NGB Artikel 7 | Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

De bijbel is een oud boek. Hoe kun je de bijbel vandaag toepassen? Dat is het werk van de Geest: zonder hem is de bijbel een dode letter, met hem hoor je Gods stem voor vandaag. Deze preek is 3e in een serie van 3 over de bijbel.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Psalm 19 : 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 687
Gebed
Lezen: Nehemia 7:72b – 8:12, Lucas 24 : 13 – 35 en NGB Artikel 7
Zingen: GKB Gezang 118 : 2 en 3
Preek
Zingen: GKB Psalm 25 : 2, 4 en 7
Geloofsbelijdenis
Zingen: Opwekking 461
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Gezang 481 : 1, 2 en 4
Zegen

Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

Introductie voor lezing
Even het geheugen opfrissen.
Vanmiddag is de laatste leerdienst over de bijbel.
2 Weken geleden zijn we begonnen met de vraag: waar leer je God kennen?
We hebben het toen gehad over de schepping en Gods Woord.
Vorige week gingen we verder: waarom zou je de bijbel serieus nemen?
De bijbel presenteert zichzelf als meer dan een menselijk boek.
Natuurlijk blijft dat een kwestie van geloof,
maar er zijn wel degelijk argumenten te geven
voor dat de bijbel is wat het zegt dat het is.

En dan komen we bij het thema van vandaag:
wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?
Kijk, als de conclusie van vorige week was geweest
dat de bijbel een aardig boek is, maar geen boek van God,
dan zouden we die vraag helemaal niet hoeven te stellen.
Maar juist als je zegt dat de bijbel gezag heeft,
dan moet je ook wat met wat de bijbel zegt.
Of het je nu aanstaat of niet.

2 Weken geleden zei ik al dat een van de aanleidingen voor deze serie
de discussie is over vrouwelijke ambtsdragers in de kerk.
Als je de bijbel toch al geen gezag toekent,
dan is dat helemaal niet zo’n ingewikkelde vraag:
natuurlijk mogen vrouwen ambtsdrager zijn, dat snapt toch iedereen?!
Maar als je de bijbel serieus wilt nemen,
dan loop je aan tegen teksten van Paulus waarin hij onder andere schrijft
dat het een vrouw niet is vergund te spreken in de gemeente
Wat moet je daar dan mee?

Daarover gaat het vandaag.
Nee, niet over vrouw en ambt.
Die vraag laat ik bewust liggen.
Wel over de achterliggende vraag:
hoe kun je wat in de bijbel staat naar vandaag vertalen?

We gaan nu eerst lezen:
Nehemia 7 : 72b – 8 : 12, over een hernieuwde kennismaking met Gods Woord,
Lucas 24 : 13 – 35 over wat er gebeurt als Jezus de bijbel uitlegt
en Artikel 7 uit de NGB, over de duidelijkheid van de bijbel.

Inleiding
dia 1 – camera
Laatst kwam ik deze tegen: mijn oude fotocamera.
Deze camera kocht ik toen ik 15 was.
Een jaar lang heb ik al mijn inkomsten opzij gelegd
om deze camera te kunnen kopen.
Wat was ik er blij mee!

Laatst kwam ik hem weer tegen.
Verstopt achterin een kast.
Al jaren niet meer aangeraakt.
Dus enigszins weemoedig, dat wel, heb ik hem maar op marktplaats gezet.
Ik heb 1 bieding gekregen: 20 euro. Inclusief verzending.
Dat vond ik te weinig.
Zoals jullie zien: ik heb hem nog altijd niet verkocht.

Maar waarom niet?
Wat is er mis met deze camera?
Nou, heel simpel: hij is analoog.
Je stopt er een fotorolletje in, van 24 of 36 foto’s,
is het rolletje vol, dan stop je hem in een donker kokertje,
breng je hem naar Kruidvat om te laten ontwikkelen,
en een week later zie je eindelijk hoe je foto’s geworden zijn.
Ik heb deze camera op het verkeerde moment gekocht:
net voor de opkomst van de digitale fotografie.
Dat maakt deze camera waardeloos.
Leuk voor de nostalgische waarde, leuk voor excentrieke hobbyisten,
maar niet meer geschikt voor gewoon gebruik.
Zo snel kan het gaan…

dia 2 – zwart
Nu is deze camera nog maar 15 jaar oud.
Ga je verder terug in de tijd, dan wordt het alleen maar erger.
Wie gebruikt er nou nog een autotelefoon?
Nee, geen carkit, maar een heuse telefoon aan boord.
Wie doet de was nou nog met een wasbord?
Wie laat zich nou opereren door een arts die een handboek uit 1512 gebruikt?
Precies: helemaal niemand!

dia 3 – Woord en Geest: wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?
Maar de bijbel is nog veel ouder!
Hoe kun je de bijbel vandaag serieus nemen?
Daar gaat het vanmiddag om: wat moet je toch met de bijbel?
Dan kom je uit bij het werk van de Geest,
want door Geest is de bijbel geen dode letter.
Daarom is het thema:
Woord en Geest – wat heeft de bijbel vandaag te zeggen?

1. Een verouderd boek?
dia 4 – de bijbel: interessant maar onbruikbaar?
De bijbel is een oud boek.
Het laatste bijbelboek is nog voor het jaar 100 geschreven.
Is de bijbel niet gewoon een verouderd boek?
Boeiend voor wie in geschiedenis geïnteresseerd is,
maar niet bruikbaar voor het dagelijks leven in de 21e eeuw.

Nu is het een beetje flauw om alleen maar op leeftijd af te gaan.
Iemand van 70 kan zich geestelijk nog 30 voelen,
en naar het schijnt blijven vooral mannen graag eeuwig kind.
De leeftijd van de bijbel zegt niet alles:
een oud boek kan wel degelijk verfrissend blijven.
Kijk dan liever naar de inhoud van de bijbel.

dia 5 – regels die ver van ons af staan
Maar of het daar beter van wordt?
Want wat staat er zoal in die bijbel?
Nou, bijvoorbeeld bouwvoorschriften:
‘als u een huis bouwt, moet u het dak voorzien van een balustrade.’
Nu gelden in Nederland uitgebreide woningbouwwetten,
maar voor zover ik weet is deze bepaling daar niet in opgenomen.
Nu is dit tenminste nog een regel waar niemand aanstoot aan zal nemen.
Maar wat met een regel als: ‘een oog voor een oog, een tand voor een tand’?
Dat komt op ons nogal ongeciviliseerd over.
Zo gaan we toch niet met elkaar om?
Sterker nog: in het Nederlands recht valt dat onder eigenmachtig optreden,
en daar kun je zelfs voor bestraft worden!
Of nog een graadje erger:
regels voor hoe om te gaan met buitgemaakte vrouwelijke krijgsgevangenen.
Maar die regels zouden wij al zien als grove schending van de mensenrechten.

Dat is het Oude Testament, maar het Nieuwe Testament kan er ook wat van.
Die regels over de plek van de vrouw in de gemeente bijvoorbeeld.
Maar ook over haar plek in het huwelijk – onderdanig aan haar man.
Die mannen mogen dan weer meerdere vrouwen hebben,
al moeten ambtsdragers het volgens 1 Timoteüs 3 bij 1 vrouw houden.

dia 6 – afstand van tijd en cultuur
Je kunt nog veel meer voorbeelden noemen.
Dat ga ik niet doen, ik wil graag een stapje verder zetten vandaag.
Maar laat duidelijk zijn dat er een enorme afstand zit tussen de bijbel en ons leven.
Een enorme tijdsafstand, van minstens 1900 jaar,
en misschien nog wel belangrijker: een gigantische culturele kloof.
Zoals wij het al moeilijk vinden om de cultuur van bijvoorbeeld asielzoekers te begrijpen,
zo is het nog veel moeilijker om de wereld van de bijbel echt te begrijpen.

2. Verhaal van God en mens
dia 7 – verhaal van God en mens
Tóch is de bijbel geen verouderd boek!
Met het opsommen van een paar vreemde regels
doe ik namelijk geen recht aan de bijbel.
De bijbel is geen regelboek,
in de bijbel lees je het verhaal van God en mens.

dia 8 – geen boek van regels, maar van gebeurtenissen
Neem een willekeurig religieus boek, en je zult vooral regels aantreffen.
Dat is wat veel mensen die niet met de bijbel bekend zijn
verwachten als ze de bijbel gaan lezen:
een boek vol wijze lessen, met advies voor het leven.
Maar zo’n boek is de bijbel niet!

De bijbel staat niet vol met regels,
maar met gebeurtenissen, met geschiedenis.
Het gaat over hoe God met mensen omgaat,
over hoe mensen op God reageren – en dat is meestal niet best –
over hoe God zich niet door mensen laat afschrikken,
over zijn reddingsplan voor de mensheid en de hele schepping.
Het gaat over wat God gedaan heeft, doet en gaat doen.
Oftewel: het verhaal van God en mensen.

dia 9 – niet wat wij doen, maar wat God doet
De bijbel gaat niet over wat wij allemaal moeten doen,
maar over hoe ver God voor ons gaat!
Daarom staat in artikel 7 ook dat we in de bijbel
alles leren wat nodig is om behouden te worden.
Met de woorden van Handelingen 4:
de bijbel vertelt dat we door niemand anders dan Jezus kunnen worden gered,
want zijn naam is de enige op aarde die redding biedt!

Dat is ook wat Kleopas en zijn vriend in Lucas 24 leren.
Jezus legt hen de bijbel uit, zonder dat zij weten dat het Jezus is.
Maar wat worden ze getroffen door wat Jezus zegt!
Jezus laat zien dat de hele bijbel over hem gaat.
Zelfs de wetten van Mozes,
waar de meesten van ons niet zo veel mee zullen kunnen,
zelfs die wetten gaan over Jezus!
In Nehemia 8 zie je daar ook iets van.
Als het volk weer kennismaakt met Gods Woord,
barsten ze in huilen uit: ze beseffen wat een potje ze ervan hebben gemaakt.
Maar ze worden opgeroepen feest te vieren:
als je Gods Woord gaat begrijpen is er allereerst reden tot dankbaarheid!

De bijbel is geen regelboek,
maar vertelt over Gods weg met mensen.
Juist daarom raakt de bijbel nooit verouderd.
In de bijbel leer je God kennen, en zijn Zoon, Jezus Christus.
Dat raakt nooit achterhaald!

dia 10 – er is wel een vertaalslag nodig
Ja, in de bijbel staan ook veel regels, maar dat is niet de kern.
Dat is belangrijk om bij allerlei discussies over regels te beseffen:
de kern is Jezus Christus, zijn kruis, zijn opstanding en zijn koninkrijk.
Want die regels zijn onderdeel van dat grotere verhaal van God en mens.
Die regels zijn geen tijdloos briefje uit de hemel
waarin God afkondigt hoe wij hebben te leven.
Steeds vertelt God in specifieke situaties, midden in het leven,
wat daar en dan zijn weg is.
Dat kun je niet rechtstreeks naar vandaag trekken:
die regels moeten altijd vertaald worden.
Dat is wat Jezus doet in Lucas 24.
Dat is wat de priesters doen in Nehemia 8:
zij geven uitleg bij de wet, omdat anders niemand er wat mee kan.
Steeds weer moet de bijbel vertaald worden
om te ontdekken hoe God vandaag tot je spreekt.

3. De vertaalslag
dia 11 – driehoek
Maar hoe doe je dat?
Hoe maak je die vertaalslag?

Een manier om dat een beetje inzichtelijk te maken,
dat zijn deze 2 driehoeken, een grote en een kleine.
Eerst de kleine driehoek.
Bovenaan staat tekst – de bijbeltekst dus.
Die tekst klinkt in een bepaalde situatie: de context.
In die context zijn er mensen die die tekst horen: de lezers.
De grote driehoek staat er omheen.
De bijbeltekst blijft altijd gelijk,
maar onze situatie is niet de situatie van de eerste lezers,
en daarom horen wij wat anders in de tekst.

Als je wilt weten wat een bijbeltekst jou vandaag te zeggen heeft,
begin dan altijd in die kleine driehoek.
Probeer informatie te vinden over de situatie van de eerste lezers.
Dan ga je ook begrijpen hoe een tekst bij hen overkwam.
Vervolgens ga je naar je eigen situatie,
en zoek je naar wat God in die nieuwe situatie tot je zegt.

Laat ik het met een voorbeeld duidelijk maken.
Ik noemde al die tekst dat mannen meerdere vrouwen mogen hebben,
behalve als ze ambtsdrager zijn.
Zou je die tekst 1 op 1 naar vandaag trekken,
dan zou de conclusie zijn: polygamie is toegestaan.
Maar laten we de driehoeken er eens op loslaten.
Dan is de eerste vraag: in welke situatie schrijft Paulus dit?
In die tijd was er nog geen gevestigde kerk,
en kwamen velen van buiten de kerk tot geloof.
Buiten de kerk was polygamie algemeen geaccepteerd.
Wat moet je dan als kerk wanneer een man met zijn vrouwen tot geloof komt?
Hem dwingen 1 vrouw te houden en de rest weg te sturen?
Dat zou niet eerlijk zijn naar die vrouwen,
die daarna geen leven meer zouden hebben.
Dus werden ze verwelkomd in de kerk.
Maar polygamie is nooit het ideaal geweest:
daarom die opdracht van Paulus dat ze geen ambtsdrager kunnen worden.

Onze situatie is heel anders.
In Nederland is polygamie verboden.
Een grote meerderheid in Nederland vindt polygamie ‘not done’.
In die situatie moeten we niet doen alsof Paulus polygamie goedkeurt:
Paulus heeft daar juist ernstige bezwaren tegen!
De boodschap voor ons is een heel andere.
Die moet je zoeken in toetreders tot de gemeente
die misschien een andere levensstijl hebben dan wat in de kerk gebruikelijk is.
Dan is de opdracht vandaag:
geef hen ruimte, zonder te zeggen dat alles maar moet kunnen.

dia 12 – tabel
Dat over de driehoeken.
Er is nog een hulpmiddel.
Je kunt de geschiedenis van God met mensen opdelen in bepaalde fasen.
Fase 1 is het leven in het paradijs,
fase 2 de opstand van mensen tegen God,
fase 3 Gods reddingsplan door Abraham en zijn nakomelingen, Israël,
fase 4 Gods reddingsplan door Jezus,
fase 5 de kerk sinds de Geest is uitgestort,
en fase 6 de komst van Gods nieuwe wereld.
Bij het toepassen van de bijbel maakt het nogal uit
over welke fase een bepaalde bijbeltekst gaat.
Wij leven in fase 5, die van de kerk,
dezelfde fase als die van de brieven in het Nieuwe Testament.
Die brieven mogen we rechtstreekser toepassen
dan wat God door de profeten in het Oude Testament zegt.

Bijvoorbeeld Jesaja 43, waar staat:
‘Jij bent zo kostbaar in mijn ogen,
zo waardevol, en ik houd zo veel van je.’
Een prachtige tekst!
Maar let op: doe niet alsof die tekst rechtstreeks over jou gaat!
Daar is een vertaalslag voor nodig.
God zegt het tegen Israël, niet tegen willekeurig alle mensen.
Houd je rekening met die verschillende fasen,
dan kun je zeggen dat God het uiteindelijk tegen zijn Zoon zegt.
En dáárom geldt het ook voor Jezus’ volgelingen.
Dus je mag die mooie woorden wel op jezelf toepassen,
maar besef wel dat dat alleen door Jezus Christus kan!

dia 13 – Shakespeare
Tom Wright zegt over die fasen:
je kunt ze vergelijken met een toneelstuk.
Stel, er wordt een verloren gewaand toneelstuk van Shakespeare gevonden.
Er is alleen een probleem:
van het laatste bedrijf is alleen het begin bewaard gebleven.
Wat als je het toneelstuk toch wilt uitvoeren?
Dan zul je moeten improviseren.
Dat betekent niet dat je het stuk elk willekeurig eind kunt geven.
Het einde moet recht doen aan Shakespeare en passen bij de vorige bedrijven.
Zo, zegt Wright, en ik vind dat sterk, is het met de bijbel ook.
Het verhaal van God met mensen gaat door.
Het is aan ons, geleid door de Geest,
om trouw te zijn aan het verhaal dat ons bekend is,
en op basis daarvan in onze eigen tijd te zoeken naar wat we moeten doen.

4. Doen we te moeilijk?
dia 14 – doen we te moeilijk?
Ik kan me voorstellen dat iemand denkt:
doen we zo niet veel te moeilijk?
Moeten we niet gewoon lezen wat er staat?
Volgens artikel 7 is de bijbel volkomen, volmaakt en volledig.
De bijbel is duidelijk!
Maken we het nu dan niet veel te moeilijk?

Dat de bijbel duidelijk is,
betekent nog niet dat je alles direct snapt,
en je je niet hoeft te verdiepen in wat er staat.
De bijbel bestaat nu eenmaal niet uit hapklare Twitterberichten.
Petrus zegt in 2 Petrus 3 dat de brieven van Paulus moeilijk te begrijpen zijn.

dia 15 – duidelijk: de bijbel is genoeg
Waar het om gaat als we als kerk zeggen dat de bijbel duidelijk is,
is dat we niet meer nodig hebben dan de bijbel.
De bijbel vertelt ons alles wat nodig is om God te kennen.
De achtergrond van dit artikel
is dat in die tijd gezegd werd dat je op grond van de bijbel alles kunt verdedigen.
‘Elke ketter heeft zijn letter.’
Daarom zou er meer nodig zijn dan de bijbel:
je zou God pas leren kennen als de kerk de bijbel uitlegt.
Dan zegt artikel 7: nee, de bijbel is genoeg!

