang voor is…
Er is werk aan de winkel!

dia 13 – hemels: God woont bij ons
Dat is de aardse kant.
Er is ook een andere kant: de hemelse.
De hemel komt op aarde.
Dat lees je in het hele hoofdstuk.
Vers 3: ‘Gods woonplaats is onder de mensen.’
Vers 11: ‘de stad schitterde door Gods luister.’
Vers 22: ‘God is haar tempel.’
Vers 23: ‘over haar schijnt Gods luister, en het lam is haar licht.’
Hoofdstuk 22 vers 3: ‘de troon van God en van het lam zal daar in de stad staan.’
En vers 5: ‘God, de Heer, zal hun licht zijn.’

Dit is nog wel het mooiste van alles,
en hét grote verschil met de oude wereld: God woont er!
Prediker zegt in Prediker 5: ‘God is in de hemel en jij bent op aarde.’
Maar dan niet meer: de hemel komt op aarde,
God komt op aarde wonen, de hemel en de aarde schuiven in elkaar.
Daar is het echt ‘God met ons’: Immanuël!
Jezus was al op aarde, woonde tussen de mensen,
stelde zich aan het gewone leven bloot.
Hij deed het onopvallend, maakte zich klein – een baby in een voerbak.
Maar in nieuw Jeruzalem is het voor iedereen te zien: God met ons, Immanuël!
Dat is ook direct het antwoord op die vraag:
nu God al het kwaad heeft opgeruimd, wat komt er voor terug?
God zelf!

dia 14 – kubus
Opvallend is dat Johannes geen tempel ziet.
In dit visioen komen allerlei profetieën uit het Oude Testament terug,
waaronder Ezechiël 40-48.
Ezechiël krijgt ook een visioen over Jeruzalem.
Maar bij Ezechiël heeft de tempel een heel belangrijke plaats: daar woont God!
In nieuw Jeruzalem is geen tempel, dat is niet meer nodig.
God laat zich niet meer in een tempel opsluiten,
er is gewoon geen plekje meer waar God niet is!
Misschien daarom ook de eigenaardige vorm van die stad.
De oppervlakte is niet alleen 2300 bij 2300 kilometer,
hij is ook 2300 kilometer hoog!
Een kubus, net zoals het allerheiligste van de oude tempel.
Ik denk dat die maten symbolisch zijn: God woont op de hele aarde.

dia 15 – afbeelding weg
Met nieuw Jeruzalem is het als met die kabelbaan:
als je eenmaal door de nieuwe aarde gegrepen bent,
wil je nooit meer terug naar de oude.
Dat profeteert Jesaja al, ver voor Jezus.
Jesaja 65: ‘ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
Wat er vroeger was raakt in vergetelheid,
het komt niemand ooit nog voor de geest.
Er zal alleen maar blijdschap zijn en groot gejuich om wat ik schep.’
Als ik dit hoor, dan krijg ik er zin in!

3. God als middelpunt
dia 16 – God als middelpunt
Was het maar alvast zover…
Maar niemand weet wanneer het zo ver is.
Ook dat is advent: wachten.
Maar het is geen afwachten, niet: ‘we zullen wel zien…’
Het is wachten met God als middelpunt.

dia 17 – zet God nu al centraal in je leven
Want als in nieuw Jeruzalem alles om God draait,
begin daar dan vandaag al mee!
Nee, wij kunnen die stad niet bouwen: die komt uit de hemel.
Maar we kunnen wel leven als burgers van nieuw Jeruzalem.
Wij kunnen er niet voor zorgen dat het in heel de wereld om God draait,
wel kun je God in het midden van je eigen leven zetten.

Hoe zou dat eruit zien? God als middelpunt?
Kijk dan maar naar Jezus.
De baby in de voerbak, zonder enig aanzien.
De uitgehongerde man die in de woestijn Satan weerstaat.
De rondtrekkende rabbi, met oog voor de minsten.
De biddende strijder:
‘laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.’
De gekruisigde, die het kwaad overwint door het goede.
Hoe ziet jouw leven eruit als je God centraal stelt?
En dan niet even op een zondagmorgen, maar dat je leeft vanuit het besef:
ik leef niet voor mijzelf, ik leef voor God!
Moet je daar niet aan denken, ga je liever je eigen gang,
dan moet je je afvragen: ‘is die nieuwe hemel en aarde wel iets voor mij.’
Want daar is het overal God!

dia 18 – krijg er zin in
We hebben er wat van gezien,
en ik hoop dat het je afhelpt van het ‘onbekend maakt onbemind.’
De toekomst ziet er prachtig uit!
Wat Johannes ziet is onbeschrijflijk mooi –
hij geeft er woorden aan, maar het is niet in woorden te vatten.
Nieuw Jeruzalem zit vol verrassingen en ontdekkingen, genoeg voor de eeuwigheid.
Laat die afwachtende houding toch los.
Bij mij begint het in ieder geval te kriebelen: ik krijg er zin in!

dia 19 – bruiloft van het lam
Vier zó vandaag ook het avondmaal.
Als je straks het brood eet en de wijn drinkt,
laat het je zintuigen prikkelen, je verlangen naar die nieuwe wereld.
Het is een voorproefje van het feestbanket
waar God de tafels in nieuw Jeruzalem al voor dekt.
Besef: wij zijn niet van hier,
wij leven voor de hemel op aarde.
Amen.




Genesis 24:67b | Op zoek naar je lief

Hoe kies je een partner voor het leven? En als je gekozen hebt: hoe houdt je het vol? Het ideaal in Nederland is nog altijd een partner voor het leven. Het verhaal van Isaak en Rebekka kan daarbij helpen.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 355
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Psalm 136 : 1, 2, 3, 4 en 13
Leefregels
Zingen: Kids Opwekking 17
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Genesis 24 : 1 – 67
Zingen: GKB Psalm 105 : 1 en 6
Preek over Genesis 24 : 67b
Zingen: LvK Gezang 114 : 1 en 2
Kinderen terug
Onderwijs en viering avondmaal
Zingen: GKB Gezang 108
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: Opwekking 734
Zegen

Op zoek naar je lief

Inleiding
dia 1 – keuzestress
Vandaag is het thema: ‘op zoek naar je lief.’
Wat dat zoeken heel moeilijk maakt,
is de eindeloze lijst van keuzemogelijkheden.
Als er weinig te kiezen valt, is het makkelijk kiezen.
Maar als er zo veel te kiezen is,
hoe weet je dan nog dat je de goede keuze maak?
Dat heet keuzestress.

dia 2 – autoscout
Vooral bij grote keuzes wil ik goed kiezen.
Bijvoorbeeld als we een andere auto kopen:
als ik een paar duizend euro uitgeef,
dan wil ik er wel de perfecte auto voor terug!
Dus stel ik een uitgebreide lijst met eisen op,
zoals de ruimte die we nodig hebben
en de maximale gebruikskosten,
reken ik het helemaal door,
en dan weet ik weer dat ik Volvo wil rijden…
Dan begint het pas:
mijn eisen invullen op autozoeksites,
want er staat natuurlijk veel meer te koop
dan wat de plaatselijke autohandelaren op voorraad hebben,
en dan begint het wachten op die ene gouden kans!
Zo kan ik maanden zoet zijn voor de perfecte auto.

Is die auto dan echt perfect? Nee!
Het kan altijd beter!
Dat is het verlammende van keuzes.
Heb je net een keuze gemaakt, zie je toch nog weer iets beters,
en dus ben je nooit tevreden.

dia 3 – op zoek naar je lief
Natuurlijk gaat het vandaag niet over hoe je een auto zoekt.
Het gaat over de liefde.
Dat doen we vanuit een heel kort zinnetje
uit dat lange hoofdstuk: Genesis 24:67b:
‘Hij nam haar tot vrouw en ging van haar houden.’
Thema vandaag is: op zoek naar je lief.
In de dubbele betekenis van het woord:
het gaat over hoe je een vriend of vriendin kiest,
maar ook over hoe je elkaar in een relatie blijft zoeken.

Helaas lopen relaties soms stuk.
Misschien luister je vandaag wel met die oren.
Zit je niet te wachten op een succesverhaal over de liefde.
Dan wil ik je 2 dingen meegeven om toch te luisteren:
1: liefde is nooit één en al succes,
en 2: dat de praktijk weerbarstig is,
is nog geen reden om het mooie bijbelse verhaal over relaties
maar helemaal niet meer te vertellen.

1. Houden van je lief
dia 4 – houden van je lief
Ik vind het een fascinerend zinnetje:
‘hij nam haar tot vrouw en ging van haar houden.’
Vooral die volgorde: eerst wordt Rebekka Isaaks vrouw,
daarna gaat Isaak van haar houden.
Hun huwelijk begint niet met liefde,
in hun huwelijk krijgt liefde de kans om te groeien!

dia 5 – toen: Isaak en Rebekka hadden geen keuze
Dat het in het geval van Isaak en Rebekka
niet met liefde begint, dat is nogal logisch.
Het lijkt erop dat op de dag
dat deze twee elkaar voor het eerst ontmoeten,
ze direct trouwden, of in ieder geval nog dezelfde week.
Want Rebekka is aan Isaak uitgehuwelijkt.

In onze samenleving is veel weerstand tegen uithuwelijken:
het is een grondrecht dat je zelf een partner kunt kiezen.
Ik wil dat uithuwelijken ook niet idealiseren.
Het is een zegen van onze tijd
dat we de vrijheid hebben onze eigen keuzes te maken.
Wat zitten er nog altijd veel meisjes gevangen in huwelijk
waar ze zelf nooit een keuze in hebben gehad.

