Psalm 56:4-5 | Voor niemand bang

Ben je wel eens bang? Voor wat mensen van jou en van je geloof vinden? Psalm 56 is een gebed van David die in het nauw zit. Van hem kun je leren hoe je vrijmoedig christen kunt zijn, zelfs als de druk groot is je geloof voor jezelf te houden.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: NLB Gezang 695 : 1, 2, 3, 4 en 5
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 67 : 1, 2 en 3
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 4 : 1 – 31
Zingen: GKB/NLB Psalm 118 : 2, 3 en 5
Luisterlied: Psalmen voor Nu 56
Preek over Psalm 56 : 4 – 5
Zingen: Opwekking 717
Kinderen terug
Leefregels: Matteüs 6 : 1 – 6 en 16 – 18
Zingen: NLB Gezang 912 : 1, 2, 3, 4, 5 en 6
Gebed
Collecte
Zingen: NLB Psalm 146c : 1, 2 en 3
Zegen

Voor niemand bang

Inleiding
dia 1 – zwart
Het klinkt stoer en onverschrokken:
‘ik ben niet bang’, ‘angst ken ik niet.’
Dat lijkt mij iets voor superhelden,
niet voor gewone mensen.

dia 2- asterix en de noormannen
Ik moest in ieder geval direct denken
aan het stripboek ‘Asterix en de Noormannen’,
later verfilmd als ‘Asterix en de Vikingen.’
De Noormannen kennen geen angst.
En daarmee bedoel ik niet alleen dat ze nergens bang voor zijn,
ze hebben gewoon geen idee wat angst is.
Iedereen is altijd maar bang voor hen,
maar ze hebben geen idee hoe dat nou voelt: bang zijn.

Ik zou denken: wees blij,
het is echt geen pretje om bang te zijn,
maar daar denken die Noormannen anders over.
Zij hebben ergens opgevangen dat angst je vleugels geeft.
Dat lijkt ze wel wat!
Dus ze gaan op zoek naar iemand
die hen kan leren wat het is om bang te zijn.
Hoe dat afloopt, dat moet je zelf maar lezen.
Het gaat me nu even om die stoere, onverschrokken kerels,
die gewoon geen idee hebben wat het is om bang te zijn.

dia 3 – voor niemand bang
Ik ben niet zo’n held.
En jullie ook niet, vermoed ik.
Wat angst is, dat weten we allemaal.
Ook als het gaat om geloof zijn we vaak niet zo heldhaftig.
Ik zou in ieder geval wel een minder bange christen willen zijn,
die vrijmoedig voor zijn geloof uitkomt,
en die het oprecht geen moer kan schelen wat anderen daar van denken.
Maar daarvoor ben ik te gevoelig voor wat mensen van me vinden.

Vandaag gaat het over de vraag:
hoe kun je zo’n christen zonder angst worden?
Het antwoord op die vraag lezen we in Psalm 56:4-5:
‘In mijn bangste uur vertrouw ik op u.
Op God, wiens woord ik prijs,
op God vertrouw ik, angst ken ik niet,
wat kan een sterveling mij aandoen?’
We duiken vandaag in dat antwoord met het thema: ‘voor niemand bang’,
en ik hoop dat dit antwoord jouw en mijn angst weg mag nemen!

1. Bedreiging
dia 4 – David: bedreigd door Saul en de Filistijnen
Psalm 56 is een Psalm van David, en David heeft alle reden om bang te zijn.
David is op de vlucht, voor koning Saul.
In de oorlogen met de Filistijnen heeft David zich bewezen als een held.
Nu is David de rijzende ster van Israël: de mensen lopen met hem weg.
Maar koning Saul kan het niet langer verdragen:
de mensen zouden hem, de koning, moeten bejubelen,
niet dat snotjong dat achter de schapen is weggetrokken!
Saul ziet David als grote concurrent,
iemand die hem nog eens van de troon zal stoten.
Saul zal pas gerust zijn als David dood is.
Als David dat beseft, als hij ontdekt dat het Saul menens is, slaat hij op de vlucht.

Zo belandt David in Gat, waar een zekere Achis de dienst uitmaakt.
Achis is één van de Filistijnse stadsvorsten.
Ja, een Filistijn.
In zijn loopbaan in Sauls leger
heeft David heel wat Filistijnen vernederd.
Je kunt je dus voorstellen dat David in Gat geen graag geziene gast is:
hij heeft zich bij Filistijnen vrij onmogelijk gemaakt.
Je zou je zelfs kunnen afvragen wat David daar te zoeken heeft:
je vlucht toch niet naar je grootste vijand?
Blijkbaar is het de veiligste plek die David kan bedenken,
maar gastvrij wordt hij er niet onthaald.
De Filistijnen grijpen hem – dit is hun kans om wraak te nemen!
Maar als David doet alsof hij kierewiet geworden is,
laten ze hem met rust.

Je kunt dit verhaal nalezen in 1 Samuël 21.
Dit verhaal staat op de achtergrond van Psalm 56.
David wordt bedreigd, van alle kanten.
Saul wil van hem af, de Filistijnen ook.

dia 5 – Petrus en Johannes: de eerste christenvervolging
Vandaag is het de zondag voor de vervolgde kerk.
Want wereldwijd worden christenen om hun geloof bedreigd.
Dat is niets nieuws.
Vorige week vierden we Pinksteren,
vierden we dat de Geest muren afbreekt,
zodat het goede nieuws van Jezus naar alle volken gaat.
Maar zodra dat gebeurt, zodra christenen over Jezus gaan vertellen,
roept het direct weerstand op.