Tegelijk is het een waarschuwing: ga steeds terug naar de bijbel.
‘We hebben het altijd zo gedaan’,
of ‘de dominee zegt het, dus dat geloof ik’,
dat zijn geen argumenten.
Of, eentje die we vandaag waarschijnlijk vaker tegenkomen:
‘mijn gevoel zegt…’
Dan zegt artikel 7: luister niet naar je gevoel,
luister naar wat God in de bijbel zegt.
Daar gaat het om.
Mooi vind ik hoe de mensen in Nehemia 8 dat ook beseffen:
zodra de wet wordt voorgelezen, gaan de mensen staan.

dia 16 – niet: een antwoord op al onze vragen
Waar het bij de duidelijkheid van de bijbel dus niet om gaat,
is dat de bijbel pasklare antwoorden zou geven op al onze vragen.
Bijbellezen is niet altijd makkelijk,
maar blijf toch steeds naar die bijbel gaan.

5. Geleid door de Geest
dia 17 – door de Geest horen we wat God vandaag zegt
Ik zei al: dat kan niet zonder de Geest.
Dat je vanuit de bijbel altijd een vertaalslag naar vandaag moet maken,
betekent nog niet dat alleen geleerde theologen de bijbel kunnen begrijpen.
Sterker nog: zij kunnen de plan behoorlijk misslaan.
Je kunt de bijbel pas begrijpen als je wordt geleid door de Geest.
Dat is geen kwestie van intelligentie,
maar van eerbiedig naar God willen luisteren.

Niet voor niets bidden we elke zondag voordat de bijbel open gaat
om Gods Geest, zodat we Gods stem voor vandaag horen.
In de Catechismus kom je een paar keer Woord en Geest samen tegen.
Bijvoorbeeld in zondag 21:
de Zoon van God vergadert, beschermt en onderhoud zijn kerk
door zijn Geest en Woord.
De Geest staat dan zelfs voorop!
Dat is ook wat die Emmaüsgangers ervaren:
wanneer Jezus de bijbel uitlegt, staat hun hart in vuur en vlam.
Opeens zien ze hoe ze de bijbel moeten lezen.
Zonder de Geest is de bijbel een ouderwets boek,
een dode letter die interessant is voor wat vakidioten.
Maar wanneer de Geest ons leidt,
horen we er wie God is en wat hij ons vandaag zegt.

Dat betekent ook dat het uitleggen van de bijbel
niet in wat regels te vatten is.
Die modellen voor de vertaalslag, die kunnen je helpen,
het ís belangrijk om oog te hebben voor de situatie,
het ís belangrijk om oog te hebben voor verschillende fasen,
maar wat God vandaag door de bijbel tegen ons zegt,
dat kunnen we alleen horen als de Geest ons vult.

dia 18 – bid om de Geest!
Dus zoek naar Gods stem voor vandaag,
laat je in het lezen van de bijbel leiden door de Geest.
Bid dat je het mag begrijpen.
Bid dat het bij je mag binnendringen.
Bid dat je erdoor gegrepen wordt.
En vertrouw op deze belofte van Jezus:
‘als jullie je kinderen al goede gaven schenken,
hoeveel te meer zal de Vader in de hemel
dan niet de heilige Geest geven aan wie hem erom vragen.’
Amen.




Lucas 2:10 | Kerst: nooit meer bang!

‘Wees niet bang,’ zegt de engel tegen de herders. Niet zo gek: God is een God om bang van te worden. Maar dat wil hij niet. Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapenende baby. Wat een wonder!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Vooraf: orgelmuziek
Zingen: Opwekking 525 : 1 en 3
LvK Gezang 139 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 138 : 1, 2, 3 en 4 (1 en 4 samenzang, 2 en 3 door KR)
Filmpje: toen & nu
Zingen: Knoop het even in je oren
Ga je mee op zoek naar het koningskind
Gebed
Lezen: Lucas 2 : 1 – 20 (NBV)
Luisterlied: Mary did you know
Preek
Zingen: Opwekking 527
LvK Gezang 141 : 1 en 3
Filmpje: kerstpraatjes
Zingen: Stille nacht, heilige nacht (LvK 143 : 1, 2 en 3)
In een stalletje
Gebed
Mededelingen
Collecte met luisterlied
Zingen: LvK Gezang 135 : 1 en 3
Zegen
Zingen: Wonderbare raadsman
Ik wens jou

Kerst: nooit meer bang!

Inleiding
dia 1 – zwart
(Pan met knuffelslang neerzetten)
Zo, jullie zijn vast benieuwd naar wat hier in zit.
Ik zal het maar verklappen: ik heb een slang meegenomen.
Ik hoop dat er niemand bang voor slangen is…
Zijn hier ook van die echte helden die een slang wel durven te aaien?

Laten we eens kijken of mijn slang uit de pan wil komen.
(slang laten zien)
Dit is hem dus: mijn slang!
Voor deze slang is niemand bang, iedereen durft deze slang te aaien.
Je kunt er mee knuffelen, maar je kunt hem ook als sjaal om je nek doen.

Ik heb deze slang lang geleden gekregen omdat ik bang was voor slangen.
Vooral ’s avonds: ik was bang dat er een slang onder mijn bed zou liggen.
Totdat ik deze slang kreeg.
Deze slang mocht onder mijn bed, en ik was niet meer bang voor slangen,
want er lag al een andere slang onder mijn bed.
Ik kon weer lekker slapen.

dia 2 – bang
Waar ben jij bang voor, of waar was je bang voor?
Wie durft het te vertellen?

Je kunt voor heel verschillende dingen bang zijn.
Je kunt bang zijn voor slangen, of voor spinnen, of je hebt hoogtevrees.
Het kan ook dieper gaan:
dat je bang bent voor de toekomst, bang om er alleen voor te staan.
Maar het kan nóg dieper: dat je bang bent voor God.

dia 3 – Kerst: nooit meer bang
Daar gaat het vanmorgen over.
De engel zegt tegen de herders, Lucas 2:10:
‘jullie hoeven niet bang te zijn, want ik breng jullie goed nieuws.
Het hele volk zal daar blij mee zijn.’
Vandaag vieren we het kerstfeest met als thema: nooit meer bang!

1. Bang voor God?
dia 4 – kampvuur
Het is een nacht als alle andere.
Even buiten Bethlehem brandt een groot kampvuur.
Het is van een groepje herders.
’s Middags, toen ze met de schapen op pad waren,
hadden ze hout verzameld voor het vuur.
Zo deden ze dat altijd, want vuur houdt je lekker warm
en zorgt ervoor dat de wilde dieren weg blijven.

Om de beurt mogen ze even slapen.
Een van de herders staat op wacht:
hij houdt in de gaten of alles goed gaat met de schapen.
De anderen liggen dicht bij het vuur
en hebben hun jassen als dekens over zich heen getrokken.

dia 5 – engel
Maar opeens staat er een engel.
De herder op wacht wil de anderen nog waarschuwen,
maar het heeft geen zin: ze zijn al wakker.
Ze schrikken zich rot en zijn bang!
Dat lijkt me niet zo gek!
De herders worden wakker van het felle licht,
en dat is een heel vervelende manier om wakker te worden.
Een paar jaar geleden lag ik ’s nachts heerlijk te slapen,
tot Hanneke per ongeluk het grote licht aandeed.
Ik was direct klaarwakker.
Maar dat is nog niet alles: in het licht zien de herders een engel!
Eerst denken ze dat het een droom is,
maar nee: er staat echt een engel.
Daar zou ik ook bang van worden!

De herders zijn bang voor de engel – da’s logisch!
Maar ze zijn niet alleen bang voor de engel.
Ze zijn ook bang voor God.
Het is niet zomaar een felle lamp die de herders wakker maakt:
het is het stralende licht van God!
De herders weten: ‘God is hier’, en daarom zijn ze zo bang.
Misschien vind je dat gek.
Waarom zou je bang zijn voor God?
God wil toch niet dat je bang voor hem bent?

dia 6 – zondeval
Nee: God vindt dat afschuwelijk!
Toch staat de bijbel vol met mensen die bang voor God zijn.
De allereerste mensen al, Adam en Eva.
In het begin waren ze helemaal niet bang:
ze vonden het juist fijn om bij God te zijn, daar genoten ze van.
Tot die ene dag…
Adam en Eva aten van de boom waarvan God had gezegd:
‘van deze boom mag je niet eten.’
Vanaf dat moment zijn Adam en Eva bang.
Ze weten dat ze iets verkeerds hebben gedaan,
en durven God niet meer te ontmoeten.
Als God ’s avonds naar hen op zoek gaat,
verstoppen ze zich voor God.
Zo bang zijn ze.

Dat gaat niet alleen over Adam en Eva:
het gaat ook over de herders, en over jou, en over mij.
God is, met een moeilijk woord, ‘heilig’.
Dat betekent dat God groot is, en goed, maar ook dat hij zonde haat.
Daarom zijn de herders bang voor God:
ze weten dat God te heilig is om te ontmoeten.
Het liefst zouden ze zich verstoppen.

2. Nooit meer bang
dia 7 – engel 2
Maar ja, waar moeten ze zich verstoppen?
Achter de schapen?!
Voor zo’n engel kun je je toch helemaal niet verstoppen?
Dat hoeft ook niet!
De engel zegt: ‘jullie hoeven niet bang te zijn.
Niet voor mij, ik doe jullie niets,
maar ook niet voor God: hij wil juist iets moois aan jullie vertellen.’

Weet je trouwens welke opdracht het vaakst in de bijbel staat?
‘Wees niet bang.’
God blijft het maar zeggen, en toch blijven mensen bang voor God.
De herders ook.
Die engel kan dat nou wel zeggen,
dat ze echt niet bang hoeven te zijn,
maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan…
Maar de engel gaat verder.
Hij vertelt de herders dat Jezus geboren is
en hoe ze Jezus kunnen vinden.

dia 8 – herders
Daar gaan de herders.
Ze laten de schapen achter, daar moet God maar even voor zorgen,
en ze gaan op zoek naar Jezus.
Wanneer ze Jezus gevonden hebben,
vergeten ze helemaal hoe bang ze waren.

Wie heeft er wel eens een baby vastgehouden?
Was je er bang voor?
Nee, voor baby’s hoef je niet bang te zijn.
Baby’s kunnen nog helemaal niks.
De herders worden er helemaal blij van.
‘Mag ik hem even vasthouden?’, vraagt een van de herders aan mama Maria.
Het mag.
De herder pakt Jezus uit zijn bedje, de voerbak, en knuffelt hem voorzichtig.
Baby Jezus wordt er helemaal rustig van, en de herder ook.
Met zijn kleine vingertjes prikt Jezus in de baard van de herder,
ze voelen zich bij elkaar helemaal op hun gemak.

Wat hier gebeurt is heel bijzonder!
Dit is niet zomaar een baby, dit is Jezus, de zoon van God.
God, waar de herders zo bang voor waren.
Maar voor een baby kun je gewoon niet bang zijn.
Een baby is ontwapenend.
Zó komt God naar ons toe.
Hij wordt een baby, zodat je gewoon niet meer bang voor hem kúnt zijn!
Want God wil niet dat we bang van hem worden!

En deze baby gaat ervoor zorgen
dat er geen enkele reden meer is om bang voor God te zijn.
De engel noemt Jezus de redder:
deze baby gaat alles tussen God en mensen goed maken,
zodat je je nooit meer voor God wilt verstoppen,
maar juist graag bij hem wilt zijn!

De herder heeft Jezus nog steeds in zijn armen.
Jezus is in slaap gevallen.
De herder aait het kleine hoofdje.
Hij kijkt nog eens goed.
‘Niet te geloven,’ denkt hij, ‘is deze baby de redder?!’
Niets wijst erop dat dit onschuldige, slapende mensje de Zoon van God is.
Maar de herders hebben Gods licht gezien, daarom geloven ze het.
Daarom zullen ze nooit meer bang zijn voor God.

3. Geef Jezus je angst
dia 9 – herders 2
Ook jij hoeft nooit meer bang te zijn.
Misschien ken je het liedje van Guus Meeuwis wel:
‘geef mij nu je angst, ik geef je er hoop voor terug,
geef mij nu de nacht, ik geef je de morgen terug.’
Dat zingt Jezus voor jou: ‘geef mij maar je angst.’

God wil niet dat je bang voor hem bent.
God heeft er genoeg van dat we bang voor hem zijn –
dat is de boodschap van kerst.
God doet alles zodat jij niet bang meer hoeft te zijn!
Ook niet als je weer iets stoms doet.
Als je je weer eens voor jezelf schaamt,
en je je het liefst voor God wilt verstoppen.
Het hoeft niet: geef Jezus je angst!
Denk aan die kleine baby in de armen van de herder:
voor God hoef je niet bang te zijn.

Maar daar hoort nog wel wat bij:
laat het een wonder blijven dat je niet bang hoeft te zijn!
Het is niet normaal dat God van je houdt, dat is een groot wonder!
God is geen lieve knuffelbeer, die alles wat jij doet prima vindt.
Nee: God is heilig, een God om bang van te worden!
Toch wil deze God bij jou zijn.
Wil hij dat je van hem geniet, in plaats van bang voor hem bent.
Daarom komt hij naar ons toe als een ontwapende baby.
Geef Jézus je angst.

Dat is kerst.
Je hoeft nooit meer bang te zijn.
Wat een wonder!
Amen.




Lucas 10:33 | Voor Jezus ben je alles waard

Jij bent veel waard! Maar waarom eigenlijk? Niet omdat jij zo goed bent, je lijkt op de gewonde reiziger in het verhaal van Jezus, maar omdat God je heeft gemaakt. Jezus lijkt op de Samaritaan: hij geeft zelfs zijn leven voor je, zó veel ben je waard!
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.
Deze preek is gehouden in een K(erk)S(chool)G(ezins)-dienst met CBS de Korendrager.

Liturgie
Zingen: -‘Laat de kind’ren tot mij komen’
-‘Als je geen liefde hebt voor elkaar’
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: ‘Goedemorgen, welkom allemaal’
Gebed
Lezen: Lucas 10 : 25 – 37 (BGT)
Zingen: Psalm 103 : 3 en 5 (LvK=GKB)
Preek
Zingen: -‘Parel in Gods hand’
-‘Er is iets heel speciaals aan jou’
Uitleg over de doop
Toezingen door kleuters: ‘Kinderen van de Vader’
Doop
Zingen: ‘Wat de toekomst brengen moge’ (LvK Gezang 293 : 1 en 3)
Felicitaties
Gebed
Collecte
Zingen: ‘Samen in de naam van Jezus’ (GKB Gezang 167 : 1, 2 en 3)
Zegen

Voor Jezus ben je alles waard!

Interview
Interviewer (I) interviewt de beroofde reiziger (R).

dia 1 – zwart
I:Hé, jij hier! Leuk je weer eens te zien!
Maar wat zie je eruit! Wat is er met je gebeurd?

R: Tja, dat is een lang verhaal, heb je even?

I: Vertel, ik wil het weten!

R: Ik was onderweg van Jeruzalem naar Jericho.
Je weet wel, die weg door de bergen.
Ik liep door een bocht,
en opeens stonden er vijf schreeuwende mannen om me heen.
Ze riepen: ‘als je in leven wilt blijven, geef ons dan alles wat je hebt!
Je portemonnee, je pincode, je sieraden, je I-phone: alles!’
Daar had ik niet zo veel zin in, ik probeerde te ontsnappen.
Maar ze waren veel te sterk voor me.
Ze hebben me in elkaar geschopt en alles van me afgepakt.
Het is een wonder dat ik nog leef!

I: Maar was er dan niemand die je kon helpen?

R: Nee, ik was helemaal alleen,
en m’n telefoon had geen bereik in de bergen.

I: Sorry hoor, ik vind het echt heel rot voor je,
maar was dat ook niet gewoon een beetje dom?
Die weg is levensgevaarlijk!
Dat heeft nu al zo vaak in de krant gestaan!
Dat wist je toch wel?

R: Tja, je hebt gelijk hoor.
Het was gewoon stom van mij.
Ik had wel eens wat gelezen over rovers op die weg,
maar dacht dat mij zoiets nooit zou overkomen.
Zulke dingen overkomen alleen anderen, niet mij.
Dacht ik…

I: En toen lag je daar, wat ging er door je heen?

R: Eerst dacht ik dat ik dood was.
Toen bedacht ik dat ik nog kon nadenken, dus ik was niet dood.
Toen dacht ik dat ik dood zou gaan, want ik had heel veel pijn.
Maar ik wilde nog helemaal niet dood!
Dus toen er een priester langs kwam, riep ik zo hard ik kon om hulp.
Hij hoorde me wel, maar liep gewoon om me heen.
En even later een hulppriester ook.

I: Wat?! Dat meen je niet! Stelletje hypocrieten!
Je zult wel boos op ze zijn!