Isaak en Rebekka laten zien dat het ook anders kan.
Dat uitgehuwelijkt worden niet per definitie een slecht huwelijk betekent.
Nee, Isaak en Rebekka hebben geen keuze.
Of ze het met elkaar zien zitten, daar hebben ze niets over in te brengen.
Ze nemen het zoals het is:
‘vanaf nu ben jij mijn lief, dus ik ga van je houden.’

dia 6 – nu: op zoek naar de perfecte partner
Nee, uithuwelijken is niet ideaal,
maar zoals het bij Isaak en Rebekka gaat, is mooi!
Zet het eens tegenover hoe het bij ons gaat.
Isaak en Rebekka hebben niets te kiezen,
bij ons zijn de keuzemogelijkheden juist eindeloos.
Het ideaal in Nederland is nog altijd
dat je een partner vindt waar je de rest van je leven bij blijft.
Zo’n partner kies je maar 1 keer, dus er hangt nogal wat van je keuze af.
Zie tussen al die huwelijkskandidaten maar eens die ene te vinden
die voor jou de perfecte kandidaat is.
En durf je daar dan maar eens levenslang aan te verbinden,
met een belofte van levenslange trouw.
Dat wordt dus op het stadhuis ook niet meer beloofd,
het ‘tot de dood ons scheidt’ klinkt alleen nog in de kerk.
Eenmaal getrouwd blijkt je lief toch niet de perfecte partner te zijn,
en zie je in anderen wat je in je eigen lief mist…
Wij zoeken niet zomaar een partner, maar die ene, die perfecte kandidaat,
en dat is vragen om problemen!

dia 7 – kiezen van je lief te houden
Nu is Rebekka zeker met zorg uitgekozen,
ze is niet zomaar de eerste de beste,
maar dat is niet de reden dat Isaak van haar gaat houden.
Wanneer Isaak Rebekka voor het eerst ziet,
weet hij het gewoon: ‘dit is mijn vrouw,
met haar zal ik de rest mijn leven delen,
dus ik ga van haar houden.’

Dat is geen keuze voor een dag.
Het is de kunst het tijdens je relatie vast te houden.
Om elke dag weer te kiezen: ik ga van hem, ik ga van haar houden.
Om, net als Isaak, tevreden te zijn met de partner die je hebt,
in plaats van steeds om je heen te kijken
om te ontdekken dat je partner niet perfect is.
Wij kunnen ons helemaal gek laten maken door alle opties.
Het verhaal van Isaak en Rebekka biedt dan een mooi tegenwicht:
het is niets om je voor te schamen als je helemaal gaat voor je lief,
als je van je lief gaat houden, en daar elke dag weer voor kiest.
Nee, dat past niet in een wereld waar overspel als avontuurtje wordt gepresenteerd.
Maar ik geloof echt dat houden van je lief,
tevreden zijn met die ene man of vrouw die je hebt,
veel gelukkiger maakt dan steeds om je heen te kijken,
op zoek naar iemand die nog perfecter bij jou past.
Ik denk dat het zoeken naar een perfecte partner uiteindelijk een vlucht is.
Als jij en je partner perfect voor elkaar moeten zijn, dan verdien je elkaars ‘liefde’.
Maar echte liefde is veel moeilijker.
God heeft geen enkele reden om ons lief te hebben,
en toch houdt hij van ons – dat is genade!
Vinden we dat misschien te pijnlijk?

2. Hoe weet je wie de ware is?
dia 8 – hoe weet je wie de ware is?
Maar hoe zoek je dan een lief?
Hoe weet je dat iemand de ware is,
waar je de rest van je leven bij wilt blijven?

dia 9 – Isaak en Rebekka: voor elkaar bestemd
Bij Isaak en Rebekka is dat heel duidelijk.
Isaak en Rebekka zijn door God aan elkaar gegeven,
daarom weten ze van elkaar dat ze de ware zijn,
en kunnen ze kiezen van elkaar te gaan houden.
‘Als God wil dat wij bij elkaar horen, dan gaan we ervoor!’

Daarom ook dat lange verhaal over Abrahams knecht
die in opdracht van zijn meester een vrouw voor Isaak gaat zoeken.
Abraham heeft alle vertrouwen dat God meegaat op reis:
God zal ervoor zorgen dat de knecht een geschikte vrouw zal vinden.
Abrahams knecht gaat nog een stapje verder:
hij bidt om een vrouw voor Isaak, en weet precies wat voor vrouw dat moet zijn.
‘God,’ zegt hij, ‘als ik zo’n meisje tegenkom,
dan weet ik dat u haar voor Isaak hebt bestemd.’
En ja hoor, hij is nog niet eens klaar met zijn gebed,
of precies dat meisje komt op hem af.
Als ze dan ook nog aan Abraham verwant blijkt te zijn,
is het helemaal duidelijk: Gód wil Rebekka voor Isaak.
Met die boodschap gaat de knecht naar Laban en Betuël, Rebekka’s broer en vader,
en dan wordt het snel geregeld.

Isaak en Rebekka zijn voor elkaar bestemd,
gemaakt om van elkaar te houden.
Dat is een unieke situatie.
Abraham had Gods belofte dat uit hem een groot volk zou komen.
Nu is Isaak de erfgenaam en staat het ontstaan van het volk Israël op het spel.
Daar grijpt God rechtstreeks in.
Meestal doet God dat niet.
Voor Isaak en Rebekka is het geen vraag of ze de ware voor elkaar zijn,
maar hoe kun je het in je eigen situatie weten?

dia 10 – als je getrouwd bent: door God verbonden
Ik geloof niet dat Hanneke en ik voor elkaar bestemd waren,
dat zij degene is met wie ik wel móest trouwen.
Ik geloof dat God vrijheid geeft bij het kiezen van een partner.
Ik had een ander tegen het lijf kunnen lopen.
Wél geloof ik dat Hanneke de ware voor mij is en dat zij mij door God gegeven is.
In Matteüs 19 geeft Jezus onderwijs over het huwelijk.
Hij zegt: ‘wat God heeft verbonden, mag een mens niet scheiden.’
Ben je getrouwd, dan ben je door God aan elkaar verbonden.
Dan is je huwelijkspartner degene om van te houden.

dia 11 – als je single bent: er is niet 1 ware
Maar als je single bent?
Ik geloof dus niet dat er 1 ware voor jou bestemd is.
Je komt iemand tegen, op wat voor manier dan ook,
er is een klik en het kan wat worden.

dia 12 – 2 aandachtspunten: geloof
Uit het verhaal van Isaak en Rebekka
kun je wel 2 aandachtspunten halen voor het zoeken naar een lief.
Het eerste is dat Abraham zijn knecht 1 heel duidelijk criterium meegeeft:
het meisje voor Isaak moet een meisje zijn met ontzag voor God.
Het mag geen meisje zijn uit Kanaän, met haar eigen goden.
Ze moet bereid zijn te verhuizen naar een onbekend land,
dat door God aan Abraham en zijn nageslacht is beloofd.
Misschien klink ik hopeloos ouderwets, dat moet dan maar,
maar je maakt het jezelf wel heel moeilijk om toegewijd te zijn aan God
als je partner niets van God wil weten.
Ik zeg niet dat het verboden is,
ik zeg ook niet dat het niet goed kan gaan,
soms mag je je partner zelfs bij God brengen,
maar denk er niet te licht over!

dia 13 – mening omgeving
Het tweede aandachtspunt is dat uithuwelijken.
Ik kwam de volgende uitspraak tegen:
‘wij laten de keuze van een huwelijkspartner over aan degenen
van wie je waarschijnlijk het minste kunt verwachten
dat ze een verstandige beslissing nemen.’
Nee, ik wil niet terug naar het uithuwelijken.
Zelf kunnen kiezen is echt een zegen!
Maar ik denk dat we er dit wel uit mogen meenemen:
bij het kiezen van een partner
doet de mening van bijvoorbeeld je ouders en je vrienden er ook toe!
Wees niet zo eigenwijs hen te negeren!
En als je dan iemand gevonden hebt,
dan mag je ook zo vrijmoedig zijn om te zeggen
dat het de ware is en dat God jullie aan elkaar gegeven heeft.

3. Als de liefde tegenvalt
dia 14 – als de liefde tegenvalt
Ik noemde het in het begin al: veel relaties lopen stuk.
Je groeit steeds verder uit elkaar.
De liefde valt nogal eens tegen.

dia 15 – elke relatie is moeilijk!
Dat geldt niet alleen voor relaties die mislukken!
Het speelt in élke relatie.
Elke relatie wordt door zonde moeilijk gemaakt.
Elke relatie heeft ermee te maken
dat wij, mensen, van nature geneigd zijn eerst ons eigen belang veilig te stellen,
en pas dán het belang van de ander te zoeken.
In zekere zin ben je in elk huwelijk vreemden van elkaar.
Daarin is geen verschil tussen stellen die scheiden en stellen die bij elkaar blijven.

In het huwelijk van Isaak en Rebekka speelt het ook.
Wat ik een heel triest dieptepunt vind,
is dat Rebekka haar zoon Jakob opjut Isaak te bedriegen,
zodat Jakob de zegen krijgt, en niet Esau.
Wat zijn Isaak en Rebekka dán ver uit elkaar gegroeid!
Gelukkig zie je daarna wel weer eensgezindheid tussen die twee,
maar denk niet dat hun huwelijk vanzelf ging.

dia 16 – blijf geloven in echte liefde
Maar wat als het echt niet lukt?
Wat moet je dan met dit verhaal over van elkaar houden?
Er is niemand die scheiden mooi vindt.
Het doet altijd pijn.
Het ideaal is prachtig, de praktijk weerbarstig.
Het is niet Gods bedoeling, maar het gebeurt wel.
Ook daar weet de bijbel alles van.
Maar word niet cynisch over het huwelijk
en het mooie verhaal dat de bijbel over liefde vertelt!
Het is het waard om voor te vechten!

dia 17 – want God geeft alles voor zijn lief!
Want God zelf vecht ervoor!
Je hoeft God niets te vertellen over tegenvallende liefde.
God heeft ook een lief: wij.
Niet bepaald de perfecte kandidaat voor God,
een lief die al Gods liefde waard zou zijn.
En toch blijft God erin geloven!
Toch geeft Jezus alles om zijn bruid, de christelijke gemeente, voor zich te winnen,
om van haar te houden en haar mooi te maken.
Voor Jezus zijn wij de ware!
Dat verzin je toch niet?!
Laten wij dan in al ons gestuntel met de liefde
beginnen bij zijn liefde!

