Hebreeën 5-10a | Jezus, de ultieme tussenpersoon

Mensen houden graag vast aan systemen om met God om te gaan. De tempel was zo’n systeem, maar de kerk kan het ook worden. Dat we zo druk bezig zijn de kerk in stand te houden dat we Jezus vergeten. Hebreeën zegt: zoek het niet in een systeem, maar in Jezus! 2e Preek in leesproject over Hebreeën.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Via Dolorosa (Sela)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 177 : 1, 2 en 7
Leefregels
Zingen: DNP Psalm 40 : 3 en 6
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Hebreeën 7 : 11 – 28 en 10 : 11 – 18
Zingen: GKB Psalm 110 : 1, 2 en 4
Preek over Hebreeën 5 – 10a
Zingen: Opwekking 580
Kinderen terug
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 89 : 1, 3 en 4
Zegen

Jezus, de ultieme tussenpersoon

Inleiding
dia 1 – zwart
Het zijn weer mijn favoriete weken van het jaar.
Tja, waar zou ik het over hebben…?
Ik bedoel de belastingaangifte!
Dan denk je natuurlijk: ‘de belastingaangifte? wat is daar nou mooi aan?’
Nou, ik draag graag mijn steentje aan Nederland bij!

dia 2 – aangifte
Maar, moet ik eerlijk zijn,
liever ook niet méér dan het steentje dat ik moet bijdragen.
Daarbij wordt ik geholpen door mijn belastingadviseur.
Het technische verhaal zal ik jullie besparen,
maar voor predikanten is de aangifte een vak apart,
en daarom wordt ik erbij geholpen.

Zelf moet ik al mijn gegevens aandragen,
en hoe meer aftrekposten ik vind, hoe minder belasting ik betaal.
Daar ben ik de afgelopen weken dus druk mee bezig geweest,
en nee: dat is niet mijn favoriete bezigheid…
Niet alleen gemaakte kilometers kan ik aftrekken,
maar ook de koffie die ik bij de HEMA drink –
weten jullie direct waarom ik daar zo graag zit…
Ik maak een overzicht, stuur dat naar mijn belastingadviseur,
en die doet de rest.

Die belastingadviseur is een tussenpersoon.
Zij staat tussen mij en de belastingdienst in.
Ze zorgt ervoor dat het contact tussen de belastingdienst en mij soepel verloopt.
Zonder haar zou mijn jaarlijkse aangifte een ramp zijn!

dia 3 – Jezus, de ultieme tussenpersoon
Tussenpersonen zijn handig:
of het nu die klasgenoot is die jou en je geheime liefde koppelt,
iemand die een ingang heeft in een bedrijf en jou daarmee aan een baan helpt
of een hypotheekadviseur die namens jou naar de bank gaat.
En dan gaat het er vandaag over dat Jezus ook zo’n tussenpersoon is.
Dat is de boodschap van die 6 hoofdstukken, Hebreeën 5-10, samen.
Dus het thema vanochtend: Jezus is de ultieme tussenpersoon.

1. Hoe kom je bij God?
dia 4 – contact met God kan niet zomaar
Een tussenpersoon, de naam zegt het al, staat ergens tussen.
Dat is bij Jezus ook zo.
Hij staat niet tussen mij en de belastingdienst,
of al die andere dingen die ik noemde, maar tussen ons en God.

De vraag is namelijk: hoe kun je contact hebben met God?
Hebreeën gaat er vanuit dat rechtstreeks contact met God onmogelijk is.
Het zit niet goed tussen God en mensen, en dat valt niet zomaar op te lossen.
We zijn van God vervreemd.
We kunnen niet zomaar tegen God zeggen:
‘hallo God, daar zijn we weer,
sorry dat we u vergeten zijn, zand erover dan maar?’
Zo werkt het bij God niet.
Dat besef delen het Joodse en het christelijke geloof:
God is boos om onze zonden.
Ik weet dat dat in onze tijd een lastig thema is:
hoezo zou God boos op ons zijn?!
Daar wil ik straks nog iets meer over zeggen,
maar laten we er nu eerst maar even in meegaan:
we kunnen niet zomaar bij God komen.

dia 5 – achtergrond: tempeldienst (tempel)
Maar hoe dan wel?
Dat is waar de hele bijbel over gaat!
De bijbel die de Hebreeën zo goed kennen,
want even wat herhaling van vorige week:
de Hebreeën waren christenen met Joodse wortels.
Ze staan onder druk hun geloof in Jezus op te geven,
en terug te gaan naar de Joodse godsdienst en Joodse manier van leven.
Het Oude Testament heeft voor hen geen geheimen,
en de schrijver van de Hebreeënbrief veronderstelt veel bijbelkennis.

Op die vraag, hoe kun je bij God komen,
was het Joodse antwoord heel duidelijk: de tempeldienst.
De tempel, dat was de plaats waar God woonde.
In de tempel was contact tussen God en mensen mogelijk.
Dat werd mogelijk gemaakt door tussenpersonen: priesters.
De priesters hadden namens het volk contact met God,
stonden letterlijk tussen God en de mensen in.
Voor dat contact moesten ze wel offers brengen,
wat dan ook een belangrijk onderdeel is van de Joodse godsdienst.
Offers in alle soorten en maten, met als hoogtepunt de Grote Verzoendag.
Op die dag, en alleen op die dag,
ging de hogepriester het heiligste van de tempel in,
om daar een offer te brengen zodat God de zonden vergeeft.
Een heel systeem dus, waar in ieder duidelijk wordt
dat vergeving, dat contact met God iets kost!

dia 6 – wat is onze ‘tempeldienst’?
Wij zijn de Hebreeën niet.
Vorige week zei ik al: als deze brief rechtstreeks aan ons geschreven was,
dan hadden er andere dingen in gestaan.
Die hele Joodse tempeldienst zegt ons weinig.
Maar wat zouden wij antwoorden op de vraag: ‘hoe kun je bij God komen?’
Wat is onze ‘tempeldienst’? Wat zijn onze priesters en offers?

Misschien is het wel ‘goed leven’.
Proberen wij God tevreden te stellen door goed te leven?
De meeste mensen beseffen best dat als er een God is,
hij niet alles zomaar goed kan vinden.
Prima als God boos is op machtige schurken als Assad en Kim Jong Un.
Maar niet op jou, want jij brengt het er toch best aardig vanaf,
en God ziet ook wel dat jij probeert goed te leven.
In de kerk hebben we dan nog een paar regels over wat goed leven is,
en als je je daar aan houdt, dan kan God tevreden zijn.
Is dat hoe we proberen bij God te komen?

De kerk zelf kan trouwens ook zo’n tempelsysteem worden.
Soms ben ik daar wel bang voor.
Wat is het toch dat we makkelijker over de kerk praten dan over Jezus?
Voor je het weet is de dominee weer een priester geworden,
een tussenpersoon tussen God en mensen.
We kunnen van de kerk een heel systeem maken,
van de regels, van de organisatie,
en denken dat als we dat systeem maar goed vasthouden,
dat het dan wel goed zit tussen God en ons.
Dan is de kerk onze manier om met God om te gaan.

2. Jezus, de ultieme tussenpersoon
dia 7 – Jezus, de ultieme tussenpersoon
Maar dan zouden we met Jezus uiteindelijk niets zijn opgeschoten!
Het is tempeldienst in een ander jasje.
Hebreeën 5-10 zegt: maar er is iets veel beters!
Vergeet die tempel, die priesters en offers,
vergeet al die systemen: Jézus is de ultieme tussenpersoon.

dia 8 – Windows
‘Beter’: dat woord kom je in Hebreeën vaak tegen.
Steeds wijst Hebreeën op het verschil tussen oud en nieuw.
De tempel, met alles er omheen, is oud, Jezus is nieuw.
Niet dat oud slecht is en nieuw goed: oud is goed, nieuw is beter.
Misschien is het te vergelijken met Windows op je computer.
Regelmatig verschijnt er een nieuwe versie van Windows.
Windows XP was een prima besturingssysteem.
Windows 10 is alleen zoveel beter
dat Windows XP gewoon achterhaald is.
Het heeft zijn nut bewezen maar nu verouderd.
Zo is het met Jezus en de tempel ook:
de tempel was prima, God zelf heeft die tempeldienst gegeven,
maar de tempeldienst was nooit bedoeld als Gods definitieve oplossing.
Met de komst van Jezus is die tempeldienst een achterhaald systeem.

dia 9 – Jezus: onze tussenpersoon in de hemel
Dat werkt Hebreeën uit in hoofdstuk 5-10.
Die hoofdstukken kun je weer in tweeën delen:
5-7 gaat over wie de tussenpersoon is,
8-10 over wat die tussenpersoon doet.
Om het nog ingewikkelder te maken:
in dat eerste stuk, 5-7, vind je nog een lang zijspoor
over dat je best moeite mag doen om meer van het christelijk geloof te begrijpen.
Dus laat je niet afschrikken door dat Hebreeën best een ingewikkeld boek is!

Eerst Hebreeën 5-7: wie is de tussenpersoon?
Daar wordt een uitgebreide vergelijking getrokken
tussen de priesters van Israël en Jezus.
Die priesters van Israël, zegt Hebreeën, waren ook maar gewone mensen.
Mensen die hun best deden, zeker,
maar ook mensen met hun fouten en hun zonden.
Voordat ze als tussenpersoon namens het volk offers konden brengen,
moesten ze een offer brengen voor hun eigen zonden.
Wat een verschil met Jezus: Jezus is zonder zonde!

Dan begint Hebreeën over Melchisedek.
Je komt hem voor het eerst tegen in Genesis 14.
Hij is een van de meest mysterieuze figuren uit de bijbel.
Hij is koning en priester tegelijk, hij zegent Abraham,
en verder weten we bijna niets van hem.
Maar in Psalm 110 duikt hij opeens weer op:
er zal een priester als Melchisedek komen.
Hebreeën zegt: dat gaat over Jezus!
Jezus is de nieuwe hogepriester die God ons geeft,
ook al komt Jezus niet uit een priesterfamilie.
Dat was voor priesters heel belangrijk:
alleen Joden die van Levi afstamden konden priester worden.
Maar Jezus staat daar, net als Melchisedek, boven:
Jezus is door God aangesteld als priester voor eeuwig,
niet in de tempel, maar in de hemel.

Best ingewikkeld allemaal…
Maar denk nog even terug aan die tussenpersonen,
die tussen 2 partijen in staan.
De beste tussenpersonen zijn die tussenpersonen
die dicht bij allebei de partijen staan.
Dus in het geval van mijn belastingadviseur:
die snapt wat de situatie van een predikant is,
maar die ook precies weet hoe het bij de belastingdienst werkt.
Dat maakt Jezus de tussenpersoon bij uitstek:
hij is mens geworden, hij begrijpt ons beter dan we onszelf begrijpen,
maar hij is ook kind aan huis bij God – dichter bij God kan niet!

dia 10 – de priester wordt het offer! (offer)
Vervolgens, in Hebreeën 8-10 gaat het over wat Jezus dan doet.
Priesters brengen offers, dus dan zal Jezus ook wel offers brengen…
Nou, om precies te zijn: 1 offer.
En dat offer, dat is hij zelf.
Deze priester wordt zelf het offer!
Om de logica daarachter te vatten moet je volgens mij God heten,
maar laat het even inwerken: Jezus offert zichzelf!
Het is het enige offer dat echt werkt,
dat het echt goed maakt tussen God en mensen.

Nog weer even die tussenpersonen.
Het is fijn als zo iemand met je meedenkt,
niet alleen doet waar je hem voor betaalt,
maar even een extra stap voor je zet.
En óf Jezus een extra stap voor je zet!
Hij doet nog veel meer:
als tussenpersoon geeft hij zijn eigen leven voor jouw zaak.
Dat maakt Jezus de ultieme tussenpersoon.

dia 11 – daardoor nieuwe relatie met God
Wat er dan gebeurt komt ook in Hebreeën 8-10 naar voren.
Door Jezus begint Gods nieuwe relatie met mensen.
God wil veel meer dan met mensen omgaan via een religieus systeem.
Die tempeldienst van vroeger houdt God ook op een afstand:
slechts een keer per jaar komt de hogepriester dicht bij God.
En wat in de tempel gebeurt staat los van het verdere leven.
Dat kan met de kerk ook gebeuren:
een mooi systeem, veilig en vertrouwd,
maar door het systeem houd je God op afstand.
Maar het nieuwe van Jezus is nu juist dat God écht met je wil omgaan,
niet in een of ander systeem, maar van hart tot hart!
Niet alleen in de tempel of kerk, maar altijd en overal.
Dat is wat Jezus doet: hij ruimt de rommel op zodat wij weer met God kunnen leven.

3. De hoge prijs
dia 12 – de hoge prijs
Jezus is beter dan religieuze systemen: hij is de ultieme tussenpersoon!
Alleen die prijs die hij betaalt, dat kruis…
Moet dat nou echt?
Ik zou nog terugkomen op dat wij moeite hebben
met de gedachte dat God boos op ons is.
Is dat offer van Jezus nou echt nodig?
Wil je daar wel aan?

dia 13 – zonde zit dieper dan we denken
Ik zou er in ieder geval graag onderuit willen komen!
Willen zeggen dat dat het kruis van Jezus een afschuwelijke vergissing was,
en me ervan distantiëren: ‘dat hebben ‘ze’ vroeger gedaan,
maar dat was fout, en daar wil ik niets mee te maken hebben.’
Zoals we tegenwoordig ook afstand nemen van bijvoorbeeld de VOC.

Wij zijn kampioenen in bagatelliseren.
‘Natuurlijk ben ik niet perfect, maar…’
‘Niet om het goed te praten, maar…’ en dan doe je het dus toch.
‘Dit kun je toch geen zonde noemen…’ Enzovoort.
We praten onszelf graag goed,
en hebben niet door hoe diep de zonde in ons zit.
Wij denken bij zonde misschien aan het overtreden van regels.
In de bijbel wordt zonde met overspel vergeleken:
je zoekt je geluk, je levensdoel of je identiteit bij een ander dan God.
Als wij denken dat we het zelf goed kunnen maken,
dan miskennen we hoe diep zonde zit.

dia 14 – het kruis geeft aanstoot
Maar bij het kruis kan dat niet meer.
Daar kun je niet meer zeggen: ‘ach, het valt wel mee…’
Daarom staat in de bijbel ook dat het kruis aanstootgevend is.
Jezus als voorbeeld, dat trekken we nog wel.
Jezus als priester, een tussenpersoon bij God,
daar valt nog wel mee te leven.
Maar Jezus als offer? Dat is een belediging!
De meeste Joden wilden er dan ook niet aan.
Ook de Hebreeën staan in de verleiding het op te geven.
Het kruis is een aanstoot – het is nooit anders geweest.
Het is de prijs voor de nieuwe relatie met God.

4. Wijs Jezus niet af
dia 15 – niet expliciet: door het te zeggen
Jezus is de ultieme tussenpersoon, dus wijs hem niet af!
Dat kun je expliciet doen.
Zeggen dat je Jezus niet nodig hebt,
dat je niet kunt accepteren dat Jezus voor jou gestorven is.
Dan zegt Hebreeën: wees niet zo dom de ultieme tussenpersoon af te wijzen.
Daarmee wijs je namelijk je beste en enige kans op een relatie met God af.
Jezus gaat tot het uiterste om dat mogelijk te maken –
zet dan je trots opzij en neem het aan!

dia 16 – niet impliciet: door het te doen
Maar Jezus afwijzen, dat kun je ook impliciet doen.
We kunnen de vroomste dingen zeggen,
en tóch Jezus naar de rand van de kerk drukken,
als iemand waar je op kunt terugvallen als je het wel heel bont maakt,
maar die je verder niet nodig hebt.

dia 17 – Heek
Ik las vorige week een interview met Gerbram Heek,
die binnenkort predikant wordt van onze zustergemeente in Buitenpost.
Hij was predikant in Mijdrecht,
en toen hij daar jaren geleden kwam,
trof hij een kerk aan die de deuren bijna kon sluiten.
Ze hadden van alles geprobeerd om te groeien,
tot aan advertenties in het Nederlands Dagblad aan toe
om vrijgemaakte gezinnen over te halen in Mijdrecht te komen wonen.
In het interview zegt Gerbram dat ze druk bezig waren de kerk in stand te houden,
maar dat het nauwelijks nog over Jezus ging.

Dat is ook voor ons een groot gevaar: dat we het systeem in stand willen houden.
We willen als gemeente graag groeien, maar waarom?
Willen we graag genoeg mensen om kerk te kunnen blijven zoals we gewend zijn?
Moet het systeem in stand gehouden worden?
Dan bid ik dat God ons zegent met krimp,
zodat we leren waar het in de kerk écht om gaat.
Of willen we mensen laten delen in de nieuwe relatie met God,
door iedereen op onze tussenpersoon te wijzen?
Dán bid ik dat God ons zegent met groei!

dia 18 – laat Jezus je tussenpersoon zijn!
Ik houd van de kerk.
Ik zeg niet dat alles anders moet.
Maar laat de kerk nooit de plaats van Jezus innemen!
Laat Jezus je tussenpersoon zijn!
Beter zul je het nooit vinden.
Amen.




Hebreeën 1-4 | Jezus opgeven? Ben je gek!

Geloven kan soms voelen als een opgave, wat meer kost dan oplevert. Waarom zou je volhouden, en je geloof niet op een lager pitje zetten? Hebreeën zegt: focus op Jezus, met hem heb je goud in handen! 1e Preek in leesproject over Hebreeën.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Gezang 192 : 1 en 2
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 44
Leefregels
Zingen: GKB Gezang 23
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Hebreeën 1 : 1 – 4 en 2 : 1 – 3
Zingen: GKB Psalm 95 : 4 en 5
Lezen: Hebreeën 4 : 1 – 11
Zingen: LvK Gezang 446 : 1, 2 en 3
Preek over Hebreeën 1 – 4
Zingen: Ik Ben – Sela (1, T, 2, 3, T, 4, 5T, 6T)
Kinderen terug
Avondmaal – onderwijs en viering
Zingen: GKB Psalm 95 : 1, 2 en 3
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 111
Zegen

Jezus opgeven? Ben je gek!

Inleiding
dia 1 – zwart
Wel de lusten, niet de lasten – daar houden we van.
In ieder geval beter dan andersom: wel de lasten, niet de lusten.
Bij allerlei keuzes die wij maken speelt dat een rol:
we maken een afweging van kosten en baten.

dia 2 – Herman
Precies die afweging maakte een paar jaar geleden dat ik Herman heb verkocht.
Herman was mijn oldtimer, een blauwe Volvo 142.
Om je auto een naam te geven moet er wel een steekje bij je los zitten,
dat geef ik direct toe.

In ieder geval: toen ik hem kocht was het ‘wel de lusten, niet de lasten’.
Als student een auto rijden, dat leek mij onhaalbaar.
Maar deze auto kon ik betalen!
De aanschaf viel alles mee,
hij koste niet veel meer dan een fatsoenlijke nieuwe fiets,
en als oldtimer was hij vrijgesteld van wegenbelasting.
Dus kocht ik een auto, en ik voelde me de koning te rijk.
De lasten waren prima te overzien, en wat heb ik van die auto genoten!
Zeg nu zelf, zo’n onverwoestbare Volvo is toch veel leuker
dan een of ander koekblik
waarin je met windkracht 4 de Afsluitdijk niet eens op durft?
Ok, ook Herman was een avontuur om in te rijden,
het was hard werken zonder stuurbekrachtiging
en boven de 100 km/u kon je elkaar niet meer verstaan,
maar elke keer stapte ik met een grote glimlach uit mijn auto.

Maar hier in Franeker werd het steeds meer ‘wel de lasten, niet de lusten.’
Rijden in Herman is altijd een feest gebleven,
maar het kwam er steeds minder van.
Ondertussen bleken de jaren voor Herman wel te gaan tellen.
Dat was vooral aan die ellendige roest te merken.
Had ik net alle roest van een portier verwijderd,
helemaal kaal geschuurd, plamuur erop, glad gepolijst,
en met m’n verfroller weer afgewerkt,
was het volgende portier alweer aan de beurt.
En de kofferbak. En de wielkasten.
Het was niet meer bij te houden.
Herman werd een actiepunt die mij een schuldgevoel bezorgde.
Dus heb ik hem verkocht, opgegeven.

dia 3 – Jezus opgeven? Ben je gek!
Zo’n afweging van kosten en baten kun je maken als je een auto verkoopt,
maar je kunt zo’n afweging ook op je geloof loslaten.
Dat is wat de Hebreeën doen.
Het wordt hen steeds moeilijker gemaakt om te geloven,
de kosten stijgen alleen maar, terwijl het hen steeds minder oplevert.
Kunnen ze Jezus niet beter opgeven?
En dan is de boodschap van Hebreeën 1-4:
Jezus opgeven? Ben je gek!
Dat is het thema deze morgen,
en ik hoop dat deze boodschap je mag helpen vol te houden!