R: Valt wel mee.
Ik denk dat ik in hun situatie hetzelfde had gedaan.
Weet je, het was ook gewoon levensgevaarlijk om mij helpen!
Misschien waren die rovers nog wel in de buurt!
Nee, ik snap wel dat ze zo snel mogelijk doorliepen.

I: Maar je hebt het overleefd, hoe dan?

R: Er kwam nog iemand aan, en ik riep weer om hulp.
Maar toen zag ik dat het een Samaritaan was…

I: Nou en, wat bedoel je?

R: Wij, Joden, hebben altijd ruzie met Samaritanen.
Net zoals jullie, Nederlanders, ruzie met de Turken hebben.
Op verjaardagsfeestjes vertellen wij graag Samaritanen-grappen.

I: Samaritanen-grappen?

R: Ja, een soort Belgen-moppen, eigenlijk helemaal niet grappig.
Maar die Samaritaan dus, stapt van zijn ezel af en loopt naar me toe.

I: Wat dacht je toen?

R: Ik dacht dat hij keihard ‘net goed!’ in mijn gezicht zou schreeuwen,
en mij daar zou laten liggen.
Maar ik had het fout:
het was de vriendelijkste man die ik ooit heb ontmoet.
Toen ik zijn ogen zag, wist ik het:
die stonden zo vol van liefde!
Hij heeft me gered!

I: Je begint er helemaal van te stralen, wat is er met jóu gebeurd?

R: Dat zeggen er wel meer: ik ben niet meer dezelfde.
Weet je, ik dacht altijd dat ik beter was dan iedereen.
Ik voelde me stoer, en keek op losers neer.
Maar toen was ik opeens zelf de loser.
De liefde van die Samaritaan had ik nergens aan verdiend!
Toch hielp hij mij.
Ik ben zo blij!

I: wauw, dat is nog eens een verhaal, dank je wel!

Voor Jezus ben je alles waard
dia 2 – voor Jezus ben je alles waard!
Ja, wat is het een mooi verhaal!
Het is een verhaal van Jezus.
Het is dus niet echt gebeurd, Jezus heeft het bedacht.
Hij wil met dit verhaal iets duidelijk maken.
Of eigenlijk wel meer dingen,
maar ik wil het vandaag bij één belangrijke les houden:
voor Jezus ben je alles waard!
Hij geeft zijn leven om jou te redden.

dia 3 – gewonde man
‘Jij bent veel waard’ – dat was het thema deze week op school.
Maar waarom ben jij zo veel waard?
Waarom houdt God zo veel van je?
Eigenlijk is het heel gek dat God van je houdt!

Het is leuk om te horen dat je bijzonder bent, dat je veel waard bent.
Daar kun je trots van worden.
Maar Jezus zegt iets anders.
Je lijkt op die gewonde man.
Die man die in de problemen zit door zijn eigen domme schuld.
Dáár lijk jij op! En ik ook!

Je bent niet overal goed in, dat kan niet.
Ik was altijd heel slecht in gym.
Ik kon geen bal vangen.
Elke gymles was ik bang voor wat we gingen doen.
Ben ik eigenlijk wel zoveel waard?
Of je durft niemand mee naar huis te nemen uit school:
wat zullen ze van je ouders denken?
Eigenlijk schaam je je een beetje,
en voel je je helemaal niet zo bijzonder.
O ja, en je doet natuurlijk ook wel eens gemeen.
Toch? Wie doet er wel eens gemeen?
Vingers graag!
Iedereen doet wel eens gemeen.
Waarschijnlijk zelfs vaker dan je denkt.
Misschien heb je er wel spijt van, en toch doe je het weer…
Het stomme is: het gaat ook niet over als je groter wordt!
Wat zijn we nu eigenlijk waard?
We maken een rommeltje van het leven!

dia 4 – Samaritaan
Tóch ben jij voor Jezus alles waard.
Dat is dus een groot wonder!
Jij lijkt dan misschien op die man die in elkaar is geschopt,
Jezus lijkt op de Samaritaan in het verhaal!
Die Samaritaan had geen enkele reden om die man te helpen.
Joden en Samaritanen hebben ruzie,
dat alleen al was genoeg reden om de man te laten liggen.
Het was bovendien ook nog zijn eigen schuld:
het is knap stom om in je eentje over die gevaarlijke weg te gaan.
En het is voor die Samaritaan ook nog eens levensgevaarlijk:
straks wordt hij ook nog in elkaar geschopt!

Het maakt de Samaritaan allemaal niet uit.
Aan de kant van de weg ligt een mens die hulp nodig heeft.
Voor de Samaritaan is ieder mens waardevol.
Daarom hoeft hij er niet over na te denken:
natuurlijk gaat hij helpen!

Voor Jezus ben jij alles waard.
Omdat je een mens bent.
God heeft je gemaakt, net als baby Marte.
God heeft je uniek gemaakt, van jou is er geen tweede.
Ook al maak je een rommeltje van het leven,
Jezus wil niets liever dan jou redden!
De Samaritaan wáágt zijn leven, Jezus gééft zijn leven.
Zo veel ben jij voor hem waard!

De les van de diamant
dia 5 – ruwe diamant
Wie weet wat dit is?
Het lijkt gewoon een steen.
Ik vind hem niet echt mooi of bijzonder.
Maar deze steen is heel veel waard!
Je kunt deze steen slijpen, en dan herken je hem vast.

dia 6 – diamant
Wie zie het nu?
Ja, het is een diamant.
Een ruwe diamant lijkt waardeloos,
maar als je hem slijpt zie je hoe bijzonder hij is.

Jij bent veel waard, net als die ruwe diamant.
Je lijkt misschien niet zo bijzonder, maar Jezus kijkt anders naar jou.
Niet naar wat er allemaal mis is,
maar naar hoe hij een schitterende diamant van je kan maken.
Een diamant die steeds meer op Jezus lijkt.
Amen.




Maleachi 3:24a | Generaties komen en gaan

Een kerk waar jong en oud samenkomen is een zegen. Maar de generatiekloof gaat ook aan de kerk niet voorbij. Hoe kunnen de verschillende generaties samen één zijn? Tot zegen zijn voor elkaar?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: ‘Er is een God die hoort’
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 672
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Maleachi 3 : 13 – 24 en Lucas 1 : 13 – 17
Zingen: LvK Psalm 78 : 1 en 2
Preek over Maleachi 3 : 24a
Zingen: GKB Psalm 148 : 4 en 5
Kinderen terug
Luisterliederen door Milan
Leefregels: 1 Timoteüs 4 : 11 – 5 : 2
Zingen: Opwekking 708
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: LvK Gezang 460 : 1 en 2
Zegen

Generaties komen en gaan

Inleiding
dia 1 –generaties
Vandaag gaat het over generaties.
Op internet kwam ik een mooi overzicht tegen
van de verschillende generaties die er zijn.
Laten we eens kijken welke generaties in de kerk zitten.
Wie is er jonger dan 17, dus geboren vanaf het jaar 2000?
Jullie worden generatie Alpha genoemd.
De volgende generatie is generatie Z, geboren tussen 1990 en 2000.
Wie horen daar bij?
Dan komt generatie Y, geboren tussen 1980 en 1994.
Voor wie vandaag heel wakker en scherp is:
inderdaad, er zit wat overlap met generatie Z.
Ergens tussen 1990 en 1994 gaat generatie Y over in generatie Z.
Generatie Y dus: wie horen daarbij?
Dan de pragmatische generatie, bouwjaar 1970 tot 1985.
Wie?
Generatie X, geboren tussen 1955 en 1970.
Wie horen daarbij?
Dan hebben we generatie babyboom, geboren tussen 1940 en 1955.
Wie zijn onze babyboomers?
En tenslotte de generatie van voor de oorlog.
Zijn zij ook aanwezig?
Uw generatie wordt de stille generatie genoemd,
en dat is vooral omdat u plichtsgetrouw en gezagsgetrouw zou zijn.

Dit is best bijzonder: alle generaties zitten hier onder één dak!
Ondanks alle verschillen.
Het leeftijdsverschil natuurlijk, maar dat is nog niet alles.
Generatiegenoten zijn in dezelfde tijd opgegroeid,
zijn gevormd door dezelfde grote gebeurtenissen.
Zo is die generatie van voor 1940 opgegroeid in een oorlog,
en moesten zij op jonge leeftijd een heel land weer opbouwen!
Daardoor hebben ze geleerd de schouders eronder te zetten,
en niet al te eigenwijs te zijn.

Zo heeft elke generatie zijn kenmerken.
Babyboomers zouden juist wel eigenwijs zijn.
In hun jeugd hebben ze gestreden voor een andere samenleving, het zijn vernieuwers.
Zelfontplooiing is voor hen een belangrijk woord.
Herkennen jullie je er een beetje in?

Dan generatie X.
Zij zouden zelfredzaam zijn, kunnen goed relativeren,
en hebben vaak een no-nonsensementaliteit.
Ze zijn wel eens een beetje onzichtbaar, maar kunnen ook goed verbinden.
Klinkt als Mark Rutte, en dat kan kloppen.
Herkennen jullie je erin?

Voor de pragmatische generatie is het belangrijk dat je jezelf bent.
Ze houden van onderhandelen, en je moet ze vooral niet dwingen.
Klopt het?

Dan mijn eigen generatie,
die ook wel eens de achterbankgeneratie wordt genoemd.
Wij kunnen wel eens een beetje lui en gemakzuchtig zijn…
Maar ook authentiek en zelfverzekerd,
en de wereld van internet kent voor ons geen geheimen.
Herkenbaar?

En dan nog generatie Z.
Lijkt op mijn generatie, met één groot verschil:
jullie zijn geboren in het digitale tijdperk,
terwijl mijn generatie nog werkstukken met de hand heeft geschreven…
Jullie zouden goed kunnen multitasken:
appen, muziek luisteren, huiswerk maken, allemaal tegelijk.

dia 2 – generaties komen en gaan
Verschillende generaties dus.
Mooi, maar soms ook wel moeilijk.
Want die generaties botsen wel eens.
Hoe kun je met die verschillen samen één zijn?
Daar gaat vanmorgen over.

1. Generatiekloof
dia 3 – generatiekloof
In de bijbel is het ideaal eenheid.
Jong en oud worden gewaardeerd, bijvoorbeeld in Spreuken 20:29:
‘de pracht van jonge mensen is hun kracht,
de sier van oude mensen is hun grijze haar.’
De generaties hebben elkaar nodig.
Maar in de praktijk blijkt dat lastig te zijn.
Er is eerder een generatiekloof.

dia 4 – Maleachi: de generaties zijn elkaar kwijt
Daarmee komen we in Maleachi 3.
Een pittige afsluiting van het Oude Testament.
De laatste zin van het Oude Testament is:
‘anders zou ik het land volledig moeten vernietigen.’
Lekker einde is dat…
Blijkbaar is er wel iets aan de hand, is er een groot probleem!
En dat is er: een kloof tussen ouders en kinderen.
Oftewel: een generatieprobleem.

Wat er precies aan de hand is, zegt Maleachi niet.
Misschien is het wel dat de oudere generatie de ballingschap nog heeft meegemaakt,
en de jongere generatie niet.
Generaties worden vaak gescheiden door grote momenten,
door oorlogen of door de opkomst van allerlei techniek.
De ballingschap kan ook zo’n scheiding zijn.

Wat in ieder geval opvalt is dat Maleachi niemand de schuld geeft.
Hij zegt niet tegen de jongeren:
jullie doen het op de verkeerde manier,
kijk toch alsjeblieft wat beter naar je ouders.
Andersom zegt hij ook niet tegen de ouderen:
jullie zitten fout, luister toch gewoon naar die jongeren.
Het gaat niet om goed of fout, wie er gelijk heeft en wie niet.
Het is een wederzijds probleem van generaties die elkaar niet kunnen vinden.

dia 5 – samenleving: generaties die elkaar ontwijken
Zo’n generatiekloof is dus niets nieuws.
Het is van alle tijden dat gemopperd wordt op de jeugd van tegenwoordig,
en ook van alle tijden dat jongeren zich afzetten tegen vorige generaties.
Wat misschien wel nieuw is,
is dat de verschillende generaties hun eigen gang kunnen gaan.
Als je alleen met generatiegenoten om wilt gaan, dan kan dat.
Veel mensen hebben iets met generatiegenoten,
herkennen zich in die omschrijvingen die ik net gaf,
hebben dezelfde wereldgebeurtenissen meegemaakt
en zitten ook nog in dezelfde levensfase.
Met hen voelen ze zich verbonden.
Maar met andere generaties
hoeven ze niet zo nodig te maken te hebben.

dia 6 – BNN en MAX
Dus is Nederland verdeeld in doelgroepen.
BNN probeert televisie voor jongeren te maken,
terwijl ouderen bij omroep MAX aan hun trekken komen.
Ik val er waarschijnlijk tussen,
want ik kijk zowel 3 Op Reis van BNN als Heel Holland Bakt van MAX…
Maar kijk eens naar de politiek.
Er is een speciale partij voor 50-plussers,
die vinden dat ouderen in de politiek vergeten worden,
en dat er iemand moet opkomen voor hun pensioenen.
Maar deze week kwamen de jongeren van het LAKS
met het bericht dat zij ook de politiek in wilden.
Achteraf bleek dat een stunt om aandacht te krijgen,
maar blijft staan dat ze vinden dat de politiek te veel door ouderen wordt gedomineerd…
Er moet meer geld naar onderwijs, en de studiefinanciering moet terug.
Dat is dus die generatiekloof.
Ik geloof dat ik ook maar een partij moet oprichten,
voor de achterbankgeneratie.
Dan zou ik in het programma zetten
dat iedereen van mijn generatie recht heeft op een privéchauffeur.
Kunnen we weer lekker op de achterbank zitten…
Elke generatie komt voor zichzelf op.

dia 7 – generatiekloof in de kerk?
Dat alle generaties in onze gemeente aanwezig zijn,
is echt niet vanzelfsprekend.
We mogen best zeggen dat we daarmee gezegend zijn.
Maar laten we niet te vroeg tevreden zijn.
Hoeveel contact is er bij ons eigenlijk tussen de generaties?
Binnen de familie is dat er vaak nog wel, maar binnen de gemeente?
Ik zie vaak dat jongeren elkaar opzoeken,
dat 30’ers elkaar opzoeken, ouderen elkaar opzoeken, enzovoort.
We zitten onder één dak, maar zijn we ook één?
Ouderen die zich zorgen maken over de jongeren,
en jongeren die vinden dat de ouderen met hun tijd mee moeten gaan,
is dat nou eenheid?
Die generatiekloof is in de kerk net zo goed!

2. Verzoening van generaties
dia 8 – verzoening van generaties
Terug naar Maleachi.
Ook daar kunnen de generaties elkaar niet vinden.
Maar Maleachi eindigt niet zonder hoop:
hij profeteert over een verzoening van de generaties.

dia 9 – dieper probleem: God kwijt zijn
De generatiekloof is van alle tijden.
Die los je niet even op, daarvoor zit het te diep.
Wil je de generatiekloof overbruggen,
dan moet je naar het diepere probleem doorsteken.
Dat generatieprobleem is niet het enige probleem in Maleachi 3.
De mensen zijn niet alleen elkaar kwijt, ze zijn ook God kwijt.
Dáár beginnen de problemen.

Maleachi is profeet na de ballingschap.
Een groep Joden is teruggekeerd naar Israël,
heeft Jeruzalem en de tempel herbouwd,
en probeert weer een leven op te bouwen.
Maar eenmaal gesetteld komen de vragen weer opzetten:
‘waar is God eigenlijk, wat merken we nou van hem?
Mijn buurman heeft niets met God, maar het gaat prima met hem hoor!
Wat heeft het voor zin om God te dienen?
Welk verschil maakt God nou eigenlijk?’
Herkenbare vragen?

dia 10 – leven met God overbrugt de generatiekloof
De mensen zijn van God vervreemd, dat is het diepere probleem.
Die twee problemen in Maleachi 3,
mensen die God kwijt raken én elkaar kwijtraken,
die hebben met elkaar te maken.
De generaties kunnen pas bij elkaar komen als ze bij God komen.
Die twee dingen kun je niet los van elkaar zien.
Daarom hebben we Lucas 1 gelezen.
Die profetie van Maleachi wordt door de engel Gabriël aangehaald:
‘Als bode zal hij voor God uit gaan met de geest en de kracht van Elia
om ouders met hun kinderen te verzoenen…’
In Maleachi houdt het dan op, maar Gabriël gaat verder:
‘…en om zondaars tot rechtvaardigheid te brengen.’
Gabriël zet ze naast elkaar: verzoening tussen generaties en verzoening met God.
De kloof tussen mensen wordt gedicht als mensen met God gaan leven!

Trouwens, ook Maleachi doet die oproep.
Hij zegt: ‘houdt je aan het onderricht van Mozes’.
En dan heeft hij het even later ook over Elia.
Dat zijn niet twee willekeurige namen:
Mozes en Elia staan voor de wet en de profeten, voor de bijbel,
voor God die zich aan ons bekend maakt.
Als we samen luisteren naar God,
samen zoeken naar wat hij wil,
dan kunnen wij en onze generaties elkaar vinden!