4. Ga voor je lief!
dia 18 – ga voor je lief
‘Isaak nam Rebekka tot vrouw en ging van haar houden.’
Laat dat een aanmoediging zijn om voor je lief te gaan.

dia 19 – single: laat je niet verlammen
Als je vrijgezel bent: laat de keuzestress je niet verlammen.
Natuurlijk, een man of vrouw voor het leven,
die kies je maar een keer.
Maar de perfecte partner bestaat niet.
Daar hoef je ook niet wanhopig naar te zoeken.
Als de basis goed is, je een klik hebt,
maar ook wat ik zei over je geloof kunnen delen
en over de mening van je omgeving,
als de basis goed is, moet je niet te bang zijn.
Ga er gewoon voor!

dia 20 – getrouwd: investeer in elkaar
Als je getrouwd bent: investeer in elkaar.
Gevoelens gaan altijd met vlagen:
de ene dag voel je meer liefde dan de andere.
Soms voel je ook meer de verleiding om je heen te kijken,
en wordt je misschien zelfs verliefd op een ander.
Dat houd je niet tegen, maar als je het merkt:
laat het een wake-up-call zijn,
om weer van je eigen lief te gaan houden,
zoals Isaak en Rebekka daarvoor kiezen.
Durf je dat?
Het is een levenslange opdracht: zoek elkaar, ga van elkaar houden.

dia 21 – Christus gaat voor zijn bruid!
Ga voor je lief, zoals Christus gaat voor zijn bruid.
Zometeen gaan we het avondmaal vieren,
en daarin mogen we Christus’ vasthoudende liefde ervaren.
Hij bereidt een prachtige bruiloft voor.
Laat het avondmaal je verlangen naar hem prikkelen.
Hoe het je in de liefde ook vergaat,
hij laat je niet los, dus ga voor hem!
Amen.




Job 1:1-2:10 | Lijden zonder reden

‘Waarom moet mij dit overkomen?’ Het leven is niet eerlijk. Maar hoe zit dat met God? Daar kan Job over meepraten. Van de ene op de andere dag raakt hij alles kwijt. Door toedoen van God. Zonder reden. Wat moet je daar toch mee?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 717 (Stil, mijn ziel)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalmen voor Nu 130 (Uit de diepten)
Gebed
Kinderen naar club
Wetslezing: Deuteronomium 10 : 12 – 22
Zingen: Psalm 112 : 1 en 2 (LvK = GKB)
Lezen: Job 1 : 1 – 2 : 10
Zingen: Psalm 102 : 1, 2 en 5 (LvK = GKB)
Preek
Zingen: Bid met mij (Sela)
Kinderen terug
Onderwijs en viering avondmaal
Zingen: LvK Gezang 293 : 1, 2 en 4
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: Opwekking 770 (Ik zal er zijn)
Zegen

Lijden zonder reden

Inleiding
dia 1 – bloemetje
Wij geloven niet zo in ‘zomaar’.
Als ik ‘zomaar’ een bloemetje voor Hanneke koop,
is er altijd wel een reden te bedenken.
Ik wil iets goedmaken,
bijvoorbeeld dat ik te veel avonden heb gewerkt,
ik wil graag dat Hanneke iets voor me doet,
zoals mijn overhemden strijken,
of ik wil gewoon laten zien dat ik van haar houd
en dat ik blij ben dat ze mijn vrouw is.
Wat de reden ook is: het is niet ‘zomaar’.

‘Zomaar’ is als een wildvreemde je op straat een bloemetje aanbied.
We hebben van jongs af aan geleerd dat te wantrouwen.
‘Nooit een snoepje van een onbekende aannemen.’
Waarom zou iemand je ‘zomaar’ een bloemetje geven?
Wat moet ‘ie van je?
Probeert hij iets te verkopen?
Maakt hij reclame?
Er moet toch een reden zijn!

dia 2 – duw
Nu is een bloemetje krijgen nog leuk.
Hoe moeilijk het ook te geloven is dat je iets ‘zomaar’ krijgt,
uiteindelijk accepteren we het gewoon.
Heb jij ook eens geluk.
Maar hoe zit het met nare dingen?
Iemand geeft jou ‘zomaar’ een harde duw,
waardoor jij struikelt.
Dat wil er bij ons gewoon niet in.
Na de eerste boosheid komt vanzelf
de vraag waarom iemand zo doet.
Het is zelfs een begrip geworden, ‘zinloos geweld’,
alsof geweld nog erger is als er geen reden is.
Misdadigers proberen we te begrijpen
door een motief te zoeken voor hun daden:
er moet toch een reden zijn?!

dia 3 – lijden zonder reden
Die is er niet altijd.
Het leven is nu eenmaal niet eerlijk,
en we zijn er aan gewend geraakt.
Maar van God verwachten we iets anders.
Genade is nog tot daar aan toe,
maar als we lijden, dan zal God daar een goede reden voor moeten hebben!
Tja, en dan lees je Job 2:10, waar God tot Satan zegt:
‘Job is nog even onberispelijk als altijd,
en jij hebt mij ertoe aangezet hem zonder reden te gronde te richten.’
Zonder reden! Zomaar!
Vanmorgen staan we vanuit Job stil bij lijden zonder reden.

1. Het boek Job
dia 4 – het boek Job
Eerst over dat boek, Job.
De komende weken houden we ons met Job bezig,
niet alleen in de kerkdiensten, maar ook met een bijbelleesrooster.
Vorige week zat het in de postvakjes, en als je te gast bent of nieuw:
er ligt nog een stapel roosters op de statafel in de hal.
We willen in 6 weken het hele boek Job doorlezen,
je kunt het op je kring ook bespreken,
en we sluiten het project af met een bijzondere dankdagviering.
In de preken over Job die ik ga houden
probeer ik je ook een beetje op weg te helpen
bij het lezen van het boek.

dia 5 – wijsheid over God en het lijden
Hoe moet je Job lezen?
Belangrijk is dat Job een van de zogenoemde ‘wijsheidsboeken’ is.
In de bijbel zijn dat er in ieder geval 3: Spreuken, Prediker en Job.
Soms worden ook de Psalmen en Hooglied er nog bij gerekend.
In deze boeken gaat het om wijsheid, om het goede leven.
Uiteindelijk komt het hierop neer, Spreuken 9:10:
‘wijsheid begint met ontzag voor de Heer,
inzicht is vertrouwdheid met de Heilige.’
We hebben het vanmorgen al gezongen, met Psalm 112,
een typische wijsheidspsalm.

Ook een heel stellige Psalm:
als jij God dient, zul je gezegend worden.
We lazen het ook in Deuteronomium, en in Spreuken vind je het vaak.
‘Wie goed doet, goed ontmoet.’
Maar wat nu als jij God dient,
maar je merkt niets van zijn zegen,
het is voor jou zelfs tegenspoed op tegenspoed?
Dat is de vraag waar het in Job om draait!

dia 6 – historische achtergrond is onbekend
Een moeilijke vraag is of Job waargebeurd is.
Job staat in de bijbel niet tussen de geschiedenisboeken
maar tussen de wijsheidsboeken.
Het zou kunnen dat Job een soort gelijkenis is met een wijze les.
Die mogelijkheid houd ik in ieder geval open.
Dat het een precies verslag is van wat er gebeurd is met Job
en welke gesprekken er vervolgens gevoerd zijn, dat lijkt mij sterk.
Vooral die gesprekken zitten daarvoor veel te poëtisch in elkaar.
Een andere optie is dat Job wel degelijk heeft geleefd,
heel lang geleden, misschien in de tijd direct na Noach,
en dat zijn verhaal van vader op zoon, van moeder op dochter, is doorverteld.
Tot iemand het heeft opgeschreven,
die zelf een duidelijke boodschap in het verhaal heeft gelegd.
Daar houd ik het maar op.
Net als sommige films zijn gebaséérd op een waargebeurd verhaal.
Hoe dan ook: het gaat in Job om de boodschap.

dia 7 – Job 1 en 2: de proloog
Nog 1 opmerking over het boek.
Job heeft een duidelijke opbouw.
Wat wij hebben gelezen, Job 1 en 2, is de proloog.
Hier worden de vragen gesteld, nog geen antwoorden gegeven.
Lees het als een inleiding op het vervolg.

2. Lijden zonder reden
dia 8 – lijden zonder reden (runderen)
Hoogste tijd om naar Job zelf te gaan.
We maken kennis met Job.
Een rijke man, schatrijk!
(vraag aan veehouder) Hoeveel koeien heb jij?
Job had 7.000 schapen en geiten, 3.000 kamelen,
1.000 runderen en 500 ezels – totaal meer dan 11.000 dieren!
Dat zijn dus, even snel rekenen, … boerderijen vol!
En dat in een tijd waar je al blij was met 1 koe
om in je levensonderhoud te voorzien.

dia 9 – de inzet: Job heeft het lijden niet verdiend
Toch is Jobs rijkdom niet het eerste wat van Job gezegd wordt.
Het eerste is dit: ‘Job was rechtschapen en onberispelijk,
hij had ontzag voor God en meed het kwaad.’
Job staat goed bekend, bij mensen én bij God!
Hoe belangrijk God voor Job is, wordt verder uitgewerkt:
Job brengt offers voor zijn kinderen,
omdat hij bang is dat zijn kinderen God vervloeken.
Jobs grootste zorg is niet hoe hij zijn rijkdom verder kan vergroten,
maar dat God zijn kinderen vasthoudt!
Job is zo’n man waar het in Spreuken over gaat:
iemand met ontzag voor de Heer, iemand die Gods zegen mag verwachten.
Dat is de inzet van het boek:
Job is een rechtvaardig man, en wat er verder ook met hem zal gebeuren,
laat niemand van Job zeggen dat hij het aan zichzelf te wijten heeft!

dia 10 – het experiment: hoe zuiver is Jobs geloof?
Het verhaal gaat verder.
We krijgen een blik op een vergadering van de hemelbewoners.
Een van de aanwezigen is Satan.
Tussen God en hem ontstaat een gesprek.
God is blij met Job, bijna trots,
en hij vraagt Satan of hij het ook gezien heeft.
Het is dus God zelf die over Job begint!
Satan had Job ook wel gezien, maar het beviel hem niets.
Hij ging snel weer verder: aan Job viel geen eer te behalen.
Maar nu God erover begint…

‘Ach ja, natuurlijk heb ik Job gezien.
Kan ook niet missen he, zijn dieren lopen overal.
Lekker makkelijk trouwens, dat geloof van hem.
U hebt hem gewoon omgekocht!
De beste man heeft al zijn rijkdom aan u te danken,
logisch dat hij u te vriend wil houden.
Nee, waar ik benieuwd naar ben:
wat blijft er van Jobs geloof over als u alles van hem afpakt?’