1. Opgeven?
dia 4 – Hebreeën: schrijver en lezers onbekend
Eerst over die ‘brief aan de Hebreeën’.
Wie heeft die brief eigenlijk geschreven? En aan wie?
Op beide vragen moet ik het antwoord schuldig blijven…
Niemand weet wie deze brief geschreven heeft.
Vroeger werd nog wel eens aan Paulus gedacht,
ook al komt zijn naam in de brief niet voor,
maar tegenwoordig is dat eigenlijk het enige waarover iedereen het eens is:
deze brief komt niet van Paulus.
Een naam die wel eens voorbij komt, is die van Barnabas,
Paulus’ reisgenoot tijdens zijn 1e zendingsreis, maar het blijft gissen.
Net zoals naar de ontvangers van de brief.
Het is in ieder geval waarschijnlijk dat de brief aan Joodse christenen is geschreven,
daarom ook die naam ‘Hebreeën’,
maar of het Joodse christenen in Jeruzalem zijn,
of heel ergens anders op de wereld: we weten het niet.

dia 5 – situatie: onder druk geloof op te geven
Waar we wel meer over weten, is hun situatie.
Als je het boek Hebreeën lees krijg je daar een aardige indruk van.
De brief zit vol aanmoedigingen: kom op, houd vol, niet opgeven!
Blijkbaar stonden de Hebreeën onder druk dat wél te doen.
Waarschijnlijk moeten we daarbij denken aan vervolging:
eerst de Joden en later de Romeinen moesten niets van die nieuwe godsdienst hebben,
dus werden christenen gewelddadig onderdrukt.

Even in termen van kosten en baten:
ze merken dat geloven in Jezus hen steeds meer kost,
terwijl hun eerste enthousiasme al een aardig eindje is weggezakt.
Het kost hen meer dan dat het hen oplevert,
en daarmee is de vraag: is het nog wel de moeite waard om te geloven?
De verleiding is groot om te kiezen voor de gemakkelijke weg: het geloof opgeven.
Want als je er steeds minder aan hebt, maar er een gigantische prijs voor betaalt,
waarom zou je het jezelf dan zo moeilijk maken?

dia 6 – geloven: ballast of zegen?
Wij hebben natuurlijk met heel andere problemen te maken dan de Hebreeën,
maar de vraag is dezelfde: als geloven je meer kost dan oplevert,
waarom zou je het jezelf dan zo moeilijk maken?
Ik heb Herman toch ook verkocht, en dat was een goede keuze!
Wat als geloven voor jou meer en meer een gewoonte is,
waar je veel tijd in stopt, waar je veel energie in stopt,
maar je komt tot de ontdekking dat het je niets oplevert.
Eerst probeer je die conclusie nog even weg te duwen,
je moet er niet aan denken je geloof kwijt te raken,
maar het blijft aan je knagen, en langzamerhand laat je de gedachte toe.
Jij stond altijd klaar, voor iedereen, maar wat heeft het je gebracht?
Elke zondag zit jij in de kerk, maar de dienst gaat langs je heen,
of je begint je steeds meer te ergeren aan kleinigheden.
Je leest elke dag uit de bijbel,
maar merkt dat het je ene oor in, je andere oor uit gaat.
Waarvoor doe je het nog?

En dan gaat het hard.
Je slaat een keer bijbellezen over.
Je bidt eens een dagje niet.
Je gaat eens een zondag niet naar de kerk.
En eigenlijk merk je het verschil niet.
Het voelt eerder als een bevrijding.
En nee: dit is niet alleen het verhaal van kerkverlaters.
Dit is de twijfel, de aanvechting, waar volgens mij elke christen mee te maken heeft.
Ik in ieder geval wel!
Is geloven wel zo’n zegen? Of is het onnodige ballast?

Wanneer de Hebreeën die conclusie trekken,
vallen ze terug in hun vorige, Joodse leven.
Dat is voor hen de makkelijke weg.
Bij ons is dat uiteraard een andere weg.
Je kunt je geloof afzweren en voortaan als atheïst door het leven gaan.
Maar dat is nog best een grote stap – waarom zo moeilijk doen?
Je kunt ook je geloofsovertuigingen vasthouden,
je gelooft in God, en in Jezus, en in het leven na de dood,
en je houdt vast aan de christelijke normen en waarden,
maar je zet je geloof gewoon op een wat lager pitje.
Een soort ‘wel de lusten, niet de lasten’-geloof.
Een geloof waar het dagelijks leven met God naar de achtergrond verdwijnt,
onder het motto: ‘maar ik gelóóf het wel.’

2. Jezus, Jezus en nog eens: Jezus
dia 7 – Jezus, Jezus en nog eens: Jezus
Wat moet je, als je zulke gedachten bij jezelf merkt?
Als geloven voor jou meer een last dan een lust is?
Wat is het medicijn daartegen?
Dát lees je in Hebreeën 1-4.
Het medicijn is Jezus, Jezus en nog eens: Jezus!

dia 8 – Jezus is het beste dat mensen kan overkomen
Als Jezus niet het middelpunt van je geloof is,
dan is er inderdaad alle reden om je geloof aan de wilgen te hangen.
Of op zijn minst aan een kleerhanger in je garderobekast,
tussen alle andere kledingstukken die je nooit meer draagt,
maar waarvan je maar nooit weet of ze nog eens van pas komen.
Wij kunnen allerlei kleine dingen heel belangrijk maken,
zo belangrijk dat we denken dat dat geloven is.
Of het nou fatsoenlijk leven, de invulling van de kerkdienst
of je inzet voor commissies is.
Door op allerlei bijzaken te focussen verdwijnt Jezus uit het hart van je geloof.
Er is maar één manier om vol te houden: focus op Jezus!
Want als je beseft wie Jezus is en wat Jezus gedaan heeft,
dan zou je wel gek zijn je geloof op te geven!

Dat wordt in de brief aan de Hebreeën verder uitgewerkt.
Als je deze week thuis al wat hoofdstukken hebt gelezen,
zul je gemerkt hebben dat Hebreeën geen makkelijk boek is.
Meer dan alle andere bijbelboeken grijpt Hebreeën terug op het OT.
De ene na de andere tekst wordt aangehaald,
en de schrijver gaat er vanuit dat het voor de lezer bekende kost is.
Maar als je er even goed voor gaat zitten, is het heel mooi.
Al die oude bijbelteksten overtuigen
dat Jezus het beste is dat de mensen ooit is overkomen en zal overkomen.

dia 9 – Jezus is meer dan: engelen – luister naar hem!
In Hebreeën 1-4 wordt dat op 2 manieren uitgewerkt.
In Hebreeën 1 en 2 wordt Jezus vergeleken met de engelen.
‘Hoezo engelen?!’ zul je misschien denken.
Nou, in het Jodendom van die tijd was veel aandacht voor engelen.
Engelen waren de boodschappers van God.
Een engel met een boodschap van God: veel dichter bij God kon je niet komen!
Maar dan zegt Hebreeën: Jezus is nog veel meer dan de engelen,
hij is Gods eigen Zoon!
Als je de boodschap van de engelen al zo belangrijk vindt,
dan verdient de boodschap van Jezus al helemaal alle aandacht!

Het is een unieke boodschap.
Engelen blijven op veilige afstand van mensen.
Ze brengen een boodschap over en zijn weer vertrokken.
Jezus niet – dat lees je in Hebreeën 2.
Jezus is mens geworden zoals wij,
‘om door zijn dood definitief af te rekenen met de heerser over de dood, de duivel,
en zo allen te bevrijden die slaaf waren van hun levenslange angst voor de dood.’
Jezus brengt niet alleen een boodschap over: hij ís de boodschap!

dia 10 – Mozes – Jezus leidt in Gods rust
Dan de tweede vergelijking, in Hebreeën 3 en 4,
waar Psalm 95 een grote rol in speelt.
Daar wordt Jezus met Mozes vergeleken.
Mozes was met de Israëlieten op weg naar het beloofde land,
het land van Gods rust.
Maar de echte rust, die hebben de Israëlieten nooit gevonden.
Daarvoor moet je bij Jezus zijn, die veel groter is dan Mozes.
Jezus leidt ons in Gods rust!

Naar ons toe zou de schrijver het anders hebben opgeschreven.
Hij schrijft aan mensen voor wie de engelen en Mozes boven elke twijfel verheven zijn,
maar Jezus niet – dat ligt bij ons natuurlijk anders.
Bij ons zou de vergelijking niet met engelen zijn,
maar met filosofen of gelukwetenschappers.
Dat zijn de mensen die ons vertellen
hoe we gelukkig kunnen worden en een goed leven kunnen hebben.
Dan zou Hebreeën zeggen: ‘Jezus is veel beter dan al die deskundigen van jullie.
Jullie zoeken naar de waarheid over het leven.
Maar Jezus komt van de Waarheid in eigen persoon!
Niemand staat dichter bij de Waarheid dan Jezus.
En dan te bedenken dat deze Jezus zich één maakt met ons – wat wil je nog meer?!’

De vergelijking zou ook niet met Mozes zijn,
maar met onze leiders van wie we heel wat verwachten:
dat ze zorgen voor werkgelegenheid,
dat onze koopkracht elk jaar wat puntjes stijgt,
dat je je op straat veilig voelt,
dat ze zorgen voor tevreden burgers.
Je kunt het ook zo zeggen: we verwachten dat ze ons naar het beloofde land brengen.
Dan zou Hebreeën zeggen: ‘Jezus is veel beter dan al die leiders van jullie.
Jullie zoeken naar het beloofde land, naar echte rust.
Jullie proberen het op allerlei manieren te bereiken,
maar Jezus brengt het jullie gewoon!
Hoezo is geloven ‘moeilijk doen’: kijk dan wat Jezus allemaal doet!’

dia 11 – goud
Dat is wat steeds terugkomt:
waar je Jezus ook mee vergelijkt, Jezus is altijd beter.
Alle alternatieven steken bij Jezus bleek af.
Met een ‘maar ik gelóóf het wel’-geloof doe je Jezus én jezelf tekort.
Met Jezus heb je goud in handen!
In hem, zegt Hebreeën 1, schittert Gods luister.
Je bent toch niet gek, dat je dat zou opgeven?!

3. Houd vol!
dia 12 – 1. focus op Jezus!
Wat moet je doen als geloven sleur wordt,
als je merkt dat het je meer kost dan oplevert?
Vanuit Hebreeën 1-4 wil ik 2 dingen meegeven.

Het eerste: focus op Jezus!
Dat klinkt zo logisch,
maar wat is het belangrijk om dat steeds weer te zeggen,
om jezelf er steeds weer aan te herinneren!
Want voor je het weet is je geloof een prachtig systeem
of een indrukwekkende manier van leven geworden,
maar is het hart eruit verdwenen.
Je geloof drijft op plichtsbesef, angst of gewoonte,
in plaats van op liefde voor Jezus Christus.
Dat kun je vast wel even volhouden,
maar uiteindelijk raak je in een geloofs-burnout.
Dus stel jezelf de vraag: waarom geloof ik?
Waar gaat het in mijn geloof eigenlijk om?
Misschien moeten er dan heilige huisjes omver om weer bij de kern te kunnen komen.
Leer je niet druk te maken om bijzaken: focus op Jezus!

dia 13 – 2. geef niet op!
Het tweede: geef niet op!
Hebreeën 3 vertelt over de Israëlieten die dat niet deden.
Een dramatische geschiedenis.
Ze staan op het punt het beloofde land in te gaan,
maar nu puntje bij paaltje komt haken ze af.
Opeens lijkt de woestijn veel aantrekkelijker, want vertrouwder,
dan dat beloofde land met al zijn gevaren.
Ze vertrouwen niet op God en zinken in het zicht van de haven.
Hebreeën zegt: laat die Israëlieten een waarschuwend voorbeeld zijn.
We zijn op weg het beloofde rijk van God.
Zorg dat je niet op het laatste moment afhaakt.
Wees niet zo dom je geloof op te geven!
Jezus komt terug – sta jij dan op hem te wachten?

dia 14 – 4:16
Het zijn harde woorden, en dat kan je onzeker maken.
Daarom is de belofte waar Hebreeën 4 mee afsluit zo mooi:
‘laten we zonder schroom naderen tot de troon van de Genadige,
waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden.’
Vandaag zoeken we dat in het avondmaal.
Juist daar valt alle ballast weg, alles wat niet bij de kern hoort.
We komen met lege handen bij Jezus Christus.
Hij voedt ons met zijn leven.
We vieren zijn dood en opstanding en krijgen nieuwe moed!
Amen.




NGB Artikel 7 | Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

De bijbel is een oud boek. Hoe kun je de bijbel vandaag toepassen? Dat is het werk van de Geest: zonder hem is de bijbel een dode letter, met hem hoor je Gods stem voor vandaag. Deze preek is 3e in een serie van 3 over de bijbel.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Psalm 19 : 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 687
Gebed
Lezen: Nehemia 7:72b – 8:12, Lucas 24 : 13 – 35 en NGB Artikel 7
Zingen: GKB Gezang 118 : 2 en 3
Preek
Zingen: GKB Psalm 25 : 2, 4 en 7
Geloofsbelijdenis
Zingen: Opwekking 461
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Gezang 481 : 1, 2 en 4
Zegen

Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

Introductie voor lezing
Even het geheugen opfrissen.
Vanmiddag is de laatste leerdienst over de bijbel.
2 Weken geleden zijn we begonnen met de vraag: waar leer je God kennen?
We hebben het toen gehad over de schepping en Gods Woord.
Vorige week gingen we verder: waarom zou je de bijbel serieus nemen?
De bijbel presenteert zichzelf als meer dan een menselijk boek.
Natuurlijk blijft dat een kwestie van geloof,
maar er zijn wel degelijk argumenten te geven
voor dat de bijbel is wat het zegt dat het is.

En dan komen we bij het thema van vandaag:
wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?
Kijk, als de conclusie van vorige week was geweest
dat de bijbel een aardig boek is, maar geen boek van God,
dan zouden we die vraag helemaal niet hoeven te stellen.
Maar juist als je zegt dat de bijbel gezag heeft,
dan moet je ook wat met wat de bijbel zegt.
Of het je nu aanstaat of niet.

2 Weken geleden zei ik al dat een van de aanleidingen voor deze serie
de discussie is over vrouwelijke ambtsdragers in de kerk.
Als je de bijbel toch al geen gezag toekent,
dan is dat helemaal niet zo’n ingewikkelde vraag:
natuurlijk mogen vrouwen ambtsdrager zijn, dat snapt toch iedereen?!
Maar als je de bijbel serieus wilt nemen,
dan loop je aan tegen teksten van Paulus waarin hij onder andere schrijft
dat het een vrouw niet is vergund te spreken in de gemeente
Wat moet je daar dan mee?

Daarover gaat het vandaag.
Nee, niet over vrouw en ambt.
Die vraag laat ik bewust liggen.
Wel over de achterliggende vraag:
hoe kun je wat in de bijbel staat naar vandaag vertalen?

We gaan nu eerst lezen:
Nehemia 7 : 72b – 8 : 12, over een hernieuwde kennismaking met Gods Woord,
Lucas 24 : 13 – 35 over wat er gebeurt als Jezus de bijbel uitlegt
en Artikel 7 uit de NGB, over de duidelijkheid van de bijbel.

Inleiding
dia 1 – camera
Laatst kwam ik deze tegen: mijn oude fotocamera.
Deze camera kocht ik toen ik 15 was.
Een jaar lang heb ik al mijn inkomsten opzij gelegd
om deze camera te kunnen kopen.
Wat was ik er blij mee!

Laatst kwam ik hem weer tegen.
Verstopt achterin een kast.
Al jaren niet meer aangeraakt.
Dus enigszins weemoedig, dat wel, heb ik hem maar op marktplaats gezet.
Ik heb 1 bieding gekregen: 20 euro. Inclusief verzending.
Dat vond ik te weinig.
Zoals jullie zien: ik heb hem nog altijd niet verkocht.

Maar waarom niet?
Wat is er mis met deze camera?
Nou, heel simpel: hij is analoog.
Je stopt er een fotorolletje in, van 24 of 36 foto’s,
is het rolletje vol, dan stop je hem in een donker kokertje,
breng je hem naar Kruidvat om te laten ontwikkelen,
en een week later zie je eindelijk hoe je foto’s geworden zijn.
Ik heb deze camera op het verkeerde moment gekocht:
net voor de opkomst van de digitale fotografie.
Dat maakt deze camera waardeloos.
Leuk voor de nostalgische waarde, leuk voor excentrieke hobbyisten,
maar niet meer geschikt voor gewoon gebruik.
Zo snel kan het gaan…

dia 2 – zwart
Nu is deze camera nog maar 15 jaar oud.
Ga je verder terug in de tijd, dan wordt het alleen maar erger.
Wie gebruikt er nou nog een autotelefoon?
Nee, geen carkit, maar een heuse telefoon aan boord.
Wie doet de was nou nog met een wasbord?
Wie laat zich nou opereren door een arts die een handboek uit 1512 gebruikt?
Precies: helemaal niemand!

dia 3 – Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?
Maar de bijbel is nog veel ouder!
Hoe kun je de bijbel vandaag serieus nemen?
Daar gaat het vanmiddag om: wat moet je toch met de bijbel?
Dan kom je uit bij het werk van de Geest,
want door Geest is de bijbel geen dode letter.
Daarom is het thema:
Woord en Geest – wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

1. Een verouderd boek?
dia 4 – de bijbel: interessant maar onbruikbaar?
De bijbel is een oud boek.
Het laatste bijbelboek is nog voor het jaar 100 geschreven.
Is de bijbel niet gewoon een verouderd boek?
Boeiend voor wie in geschiedenis geïnteresseerd is,
maar niet bruikbaar voor het dagelijks leven in de 21e eeuw.

Nu is het een beetje flauw om alleen maar op leeftijd af te gaan.
Iemand van 70 kan zich geestelijk nog 30 voelen,
en naar het schijnt blijven vooral mannen graag eeuwig kind.
De leeftijd van de bijbel zegt niet alles:
een oud boek kan wel degelijk verfrissend blijven.
Kijk dan liever naar de inhoud van de bijbel.

dia 5 – regels die ver van ons af staan
Maar of het daar beter van wordt?
Want wat staat er zoal in die bijbel?
Nou, bijvoorbeeld bouwvoorschriften:
‘als u een huis bouwt, moet u het dak voorzien van een balustrade.’
Nu gelden in Nederland uitgebreide woningbouwwetten,
maar voor zover ik weet is deze bepaling daar niet in opgenomen.
Nu is dit tenminste nog een regel waar niemand aanstoot aan zal nemen.
Maar wat met een regel als: ‘een oog voor een oog, een tand voor een tand’?
Dat komt op ons nogal ongeciviliseerd over.
Zo gaan we toch niet met elkaar om?
Sterker nog: in het Nederlands recht valt dat onder eigenmachtig optreden,
en daar kun je zelfs voor bestraft worden!
Of nog een graadje erger:
regels voor hoe om te gaan met buitgemaakte vrouwelijke krijgsgevangenen.
Maar die regels zouden wij al zien als grove schending van de mensenrechten.

Dat is het Oude Testament, maar het Nieuwe Testament kan er ook wat van.
Die regels over de plek van de vrouw in de gemeente bijvoorbeeld.
Maar ook over haar plek in het huwelijk – onderdanig aan haar man.
Die mannen mogen dan weer meerdere vrouwen hebben,
al moeten ambtsdragers het volgens 1 Timoteüs 3 bij 1 vrouw houden.

dia 6 – afstand van tijd en cultuur
Je kunt nog veel meer voorbeelden noemen.
Dat ga ik niet doen, ik wil graag een stapje verder zetten vandaag.
Maar laat duidelijk zijn dat er een enorme afstand zit tussen de bijbel en ons leven.
Een enorme tijdsafstand, van minstens 1900 jaar,
en misschien nog wel belangrijker: een gigantische culturele kloof.
Zoals wij het al moeilijk vinden om de cultuur van bijvoorbeeld asielzoekers te begrijpen,
zo is het nog veel moeilijker om de wereld van de bijbel echt te begrijpen.

2. Verhaal van God en mens
dia 7 – verhaal van God en mens
Tóch is de bijbel geen verouderd boek!
Met het opsommen van een paar vreemde regels
doe ik namelijk geen recht aan de bijbel.
De bijbel is geen regelboek,
in de bijbel lees je het verhaal van God en mens.

dia 8 – geen boek van regels, maar van gebeurtenissen
Neem een willekeurig religieus boek, en je zult vooral regels aantreffen.
Dat is wat veel mensen die niet met de bijbel bekend zijn
verwachten als ze de bijbel gaan lezen:
een boek vol wijze lessen, met advies voor het leven.
Maar zo’n boek is de bijbel niet!