Want bij God leer je dat het niet draait om jou en jouw generatie.
Bij God leer je het belang van de ander te zoeken, zoals God ons belang zoekt.
Bij God leer je elkaar te dienen, en dan kun je echt verbonden zijn.
Dan geniet niet alleen een oudere van ‘er is een God die hoort’,
maar ook een jongere, omdat hij een oudere ziet genieten.
En andersom: dan genieten niet alleen jongeren van de Opwekkingsliederen
en de luisterliedjes door Milan op gitaar,
maar ook de ouderen, omdat ze jongeren voor God zien zingen.
Dan kijken we verder dan onze voorkeuren.

dia 11 – Jezus neemt de vloek van de generatiekloof op zich
Dat gaat niet vanzelf.
Maleachi heeft het over Elia,
die door God wordt gestuurd om daarbij te helpen.
Uit Lucas 1 wordt duidelijk dat dat over Johannes de Doper gaat.
Maar daar houdt het natuurlijk niet op!
God zelf brengt de generaties samen.
Aan het kruis neemt Jezus de vloek van de generatiekloof op zich.
Dé Vader en dé Zoon worden daar van elkaar verwijderd.
Zo brengt Jezus ons weer bij elkaar.
En dan mogen we elkaar onderweg ook scherp houden,
dat we de blik niet richten op de verschillen tussen de generaties,
maar de blik richten op God, die ons aan elkaar geeft.

3. Elkaar tot zegen
dia 12 – elkaar tot zegen
Dan kan iets van dat oude ideaal werkelijkheid worden.
Dat we bij de verschillende generaties niet direct denken aan die generatiekloof,
en wat voor problemen het allemaal geeft om met alle generaties onder één dak te zitten,
maar dat we het als zegen zien dat we alle generaties hebben.
En nog een stapje verder: willen we dan ook kerk zijn voor alle generaties,
een kerk waar de generaties elkaar tot zegen zijn?

dia 13 – tot zegen door elkaar te dienen (jong en oud)
Natuurlijk, ik snap dat generaties in de kerk vaak als probleem worden gezien.
Maar het kan echt anders, als de generaties zich maar dienstbaar opstellen naar elkaar.
Elke generatie heeft zijn kracht, en kan met die kracht andere generaties dienen.
Om te beginnen de ouderen:
wat een schat aan levenservaring dragen zij mee!
Ouderen hebben misschien zorg nodig van jongere generaties,
maar ze hebben zelf ook echt wat te bieden!
Dat is waarom in de bijbel zo positief wordt gesproken over grijze haren.
Wij grappen er misschien wat over,
en als de grijze haren beginnen, verven we ze het liefst weg,
maar grijsheid staat voor levenswijsheid.
Jongeren hebben net zo goed iets te bieden.
Met hun grote idealen, hun dromen, maar ook met hun vragen.
Jongeren kunnen goed een spiegel voorhouden,
kritische vragen stellen en geijkte antwoorden ter discussie stellen:
zij nemen geen genoegen met dat het nu eenmaal zo is.
Ze zoeken echtheid, en dat is een goede zaak.
Daarin zijn jongeren tot zegen!
Zo kan elke generatie de anderen dienen.
De volwassenen, met hun energie en daadkracht,
maar ook de kinderen die laten zien wat vertrouwen is.

Maleachi heeft het over ouders en kinderen.
Dan gaat het ook over dat ouders de kinderen voorgaan in geloof.
En in de kerk mag je dat best breder trekken dan ouders en kinderen:
we zijn hier familie in Jezus Christus.
Het zou prachtig zijn als alle kinderen en jongeren
aan iemand van een oudere generatie gekoppeld zijn,
als een soort geestelijke vaders en moeders, opa’s en oma’s.
De oudere generaties mogen de jongere inspireren,
niet door even te zeggen hoe het zit,
maar door naast hen te staan, hen serieus te nemen,
met hen op weg te willen gaan, als een soort gids.
Ook door open en kwetsbaar te vertellen over hun eigen weg met God,
over hun eigen fouten en twijfels, en hoe God hen vastgehouden heeft.
Ik ben ervan overtuigd dat zulke relaties tussen jong en oud
tot zegen zijn voor allebei.

dia 14 – tot zegen door ruimte te geven
De generaties zijn elkaar ook tot zegen als ze elkaar ruimte geven.
Als de generaties alles op hun eigen manier willen, ontstaat verwijdering.
Dan krijg je doelgroepkerken, en dat kan nooit het ideaal zijn.
Natuurlijk wil je een kerk waar je geloof wordt opgebouwd.
Een kerk waar je je als oudere niet ergert,
en een kerk waar je je als jongere niet verveelt.
Maar daar heb je geen doelgroepkerk voor nodig.
Als wij bereid zijn elkaar te dienen,
te genieten van hoe een ander zijn of haar geloof beleeft,
dan staan we samen sterk.
Geef elkaar de ruimte, houdt rekening met de ander,
ouderen met jongeren en jongeren met ouderen.
Die ruimte ga je haast vanzelf geven als je elkaar beter begrijpt.
Luister dus naar elkaar!
Wees nieuwsgierig naar waarom andere generaties dingen anders doen.
Dat is trouwens een hele kunst, luisteren zonder voor de ander in te vullen.
Probeer het maar eens!

dia 15 – dan maken we het verschil!
Als we er zo als generaties in de gemeente voor elkaar zijn,
dan wordt iets van dat verschil zichtbaar waar Maleachi het over heeft:
het verschil tussen wie God gehoorzamen en wie dat niet doen.
Als niet het eigenbelang heerst, maar liefde voor elkaar,
dan zijn we een licht voor de wereld.
Amen.




Lucas 2:7b – Jezus maakt plaats, en jij?

Kerst: Jezus is geboren. Maar er is voor hem geen plaats… Is dat wel feest? Moeten we ons niet schamen dat we geen plaats voor Jezus hebben? Nee: Jezus kiest voor de laagste plaats om plaats voor jou te maken!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Intocht kinderen met lichtjes
Zingen: -LvK Lied 138 : 1, 3 en 4 (Komt allen tezamen)
-Opwekking 527 (Licht in de nacht)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 85 (Weet jij waarom Jezus hier op aarde kwam; in 2 groepen)
Lampjes-spel
Gebed
Kerstspel Lucas 2
Zingen: -‘Wijs mij de weg naar Bethlehem’ (Sela)
-Opwekking 549 (Ik kniel neer)
Preek over Lucas 2 : 7b
Zingen: LvK Lied 145 : 1 en 2 (Nu zijt wellekome)
Visnet Libdub
Zingen: -‘Luid klokje klingelingeling’ (a capella, instrumentjes)
-Kids Opwekking 123 (Goed nieuws)
-‘Vrolijk kerstfeest iedereen’
Afronding project kinderclub
Zingen: ‘Als je veel van iemand houdt’ (Elly en Rikkert)

Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 525 (Jubel het uit)
Zegen
Zingen: GKB Gezang 50 (Ere zij God)

Jezus maakt plaats, en jij?

Inleiding
dia 1 – zwart
Ik heb 4 kinderen nodig voor een spelletje.
Steek even je vinger omhoog
als je vindt dat je nu al veel te lang stil moet zitten.
Wie wil er met het spelletje meedoen?
(4 kinderen aanwijzen, eventueel 5e als scheidsrechter)

dia 2 – stoelendans
Goed, we gaan een bekend spelletje doen: stoelendans.
Kennen jullie de spelregels?
Even kort: jullie zijn met z’n vieren,
maar er zijn maar drie stoelen.
Als zometeen de muziek start,
lopen jullie om de stoelen heen.
Als de muziek stopt, ga je zo snel mogelijk op een stoel zitten.
Maar voor een van jullie is geen plaats:
degene die geen plekje kan vinden, is af en mag bij mij komen staan.
Dan gaan we door met de volgende ronde,
totdat er nog maar één van jullie overblijft.
Duidelijk?
Oke, ga maar om de stoelen heen staan.
We starten de muziek.

(drie rondes, tot er nog maar een deelnemer overblijft)

dia 3 – winnaar
Dames en heren, we hebben een winnaar!
Mag ik een applaus voor (degene die is overgebleven)?
Maar… we hebben nog een winnaar!
Mag ik nog een applaus voor (de eerste afvaller)?
Ja, jij hebt ook gewonnen, want met kerst gaat het allemaal een beetje anders.
Laten we het maar de kerst-spelregels noemen.
En die moet ik misschien toch maar even uitleggen.

We vieren vandaag dat Jezus is geboren.
Maar voor baby Jezus was nergens plaats,
net zoals voor jou, (de eerste afvaller), geen plaats was.
En het is niet leuk als er geen plaats voor je is!
Maar omdat jij geen stoel had, konden de andere drie wel zitten.
Je maakte plaats voor hen.
Net als Jezus: hij zorgt dat er plaats is voor ons allemaal.
Als je geen plaats hebt, lijk je een beetje op Jezus.
En daarom ben jij ook winnaar!
Jullie mogen weer gaan zitten.

dia 4 – Jezus maakt plaats, en jij?
Kerst is de omgekeerde wereld:
voor de Zoon van God is geen plaats.
Toch is er goed nieuws: hij doet het voor ons.
Je kunt dat nieuws in één zinnetje samenvatten:
Jezus maakt plaats, en jij?

1. Geen plaats voor Jezus
dia 5 – voerbak
In een stal in Bethlehem ligt baby Jezus.
Nee, niet in een schoon wiegje met een zacht matrasje en een warme kruik.
Jezus ligt in een harde voerbak voor de dieren.
Niet de eerste plek waar je de Zoon van God zou zoeken…
Hij verdient zoveel beter,
op z’n minst het beste bedje van heel Israël.
Wat doet deze baby in zo’n armoedige voerbak?

dia 6 – een ongeplande reis (soldaten)
Daarvoor moeten we nog een klein sprongetje maken,
naar Nazareth, een paar weken eerder.
Nazareth is een stadje waar nooit wat bijzonders gebeurt.
De rest van Israël is al vergeten dat Nazareth ook nog bestaat.
Maar de Romeinen zijn het niet vergeten…

Het is een gewone dag als ze komen, de Romeinse soldaten.
Het is maar een klein groepje,
maar iedereen is nieuwsgierig wat ze in Nazareth te zoeken hebben.
Iedereen stopt met zijn dagelijkse bezigheden,
en als snel staat iedereen op het dorpsplein.
Eén van de soldaten haalt een vel papier tevoorschijn en leest voor:
‘Dit is een bevel van keizer Augustus.
Er zal een volkstelling worden gehouden.
Binnenkort gaan de tellingskantoren open.
Iedereen moet zich inschrijven in de plaats van zijn familie.’
De soldaat ruimt het papier weer op, en ze vertrekken.

Ook Jozef staat op het plein.
Een volkstelling, dat is wel het laatste waar hij op zit te wachten.
Nog even, en dan komt de baby.
Hij en Maria zijn er helemaal klaar voor.
Ze zijn niet rijk, maar Jozef heeft zelf een mooi bedje gemaakt.
Maar nu gooit keizer Augustus hun plannen overhoop.
De familie van Jozef komt niet uit Nazareth, maar uit Bethlehem.
Naar Bethlehem is een paar dagen reizen.
Wat moeten ze?
Wachten tot de baby er is?
Maar dan wordt de reis alleen maar moeilijker…
Nee, ze kunnen maar beter direct vertrekken.

dia 7 – geen plaats voor de baby (herbergier)
Zo gezegd, zo gedaan.
Jozef en Maria gaan op weg naar Bethlehem,
een klein stadje in de buurt van Jeruzalem.
Ze zijn niet de enigen.
Op de wegen rond Bethlehem is het druk.
Het kleine stadje kan die toestroom eigenlijk niet aan.
Het wordt overspoeld door mensen die een plekje zoeken om te slapen.
Voor Bethlehem is het een zware belasting.
Die keizer moest eens weten wat zijn bevel voor gewone mensen betekent.
Maar Bethlehem laat zich niet kennen:
overal stellen mensen hun huizen open.

Ook Jozef en Maria vinden een plekje.
Ze zijn moe van de reis,
en willen een paar dagen uitrusten voor ze teruggaan.
Maar het loopt anders.
‘Jozef,’ fluistert Maria, ‘Jozef, volgens mij kunnen we niet meer terug,
de baby komt, ik voel het!’
Ook dat nog!
Maar waar kan die baby dan geboren worden?
Voor Jozef en Maria was nog wel plaats,
maar voor de bevalling is het een ander verhaal.
Zo belandt Jezus in die voerbak in dat stalletje.
Er is geen plaats voor een huilende baby in het veel te volle Bethlehem.
Hij mag blij zijn met de stal!

dia 8 – te druk voor Jezus
Dat is niet eerlijk, maar dat is de wereld ook niet.
Jezus is niet de enige baby voor wie geen plaats is.
Elke dag worden baby’s geboren voor wie geen plaats is.
Miljoenen mensen lopen er elke dag tegenaan:
dat de wereld geen plaats voor hen heeft.
Misschien zou Jezus vandaag wel als asielzoekersbaby geboren worden,
op reis door de grillen van een of andere dictator.

Voor Jezus is geen plaats, want mensen hebben genoeg aan zichzelf.
Ik denk niet dat wij het er beter vanaf gebracht hadden.
Wat zijn we vaak druk,
wat zijn we veel met onszelf bezig,
wat zijn er veel dingen die om onze aandacht vragen.
Nee, voor Jezus is geen plaats, we zitten vol!

2. Jezus maakt plaats voor jou
dia 9 – koude douche
Wat een ontvangst krijgt Jezus…
Het lijkt een koude douche:
God zelf komt op aarde en dan wordt hij zo behandeld…
Waarom zouden we het kerstfeest nog vieren?
Hier is toch niets moois aan?
Is kerst geen reden om ons diep te schamen?
Nee, dat is het niet.
Dit is voor God geen koude douche.
Hij verwijt ons niet dat we geen plaats voor Jezus hebben.
God kiest er bewust voor om op deze manier naar ons te komen.
Zo wil hij plaats voor jou maken!

dia 10 – God wil geen voorkeursbehandeling (stal)
Het is geen stomme pech dat Jezus in een voerbak terecht komt.
Als de mensen hadden geweten
dat die arme baby in de voerbak niet zomaar een baby is,
maar de Zoon van God, de beloofde Messias,
dan was er meer dan genoeg plaats voor hem geweest.
Ik denk dat de mensen dan in de rij hadden gestaan:
‘Jozef en Maria, in mijn huis is nog wel plaats, ik slaap wel een nachtje in de stal.’
Want wat een eer zou het zijn als Jezus in jouw huis geboren wordt!
Iedereen wil graag iets voor Jezus doen.
Ze zouden geld inzamelen voor een koninklijk bedje,
en elk uur zou het worden verschoond.
Ze zouden van Jezus de meest vertroetelde baby van Israël maken.
Maar God wil het niet!

God wil geen voorkeursbehandeling.
Hij zorgt ervoor dat bijna niemand Jezus herkent, op de herders na.
Hij zit er niet op te wachten om als een prinsje vertroeteld te worden.
Jezus wil geen leven vol glitter en glamour tussen koningen en miljonairs,
hij wil een gewoon leven tussen gewone mensen.
Jezus wil met zijn poten in de modder staan.
Want hij is niet gekomen om een luxe plaats op te eisen,
maar om een plaats voor jou te maken!

dia 11 – Jezus doet het voor jou (kruis)
God wil dat dit vanaf het begin al duidelijk is.
Daarom ligt baby Jezus in die voerbak.
En later in zijn leven komt het steeds terug.
Jezus zegt eens tegen iemand:
‘Vossen hebben een hol en vogels hebben een nest.
Maar de Mensenzoon heeft geen plek om uit te rusten.’
Uiteindelijk hebben de mensen maar één plaats voor Jezus: het kruis.
Jezus doet het om plaats voor jou te maken,
om ervoor te zorgen dat je welkom bent bij God!

Jezus is geen prinsje voor wie zelfs het beste nog niet goed genoeg is.
Hij heeft genoeg aan een stal met een voerbak.
Wat een geweldig nieuws is dat
voor iedereen in de wereld voor wie geen plaats is!
Voor die miljoenen die op de vlucht zijn of in armoede leven.
Voor iedereen die niet mee kan komen met onze samenleving.
Jezus is ook zo iemand!
Dat is geweldig nieuws, voor ons allemaal.
God spaart zichzelf niet, om jou te winnen en een plaats te geven.
Op zo’n God kun je vertrouwen!

3. Maak jij plaats?
dia 12 – maak jij plaats?
Jezus maakt plaats, en jij?
Hij wil graag een plek in jouw leven.
Maak jij plaats?

dia 13 – wees tevreden
Hoe je plaats maakt, kun je van Jezus leren.
Jezus was tevreden, tevreden met zijn voerbak.
Ben jij ook tevreden met wat je hebt?
Wij denken heel snel dat we heel veel nodig hebben.
Iedereen een eigen slaapkamer,
elk jaar nieuwe kleren, ook als je oude kleren nog best kunnen,
minstens één keer per jaar op vakantie, enzovoort.
Maar dat heb je helemaal niet nodig, het is luxe.
Op zich is dat niet verkeerd, maar besef wel hoe rijk je dan bent,
en wees tevreden en dankbaar.
Maar vaak hebben we er niet genoeg aan.
Bij je vrienden hebben ze alles net weer wat mooier, en je wordt jaloers.
God zegt: ‘denk toch niet dat je zoveel nodig hebt.
Kijk maar naar die voerbak!
Je hoeft niet te vechten voor een goede plaats op aarde,
ik heb een nog veel mooiere plaats voor je!’

dia 14 – maak plaats voor mensen zoals Jezus
Maak jij plaats?
Jezus zegt in Matteüs 25: ‘alles wat jullie gedaan hebben
voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters,
dat hebben jullie voor mij gedaan.’
De geboorte van Jezus kunnen we niet meer overdoen,
maar we kunnen wel plaats maken voor mensen net als Jezus,
mensen voor wie in onze wereld geen plek is.
Jezus zegt: ‘als je dat doet, maak je plaats voor mij!’