Een interessante vraag.
Waarom geloof jij eigenlijk?
Om de voordelen die het geeft?
Geloof je voor jezelf?
Of gaat het je alleen om God?
Of waarom vind je het zo moeilijk om te geloven?
Is het omdat je niet merkt dat geloven werkt?
Zoek je wat je er aan hebt, in plaats van God zelf?
Onze motieven om te geloven zijn niet altijd even zuiver…

God geeft Satan toestemming voor een experiment.
Satan wrijft zich in de handen: hij mag helemaal los gaan op Job.
En hij levert geen half werk.
De ene na de andere ramp treft Job.
Hij krijgt de tijd niet om het op zich te laten inwerken:
steeds staat de volgende bode klaar met nog meer slecht nieuws.
Van de ene op de andere dag raakt Job alles kwijt!
Zijn dieren, zijn vastgoed, zijn knechten, zijn kinderen,
en in de volgende ronde zijn gezondheid.
Het is alsof Job bij elk bericht dieper de grond in wordt gedreund.
Tot er niets meer van die integere zakenman
met zijn machtige imperium over is.

Dan trekt mevrouw Job haar mond open.
Sympathiek mens!
‘Vervloek God toch!’
Ja, als Gód hier achter zit…
En toch…
Het was Jobs grootste angst:
dat zijn kinderen op een dag God zouden vervloeken.
Nu vraagt zijn vrouw hem hetzelfde te doen.
Maar Job kan het niet.
‘Ondanks alles zondigde Job niet en sprak geen onvertogen woord.’
Satan kan afdruipen: Job heeft het experiment glansrijk doorstaan.

Niets dan bewondering voor Job!
Hij gelooft zomaar, zonder reden.
Maar ik vraag me af: zou mijn geloof het hebben overleefd?
Dan kom ik bij Jezus.
Jezus, die best op Job lijkt.
Minstens zo rechtschapen en onberispelijk als Job.
Ook Jezus wordt zwaar op de proef gesteld,
en bewijst zo voor eens en altijd dat zuivere liefde bestaat!
En dan zegt Paulus in Romeinen 8:
‘Wie zal Gods uitverkorenen aanklagen?
God zelf spreekt hen vrij!
Wie zal hen veroordelen?
Christus Jezus, die gestorven is,
meer nog, die is opgewekt en aan de rechterhand van God zit,
pleit voor ons.’
De aanklager, Satan, staat met lege handen!

dia 11 – de reden: is er niet…
Terug naar Job.
Zijn geloof is hij niet kwijt.
Maar dat is ook het enige dat hij gehouden heeft.
Waarom? Is er een reden?
Nee: die is er niet…
Job 2:3: ‘Jij, Satan, hebt mij, de Heer, ertoe aangezet
hem zonder reden te gronde te richten.’
Jobs lijden is zonder reden!
Voor het vervolg van het boek is dat heel belangrijk.
Jobs vrienden blijven redenen zoeken.
Maar er is geen reden.

Lijden zonder reden bestaat.
Het klinkt misschien gek, maar ik ben daar blij mee!
Als lijden een reden heeft,
dan kun je met die reden het lijden weer goed gaan praten.
Dat hoeft niet!
Maak het lijden niet lichter dan het is.
Soms is het pikzwart, is geen zinnig antwoord te geven op de waarom-vraag.
Bij Job krijg je daarvoor erkenning!
Bovendien hoef je jezelf dus ook niet te kwellen
met de vraag waar je dat lijden toch aan verdiend hebt.
Zo werkt het niet:
in de zwartste nacht hoef je gelukkig
niet ook nog aan jezelf te gaan twijfelen!

Ook Jezus leed, zonder reden.
Zonder uitzondering deed Jezus wat goed was.
Zijn goedheid bracht hem aan het kruis.
En daarom kan Paulus zeggen, weer Romeinen 8:
‘Ik ben ervan overtuigd dat het lijden van deze tijd
in geen verhouding staat tot de luister
die ons in de toekomst zal worden geopenbaard.’
Het lijden heeft niet het laatste woord!
‘Wij weten dat voor wie God liefhebben,
alles bijdraagt aan het goede.’
Het lijden mag dan geen reden hebben,
door Jezus is het nooit zinloos!

3. Is dat wel eerlijk van God?
dia 12 – is dat wel eerlijk van God?
De grote vraag die ik overhoud bij Job:
is dat wel eerlijk van God?
Waarom doet God mee aan die satanische spelletjes?
Wie is God eigenlijk?

dia 13 – uitvluchten: 1. Job 1-2 als antwoord?
Je kunt gaan zoeken naar uitvluchten,
om God te verdedigen.
Bijvoorbeeld dat Job 1 en 2 het antwoord al geeft:
Job moest lijden om zijn geloof te bewijzen.
In mijn voorstudie kwam ik dat ook tegen:
dat geprobeerd wordt aan te tonen
dat God niet anders kon dan meegaan in het spel van Satan.
Ik vind dat erg onbevredigend.
Moet Job lijden omdat God zo nodig iets aan Satan moet bewijzen?!
Als ik Job was zou ik die uitleg niet pikken.
Job krijgt die uitleg dan ook niet.
Ook niet aan het einde van het boek.
En als Job het niet als antwoord krijgt,
dan kunnen wij het ook niet als antwoord lezen.

dia 14 – 2. het is Satans schuld
Een andere uitvlucht is Satan de schuld geven.
Ook die route wordt afgesneden.
God neemt zelf de schuld op zich!
Wat God doet en wat Satan doet, het loopt door elkaar heen.
Bovendien staat God duidelijk boven Satan.
In Job staan de machten van goed en kwaad niet tegenover elkaar.
Satan staat ver onder God.
God kan zich niet achter Satan verschuilen.
Dat doet hij ook niet.

dia 15 – God is geen boekhouder maar ‘soeverein’
Is God wel eerlijk?
Ik denk dat Job ons vertelt dat we ons beeld van God moeten bijstellen.
God is geen boekhouder, die keurig bijhoudt wat we doen,
eenmaal per jaar de balans opmaakt,
en komt met een verrekening, in de vorm van zegen of straf.
God is, met een moeilijk woord, ‘soeverein’.
God wordt niet door logische redenen gedwongen iets te doen.
Wat God doet komt uit hemzelf.
Hij geeft het goede, zelfs zijn Zoon, zonder reden.
Dan moeten we ook aan het kwaad niet gaan rekenen.
Want een God die het kwaad geeft als straf,
kan het goede slechts als beloning geven.

Nee, laat het onbegrijpelijke staan.
Job roept vragen op.
Dat is ook precies de bedoeling van dit deel van het boek: de proloog.
Satan is te begrijpen, God niet.
Maar God is te vertrouwen!

4. Aanvaard goed en kwaad
dia 16 – betrek je God in voorspoed en tegenspoed?
Ik hoop dat je dat kunt: God vertrouwen.
Zoals Job zegt: ‘al het goede aanvaarden we van God,
zouden we dan het kwade niet aanvaarden?’
Een vriend die bij een zwaar auto-ongeluk goed wegkwam,
zei eens: ‘nu danken we God dat hij mijn leven heeft gespaard
en dat ik geen blijvende gevolgen aan het ongeluk overhoud.
Maar als het anders was afgelopen?
Zouden we God dan net zo vanzelfsprekend betrekken?’

dia 17 – wat er ook gebeurt: houd vast aan Christus!
We beginnen vandaag met een nieuw kerkelijk seizoen.
Misschien gaat het je voor de wind,
of misschien zit het leven je tegen.
Misschien heb je zin om er weer tegenaan te gaan,
of misschien zie je er wel als een berg tegenop.
Misschien zit je vol vreugde,
of misschien vol wanhoop.
Misschien lacht de toekomst je tegemoet,
of misschien zit je midden in de brokstukken van het verleden.
Hoe je hier ook zit: houd je vast aan Christus!
Satan wil niets liever dan dat we afstand van Jezus nemen.
Je gaat toch niet mee in zijn leugens?!
Klamp je vast aan Christus:
het is de enige manier dit seizoen vol te houden.

dia 18 – avondmaal
Zo gaan we ook het avondmaal vieren.
Als mensen die het ook niet weten, die vol vragen zitten,
maar wíllen vasthouden aan Christus.
Die weigeren in Satans kille logica mee te gaan.
Laat het avondmaal je vertrouwen voeden.
Nog 1 keer Romeinen 8:
‘Maar wij zegevieren in dit alles glansrijk
dankzij hem die ons heeft liefgehad.
Ik ben ervan overtuigd dat dood noch leven,
engelen noch machten noch krachten,
heden noch toekomst, hoogte noch diepte,
of wat er ook maar in de schepping is,
ons zal kunnen scheiden van de liefde van God,
die hij ons gegeven heeft in Christus Jezus, onze Heer.’
Amen.