De bijbel staat niet vol met regels,
maar met gebeurtenissen, met geschiedenis.
Het gaat over hoe God met mensen omgaat,
over hoe mensen op God reageren – en dat is meestal niet best –
over hoe God zich niet door mensen laat afschrikken,
over zijn reddingsplan voor de mensheid en de hele schepping.
Het gaat over wat God gedaan heeft, doet en gaat doen.
Oftewel: het verhaal van God en mensen.

dia 9 – niet wat wij doen, maar wat God doet
De bijbel gaat niet over wat wij allemaal moeten doen,
maar over hoe ver God voor ons gaat!
Daarom staat in artikel 7 ook dat we in de bijbel
alles leren wat nodig is om behouden te worden.
Met de woorden van Handelingen 4:
de bijbel vertelt dat we door niemand anders dan Jezus kunnen worden gered,
want zijn naam is de enige op aarde die redding biedt!

Dat is ook wat Kleopas en zijn vriend in Lucas 24 leren.
Jezus legt hen de bijbel uit, zonder dat zij weten dat het Jezus is.
Maar wat worden ze getroffen door wat Jezus zegt!
Jezus laat zien dat de hele bijbel over hem gaat.
Zelfs de wetten van Mozes,
waar de meesten van ons niet zo veel mee zullen kunnen,
zelfs die wetten gaan over Jezus!
In Nehemia 8 zie je daar ook iets van.
Als het volk weer kennismaakt met Gods Woord,
barsten ze in huilen uit: ze beseffen wat een potje ze ervan hebben gemaakt.
Maar ze worden opgeroepen feest te vieren:
als je Gods Woord gaat begrijpen is er allereerst reden tot dankbaarheid!

De bijbel is geen regelboek,
maar vertelt over Gods weg met mensen.
Juist daarom raakt de bijbel nooit verouderd.
In de bijbel leer je God kennen, en zijn Zoon, Jezus Christus.
Dat raakt nooit achterhaald!

dia 10 – er is wel een vertaalslag nodig
Ja, in de bijbel staan ook veel regels, maar dat is niet de kern.
Dat is belangrijk om bij allerlei discussies over regels te beseffen:
de kern is Jezus Christus, zijn kruis, zijn opstanding en zijn koninkrijk.
Want die regels zijn onderdeel van dat grotere verhaal van God en mens.
Die regels zijn geen tijdloos briefje uit de hemel
waarin God afkondigt hoe wij hebben te leven.
Steeds vertelt God in specifieke situaties, midden in het leven,
wat daar en dan zijn weg is.
Dat kun je niet rechtstreeks naar vandaag trekken:
die regels moeten altijd vertaald worden.
Dat is wat Jezus doet in Lucas 24.
Dat is wat de priesters doen in Nehemia 8:
zij geven uitleg bij de wet, omdat anders niemand er wat mee kan.
Steeds weer moet de bijbel vertaald worden
om te ontdekken hoe God vandaag tot je spreekt.

3. De vertaalslag
dia 11 – driehoek
Maar hoe doe je dat?
Hoe maak je die vertaalslag?

Een manier om dat een beetje inzichtelijk te maken,
dat zijn deze 2 driehoeken, een grote en een kleine.
Eerst de kleine driehoek.
Bovenaan staat tekst – de bijbeltekst dus.
Die tekst klinkt in een bepaalde situatie: de context.
In die context zijn er mensen die die tekst horen: de lezers.
De grote driehoek staat er omheen.
De bijbeltekst blijft altijd gelijk,
maar onze situatie is niet de situatie van de eerste lezers,
en daarom horen wij wat anders in de tekst.

Als je wilt weten wat een bijbeltekst jou vandaag te zeggen heeft,
begin dan altijd in die kleine driehoek.
Probeer informatie te vinden over de situatie van de eerste lezers.
Dan ga je ook begrijpen hoe een tekst bij hen overkwam.
Vervolgens ga je naar je eigen situatie,
en zoek je naar wat God in die nieuwe situatie tot je zegt.

Laat ik het met een voorbeeld duidelijk maken.
Ik noemde al die tekst dat mannen meerdere vrouwen mogen hebben,
behalve als ze ambtsdrager zijn.
Zou je die tekst 1 op 1 naar vandaag trekken,
dan zou de conclusie zijn: polygamie is toegestaan.
Maar laten we de driehoeken er eens op loslaten.
Dan is de eerste vraag: in welke situatie schrijft Paulus dit?
In die tijd was er nog geen gevestigde kerk,
en kwamen velen van buiten de kerk tot geloof.
Buiten de kerk was polygamie algemeen geaccepteerd.
Wat moet je dan als kerk wanneer een man met zijn vrouwen tot geloof komt?
Hem dwingen 1 vrouw te houden en de rest weg te sturen?
Dat zou niet eerlijk zijn naar die vrouwen,
die daarna geen leven meer zouden hebben.
Dus werden ze verwelkomd in de kerk.
Maar polygamie is nooit het ideaal geweest:
daarom die opdracht van Paulus dat ze geen ambtsdrager kunnen worden.

Onze situatie is heel anders.
In Nederland is polygamie verboden.
Een grote meerderheid in Nederland vindt polygamie ‘not done’.
In die situatie moeten we niet doen alsof Paulus polygamie goedkeurt:
Paulus heeft daar juist ernstige bezwaren tegen!
De boodschap voor ons is een heel andere.
Die moet je zoeken in toetreders tot de gemeente
die misschien een andere levensstijl hebben dan wat in de kerk gebruikelijk is.
Dan is de opdracht vandaag:
geef hen ruimte, zonder te zeggen dat alles maar moet kunnen.

dia 12 – tabel
Dat over de driehoeken.
Er is nog een hulpmiddel.
Je kunt de geschiedenis van God met mensen opdelen in bepaalde fasen.
Fase 1 is het leven in het paradijs,
fase 2 de opstand van mensen tegen God,
fase 3 Gods reddingsplan door Abraham en zijn nakomelingen, Israël,
fase 4 Gods reddingsplan door Jezus,
fase 5 de kerk sinds de Geest is uitgestort,
en fase 6 de komst van Gods nieuwe wereld.
Bij het toepassen van de bijbel maakt het nogal uit
over welke fase een bepaalde bijbeltekst gaat.
Wij leven in fase 5, die van de kerk,
dezelfde fase als die van de brieven in het Nieuwe Testament.
Die brieven mogen we rechtstreekser toepassen
dan wat God door de profeten in het Oude Testament zegt.

Bijvoorbeeld Jesaja 43, waar staat:
‘Jij bent zo kostbaar in mijn ogen,
zo waardevol, en ik houd zo veel van je.’
Een prachtige tekst!
Maar let op: doe niet alsof die tekst rechtstreeks over jou gaat!
Daar is een vertaalslag voor nodig.
God zegt het tegen Israël, niet tegen willekeurig alle mensen.
Houd je rekening met die verschillende fasen,
dan kun je zeggen dat God het uiteindelijk tegen zijn Zoon zegt.
En dáárom geldt het ook voor Jezus’ volgelingen.
Dus je mag die mooie woorden wel op jezelf toepassen,
maar besef wel dat dat alleen door Jezus Christus kan!

dia 13 – Shakespeare
Tom Wright zegt over die fasen:
je kunt ze vergelijken met een toneelstuk.
Stel, er wordt een verloren gewaand toneelstuk van Shakespeare gevonden.
Er is alleen een probleem:
van het laatste bedrijf is alleen het begin bewaard gebleven.
Wat als je het toneelstuk toch wilt uitvoeren?
Dan zul je moeten improviseren.
Dat betekent niet dat je het stuk elk willekeurig eind kunt geven.
Het einde moet recht doen aan Shakespeare en passen bij de vorige bedrijven.
Zo, zegt Wright, en ik vind dat sterk, is het met de bijbel ook.
Het verhaal van God met mensen gaat door.
Het is aan ons, geleid door de Geest,
om trouw te zijn aan het verhaal dat ons bekend is,
en op basis daarvan in onze eigen tijd te zoeken naar wat we moeten doen.

4. Doen we te moeilijk?
dia 14 – doen we te moeilijk?
Ik kan me voorstellen dat iemand denkt:
doen we zo niet veel te moeilijk?
Moeten we niet gewoon lezen wat er staat?
Volgens artikel 7 is de bijbel volkomen, volmaakt en volledig.
De bijbel is duidelijk!
Maken we het nu dan niet veel te moeilijk?

Dat de bijbel duidelijk is,
betekent nog niet dat je alles direct snapt,
en je je niet hoeft te verdiepen in wat er staat.
De bijbel bestaat nu eenmaal niet uit hapklare Twitterberichten.
Petrus zegt in 2 Petrus 3 dat de brieven van Paulus moeilijk te begrijpen zijn.

dia 15 – duidelijk: de bijbel is genoeg
Waar het om gaat als we als kerk zeggen dat de bijbel duidelijk is,
is dat we niet meer nodig hebben dan de bijbel.
De bijbel vertelt ons alles wat nodig is om God te kennen.
De achtergrond van dit artikel
is dat in die tijd gezegd werd dat je op grond van de bijbel alles kunt verdedigen.
‘Elke ketter heeft zijn letter.’
Daarom zou er meer nodig zijn dan de bijbel:
je zou God pas leren kennen als de kerk de bijbel uitlegt.
Dan zegt artikel 7: nee, de bijbel is genoeg!

Tegelijk is het een waarschuwing: ga steeds terug naar de bijbel.
‘We hebben het altijd zo gedaan’,
of ‘de dominee zegt het, dus dat geloof ik’,
dat zijn geen argumenten.
Of, eentje die we vandaag waarschijnlijk vaker tegenkomen:
‘mijn gevoel zegt…’
Dan zegt artikel 7: luister niet naar je gevoel,
luister naar wat God in de bijbel zegt.
Daar gaat het om.
Mooi vind ik hoe de mensen in Nehemia 8 dat ook beseffen:
zodra de wet wordt voorgelezen, gaan de mensen staan.

dia 16 – niet: een antwoord op al onze vragen
Waar het bij de duidelijkheid van de bijbel dus niet om gaat,
is dat de bijbel pasklare antwoorden zou geven op al onze vragen.
Bijbellezen is niet altijd makkelijk,
maar blijf toch steeds naar die bijbel gaan.

5. Geleid door de Geest
dia 17 – door de Geest horen we wat God vandaag zegt
Ik zei al: dat kan niet zonder de Geest.
Dat je vanuit de bijbel altijd een vertaalslag naar vandaag moet maken,
betekent nog niet dat alleen geleerde theologen de bijbel kunnen begrijpen.
Sterker nog: zij kunnen de plan behoorlijk misslaan.
Je kunt de bijbel pas begrijpen als je wordt geleid door de Geest.
Dat is geen kwestie van intelligentie,
maar van eerbiedig naar God willen luisteren.

Niet voor niets bidden we elke zondag voordat de bijbel open gaat
om Gods Geest, zodat we Gods stem voor vandaag horen.
In de Catechismus kom je een paar keer Woord en Geest samen tegen.
Bijvoorbeeld in zondag 21:
de Zoon van God vergadert, beschermt en onderhoud zijn kerk
door zijn Geest en Woord.
De Geest staat dan zelfs voorop!
Dat is ook wat die Emmaüsgangers ervaren:
wanneer Jezus de bijbel uitlegt, staat hun hart in vuur en vlam.
Opeens zien ze hoe ze de bijbel moeten lezen.
Zonder de Geest is de bijbel een ouderwets boek,
een dode letter die interessant is voor wat vakidioten.
Maar wanneer de Geest ons leidt,
horen we er wie God is en wat hij ons vandaag zegt.

Dat betekent ook dat het uitleggen van de bijbel
niet in wat regels te vatten is.
Die modellen voor de vertaalslag, die kunnen je helpen,
het ís belangrijk om oog te hebben voor de situatie,
het ís belangrijk om oog te hebben voor verschillende fasen,
maar wat God vandaag door de bijbel tegen ons zegt,
dat kunnen we alleen horen als de Geest ons vult.

dia 18 – bid om de Geest!
Dus zoek naar Gods stem voor vandaag,
laat je in het lezen van de bijbel leiden door de Geest.
Bid dat je het mag begrijpen.
Bid dat het bij je mag binnendringen.
Bid dat je erdoor gegrepen wordt.
En vertrouw op deze belofte van Jezus:
‘als jullie je kinderen al goede gaven schenken,
hoeveel te meer zal de Vader in de hemel
dan niet de heilige Geest geven aan wie hem erom vragen.’
Amen.




NGB Artikel 3 en 5 | Woord en gezag: waarom de bijbel serieus nemen?

De bijbel is niet alleen stof tot nadenken of inspirerend – in de bijbel is God zelf aan het woord! Waarom zou je dat geloven? Waarom zou je de bijbel serieus nemen? En wat is dat dan? Deze preek is de 2e in een serie van 3 over de bijbel.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 18 : 9 (LvK=GKB)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 689
Gebed
Lezen: Jesaja 55 : 6 – 13, 2 Timoteüs 3 : 10 – 17 en NGB artikel 3 en 5
Zingen: GKB Psalm 29 : 2 en 4
Preek
Zingen: LvK Gezang 1 : 1, 2, 3 en 4
Zingen: GKB Gezang 123 : 1
Apostolische geloofsbelijdenis middendeel
Zingen: GKB Gezang 123 : 4 en 5
Gebed
Collecte
Zingen: GBK Psalm 33 : 1, 3 en 8
Zegen

Woord en gezag: waarom de bijbel serieus nemen?

Introductie voor lezingen
Vandaag denken we, net als vorige week, na over de bijbel.
Toen ging het over de vraag: waar leer je God kennen?
Volgens de Nederlandse Geloofsbelijdenis op 2 manieren:
in zijn schepping en in zijn Woord.
Daar zijn we dieper ingedoken,
met ook de vraag wat je dan moet als die 2 elkaar lijken tegen te spreken –
dat ligt dan aan wat wíj ervan begrijpen,
niet aan dat God tegenstrijdige dingen zou zeggen.
Vandaag gaan we verder: als God zich in zijn Woord bekend maakt,
kun je er dan van op aan dat de bijbel Gods Woord is?
Vandaag is het thema ‘Woord en gezag: waarom zou je de bijbel serieus nemen?’
Als we daar een antwoord op hebben, kunnen we ook door naar de volgende vraag:
hoe neem je de bijbel dan serieus?
Dat is het thema voor volgende week: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

Maar nu dus over Woord en gezag.
Daarbij lezen we 3 dingen:
Jesaja 55 : 6 – 13, over wat Gods Woord uitwerkt,
2 Timoteüs 3 : 10 – 17, een belangrijke tekst als het over het gezag van de bijbel gaat,
en de artikelen 3 en 5 uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

1. Een menselijk boek?
dia 1 – woord en gezag: waarom de bijbel serieus nemen?
Waarom zou je de bijbel serieus nemen?
En wat betekent dat eigenlijk, de bijbel serieus nemen?
Daar gaan we het vanmiddag over hebben:
over het gezag van de bijbel.

dia 2 – LOTR
Vorige week noemde ik al dat geen boek zo vaak verkocht is als de bijbel.
Dus boekhandelaren mogen blij zijn dat er een bijbel is…
Maar wat maakt de bijbel nou zo anders dan andere boeken?
Ook hoog in de lijst tijdloze bestsellers
staat de Lord of the Rings trilogie van Tolkien.
Dat is ook zonder meer een mooi boek.
Wel stevige kost: je moet het vaker lezen om het echt te gaan begrijpen.
Ook een overeenkomst met de bijbel:
de bijbel bestaat niet uit hapklare brokken,
geen Twitterboodschappen van 140 tekens,
de bijbel moet je juist steeds weer lezen om nieuwe verbanden te zien.

dia 3 – fans
Toch heeft Lord of the Rings lang niet zoveel invloed als de bijbel.
Ja, er is een grote Tolkien-fanclub.
Sommige fans verkleden zich zelfs in de stijl van Midden-aarde,
de wereld die Tolkien in zijn boeken schept.
Maar er is niemand die Gandalf of Frodo vereert.
Niemand die gelooft dat Frodo’s heldendaad
iets voor het leven van vandaag betekent.
En als er wel iemand zou zijn die dat zou geloven,
dan zou Tolkien zich, als overtuigd christen, omdraaien in zijn graf.
Want Midden-aarde en Lord of the Rings
zijn ontsproten aan de fantasie van Tolkien.
Een puur menselijk boek, waar je van genieten kunt,
een boek dat je ook aan het nadenken kan zetten, het kan je zelfs inspireren,
maar geen boek waarin God zelf spreekt.

dia 4 – een boek van mensen over God?
Waarom zou het met de bijbel anders zijn?
Waarom zou je de bijbel zien als Woord van God,
een boek om van A tot Z serieus te nemen,
niet als een menselijk boek?
Want dat is het toch gewoon?
Het is deels door Mozes geschreven, deels door David, deels door Paulus,
en zo kun je nog een hele rij bijbelschrijvers noemen,
dus waarom nemen we het dan niet gewoon als een menselijk boek.
Zoals die uitspraak van Harry Kuitert,
‘al het spreken over Boven komt van beneden.’
Oftewel: de bijbel is een boek waarin mensen over God nadenken,
geen boek waarin God zelf spreekt.

Of zoals ik ergens anders las:
de bijbelboeken zijn ontstaan in verschillende perioden van de geschiedenis,
hebben onderling een zeer divers karakter,
gaan met elkaar in discussie, of zijn zelfs tegenstrijdig.
Waar je dan uitkomt, is dat je met de bijbel in gesprek kunt gaan.
De bijbel zegt iets, dat brengt jou op een idee, of je verzet je er juist tegen,
en in gesprek met de bijbel hoop je dichter bij God te komen.
En een preek wordt dan een serie overwegingen bij een tekst:
niet wat God door een tekst heen wil zeggen, maar wat de tekst bij ons oproept.
Dat is de bijbel als een menselijk boek.

2. Gezag van God
dia 5 – gezag van God
Die kant wil ik niet op vanmiddag.
Ik geloof dat God zelf ons in de bijbel aanspreekt.
De bijbel is geen boek waar je het mee eens of oneens kunt zijn,
het is een boek dat met gezag spreekt.
In de kerk hebben we daar een woord voor: Schriftgezag.
Waarom je dat zou geloven, daar kom ik zometeen op,
maar eerst moeten we het hebben over wat dat precies betekent.

dia 6 – God spreekt met gezag
In het bijbels taalgebruik horen gezag en macht bij elkaar:
iemand die gezag heeft is iemand met macht.
Ik heb bijvoorbeeld gezag over mijn kinderen:
ze luisteren naar mij – tenminste, dat hoop ik maar,
ze willen mijn gezag ook nog wel eens in twijfel trekken –
maar ik ben ook voor hen verantwoordelijk.
In Matteüs 28 zegt Jezus:
‘mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde.’
Daar mag je dus ook lezen: ‘mij is alle gezag gegeven.’
Dus niet: ‘nu ik wegga,’ want Jezus staat op het punt naar de hemel te gaan,
‘nu ik wegga moeten jullie het met de bijbel doen,
dat is voor jullie nu het hoogste gezag,’
nee: Jezus heeft het hoogste gezag, nog altijd.

Zo is het in de hele bijbel: Gód heeft gezag.
Dat betekent dat als God iets zegt, het ook gebeurt.
Zoals Genesis 1: ‘God zei: er moet licht komen, en er was licht.’
Dat is nog eens spreken met gezag!
Je ziet het ook in Psalm 29, die we net zongen: ‘machtig is des Heren stem.’
Ook Jesaja 55 spreekt ervan: wat God zegt, wat uit zijn mond komt,
dat komt niet vruchteloos terug, maar dat heeft effect!
En wát voor effect.
De laatste verzen van dat hoofdstuk vertellen
wat er gebeurt als God zijn gezag laat gelden:
doornstruiken maken plaats voor cipressen, distels voor mirtestruiken.
Het gaat over Gods nieuwe schepping,
waar je je handen niet meer open haalt aan die mooie bos rozen.
Dát gebeurt als God alleen maar zijn mond open doet!

dia 7 – de bijbel: afgeleid gezag
Ja, de bijbel spreekt met gezag,
maar dat is van een heel andere orde dan Gods eigen gezag.
De bijbel wijst slechts naar God, heeft geen gezag in zichzelf.
Om het met Tom Wright te zeggen, van wie ik dit geleerd heb:
het gezag van Jezus wordt op een of andere manier uitgeoefend door middel van de bijbel.
De bijbel is een middel, niet meer.
Christenen geloven dan ook niet in de bijbel, zoals moslims in de Koran geloven:
de bijbel zelf is niet goddelijk, die eer komt alleen God toe.
Wél geloof ik de bijbel als Gods Woord.