Dat hoeft helemaal niet moeilijk te zijn.
Misschien zit er wel iemand bij jou in de klas,
die altijd alleen zit en geen vrienden heeft.
Ga er dan gewoon eens naast zitten
of ga samen eens iets leuks doen.
Dan maak je plaats.

Op deze wereld zijn miljoenen mensen voor wie geen plaats is.
Je kunt ze niet allemaal helpen, dat kan alleen Jezus.
Maar maak je plaats, met je tijd, met je geld, met je relaties?
Niet alleen voor mensen die jou goed liggen,
maar ook voor mensen waar niemand plaats voor heeft?
Dan breng je hoop in mensenlevens.
Dan zegt Jezus: zo heb je ook voor mij plaats gemaakt.

dia 15 – Jezus maakt plaats voor jou!
Net als Jezus zelf.
Hij deed het: hij gaf zijn plaats op,
om plaats voor jou te maken.
Daarom is het vandaag feest.
Amen.




Lucas 24:5b – Jezus, hij is niet bij de doden!

Jezus leeft, maar waar moet je hem zoeken? In ieder geval niet bij de doden. Hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag en zoekt je! Dat verandert je kijk op het hele leven.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 488 en Opwekking 614
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Lucas 24 : 1 – 12
Zingen: Psalm 21 : 3 en 7
Preek over Lucas 24 : 5b
Zingen: Sela – ‘Juicht / Hij is verheerlijkt’ (combinatie Opwekking 174 en 349)
Kinderen terug
Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 11
Zingen: LvK Lied 217 : 3 en 4
Belijdenis
Onderwijs belijdenis
Getuigenis Klasina
Zingen: GKB Gezang 160 : 1 en 2
Belijdenisvragen en zegenbede
Oproep aan gemeente
Zingen: Opwekking 710
Felicitaties
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 99 : 1 en 4
Zegen
Zingen: GKB Gezang 99 : 1 en 2

Jezus, hij is niet bij de doden!

Inleiding
dia 1 – zwart
‘Waarom zoeken jullie de levende onder de doden?’
De engelen stellen deze vraag met verbazing.
Vandaag is de grote dag, Jezus leeft!
Maar over een feest lezen we niets, wel over ongeloof.
Hoe kan dat?!

dia 2 – WIDM
Nou, ik weet wel een antwoord…
Het is maar één woord: ‘kokervisie’.
Wat dat is, kan ik het beste uitleggen met een voorbeeld:
het tv-programma ‘Wie is de Mol’?
Tien bekende Nederlanders gaan samen naar een ver land.
Met groepsopdrachten verdienen ze geld voor de pot.
Er is één probleem:
een van de deelnemers wil juist dat er zo weinig mogelijk in die pot komt.
Dat is de mol.
De mol saboteert, verdraait en verduistert.
Aan de deelnemers de taak de mol te ontmaskeren.
Alles draait om die ene vraag: ‘wie is de mol?’

dia 3 – detective
Thuis op de bank wordt je er in meegezogen.
Kun jij ontdekken wie de boel bedriegt?
Als een ware speurneus komt alles onder een vergrootglas.
‘Hij is wel erg stil, heeft hij iets te verbergen?’
‘Maar zij treed juist steeds op de voorgrond,
dat kan natuurlijk ook een manier zijn om de aandacht af te leiden…’
‘Is ze echt zo naïef, of speelt ze het maar?’
En dat de portofoon het weer eens niet doet,
dat is een wel heel doorzichtige mollenstreek.

dia 4 – kokervisie
Na een paar afleveringen wordt het steeds duidelijker:
jij weet wie de mol is!
Vanaf dan wordt het alleen nog maar bevestigd.
Als jouw mol niets uithaalt,
dan is dat natuurlijk omdat hij voorzichtig moet zijn.
Als jouw mol verantwoordelijk is voor het mislukken van een opdracht,
dan is dat logisch: hij is de mol.
Dat is precies wat kokervisie is:
jij weet hoe het zit, en alles wat er gebeurt, pas je in dat plaatje in.

Tot in de laatste aflevering blijkt dat jij er helemaal naast zat.
Tenminste, zo gaat dat bij mij altijd…
Alle verborgen hints heb ik gemist,
en de dingen waarvan ik dacht dat het hints waren,
bleken het helemaal niet te zijn.
De echte mollenacties zijn precies in beeld gebracht,
maar ik heb het gewoon niet gezien.
Achteraf blijkt alles anders.

dia 5 – Jezus, hij is niet bij de doden!
Kokervisie: je denkt dat het snapt.
Dat is wat er in Jeruzalem aan de hand is, die eerste paasdag.
De mensen dachten dat ze Jezus snapten.
Maar ze hebben het helemaal mis,
want Jezus, hij is niet bij de doden.

1. Jezus bij de doden zoeken
dia 6 – Jezus bij de doden zoeken
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’, vragen de engelen.
Voor de vrouwen bij het graf is dat helemaal geen vraag:
Jezus is dood, waar zouden ze hem anders moeten zoeken?
Natuurlijk zoek je Jezus bij de doden!

dia 7 – alleen de herinnering blijft bestaan
Daarom zijn ze daar, die ochtend.
Vrijdag hadden ze in alle haast Jezus begraven.
Er was geen tijd voor afscheid en verdriet.
Nu, op de vroege zondagochtend, willen ze dat inhalen.
Willen ze Jezus de laatste eer bewijzen,
door zijn lichaam met olie te verzorgen.
Willen ze voor de laatste keer zitten aan zijn voeten,
en kijken naar die man die hun levens veranderd heeft.
Willen ze huilen omdat het nooit meer hetzelfde zal zijn.
Alleen de herinnering aan Jezus zal voortleven.
En waar kun je die herinneringen beter zoeken dan hier,
in het graf, Jezus’ laatste rustplaats?

Wij kennen het vervolg van het verhaal:
Jezus is niet dood, hij leeft.
Jezus heeft zelfs verteld dat het zo zou gaan,
bijvoorbeeld in Lucas 9: ‘maar op de derde dag zal hij uit de dood worden opgewekt.’
Ze hadden het dus kunnen weten!
Geloofden ze Jezus soms niet?

dia 8 – opstanding past niet in het systeem
Probeer je even in die vrouwen in te leven.
Zo gek is het niet dat ze denken dat Jezus dood is.
Zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar:
dode mensen worden niet weer levend.
De dood is definitief.
Alleen Jezus kon er een einde aan maken,
maar ja, die is nu dood…
Dat Jezus zou opstaan uit de dood, dat paste gewoon niet in hun systeem.
Trouwens, ook niet in ons systeem.

dia 9 – televisie
Als je 500 jaar terug in de tijd zou kunnen gaan,
en dan de mensen daar zou moeten uitleggen wat een televisie is,
dan zouden ze je ook nooit gaan begrijpen.
Een schilderij dat steeds verandert en waar ook nog geluid uit komt…
Dat bestaat gewoon niet!
Hoe vaak je daar ook zou vertellen over een televisie,
de mensen zouden het toch nooit begrijpen.

dia 10 = dia 8
Zo is het met de opstanding van Jezus ook.
Hij heeft het er van tevoren wel over gehad,
maar de mensen konden het niet begrijpen.
Het past gewoon niet bij de wereld die zij kennen.
Dit is nieuw, dit is totaal anders.
Geen wonder dat ze Jezus bij de doden zoeken.
En natuurlijk reageren de andere leerlingen sceptisch
als de vrouwen hen proberen aan te praten dat Jezus leeft.
Dat kan gewoon niet!
Die vrouwen hebben slecht geslapen,
ze zijn emotioneel helemaal op, die kun je niet geloven.
Jezus is gewoon dood, punt.

dia 11 – wie Jezus was in plaats van wie Jezus is
Natuurlijk zoeken ze Jezus bij de doden!
En vandaag kunnen wij ook zomaar in die valkuil stappen.
Door te zoeken naar herinneringen aan Jezus,
in plaats van Jezus vandaag als de levende te ontmoeten.
Je leert Jezus niet kennen als je alles over hem leest.
Je leert Jezus niet kennen als je naar Israël gaat en daar zijn graf bezoekt.
Je leert Jezus niet kennen als hij in de geschiedenisboekjes blijft,
en alleen maar in de herinnering voortleeft.
Jezus bij de doden zoeken,
het is veel weten over wie Jezus was maar niets over wie hij vandaag voor je is,
het is veel studie doen naar Jezus, maar niet of nauwelijks in gebed met hem omgaan.

2. Jezus is niet bij de doden!
dia 12 – Jezus is niet bij de doden!
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Ook al is het volstrekt logisch om Jezus daar te zoeken,
toch stellen de engelen deze vraag.
En voor hen is het geen flauwe vraag:
ze verbazen zich er oprecht over waarom die vrouwen nog bij het graf komen.
Want Jezus had het gezegd, dat hij zou opstaan.
Ja, ze hadden het kunnen weten,
als ze echt naar Jezus hadden geluisterd,
en hun zicht niet vertroebeld was door hun eigen kokervisies.
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Het is geen vraag maar een boodschap:
Jezus is niet bij de doden!

dia 13 – alles blijkt anders
Langzaam dringt het bij de vrouwen door.
Als de engelen doorpraten,
Jezus’ eigen woorden in herinnering brengen,
komt het bij de vrouwen binnen.
‘O, wacht, ja, ja, het klopt, het klopt!’
Bij Petrus gaat het al net zo.
Terwijl de andere leerlingen nog denken
dat de vrouwen emotioneel ontoerekeningsvatbaar zijn,
haakt het bij Petrus.
Hier is iets aan de hand, en hij wil weten wat!

Het doet mij denken aan de verrassende ontknoping van een spannend boek.
Dat alle radertjes in je hoofd als een gek gaan draaien,
dat je het niet snapt, dat je honderden vragen hebt,
en dat langzaam het plaatje duidelijk wordt.
Dat alles anders is dan je dacht,
en dat als je het boek opnieuw zou lezen,
je opeens allemaal dingen leest die je eerder gewoon over het hoofd had gezien.

Zoiets gebeurt met de vrouwen en met Petrus.
Dat Jezus leeft, het paste niet in hun systeem.
Dan kun je twee dingen doen:
ontkennen dat Jezus leeft of je systeem aanpassen.
Ze doen het laatste: ze leren op een heel nieuwe manier te kijken,
naar Jezus, naar zichzelf en naar het leven.
Als Jezus is opgestaan, dan is alles anders dan gedacht!
Het is van een volstrekt andere orde, het past in geen enkel systeem,
het zet hoe je naar het leven kijkt helemaal op de kop.
Opeens begrijpen de vrouwen dat ze een kokervisie hadden.
Ze moeten Jezus opnieuw leren kennen.
De opstanding van Jezus past niet in onze kokervisies,
past niet bij het zoeken naar Jezus bij de doden:
Jezus is niet dood, hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag!

dia 14 – Jezus is koning in de hemel en op aarde
Een ‘volstrekt andere orde’ noemde ik het net.
Wat is dat compleet nieuwe, dat alles verandert?
Het is dat Jezus gestorven is en leeft,
dat hij met een hemels lichaam op aarde is,
dat hemel en aarde elkaar in hem ontmoeten.
Het is dat Jezus niet in alleen in de herinnering voortleeft,
als een wijze leraar die veel voor mensen betekend heeft.
We hoeven niet ‘in zijn geest’ hem na te doen
om van de wereld een betere plek te maken,
hij brengt zelf zijn koninkrijk op aarde.
Jezus is de koning van hemel en aarde,
zijn dood blijkt de genadeslag voor al het kwaad te zijn.

Dit is zo’n verrassende ontknoping, alles blijkt anders te zijn,
een ontknoping ook waar je honderden vragen bij kunt stellen.
‘Hoe zit het dan met dit?’, en ‘wat betekent dit hier nu voor?’
Met die vragen ben je nooit klaar.
De opstanding van Jezus blijkt altijd weer groter,
verwondert je alleen maar meer.

3. De levende Jezus zoekt je
dia 15 – de levende Jezus zoekt je
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Die vraag is voor ons een uitdaging.
Blijf je Jezus bij de doden zoeken?
Of ga je anders aankijken tegen Jezus, de wereld en het leven?
Het daagt je uit om je kokervisie aan de kant te zetten.

dia 16 – herken Jezus…
Maar als je Jezus niet bij de doden moet zoeken, wat moet je dan wel?
Het lijkt eigenlijk best wel voor dat hand te liggen:
dan moet je Jezus gewoon bij de levenden zoeken.
Dat klinkt simpel, en het is te simpel.
Want waar moet je dan zoeken?
Als Jezus leeft, dan kan hij overal zijn!
Dat de leerlingen naar Jezus zoeken, levert niets op.
Ze ontmoeten Jezus pas als Jezus zich laat zien,
als Jezus het is die hen zoekt!
Wij kunnen Jezus wel zoeken, maar het begint met dat Jezus zoekt.
Laat je je door de levende vinden?
Of vind je het idee zo belachelijk dat je hem simpelweg niet herkent?
Omdat het gewoon niet in je systeem past?

Klasina, jij belijdt vandaag in ons midden dat Jezus leeft.
Jezus heeft jou gezocht!
Klasina, jij bent door Jezus gevonden, jij hebt Jezus herkend,
en nu mag jij getuigen dat Jezus leeft!

dia 17 – …in wat hij doet
Als Jezus je zoekt – en dat doet hij! – dan kun je hem overal herkennen.
Ik wil er nu nog twee van noemen.
Het eerste: je kunt Jezus herkennen in wat hij doet.
Je hoeft niet naar de plaatsen waar Jezus ooit geweest is
om door hem gevonden te worden.
Hij is overal, en laat overal zijn handtekening achter.
Je kunt hem herkennen in het werk van het Leger des Heils
op de Wallen in Amsterdam.
Maar je hoeft zelfs niet zo ver van huis.
Je kunt Jezus ook in Franeker, of Dronrijp, herkennen.
Overal waar mensen met Jezus leven,
overal waar mensen vergeven, liefhebben en zichzelf verloochenen,
mag je Jezus herkennen.
Niet het lege graf bewijst dat Jezus is opgestaan,
maar wat Jezus doet in de levens van mensen die hem herkennen.

dia 18 – …aan zijn maaltijd
Het tweede: volgende week vieren we de maaltijd van de Heer.
Klasina, jij mag het voor het eerst meevieren.
Ook daar aan tafel mag je Jezus als de levende ontmoeten.
Het avondmaal is geen herinnering aan wie Jezus was,
ja natuurlijk denken we terug aan zijn sterven en leven,
maar het is allereerst een ontmoeting met wie Jezus is.
En wie volgende week aan tafel gaat,
doet zelf ook weer belijdenis van zijn of haar geloof:
dat Jezus niet dood is, maar de levende Heer.

Jezus is niet bij de doden, hij leeft en zoekt je.
Mag hij jou vinden?
Dan zul je echt leven, met hem!
Amen.




Lucas 23:34a – Jezus, hij is goed tot het uiterste

De hele wereld keert zich tegen Jezus, neemt hem niet serieus in wie hij is. En wat doet Jezus? Hij bidt voor zijn vijanden! Hij reageert vol liefde. Want hij ziet geen boze wereld, maar kwetsbare mensen.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 175 : 1 en 2
Gebed
Lezen: Lucas 22 : 66 – 23 : 12
Zingen: Psalm 2 : 1 en 4
Lezen: Lucas 23 : 13 – 25
Zingen: LvK Lied 181 : 1, 2 en 6
Lezen: Lucas 23 : 26 – 34a
Overdenking
Zingen: LvK Lied 189 : 2, 3 en 4
Lezen: Lucas 23 : 34b – 46
Stilte en doven paarskaars
Zingen: Psalm 31 : 1, 2 en 3
Lezen: Lucas 23 : 47 – 56
Zingen: GKB Gezang 90 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Lied 192 : 1, 2, 5 en 6
Zegen

Jezus, hij is goed tot het uiterste

Inleiding
dia 1 – Groningen
Ik ben blij dat ik niet in Groningen woon.
En dat terwijl ik niet eens een Fries ben…
Nee, ik heb het over de aardbevingen.
In Groningen wordt al jarenlang naar gas geboord,
en is ook al jaren sprake van aardbevinkjes.
Steeds iets zwaarder.
Maar ja, bewijs maar eens dat die bevingen met de gaswinning te maken hebben…
De Groningers wisten het al lang,
maar er was niemand die er naar luisterde.
Niemand die de Groningers serieus nam.

dia 2 – aardbevingsschade
Je zult maar een schattig en oud huisje hebben gekocht op het Groningse platteland,
om er met je spaargeld en veel vrije uren iets moois van te maken.
Maar dan ontdek je tot je verbijstering dat er een grote scheur is ontstaan
in de gevel van je prachtige huisje.
Die zaten er gisteren nog niet!
Als er nog meer scheuren bij komen,
is er nog maar een mogelijkheid: renoveren.
En wie gaat dat betalen…?