Matteüs 25:14-30 | Jezus geeft zijn koninkrijk in beheer

Jezus vergelijkt ons met beheerders. Maar wat is eigenlijk goed beheer? Jezus zet de gangbare ideeën daarover op zijn kop. Het koninkrijk, dat moet je niet zorgvuldig bewaren, het is om gebruikt te worden!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: ‘Hand en voet’ (E&R 260)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 139 : 1, 6 en 7
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Matteüs 25 : 14 – 30
Zingen: LvK Gezang 63 : 1, 2 en 3
Preek
Zingen: Opwekking 710
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 78 : 1, 2 en 3
Avondmaal: onderwijs en viering
Zingen: LvK Psalm 150 : 1 en 2
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: Opwekking 602
Zegen

Jezus geeft zijn koninkrijk in beheer

Inleiding
dia 1 – zwart
Er zijn van die baantjes, die moet je gewoon een keer gehad hebben!
Beddentester bijvoorbeeld: dan wordt je slapend rijk.
Of chauffeur bij een autoleasemaatschappij:
je rijdt rond in de nieuwste auto’s, en krijgt er nog voor betaald ook.
In die categorie heb ik er nog één: de huisoppasser.
Die past goed bij de gelijkenis van Jezus.

dia 2 – huisoppas
Is er hier iemand die ervaring heeft als huisoppasser?
De rest, en ik ook, kan weer wat op z’n bucketlist schrijven.
Als huisoppasser, de naam zegt het al, pas je op het huis van een ander.
De eigenaar is op reis, misschien op een lange vakantie,
en zoekt iemand die voor het huis zorgt.
De planten water geven, post opruimen, tuin bijhouden, schoonmaken,
eventueel zorgen voor huisdieren, dat soort taken.
En belangrijk: het huis bewonen,
zodat inbrekers hun kans niet kunnen grijpen.
Het zijn vaak niet de armste huiseigenaren die zo’n oppas inhuren,
dus reken maar op een aangenaam verblijf
in een huis dat van alle gemakken is voorzien.

Ik wil jullie voorstellen aan 2 oppassers.
Oppasser 1 is een vrouw met verantwoordelijkheidsgevoel.
Bij haar is je huis in veilige handen.
Ze doet precies wat je van een oppas verwacht:
ze zorgt ervoor dat je je huis bij terugkomst
net zo aantreft als je het hebt achtergelaten.
Maar dan nog net een beetje schoner:
de vieze pannen die je op het aanrecht hebt achtergelaten zijn afgewassen,
en die logeerkamer waar je nooit komt, heeft een stofzuigbeurt gekregen.

Oppasser 2 is een creatieve man.
Bij hem weet je maar nooit hoe je je huis terugkrijgt.
Als het behang in de woonkamer hem niet aanstaat,
plakt hij er gewoon behang naar zijn smaak overheen.
Hij kan niet stilzitten, en ziet precies de mogelijkheden van het huis.
Bij terugkomst is je huis uitgebreid met een enorme dakkapel,
is de muur tussen woonkamer en keuken verdwenen,
en is de tuin opnieuw aangelegd.

2 Oppassers. Welke zou jij aannemen?
Wie kiest er voor oppas 1? (Dat dacht ik al.)
En wie voor 2? (Jullie durven!)

dia 3 – Jezus geeft zijn koninkrijk in beheer
Jezus vergelijkt ons met zulke huisoppassers:
dienaren die hij een grote schat nalaat.
Jezus geeft zijn koninkrijk in beheer.
En de vraag is: wat voor oppas ben jij?

1. In beheer
dia 4 – Jezus vertrekt, maar komt terug
Jezus vertelt over een man die op reis gaat.
Wanneer hij terugkomt, weet niemand.
Natuurlijk vertelt Jezus dit verhaal niet zomaar.
Het is de week voor Pasen.
Met zijn leerlingen is Jezus naar Jeruzalem gegaan
om daar het Pesach-feest te vieren.
Wat de leerlingen niet weten, maar Jezus wel,
is wat er gaat gebeuren.
Jezus weet dat hij gekruisigd zal worden,
dat hij zal opstaan en naar de hemel zal gaan.
Zijn tijd als mens op aarde nadert het einde.
Daar wil Jezus zijn leerlingen op voorbereiden.
In een lang hoofdstuk, Matteüs 24,
vertelt Jezus over de verwoesting van de tempel,
het einde van de tijd, en de terugkeer van de Mensenzoon.
Jezus zal binnenkort vertrekken, maar hij komt terug!
Net als die man die op reis gaat.

dia 5 – Jezus geeft zijn schat in beheer
Maar de man laat zijn personeel niet met lege handen achter.
Hij had ze kunnen ontslaan:
wat heeft hij aan een kok en een schoonmaker als hij toch niet thuis is,
maar hij geeft ze juist een grote verantwoordelijkheid:
hij geeft ze zijn hele vermogen in beheer.

dia 6 – talenten
Nu heb ik iemand nodig die goed is in rekenen.
Wie komt mij even helpen?
Ik wil graag uitrekenen hoeveel geld die man verdeelt.
Een talent is een blok zilver van 34 kilo,
en is ongeveer waard wat een gewoon mens in 15 jaar verdient.
Een modaal inkomen, dus wat de gemiddelde Nederlander verdient,
is volgens het internet ongeveer 2800 euro per maand.
Hoeveel verdien je dan per jaar? 2800×12=33.600
Maar zo’n talent, daar moest je 15 jaar voor werken,
wat is 1 talent dan waard? 33600×15=504.000
Dat is een half miljoen euro!
Wie vond het, net als ik, oneerlijk
dat de laatste dienaar maar 1 talent kreeg?
Hij krijgt een kapitaal in handen, een half miljoen!
En om het rekensommetje nog even af te maken:
de man verdeelt 8 talenten, hoe veel is dat? 504.000×8=4.032.000.
Die man is dus een multimiljonair!

dia 7 – …: zijn koninkrijk
Jezus is die rijke man, en wij zijn de dienaren.
Jezus geeft zijn talenten in beheer.
Maar wat zijn die talenten eigenlijk?
Een talent is iets waar je goed in bent.
Denk aan het programma ‘Holland got talent’.
Of aan het weekthema van het gemeenteproject: ‘gaven en talenten’.
Daarom heb ik deze gelijkenis ook gekozen voor vandaag.
Maar bij nader inzien gaat het niet over
dat iedereen talenten heeft,
en dat de een wat getalenteerder is dan de ander,
en dat wij nu die talenten moeten gebruiken.
Nee, de talenten zijn een schat.
Jezus geeft ons zijn schat in beheer.
Die schat, in 1 woord, is Jezus’ koninkrijk.
Dat is waar Jezus het steeds over heeft: zijn koninkrijk.
En als je de schat meer woorden wilt geven:
vergeving, leven, bevrijding, genezing, geloof, hoop en liefde.
Dat is de schat die Jezus in beheer geeft
tijdens zijn afwezigheid op aarde.

dia 8 – hoe beheer je de schat?
Hoe ga je met zo’n schat om?
Hoe ben je een goede oppas over Jezus’ koninkrijk?
Wat zou jij doen,
als iemand jou een half miljoen toevertrouwt?
Ik wist het wel!
Ik zou er zeer zorgvuldig mee omgaan,
zodat de eigenaar als hij terugkomt zijn geld terug kan krijgen.
Ik zou het goed van mijzelf vinden
dat ik niet 20.000 euro achterover had gedrukt,
om zelf ook van de schat te profiteren.
Ik zou het doen als huisoppasser nummer 1:
met een groot gevoel voor verantwoordelijkheid.
Of, in het verhaal van Jezus, dienaar nummer 3:
dat is tenminste iemand die je kunt vertrouwen!

2. Goed beheer
dia 9 – de schokkende ontknoping!
Jezus denkt daar anders over,
dat is het schokkende van zijn verhaal.
Dienaren 1 en 2 gaan hun boekje ver te buiten.
Net als huisoppas 2.
Alle toehoorders bij Jezus’ verhaal zullen het erover eens zijn geweest:
dienaren 1 en 2 kunnen een voorbeeld nemen aan hun voorzichtige collega.
Je moet er toch niet aan denken
dat als je je kok vraagt op 2,5 miljoen euro te passen,
dat hij op eigen houtje ermee gaat investeren?!
Zo’n dienaar verdient ontslag!

De rijke man komt terug van zijn reis,
en roept zijn dienaren op het matje.
Je zou verwachten dat dienaar 1 en 2 nu de wind van voren krijgen:
‘zijn jullie helemaal gek geworden?!’
Maar ze krijgen iets heel anders te horen:
‘voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar.’
Betrouwbaar?! Kom nou!
Er is er maar 1 betrouwbaar, dat is dienaar 3.
Hij zal de hemel wel in worden geprezen.
Maar nee: ‘je bent een slechte, laffe dienaar.’
Juist deze verantwoordelijke man wordt op staande voet ontslagen.

dia 10 – de aard van de schat: je moet hem gebruiken
Hoe kan dit?
Wat bezielt die rijke man?
Hij heeft op z’n minst eigenaardige ideeën over wat goed beheer is…
Om daar iets van te snappen, moeten we beter naar de schat kijken.
In het verhaal van Jezus gaat het om veel geld,
en dan heeft dienaar 3 helemaal gelijk.
Maar Jezus vertelt dit verhaal ook niet
om advies te geven over hoe je met een groot geldbedrag van een ander omgaat…
Jezus geeft zijn koninkrijk in beheer,
en het verhaal gaat over hoe je dáár mee omgaat.
Deze schat vraagt erom gebruikt te worden:
dat is de aard van deze schat.

Als je deze schat wegstopt, wordt hij waardeloos.
Net als een zak aardappels die te lang in de voorraadkast liggen.
Ze gaan stinken en rotten, en je kunt ze maar beter weggooien.
Het koninkrijk van Jezus wordt waardeloos als je het verstopt.
Net als liefde: als je geen liefde geeft, zal je liefde vanzelf verdampen.
De schat van Jezus moet juist gebruikt worden:
dan vermenigvuldigt de schat.
De 5 talenten worden er 10!
Het is met het koninkrijk net als met die uitspraak over liefde:
‘liefde delen is de enige manier om haar te vermenigvuldigen.’

Jezus laat jou een schat na.
Zijn grootste geschenk, dat is hij zelf!
Zijn leven is jouw leven!
Die schat kun je niet voor jezelf koesteren.
Met die schat moet je bezig gaan,
deze schat groeit als je ervan deelt.
Je ervaart pas echt de zegen van deze schat
als je met de schat voor anderen een bron van zegen bent.

dia 11 – een risico, maar nooit saai!
Best spannend, zo’n schat die je niet in de grond kunt verstoppen,
maar die erom vraagt gebruikt te worden.
Want het kan natuurlijk misgaan!
De 5 talenten zijn er 10 geworden, maar het hadden er ook 2 kunnen worden.
Dat is het risico van investeren…
Kies je ervoor met de schat aan de slag te gaan,
dan verandert de schat steeds.
Voor jezelf is misschien nog wel duidelijk wat de schat waard is,
trouwens, misschien is dat ook helemaal niet zo duidelijk,
maar nog veel lastiger is wat het koninkrijk kan betekenen in levens van anderen.
Laat ik het zo zeggen: als je met de schat bezig gaat,
wordt de schat nooit saai!