3. De bijbel over de bijbel
dia 8 – ‘geïnspireerd’: God zelf spreekt
Dan is de vraag: waarom?
Waarom zou je die bijbel serieus nemen?
Ik wil beginnen met het antwoord dat de bijbel zelf geeft.

De 2 klassieke teksten daarover hebben we al gelezen:
2 Timoteüs 3, over dat elke schrifttekst door God geïnspireerd is,
en 2 Petrus 1, die in artikel 3 werd aangehaald,
dat profetie nooit van mensen zelf is gekomen,
maar dat mensen die namens God spraken werden gedreven door de Geest.
Dus waarom zou je de bijbel serieus nemen?
Omdat de bijbel geen menselijk boek is, zoals Lord of the Rings,
maar door God ‘geïnspireerd’ is.
Wat dat wil zeggen, daar kom ik straks op terug.
Maar voor nu: God zélf spreekt in de bijbel.

dia 9 – ‘er staat geschreven’: de bijbel heeft gezag
Maar er is veel meer over te zeggen dan die 2 teksten.
In de bijbel zelf wordt al teruggegrepen op oudere bijbelteksten.
Vooral in het Nieuwe Testament
kom je allerlei verwijzingen naar het Oude Testament tegen.
Bijvoorbeeld Matteüs 1.
Maria is zwanger van Jezus, en Jozef overweegt haar stiekem te verlaten.
Dan komt een engel bij Jozef, die hem vertelt wat er aan de hand is.
De engel sluit af: ‘Dit alles is gebeurd opdat in vervulling zou gaan
wat bij monde van de profeet door de Heer is gezegd:
de maagd zal zwanger zijn en een zoon baren,
en men zal hem de naam Immanuel geven,
wat in onze taal betekent: God met ons.’
Dus om zijn boodschap te onderstrepen verwijst de engel naar de bijbel!

Of neem 1 Korintiërs 15,
Paulus’ betoog dat Christus echt is opgestaan,
en dat dat het hart vormt van het christelijk geloof.
Hij zegt dan: ‘Christus is voor onze zonden gestorven, zoals in de Schriften staat,
hij is begraven en op de derde dag opgewekt, zoals in de Schriften staat.’
Paulus doet een beroep op de bijbel: dat Christus is opgestaan is geen nieuwlichterij,
God heeft altijd al gezegd dat het zou gebeuren!
Trouwens, hier zie je ook dat er al een vaststaande bijbel is: de Schriften.
Geen losse boeken, maar een verzameling, die we nu als het Oude Testament kennen,
waarvan werd erkend dat God door die boeken heen sprak.
In 2 Petrus 3:16 vind je zelfs al een aanwijzingen
dat de brieven van Paulus datzelfde gezag hebben:
Petrus stelt die brieven op een lijn met de andere Schriften.
Ook Jezus citeert veelvuldig de bijbel.
Wanneer de duivel Jezus in de woestijn op de proef stelt, Matteüs 4,
reageert Jezus op elke uitdaging van de vijand met: ‘er staat geschreven.’
Wat geschreven staat is het einde van alle tegenspraak!

Dit wordt het interne getuigenis van de Schrift genoemd:
de bijbel zelf is er heel duidelijk in dat je het niet als menselijk boek moet lezen,
maar als een boek waar God spreekt.

4. Is de bijbel betrouwbaar?
dia 10 – is de bijbel betrouwbaar?
Dat heeft alleen wel iets van een cirkelredenering.
‘De bijbel is waar, kijk maar, het staat in de bijbel!’
Is dat niet een soort: ‘wij van WC-eend adviseren WC-eend’?
Ik wil niets afdoen aan wat de bijbel over zichzelf zegt,
maar het zijn nog niet echt argumenten om de bijbel serieus te nemen.
Uiteindelijk is het een geloofszaak dat de bijbel meer dan een menselijk boek is.
Maar er is meer te zeggen dan wat de bijbel over zichzelf zegt.
Argumenten dat de bijbel betrouwbaar is.

dia 11 – 1 veel verschillende schrijvers, één boodschap
Neem bijvoorbeeld de ontstaansgeschiedenis van de bijbel.
De meeste boeken worden door 1 schrijver geschreven.
Meestal in een paar maanden, soms is het een kwestie van jaren,
en bij hoge uitzondering is een schrijver zijn leven lang met een boek bezig.
Voor de boeken die ten grondslag liggen aan de wereldreligies geldt hetzelfde:
geschreven in een korte tijdsperiode, door 1 of een kleine groep schrijvers.
De bijbel is totaal anders!
Wanneer de eerste letters van de bijbel aan het papier zijn toevertrouwd is onbekend,
maar het zal al snel meer dan 1000 jaar voor Christus zijn geweest.
Het laatste bijbelboek is waarschijnlijk iets voor het jaar 100 geschreven.
De bijbel is in een enorme tijdsspanne ontstaan.
Bovendien is de bijbel door veel en totaal verschillende auteurs geschreven.
En tóch is de bijbel een eenheid!

De bewering dat de bijbel een boek vol tegenstrijdigheden is, klopt gewoon niet.
Er zit een heel duidelijk lijn in.
Natuurlijk, als je bijbel leest, loop je tegen dingen aan.
Soms snap je niet hoe bepaalde bijbelgedeelten tegelijkertijd waar kunnen zijn.
Hoe kan het dat de oprechten voorspoed wordt beloofd,
en ondertussen Job door afschuwelijke rampen wordt getroffen?
Maar ik geloof dat dat geen tegenstrijdigheden zijn:
het heeft veel meer te maken met dat God midden in het weerbarstige leven spreekt.
De bijbel, met alle boeken, is duidelijk 1 boek.

dia 12 – 2 een controversiële boodschap
Een misschien nog sterker argument voor de betrouwbaarheid van de bijbel
is dat de bijbel een controversiële boodschap heeft
en totaal niet aansluit bij verwachtingen die mensen hadden.
De boodschap van het evangelie is volgens de bijbel voor mensen dwaas.
De eerste volgelingen van Jezus werden zwaar onder druk gezet
om dat idiote verhaal over de opgestane Jezus terug te nemen,
maar ze gaven er niet aan toe.
Daarom werden ze uitgescholden, mishandeld, opgesloten en zelfs gedood.
Voor een verhaal dat je zelf verzonnen hebt, doe je dat niet!
Dat doe je alleen als het van God komt.

dia 13 – 3 ervaar het zelf!
Maar de allerbeste reden om de bijbel serieus te nemen: probeer het maar gewoon.
Lees de bijbel, en merk wat voor kracht erin zit.
Als jij nog nooit carrot-cake hebt gegeten,
en je daar ook geen behoefte aan hebt,
omdat jij denkt dat het niet lekker kan zijn,
en ik je toch wil overtuigen, wat moet ik dan doen?
Ik kan het met argumenten proberen,
dat zelfs onze kinderen het lekker vinden,
maar ik kan je beter gewoon een klein stukje laten proeven:
dan merk je het snel genoeg.
Zo is het met de bijbel ook: probeer het maar.
Laat de heilige Geest je er maar van overtuigen
dat de bijbel van God komt, zoals artikel 5 zegt.
De Geest getuigt in je hart – dáárom kun je de bijbel serieus nemen.

5. Gods adem en de bijbel
dia 14 – Gods adem en de bijbel
We moesten nog terugkomen op wat het betekent dat de bijbel geïnspireerd is.
Gek woord is dat: ‘geïnspireerd.’
Dat betekent niet dat de bijbel een inspirerend boek, al is de bijbel dat zeker.
Het woord dat in de bijbel met ‘geïnspireerd’ is vertaald,
betekent letterlijk: ‘God geademd.’
In Gods adem is leven, en die adem zit achter de bijbel.
God ademt de bijbel, en daarom kun je ook wel zeggen dat de bijbel God ademt.

dia 15 – niet: woord voor woord door God geschreven
Het betekent niet dat God de bijbel woord voor woord geschreven heeft.
Er is maar 1 gedeelte dat rechtstreeks van God komt:
volgens Exodus 31:18 zijn de 10 woorden
door Gods eigen vinger op twee stenen platen geschreven.
Voor al het andere maakte hij gebruik van mensen.
Mensen die vol van God waren, die door God geademd werden,
maar wel gewoon mens bleven,
met een eigen schrijfstijl, eigen mogelijkheden en eigen onmogelijkheden.
De bijbel is niet foutloos.
Een heel klein voorbeeld: in Matteüs 27 zegt Matteüs dat hij Jeremia aanhaalt.
Maar de tekst die dan volgt, is uit Zacharia.
Een vergissing van Matteüs: dat kan gebeuren.
Maar dat betekent nog niet dat de bijbel onbetrouwbaar is!
De bijbel kan wel tegen een stootje:
met dit soort dingen mag je ontspannen omgaan.
Want God schakelt beperkte mensen in.
En dat vind ik mooi: hij komt niet met een boek uit de hemel,
maar laat het boek door mensen schrijven, midden in de wereld.

dia 16 – wel: God spreekt je aan met zijn grote daden
Maar in alles wat al die schrijvers hebben geschreven, spreekt God.
Dát is wat 2 Timoteüs 3 zegt.
Daarom spreekt de bijbel met gezag.
Bij iemand die gezag heeft, denken wij aan iemand die je vertelt wat je moet doen.
Als de bijbel gezag heeft, dan zal die wel vertellen hoe je moet leven.
Maar dat is niet de centrale boodschap van de bijbel:
het allesbepalende is wat Gód doet!
De bijbel is geen boek vol regels om uit te voeren,
maar een middel om in aanraking te worden gebracht met Gods grote daden,
om zo ook zelf te mogen delen in de verlossing door Jezus Christus.
Dat is wat de hele bijbel ademt, wat God de hele bijbel heeft ingeademd.

6. Gezag en jij
dia 17 – 1 ga steeds terug naar de bijbel
In de bijbel spreekt God, en als hij spreekt, is het met gezag.
En dan is de vraag: wat betekent dat gezag voor jou?
Daar wil ik mee afsluiten.
Drie dingen daarover.

Het eerste: ga steeds terug naar de bijbel!
In de bijbel horen we Gods stem,
in plaats van al die menselijke stemmen.
Als ik catechisatie geef, krijg ik regelmatig de vraag:
‘maar waar staat dat dan in de bijbel?’
Van die vraag wordt ik blij,
want er zit een verlangen in naar wat van God komt,
in plaats van naar allerlei menselijke dingen.
God heeft het voor het zeggen,
ga daarom steeds terug naar de bijbel.

dia 18 – 2 knip niet in de bijbel (westerse bijbel)
Het tweede: knip niet in de bijbel.
In 2006 verscheen de westerse bijbel,
waar alle teksten die ons niet zo goed liggen zijn uitgeknipt.
Deze bijbel wilde aan het nadenken brengen:
neem je de hele bijbel serieus, of alleen wat je aanstaat?
Timoteüs is er duidelijk in: élke schrifttekst.
Ga niet knippen in de bijbel, daar wordt de bijbel krachteloos van.
Je maakt dan je eigen god.
In elke bijbeltekst zit een boodschap,
ik geloof dat ik over elk bijbelgedeelte een preek kan houden,
en me er niet vanaf mag maken met wat eigen gedachten bij de tekst
en de opmerking dat de bijbel wel meer kan zeggen, maar…
God zelf spreekt, daar kun je niet in knippen!

dia 19 – laat de bijbel je veranderen
En het laatste: laat de bijbel je veranderen.
Zoals Jesaja zegt dat Gods woord altijd effect heeft.
Niet met alles wat je in de bijbel leest, kun je direct iets.
Volgende week hoop ik daar verder op in te gaan.
Maar het lezen vormt je.
Gods Geest wil in jou werken, wil jou bij Jezus Christus brengen.
Voeg je onder Gods gezag.
Laat de Geest door de bijbel heen zijn werk in jou mogen doen.
Amen.




NGB artikel 2 | Woord en schepping: waar leer je God kennen?

In de schepping leer je God kennen. Maar tegenwoordig lijkt het er eerder op dat hoe meer je je in de natuur verdiept, hoe moeilijker het is om in God te geloven. Alsof Gods schepping en Gods Woord verschillende dingen zeggen. Wat moet je daarmee? Deze preek is de 1e in een serie van 3 over de bijbel.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 158
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 104 : 1, 5 en 7 (LvK=GKB)
Gebed
Introductie serie
Lezen: Psalm 19 : 1 – 15, Romeinen 1 : 19 – 25 en NGB Artikel 2
Zingen: Psalm 119 : 40 en 66 (LvK=GKB)
Preek
Zingen: LvK Gezang 479 : 1, 3 en 4
Gebed
Collecte
Geloofsbelijdenis
Zingen: GKB Gezang 145 : 1, 2, 3 en 4
Zegen

Woord en schepping: waar leer je God kennen?

Introductie serie
De bijbel: het is het best verkochte boek aller tijden.
Ergens is dat helemaal niet zo gek:
de bijbel gaat al heel wat jaren mee,
dus heeft de bijbel een flinke voorsprong in de verkoopstatistieken kunnen opbouwen.
Maar ook in de 20e eeuw,
de eeuw waarin steeds meer mensen het christelijk geloof loslieten,
is geen boek meer verkocht dan de bijbel.

Over dit boek gaan we het in 3 leerdiensten hebben.
Ik heb dit onderwerp gekozen om 2 redenen.
Eerste reden is ons ‘jaarthema’ bijbellezen.
We hebben een leesproject gedaan rond het boek Job,
en er volgen later dit jaar nog projecten over Hebreeën en Rechters.
Als kerk vinden we bijbellezen belangrijk,
maar we merken ook dat het er steeds minder van komt.
Daarom wil ik ook in deze leerdiensten aandacht aan de bijbel geven.
De andere reden, dat zijn de hete hangijzers onder christenen.
Afgelopen jaar is er weer heel wat gediscussieerd.
De onderwerpen die het meest in het oog springen, zijn:
‘vrouw en ambt’ en ‘schepping en evolutie’.
Maar er zijn er nog wel meer, bijvoorbeeld ‘kerk en Israël’.
Bij al deze discussies speelt op de achtergrond een andere vraag:
hoe lees je nou eigenlijk de bijbel?
Dáár gaan deze leerdiensten over.

Het zijn er 3.
Vandaag over Woord en schepping: waar leer je God kennen?
Volgende week over Woord en gezag: waarom zou je de bijbel serieus nemen?
En we sluiten af met Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?
Vandaag dus over Woord en schepping.
Daarbij lezen we Psalm 19, Romeinen 1 : 19 – 25
en Artikel 2 uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis,

Wat vertelt de natuur?
dia 1 – de natuur vertelt over God!
Artikel 2 uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis
gaat over de vraag: hoe kun je God kennen.
Uiteraard leer je God kennen door in je bijbel te lezen,
dat lijkt me niet zo’n grote verrassing.
Verrassender vind ik dat in Artikel 2 nog iets staat,
sterker: daar begint het zelfs mee!
Dat is dit: dat je God leert kennen door zijn schepping.
Kijk om je heen, maak een mooie wandeling in de natuur,
en overal kom je God tegen.
Want de natuur vertelt over God!

Datzelfde kom je tegen in Psalm 19, direct de eerste zin:
‘de hemel verhaalt van Gods majesteit.’
Dus de hemel, en daarmee bedoelt David de zon, maan en sterren,
de hemel vertelt het verhaal van God.
Romeinen 1 zegt precies hetzelfde:
‘Gods onzichtbare eigenschappen
zijn vanaf de schepping van de wereld zichtbaar in zijn werken,
zijn eeuwige kracht en goddelijkheid zijn voor het verstand waarneembaar.’
Dus: de natuur vertelt over God.

dia 2 – of vertelt de natuur dat er geen God is?
Maar in onze tijd lijkt het wel precies andersom.
De natuur vertelt helemaal niet over God,
de natuur vertelt ons juist dat er geen God is!
Met dank aan de natuurwetenschap
weten we tegenwoordig heel erg veel over de natuur.
Maar hebben we daardoor God beter leren kennen?!
Het lijkt er eerder op dat die kennis
heel wat mensen heeft laten twijfelen aan God.
Hoe verder de natuurwetenschap kwam, hoe leger de kerken werden.
En voor mensen die het geloof wél hebben vastgehouden,
is natuurwetenschap toch vaak een probleem.
Alsof de natuurwetenschap de bijbel ontmaskert als ‘fake news’.

Daarbij kun je uiteraard denken aan de evolutietheorie.
De bijbel vertelt over de schepping van hemel en aarde,
maar de natuurwetenschap heeft een heel ander verhaal.
Geloof je de bijbel, of geloof je wat wetenschappers in de natuur hebben ontdekt?

dia 3 – zonsopkomst
Maar niet alleen het hele evolutieverhaal maakt geloven lastig.
We weten nu zoveel over de natuur,
dat we God er helemaal niet meer voor nodig hebben.
De natuur houdt zichzelf wel in stand.
In Psalm 19 verwondert David zich over de zon,
die elke dag weer opkomt,
en aan het einde van de dag weer ondergaat.
Alsof God de zon aan het begin van elke dag een seintje geeft:
‘toe maar, nu ben jij weer aan de beurt.’
Tegenwoordig hebben we God daar niet voor nodig:
we weten precies hoe het met de zonsopkomst werkt.
Hoezo vertelt de natuur over God?

Geloof en natuurwetenschap
dia 4 – christelijk geloof stimuleert natuurwetenschap
Toch heeft juist het christelijk geloof
een enorme boost gegeven aan de natuurwetenschap.
De gedachte dat de schepping over God vertelt,
dat je in de schepping God kunt leren kennen,
is natuurlijk een geweldige uitnodiging
om die natuur te gaan onderzoeken!
We bestuderen de bijbel om God beter te leren kennen,
dus waarom zouden ook niet de natuur beter bestuderen?!

Artikel 2 noemt de schepping een ‘prachtig boek’.
Aan de ene kant zegt het dat de natuur zelf niet goddelijk is.
Als jij gelooft dat in de natuur goddelijke krachten zitten,
een geloof dat zeker in de Middeleeuwen heel veel voorkwam,
dan láát je het wel om de natuur te onderzoeken: dat is veel te gevaarlijk!
De gedachte dat de natuur een boek is, waarin God vertelt wie hij is,
gaf dat mensen het dúrfden de natuur te onderzoeken.
De natuur is zelf niet goddelijk, maar vertelt óver God.

Aan de andere kant zegt het ook dat de natuur er toe doet.
Dat klinkt misschien als een open deur, maar dat is het niet.
Heel wat Griekse filosofen waren van mening
dat je lichaam en de aarde, de hele natuur,
een soort gevangenis waren waar je geest uit bevrijd moest worden.
De natuur was volgens hen minderwaardig: de echte wereld was geestelijk.
En die gedachte is zeker niet met de oude Grieken uitgestorven:
in bijvoorbeeld het boeddhisme is die gedachte nog springlevend!
Dan heeft het helemaal geen zin de natuur te onderzoeken: dat is tijdverspilling.
Maar als je gelooft dat de natuur een boek is, waarin God vertelt wie hij is,
dan zou je wel gek zijn als je dat boek dicht laat!

dia 5 – Jezus laat de natuur aan het woord (lelies)
Jezus sloeg dat boek dan ook regelmatig open.
Jezus laat niet alleen de bijbel spreken, hij laat ook de natuur spreken!
Bijvoorbeeld in Matteüs 6.
Jezus laat de vogels aan het woord: ‘kijk eens naar de vogels in de lucht:
ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren,
het is jullie hemelse Vader die ze voedt.’
En even later de lelies: ‘kijk eens naar de lelies, kijk hoe ze groeien in het veld.
Ze werken niet en weven niet.
Ik zeg jullie: zelfs Salomo ging in al zijn luister niet gekleed als een van hen.’
Jezus legt het ook uit: ‘kijk naar de vogels en de bloemen,
ze vertellen jullie dat God voor je zorgt!’
Jezus had datzelfde ook met bijbelteksten kunnen zeggen, geen probleem,
maar hij koos de natuur om het duidelijk te maken.

dia 6 – natuurwetenschap tot eer van God (Kepler)
De natuur is een prachtig boek van God.
En, zoals ik al zei, die gedachte heeft de natuurwetenschap een enorme boost gegeven.
De eerste natuurwetenschappers waren vaak overtuigd christen,
die met hun werk als natuurwetenschapper God de eer wilden geven.
Eén van hen is deze meneer: Johannes Kepler.
Hij is onder andere bekend van de ‘wetten van Kepler’, naar hem vernoemd.
Die gaan over de bewegingen van de hemellichamen om elkaar heen,
dus bijvoorbeeld de beweging van de aarde om de zon.
Dus eigenlijk waar Psalm 19 het ook over heeft,
maar dan vanuit een heel andere invalshoek.
Maar de conclusie van Kepler is níet dat God niet meer nodig is
omdat we het nu ook zelf kunnen verklaren.
Zelf zegt Kepler: ‘Ik was alleen Gods gedachten na hem aan het denken.
Aangezien wij astronomen priesters zijn van de allerhoogste God
ten aanzien van het boek der natuur (heb je hem weer!),
doet het ons nut om bedachtzaam te zijn,
niet gericht op de glorie van onze gedachten,
maar enkel en alleen op de heerlijkheid van God.’