In Handelingen 4 lees je het allereerste verhaal van christenvervolging.
Petrus en Johannes vertellen iedereen over Jezus,
maar dat wordt hen door de Joodse leiders niet in dank afgenomen.
Ze mogen zich voor de Joodse raad verantwoorden.
Maar voor ze die kans krijgen,
mogen ze eerst een nachtje in de gevangenis doorbrengen.
Met een beetje geluk, volgens de Joodse leiders dan,
zullen ze na die nacht braaf ja en amen zeggen op alles wat de leiders willen.
Bedenk dat de cel in die tijd nog veel minder een pretje was dan bij ons.
Geen keurige eenpersoonscellen met toilet en bed.
Nee, een muffe ondergrondse ruimte die je deelt met misdadigers en ongedierte,
je behoeftes doe je maar ergens in een hoekje,
en slapen kan op de harde grond.
Als je tenminste slapen kunt,
want de stank is niet harden en het is er vies warm.
Daar mogen Petrus en Johannes de nacht doorbrengen,
zodat ze het voortaan wel laten nog over die Jezus te beginnen.

dia 6 – Nederland: druk om geloof privé te houden (prive)
Dit soort dingen gebeurt nog altijd – maar niet in Nederland.
Toen ik vanochtend naar de kerk liep,
hoefde ik niet steeds over mijn schouder te kijken,
of in de spiegelende etalageruiten,
om te zien of ik door iemand gevolgd werd.

Toch hebben we, ook in Nederland, wel degelijk met druk te maken.
Er is sociale druk om je geloof vooral voor jezelf te houden.
Wat je gelooft is privé, iets voor achter de voordeur.
Prima als je gelooft, moet je zelf weten, maar val anderen er niet mee lastig.
Natuurlijk, die sociale druk is van een heel andere orde dan vervolging,
maar ook dit is een vorm van bedreiging:
als je je als christen niet aan deze ongeschreven regels wilt houden,
lig je er gewoon uit.
En het resultaat is uiteindelijk hetzelfde: we houden onze mond.
Want dat is het doel dat de vijand, de duivel, met christenvervolging heeft:
dat christenen hun geloof voor zichzelf houden.
Ook zonder fysieke bedreigingen
is de sociale druk al genoeg om ons koest te houden.
En dat terwijl na Pinksteren het goede nieuws van Jezus de wereld over moet!

2. Bang? Of toch niet?
dia 7 – de logische reactie: angst
Van al die bedreiging, van al die druk, wordt je bang.
Dat is de logische reactie.
David vraagt het zo mooi:
‘wat kan een sterveling, wat kan een mens mij aandoen?’
Nou, dan kan ik wel een paar dingen bedenken.
Mensen kunnen je pijn doen,
met hun vuisten, maar ook met hun woorden.
Mensen kunnen je in de steek laten en verraden.
Mensen kunnen de vreemdste dingen van je vinden.
Natuurlijk wordt je daar bang van!

David kan erover meepraten.
Al die dingen waar ik bang voor ben,
zijn voor David de dagelijkse realiteit.
En David doet ook niet alsof het niets voorstelt:
‘in mijn bangste uur vertrouw ik op u’.
‘Mijn bangste uur’: David is dus ook bang!
In de woorden van de Psalm voor Nu: ‘als ik bang ben.’
Christenen zijn geen Noormannen die geen idee hebben wat angst is.

dia 8 – niet bang voor mensen
Maar David gaat verder:
‘als ik bang ben, reken ik op u,
op God en op zijn Woord, op hem vertrouw ik.
Ik ben niet bang, wat kan een mens mij doen.’
Hoor je het? ‘Als ik bang ben… Ik ben niet bang!’
David is bang, maar toch ook niet.

De reden die David geeft: het zijn maar mensen.
Mensen kunnen dan wel heel bedreigend overkomen,
maar het gaat niet om mensen!
Jezus zegt dat ook, in Matteüs 10:
‘wees niet bang voor hen
die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden.
Wees liever bang voor hem die in staat is
én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna.’
Net als David zegt Jezus: wees niet bang voor mensen.

Dat heeft Petrus zich goed in de oren geknoopt.
In Handelingen 4 is bij Petrus geen spoor van angst te bekennen.
Misschien wel omdat hij geleerd heeft
van toen hij bang was er voor uit te komen dat hij bij Jezus hoorde,
en daarom Jezus maar vervloekte.
Nu is van die Petrus niets meer over:
voor de Joodse raad staat een man die geen angst kent.
Het interesseert Petrus niets dat hij wordt aangeklaagd:
hij ziet dit als een kans de leiders over Jezus te vertellen,
en hén zelfs aan te klagen omdat ze Jezus afwijzen.
Je moet het maar durven!
Als Petrus en Johannes dan toch worden vrijgelaten,
maar wel een spreekverbod meekrijgen,
leggen ze dat naast zich neer met deze woorden:
‘kunnen wij het tegenover God verantwoorden
om wel naar u te luisteren en niet naar hem?’
Daar heb je hem weer:
het gaat niet om wat mensen van ons vinden,
het gaat om wat God van ons vindt.

Mensen kunnen van je vinden wat ze willen,
maar God heeft het laatste woord.
Daar is David, en ook Petrus, diep van doordrongen.
En God vergeet niet wat jij moet doormaken.
God vangt je tranen op in zijn kruik:
hij bewaart je verdriet, er wordt wat mee gedaan.
‘Staat het niet alles in uw boek?’ vraagt David.
Daarbij bedoelt hij in dit geval niet dat God alles bij voorbaat al weet,
maar dat God alles bijhoudt wat gebeurt, om eens recht te doen.
Daar bidt David om, met heftige woorden:
‘toon uw toorn, God, en sla dat volk neer.’
En David vertrouwt erop, zo sterk dat hij het opschrijft alsof het al is gebeurd:
‘als ik u aanroep, wijken mijn vijanden.’

dia 9 – want God is voor ons
Het gaat niet om wat mensen vinden, maar wat God vindt.
Maar dat is op zich nog geen reden niet bang te zijn.
Want wat vindt God eigenlijk?
Is God niet ook een van de tegenstanders om bang van te worden?
Voor David is het geen vraag.
In alles wat hij meemaakt, waar al zijn zekerheden onderuit gehaald worden,
blijft een ding als een paal boven water staan: God staat mij terzijde.
Dát is het geheim van niet bang zijn, voor niemand niet.