3. Hardvochtige reactie?
dia 12 – hardvochtige reactie?
Maar saai is natuurlijk wel zo veilig…
Huisoppasser 1 is misschien wat saai,
maar zou juist daarom mijn voorkeur hebben.
De rijke man in het verhaal reageert wel erg hardvochtig
tegen dienaar nummer 3.
Niks geen beloning voor het zorgvuldig bewaren van de schat:
‘gooi hem eruit, in de uiterste duisternis,
waar men jammert en knarsetandt.’
Is dat niet wat overtrokken?

dia 13 – oneerlijk, zodat wij weten wat Jezus wil
Ja, dat is het!
Dit is oneerlijk van die rijke man.
Je laat de boel de boel,
zadelt je personeel met je vermogen op,
geeft geen instructie wat ze ermee moeten doen,
en straft vervolgens degene af die het meest verantwoordelijk heeft gehandeld.
Dat kan niet!

Het verhaal is schokkend oneerlijk.
En ík geloof dat dat precies de bedoeling van Jezus is.
Dienaar 3 wist dan misschien niet wat de bedoeling van zijn baas was,
Jezus vertelt ons dit verhaal zodat wij het wel weten.
Die dienaren hadden geen instructies gekregen,
maar Jezus geeft ons wel degelijk instructies
hoe we zijn koninkrijk moeten beheren.
Jezus zoekt mensen als huisoppasser 2,
die met het huis aan de slag gaan.
Jezus waarschuwt voor de veilige weg
van het evangelie van Gods koninkrijk verstoppen.

dia 14 – verstoppen loopt dood, want: geloven draait niet om bewaren
Die weg loopt dood, om tenminste 2 redenen.
De eerste is dat geloven niet draait om bewaren.
Gods koninkrijk is geen museumstuk!
In een museum probeer je dingen zo goed mogelijk te bewaren.
Daarom mag je in musea oude voorwerpen vaak niet aanraken:
je huidzuren kunnen de museumstukken aantasten.
Geloven gaat niet om het veiligstellen
van een aantal onveranderlijke leerregels en leefregels.
Dat is wat de Farizeeën in Jezus’ tijd doen.
In Matteüs 23 krijgen zij er stevig van langs:
‘wee jullie, huichelaars!
Jullie lijken op witgepleisterde graven, die er vanbuiten wel fraai uitzien,
maar vol liggen met doodsbeenderen en andere onreinheden.’
Ze beschermen de wet zorgvuldig,
komen vroom over, hebben overal een antwoord op,
maar léven niet met God.
Terwijl geloven geen kwestie van bewaren is,
maar een kwestie van léven met God.

dia 15 – geloven draait niet om jou
Reden 2: geloven draait niet om jou.
De veilige weg kies je voor jezelf.
Dienaar 3 ging er vanuit dat hij met de schat wel kon investeren,
maar de winst toch weer bij zijn baas moest inleveren.
Waarom zou je dan die moeite doen?
Met z’n eigen geld was hij waarschijnlijk anders omgegaan:
dat had hij tenminste op de bank gezet om rente te krijgen.
Dienaar 3 liet het om zichzelf draaien, in plaats van om zijn baas.
Dat kun je met de schat van het koninkrijk ook doen:
‘als het maar goed zit tussen God en mij, als ik maar gered ben.’
Dat is spelen met vuur, je zet je redding op het spel!
Het gaat niet om jou,
het gaat om Jezus Christus en zijn schat: het koninkrijk!

dia 16 – verstoppen maakt bang
Als je de schat verstopt, blijft angst over.
Dienaar 3 zegt het: ‘uit angst besloot ik uw talent te begraven.’
Angst voor God, angst om het fout te doen.
Maar dan heb je de schat nooit goed bekeken.
Pak de schat liever aan, gebruik hem,
en de angst verdwijnt als sneeuw voor de zon.

4. Wees een goede beheerder!
dia 17 – 1 Korintiërs 4
Paulus schrijft in 1 Korintiërs 4:
‘Men moet ons beschouwen als dienaren van Christus,
aan wie het beheer over de geheimen van God is toevertrouwd.
Van iemand die deze taak vervult, wordt verlangd dat hij betrouwbaar is.’
Wees een goede, wees een betrouwbare beheerder van het koninkrijk!

dia 18 – 1 kijk, en blijf kijken
Begin maar met kijken.
En blijf kijken!
Een schat die je verstopt, kun je niet meer bekijken.
De schat van het koninkrijk vraagt erom
dat je er steeds weer naar kijkt.
Als je dat doet, ontdek je steeds nieuwe kanten.
Ontdek je telkens weer dat de schat nog waardevoller is dan je dacht.

Jezus wil dat je thuis raakt in zijn schat,
dat je je zijn koninkrijk eigen maakt,
dat je zijn evangelie doorleeft.
Niet als een handboek ‘hoe-word-ik-gered’,
wat je dan ook weer mooi weet,
waarna je de schat kunt laten verstoffen,
maar als een schat die je leven vormt.

dia 19 – bijbellezen
Dat is natuurlijk nog een beetje abstract:
hoe blijf je naar die schat kijken?
Gelukkig heeft God een boek vol laten schrijven over zijn schatten: de bijbel.
Donderdag, op de gemeentevergadering, staan we er uitgebreider bij stil.
De bijbel is een boek om in te schatgraven.
Geen boek dat je een keer doorleest en dan kent,
maar een boek waar je steeds opnieuw naar kijkt,
waar steeds nieuwe schatten in verborgen blijken te liggen.
Lees de bijbel, bekijk de schat, en blijf kijken!

dia 20 – 2 laat de schat zijn werk doen
Dat is 1: een goede beheerder blijft de schat bekijken.
Dan 2: gebruik de schat ook!
Of, beter gezegd, laat die schat zijn werk doen!
Want niet jij gaat aan de slag met de schat,
de schat gaat aan de slag met jou!
De schat is het koninkrijk van God,
en als je die schat in jou zijn werk laat doen,
begint dat koninkrijk ook in jouw leven.
Bijvoorbeeld als het gaat om vergeving:
de schat is dat je door God vergeven bent,
en als je die schat zijn werk laat doen,
zul je zelf ook een vergevingsgezind persoon worden.
Laat de schat zijn werk doen:
dat is tot zegen voor jezelf, voor de gemeente en de wereld.

dia 21 – 3 gebruik je talenten voor de schat
Nog 1 ding, dat is 3: gaven en talenten.
Het gaat in het verhaal van Jezus niet over je talenten.
Maar je talenten doen wel mee!
Gebruik je talenten voor de schat.
Ieder heeft zijn eigen talenten.
Ga daar maar naar op zoek, het projectboek helpt je op weg.
Hoe kun jij op jouw manier het koninkrijk beheren?
Wat kun jij bijdragen?
Met de dingen waar je goed in bent?
Met je tijd en aandacht, met je gebed.
Maar ook met je geld: je hebt het van God in beheer gekregen.
Denk daar thuis en op de kring maar verder over na.

dia 22 – welkom bij het feestmaal!
Het koninkrijk beheren, dat is nogal wat!
Ik voel me dan best tekort schieten!
Maar laat je niet ontmoedigen.
Als je met de schat wilt leven,
als je oprecht zoekt naar hoe je de schat gebruiken mag,
dan mag je horen wat dienaar 1 en 2 hoorden:
‘voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar.
Wees welkom bij het feestmaal van je heer.’
Van dat feestmaal mag je vandaag een heerlijke voorproef krijgen!
Amen.




Psalm 22:26-27 | De tafel van leven

Overdenking bij een avondmaalsviering op Witte Donderdag. In Psalm 22 wordt de tafel gedekt, een tafel van leven. Net als bij het avondmaal.
Voor wie deze overdenking in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com.

Liturgie
Zingen: Psalm 118 : 10 (GKB=LvK)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 175 : 1 en 2
Gebed
Lezen: Matteüs 26 : 20 – 30
Zingen: LvK Gezang 364 : 1, 2 en 3
Lezen: Psalm 22 : 26 – 27
Overdenking
Luisterlied: Sela – Getsemane
Viering avondmaal (Dienstboek)
Zingen: Psalm 103 : 1, 4 en 9 (GKB=LvK)
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Psalm 116 : 1a, 3v, 5m, 7v, 8m en 10a
Zegen

De tafel van leven

In Psalm 22 wordt de tafel gedekt: een tafel van leven.
Ook wij zitten vanavond aan tafel.
Niet helemaal letterlijk, maar toch!
Onze tafel is gedekt met brood en wijn,
om daarin Christus te ontvangen.
Ook een tafel van leven!

De sfeer in Psalm 22 is helemaal omgeslagen.
Aan het begin van de Psalm leek het ondenkbaar
dat het zou uitlopen op een feestmaaltijd.
De eerste helft van de Psalm is één grote klacht.
Maar dan komt het: ‘u hebt mij geantwoord’.
Afgelopen zondag stonden we er bij stil.
En dan wordt het feest!

‘Van u komt mijn lofzang.’
Een beetje merkwaardig om het zo te zeggen.
Je maakt er al snel van: ‘mijn lofzang is vóór u’.
Dat staat er dus niet: de lofzang komt ván God.
God heeft geantwoord, God heeft David nieuwe moed gegeven,
David durft God weer te vertrouwen,
en daarom verdient God de lof.
‘Van u komt mijn lofzang’:
‘God, u hebt mij geantwoord, en daarom geef ik u eer.
Dat hebt u verdiend!’