Jarenlang werden de Groningers van het kastje naar de muur gestuurd.
Kort geleden kwam er een vernietigend rapport over uit van een onderzoekscommissie:
de belangen van Groningers zijn opgeofferd aan economische belangen.
Eindelijk erkenning voor de Groningers.
Maar de problemen zijn er niet mee opgelost.
In Den Haag wordt volop gediscussieerd,
maar dat brengt de veiligheid niet terug als je in Groningen woont.
Wat is het frustrerend om zo machteloos te zijn,
frustrerend dat je niet serieus genomen wordt!
Ik snap wel dat veel Groningers woedend zijn!

dia 3 – Jezus, hij is goed tot het uiterste
Daarmee komen we bij het kruis.
Jezus wordt ook volstrekt niet serieus genomen.
Wat moet dat frustrerend voor hem zijn:
hij komt de wereld redden maar de wereld wil hem niet.
Maar Jezus wordt niet woedend.
Hij reageert juist vol liefde.
Jezus, hij is goed tot het uiterste.

1. Jezus wordt miskend
dia 4 – Jezus wordt miskend
Jezus wordt niet serieus genomen.
O ja, er waren massa’s mensen die graag naar hem luisterden.
Jezus kon inspirerend vertellen.
En als hij de Farizeeën de les las, dat was puur genieten!
Maar Jezus wordt niet serieus genomen in wie hij is:
de Zoon van God die naar de wereld gekomen is om te redden.
Jezus wordt miskend.
En het brengt hem aan het kruis.

dia 5 – Jezus gekruisigd omdat hij niet serieus wordt genomen
Jezus is helemaal alleen.
Zijn beste vrienden, de twaalf leerlingen,
hebben hem in de steek gelaten toen het echt spannend werd.
Er is niemand die het nog voor Jezus opneemt.
Hij staat er alleen voor.

Vroeg in de ochtend wordt Jezus voorgeleid aan de leiders van het volk.
Het is geen geheim dat ze niets van Jezus moeten hebben.
Ze zien hem als een onruststoker met gevaarlijke ideeën.
Jezus heeft het hoog in de bol: alsof hij van God zou komen.
Wat een onzin!
En als Jezus dan ook nog suggereert dat hij de Zoon van God is,
is het voor de leiders klaar:
deze Jezus is een gevaar voor het volk en de Joodse godsdienst.
Ze zien Jezus niet zoals hij is, en daarom moet hij sterven.

En dan komen Pilatus en Herodes in beeld.
Geen van beide heeft zin zijn vingers aan Jezus te branden.
Ook zij nemen Jezus niet serieus.
‘Bent u de koning van de Joden?’ vraagt Pilatus.
‘U zegt het’, antwoordt Jezus.
Pilatus zal wel denken: wat voor een idioot hebben die Joden nu weer gevonden…
‘De koning van de Joden…’, ja, vast, en ik ben dan zeker keizer Augustus…
Jezus heeft ze gewoon niet helemaal op een rijtje,
maar daar krijg je de doodstraf nog niet voor.

De Joodse leiders zijn het daar niet mee eens.
Ze jutten het volk op, en al snel galmt het rond: ‘kruisig hem, kruisig hem!’
Dat hetzelfde volk nog geen week geleden Jezus juichend in Jeruzalem onthaalde,
dat is blijkbaar alweer vergeten.
Wat is roem toch vergankelijk.
De lof van het volk blijkt niks waard.
En Pilatus blijkt een zwakkeling.
Wat kan het hem eigenlijk allemaal schelen.
Als die Joden zo nodig iemand willen kruisigen, dan doen ze dat toch lekker?
Dan moet Jezus daar maar voor geofferd worden.

Zo komt Jezus aan op Golgotha.
Soldaten spijkeren hem aan het kruis,
ze voeren ook maar hun opdracht uit.
Ze hebben er geen idee van wie ze kruisigen.
Jezus komt te hangen tussen twee misdadigers.
‘Dat zal zijn verdiende plek wel zijn’, denken ze.
Jezus wordt gezien en behandeld als een misdadiger.
Jezus wordt gekruisigd omdat hij wordt miskend in wie hij is:
de Zoon van God.
In plaats daarvan eindigt hij tussen het soort waar hij altijd mee omging.
In het midden, alsof hij een maffialeider is.

dia 6 – de hele wereld tegen Jezus
Onbegrijpelijk dat dit zo heeft kunnen gebeuren.
Iedereen ziet toch dat Jezus nooit gekruisigd had mogen worden?
Hoe kan het dat de hele wereld zich zo tegen Jezus keert?
Dat het kwaad tot het uiterste zichtbaar wordt?
Hoe blind konden ze zijn?!

Maar Jezus wordt niet alleen miskend door zijn tijdgenoten.
Hoe serieus neem jij Jezus zelf?
Hij is de Heer van je leven, hij heeft het voor het zeggen,
maar wat ben ik graag zelf de baas in mijn leven.
Wat denk ik makkelijk dat ik het zonder Jezus ook wel redt.
Misken ik Jezus.
Daarmee ben ik net zo goed verantwoordelijk
voor dat grote onrecht dat Jezus treft.
Het is de hele wereld tegen Jezus.

2. Jezus reageert met erkenning
dia 7 – Jezus reageert met erkenning
En dan komt dat gebed van Jezus:
‘Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen.’
De wereld miskent Jezus, wil hem niet als Heer.
Maar Jezus zegt niet: ‘dan wil ik ook niets met de wereld te maken hebben.’
Hij blijft de wereld, al die mensen die hem miskennen, serieus nemen.
Hij reageert met erkenning:
Jezus begrijpt waarom ze hem kruisigen,
en Jezus reageert vol bewogenheid.

dia 8 – Jezus beantwoordt onrecht met liefde
Ik vind dit een van de indrukwekkendste bijbelverzen.
Wat met Jezus gebeurt is puur kwaad:
de kruisiging, de bespotting, de minachting.
Een en al geweld en onrecht.
En wat doet Jezus? Hij bidt voor zijn vijanden!
Onvoorstelbaar mooi!
De soldaten die Jezus aan het kruis spijkeren hebben zoiets nog nooit meegemaakt.
Ze kruisigen wel vaker mensen, en krijgen dan heel wat lelijks over zich heen.
Jezus doet het compleet tegenovergestelde: hij vloekt niet, hij zegent!

Dat is trouwens precies wat hij zijn leerlingen heeft geleerd, bijvoorbeeld in Lucas 6
‘Heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten,
zegen wie jullie vervloeken, bid voor wie jullie slecht behandelen.’
Als je wel eens het gevoel hebt dat je onrechtvaardig wordt behandeld,
weet je hoe moeilijk deze opdracht is.
Het is zo makkelijk gezegd, maar in de praktijk…
Voor Jezus zijn het niet maar mooie woorden:
hij maakt zijn woorden waar.
Zelfs nu de hele wereld zich tegen hem keert,
het kwaad over hem wordt uitgestort.
Jezus brengt het goede tot het uiterste in de praktijk.

Zelfs aan het kruis is Jezus niet met zichzelf bezig maar met anderen.
En als hij nou bezig was met zijn geliefden,
dan kon je er tenminste nog iets van begrijpen…
Maar Jezus is bezig met zijn vijanden: hij zoekt het beste voor hen.
Of eigenlijk zijn die vijanden ook zijn geliefden: Jezus doet het voor hen.
Voor zijn leerlingen, de Joodse leiders, Pilatus en Herodes, het Joodse volk,
voor jou, en jou, en jou, voor mij!
Steeds weer als je hem miskent, mag je denken aan dit gebed:
‘Vader, vergeef hun.’

dia 9 – Jezus heeft oog voor kwetsbare mensen
Jezus doet beroep op dat de mensen niet weten wat ze doen.
Een excuus dat vaak gebruikt wordt: ‘ik wist het niet’.
‘Nee, maar je had het wel moeten weten.’
Wisten de mensen echt niet wat ze deden?
Het is toch overduidelijk dat een onschuldige wordt gekruisigd?
Maar zelfs als ze echt dachten dat Jezus een misdadiger was,
iemand die in die tijd nu eenmaal de kruisdood verdiende,
dan nog hadden ze het toch wel kunnen weten?
Hoe kunnen ze zich verschuilen achter onwetendheid?
Drie jaar lang heeft Jezus verteld over zichzelf en zijn Vader,
was dat dan nog niet genoeg?
Zelfs vandaag nog is hij Gods Zoon en Koning van de Joden genoemd!
En toch zegt Jezus: ‘want ze weten niet wat ze doen.’
Want Jezus ziet geen boze wereld maar kwetsbare mensen.
Mensen die bang zijn voor Jezus of voor wat Jezus van hen vraagt.
Mensen die maar niet beseffen wie Jezus werkelijk is.
Mensen zoals ik.
Jezus erkent dat, en bidt voor je!

3. Laat je overwinnen
dia 10 – laat je overwinnen
Hoe veel kwaad Jezus ook over zich heen krijgt,
hij blijft reageren met het goede.
Laat dat goede ook jou overwinnen.

dia 11 – geef je over aan Jezus’ goedheid
In Handelingen 3 komt Petrus terug op dat gebed van Jezus.
Hij zegt: ‘volksgenoten, ik weet dat u uit onwetendheid hebt gehandeld,
evenals uw leiders. (…)
Wend u af van uw huidige leven
en keer terug tot God om vergeving te krijgen voor uw zonden.’
De onwetendheid heeft niet het laatste woord.
Je mag weten wie Jezus is: de Zoon van God, je Redder en Heer,
die gekomen is om de wereld te verlossen.
Met zijn goedheid wil hij al het kwaad dat in jou is overwinnen.
Zwicht voor Jezus’ goedheid, geef je eraan over.
Ook steeds weer als het kwaad de kop opsteekt.
Want het kwaad zal blijven trekken,
en er zullen momenten zijn dat je niet beseft wie Jezus is.
Dat je Jezus kruisigt.
Laat je dan weer door zijn goedheid overwinnen.
Dan sterft je oude mens met Christus.

dia 12 – hoe zie jij Jezus?
De eerste die beseft dat er een vreselijke vergissing is gemaakt,
de eerste die Jezus wél serieus neemt,
en zich aan zijn goedheid overgeeft,
is een Romeins officier, een centurio.
Als Jezus zijn laatste adem uitblaast, zegt hij:
‘werkelijk, deze mens was een rechtvaardige!’
Zie jij het ook?
Amen




Lucas 20:17 – Jezus, hij vestigt zijn macht

Wie is de baas en wie speelt de baas? In de laatste week voor Jezus’ sterven en opstanding is dit de grote vraag. Jezus reageert met een verhaal over wijnbouwers. Hij heeft het over zijn dood, die niet het einde maar een nieuw begin is.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 91 (Frysk)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 298
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Lucas 20 : 1 – 19
Zingen: Psalm 118 : 7, 8 en 9
Preek over Lucas 20 : 17
Zingen: Opwekking 706
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: LvK 183 : 1 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 29 : 1, 2 en 4
Zegen

Jezus, hij vestigt zijn macht

Inleiding
dia 1 – parkeerplaats
Als wij met de auto weg zijn geweest, is het altijd weer spannend:
is er nog ruimte om de auto te parkeren?
We hebben geen oprit,
dus we parkeren de auto altijd aan de straat.
Meestal is het rustig,
want waarom zou je bij ons in de straat betaald parkeren
als je 200 meter verderop gewoon gratis kunt staan.
Dan kan ik parkeren in mijn favoriete vak:
bij de boom, precies voor ons huis.
Die boom is een handig hulpmiddel om de auto precies in het vak te zetten
en als ik daar sta, zet ik geen stap teveel naar de voordeur.
Ik ben wel gehecht aan mijn plekkie.

Soms is mijn parkeervak bezet.
Vooral op zondagmiddag,
als ik ergens anders in de provincie een kerkdienst heb gedaan,
moet ik nog wel eens aan het einde van de straat parkeren.
Vervelend is dat!
Helemaal balen is het als er in de hele straat geen plekje meer vrij is.
Dat gebeurt gelukkig niet vaak,
maar elke keer is er een te veel…
Waarom moeten al die mensen hun auto in mijn straat parkeren?!
Waarom houden ze mijn parkeervak niet vrij?!

dia 2 – wegsleepregeling
Ja, ik weet het, dat parkeervak is niet van mij,
het is gewoon een openbare parkeerplaats.
Maar het voelt wel als mijn plek.
Ik kan geen bordje ophangen dat de parkeerplaats voor mij gereserveerd is
en wie het toch waagt om daar te parkeren zal worden weggesleept.
En als ik de dief van mijn plek aanpak door mijn auto ernaast te zetten
zodat hij niet meer uit het vak komt,
dan ben ik bang dat mijn auto eerder wordt weggesleept…
Ik heb nu eenmaal geen recht om mijn plek.
Ook al voelt het wel zo…

dia 3 – Jezus, hij vestigt zijn macht!
Mensen denken al snel dat ze ergens recht op hebben,
en dan gaan ze zich ook zo gedragen.
Het is mijn parkeervak, mijn stad en mijn leven.
Anderen moeten daar vanaf blijven!
Jezus trekt zich daar niet zoveel van aan.
Hij heeft recht op alles, zelfs op jouw leven.
Daar gaat dat verhaal van de wijnbouwers over.
Jezus, hij vestigt zijn macht!

1. Waar haalt hij het recht vandaan?!
dia 4 – waar haalt hij het recht vandaan?!
Het zijn de laatste dagen voor Jezus’ dood en opstanding.
De afgelopen weken was Jezus op reis naar Jeruzalem.
Nu is de bestemming bereikt.
Zijn komst blijft niet onopgemerkt.
Een welkomstwoord van de burgemeester zit er niet in,
maar de inwoners van Jeruzalem zijn massaal uitgerukt.
Terwijl Jezus op een ezel aan komt rijden,
maken ze een erehaag en zingen ze hem Psalm 118 toe:
‘Hosanna, gezegend hij die komt in de naam van de Heer!’

dia 5 – Jezus maakt inbreuk op de macht van de leiders
Eenmaal in Jeruzalem gaat Jezus naar de tempel.
Daar beginnen de spanningen.
In de tempel is de markt bezig, er wordt volop gehandeld.
Het zint Jezus niet en hij jaagt de kooplieden weg.
Om even in het parkeerplaatsvoorbeeld te blijven:
alsof ik ergens een heftruck vandaan zou halen
en daarmee de auto’s die in de weg staan in het water zou dumpen.
Logisch dat mensen aanstoot nemen aan het gedrag van Jezus.

Vooral de hooggeplaatste Joden,
de priesters, schriftgeleerden, oudsten,
zij die het in Jeruzalem voor het zeggen hebben.
De tempel is hun domein.
Waar haalt die Jezus het recht vandaan
om in hun tempel de baas te gaan spelen?!
De tempel is van hen!
Je moet het maar durven: de Joodse leiders zo openlijk uitdagen.
Jezus maakt inbreuk op de macht waar de leiders zo aan gehecht zijn.

dia 6 – wat is Jezus’ bevoegdheid?
Het brengt die leiders in een lastige situatie.
Aan de ene kant willen ze Jezus uit de weg ruimen,
maar aan de andere kant hebben ze dan wel een groot probleem met het volk.
Ze doen dus nog even niets.
Ondertussen is Jezus elke dag in te tempel te vinden om er onderwijs te geven.
Op een van die dagen gaan de leiders het gesprek met Jezus aan:
‘beste Jezus, wat is je bevoegdheid?
Je gedraagt je alsof deze tempel van jou is.
Waar haal je het recht vandaan?’

Het is een heel redelijke vraag:
komt Jezus van God of is hij een charismatische bedrieger?
Als Jezus antwoordt, begint hij over Johannes de Doper.
Dat lijkt wat flauw, alsof hij er omheen draait.
Maar de leiders weten precies waar Jezus heen wil.
Jezus is door Johannes gedoopt, en Johannes heeft over Jezus geprofeteerd:
‘hij is het lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt.’
Als Johannes door God gestuurd is, dan moeten ze ook Jezus erkennen.
Daar willen ze dus niet aan!

dia 7 – Jezus bemoeit zich met je leven
Een God die op afstand staat is relatief veilig.
Een God die de wereld gemaakt heeft,
en nu van een afstandje toekijkt,
daar kun je je schouders nog over ophalen.
Maar God die zich bemoeit met je leven en met je keuzes,
die claimt dat jouw leven van hem is,
dat hij het voor het zeggen heeft in jouw eigen koninkrijkje,
dat is wel even een ander verhaal!
De Joodse leiders dachten dat de tempel van hen was:
in de tempel gaat het op hun manier.
Zo wil ik graag dat mijn leven van mij is!
Waar haalt Jezus het recht vandaan zich ermee te bemoeien?!