Het doet denken aan Romeinen 8:
‘Als God voor ons is, wie kan dan tegen ons zijn?
Zal hij, die zijn eigen Zoon niet heeft gespaard,
maar hem omwille van ons allen heeft prijsgegeven,
ons met hem niet alles schenken?’
Daar zie je ook direct dat het helemaal niet zo logisch is dat God vóór je is.
Daar heeft God een afschuwelijke prijs voor betaald.
Door Jezus mogen wij het David nazeggen: ‘God staat mij terzijde.’
Dat is niets minder dan een wonder!
Het is geen vanzelfsprekendheid dat God ons wel steunt:
God is een onverwachte medestander!
Jezus heeft het onmogelijke gedaan: door hem is God vóór ons.

Als je dát beseft, dan kun je zo’n christen zijn die niet bang is
voor wat anderen mensen van jou en jouw geloof vinden.
En dat is dan geen stoerdoenerij,
dat jij voor niets of niemand bang bent,
omdat jij overal boven staat, zoals die Noormannen die geen angst kennen.
Nee: het is omdat Gód overal boven staat.
Het gaat dan ook niet om jouw of mijn heldhaftigheid,
maar om die van God!

3. Focus op God
dia 10 – camera
Ik stelde aan het begin de vraag:
hoe kun je een christen zonder angst zijn?
Dat kun je als je niet bang bent voor mensen
omdat je weet dat God vóór ons is.

Dat is iets wat je zomaar weer vergeet.
Je bent druk met van alles,
je komt heel wat mensen tegen,
die dan ook weer van alles van je vinden,
of ze het nu tegen je zeggen of niet.
Wat mensen van je vinden, dat komt vanzelf wel binnen.
Maar om te ontdekken wat God van je vindt
-wat dus de sleutel is om niet bang te zijn-
moet je tijd nemen, moet je focussen.

Dat doe je bijvoorbeeld als je foto’s maakt.
Je hebt iets wat je op de foto wilt zetten,
bijvoorbeeld je hond – dat is dan het onderwerp,
en je hebt een achtergrond.
Het onderwerp en de achtergrond
krijg je niet tegelijkertijd scherp op de foto.
Net zoals wanneer je je hand op 10 centimeter van je gezicht houdt,
je niet tegelijkertijd je hand en alles wat daar achter is scherp kunt zien.
Dan moet je focussen: scherpstellen op het onderwerp,
dat waar je foto echt om gaat.
Ook als christen moet je focussen:
steeds weer scherpstellen op waar het wél om gaat – wat God vindt,
zodat wat mensen vinden niet meer is dan vage ruis op de achtergrond.

dia 11 – Bidden: hét recept tegen angst
David merkt ook dat als hij op God focust, zijn angst verdwijnt:
‘in het uur dat ik u aanroep, wijken mijn vijanden.’
Want als je God aanroept, leer je dat hij voor je is.
In Handelingen 4 zie je dat ook gebeuren.
Als Petrus en Johannes weer vrij zijn,
gaan ze samen met de andere leerlingen bidden.
Nadat ze hun verhaal hebben gedaan, roepen ze God aan.
In het hele bijbelboek Handelingen zie je steeds mensen bidden.
En heel bijzonder: dan bidden ze niet dat er een einde aan de vervolging komt,
maar ze bidden: ‘stel ons in staat vrijmoedig over uw boodschap te spreken.’
Door te blijven bidden kunnen ze zich eraan blijven vasthouden:
wij staan er niet alleen voor, God is met ons!

Dus wil je niet langer bang zijn?
Wil je vrijmoedig over je geloof kunnen praten?
Dan moeten we bidden!
Samen: in de kerkdienst, op de kring, in een gebedsgroep.
Maar ook alleen: op vaste momenten van de dag,
maar ook in de auto, in de trein, op de fiets, onder het stofzuigen –
voortdurend gefocust op God.
En dan mogen we bidden voor onszelf:
dat we niet vergeten dat God vóór ons is,
dat we niet bang zijn voor mensen,
en dat God laat zien met wie we het evangelie kunnen delen.
Maar ook bidden voor anderen,
en dan denk ik vandaag vooral aan die vervolgde kerk.

dia 12 – opwekking
Bidden, tijd met God, is noodzakelijk:
je focust op wat er echt toe doet.
Dus neem daar elke dag zo’n uur voor, of een half, of twee.
En soms misschien ook even wat meer.
Zelf was ik afgelopen week op een predikantencongres,
om elkaar te bemoedigen om op God gericht te blijven.
Velen van jullie waren vorige week op Opwekking,
wat je enorm kan helpen op God te focussen.
Maar een stilteweekend kan net zo goed zo’n vorm zijn
om buiten het drukke leven om
je eens extra op God te richten.

dia 13 – Psalm 56: op God vertrouw ik
Hoe je het ook doet: roep God aan!
En dan hoop ik dat je gaat merken dat je het David kunt nazeggen:
‘Op God vertrouw ik, angst ken ik niet!’
Amen.