Hoe doe je dat dan?
Je kunt het tegen God zeggen, je kunt het zingen,
maar bij David is het meer.
‘Mijn geloften los ik in.’
Blijkbaar heeft David God iets beloofd,
dat als God hem zou antwoorden,
dat David dan iets voor God zou doen.
Denk aan een dankoffer – dat past ook goed in Psalm 22.
In Leviticus 7 kun je over zo’n dankoffer lezen.
Het bestaat uit een offerdier, bijvoorbeeld een lam, samen met broden.
Een deel daarvan wordt verbrand, en zo aan God aangeboden.
Maar er bleef ook over, om zelf van te eten.
Bij een dankoffer hoort een feestmaaltijd!
En daarom: ‘zij zullen eten en worden verzadigd’.

David eet niet in z’n eentje, het is geen snelle hap voor de tv.
David brengt zijn dankoffer ‘bij wie u vrezen’:
het is een offer in de kring van wie ontzag hebben voor God.
Zij mogen mee-eten van Davids dankoffer.

Davids offer heeft betekenis voor anderen:
zij mogen mee-eten van de offermaaltijd.
Net als wij vanavond mee mogen eten
van de offermaaltijd van Christus.
Onze tafel is niet gedekt met gebraden lamsvlees:
Christus zelf is het offerlam.
Door brood en wijn te ontvangen, krijgen we deel aan zijn offer.
Geen dankoffer, maar een verzoeningsoffer.
Jezus geeft zijn leven niet uit dankbaarheid,
maar om vrede te stichten tussen God en mens.
Juist dat offer geeft ons ook alle reden dankbaar te zijn.

In de Katholieke kerk wordt het avondmaal de ‘eucharistie’ genoemd.
Dat is Grieks voor ‘dankzegging’.
Het avondmaal is geen dankoffer,
met het offer van Jezus is het afgelopen met de offers.
Het is wel een maaltijd waar we dankbaar delen in het offer van Christus.
Juist aan de avondmaalstafel wordt duidelijk: Jezus deed het voor ons!
Het wordt persoonlijk: ík mag delen in de overwinning die Jezus behaald heeft.
Hij stierf daar aan het kruis niet voor niets, hij stierf voor mij.
Daarom zegt hij: ‘neem, eet, dit is mijn lichaam.’

Van die maaltijd wordt je pas echt verzadigd.
Jezus zegt, in Johannes 6:
‘Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald;
wanneer iemand dit brood eet zal hij eeuwig leven.
En het brood dat ik zal geven voor het leven van de wereld, is mijn lichaam.’
De tafel is gedekt, het is een tafel van leven!

Maar voor wie is de tafel?
Wie zijn de tafelgenoten, die in het offer mogen delen?
‘De vernederden zullen eten’, zegt Psalm 22.
‘De vernederden’ – wie zijn dat?
Het is ook maar net hoe je het vertaalt.
Je kunt ook zeggen: ‘de armen’, of: ‘de zachtmoedigen’.
Dan doet het mij denken aan de zaligsprekingen in Matteüs 5:
‘Gelukkig wie nederig van hart zijn,
want voor hen is het koninkrijk van de hemel.’
Of, in de oude vertaling:
‘Zalig de armen van geest,
want hunner is het koninkrijk der hemelen.’

Als er iemand arm van geest en nederig van hart is,
dan is het Jezus wel!
Hij dekt de tafel voor mensen die hem willen volgen,
van hem willen leren nederig en zachtmoedig te zijn.
Die dan wel midden in de wereld staan,
maar weten dat hun schat in Gods koninkrijk is.
Die niet langer roemen in zichzelf, maar roemen in Christus Jezus.

David sluit af met een tafelwens:
‘voor altijd mogen jullie leven!’
Een wens als ‘leve de koning’: dan wens je de koning leven toe.
Zo’n wens is dit ook: David wenst zijn tafelgenoten leven voor altijd toe.
Precies waar het avondmaal op wijst.
Jezus zelf legt die verbinding:
er komt een dag dat hij met zijn tafelgenoten opnieuw wijn zal drinken
in het koninkrijk van zijn Vader.

Bij een feestelijke maaltijd hoort een toost.
‘Ik wil graag een toost uitbrengen op…’
Zo sluit David af:
‘laten we drinken op het leven voor altijd!’
Ook wij gaan zo drinken.
Laat het een toost zijn op het eeuwige leven!
Wij komen aan de tafel van leven.
Eet, drink, en leef in eeuwigheid!
Amen.




Psalm 22:2a | Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’

Verlaten zijn: het is misschien wel de heftigste ervaring die je kunt hebben. Je kunt je ook door God verlaten voelen, net als David. ‘Waarom laat u me in de steek?!’ Aan het kruis neemt Jezus die vraag over: hij wordt verlaten, jij nooit meer!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Psalm 130 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: ‘Oceans’
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Psalm 22 : 1 – 6 en Matteüs 27 : 45 – 50
Zingen: Psalm 77 : 1, 2 en 4 (LvK = GKB)
Preek over Psalm 22 : 2a
Zingen: GKB Gezang 163 : 1, 2 en 3
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 449 : 1, 3, 4 en 5
Onderwijs avondmaal
Viering avondmaal – met luisterlied Psalmen voor Nu 22
Zingen: GKB Gezang 125 : 4, 5 en 6
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: LvK Gezang 192 : 2, 5 en 6
Zegen

Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’

Inleiding
dia 1 – zwart
Verlaten worden:
ik denk dat het de pijnlijkste ervaring is die je kunt hebben.
Je staat er alleen voor, dat is angstaanjagend.
Veel mensen hebben last van verlatingsangst.
Vooral van kinderen is het bekend,
maar volwassenen hebben het net zo goed.

dia 2 – Roos Schlikker
Bijvoorbeeld Roos Schlikker.
Zij is journalist en columnist, maar vooral bekend van Wie is de Mol.
Vorig jaar schreef ze in het Parool een column over verlatingsangst.
Eens in de maand droomt ze dat haar man haar inruilt voor een ander.
Ik lees even voor wat ze dan schrijft:
‘Het geroffel van mijn hart en mijn eigen huilkreet
hadden me doen wakker schrikken.
Het duurde een paar minuten voor ik wist dat ik hem weer had gehad:
de grote ‘Hij gaat bij me weg’-nachtmerrie.
Vaak lijkt de droom zo echt
dat ik de dag erna moeite heb aardig tegen mijn echtgenoot te doen.
Hij weet het zelf niet, maar hij heeft me iets verschrikkelijks aangedaan.
Natuurlijk is het verlatingsangst.
Ik heb er altijd last van gehad.
Op het oog sta ik best stevig op mijn poten,
maar dat kan alleen als ik me ingebed voel in een ondergrond van zekerheid.
Zekerheid dat mijn man me leuk vindt,
dat mijn vriendinnen altijd bij me zullen horen,
dat mijn ouders nooit doodgaan
en dat mijn kinderen aan me verklonken blijven.’

dia 3 – verlaten
Voor Roos is het een nachtmerrie.
Voor anderen is het werkelijkheid.
Ik zat wat op Google te zoeken naar ‘verlaten zijn’,
en werd boos van wat ik tegenkwam.
Ik lees maar weer even voor:
‘Uit onderzoek blijkt dat wanneer een man ernstig ziek is,
er geen verhoogd risico is voor echtscheiding.
Maar wist je dat het huwelijk of de relatie
van een vrouw met een levensbedreigende ziekte, zoals kanker,
zes keer vaker strandt dan bij mannen met een soortgelijke diagnose?’
Wat een klap in je gezicht moet dat zijn!
Je hebt kanker, misschien ga je wel dood,
en juist nu je je man het hardste nodig hebt,
laat hij je aan je lot over.

dia 4 – Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’
Psalm 22 gaat over verlaten zijn.
Verlaten door mensen, maar dat is nog niet alles:
het begint met een uitroep naar God:
‘mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’
Een uitroep van David, maar aan het kruis neemt Jezus hem over.
Daarom is het thema: Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’

1. God is weggegaan…
dia 5 – God is weggegaan…
Maar voor we naar die schreeuw van Jezus gaan,
gaan we naar de schreeuw van David, en misschien ook van jou.
In de versie van de Psalmen voor Nu klinkt het zo:
‘ik sta alleen, want u bent weggegaan.
Mijn God, mijn God, waarom?’
God is weggegaan, help!

Wat een heftig begin.
De wanhoop spat er vanaf.
‘Mijn God, waar bent u?’
Maar God laat niets van zich horen.
Hij is met de noorderzon vertrokken.
‘Mijn God, mijn God, waarom?!’
Het is een forse aanklacht, voor het gevoel misschien zelfs over het randje:
‘u laat me in de steek God!’

dia 6 – een Psalm van David op de vlucht
Psalm 22 is een Psalm van David.
Wanneer David hem heeft geschreven, staat er niet bij.
Als je de Psalm verder leest, wat we de komende weken gaan doen,
kom je erachter dat David wordt opgejaagd.
David is op de vlucht voor een woeste bende die hem naar het leven staat.
Dat kan natuurlijk figuurlijk bedoeld zijn,
maar in het geval van David is het nog niet zo gek het letterlijk te nemen.
Twee keer is David op de vlucht geweest.
De eerste keer was voor zijn voorganger, koning Saul.
Saul beseft dat het koningschap van hem zal worden afgepakt,
en vermoedt, terecht trouwens, dat David zijn plaats zal innemen.
Saul kan dat niet hebben, en begint een klopjacht.
13 Bijbelhoofdstukken lang is David voor Saul op de vlucht, 1 Samuël 19-31.
De tweede keer is veel later.
Saul is gestorven, David is koning geworden.
Maar dan staan zijn eigen kinderen tegen hem op.
Zijn zoon Absalom pleegt een staatsgreep, een coupe,
en weer moet David vluchten.

dia 7 – de diepste pijn: God laat het afweten
Het zijn de donkere dagen van Davids leven.
Alles zit tegen.
Op de vlucht voor vijanden,
verraden door zijn vrienden, ja zelfs zijn kinderen.
David moet heel wat incasseren.
Maar wat de donkere dagen pas echt pikzwart maakt,
dat is dat God weg is!
Meer dan ooit heeft David God nodig,
maar God komt David niet te hulp.
Mensen doen David heel wat aan,
maar wat David het meest steekt is dat God hem laat zitten.
Nota bene: God had hem aangewezen als de toekomstige koning,
zonder God was David nog lekker buiten bij de schapen,
en nu het er op aankomt laat God hem in de kou staan.
Dát is het dieptepunt.