Het Woord onmisbaar
dia 7 – probleem: we sluiten God buiten
Je zou bijna denken: waarom zijn dan niet alle natuurwetenschappers christen?
Als je elke dag met de natuur bezig mag zijn, elke dag dat boek van God mag lezen,
dan kom je hem toch steeds tegen?
Dan kan het toch niet anders dan dat alle natuurwetenschappers diepgelovige mensen zijn?
Toch is dat niet zo.
Ja, er zijn diepgelovige natuurwetenschappers, nog altijd!
Maar er zijn er misschien nog wel meer die overtuigd atheïst zijn.
Hoe kan dat?

Het antwoord van Paulus in Romeinen 1 is dit:
‘Ze hebben de waarheid over God ingewisseld voor een leugen;
ze vereren en aanbidden het geschapene, in plaats van de schepper.’
Dat schreef Paulus in een wereld vol goden,
maar het geldt voor ons net zo goed.
Als we doen alsof de natuur alles is,
alsof alleen die dingen echt zijn die wij kunnen bewijzen,
dan aanbidden we het geschapene en sluiten we God buiten.

Dat is, sinds Adam en Eva tegen God in opstand kwamen,
precies onze natuurlijke toestand.
Adam en Eva wilden zelf God zijn,
en duwden God daarmee weg uit hun leven.
Sinds de zondeval proberen we zonder God te leven,
dat is onze ‘gevallen staat’.
Paulus schrijft dat God in zijn werken zichtbaar is,
en dat daarom niemand te verontschuldigen is.
Het probleem is alleen dat het een automatisme is geworden dat we God niet wíllen zien.
Als wij de natuur onderzoeken,
dan is het onze standaardinstelling dat we God erbuiten houden,
dat we wat we in de natuur zien bij God vandaan interpreteren.

dia 8 – Gods Woord: God wil dat je hem kent
En daarom die 2e manier waarop God zich bekend maakt: zijn Woord.
De schepping zou genoeg moeten zijn, maar is het niet meer.
Maar God zegt niet: ‘nou, dan doe je het toch lekker zonder mij?’
Dan maakt God zich wel op een andere manier bekend!
Ook dat zie je in Psalm 19.
In vers 8 kantelt de Psalm:
opeens gaat het niet meer over de natuur, maar over Gods wet, Gods woorden.
En daarover is David nog enthousiaster dan over die natuur:
Gods woorden hebben een onweerstaanbare aantrekkingskracht, nog sterker dan goud!

God maakt zich in zijn Woord bekend.
Daar maken we al snel van: God maakt zich in de bijbel bekend.
Maar dat is toch niet helemaal hetzelfde.
Gods Woord is meer dan wat in de bijbel is opgeschreven.
Als een moslim een visioen krijgt waarin hij Jezus ziet – dat gebeurt! –
dan is dat ook het Woord van God.
Ik geloof dat God nog steeds rechtstreeks spreekt, buiten de bijbel om.
Maar gebruik dat nooit als excuus om de bijbel aan de kant te schuiven,
omdat jij meer met de Geest hebt dan met de bijbel.
Het eerste wat die moslim doet als hij zo’n visioen gehad heeft,
is op zoek gaan naar een bijbel!
Hij wil niets liever dan die bijbel indrinken:
dit is de schat waar hij zijn hele leven naar op zoek was!

Om God te leren kennen, is het Woord onmisbaar.
De bijbel is onmisbaar.
En Jezus is onmisbaar.
Want volgens Johannes 1 is Jezus Christus het vleesgeworden Woord.
God wil niets liever dan dat wij hem kennen.
Daarom heeft hij profeten gestuurd, om zijn woorden over te brengen.
Maar het hielp nauwelijks: naar de meeste profeten werd niet geluisterd.
Dus gaat God nog verder: brengt hij zijn boodschap niet meer in woorden,
maar in eigen persoon: Jezus Christus.
Hij maakt zich duidelijker dan ooit bekend,
allemaal omdat wij het maar niet willen zien,
maar hij er naar blijft verlangen dat jij hem kent als persoon!

Als je zo God leert kennen,
door de bijbel, en vooral door zijn Zoon,
dán zie je hem opeens ook in de schepping.
Voor wie niet gelooft, zal de natuur daar weinig aan veranderen.
Maar als je God hébt leren kennen,
dan leer je hem in zijn schepping nog veel meer kennen!

Geen tegenstellingen maken
dia 9 – geen tegenspraak van Gods hand en Gods mond
Maar wat moet je dan met al die natuurwetenschap?
Moet je alles wat niet-christelijke wetenschappers vinden met wantrouwen bekijken,
omdat die wetenschappers Gód niet willen zien?
Is het zo dat natuurwetenschap onbetrouwbaar is en de bijbel betrouwbaar?

dia 10 – vd Brink
Nee!
Dan kom je weer bij Artikel 2 en Psalm 19:
God maakt zich op 2 manieren bekend – in de schepping en in zijn Woord.
Gijsbert van den Brink, professor in de theologie,
heeft zich daar uitgebreid in verdiept.
Afgelopen jaar verscheen van hem het boek ‘en de aarde bracht voort’.
Hij zoekt naar een antwoord op de vraag:
stel dat die hele evolutietheorie klopt, wat betekent dat dan voor het christelijk geloof?
Hij wil er niets van weten dat natuurwetenschap onbetrouwbaar is.
Hij zegt: ‘als het werkelijk waar is dat de natuur naar God verwijst,
dan kan datgene wat we daarin aantreffen ons geloof alleen maar verrijken.
Het kan het geloof in elk geval niet ondermijnen,
want de werken van Gods hand en die van Gods mond
kunnen nu eenmaal niet met elkaar in tegenspraak zijn.’
Laten we geloof en wetenschap niet tegen elkaar uitspelen!

dia 11 – goed lezen is een kunst
Dat is wel lastig, want soms lijken die 2 het tegenovergestelde te zeggen.
Dan is het een kunst om goed te lezen.
Dat geldt voor de bijbel op zich al: soms lijken in de bijbel tegengestelde dingen te staan
en kom je dingen tegen waarvan je denkt ‘hè, staat dát in de bijbel?!’
Maar het geldt ook als de bijbel en de natuur verschillende dingen lijken te zeggen.
Goed lezen is een kunst!

Dus inderdaad: er wordt door wetenschappers veel beweerd,
maar klopt het allemaal?
Goede wetenschappers blijven daar ook altijd vragen bij stellen.
Tegelijk, als het over evolutie gaat:
de overgrote meerderheid van de wetenschappers is het daarover eens,
veel christelijke wetenschappers ook, en ze komen met goede argumenten.
Dan kun je het niet zomaar als onzin afdoen.
En aan de andere kant: klopt het wel hoe we de bijbel hebben uitgelegd?
Vaak wel, mag ik hopen, maar soms ook niet.
Dat is helemaal geen schande,
de bijbel is geen makkelijk boek met pasklare antwoorden,
maar wees wel zo eerlijk dat onder ogen te zien.
Er is niets mis met voortschrijdend inzicht.
Misschien zeggen we over 50 jaar:
‘onbegrijpelijk dat we zo moeilijk deden over evolutie,’
en komt de evolutie in dezelfde rij als de ontdekking dat de aarde om de zon draait.
Of misschien zeggen we: ‘evolutie? wat is dat voor achterhaald idee!’
Hoe dan ook: als we de bijbel én de natuur bestuderen,
dan past het op een of andere manier in elkaar.

God maakt zichzelf bekend
dia 12 – gebruik de boeken om Gód te kennen!
Want God maakt zichzelf erin bekend!
Romeinen 1:19: ‘wat een mens over God kan weten
is hun bekend omdat God het aan hen kenbaar heeft gemaakt.’
Daar gaat het om: in de schepping en in zijn Woord leren we Gód kennen.

Wij willen vaak meer.
Dan maken we misbruik van die middelen.
Van de schepping: dat we de schepping bestuderen
zonder op zoek te zijn naar de Schepper die erachter zit.
Maar ook van de bijbel: dat we de bijbel gebruiken als een antwoordenboek,
waar God op al onze vragen een passend antwoord geeft.

Maar daar gaat het niet om!
De bijbel is niet geschreven om ons te vertellen
hoe het allemaal gegaan is aan het begin van de wereld.
De bijbel is geschreven omdat God zélf zich bekend maakt!
Gebruik de bijbel waar hij voor bedoeld is: om God te leren kennen.
Wij gaan vaak met onze vragen naar de bijbel,
in plaats van dat we luisteren naar wat God ons wil vertellen.
Laat je daar maar door verrassen!
Wees maar nieuwsgierig naar wat God te zeggen heeft:
in de natuur, in de bijbel, in Jezus Christus.
Stel je daarin steeds de vraag:
hoe leer ik hierin God kennen?

dia 13 – Woord en schepping: lees en leef!
Want dat is leven.
Jezus zegt, in Johannes 17, ‘het eeuwige leven, dat is dat zij u kennen,
de enige ware God, en hem die u gezonden hebt, Jezus Christus.’
En daarom: blijf lezen!
De schepping. Gods Woord. En leef!
Amen.




Johannes 1:50-51 | Jezus overtreft al je verwachtingen

Waar ben je naar op zoek? Naar geluk? Naar vrede? Naar leven? Jezus’ eerste leerlingen weten: bij Jezus zul je vinden wat je zoekt – bij Jezus moet je zijn. Sterker nog: Jezus overtreft al je verwachtingen!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Psalm 139 : 1, 7 en 8
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 136 : 1m, 2v, 3m, 20v en 21a (refrein steeds allen)
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Johannes 1 : 35 – 51
Zingen: GKB Psalm 63 : 1 en 3
Preek over Johannes 1 : 50 – 51
Zingen: Opwekking 462
Kinderen terug
Onderwijs belijdenis en doop
Getuigenis Dikkie
Zingen: LvK Gezang 14 : 1, 2, 3, 4 en 5
Belijdenis en doop
Zingen: GKB Gezang 10
Collecte en zingen: GKB Gezang 165, LvK Gezang 460 en GKB Gezang 166
Felicitaties
Gebed
Zingen: Opwekking 488
Zegen

Jezus overtreft al je verwachtingen

Inleiding
dia 1 – zwart
Vandaag wil ik met jullie nadenken over wat je van Jezus verwacht.
Want daar gaat het over in dat deel uit Johannes 1 dat we lazen:
verwachtingen die mensen van Jezus hebben.
Nu is de ellende met verwachtingen
dat je er nogal eens in wordt teleurgesteld.

dia 2 – horloge
Het is een teleurstelling als je iets gekocht hebt, en het valt tegen.
Bijvoorbeeld mijn horloge:
ik had het nog geen twee maanden, of het uurwerk begaf het al.
Dat is niet wat ik van een horloge verwacht:
ik draag geen horloge om ermee te pronken,
dan had ik wel een armband genomen,
maar ik wil weten hoe laat het is!
Gelukkig is het allemaal keurig onder garantie gerepareerd,
maar het voldeed dus niet aan de verwachtingen.

dia 3 – boek
Het is een teleurstelling als iedereen lyrisch is over een boek,
en jou vertelt: ‘dat boek vind jij ook schitterend, dat moet jij lezen!’
en dus ga je met hooggespannen verwachtingen het boek lezen,
maar wat vált het boek tegen!
Je snapt niet waarom iedereen er zo enthousiast over is.
Teleurgesteld leg je het boek na 80 bladzijden aan de kant.

dia 4 – taart
Het is een teleurstelling als je jarig bent en een groot feest wilt geven,
als je flink inkopen hebt gedaan om het je gasten naar de zin te maken,
maar er komt niemand opdagen.
De rest van de maand kun jij eten van je verjaardagsboodschappen…

dia 5 – zwart
Zo kan ik nog wel even doorgaan.
Teleurstellingen zijn overal!
We hebben al jong geleerd dat je vaak wordt teleurgesteld in je verwachtingen.
Daar hebben we ook iets op bedacht:
als je gewoon niet zoveel verwacht, dan wordt je er ook niet in teleurgesteld!
We houden onze verwachtingen laag om teleurstellingen te voorkomen.

dia 6 – Jezus overtreft al je verwachtingen
Daarmee komen we bij het thema van vandaag.
Bij Jezus hoef je je verwachtingen niet laag te houden:
Jezus overtreft al je verwachtingen!
Daar denken we over na vanuit Johannes 1:50-51,
die ik nu voorlees uit de Herziene Statenvertaling:
“Jezus antwoordde en zei tegen hem:
‘Omdat ik tegen u gezegd heb: ‘ik zag u onder de vijgenboom’, gelooft u.
U zult grotere dingen zien dan deze.
En hij zij tegen hem: ‘voorwaar, voorwaar, ik zeg u allen:
van nu af zult u de hemel geopend zien
en de engelen van God opklimmen en neerdalen op de Zoon des mensen.’

1. Wat zoek je bij Jezus?
dia 7 – waarom lopen ze achter Jezus aan?
Ik word vrolijk van dit verhaal over Jezus en zijn eerste leerlingen.
Jezus maakt een wandeling, hij begint in zijn eentje,
maar al snel is het een hele groep!
De een na de ander komt erbij en sluit zich aan.
Jezus zelf hoeft er niets voor te doen, ze komen gewoon,
alsof ze door een magneet getrokken worden.
Het is een soort ’10 kleine visjes’, je weet wel, eerst waren het er 10, toen 9, toen 8,
tot moeder vis alleen overbleef, maar dan andersom.
Aan het einde van het hoofdstuk zijn ze al met z’n zessen.

Maar waarom?
Hoezo lopen ze achter Jezus aan?
Wat zien ze in hem?
Het leuke is dat Jezus zelf die vraag ook stelt.
Twee leerlingen van Johannes de Doper lopen achter Jezus aan.
Ze volgen hem op een afstandje.
Opeens draait Jezus zich om, en ze voelen zich betrapt.
Jezus vraagt: ‘wat zoeken jullie?’
Dat kan wat bot overkomen:
‘wat hebben jullie hier te zoeken?
Wat lopen jullie achter mij aan?
Wat kijken jullie naar mij?
Heb ik iets van je aan ofzo?’
Maar dat is niet wat Jezus bedoelt.
Jezus zegt het precies zoals hij bedoelt: ‘wat zoeken jullie?
Jullie willen met mij meelopen, oke, maar waarom?
Wat denken jullie dat ik te bieden heb?
Wat verwachten jullie van me?’

dia 8 – verwachting: er komt een messias die ons verlost
Daarmee zijn we dus weer bij dat thema: verwachtingen.
In Israël in die tijd broeide er iets.
De mensen voelden dat er iets ging gebeuren, het hing in de lucht.
Overal vandaan komen mensen naar de Jordaan,
waar een zekere Johannes profeteert.
Hij doet denken aan lang vervlogen tijden,
toen de grote profeten in Israël optraden.
Sinds de Israëlieten uit de ballingschap zijn teruggekeerd,
alweer zo’n 400 jaar geleden,
zijn er geen grote profeten meer geweest.
Ze moesten het doen met wat in de Schriften opgeschreven stond.
Maar nu staat die Johannes daar en hij zegt dat hij een boodschap van God heeft.
Veel mensen laten zich door Johannes overtuigen, en gaan kopje onder in de Jordaan.
Het levert Johannes zijn bijnaam op: ‘de Doper’.

Johannes maakt oude verlangens wakker.
Waar Johannes het steeds over heeft, is dat na hem iemand anders komt,
en dat Johannes de mensen daar klaar voor moet maken.
Die ander is de ‘messias’.
De mensen durven het woord nauwelijks uit te spreken,
bang om voor de zoveelste keer te worden teleurgesteld.
Maar een ‘messias’, een sterke held die het volk komt verlossen,
dat kunnen ze goed gebruiken!
Die profeten van vroeger hebben aangekondigd
dat er op een dag zo’n messias zou komen,
en Johannes laat die verwachting herleven.
Dát is wat die snel groeiende groep bij Jezus zoekt.
Ze hopen op verlossing, ze zoeken een messias.

dia 9 – in onze wereld: op zoek naar verlossing
En jij?
Wat zoek jij?
Die vraag mag je natuurlijk zelf beantwoorden.
Maar ik denk dat heel veel mensen ook vandaag verlossing zoeken.
Ook in onze wereld zijn mensen ontevreden en op zoek.
Op zoek naar veiligheid, want de wereld is bedreigend.
Op zoek naar gezondheid, zelfs onsterfelijkheid, want de dood is angstaanjagend.
Op zoek naar geluk, want dat maakt het leven de moeite waard.
Op zoek naar een beter leven.

dia 10 – Klaver
We zoeken het overal.
In de politiek bijvoorbeeld.
Politici kunnen voor ons messiassen worden,
van wie we verwachten dat ze ons verlossen.
Ik weet dat dat idioot klinkt,
maar kijk eens welke bijnaam Jesse Klaver van GroenLinks vorig jaar kreeg.
Precies: niet messias maar ‘Jessiah’.
Nu vind ik Jesse Klaver best een sympathiek politicus,
maar dit zijn wel erg hoge verwachtingen…
Of we zoeken het in de wetenschap:
als we maar genoeg weten, kunnen we al onze problemen oplossen.
Of we zoeken verlossing door uit de realiteit te vluchten.
Door met drank en drugs even van de wereld te zijn, in een eigen gelukzalige wereld.
Door te gamen, zoveel dat je meer in de computer leeft dan in de echte wereld.
Of door hele Netflix-series op 1 avond te kijken, tot diep in de nacht,
het zogeheten binge-watchen.
Allemaal plekken waar we verlossing kunnen zoeken.

2. Jezus overtreft al je verwachtingen
dia 11 – Jezus is de messias die ze verwachtten
Terug naar Johannes 1.
Op een dag staat Johannes de Doper met twee van zijn leerlingen bij de Jordaan.
Johannes ziet Jezus lopen, stoot de leerlingen aan
en zegt: ‘jongens, dat is hem: het lam van God!’
De leerlingen aarzelen geen moment:
dit is die messias waar ze al zo lang op wachtten.
Dat is ook het antwoord op de vraag
waarom al die mensen achter Jezus aan lopen.
Dat is omdat ze op Jezus gewacht hadden!
Ze zochten verlossing, ze zochten de messias, en hier is hij!
Nu is het zover, nu gaat het gebeuren.
Op een afstandje lopen ze achter Jezus aan:
hier willen ze niets van missen.

Ze blijven niet onopgemerkt.
Het lijkt wel alsof Jezus ogen in zijn achterhoofd heeft.
Hij draait zich om en vraagt: ‘wat zoeken jullie?’
Het lijkt dat de twee mannen de vraag met een wedervraag ontwijken:
‘Rabbi, waar logeert u?’
Maar er zit echt een antwoord in: Rabbi, meester.
Daarmee zeggen ze: u bent de man die wij zoeken, u bent onze meester!

In dit gedeelte staan nogal wat uitspraken over wie Jezus is,
je kunt ze zelfs belijdenissen noemen.
Dat ‘Rabbi’, in vers 38.
Of vers 41: ‘wij hebben de messias gevonden!’
Vers 45: ‘we hebben de man gevonden
over wie Mozes in de wet geschreven heeft en over wie ook de profeten spreken.’
En vers 49: ‘Rabbi, u bent de Zoon van God, u bent de koning van Israël!’
Al die belijdenissen grijpen terug op de verwachting van een messias.
Eindelijk is het zo ver: hij is er!

dia 12 – de ontmoeting met Jezus overtuigt
Maar hoe weten ze nou zo zeker dat Jezus de messias is?
Vooral Natanaël, de laatste die bij de groep komt, zit daarmee.
Hij komt zijn goede vriend Filippus tegen.
Maar er is geen tijd om even gezellig bij te praten.
Filippus móet Natanaël wat vertellen:
‘Natanaël, Natanaël, moet je horen!
We hebben hem gevonden!’
‘Huh’, zegt Natanaël, ‘wie hebben jullie gevonden?’
‘O, Natanaël, doe nou niet zo dom!
De messias natuurlijk!’
Nu kijkt Natanaël Filippus aan alsof hij gek is geworden.
‘Ja, echt, de messias!
Hij heet Jezus, hij is de zoon van Jozef uit Nazaret!’
Natanaël begint hard te lachen.
‘Je haalt een grap met me uit he?
Nee, uit Nazaret kan niets goeds komen!’
Maar het is geen grap, en Filippus blijft aandringen.
‘Kom nou mee, kijk zelf!’
En wanneer Natanaël Jezus ontmoet,
slaat zijn gereserveerde houding om in een geweldige belijdenis!