Psalm 87:5 | De Geest breekt muren af

Friezen, Groningers, Hollanders, Marrokanen, Turken: bij ons doet afkomst ertoe. We bouwen muren tussen volken, maar ook om onszelf heen. De Geest breekt die muren af: als je in Jezus gelooft, tel je als geboren Jeruzalemmer.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: ‘Kom heilige Geest’ (Sela)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Kids Opwekking 241
Gebed
Kinderen naar kinderclub
Lezen: Psalm 87 : 1 – 7
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
Lezen: Handelingen 2 : 1 – 13
Zingen: GKB Psalm 87 : 1, 2, 3, 4 en 5
Preek over Psalm 87 : 5
Zingen: Opwekking 767
Kinderen terug
Onderwijs avondmaal
Zingen: ‘Aan uw tafel’ – Sela
Viering avondmaal
Zingen: Opwekking 718
Gebed
Collecte met luisterlied ‘Heal Our Land’
Zingen: Opwekking 488
Zegen

De Geest breekt muren af

Inleiding
dia 1 – vlaggen
In de 2 bijbellezingen zijn heel wat exotische volken langs gekomen.
In Psalm 87 Rahab, Babel, Filistea, Tyrus en Nubië.
Handelingen 2 noemt er nog veel meer,
zoals Kappadocië, Frygië en Pamfylië – van die heerlijke tongbrekers.
Hoe dan ook: het is een bont gezelschap.

Hoog tijd dus om naar de wat minder exotische volken te gaan.
Dan beginnen we – hoe kan het ook anders – met de Friezen.
Je kunt natuurlijk een hele discussie beginnen
over de vraag wanneer je een Fries bent,
maar laten we het simpel houden:
je bent een Fries wanneer je in Friesland geboren bent.
Wie hier is er dan een Fries?

dia 2 – fryslan
Volgens de tekst op dit shirt heb je het dan getroffen.
Voor mij, als Drent, zitten hier ook nogal wat tongbrekers in,
dus ik zal het maar even in vertaling voorlezen:
‘ik heb er niet voor gekozen Fries te zijn,
ik heb gewoon geluk gehad.’

dia 3 – vooroordelen
Tenminste, zo denken Friezen zelf erover.
In de rest van Nederland staan ze bekend
als stugge blonde schaatsers –
als we dit kaartje tenminste moeten geloven.

Zoals gezegd – ik ben geen Fries.
Ik doe graag alsof ik een Drent ben,
maar in mijn paspoort staat toch echt ‘Hardenberg’.
Ik kom dus uit Overijssel, al bestaan er geen Overijsselaren.
Je bent een Sallander of een Tukker.
Ik een Sallander – kan ik ook niets aan doen.
Volgens de kaart het land van de beekjes en de boeren.

Eens kijken wat we nog meer hebben.
Groningers in de zaal? Stoicijnse boeren!
Hollanders? Kaaskoppen!
Zeeuwen? Gierig, en staat als eerste onder water.
Limburgers? Corrupte onbegrijpelijke reserve-belgen.
Wie heb ik nu nog gemist?

Om zulke vooroordelen kun je lachen – tenminste: dat hoop ik maar.
Ik heb er in ieder geval nooit nadeel van ondervonden
dat ik geboren ben in de gemeente Hardenberg.
Maar wat als ik geboren was in Marokko?
Of gewoon in Nederland, maar met Marokkaanse wortels? of Turkse?
Dan krijg je met minder onschuldige vooroordelen te maken.

dia 4 – De Geest breekt muren af
Wat wij doen, is dit: wij bouwen muren.
We schermen af: Friezen zijn geen Groningers,
en al helemaal geen Hollanders.
Maar vandaag vieren we Pinksteren.
Het feest van de Geest die muren afbreekt.
Lees maar in Psalm 87:5: ‘met recht kan men van Sion zeggen:
“welk volk ook, het is hier geboren, de Allerhoogste houdt Sion in stand.’
Niks geen volken die niet welkom zijn: iedereen mag erbij horen.
Want de Geest breekt muren af!

1. Muren bouwen…
dia 5 – bouw
Maar voordat er muren gesloopt worden,
moeten ze er natuurlijk eerst zijn.
En ze zijn er: aan muren geen gebrek.
We blijven maar muren bouwen…

dia 6 – Psalm 87 lijkt wij tegenover zij
Psalm 87 lijkt ook die kant op te gaan.
Het is een echt stadslied, waar Jeruzalem wordt bezongen –
want Sion, dat is een andere naam voor Jeruzalem.
Jeruzalem is beter dan alle andere steden van Israël.
Om nog maar niet te spreken over de steden buiten Israël.
Toen ik in Kampen ging studeren leerde ik het Kamper stedelied.
Kampen wordt erin verheerlijkt,
en is uiteraard beter dan alle andere plaatsen – vooral Zwolle…
Zo begint Psalm 87 ook: Jeruzalem tegenover de rest.
Het is ‘wij’, Jeruzalem, tegenover ‘zij’, de anderen.
Er staan muren om Jeruzalem, letterlijk.
‘De Heer heeft de poorten van Sion lief.’
Als je Jeruzalem in wilt komen, moet je door de poorten.
En daar wordt eerst gekeken of jij wel naar binnen mag.

Psalm 87 begint herkenbaar.
Nee, wij bezingen Jeruzalem niet.
En Kampen waarschijnlijk ook niet.
Maar het Friese volkslied natuurlijk wel!
Wie zei er net ook alweer dat je Fries was? – o, nu durven jullie niet meer. ;)
In ieder geval: wij bouwen muren.

dia 7 – we beschermen onszelf met muren
En soms zijn muren heel goed.
Ik bedoel, ik ga vandaag niet de bouwsector afkraken.
Ik ben blij dat ons huis muren heeft!
Dat houdt de kou en de regen buiten.
Maar vaak houden onze muren meer buiten.

dia 8 – muur
Soms bouwen we letterlijk muren om onszelf te beschermen.
In de Verenigde Staten moet een muur langs de grens met Mexico komen
om Mexicanen buiten de deur te houden.
Geen idee wat de stand van zaken rondom dat project is trouwens…
Iets verder terug is het IJzeren Gordijn, dat Europa in tweeën deelde.
En een heel gevoelige: in Israël staan muren tussen Israël en de Palestijnen.