2. Jezus doden uit zelfbescherming
dia 8 – Jezus doden uit zelfbescherming
Jezus gaat verder met een verhaal.
Bij ons in huis grappen we wel eens:
de kinderen spelen de baas, papa heet de baas en mama is de baas.
Daarover gaat het verhaal van Jezus: wie speelt de baas en wie is de baas?
De Joodse leiders beschuldigen Jezus ervan dat hij de baas speelt
zonder dat hij bevoegdheid heeft.
Jezus keert het om: ‘die tempel is niet van jullie, maar van mij!
Je leven is niet van jezelf, maar van mij!
Je speelt de baas, maar je bent het niet.
En dat wordt mijn dood.’

dia 9 – zelf beter worden van wat van God is
Laten we eens beter naar het verhaal kijken.
Een man legt een wijngaard aan.
Dat is niet iets wat je even op een vrije zaterdagmiddag doet:
het is een project waar deze man veel tijd in heeft gestoken.
Een wijngaard, dat is een beeld dat vaker gebruikt wordt voor het volk Israël.
De mensen die luisteren, weten direct: dit gaat over ons!

Voordat de wijngaard ook maar iets heeft opgebracht, vertrekt de eigenaar.
Hij vertrouwt de wijngaard aan anderen toe.
Een lelijke vergissing…
De wijnbouwers vinden het een mooie wijngaard,
zo mooi dat ze hem voor zichzelf willen houden.
‘Weggegaan? Plaats vergaan!’ is hun motto.
Dat de eigenaar daar anders over denkt, is hun een zorg.
De eigenaar stuurt verschillende knechten
om zijn deel van de opbrengst op te halen.
Maar bont en blauw en met lege handen komen de knechten bij hem terug.

De Joodse leiders zijn niet blij met dit verhaal.
Als Israël de wijngaard is, dan is God de eigenaar en zijn zij die wijnbouwers.
God heeft hen de verantwoordelijkheid gegeven om Israël te laten bloeien.
Maar de leiders zijn liever bezig met zichzelf.
Wat ze van God hebben gekregen, gebruiken ze om zelf beter van te worden.
God heeft heel wat profeten gestuurd, tot Johannes de Doper aan toe,
maar Gods mening wordt niet op prijs gesteld.
Ze houden liever vast aan hun verworvenheden.

dia 10 – God wil mensen voor zich winnen
Jezus vertelt verder.
Wat moet de eigenaar nu doen?
Dat lijkt mij niet zo’n moeilijke vraag.
Die wijnbouwers hebben zich onmogelijk gemaakt,
stuur er maar een legertje op af,
zet hen gevangen en laat hen alles maar terugbetalen.
Dat zal die wijnbouwers leren.
Maar nee, de eigenaar stuurt zijn eigen zoon.
Dat is wat God gedaan heeft.
In Jezus komt hij de macht opeisen,
maar op een heel andere manier dan verwacht.
Niet met een overweldigend leger om orde op zaken te stellen.
Maar met zijn Zoon, om de mensen voor hem te winnen.

dia 11 – mensen willen Jezus niet
De wijnbouwers ruiken hun kans.
‘Kijk jongens, dat is toch de zoon van de baas?
Misschien is de baas wel dood.
Als de zoon dan ook dood is, is de wijngaard van ons!
Waar wachten we nog op?’
De wijnbouwers vermoorden de zoon.
Dan hoeven ze niet langer de baas te spelen, maar zijn ze de baas!
Zo vertelt Jezus wat de Joodse leiders zullen doen:
ze zullen hem doden om hun eigen belangen veilig te stellen.

Nee, Jezus doden, dat kunnen wij niet.
Ik zou zeggen: dat hebben de Joodse leiders al voor ons gedaan.
Want wees eerlijk: Jezus die je leven claimt,
je tijd, je geld, je gaven en talenten,
Jezus die zegt dat je Gods wijngaard in beheer hebt,
en niet moet denken dat de wereld er voor jou is,
wil je die Jezus wel?
Of stuur je hem liever even weg als dat je beter uitkomt?

3. Jezus’ dood bevestigt zijn macht
dia 12 – Jezus’ dood bevestigt zijn macht
Terug naar de tempel.
Om Jezus staat een grote groep mensen.
Ze reageren ontzet op Jezus’ verhaal: ‘dat nooit!’
Ze kunnen het niet geloven:
‘Jezus wordt door onze leiders vermoord?!
Zo mag het niet aflopen, dat is niet de afspraak!’
Maar Jezus weet dat het zo moet gebeuren:
zijn dood bevestigt zijn macht.

dia 13 – Jezus’ dood wordt een nieuw begin
De Joodse leiders denken de oplossing te hebben voor hun probleem:
ruim Jezus op, en je problemen zullen verdwijnen.
De tempel blijft van hen, zij blijven aan de macht,
alles blijft bij het vertrouwde oude.
Maar Jezus wordt niet onschadelijk gemaakt door hem te doden.
Het zijn juist de leiders die onschadelijk gemaakt worden.
Uit het toppunt van menselijke hoogmoed begint God iets nieuws.
Zijn gedode Zoon is een nieuw begin.

Als de mensen ontzet reageren, wijst Jezus op Psalm 118.
‘Weten jullie nog, een paar dagen geleden,
toen ik in Jeruzalem aankwam?
Jullie onthaalden me als koning en zongen Psalm 118:
“gezegend hij die komt in de naam van de Heer.”
Maar er staat nog meer in de Psalm.
Die koning waar jullie over zongen, die wordt verworpen,
hij is de steen die de bouwers afkeurden.
Maar deze steen wordt de hoeksteen, het nieuwe begin!
Mijn dood is niet het einde: hier begint mijn grootheid!’

dia 14 – Jezus wint van mijn machtsspelletjes
Dit is een raadsel, een geheim.
De Zoon van God is niet welkom bij mensen,
hij wordt bespot, mishandeld en gedood.
De mensen laten zich van hun lelijkste kant zien.
En Jezus laat het gebeuren.
Juist in zijn dood vestigt Jezus zijn macht definitief.
De macht van liefde en zelfverloochening.
Jezus hoeft niet de baas te spelen, hij geeft zich juist aan mensen over.
Zo wint hij van al die machtspelletjes,
van de Joodse leiders, maar net zo goed van mij.

dia 15 – Noah
Dat is goed nieuws!
Een wereld die aan mensen is overgeleverd, wordt een hel.
Afgelopen week heb ik de film ‘Noah’ gezien.
De naam zegt het al: deze film gaat over Noach.
De regisseur heeft niet zijn best gedaan
om de film te laten lijken op het bijbelverhaal.
Als je een film verwacht die het bijbelverhaal laat zien,
laat deze film dan lekker links liggen.
Maar wat ik heel sterk vond
was hoe de film liet zien dat mensen een ramp voor de aarde zijn.
Altijd bezig met zichzelf, met hun eigen voorspoed,
van hoe de Schepper het bedoeld heeft, trekken ze zich niets aan.
Om de stomste dingen maken mensen ruzie en hakken ze elkaar de kop in.
En wat me in de film nog het meest trof:
Noach beseft dat hij geen haar beter is.
Dat het kwaad ook in hem zit.
Dat de wereld beter af is zonder mensen,
want mensen bezwijken allemaal voor de verleiding van macht.

dia 16 – Jezus doorbreekt het patroon
Jezus doet dat niet.
Met zijn dood doorbreekt hij het patroon
van een wereld die is overgeleverd aan machtszucht van mensen.
Jezus verlost de wereld van alle koninkrijkjes die mensen voor zichzelf bouwen:
hij vestigt zijn macht, zijn koninkrijk.
Hij staat erboven.
Jezus speelt geen machtsspelletjes.
Jezus’ dood laat liefde en zelfverloochening winnen.
Dat is het begin van een heel nieuwe wereld.

4. Wat doe je met de Zoon?
dia 17 – wat doe je met de Zoon?
Blijft nog de vraag over:
wat doe je met dit verhaal van Jezus?
In zijn verhaal komt de eigenaar terug om orde op zaken te stellen.
Wij leven nog altijd in afwachting van die dag.
Hoe treft God je dan aan?
Als iemand die zich zijn wijngaard heeft toegeëigend,
die bouwt aan zijn eigen koninkrijkje?
Of als iemand die onder het gezag van Jezus leeft,
en werkt voor zijn koninkrijk?
Wat doe je met de Zoon?

dia 18 – bescherm je je eigen leven?
De Joodse leiders kunnen het niet aanhoren.
Na het verhaal van Jezus zijn ze woest.
Wie denkt Jezus wel dat hij is?!
Jezus maakt hen publiekelijk te schande,
daarvoor moet Jezus gestraft worden!
Nog meer dan ze al deden, zoeken ze naar de kans om Jezus uit de weg te ruimen.
Ze doen alles om hun zo mooi opgebouwde leven te beschermen.

Zo moet het dus niet, maar zo doe ik het vaak wel.
Het is niet zo dat we na de dood en opstanding van Jezus
automatisch het goede kiezen.
Ik kan nog steeds voor mijn eigen leven, mijn koninkrijkje kiezen,
en dat doe ik helaas ook met enige regelmaat.
Als ik weer iemand probeer te ontlopen
Als ik weer voor een dubbeltje op de eerste rang wil zitten.
Als ik weer mijzelf zie als een beter mens.
Maar als je het vanuit Gods licht bekijkt,
zijn dat niet meer dan wat laatste stuiptrekkingen van de oude mensheid.
Jezus heeft al gewonnen.

dia 19 – laat je van jezelf bevrijden
En God wil verder met mensen.
Noach uit de film denkt dat de wereld beter af is zonder mensen.
God denkt daar anders over.
Hij wil die mensen, die steeds weer in hun oude patronen vervallen,
voor zich winnen.
Daarvoor geeft hij zijn Zoon.

Jezus wil je van jezelf bevrijden.
Het is veel beter om onder zijn macht te zijn,
dan in de macht van jezelf.
Want zo mooi is het leven niet als ik er de baas ben.
Dan ben ik liever in de macht van Jezus
die zijn macht gebruikt om zijn leven te geven.

dia 20 – Jezus is Heer
Erken daarom: Jezus is Heer, ook in mijn leven.
Dat is het begin van nieuw leven.
Een leven waar je niet zelf beter van hoeft te worden,
maar een leven in dienst van God.
Niet dat je dan nooit meer voor jezelf kiest.
Maar zijn liefde zal je veranderen.
Want hij is Heer.
Amen.




Lucas 15:31-32 – Jezus, hij wacht zondaars op

Maak Jezus geloven niet te goedkoop? Is genade niet te gemakkelijk? Met die vraag zitten de Farizeeën. Jezus reageert met het verhaal over een vader en zijn twee zonen. Het is een uitnodiging: wees niet jaloers op anderen maar geniet van Jezus!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.
Bij deze preek is een verwerkingsblad beschikbaar: Samen Groei-en.

Liturgie
Zingen: LvK Lied 177 : 1 en 5
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 428
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Lucas 15 : 1 – 2 en 11 – 32
Zingen: Psalm 126 : 1, 2 en 3
Preek over Lucas 15 : 31 – 32
Zingen: Psalm 103 : 4, 5 en 9
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: LvK Lied 436 : 1, 3 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 89 : 1 en 4
Zegen

Jezus, hij wacht zondaars op

Inleiding
dia 1 – zwart
Ik ben het oudste kind van mijn ouders,
ik ben dus een echte oudste zoon.
Het schijnt dat je plaats in het gezin
ook invloed heeft op je karakter.
Oudste kinderen staan bekend als plichtsgetrouw en verantwoordelijk.
Voor mij gaat het in ieder geval wel op,
en dat is zowel een kracht als een valkuil.
Het betekent in ieder geval dat ik mij kan ergeren
aan mensen die hun verantwoordelijkheid niet nemen.

dia 2 – boeken
Toen ik nog studeerde, moest ik regelmatig scripties schrijven.
Dat was soms best pittig:
een onderzoeksvraag bedenken, informatie zoeken en sorteren,
het schrijven zelf, en dan ook nog nauwkeurig zijn met voetnoten.
En dat dan in een paar weken tijd.
Want er was ook altijd een deadline.
Had je je scriptie niet voor een bepaalde datum ingeleverd,
dan kreeg je puntenaftrek of moest je het volgend jaar maar over doen.

dia 3 – deadline
Voor mij, als verantwoordelijke jongen, werkt dat goed.
Mijn scripties waren altijd keurig op tijd klaar.
Soms was ik niet echt tevreden over mijn scriptie,
maar de beschikbare tijd was gewoon om,
en dan moet je genoegen nemen met wat je in die tijd kunt doen.

Anderen waren minder onder de indruk van deadlines.
Dat waren trouwens ook altijd dezelfden.
Steevast leverden zij hun scripties een paar weken te laat in.
Zij bepaalden zelf wel wanneer zij tijd hadden voor die scriptie.
En nu komt het: dat werd gewoon geaccepteerd.
De dreiging van puntenaftrek was altijd een loos dreigement.
Sterker nog: omdat deze klasgenoten meer tijd voor de scriptie hadden genomen,
gebeurde het regelmatig dat ze beloond werden met een hoog cijfer.
Dan dacht ik altijd: ‘ja, zo kan ik het ook,
als ik onbeperkt tijd mag nemen, dan haal ik ook 2 punten hoger.’
Ik vond dat mijn klasgenoten er veel te makkelijk mee wegkwamen.
Dat vind ik nog steeds, maar inmiddels heb ik ontdekt
dat dat misschien wel meer over mij zegt dan over mijn klasgenoten.
Maar ik kan mij er nog steeds over opwinden.

dia 4 – Jezus, hij wacht zondaars op
Over die opwinding gaat het vanmorgen:
Jezus laat zondaars veel te makkelijk wegkomen, hij wacht hen zelfs op!
Ondertussen worden mensen die wel hun verantwoordelijkheid nemen
er niet eens voor beloond.
Hoe kan dat nou?

1. Veel te makkelijk
dia 5 – veel te makkelijk
De Farizeeën en schriftgeleerden hebben weer eens kritiek op Jezus.
Het zal ook eens niet…
Maar hun kritiek is volgens mij heel begrijpelijk.
Jezus is op weg naar Jeruzalem, om daar met Pasen te zijn,
en onderweg trekt Jezus een bepaald soort mensen aan.
Corrupte ambtenaren, losbollen, drankmisbruikers, hoeren,
voor de Farizeeën is het allemaal een pot nat.
En wat doet Jezus?
Hij staat met open armen op hen te wachten,
zegt dat hun zonden vergeven zijn en dat het goed is met God.
De Farizeeën zijn geïrriteerd:
zo makkelijk mogen die zondaars er toch niet mee weg komen?!
Dit is onverantwoord!
De Farizeeën kunnen het niet met hun geweten rijmen.

dia 6 –jongste zoon: denkt alleen aan zichzelf
Jezus hoort het gemopper van de Farizeeën,
en hij grijpt de kans aan om verhalen te vertellen,
onder andere het verhaal over een vader en zijn twee zonen.
De jongste zoon is typisch zo’n zondaar waar de Farizeeën moeite mee hebben.
Hij vraagt zijn vader om het geld waar hij recht op heeft als zijn vader sterft.
‘Papa, ik kan niet wachten tot je dood bent,
verkoop je bezit maar, alleen je geld kan me interesseren.’
Wat een narcistische hork!
Geld kan nooit op tegen het hebben van een vader die van je houdt.
Twee weken geleden is mijn schoonvader overleden,
en daardoor besef ik alleen maar meer hoe waardevol vaders zijn.
Als ik zijn leven terug kon kopen, zou ik het direct doen!
De jongste zoon niet: hij wenst zijn vader dood, voor zijn geld.
Dat egoïsme verbijstert mij.

Zijn vader is nog zo gek ook om hem het geld mee te geven.
Zoonlief vertrekt, laat zijn vader en broer ontredderd achter,
en gaat een nieuw leven tegemoet, ver van huis.
Van geld blijkt hij niet veel verstand te hebben,
hij jaagt het er in mum van tijd doorheen.
Feestjes, drugs, alcohol, vrouwen, het is allemaal niet gratis…
Al snel is het geld op,
en meneer de levensgenieter eindigt tussen de varkens,
de onreinste dieren die je kunt bedenken.
Dieper kun je niet zinken.

dia 7 – terugkomst: ontroerend of te makkelijk?
Het geeft hem in ieder geval de tijd om na te denken.
Al snel is voor hem duidelijk: dit is geen leven,
ik moet maar terug naar huis.
Zijn vader, eerder nog door hem dood gewenst,
staat met open armen op zijn jochie te wachten.