Hoe kan dat?
Hoe worden Natanaël en de anderen overtuigd?
Door goede argumenten? Nee!
Het is Jezus zelf die een diepe indruk op hen maakt.
Ze ontmoeten Jezus, en dan is het duidelijk.
Als je Jezus ontmoet, of het nu in levende lijve is,
of door wat je in de bijbel over hem leest,
of hoe je hem tegenkomt in zijn lichaam, de kerk,
als je Jezus ontmoet, dóet dat wat met je!
De leerlingen kunnen er niet precies de vinger op leggen,
maar ze wéten het gewoon: hier moet ik zijn.
Net zoals jij, Dikkie, het al vaker hebt gezegd: ‘ik weet dat ik bij Jezus moet zijn!’
Dat is voor jou volstrekt duidelijk, geen twijfel over mogelijk.
Houd dat vast!

dia 13 – Jezus gaat veel verder dan de verwachtingen
En dan volgt een fantastische belofte van Jezus.
‘Natanaël, jij gelooft omdat ik zei dat ik je onder de vijgenboom zag zitten.
Je zult nog grotere dingen zien!’
Jezus is niet alleen degene op wie ze gewacht hebben,
hij is ook degene die alle verwachtingen ruimschoots overtreft!
Jezus begint over engelen die heen en weer gaan tussen de hemel en de aarde.
In de NBV is het vertaald alsof die engelen naar Jezus gaan.
In de Herziene Statenvertaling wordt duidelijk dat ze over Jezus heen en weer gaan.
Jezus is een soort ladder tussen hemel en aarde!

dia 14 – Jakobsladder
Zo’n ladder kom je eerder in de bijbel tegen, bij Jakob.
In de Nederlandse taal hebben we er het woord ‘Jakobsladder’ aan over gehouden:
zonnestralen door gaten in de bewolking,
waardoor het net lijkt alsof daar een ladder naar de hemel is.
Jezus zegt: ‘ik ben die ladder, ik verbind hemel en aarde,
ik geef veel meer dan vrede op aarde: ik geef vrede met God!’
Dat is veel meer dan wie ook maar verwacht had.
Jezus overtreft al je verwachtingen!

dia 15 – (afbeelding weg)
Dat betekent niet dat Jezus alles doet wat jij wilt.
Als je dat verwacht, raak je teleurgesteld.
Uiteindelijk blijkt dat de verwachtingen van Jezus’ leerlingen ook niet kloppen.
Ze zochten een sterke held die van Israël weer een belangrijk land zou maken.
Dat hebben ze niet gekregen.
Ze kregen veel meer: geen held die alle vijanden het land uit joeg,
maar een held die zijn leven gaf om het kwaad zelf zijn macht te ontnemen!
Niemand had zien aankomen dat Jezus zou sterven,
en niet alleen de messias van het Israël aan het begin van de jaartelling zou zijn,
maar de verlosser van de hele schepping!
Denk dus niet te klein van Jezus: hij overtreft je verwachtingen!

3. Zoek het bij Jezus
dia 16 – andere dingen brengen geen verlossing
Die eerste leerlingen gaan het avontuur aan.
Ze zochten verlossing, en hoeven niet langer te zoeken:
bij Jezus hebben ze het gevonden.
Zoek het ook bij Jezus!

Dus niet op al die andere plaatsen.
Niet bij zogenaamde messiassen in de politiek.
Dat moet je die politici ook helemaal niet willen aandoen.
Dan kunnen ze alleen nog maar tegenvallen.
Zoek het ook niet bij de wetenschap.
Ja, ik geloof dat de wetenschap ons veel gebracht heeft,
maar verlossen kan de wetenschap ons niet.
Vluchten uit de realiteit lost ook niets op.
Het verlost je niet, het suggereert het alleen.
De volgende dag heb je een kater.
Het kan zelfs je leven verwoesten, in plaats van dat het er beter van wordt.

dia 17 – bij Jezus moet je zijn!
Nee: ben je op zoek – naar verlossing, naar veiligheid,
naar onsterfelijkheid, naar geluk, naar eeuwig leven –
zoek het dan bij Jezus: bij hem moet je zijn!
Eén keer in dit verhaal zegt Jezus het, tegen Filippus:
‘volg mij, ga met mij mee.’
Doe dat maar!
Dat betekent nog niet eens dat je van alles moet doen,
dat jij nu aan Jezus een voorbeeld moet nemen.
Dat zit er ook wel een beetje in, maar het is allereerst dicht bij hem zijn!
Naar hem kijken, naar hem luisteren,
maar ook stil voor hem worden en hem aanbidden.

Je mag bij Jezus zijn, dat is ook de belofte van de doop.
Dikkie, jouw oude mens mag je achterlaten op de bodem van dat zwembad.
In het doopgesprek heb je gezegd: ‘ik wil een nieuwe Dikkie worden’.
Zometeen mag de oude Dikkie verdrinken,
en een nieuwe Dikkie mag opstaan in een nieuw leven – mét Jezus.
Dat betekent niet dat het voortaan allemaal vanzelf gaat.
Het is wel een krachtige verzekering: bij Jezus vind je wat je zoekt, en hij houdt jou vast!
Dus ga steeds weer naar Jezus!

Want Jezus geeft het leven waar we zo naar verlangen.
Hij is het lam van God, de messias, die ons verlost.
Bij hem moet je zijn!
Amen.




Johannes 2:11 | Geloven in Jezus is een feest

Is geloven saai? Dat imago heeft het nog wel eens… Jezus laat iets heel anders zien. Zijn allereerste wonder is dat hij water in wijn verandert. Want Jezus is gekomen om vreugde te brengen!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 553
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 81 : 1a, 2v, 8m en 12a
Gebed
Kinderen naar kinderclub
Lezen: Johannes 2 : 1 – 12
Zingen: LvK Gezang 27 : 1, 2 en 3
Preek over Johannes 2 : 11
Zingen: LvK Gezang 90 : 9, 10 en 11
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 487 : 1 en 2
Onderwijs diakenen
Bevestiging Peter Willem de Jong
Zingen: Opwekking 575 (beurtzang)
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: ELB 357 : 1, 2 en 5
Zegen

Geloven in Jezus is een feest!

Inleiding
dia 1 – zwart
Vandaag zijn we op een bruiloft.
Iedereen die getrouwd is, of ceremoniemeester is geweest,
weet dat een bruiloft een hele organisatie is.
Het wordt tot in de puntjes voorbereid,
want op een bruiloft mag niets fout gaan.

dia 2 – weddingplanner
Als het saldo op je bankrekening maar hoog genoeg is,
kun je een hoop bruiloftszorgen afkopen.
Google maar eens op ‘weddingplanner’, dan kom je dit soort zinnen tegen:
‘ik zorg dat jullie vooraf en tijdens de bruiloft stress vrij kunnen genieten
van alle mooie gebeurtenissen en bijzonderheden die op jullie pad komen.’
Geen gedoe dus met dat er te weinig wijn is ingeslagen.
Als je maar betaalt, is alles mogelijk.

Dat is ook direct het probleem.
Toen Hanneke en ik trouwden, hadden we het geld niet.
Net als dat bruidspaar in Kana.
Zelfs al zouden we het geld hebben gehad,
dan nog hadden we het er niet voor over.
Nee, onze bruiloft was zo ongeveer het tegenovergestelde:
een studentenbruiloft waar we alles zelf geregeld hadden.

dia 3 – bierkratten
Het feest was in het clubgebouw van de plaatselijke ijsvereniging,
we hadden medestudenten geronseld om de catering te verzorgen,
en zelf stonden we de dag voor de bruiloft
samen met onze ceremoniemeesters in de supermarkt voor de feestboodschappen.
Maar ja, hoeveel moet je inslaan?!
Hoeveel borrelnootjes, blokjes kaas en bitterballen zullen de gasten eten?
Gaan ze aan de cola, drinken ze een biertje, of toch liever een wijntje?
Liever wat te veel inslaan dan ‘nee’ moeten verkopen.
Gelukkig werkte de supermarkt mee:
alles wat te veel was ingeslagen kon de volgende dag weer worden teruggebracht.
Leve onze ceremoniemeesters:
terwijl wij op huwelijksreis gingen stonden zij bierkratten in te leveren.

Het bruidspaar in Kana had niet zo’n regeling met de supermarkt.
Maar is dat nou echt Jezus’ probleem?!
Dít, zegt Johannes, is het eerste wonder dat Jezus heeft gedaan.
Dan denk ik: had Jezus geen betere dingen te doen
dan op te treden als redder van een bruiloft?
Ik zou het in ieder geval niet durven:
als wij te weinig kratten bier hadden ingeslagen
aan Jezus vragen of hij er nog wat bij wilde maken…

dia 4 – geloven in Jezus is een feest!
Toch doet Jezus dit wonder, en het is nog een belangrijk wonder ook!
Johannes 2:11: ‘Dit heeft Jezus in Kana, in Galilea, gedaan als eerste wonderteken;
hij toonde zo zijn grootheid en zijn leerlingen geloofden in hem.’
Door juist met dít wonder te beginnen laat Jezus zien: ‘geloven in mij is een feest!’
Dat is het thema: geloven in Jezus is een feest!
Ik hoop dat deze preek je kan helpen om van Jezus te genieten.

1. Een kleurloos leven
dia 5 – het leven in Kana: hard en eentonig
Waarom begint Jezus met uitgerekend dit wonder?
Dat wordt duidelijker als je meer weet over de achtergrond van dit verhaal.
Laten we daar mee beginnen: hoe zag het leven in Kana er uit?

Het leven in Kana, een dorpje in het afgelegen Galilea, noord-Israël,
is in niets te vergelijken met het leven in Nederland.
Er is niets te beleven en er gebeurt nooit wat.
Het is een kleurloos bestaan.
Er wordt niet gedroomd: mensen zijn al lang blij als ze weer een dag gehaald hebben.
Ze werken zich een slag in de rondte, en kunnen daar precies mee rondkomen.
Denk niet dat er nog geld over is voor leuke dingen,
al is het maar iets kleins als even een ijsje op een terrasje eten.
Daar is trouwens ook helemaal geen tijd voor!
Werken, eten en slapen, dat is het leven.
Dag in dag uit.
Geen vakanties, geen snipperdagen: elke dag is hetzelfde.
De enige afleiding komt van de praatjes in het dorp,
dus wordt er heel wat af geroddeld.
Al met al een kleurloos leven.

dia 6 – het godsdienstig leven: overal regels
Met het godsdienstige leven is het al niet veel beter.
Ook daar valt weinig kleur aan te ontdekken.
Die watervaten op de bruiloft zijn daar een typisch voorbeeld van.
Ze zijn bestemd voor een reinigingsritueel.
Dus niet gewoon even je handen wassen voor het eten,
omdat dat wel zo hygiënisch is.
Nee: die reiniging is een godsdienstig ritueel.
Zoals er zoveel rituelen en regeltjes waren.
Nog veel meer dan God in de wet aan Israël had gegeven.
Voor alles zijn regels, en je moet er steeds aan denken niet net dat ene regeltje te vergeten.
Godsdienst is een ernstige zaak, dat moet je niet makkelijk nemen.
Dus draagt ook de godsdienst bij aan het kleurloze leven.

dia 7 – geloven: een ernstige zaak?
Laten we eerlijk zijn: dat imago hebben christenen nog steeds.
Bij de kerk denken veel mensen aan allerlei regeltjes
en bij christenen aan ernstige en saaie mensen.
Ik vind het altijd heerlijk hoe mensen van buiten de kerk reageren
als ze erachter komen dat ik predikant ben.
‘Hoe kan dat, jij bent een heel normale leuke jongen!’
Of: ‘maar jij bent nog jong, het leven ligt voor je open!’
Eigenlijk jammer dat mensen dat beeld van christenen hebben,
maar ik lach er hartelijk om.

Zo’n beeld komt natuurlijk ook niet uit de lucht vallen:
blijkbaar hebben we het er ook wel een beetje naar gemaakt.
Stralen we uit dat geloven toch vooral een ernstige zaak is.
Misschien vinden we wel dat de beste kerkdiensten
die diensten zijn waar de zweep er overheen gaat
en je met een diep schuldbesef weer naar buiten gaat.
Veel beter dan diensten waarin veel wordt gelachen.
We kunnen er zomaar een eer in stellen te doen wat we niet leuk vinden,
want ‘wie heeft gezegd dat alles leuk moet zijn’.
Nee, de plicht roept!
Dan denken we dat je roeping juist daar ligt
waar je met tegenzin aan begint.
Alsof jij, Peter Willem, pas een goede diaken kunt zijn
als je er tegen wil en dank aan begint.

2. Geloven in Jezus is een feest!
dia 8 – Turkse bruiloft
Terug naar Kana.
Vandaag is het feest.
Een jongen en een meisje uit het dorp trouwen.
In onze omgeving zie je het niet zo vaak,
maar misschien ben je wel eens een Turkse bruiloft tegengekomen.
Zo’n bruiloft wordt niet in besloten familiekring gevierd:
ieder die in de verste verte verwant is, wordt uitgenodigd.
In optocht trekt het gezelschap door de wijk,
en met veel getoeter wordt ervoor gezorgd dat niemand kan missen dat het feest is.
Zoiets stel ik me bij die bruiloft in Kana voor: het hele dorp viert feest!
Als je nog even weer bedenkt hoe kleurloos het leven in Kana was,
snap je wat een welkome afleiding dit is.
Zo’n bruiloft is het hoogtepunt van het jaar!

dia 9 – Jezus laat zien wie hij is:
Maar dan is het eindelijk eens feest,
dreigt het feest vroegtijdig ten einde te komen…
De wijn is op!
Het is de nachtmerrie van elk bruidspaar:
dat iets op het feest helemaal in de soep loopt.
Je kunt je voorstellen dat de teleurstelling groot is.
Maar het is meer dan alleen teleurstelling: het is een schande!
Als wij, op onze bruiloft, te weinig bier hadden ingeslagen,
hadden we erom gelachen en de rest van de avond cola gedronken.
In Kana niet: het feest is afgelopen
en het jonge bruidspaar wordt nog maandenlang nagewezen
omdat hun bruiloft in het water is gevallen.

Dán grijpt Jezus in.
Jezus’ moeder, Maria, wil dat Jezus het probleem oplost.
Jezus houdt het af: ‘mijn tijd is nog niet gekomen’.
Toch komt Jezus in actie,
niet omdat zijn moeder dat zo graag wil, maar om zijn grootheid te tonen.
Op deze bruiloft grijpt Jezus zijn kans om te laten zien wie hij is.
Jezus doet dit wonder niet omdat hij medelijden met het bruidspaar heeft
en hen graag uit de brand wil helpen met wat hocus-pocus,
nee: Jezus wil dat zijn leerlingen zien wie hij is.
Dit eerste wonder is een statement: ‘dit ben ik, hier sta ik voor!’

dia 10 – 1. Feest is voor Jezus belangrijk (wijnkelder)
Wat laat dit wonder dan over Jezus zien?
Nou, allereerst heel simpel: dat feest voor Jezus belangrijk is!
Jezus redt het feest.
Hij geeft opdracht de watervaten te vullen, alle 6, tot de rand toe.
Vervolgens moet een van de bedienden er een beker mee vullen
en het aan de ceremoniemeester laten proeven.
Je moet het als bediende maar durven…
Je hebt geen idee wat Jezus met het water heeft gedaan,
en straks is de ceremoniemeester woedend omdat jij hem zulke bocht aanbiedt…
Maar dat is het niet: het is wijn van topkwaliteit.
En niet zo’n beetje ook: 6 vaten van 100 liter.
Dat zijn 800 flessen wijn – Jezus laat een complete wijnkelder aanrukken!

Jezus’ leerlingen zullen vreemd hebben staan kijken.
Ze kenden Jezus nog niet zo lang.
Wie ze wel kenden, was Johannes de Doper.
Sommige van Jezus’ leerlingen waren eerst zelfs leerling van Johannes geweest.
Als Johannes wonderen had kunnen doen, had hij nooit zoiets gedaan!
Johannes stond bekend als een zwartkijker.
Nooit, werkelijk nooit, had hij ook maar 1 druppel alcohol gedronken.
In vergelijking met Johannes komt Jezus over als een losbol!
Het laat zien: feest is belangrijk!

dia 11 – uitstapje: Jezus en alcohol (bier)
Even een zijstraatje: hoe zit dat met alcoholgebruik?
Vindt Jezus het prima als je een avond doortankt en straalbezopen thuiskomt?
Volgens de ceremoniemeester zijn de mensen al dronken,
en dan komt Jezus nog met zijn drankvoorraad…
Maar dat ligt toch een beetje anders.
Dat de mensen dronken zijn, is ongelukkig vertaald.
Bovendien werd de wijn altijd verdund gedronken,
en was niet alleen het laten mislukken van een feest een schande:
openbare dronkenschap was dat nog veel meer.
Ja, de gasten hebben al gedronken,
subtiele smaken proeven ze minder goed, maar het is geen drinkgelag.
Aan de andere kant: Jezus was geen geheelonthouder,
voor Jezus vergroot een goed glas wijn de feestvreugde.

dia 12 – 2. bij Jezus is vreugde
Maar Jezus redt niet alleen het feest.
Achter het wonder van Jezus zit een diepere betekenis:
Jezus laat zien waar hij voor gekomen is.
Die overvloed aan wijn laat zien: bij Jezus is vreugde!
Jezus is gekomen om het leven kleur te geven.
Niet voor niets gebruikt Jezus die watervaten,
die voor de rituele reiniging werden gebruikt.
Zelfs op een feest, waar je eindelijk even gewoon kunt genieten,
moeten de regels natuurlijk wel worden gehandhaafd…
Ik zie het als een ondeugende knipoog van Jezus
dat hij juist deze vaten gebruikt, symbool voor alle regels.

In plaats daarvan komt Jezus met wijn,
in de bijbel symbool van grote vreugde.
Geen beklemmende al te menselijke regels meer,
maar blijdschap en geluk en vrijheid.
Je zou zelfs kunnen zeggen:
Jezus zelf is het beste dat voor het laatst is bewaard:
veel beter dan alle regels en rituelen.
Bij hem vindt je leven in overvloed.

Inmiddels is Jezus’ tijd volop gekomen.
Heel de wereld moet weten wie Jezus is en wat hij gedaan heeft.
Jezus heeft ons zijn Geest gegeven, zodat we in vrijheid leven.
Dan kan geloven niet meer somber zijn.
Ja, ik weet ook dat geloven niet vanzelf gaat.
Maar denk niet dat geloven vooral moeilijk en zwaar is,
een kwestie van volhouden en plichtsbesef.
Nee: geloven in Jezus is een feest!

3. Altijd feest?!
dia 13 – als het leven zwaar is? dan nog blij met Jezus
Nou ja, is dat niet wat al te vrolijk?
Het leven is niet altijd feest…
Er zijn momenten dat je volop van het leven geniet,
maar ook momenten dat het leven je zwaar valt.
Kun je dan zeggen dat geloven in Jezus een feest is?

Dat hangt er vanaf wat je er mee bedoelt.
Als je bedoelt dat het leven met Jezus een en al feest en vrolijkheid is,
dat niets meer tegenzit en je altijd met volle teugen van het leven geniet,
nee, dan klopt het niet!
Dat belooft Jezus ook niet.
Ja, wel voor later: Jezus zegt dat hij uitkijkt naar de dag
dat we samen wijn drinken op zijn feest.
Maar dat feest is nog niet begonnen.

Maar ook als alles tegenzit, kan geloven in Jezus een feest zijn!
Wat kun je ook dan blij zijn met Jezus!
Wat is het prachtig dat als mensen door een moeilijke periode heengaan,
hun ogen beginnen te stralen als ze over Jezus beginnen.

dia 14 – er moet toch gewerkt worden? maar gericht op het feest
Iets anders: het kan niet altijd feest zijn, er moet gewerkt worden,
we moeten onze verantwoordelijkheid toch nemen?
Ja, er moeten dingen gedaan worden, ook in de kerk,
en het is ontmoedigend als we met elkaar geen verantwoordelijkheid nemen.
Maar: laat het beginnen met vreugde,
dat je iets wilt doen omdat je blij met Jezus bent,
en laat het ook steeds op die vreugde gericht blijven,
dat je weet waar je het voor doet.