Maar ook als we niet letterlijk muren bouwen,
kunnen we toch heel wat muren opwerpen.
Je komt Nederland echt niet zomaar in:
daar moet je de goede papieren voor hebben.
En als je een Arabische achternaam hebt
is het echt moeilijker om aan werk te komen.

Maar we bouwen niet alleen muren tussen volken.
We bouwen ook muren om onszelf heen.
Want eigenlijk is iedereen een bedreiging voor jou!
Mensen doen elkaar akelige dingen aan,
dus bescherm je jezelf met een hoge muur.
En dat is lastig: we zijn gemaakt voor relaties,
en volgens mij verlangt iedereen naar verbinding, naar contact,
maar ondertussen durven we ons niet bloot te geven,
en verschansen we ons achter onze muren.

dia 9 – sinds Babel regeren angst en superioriteit
Waar komen die muren eigenlijk vandaan?
In de bijbel wordt daar al vroeg over verteld, in Genesis 11.
Het is het verhaal van de torenbouw van Babel.
De mensen vinden van zichzelf dat ze heel wat zijn,
en bouwen een enorme toren,
als een soort monument voor de mens,
om te laten zien waar we allemaal toe in staat zijn.
Maar ook wel als muur om God buiten te houden.
God reageert door verwarring te zaaien:
de mensen kunnen elkaar niet meer verstaan,
en gedesillusioneerd pakken ze hun bezittingen,
om overal te gaan wonen.
Vanaf die dag doet het er toe van welk volk je bent.
Binnen de kortste keren werd de mensheid gedreven
door een giftige mengelmoes van angst en superioriteit.
We zijn bang voor iedereen die anders is,
en tegelijk voelen we ons beter.

Dat is niet zo best…
Je zou verwachten dat als Jezus op aarde komt,
hij het helemaal anders gaat doen.
En ja, Jezus zinspeelt er wel op dat het anders gaat worden,
dat hij niet alleen koning van de Joden is, maar van de hele wereld,
maar tijdens zijn leven op aarde gaat Jezus grotendeels met de muren mee.
Jezus houdt buitenlanders nog op afstand.
Als in Matteüs 15 een buitenlandse vrouw Jezus om medelijden smeekt,
reageert Jezus als volgt:
‘ik ben alleen gezonden naar de verloren schapen van het volk van Israël.’
Lekker nationalistisch…
Het wordt nog bonter: ‘het is niet goed om de kinderen hun brood af te nemen
en het aan de honden te voeren.’
Hoor ik dat goed: zijn Israëlieten kinderen en buitenlanders honden?!
Het is dat de vrouw blijft aandringen: ‘maar de honden eten toch de kruimels’ –
anders zou ze onverrichterzake naar huis zijn gekeerd.
Bij Jezus blijven de muren nog even staan.

2. De Geest breekt muren af
dia 10 – sloopkogel
Totdat het Pinksteren wordt.
Dán moeten de muren er toch echt aan geloven.
De Geest haalt met zijn sloopkogel de muren omver.
Het is genoeg geweest met die verdeeldheid,
met dat steeds buitensluiten van iedereen die anders is.
Jezus zinspeelde er al op,
maar nu het Pinksteren is, nu de Geest komt, wordt het werkelijkheid.
De deuren, of in de taal van Psalm 87: de poorten, gaan nu wagenwijd open.
Zoals Johannes het zegt in Openbaring 21 over het nieuwe Jeruzalem:
‘de poorten zullen overdag nooit gesloten worden, en nacht zal het er niet meer zijn.’
Pinksteren is het begin daarvan, het begin van nieuwe eenheid.

dia 11 – zelfs de grootste vijand hoort erbij
Psalm 87 lijkt een typisch stadslied te zijn, tot je bij vers 4 aanbelandt:
‘ik noem Rahab en Babel mijn getrouwen.
Filistea, Tyrus en Nubië zijn allen hier geboren.’
Dat is heel andere koek dan die muren!
Niks geen ‘wij Jeruzalem’ tegen ‘zij de rest’.
De rest, alle andere volken, zij horen er helemaal bij!

En het zijn niet de vriendelijkste volken.
Er is natuurlijk gradatie.
De meeste Nederlanders zullen niet zo veel tegen Denen hebben.
Denen vormen voor ons geen bedreiging,
eigenlijk lijken we best wel op elkaar, dus we kunnen prima vrienden zijn.
Met een land als Polen is het al wat moeilijker, ook al zitten we samen in de EU,
maar Rusland is pas echt bedreigend.
In Psalm 87 zijn het juist de meest angstaanjagende volken die genoemd worden!
Vooral Rahab, een andere naam voor Egypte, en Babel:
de grootmachten van de toenmalige wereld,
altijd op zoek naar mogelijkheden hun rijk te kunnen uitbreiden,
en Israël moest dus altijd vrezen voor annexatie.
Met de Filistijnen was het altijd ruzie,
en de Tyriërs hebben Israël met Baäl opgezadeld,
wat bepaald geen aanwinst was…
Wat Nubië, oftewel Ethiopië, in dit rijtje doet, is niet helemaal duidelijk,
maar laat in ieder geval zien dat ook verre landen meedoen.
Maar verder is het vooral: zelfs de grootste vijand hoort erbij!

In Psalm 87 is dat nog profetie,
maar in Handelingen 2 begint het werkelijkheid te worden.
Als al die mensen uit al die landen
de leerlingen van Jezus in hun eigen taal horen spreken.
In Babel ontstonden de talen, met Pinksteren overwint de Geest de taalbarrière.
Nu moet ik wel iets preciezer zijn:
die mensen in Jeruzalem, dat zijn voor het grootste deel Joden.
Joden die overal ter wereld woonden, maar wel Joden.
Geen ‘echte’ buitenlanders.
Maar dat begint met Pinksteren wel:
het goede nieuws van Jezus gaat de wereld over,
klinkt in alle talen en bereikt alle volken.
Dat talenwonder is het begin daarvan.

dia 12 – niet te gast, maar genaturaliseerd in Jeruzalem
In Psalm 87 loopt het uit op een soort naturalisatieplechtigheid.
God zelf schrijft de volken in.
Want die volken, overal vandaan, zijn bij God niet te gast:
ze gelden als geboren Jeruzalemmers.
Ze krijgen hun inburgeringsdiploma, zonder er iets voor te doen.