Ontroerend mooi? Of gaat dit wel erg makkelijk?
Op dit punt in zijn verhaal brengt Jezus ook de Farizeeën in.
Er is namelijk nog een zoon,
een verantwoordelijke man, iemand op wie vader trots kan zijn.
Grote broer wil niets van zijn broertje weten:
‘meneer heeft eerst iedereen geschoffeerd,
al zijn schepen achter zich verbrand,
en komt nu met hangende pootjes terug?!
En vader beloont hem nog ook?
Laat dat joch toch eerst de ellende die hij heeft aangericht terugbetalen!
Dit kan toch niet, dit is veel te makkelijk.’

dia 8 – andere christenen wantrouwen
De oudste broer, de Farizeeën, zij weten wel hoe het moet.
Ze wantrouwen de jongste broer, de zondaars.
Want voor je het weet verwatert het geloof,
wordt het een vrijblijvende bende.
Laat iemand zich als christen eerst maar bewijzen!
Iedereen die het anders doet dan jij, bekijk je met wantrouwen.
‘Als je christen bent,
dan kun je toch niet naar de bioscoop de film 50 Shades of Grey kijken?’
‘Als je op zondag boodschappen doet, dan zal je geloof wel oppervlakkig zijn.’
Ik denk dat veel mensen, ikzelf voorop, zulke oordelen hebben.
Geloven moet niet te makkelijk zijn.
En Jezus, die maakt het veel te makkelijk…

2. Jezus wacht ook jou op
dia 9 – Jezus wacht ook jou op
Tot zover is het voor de Farizeeën een bekend verhaal.
Maar het verhaal is nog niet afgelopen.
Het verhaal heeft nog een moraal.
Jezus zegt: ‘beste plichtsgetrouwe zoon, ik ben er ook voor jou!’

dia 10 – oudste zoon: geen liefde maar plichtsbesef
Als de oudste zoon is uitgeraasd, neem vader het woord.
Wat direct opvalt: hij gaat niet tegen zijn zoon in,
hij gaat niet uitleggen waarom het wel eerlijk zou zijn,
en dat hij het heus niet te gemakkelijk heeft gemaakt.
Het antwoord van vader gaat niet over de jongste zoon, maar over de oudste:
‘mijn jongen, jij bent altijd bij me, alles wat van mij is, is van jou.
Waarom ben je zo boos, terwijl je altijd bij mij bent?’
Deze vraag is een confronterende spiegel,
voor de oudste broer in het verhaal,
en voor de Farizeeën aan wie Jezus het verhaal vertelt.
Laten wij ook maar in die spiegel kijken.

Waarom is die oudste zoon zo boos?
Ja, omdat hij vindt dat de jongste er te makkelijk vanaf komt,
maar waarom is dat voor hem een probleem?
Het antwoord is heel simpel: hij is ontevreden, voelt zich tekort gedaan.
Hij is altijd bij zijn vader gebleven, maar is er nooit voor beloond.
Alsof het een vervelende opgave is om elke dag met vader op te trekken,
en daar ook eens wat tegenover moet staan.
Zo beleeft die oudste zoon het inderdaad:
hij is niet thuis gebleven omdat hij zo graag bij zijn vader wil zijn,
maar uit plichtsbesef en het vooruitzicht van een beloning.

dia 11 – jaloers op zijn broertje
En als je zo ontevreden bent, dan ga je vergelijken.
Als je tevreden bent, dan kan het je niet schelen wat je buurman heeft.
Juist ontevreden mensen gaan vergelijken.
Die oudste zoon ook: ‘waarom krijgt mijn broertje een feest en ik niet?’
Hij is jaloers, en niet zo’n beetje ook!

Die oudste zoon lijkt veel meer op de jongste dan hij wil toegeven.
Hij had zich ook wel eens helemaal te buiten willen gaan.
Zijn broertje heeft gewoon gedaan waar hij altijd van is blijven dromen.
Hij heeft zich ingehouden, maar is er nooit voor beloond.
In zijn hart is hij al duizend keer zijn broertje achterna gegaan,
maar hij heeft het niet gedaan.
Waarom eigenlijk niet?
Nu wordt ‘papa’s kleine jochie’ er nog voor beloond ook.
Mooi is dat… niet dus!

Eigenlijk kan zijn vader hem ook gestolen worden.
Hij is thuis gebleven, niet voor zijn vader, maar voor zichzelf.
Zodat hij er trots op kon zijn dat hij een goede zoon was,
in tegenstelling tot die mislukkeling van een broertje.
Juist door altijd gehoorzaam te zijn aan zijn vader,
heeft hij zijn vader op afstand gezet.
Praktisch is zijn vader zijn werkgever geworden en hij een goede knecht.
Hij wil iets van zijn vader verdienen,
en daarom kan hij niet blij zijn, zit hij vol wrok en kritiek, op alles en iedereen.

dia 12 – het gaat om Jezus zelf
Als je jezelf een beetje herkent in die oudste zoon,
als je je ergert aan mensen die in jouw ogen te gemakkelijk geloven,
als je in God gelooft om beloond te worden,
dan is dit verhaal van Jezus een uitnodiging: ‘kom alsjeblieft thuis!’
Jezus wacht niet alleen de zondaar maar ook de Farizeeër op:
‘laat mij je toch liefhebben, alles wat van mij is, is van jou.’
Als het je om Jezus zelf gaat, is dat alles wat je wilt.
Dan ben je blij met iedereen die bij Jezus komt,
en is je jaloersheid nergens voor nodig.
Christelijk geloof is geen kwestie van wel of niet keurig leven,
maar van leven met Jezus.

3. En zonde dan?
dia 13 – en zonde dan?
Maar had die oudste broer, hadden die Farizeeën,
niet ook ergens wel een punt?
Wordt het zo niet erg makkelijk, erg goedkoop.
De oudste broer is pijnlijk op zijn plek gezet,
Jezus heeft de Farizeeën ontmaskerd,
maar dat neemt niet weg dat die jongste heel wat op zijn kerfstok heeft.
Komt hij er zo niet wel heel makkelijk vanaf, alsof er niets gebeurd is?
Moet hij niet met meer komen dan ‘sorry’.
Want ‘sorry’ zeggen, dat kan iedereen, maar ‘sorry’ doen…
Kan hij dan niet een soort proeftijd krijgen,
waarin hij zich eerst maar eens moet bewijzen?
Want je moet toch niet over zonde heen walsen?

dia 14 – zonde doet ertoe
Dat is ook niet de bedoeling.
De jongste zoon heeft zijn leven verprutst.
Hij heeft zijn vader figuurlijk vermoord
en zijn vermogen verkwanseld aan de hoeren.
Dat is niet alleen hoe de oudste zoon er tegenaan kijkt,
de jongste is het daar helemaal mee eens.
Met lood in de schoenen gaat hij naar huis,
en onderweg repeteert hij steeds wat hij tegen vader zeggen zal:
‘ik heb gezondigd, ik ben het niet waard uw zoon te zijn.’
In zijn hoofd herhaalt hij het, de hele reis lang.
Het is voor hem niet makkelijk om naar huis te gaan,
als hij denkt aan hoe vader zal reageren, wordt hij heel benauwd.
Hij weet dat hij fout zat, goed fout.

dia 15 – de omhelzing is duur
Voor vader is dat genoeg:
het zwarte schaap van de familie hoeft zich niet te bewijzen.
En dat is niet gemakkelijk, niet goedkoop.
Wat moet die vader zich over veel heen zetten:
zijn zoon is er vandoor gegaan met zijn bezit,
zijn zoon heeft alles gedaan wat God verboden heeft
en zijn zoon heeft hem dood gewenst.
De hele stad spreekt er schande van.
De eer van vader is aangetast,
en er is maar een manier om die eer te herstellen:
de jongste zoon hard af te straffen.
Maar nee, vader onthaalt zijn zorgenkindje met open armen.
Daarmee maakt hij zich onsterfelijk belachelijk.
De schande van zijn zoon wordt zijn eigen schande.
Het ziet er lief en ontroerend uit, die omhelzing,
maar wat is het een dure omhelzing.

Jezus wacht je op, met open armen.
Dat is niet goedkoop en makkelijk.
Of je jezelf nu meer herkent in de oudste of in de jongste zoon,
we zijn allemaal van die kinderen die meer om zichzelf geven dan om Jezus.
Dat Jezus toch staat te wachten, kan alleen tegen een hoge prijs.
De Farizeeën zien een Jezus die het voor zondaars gemakkelijk maakt,
als een soort profeet met een goedkope boodschap.
Het probleem is dat ze Jezus niet zien zoals hij is:
de Zoon van God, de Verlosser.
Jezus biedt geen goedkope vergeving aan, hij biedt zichzelf aan.
Als Jezus dit verhaal vertelt, is hij op weg naar Jeruzalem om zijn leven te geven.

dia 16 – Jezus: een heel andere oudste broer
Als iemand het recht heeft om zondaars te veroordelen, dan is het Jezus wel.
Maar Jezus is een heel andere oudste broer.
Niet zo een die jaloers is op zijn jongere broertjes en zusjes die alles maar kunnen maken.
Hij is een broer die achter je aan gaat om je terug te halen,
ook al moet hij ervoor naar de aarde komen.

4. Kom thuis!
dia 17 – kom thuis!
Het verhaal van Jezus heeft een open einde.
Hoe de oudste zoon op de woorden van zijn vader reageert vertelt Jezus niet.
Niet omdat dat niet belangrijk is, dat is het wel.
Maar voor het einde van het verhaal heeft Jezus jou nodig.
Hoe reageer jij op die woorden van Jezus?
Jezus nodigt je uit: ‘kom naar mij, dan ben je thuis,
dan hoef je nooit meer ontevreden te zijn,
dan ben je veilig en geborgen, dan is het goed.’
Jezus kijkt met evenveel liefde naar de oudste zoon als naar de jongste,
hij staat op de uitkijk met open armen te wachten.
Niet verwijtend, maar uitnodigend.

dia 18 – welk eind krijgt jouw verhaal?
Welk eind krijgt jouw verhaal?
Blijf je geloven uit plichtsbesef en verwacht je een beloning,
of gaat het je om Jezus zelf?
Sta je voor fatsoen en gehoorzaamheid,
of sta je voor Jezus’ liefde?
Vergelijk je jezelf met anderen die in jouw ogen zo makkelijk geloven,
of ben je intens tevreden omdat je met Jezus mag leven?

dia 19 – laat je vrij maken!
Jezus nodigt je uit: ‘kom bij mij!
Geloof toch niet omdat dat van je verwacht wordt,
maar geloof om wie ik ben!’
Oudste zonen raken verzuurd.
Hun plichtsbesef, hun trots, hun status, dat is alles voor hen.
Jezus zegt: ‘lever het toch in en laat mij alles voor je zijn.’
Oudste zonen kunnen niet vrolijk en spontaan zijn,
ze zijn kritisch op anderen en bang voor God.
Jezus wil je er graag van bevrijden.
Je hoeft geen slaaf te zijn: je bent een kind.

De jongste zoon is teruggevonden, tot leven gekomen, en het is feest!
Jezus wil graag dat je mee komt feesten,
want hij zit ook op jou te wachten.
Blijf niet op afstand mopperen, maar ga naar binnen.
Vier feest, samen met al je andere verloren en teruggevonden broers en zussen,
oudsten en jongsten.
Vier het feest van het leven dat Jezus geeft.
Amen.




Lucas 11:3 – Bidden om wat nodig is

Jezus leert te bidden voor ons dagelijks brood. Maar hoe kun je nu bidden voor wat je al hebt? Hoe kun je in grote welvaart ‘biddag voor gewas en arbeid’ houden?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Stil gebed
Votum en vredegroet
Zingen: GKB Gezang 37 : 1 en 2
Voorbede – Gods naam en koninkrijk: wereldwijd – Sjoukje Marloes Kok
Zingen: Psalm 87 : 5
Voorbede – Gods naam en koninkrijk: Franeker – Henk Brander
Zingen: LvK Lied 481 : 1
Lezen: Lucas 11 : 1 – 13
Meditatie over Lucas 11 : 3
Zingen: GKB Gezang 38 : 1 en 2 (canon)
Voorbede – dagelijks brood: gewas – Jaap Bosgra
Zingen: GKB Gezang 37 : 5
Voorbede – dagelijks brood: arbeid – Ellis Oost
Zingen: LvK Lied 473 : 1 en 2
Voorbede – dagelijks brood: gemeente – Sietske Broersma
Zingen: Psalm 80 : 10
Voorbede – vergeving en bescherming – Bert Kloeze
Luisterlied: Sela – Gebed om vergeving
Afsluitend gebed – Mark Veurink
Collecte
Zingen: GKB Gezang 108
Zegen

Bidden om wat nodig is

dia 1 – broden
“Geef ons dagelijks het brood dat wij nodig hebben.”
Misschien heb je het al heel vaak gebeden, maar het blijft een vreemd gebed.
Hoe kun je nu bidden om wat je al hebt?
De tafel is al gedekt, er staat een grote pan met eten op tafel,
hoe kun je God dan nog bidden of hij eten wil geven?
Hoe kun je bidden voor het dagelijkse brood dat wij nodig hebben
als je in de diepvries voor een week brood op voorraad hebt?

Datzelfde gevoel bekruipt mij ook bij de biddag voor gewas en arbeid:
bidden om de opbrengst van het land en bidden voor het werk dat we doen.
In Nederland hoeft niemand van de honger om te komen.
De laatste keer dat er in Nederland een echte hongersnood was,
was de hongerwinter in de Tweede Wereldoorlog, nu precies 70 jaar geleden.
O, natuurlijk, de opbrengst van het land valt wel eens tegen,
en economisch gezien zit het ook niet altijd mee,
sommigen kunnen daar ook zwaar door getroffen worden,
maar de meeste Nederlanders leven in zeer grote welvaart.
Waarom zou je bidden voor wat je al hebt, voor iets wat zo vanzelfsprekend is?
Hoe kunnen we bidden voor gewas en arbeid, voor dagelijks brood?

dia 2 – in dienst van Gods grotere plan
Het gebed van Jezus begint niet met het dagelijks brood.
Het begint met Gods naam en met Gods koninkrijk.
Dát is waar het gebed om gaat:
dat Gods naam groot wordt gemaakt,
dat iedereen God erkent als de God van hemel en aarde,
dat iedereen Jezus erkent als Heer en voor hem buigt.
En dat Gods koninkrijk komt,
dat Gods nieuwe wereld zich over de aarde verspreid,
en in volle glorie doorbreekt als Jezus terugkomt.
God is bezig met de toekomst,
en we bidden dat die toekomst op aarde meer en meer doorbreekt.
We bidden dat ook wij God groot maken en dat hij koning is in ons leven.

Het gebed om brood, en daarna ook het gebed om vergeving en bescherming,
heeft alles te maken met dat grotere doel.
Het is niet zo dat het gebed met God begon, maar nu gelukkig met ons verder gaat.
Je leeft niet om te eten, je leeft voor Gods naam en koninkrijk.
En dagelijks brood is een van de dingen die we daarvoor nodig hebben.
Eten is lekker, en God ziet graag dat je daar van geniet,
maar laat eten nooit een doel op zich worden:
gebruik je eten om voor God te leven.
Op die manier mogen we ook bidden voor gewas en arbeid:
dat het mag bijdragen aan Gods grotere plan.

dia 3 – delen van wat over is
En dan kom ik weer met die volle diepvries:
in Nederland hoeft niemand van de honger om te komen.
Sterker nog: onze overvloed kan er voor zorgen dat we Gods plan vergeten.
Dat we wel bidden: ‘geef ons te eten zodat we u kunnen dienen’,
maar ondertussen zo veel te eten hebben dat we God niet nodig hebben.
Niet voor niets heeft Jezus het over het brood ‘dat we nodig hebben’.
Dat is niet te weinig, maar ook niet te veel!
‘Maak me niet arm, maar ook niet rijk,
voed me slechts met wat ik nodig heb.
Want als ik rijk zou zijn, zou ik u wellicht verloochenen,
zou ik kunnen zeggen: “wie is de Heer?”’
Dat is een gebed uit Spreuken 30.

Bidden voor gewas en arbeid is bidden om genoeg, niet om te veel.
In onze wereld is dat een spannend gebed!
Elk jaar moet het beter gaan dan het jaar ervoor,
want stilstand is achteruitgang.
Genoegen nemen met wat minder, wat is dat moeilijk!
Moeten we daar dan echt om bidden?
Als je overvloed in de weg staat om God te dienen, dan wel!
En anders: bedenk dat ook je overvloed er is voor Gods grote plan.
Gods naam wordt grootgemaakt en zijn koninkrijk wordt gebracht
als we van de overvloed delen met wie niet genoeg heeft.
Bidden voor het brood dat we nodig hebben
betekent ook delen van wat meer is dan nodig.

dia 4 – ontspannen voor de toekomst
Ja, elke dag is er genoeg te eten.
Dat is voor ons helemaal geen vraag.
Toch bidden we om het eten dat we elke dag nodig hebben.
Dat is ook een belijdenis: God zorgt voor mij met eten en drinken,
ook voor die hele gewone dingen ben ik van God afhankelijk.
Laat dat je ontspannen maken.
Wat kunnen we druk zijn met onze toekomst,
hoe je er over een jaar voor staat, of hoe je pensioen is.
Het is goed daar soms mee bezig te zijn, maar het is in Gods hand.
En God leert ons om dagelijks te ontvangen wat hij geeft.
Jezus leert ons niet te bidden:
‘geef ons genoeg brood voor de rest van ons leven,’
maar: ‘geef ons genoeg brood voor vandaag.’
Leef elke dag weer van wat je van God ontvangt.

En God zal het gebed verhoren.
Hij geeft alles wat nodig is.
In dat vertrouwen bidden we vanavond voor gewas en arbeid.
Het zijn geen verlanglijstjes voor grotere welvaart.
We belijden dat we van God afhankelijk zijn,
we bidden om wat we nodig hebben
zodat we ook met ons eten en met ons werk God groot kunnen maken.
‘Als jullie dus, ook al zijn jullie slecht,
je kinderen al goede gaven schenken,
hoeveel te meer zal de Vader in de hemel
dan niet de heilige Geest geven aan wie hem erom vragen?’
Amen.