4. Geniet van Jezus
dia 15 – maak geloven niet moeilijk
Geloven in Jezus is een feest!
En daarom: geniet van Jezus.

Een paar jaar geleden, op een Alpha-cursus,
hadden we het over de vrucht van de Geest uit Galaten 5.
Over wat we bij onszelf herkenden, en wat we moeilijk vonden.
Een van die vruchten is ‘vreugde’.
Dat is voor mij de moeilijkste vrucht van de Geest.
Ik denk veel na over geloof,
dat is mijn werk, en ik ben ook een denker.
Maar met al dat denken en moeilijke vragen stellen
gaat het gewoon genieten van Jezus wel eens wat verloren.
Dan ben ik meer bezig met problemen en hoe je die kunt oplossen
dan dat ik blij ben met Jezus.
Natuurlijk is het goed om na te denken over wat je gelooft
en geen genoegen te nemen met gemakkelijke antwoorden,
maar verlies je er niet in: kom bij Jezus om van hem te genieten!
Maak geloven toch niet zo moeilijk,
alsof het heel zwaar is om in onze tijd christen te zijn:
het is juist een feest dat je met Jezus mag leven!

dia 16 – straal uit dat geloven feest is
Als je zo van Jezus geniet, dan straal je iets uit.
Ik kwam een citaat tegen van Charles Spurgeon.
‘er worden meer zielen naar de hemel geleid
door iemand wiens gezicht met de hemel bekleed is,
dan door iemand die het dodenrijk in zijn blik draagt.’
Blijkbaar hebben die mensen die verwonderd zijn
dat zo’n leuke jongen als ik (…) predikant is
iets te veel christenen van de 2e categorie ontmoet…
Laat ons bekend staan als mensen
voor wie geloven een feest is.

Peter Willem, van die Jezus mag jij diaken zijn.
Je hebt de opdracht van de feestvreugde uit te delen.
Blijf van Jezus genieten, ga daar steeds naar terug,
laat dat de drijvende kracht zijn achter je ambt als diaken.
Straal maar uit dat jij blij bent met Jezus.
Dan ben je een goede diaken!

dia 17 – het beste komt nog!
En dan te bedenken dat het feest van geloven nog maar het begin is.
Jezus heeft het beste voor het laatst bewaard.
Het wordt alleen maar mooier!
Amen.




Openbaring 22:7 | Vol verwachting 2018 in

Wat gaat het nieuwe jaar brengen? Veel over de toekomst weten we niet. Wel weten we dat Jezus zegt: ‘ik kom spoedig!’ Wat betekent die belofte voor jouw plannen voor het nieuwe jaar?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Gezang 1 : 1, 3 en 4
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 122 : 1 en 2
Gebed
Lezen: Openbaring 22 : 6 – 21
Zingen: LvK Gezang 296 : 1, 2 en 3
Preek over Openbaring 22 : 7
Zingen: ELB 263 : 1, 2, 4 en 6
Gebed
Mededelingen
Collecte
Geloofsbelijdenis
Zingen: LvK Gezang 398 : 1, 2, 6 en 7
Zegen

Vol verwachting 2018 in

Inleiding
dia 1 – zwart
Er wordt deze dagen heel wat teruggeblikt.
2017 is bijna voorbij, en wat kan er in zo’n jaar veel gebeuren.
In de wereld, in je eigen leven, en ook in de kerk.
2017 gaat voor onze gemeente de geschiedenisboeken in
als het jaar waarin CGK en GKv één zijn geworden.
Er valt natuurlijk nog veel meer te zeggen,
maar ik ga geen kerkelijk jaaroverzicht geven.
Vanavond wil ik met jullie juist vooruit kijken.
Want 2018 komt eraan!

Ik vind het altijd weer spannend wat een nieuw jaar gaat brengen.
Niet dat daar een zinnig woord over te zeggen is,
je weet niet wat er in 2018 gaat gebeuren,
zou je het wel weten, dan is direct de spanning er vanaf, maar toch…
Wat hoop je van 2018?
Waar kijk je naar uit, en waar zie je tegen op?
Wat zijn jouw plannen?
Waar wil je mee doorgaan, en wat wil je anders gaan doen?

Laat ik er maar niet omheen draaien:
voor mij persoonlijk is het spannend wat er in het nieuwe jaar zal gaan gebeuren.
Een paar weken geleden heb ik jullie verteld
dat ik contact heb met een gemeente die mij mogelijk wil gaan beroepen.
Hoe dat zich verder ook ontwikkelt,
en welke keuzes er ook maar gemaakt worden,
reken maar dat het voor ons spannend is!

dia 2 – vol verwachting 2018 in
Maar niet alleen wij kijken vooruit.
Ook Jezus kijkt vooruit!
Daarover gaat het in Openbaring 22.
Daar lezen we in vers 7: “’Ik kom spoedig!’
Gelukkig is wie zich houdt aan de profetie van dit boek.”
Wat betekent die belofte voor hoe wij met de toekomst bezig zijn?
Daar staan we vanavond bij stil, met als thema:
vol verwachting 2018 in.

1. Terug in de realiteit
dia 3 – Openbaring 22: het slotwoord
We hebben ons de afgelopen maand al meer beziggehouden met het boek Openbaring.
We hebben verschillende visioenen gelezen,
die Johannes heeft gezien en voor ons heeft opgeschreven.
Johannes zag de meest fantastische taferelen in de hemel:
een woedende draak, engelenlegers, een schitterende stad, en nog veel meer.
Dat moet overweldigend zijn!
Ik denk dat er daarna geen dag meer voorbij is gegaan
waarop Johannes níet aan die visioenen heeft gedacht!

Maar nu heeft Johannes alles gezien en is de vraag: hoe nu verder?
Nu landen we weer met beide benen op de grond,
terug in de realiteit van elke dag.
Wat betekenen die visioenen dan nog?
Er zit zo’n enorm verschil tussen de wereld van die visoenen
en jouw en mijn leven vandaag.
Interessant hoor, die visioenen,
maar is het nog meer dan ‘dat weten we dan ook maar weer’?

Daarover gaat Openbaring 22.
Je zou het het slotwoord, het nawoord, van Openbaring kunnen noemen.
Deze week las ik een boek met een nawoord,
waarin de schrijver vertelde wat de historische achtergrond van het boek was.
Dan blijkt het boek opeens niet alleen een mooi verhaal,
maar ook een realistische kijk in een vergeten stukje geschiedenis.
Zo’n nawoord zet het boek midden in de werkelijkheid.

dia 4 – wat doe je ‘met de kennis van straks’?
Dát is wat in Openbaring 22 ook gebeurt.
We hebben een blik in de toekomst gekregen,
en nu is de vraag: wat ga je er mee doen?
We zeggen wel eens: ‘met de kennis van nu…’

dia 5 – pech
Als ik vóór onze vakantie had geweten
dat we op de terugweg met een defecte dynamo
langs de Duitse Autobahn zouden komen te staan,
dan had ik vóór de vakantie die dynamo al laten vervangen.
Met de kennis van nu had ik andere keuzes gemaakt.

Openbaring geeft ons kennis van straks.
Wat doe je met die kennis van straks?
Neem je het ter kennisgeving aan?
Of ga je andere keuzes maken?
Wat betekenen de visioenen van Johannes in jouw leven?

2. Vol verwachting
dia 6 – 1. de toekomst is al begonnen
Uit het nawoord van Openbaring
wil ik 3 dingen halen om vol verwachting 2018 in te gaan.

Het eerste: de toekomst is al begonnen!
Neem bijvoorbeeld vers 6: het moet binnenkort gebeuren.
Of vers 10: ‘houd de profetie van dit boek niet geheim, want de tijd is nabij.’
Ik hoop dat ik in mijn vorige preken over Openbaring
duidelijk heb kunnen maken dat veel van Johannes’ visioenen
gewoon over onze tijd gaan, niet over een verre toekomst.
De geestelijke strijd bijvoorbeeld, die Johannes steeds ziet terugkomen:
dat gaat over wat christenen in de tijd van Johannes al meemaakten,
maar net zo goed over onze tijd.

‘De tijd is nabij,’ dat betekent ook dat je niet moet uitstellen.
Daarom die uitnodiging in vers 17:
‘de Geest en de bruid zeggen: kom!’
Net zoals in Psalm 122, die we zongen:
kom met ons mee, kom nú aan de kant van Jezus staan!

dia 7 – 2. Jezus komt terug
Maar het nawoord kijkt ook verder vooruit.
Dat is het tweede: Jezus komt terug!
Het lijkt misschien een beetje een rommelig nawoord,
het springt van de hak op de tak,
met allerlei losse opmerkingen die weinig met elkaar te maken lijken te hebben.
Maar steeds komt terug: ‘ik kom spoedig!’
Drie keer, in vers 7, 12 en 20.
Het is het refrein van dit slotwoord: ‘ik kom spoedig!’

Wanneer Jezus terugkomt, dat weet niemand,
maar wees ervan verzekerd dát Jezus terugkomt.
Het zijn niet wat vreemde hersenspinsels of wanen van Johannes.
Nee: ‘wat hier gezegd is, is betrouwbaar en waar.’
Reken erop dat Jezus terugkomt, wees vol verwachting,
en ga met die verwachting 2018 in: Jezus komt spoedig!

Wat vind ik dat moeilijk!
Als ik eerlijk ben, dan is de terugkomst van Jezus voor mij heel ver weg.
Ik reken erop dat ik dat niet ga meemaken,
dat ik tegen die tijd al lang overleden ben.
Dan wijst Openbaring 22 mij terecht:
houd de verwachting levend,
laat het geen sprookje zijn voor een verre toekomst,
maar iets reëels, iets echts, waar je op rekent.

dia 8 – lééf uit die verwachting
En dan kun je het ook niet meer voor kennisgeving aannemen.
Dat is het derde: lééf uit die verwachting.
Want als je weet wat er gaat gebeuren,
dan heeft dat invloed op wat je vandaag doet.
Als ik van tevoren had geweten dat de dynamo het zou begeven,
had ik me voorbereid door alvast een nieuwe te laten monteren.
Of zoals ik ergens las:
‘wie morgen de elektrische stoel krijgt, leeft anders dan iemand die morgen trouwt.’
Johannes heeft zijn visioenen voor ons opgeschreven,
zodat wij kennis hebben over de toekomst,
zodat we vooruit kunnen kijken terwijl we al weten wat er gaat gebeuren,
en ons daarop kunnen voorbereiden!
Ook dát komt in Openbaring 22 steeds terug.
Als Jezus elk moment terug kan komen,
dan is het leven op deze oude wereld relatief,
en ga je daar niet meer volledig in op.

3. Waar blijft Jezus?
dia 9 – waar blijft Jezus?
De verwachting dat Jezus snel terugkomt, is levensveranderend.
Maar komt Jezus snel terug?
Het staat er zo mooi, ‘ik kom spoedig’…
Maar waar blijft Jezus?
Tenzij er in de komende 4 uren nog wat gebeurt,
gaat 2017 de geschiedenisboeken in
als het jaar waarin Jezus nog steeds niet is teruggekomen…
Had Jezus niet beter kunnen zeggen:
‘ik kom, maar reken er maar op dat het nog wel even duurt!’

dia 10 – 1. Gods tijd is anders dan de onze
Daarover 2 dingen.
Het eerste: God kijkt anders naar de tijd dan wij.
In 2 Petrus 3 gaat Petrus op die vraag in:
‘waar blijft Jezus nu? Hij had toch beloofd te komen?’
Het antwoord lees je in vers 8 en 9:
‘één ding mag u niet over het hoofd zien, geliefde broeders en zusters:
voor de Heer is één dag als duizend jaar en duizend jaar als één dag.
De Heer is niet traag met het nakomen van zijn belofte, zoals sommigen menen;
hij heeft alleen maar geduld met u,
omdat hij wil dat iedereen tot inkeer komt en niemand verloren gaat.’
Nee, ik begrijp er niets van waarom Jezus nog niet terug is gekomen.
Vanaf de aarde gezien duurt het al een eeuwigheid.
Maar in Openbaring krijg je steeds het hemelse perspectief,
en God kijkt nu eenmaal anders naar de tijd dan wij.

Het gebeurt in de bijbel trouwens veel vaker:
dat mensen moeten wachten en er al bijna niet meer in geloven.
Neem bijvoorbeeld Abraham.
God had beloofd dat hij en Sara een kind zouden krijgen,
maar er gebeurt niks, en ondertussen is Sara al veel te oud om kinderen te krijgen.
Ze geloven niets meer van Gods belofte,
en Abraham rommelt aan met Hagar, Sara’s slavin,
om toch nog nageslacht te krijgen.
Het wachten duurde lang, voor het gevoel van Abraham en Sara té lang,
maar God heeft zijn belofte wel degelijk waar gemaakt:
Sara kreeg, ondanks haar hoge leeftijd, een zoon: Isaak.

dia 11 – 2. vergeet niet waar het echt om gaat!
Het tweede: vergeet niet waar het echt om gaat –
of de terugkomst van Jezus voor jou realiteit is.
Je kunt je helemaal verliezen in die vraag: ‘waar blijft Jezus nou’,
maar dat is niet de vraag waar het om gaat!
Je kunt er hele theorieën omheen bouwen, los gaan op allerlei speculaties,
maar het blijven redeneringen op een veilige afstand van jezelf.
De grote vraag is: geloof jij dát Jezus terugkomt,
en dat het elk moment zo ver kan zijn?
Ga je aan Gods tijd rekenen, of reken je erop dat Jezus komt?

4. Wees een pelgrim!
dia 12 – wees een pelgrim
Ga vol verwachting 2018 in.
Reken erop dat Jezus elk moment kan komen, en leef daarnaar!
Ga daarom 2018 in als een pelgrim.
Ja, een pelgrim…
Katholieken hebben wat meer met pelgrimages dan protestanten,
want protestanten hebben nu eenmaal niets met heilige plaatsen.
Maar katholieken hebben niet het alleenrecht op pelgrimages:
Psalm 122 is ook al een pelgrimslied.
Dus: wees een pelgrim.

dia 13 – jabikspaad + pelgrim
Pelgrims zijn op reis.
Ze beginnen bijvoorbeeld in St. Jacobiparochie,
om het Jabikspaad via Franeker naar Hasselt te lopen.
Vanuit Hasselt kun je zelfs doorlopen tot Santiago de Compostella in Noord Spanje,
de bekendste bedevaartplaats in Europa.
Pelgrims zijn altijd in beweging.
Ze overnachten in een herberg of zetten een tent op, en trekken weer verder.
Want ze zijn op weg naar een einddoel, dáár gaat het om.
Tegelijk is de reis zelf ook belangrijk.
Anders waren ze wel op het vliegtuig gestapt…
Lopen of fietsen, bepakt met een zware rugzak,
is niet de snelste manier om op je bestemming te komen.
Maar de route doet er ook toe.
Onderweg ontmoet je mensen.
Onderweg heb je alle tijd om na te denken.
Onderweg leer je van weinig middelen te leven.

dia 14 – maak van de reis niet je bestemming!
Ga 2018 als zo’n pelgrim in.
Als iemand die op reis is, op weg naar de bestemming.
Leef niet alsof deze wereld de bestemming is.
Wat kan ik druk zijn met al mijn plannen!
Dan vergeet ik weer dat ik een pelgrim ben.
Leven als pelgrim betekent: ga niet in die plannen op.
Je bent een reiziger, die leeft in een tent, een tijdelijk huis,
niet in een villa die tot in lengte van dagen moet blijven staan.
Ga niet op in alles wat het leven te bieden heeft.
Het is prima om met de toekomst bezig te zijn,
te bedenken wat jij in 2018 wilt gaan doen,
de reis doet er ook toe,
maar maak van de reis niet je bestemming.

Want Jezus zegt: ‘ja, ik kom spoedig.’
Ga met die verwachting 2018 in.
‘Amen, kom, Heer Jezus!’
Zeg jij het mee?
Amen.




Lucas 2:10 | Kerst: nooit meer bang!

‘Wees niet bang,’ zegt de engel tegen de herders. Niet zo gek: God is een God om bang van te worden. Maar dat wil hij niet. Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapenende baby. Wat een wonder!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Vooraf: orgelmuziek
Zingen: Opwekking 525 : 1 en 3
LvK Gezang 139 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 138 : 1, 2, 3 en 4 (1 en 4 samenzang, 2 en 3 door KR)
Filmpje: toen & nu
Zingen: Knoop het even in je oren
Ga je mee op zoek naar het koningskind
Gebed
Lezen: Lucas 2 : 1 – 20 (NBV)
Luisterlied: Mary did you know
Preek
Zingen: Opwekking 527
LvK Gezang 141 : 1 en 3
Filmpje: kerstpraatjes
Zingen: Stille nacht, heilige nacht (LvK 143 : 1, 2 en 3)
In een stalletje
Gebed
Mededelingen
Collecte met luisterlied
Zingen: LvK Gezang 135 : 1 en 3
Zegen
Zingen: Wonderbare raadsman
Ik wens jou

Kerst: nooit meer bang!

Inleiding
dia 1 – zwart
(Pan met knuffelslang neerzetten)
Zo, jullie zijn vast benieuwd naar wat hier in zit.
Ik zal het maar verklappen: ik heb een slang meegenomen.
Ik hoop dat er niemand bang voor slangen is…
Zijn hier ook van die echte helden die een slang wel durven te aaien?

Laten we eens kijken of mijn slang uit de pan wil komen.
(slang laten zien)
Dit is hem dus: mijn slang!
Voor deze slang is niemand bang, iedereen durft deze slang te aaien.
Je kunt er mee knuffelen, maar je kunt hem ook als sjaal om je nek doen.

Ik heb deze slang lang geleden gekregen omdat ik bang was voor slangen.
Vooral ’s avonds: ik was bang dat er een slang onder mijn bed zou liggen.
Totdat ik deze slang kreeg.
Deze slang mocht onder mijn bed, en ik was niet meer bang voor slangen,
want er lag al een andere slang onder mijn bed.
Ik kon weer lekker slapen.

dia 2 – bang
Waar ben jij bang voor, of waar was je bang voor?
Wie durft het te vertellen?

Je kunt voor heel verschillende dingen bang zijn.
Je kunt bang zijn voor slangen, of voor spinnen, of je hebt hoogtevrees.
Het kan ook dieper gaan:
dat je bang bent voor de toekomst, bang om er alleen voor te staan.
Maar het kan nóg dieper: dat je bang bent voor God.

dia 3 – Kerst: nooit meer bang
Daar gaat het vanmorgen over.
De engel zegt tegen de herders, Lucas 2:10:
‘jullie hoeven niet bang te zijn, want ik breng jullie goed nieuws.
Het hele volk zal daar blij mee zijn.’
Vandaag vieren we het kerstfeest met als thema: nooit meer bang!

1. Bang voor God?
dia 4 – kampvuur
Het is een nacht als alle andere.
Even buiten Bethlehem brandt een groot kampvuur.
Het is van een groepje herders.
’s Middags, toen ze met de schapen op pad waren,
hadden ze hout verzameld voor het vuur.
Zo deden ze dat altijd, want vuur houdt je lekker warm
en zorgt ervoor dat de wilde dieren weg blijven.

Om de beurt mogen ze even slapen.
Een van de herders staat op wacht:
hij houdt in de gaten of alles goed gaat met de schapen.
De anderen liggen dicht bij het vuur
en hebben hun jassen als dekens over zich heen getrokken.

dia 5 – engel
Maar opeens staat er een engel.
De herder op wacht wil de anderen nog waarschuwen,
maar het heeft geen zin: ze zijn al wakker.
Ze schrikken zich rot en zijn bang!
Dat lijkt me niet zo gek!
De herders worden wakker van het felle licht,
en dat is een heel vervelende manier om wakker te worden.
Een paar jaar geleden lag ik ’s nachts heerlijk te slapen,
tot Hanneke per ongeluk het grote licht aandeed.
Ik was direct klaarwakker.
Maar dat is nog niet alles: in het licht zien de herders een engel!
Eerst denken ze dat het een droom is,
maar nee: er staat echt een engel.
Daar zou ik ook bang van worden!

De herders zijn bang voor de engel – da’s logisch!
Maar ze zijn niet alleen bang voor de engel.
Ze zijn ook bang voor God.
Het is niet zomaar een felle lamp die de herders wakker maakt:
het is het stralende licht van God!
De herders weten: ‘God is hier’, en daarom zijn ze zo bang.
Misschien vind je dat gek.
Waarom zou je bang zijn voor God?
God wil toch niet dat je bang voor hem bent?

dia 6 – zondeval
Nee: God vindt dat afschuwelijk!
Toch staat de bijbel vol met mensen die bang voor God zijn.
De allereerste mensen al, Adam en Eva.
In het begin waren ze helemaal niet bang:
ze vonden het juist fijn om bij God te zijn, daar genoten ze van.
Tot die ene dag…
Adam en Eva aten van de boom waarvan God had gezegd:
‘van deze boom mag je niet eten.’
Vanaf dat moment zijn Adam en Eva bang.
Ze weten dat ze iets verkeerds hebben gedaan,
en durven God niet meer te ontmoeten.
Als God ’s avonds naar hen op zoek gaat,
verstoppen ze zich voor God.
Zo bang zijn ze.