Ook wij, Nederlanders.
Wie bij Jezus wil horen, wordt genaturaliseerd tot Jeruzalemmer.
Paulus schrijft erover in Efeziërs 2:12-14:
‘Bedenk dat u destijds niet verbonden was met Christus,
geen deel had aan het burgerschap van Israël
en niet betrokken was bij de verbondssluitingen en de beloften die daarbij hoorden.
U leefde in een wereld zonder hoop en zonder God.
Maar nu bent u, die eens ver weg was,
In Christus Jezus dichtbij gekomen, door zijn bloed.
Want hij is onze vrede, hij die met zijn dood de twee werelden één heeft gemaakt,
de muur van vijandschap ertussen heeft afgebroken.’
Dat Hardenberg in mijn paspoort staat is niet langer relevant.
Van mij mag je best trots zijn dat je een Fries bent, maar voor Christus telt het niet.
Hij zegt: ‘ben je Fries? Kun je ook niets aan doen!
Maar door mij tel je mee: ook jij wordt een Jeruzalemmer.’

dia 13 – eenheid, niet van de mens maar van de Geest
Door de Geest ontstaat er een nieuwe eenheid.
Maar wel een andere eenheid dan de eenheid van Babel.
Die was gebaseerd op trots: ‘kijk ons nou!’
Het was een eenheid van hoogmoed,
van mensen die het zonder God willen doen.
De eenheid die met Pinksteren begint is anders.
Niet op basis van mensen, maar op basis van de Geest.
In Psalm 87 zie je dat ook: ‘mijn bronnen zijn alleen in u.’
Wat ons samenbindt, is niet dat we op elkaar lijken,
niet onze gezamenlijk hobby’s of idealen,
maar Gods liefde voor ons, het offer dat Jezus gebracht heeft en onze liefde voor hem.
Op die basis breekt de Geest muren af,
om een nieuwe eenheid te maken.

3. Zoek elkaar
dia 14 – zoek elkaar
Met zo’n God, met zo’n Geest,
kunnen wij ons natuurlijk niet langer achter muren verschansen.
Hij zet de poorten wijd open – dan wij ook.
Laten we elkaar zoeken!

dia 15 – in de kerk en in de wereld (contact)
Als je bij Jezus hoort, dan horen daar geen muren bij,
maar poorten die uitnodigend open staan.
We bouwen geen muren, we halen ze juist onderuit!
Christenen staan in dienst van de Geest – de Oppersloper.
Dus zoek elkaar, in de kerk.
Laten we geen groepen maken, clubjes gelijkgestemden.
Zulke muren horen hier niet.
Laten we naar elkaar luisteren, écht luisteren, en elkaar begrijpen.
Laten we ons naar elkaar bloot geven,
de muren weghalen die we om onszelf neer zetten,
en die dat verlangen naar echt contact zo in de weg staan.
Zoek elkaar, ook in de wereld.
Want door de Geest mogen we laten zien
dat er een alternatief is voor muren,
een alternatief voor dat eeuwige wij/zij-denken.
Sta open voor wie anders is dan jij,
stap over die drempel heen en leer die ander kennen.
Wees in hoe je met mensen omgaat
een uitnodiging om ook ingeschreven te worden in Jeruzalem.

dia 16 – geen angst en trots, maar vreugde!
Ja, dat kan eng zijn.
En wat we minder graag toegeven:
daar voelen we ons ook wel eens te goed voor.
Maar de Geest wil je veranderen.
Die angst en die trots van je wegnemen.
Besef dat ook jij een vreemdeling in Jeruzalem was.
De Geest wil met je aan de slag,
wil je helpen bij het leven als christen,
en dan kun je de angst en het superioriteitsgevoel wegdoen.

Dan gaat een hele wereld voor je open.
Samen in Jeruzalem, samen rondom Christus, is het groot feest.
Zo sluit Psalm 87 af: ‘en dansend zingen zij.’
Want bij Jezus kom je thuis.
Als alle muren verdwijnen, we met God leven en elkaar in de ogen kijken,
dan is het feest – het is de hemel.
In de kerk, en vandaag in het bijzonder bij het avondmaal,
beginnen we met die wereld zonder muren.
Amen.




Handelingen 2:41 | De geboorte van de kerk

Pinksteren: het is de verjaardag van de kerk! In Handelingen 2 wordt de kerk geboren. Wat zie je als je het fotoalbum van het begin van de kerk doorbladert? Wat zegt het begin over wie we vandaag zijn?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 334
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 87 : 3, 4 en 5 (Frysk)
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 2 : 32 – 42
Zingen: LvK Psalm 51 : 1 en 2 en Opwekking 389
Preek over Handelingen 2 : 41
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 3, 8 en 9
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: Kids Opwekking 31
Onderwijs over ouderlingen
Bevestiging Romke Wielstra
Zingen: LvK Gezang 304
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 102a : 1 en 5
Zegen

De geboorte van de kerk

Inleiding
dia 1 – gefeliciteerd
Mag ik jullie allemaal van harte feliciteren!
‘Huh, waarmee dan, ik ben toch niet jarig ofzo?’
Nou, dat is het dus juist.
We zijn vandaag jarig.
Hoe oud we vandaag precies zijn geworden,
daarover verschillen de meningen een beetje,
maar het zou zomaar kunnen
dat we vandaag onze 1984e vieren!
Ja, laat ik het voorzichtig zeggen,
we zijn al wel een beetje op leeftijd geraakt.
Met ‘we’ bedoel ik trouwens de kerk.
Want Pinksteren is de verjaardag van de kerk.
Natuurlijk, ook voor Pinksteren waren er gelovigen,
maar met Pinksteren begint de christelijke gemeente.
Wij zijn dus jarig,
en dan lijkt een felicitatie mij wel op zijn plaats.
Doe het maar even: feliciteer elkaar met onze verjaardag!