David snápt het ook niet.
Zo is God toch niet?!
Dat zijn vers 5 en 6: wie op God vertrouwt, wordt niet beschaamd.
Dat hebben de voorouders altijd gemerkt.
David gelooft het ook: God laat je niet in de steek.
Maar in de praktijk blijkt God dat wél te doen!

dia 8 – Psalm 22: ook jouw ervaring?
Na David hebben velen zich de woorden van Psalm 22 eigen gemaakt.
Tot vandaag aan toe.
Je zit in een situatie die je eigenlijk niet aankunt,
het water loopt je over de schoenen.
Je hebt relatieproblemen, je gezondheid neemt ernstig af, je zit vol zorgen.
Je dacht dat God je dan wel te hulp zou schieten,
maar je hebt helemaal niets aan hem.
Misschien voel je je er nog schuldig over ook,
dat je zou moeten ervaren dat God je er doorheen helpt,
maar je merkt er niets van…
God is weggegaan!

Trouwens, niet alleen in moeilijke situaties kan dat gevoel je bekruipen.
Als je leven zo op het oog best op orde is,
kun je je nog steeds verlaten voelen.
Stom is dat!
Je hebt het prima voor elkaar, en tegelijk voel je dat er iets mist.
God is weggegaan, en we moeten het zelf maar uitzoeken.
Dan steken angst, onbehagen, onveiligheid en wantrouwen de kop op.
Zelfs in de kerk.

En God? Hij blijft stil.
Hij antwoord niet.
Niet even een bemoedigend signaal, een teken dat het goed komt.
Je staat er alleen voor, want God is weggegaan.

2. Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’
dia 9 – Jezus schreeuwt jouw ‘waarom?!’
Psalm 22 begint wanhopig,
en het is goed om die wanhoop op je in te laten werken,
er niet snel overheen te springen.
Voel de radeloosheid maar, schreeuw maar ‘waarom?!’
Want dan ga je ontdekken wat het betekent
dat Jezus jouw ‘waarom?!’ schreeuwt.

dia 10 – Jezus neemt Psalm 22 van je over
Jezus neemt Psalm 22 van je over.
Het ‘waarom’ wordt alleen maar onbegrijpelijker.
Als ik eerlijk ben, dan weet ik best waarom God van mij weg zou gaan.
Hij heeft alle reden ons te verlaten.
Moet je kijken naar wat we van zijn wereld hebben gemaakt!
Maar Jezus is anders.
Bij Jezus is geen reden aan te voeren waarom God hem zou verlaten.
Toch roept Jezus uit: ‘mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’

Net als David wordt Jezus belaagd.
Met één groot verschil: David weet te ontkomen.
Jezus niet: hij is in handen van zijn vijanden.
Hij had kunnen ontkomen, als hij had gewild.
Maar Jezus gaf zich over, vrijwillig.
Zijn vrienden lieten hem vallen,
het volk dat ‘kruisig hem’ riep, heeft zijn zin gekregen.
Jezus is gekruisigd, weet dat de dood onafwendbaar is.
Juist nu heeft hij zijn Vader nodig.
Hij weet dat dit de weg is die hij moet gaan,
maar laat God hem daar toch de kracht voor geven!

dia 11 – Jezus ondergaat het van God verlaten zijn
Maar nee, het wordt donker, 3 uur lang.
Uren die voor Jezus een eeuwigheid duren.
God is zijn licht, maar het licht trekt zich terug.
Het is de hel.
In de bijbel wordt de hel vaak ‘de buitenste duisternis’ genoemd.
God is er niet, en zonder zijn aanwezigheid sterven wij.
David voelt zich door God verlaten, zoals ook wij dat kunnen voelen.
Jezus ís door God verlaten.
De volle last van onze zonde komt op Jezus,
en dan moet God wel weggaan.

Dit is een goddelijk drama.
Jezus en zijn Vader, zij zijn één!
Een hechtere eenheid dan de eenheid van de drie-enig God bestaat niet.
Maar nu wordt deze eenheid verbroken.
De Ene wordt verscheurd.
God ondergaat het van God verlaten zijn!

‘Mijn God, waarom?!’
Het is gevaarlijk om op Jezus’ vraag antwoord te geven.
Als Jezus vraagt ‘waarom’, wie zijn wij om ‘daarom’ te zeggen?
Tegelijk is het voor ons allesbepalend dat Jezus verlaten wordt.
God zou ons moeten verlaten, mij moeten verlaten, maar hij verlaat zijn Zoon.
In het klassieke avondmaalsformulier staat het zo:
‘Toen riep hij uit: “mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?”
opdat wij door God aangenomen en nooit meer door hem verlaten zouden worden.’
Bij God hoef je geen verlatingsangst meer te hebben.

dia 12 – ‘waarom?!’: Jezus schreeuwt het met jou en in jouw plaats
Jezus schreeuwt jouw ‘waarom’: hij schreeuwt het met je mee!
Wat is jouw pijn?
Waar voel jij je door God alleen gelaten?
Waar wil je een antwoord op?
Jezus schreeuwt het voor je uit: ‘waarom?!’
Hij gaat door de donkerste eenzaamheid,
als er iemand is die Psalm 22 uit ervaring kent, is het Jezus wel.
Wij vragen God ‘waarom?’, in Jezus stelt God de vraag mee.
Dat lijkt me bemoedigend, als je je vandaag in Psalm 22 herkent.

Jezus schreeuwt jouw ‘waarom’: hij schreeuwt het in jouw plaats.
Ik las ergens: ‘Jezus pakt de Psalm van ons over
om het tot in zijn diepte uit te zingen.’
In ons gevoel dat God is weggegaan, stonden we alleen.
Maar nu niet meer: Jezus is er geweest.
In de donkerste Godverlatenheid is Jezus geweest.
Er is geen enkele plaats waar God niet geweest is.
Zelfs in de Godverlatenheid ben je niet alleen.
We kunnen niet meer dieper zinken dan hij,
we komen hem steeds weer tegen!
Alsof je hopeloos verdwaald bent in een enorme woestijn,
je denkt dat je de bewoonde wereld nooit meer zult vinden,
zult sterven van de hitte en de dorst,
maar dan een medereiziger tegenkomt, die weet waar de uitgang is!

3. Blijf het vragen!
dia 13 – blijf het vragen!
Dat betekent niet dat je opeens alle antwoorden hebt.
Dat Jezus het ‘waarom?’ uitschreeuwt,
betekent niet dat je nooit meer ‘waarom?’ hoeft te vragen.
Het gevoel kan blijven, dat God is weggegaan.
Blijf het dan vragen!

dia 14 – God kan wel tegen onze vragen
Dat doet David ook.
God is weggegaan, en wat doet David?
Hij gaat naar God!
Nog voor hij zijn klaagzang begint, zegt hij: ‘mijn God, míjn God’.
Hoe donker het ook is, hoe ver weg God ook lijkt,
David klampt zich aan God vast.
God is alles wat hij heeft!
Aan de ene kant klaagt hij God aan: waar bent u?
Aan de andere spreekt een diep vertrouwen uit die aanspraak: ‘mijn God’.
Niet zomaar ‘God’, niet ‘God van mijn voorouders’, niet ‘God van Israël’, maar ‘mijn God’.
Met Jezus is er des te meer reden om je vragen te blijven stellen,
ze naar God uit te schreeuwen!

God kan wel tegen onze vragen.
Bij God hoeven we niet te doen alsof.
Alsof we hem altijd begrijpen.
Alsof we zijn aanwezigheid altijd ervaren.
We doen misschien wel eens alsof het geen vraag is: natuurlijk is God er!
Ja, dat is hij, dat zegt David ook, omdat hij het weet.
Maar hij ervaart het niet.
Wat als je niets van God merkt?
Als God stil blijft?
Als je je door God in de steek gelaten voelt?
Overschreeuw jezelf dan niet, maar stel je vragen!
Verstop je vragen niet voor God.

dia 15 – ‘mijn God’: een prachtig gebed!
Soms is het te veel,
weet je niet meer wat je vragen moet.
Begin dan maar met die eerste woorden: ‘mijn God’.
Wat een prachtig gebed is dat!
Helaas zijn die woorden gekaapt.
Ik moet denken aan opgedirkte actrices uit slechte Amerikaanse series,
die theatraal na elke 5 zinnen ‘o my God’ zeggen.
Of Facebook, waar het wordt afgekort tot OMG.
Zullen we ons dat mooie gebed niet laten afpakken?
Als je niet meer weet wat je God te zeggen hebt,
wat is het dan prachtig om daar te beginnen:
‘mijn God, míjn God.
Ik snap er helemaal niets van, ik snap niets van u.
Maar ik ga naar u toe: houd mij vast!’

En herinner God dan, net als David, maar aan wie hij is.
‘U bent de Heilige, die op Israëls lofzangen troont.’
Niet op onze klaagzangen dus!
God ziet je niet graag lijden, het doet hem pijn.
Dat mag je bij hem neerleggen!
Herinner God aan wat hij heeft gedaan,
aan wat hij in Jezus heeft gedaan:
‘mijn God, u hebt uw Zoon verlaten,
zodat u ons nooit meer verlaten zou.
Waarom verlaat u mij dan?’

dia 16 – geen antwoorden, wel hoop!
Misschien krijg je een antwoord, misschien ook niet.
Uiteindelijk gaat het niet om antwoorden.
Welk antwoord voldoet nou op zo’n vraag?
‘Ja, sorry, ik heb je verlaten, dat moest nu eenmaal, ik zal je uitleggen waarom.’
Is dat een antwoord?
Ik las een interview met rabbijn Lody van de Kamp.
Hij zegt: ‘het is beter met vragen te leven dan met dubieuze antwoorden.’
In Psalm 22 komt er uiteindelijk wel een ‘antwoord’,
in die zin dat Davids vragen tot rust worden gebracht.
Dat betekent niet dat wij nu de antwoorden hebben,
wel dat we onze vragen niet zonder hoop stellen.
Jezus schreeuwt ze met ons mee, hij is onze hoop!
En dan mogen we hem vinden, in brood en wijn.
Amen.