Dat gaat niet alleen over Adam en Eva:
het gaat ook over de herders, en over jou, en over mij.
God is, met een moeilijk woord, ‘heilig’.
Dat betekent dat God groot is, en goed, maar ook dat hij zonde haat.
Daarom zijn de herders bang voor God:
ze weten dat God te heilig is om te ontmoeten.
Het liefst zouden ze zich verstoppen.

2. Nooit meer bang
dia 7 – engel 2
Maar ja, waar moeten ze zich verstoppen?
Achter de schapen?!
Voor zo’n engel kun je je toch helemaal niet verstoppen?
Dat hoeft ook niet!
De engel zegt: ‘jullie hoeven niet bang te zijn.
Niet voor mij, ik doe jullie niets,
maar ook niet voor God: hij wil juist iets moois aan jullie vertellen.’

Weet je trouwens welke opdracht het vaakst in de bijbel staat?
‘Wees niet bang.’
God blijft het maar zeggen, en toch blijven mensen bang voor God.
De herders ook.
Die engel kan dat nou wel zeggen,
dat ze echt niet bang hoeven te zijn,
maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan…
Maar de engel gaat verder.
Hij vertelt de herders dat Jezus geboren is
en hoe ze Jezus kunnen vinden.

dia 8 – herders
Daar gaan de herders.
Ze laten de schapen achter, daar moet God maar even voor zorgen,
en ze gaan op zoek naar Jezus.
Wanneer ze Jezus gevonden hebben,
vergeten ze helemaal hoe bang ze waren.

Wie heeft er wel eens een baby vastgehouden?
Was je er bang voor?
Nee, voor baby’s hoef je niet bang te zijn.
Baby’s kunnen nog helemaal niks.
De herders worden er helemaal blij van.
‘Mag ik hem even vasthouden?’, vraagt een van de herders aan mama Maria.
Het mag.
De herder pakt Jezus uit zijn bedje, de voerbak, en knuffelt hem voorzichtig.
Baby Jezus wordt er helemaal rustig van, en de herder ook.
Met zijn kleine vingertjes prikt Jezus in de baard van de herder,
ze voelen zich bij elkaar helemaal op hun gemak.

Wat hier gebeurt is heel bijzonder!
Dit is niet zomaar een baby, dit is Jezus, de zoon van God.
God, waar de herders zo bang voor waren.
Maar voor een baby kun je gewoon niet bang zijn.
Een baby is ontwapenend.
Zó komt God naar ons toe.
Hij wordt een baby, zodat je gewoon niet meer bang voor hem kúnt zijn!
Want God wil niet dat we bang van hem worden!

En deze baby gaat ervoor zorgen
dat er geen enkele reden meer is om bang voor God te zijn.
De engel noemt Jezus de redder:
deze baby gaat alles tussen God en mensen goed maken,
zodat je je nooit meer voor God wilt verstoppen,
maar juist graag bij hem wilt zijn!

De herder heeft Jezus nog steeds in zijn armen.
Jezus is in slaap gevallen.
De herder aait het kleine hoofdje.
Hij kijkt nog eens goed.
‘Niet te geloven,’ denkt hij, ‘is deze baby de redder?!’
Niets wijst erop dat dit onschuldige, slapende mensje de Zoon van God is.
Maar de herders hebben Gods licht gezien, daarom geloven ze het.
Daarom zullen ze nooit meer bang zijn voor God.

3. Geef Jezus je angst
dia 9 – herders 2
Ook jij hoeft nooit meer bang te zijn.
Misschien ken je het liedje van Guus Meeuwis wel:
‘geef mij nu je angst, ik geef je er hoop voor terug,
geef mij nu de nacht, ik geef je de morgen terug.’
Dat zingt Jezus voor jou: ‘geef mij maar je angst.’

God wil niet dat je bang voor hem bent.
God heeft er genoeg van dat we bang voor hem zijn –
dat is de boodschap van kerst.
God doet alles zodat jij niet bang meer hoeft te zijn!
Ook niet als je weer iets stoms doet.
Als je je weer eens voor jezelf schaamt,
en je je het liefst voor God wilt verstoppen.
Het hoeft niet: geef Jezus je angst!
Denk aan die kleine baby in de armen van de herder:
voor God hoef je niet bang te zijn.

Maar daar hoort nog wel wat bij:
laat het een wonder blijven dat je niet bang hoeft te zijn!
Het is niet normaal dat God van je houdt, dat is een groot wonder!
God is geen lieve knuffelbeer, die alles wat jij doet prima vindt.
Nee: God is heilig, een God om bang van te worden!
Toch wil deze God bij jou zijn.
Wil hij dat je van hem geniet, in plaats van bang voor hem bent.
Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapende baby.
Geef Jézus je angst.

Dat is kerst.
Je hoeft nooit meer bang te zijn.
Wat een wonder!
Amen.




Openbaring 21:2-3 | De hemel op aarde

Een nieuwe hemel en nieuwe aarde? Heb jij er zin in? Of mag het nog wel even wachten? Het nieuwe is onbekend, en daarom kun je een afwachtende houding aannemen. Johannes ziet hoe het zal worden, zodat wij er ook zin in kunnen krijgen.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Welkom
Adventskaars
Zingen: ‘Wijs mij de weg naar Bethlehem’ (Sela)
Votum en groet
Zingen: LvK Psalm 87 : 1, 3 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 26 : 1 en 3
Lezen: Openbaring 21:1 – 22:5
Zingen: LvK Gezang 28 : 1, 2 en 4
Preek over Openbaring 21 : 2 – 3
Zingen: Opwekking 520
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Zingen: Psalmen voor Nu 16
Viering avondmaal
Zingen: GKB Psalm 36 : 2
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: LvK Gezang 288 : 1, 5 en 7
Zegen

De hemel op aarde

Inleiding
dia 1 – botsauto’s
Ik zal een jaar of 10 zijn geweest.
We hadden een familiedag in attractiepark Drouwenerzand.
Het was er toen allemaal wat eenvoudiger dan tegenwoordig,
maar ik vermaakte me er uitstekend!
Glijbanen, draaimolens, en als hoogtepunt: de botsauto’s.
Als ik dan ook nog wat ooms zo gek kreeg om mee te doen
was het feest helemaal compleet.

dia 2 – kabelbaan
Maar bij een attractie bleef ik weg: de kabelbaan.
Nee, niet zo’n kabelbaanwaar je een aanloopje moet nemen
en dan op een wankel zitje springen
en hopen dat je er onderweg niet vanaf kukelt…
Bij deze kabelbaan moest je met een trap omhoog om bij er te komen,
je zat op een fatsoenlijke stoel, volgens mij zelfs in een kleine cabine,
en zodra je met een muntje had betaald
kwam het stoeltje in beweging voor een rit langs de boomtoppen.

Dan moet je net mij hebben.
Voor geen goud dat ik daar in zou stappen.
Mijn zusje wel, de waaghals!
De hele dag zeurde mijn familie aan mijn kop:
‘wil je niet ook eens de kabelbaan proberen?’
Neuj, echt niet!
Zo zei ik dat natuurlijk niet.
Ik zal wel een smoesje bedacht hebben,
maar uiteindelijk was ik er gewoon te bang voor.
Stel je voor dat je neerstort…

Toen we bijna weggingen, werd het gezeur alleen nog maar meer.
‘Kom op Mark, één keer.’
Ik heb mij over mijzelf heengezet en ben gegaan.
En nog een keer, en nog een keer.
Wauw, wat was dat gaaf!
En toen moesten we alweer naar huis.
Ik had de hele dag erin kunnen zitten,
maar ik had zitten miepen dat ik niet durfde…
Wat had ik er spijt van dat ik die kabelbaan niet eerder had ontdekt!

Misschien zijn jullie niet zo bang aangelegd als ik.
Dat is al snel zo, kan ik je vertellen…
Maar toch: je hebt allemaal wel van die dingen die nieuw zijn,
waar je absoluut geen zin hebt,
en achteraf blijkt het fantastisch en wil je niets anders meer.

dia 3 – de hemel op aarde
Ik denk dat het met die nieuwe hemel en aarde ook zo is.
We hebben een schitterend visioen gelezen,
maar ik hoor niet vaak: ‘o, wat heb ik daar toch zin in!’
Nee, het mag nog wel even duren…
In deze preek wil ik je iets van de toekomst laten zien,
met als thema: ‘de hemel op aarde’,
en ik hoop dat het je helpt om er zin in te krijgen!
Want wat is het mooi, Openbaring 21:2-3:
‘Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.
Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwacht.
Ik hoorde een luide stem vanaf de troon, die uitriep:
“Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.
Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn.”’

1. Wat komt ervoor terug?
dia 4 – Openbaring 20: God doet het kwaad weg
Net als vorige week eerst een korte terugblik.
Vorige week lazen we Openbaring 20.
Een pittig hoofdstuk maar waar het om gaat:
God maakt definitief een einde aan het kwaad.
Het is een grote opruiming op de aarde: God doet al het kwaad weg.
Ik heb afgelopen week mijn boekenkast opgeruimd:
alle boeken die ik nooit gebruik gaan weg.
Zo doet God met het kwaad, en het komt nooit meer terug!

dia 5 – wat komt in plaats van het kwaad?
Maar wat dan wel?
Als al het kwaad weg is, wat komt ervoor in de plaats?
Mijn boekenkast zal zich wel weer vullen met nieuwe boeken.
Maar wat komt nu in plaats van het kwaad?
In de adventstijd gaat het om verwachten, maar wát verwacht je eigenlijk?

In Openbaring 20 is het nog oorlog.
Er wordt heftig gevochten, steden worden belegerd,
dag en nacht hoor je kanonnen bulderen.
In Openbaring 21 zijn de kruitdampen opgetrokken.
Dan kom je in een heel andere wereld: er kan gebouwd worden.
Hoe moet de wereld er nu uit gaan zien?

Wat je terugkrijgt is niet automatisch beter.
Ik denk dat over het geheel genomen,
Nederland na de 2e Wereldoorlog mooier is geworden,
maar wat hebben we in die tijd ook lelijke blokkendozen gebouwd!
Het kan ook heel anders.
Met gejuich wordt een dictator verdreven,
maar even later regeert de volgende dictator met harde hand.
Je kunt het kwaad wel opruimen, maar wat krijg je ervoor terug?
Dáárover gaat het visioen van vandaag.

dia 6 – ‘we moeten het nog maar zien’
Maar misschien maakt die vraag, ‘wat krijg je ervoor terug’,
ook wel dat we niet overlopen van enthousiasme.
Dat ‘zin’ wel een erg groot woord is,
we nemen liever een afwachtende houding aan,
en eigenlijk mag het ook nog wel even duren.
Want wat je hebt, dat ken je, en wat komt, dat is altijd afwachten.
Daarom zat ik de hele dag in de botsautootjes,
en liet ik die kabelbaan graag aan mij voorbij gaan.
Ik las ergens over een predikant die de gemeente had gevraagd
wie echt zin had in de terugkomst van Jezus.
Hij had net zo goed kunnen vragen wie er na de kerkdienst
nog even wilde helpen met de afwas:
daar waren meer vingers omhoog gegaan…

De nieuwe hemel en de nieuwe aarde, het is onbekend, het is zo ongrijpbaar.
Deze wereld kennen we, en wat ervoor terugkomt, dat moeten we nog maar zien.
Zo gaat dat met nieuwe dingen.
Nieuwe dingen kunnen heel eng zijn, bedreigend.
Wij mensen, houden van vastigheid.
Ik denk dat zelfs mensen die altijd op zoek zijn naar iets nieuws
op een of andere manier tradities hebben, dingen die altijd hetzelfde blijven.
Zo zitten we nu eenmaal in elkaar: dat geeft ons een beetje zekerheid.
Wat komt daar voor terug?

2. De hemel op aarde
dia 7 – audiotour
Johannes krijgt het in een visioen te zien en deelt het met ons!
Hij krijgt een rondleiding in de hemel op aarde.
Misschien heb je in een museum wel eens een audiotour gedaan.
Je krijgt een koptelefoon op,
en hoort via de koptelefoon aanwijzingen hoe je moet lopen
en informatie over wat je nu eigenlijk ziet.
Zoiets overkomt Johannes,
alleen dan niet met een koptelefoon, maar een engel die hem rondleidt
in wat er voor die oude vertrouwde wereld in de plaats komt.
Met Johannes mogen wij ontdekken hoe het zal zijn.
Zodat wij er ook zin in kunnen krijgen!

dia 8 – aards: de toekomst is op een nieuwe aarde
Het eerste wat opvalt is hoe aards het er allemaal uitziet.
Het clichébeeld van de toekomst is niet zo aantrekkelijk…
Samen met de engelen hang je rond op wattige wolken,
je zingt mierzoete liedjes, en verder is er weinig te doen: het is er een tikje saai.

dia 9 – afmetingen
Johannes ziet iets heel anders:
‘ik zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.’
Het is niet zomaar een stadje:
het is 12.000 bij 12.000 stadie groot, dat is 2300 bij 2300 kilometer!
Om even een indruk te geven:
dat is van Franeker naar Sint Petersburg in Rusland,
dan door naar Istanboel in Turkije,
om via Madrid weer terug te gaan naar Franeker.
Dan heb je ongeveer een rondje om die stad gereden.
Echt een gigantische stad dus, het vult de wereld.
Wat een gezicht moet dat zijn als die stad uit de hemel komt!
Eerst een klein stipje, maar het wordt groter en groter,
totdat zo ver je kijken kunt, alles stad is.
Wij gaan dus niet omhoog, voor een plekje op de wolken,
onze woonplaats komt juist omlaag, naar de aarde!

dia 10 – afbeelding weg
Het is een nieuwe aarde,
waar je aan de ene kant vertrouwde dingen ziet,
maar waar het aan de andere kant compleet anders is.
God pakt het grondig aan.
Niet een likje verf hier en een nieuw bloemetje daar,
om het weer zo mooi te maken als het ooit was:
nee, het is een grondige verbouwing, waar niets blijft zoals het was,
maar het tegelijk wel de aarde blijft.

dia 11 – jaspis
De gebouwen bijvoorbeeld.
In Franeker vind ik het oude stadhuis al indrukwekkend, of de oude stinsen.
Het Paleis op de Dam in Amsterdam doet daar nog een schepje bovenop:
als je daar rondloopt, misschien met zo’n audiotour,
komen de dure materialen je overal tegemoet.
Maar bij het nieuwe Jeruzalem valt het in het niet!
Een stadsmuur om die gigantische stad van ‘jaspis’,
een steen die je normaal in sieraden gebruikt.
De straten van zuiver goud: er is nergens op bespaard.

dia 12 – afbeelding weg
Of neem de natuur.
In Friesland is heel wat water, maar er is weinig in te zien: veel te troebel.
Door het nieuwe Jeruzalem stroomt een glasheldere rivier.
En die bomen: fruitbomen kennen we.
Maar bomen waar elke maand weer vruchten aan hangen?!
In nieuw Jeruzalem is altijd vers fruit!
En elke maand is het weer anders!
Geen appelboom die niets anders geeft dan appels.
De ene maand appels, de andere maand ananas,
en weer een andere mand een totaal andere vrucht, maar lekker!

Vergeet ook alsjeblieft dat luieren op de wolken.
Je hoeft je in het nieuwe Jeruzalem niet te vervelen.
We zullen als koningen ‘heersen’.
Dat woord komt uit het begin van de bijbel.
Het is de opdracht die God aan de eerste mens geeft: heers!
Zorg voor de natuur, laat elkaar genieten van je talenten.
Het is geen luilekkerland, wat best leuk is voor een maandje,
maar waar de eeuwigheid toch wel wat lang voor is…
Er is werk aan de winkel!

dia 13 – hemels: God woont bij ons
Dat is de aardse kant.
Er is ook een andere kant: de hemelse.
De hemel komt op aarde.
Dat lees je in het hele hoofdstuk.
Vers 3: ‘Gods woonplaats is onder de mensen.’
Vers 11: ‘de stad schitterde door Gods luister.’
Vers 22: ‘God is haar tempel.’
Vers 23: ‘over haar schijnt Gods luister, en het lam is haar licht.’
Hoofdstuk 22 vers 3: ‘de troon van God en van het lam zal daar in de stad staan.’
En vers 5: ‘God, de Heer, zal hun licht zijn.’

Dit is nog wel het mooiste van alles,
en hét grote verschil met de oude wereld: God woont er!
Prediker zegt in Prediker 5: ‘God is in de hemel en jij bent op aarde.’
Maar dan niet meer: de hemel komt op aarde,
God komt op aarde wonen, de hemel en de aarde schuiven in elkaar.
Daar is het echt ‘God met ons’: Immanuël!
Jezus was al op aarde, woonde tussen de mensen,
stelde zich aan het gewone leven bloot.
Hij deed het onopvallend, maakte zich klein – een baby in een voerbak.
Maar in nieuw Jeruzalem is het voor iedereen te zien: God met ons, Immanuël!
Dat is ook direct het antwoord op die vraag:
nu God al het kwaad heeft opgeruimd, wat komt er voor terug?
God zelf!

dia 14 – kubus
Opvallend is dat Johannes geen tempel ziet.
In dit visioen komen allerlei profetieën uit het Oude Testament terug,
waaronder Ezechiël 40-48.
Ezechiël krijgt ook een visioen over Jeruzalem.
Maar bij Ezechiël heeft de tempel een heel belangrijke plaats: daar woont God!
In nieuw Jeruzalem is geen tempel, dat is niet meer nodig.
God laat zich niet meer in een tempel opsluiten,
er is gewoon geen plekje meer waar God niet is!
Misschien daarom ook de eigenaardige vorm van die stad.
De oppervlakte is niet alleen 2300 bij 2300 kilometer,
hij is ook 2300 kilometer hoog!
Een kubus, net zoals het allerheiligste van de oude tempel.
Ik denk dat die maten symbolisch zijn: God woont op de hele aarde.

dia 15 – afbeelding weg
Met nieuw Jeruzalem is het als met die kabelbaan:
als je eenmaal door de nieuwe aarde gegrepen bent,
wil je nooit meer terug naar de oude.
Dat profeteert Jesaja al, ver voor Jezus.
Jesaja 65: ‘ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
Wat er vroeger was raakt in vergetelheid,
het komt niemand ooit nog voor de geest.
Er zal alleen maar blijdschap zijn en groot gejuich om wat ik schep.’
Als ik dit hoor, dan krijg ik er zin in!

3. God als middelpunt
dia 16 – God als middelpunt
Was het maar alvast zover…
Maar niemand weet wanneer het zo ver is.
Ook dat is advent: wachten.
Maar het is geen afwachten, niet: ‘we zullen wel zien…’
Het is wachten met God als middelpunt.

dia 17 – zet God nu al centraal in je leven
Want als in nieuw Jeruzalem alles om God draait,
begin daar dan vandaag al mee!
Nee, wij kunnen die stad niet bouwen: die komt uit de hemel.
Maar we kunnen wel leven als burgers van nieuw Jeruzalem.
Wij kunnen er niet voor zorgen dat het in heel de wereld om God draait,
wel kun je God in het midden van je eigen leven zetten.

Hoe zou dat eruit zien? God als middelpunt?
Kijk dan maar naar Jezus.
De baby in de voerbak, zonder enig aanzien.
De uitgehongerde man die in de woestijn Satan weerstaat.
De rondtrekkende rabbi, met oog voor de minsten.
De biddende strijder:
‘laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.’
De gekruisigde, die het kwaad overwint door het goede.
Hoe ziet jouw leven eruit als je God centraal stelt?
En dan niet even op een zondagmorgen, maar dat je leeft vanuit het besef:
ik leef niet voor mijzelf, ik leef voor God!
Moet je daar niet aan denken, ga je liever je eigen gang,
dan moet je je afvragen: ‘is die nieuwe hemel en aarde wel iets voor mij.’
Want daar is het overal God!

dia 18 – krijg er zin in
We hebben er wat van gezien,
en ik hoop dat het je afhelpt van het ‘onbekend maakt onbemind.’
De toekomst ziet er prachtig uit!
Wat Johannes ziet is onbeschrijflijk mooi –
hij geeft er woorden aan, maar het is niet in woorden te vatten.
Nieuw Jeruzalem zit vol verrassingen en ontdekkingen, genoeg voor de eeuwigheid.
Laat die afwachtende houding toch los.
Bij mij begint het in ieder geval te kriebelen: ik krijg er zin in!

dia 19 – bruiloft van het lam
Vier zó vandaag ook het avondmaal.
Als je straks het brood eet en de wijn drinkt,
laat het je zintuigen prikkelen, je verlangen naar die nieuwe wereld.
Het is een voorproefje van het feestbanket
waar God de tafels in nieuw Jeruzalem al voor dekt.
Besef: wij zijn niet van hier,
wij leven voor de hemel op aarde.
Amen.