dia 2 – 1e schooldag
Op deze 1984e verjaardag pakken we ons fotoalbum erbij
en gaan we terug naar onze kindertijd.
Laatst vroeg Daniël mij:
‘papa, hoe zag jij er eigenlijk uit toen jij zo oud was als ik?’
Nou, zo dus!
Deze foto is van mijn eerste schooldag,
en je kunt zien dat ik het best een beetje wennen vond…

dia 3 – zwart
Zo’n fotoalbum doorbladeren
roept allerlei herinneringen en gevoelens op.
Sommige foto’s herken je direct: ja, dit bén ik!
Sommige foto’s maken je jaloers: ik zou weer kind willen zijn.
Sommige foto’s zijn confronterend: ben ík dit?
Voor sommige foto’s schaam je je zelfs…
Als ik tijd neem om foto’s te bekijken, beleef ik het weer opnieuw.
Ben ik weer dat jongetje van 4,
die het liefste dicht bij zijn mama is,
maar ook zonder zorgen de wereld inkijkt
en intens geniet van het ontdekken van de wereld.

dia 4 – de geboorte van de kerk
Vandaag gaan we foto’s kijken.
De foto die we wat beter gaan bekijken is vers 41 van Handelingen 2.
“Degenen die Petrus’ woorden aanvaardden, lieten zich dopen;
op die dag breidde het aantal leerlingen zich uit met ongeveer drieduizend.”
Met deze foto gaan we terug in de tijd,
naar de dag dat we geboren werden,
om zo weer beter zien waar we vandaan komen en wie we zijn.

1. Wie vormen de kerk?
dia 5 – wie vormen de kerk?
Dan beginnen we met de mensen.
Wie zijn dat eigenlijk,
die 3000 die Petrus’ woorden aanvaardden,
en de gemeente van het eerste uur worden?
Wie vormen die kerk?

Het gebeurt in Jeruzalem, waar het Wekenfeest in volle gang is.
Een oogstfeest, 7 weken na het Pesachfeest,
waar de eerste opbrengst van het land aan God wordt gegeven.
Laten we er maar eens bij gaan staan, daar in Jeruzalem.
Zoals ik weer even 4 ben als ik mijn fotoalbum doorblader,
zo staan wij daar vandaag ook op het Wekenfeest.
We gaan terug naar ons begin.

dia 6 – wat gebeurt er toch?
Je bent er dus bij.
Wat heb je die dag gezien?
Wat heb je die dag beleefd?
Het was in ieder geval een heel andere dag
dan je je van tevoren had voorgesteld!
Het Wekenfeest, ook Pinksteren genoemd,
verliep meestal best voorspelbaar, maar vandaag niet!

Er hangt iets in de lucht.
Wat het precies is, daar krijg je de vinger niet goed achter,
maar je voelt dat vandaag alles anders is.
Opeens stoten mensen om je heen elkaar aan:
‘wat is dat voor geluid, stil eens!’
Het wordt stil op straat,
het geroezemoes van net is opeens verdwenen.
En dan hoor je het ook: die wind!
Maar het klopt niet:
er was voor vandaag geen wind voorspeld!
Bovendien is de lucht strak blauw,
en hangen de blaadjes aan de bomen er stil bij.
Al snel wordt je meegevoerd in de menigte,
op zoek naar de bron van dit geluid.

Het brengt je bij het huis van de leerlingen van Jezus,
die vreemde rabbi uit Nazareth.
Nou ja, dat is toch verleden tijd, Jezus is dood,
maar vreemd dat die leerlingen nog altijd samen zijn.
Om je heen stromen duizenden mensen toe,
nieuwsgierig naar wat hier toch gebeurt!

dia 7 – verantwoordelijk voor Jezus’ dood
Een van de leerlingen, later leer je hem kennen als Petrus,
staat op en begint de mensenmassa toe te spreken.
Hij begint over Joël, maar al snel gaat het over Jezus.
En dan begint het toch wel een beetje ongemakkelijk te worden.
Volgens Petrus is Jezus door God gezonden.
Je denk nog: ‘ja, maar Jezus is dood,
en dat was echt niet gebeurd als Jezus van God kwam.’
Dan komt de grote schok:
‘u hebt deze Jezus laten kruisigen,
maar God heeft hem tot leven gewekt
en aangesteld tot Heer en messias.’

Het is nooit fijn om kritiek te krijgen.
Tenminste, ik vind het maar moeilijk om goed met kritiek om te gaan.
De eerste reflex is je ervoor afsluiten.
Maar Petrus maakt het nog veel bonter:
‘jullie hebben de messias vermoord!’
Petrus draait er niet om heen: het is een forse aanklacht.
Je wilt de hakken in het zand zetten, vluchten voor deze confrontatie.

Maar het lukt niet.
Je ziet jezelf weer staan, 7 weken geleden,
bij het paleis van Pontius Pilatus.
Opgezweept door de mensen om je heen,
ook toen was je onderdeel van een grote menigte,
had je het ook gescandeerd: ‘aan het kruis, aan het kruis,
weg met Jezus, aan het kruis!’
Je had de herinnering alweer veilig weggestopt,
wilde er niet meer aan terugdenken,
maar dat wordt nu onmogelijk gemaakt.
Je was zo overtuigd van je gelijk,
overtuigd dat Jezus een Godslasteraar was,
en dat je God een dienst bewees door hem op te ruimen,
maar opeens zie je het, komt het hard binnen:
Jezus was wie hij zei dat hij was – de Zoon van God.
En jij, jij bent verantwoordelijk voor zijn dood.

dia 8 – wat nu?!
Wat nu?
Dit is niet zomaar een foutje, waar je ‘sorry’ voor kunt zeggen.
Je kunt het niet ongedaan maken.
Wanhoop borrelt op: nee, laat het niet waar zijn!
Even later schaamte: hoe kan ik nog met mijzelf leven?
In je verbeelding zie je het vuur al uit de hemel komen,
waarmee Jezus wraak neemt voor wat jij hem hebt aangedaan.
‘Toen ze dit hoorden, waren ze diep getroffen,’ schrijft Lucas.
Je voelt je zoals David, eeuwen geleden, toen hij Psalm 51 schreef:
‘Door eigen schuld verzink ik in de nacht. (…)
Want tegen u, want tegen u alleen, heb ik gezondigd.’

2. De Geest sticht de kerk
dia 9 – de Geest sticht de kerk
Het zijn ongemakkelijke foto’s, daar in Handelingen 2.
Van die foto’s in je fotoalbum waar je je voor schaamt…
Maar laten we toch maar verder kijken,
want hier wordt de kerk geboren!
Uit de mensenmassa komen er 3000 tot geloof.
Op het Wekenfeest, op het oogstfeest,
worden zij de eerste oogst van Gods koninkrijk.
De Geest sticht de kerk!

dia 10 – een nieuw begin, mét Jezus!
Terug het fotoboek in.
Je bent nog altijd in Jeruzalem,
en de grote vraag is: ‘wat nu, wat moeten we doen?’
Je bent niet de enige met die vraag,
overal vragen mensen zich vertwijfeld af hoe ze verder kunnen.
God zal wel woedend zijn…
Is er nog een manier om zijn oordeel af te wenden?
Moeten ze door het stof?
Moeten ze vasten, of offeren, of iets anders als boetedoening?
Niets van dat alles!
Petrus is er heel duidelijk over:
‘keer u af van uw huidige leven
en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus.’
Dat is alles!

Maar dat is ook al moeilijk genoeg.
Jezus Christus aanroepen?!
De laatste keer dat jij de naam van Jezus hebt gebruikt,
was toen je hem aan het kruis wilde hebben.
Er is lef voor nodig te erkennen dat je het helemaal mis had.
Lef, om Jezus aan te roepen,
en jouw lot in zijn handen te leggen.
Toch vinden 3000 mensen dat lef.
Erkennen ze dat ze helemaal fout waren,
dat ze opnieuw willen beginnen met hun leven,
maar nu mét Jezus Christus.
Dát is het werk van de Geest.

dia 11 – de kerk wordt geboren
En dan komt die prachtige foto
van de doop van 3000 Jeruzalemmers.
Beeld het je even in, 3000!
Als deze kerkzaal stampvol zit, dan zijn er 300 mensen.
In Jeruzalem zijn het 10 van die stampvolle kerken,
vol mensen die dezelfde dag nog gedoopt worden!
Wat een operatie moet dat zijn geweest!
Jij wordt gedoopt door Petrus,
naast jou wordt een ander gedoopt door Johannes,
daarnaast zijn Jakobus en Natanaël bezig,
honderden zijn je al voorgegaan,
en achter jou staan nog duizenden in de rij.
Voortaan zijn jullie ook leerlingen van Jezus,
horen jullie bij hem.

En dan, in vers 42, komt de groepsfoto.
De kerk is geboren, met de Geest als grote aanstichter,
en wat bruist het in die kerk!
Wij, want het gaat nog altijd over ons begin,
wij bleven bij het onderwijs van de apostelen:
we wilden meer weten, dronken de woorden van de apostelen in.
Wij vormden een gemeenschap, een nieuwe familie,
waar niemand minder was en niemand meer.
Wij braken het brood, vierden elke dag het avondmaal,
en voelden ons daarin dicht bij Jezus.
En we wijdden ons aan het gebed,
want de kerk is niet van ons maar van Jezus.

3. Geest en kerk?
dia 12 – Geest en kerk?
‘De Geest sticht de kerk.’
Dat is misschien niet de boodschap die je met Pinksteren had verwacht.
Misschien staan voor jouw gevoel de kerk en de Geest
wel heel erg ver uit elkaar.
Er wordt in ieder geval best wel eens een tegenstelling van gemaakt:
de kerk en de Geest.
De kerk zou star zijn, terwijl de Geest juist voor beweging staat.
De kerk zou gericht zijn op bewaren,
terwijl de Geest juist steeds aan het vernieuwen is.
Hoezo, de Geest sticht de kerk?

dia 13 – de kerk is het blijvende resultaat
Natuurlijk, de Geest deed op die Pinksterdag meer.
Het geluid van de wind,
de vuurtongen op de hoofden van de leerlingen,
het wonder van de talen.
Mooie, indrukwekkende tekenen:
een fantastische ervaring moet dat zijn geweest!
Maar na Pinksteren blijft de kerk.
De kerk is het blijvende resultaat.
Ja, er bleven ook tekenen, maar daar ging het niet om!
Die tekenen wezen steeds naar Jezus,
zodat mensen tot geloof kwamen,
en de kerk verder groeide.

De Geest en de kerk horen helemaal bij elkaar.
De Geest zonder kerk is ondenkbaar:
de Geest is er juist op gericht om mensen tot geloof te brengen
en dan kerk te laten zijn.
Net zo ondenkbaar is de kerk zonder Geest.
Zonder de Geest is de kerk dood.

dia 14 – organisatie: in dienst van de Geest
Natuurlijk, de kerk in onze tijd
ziet er heel anders uit dan in Handelingen 2.
Daar was helemaal niks geregeld,
geen structuur, geen organisatie, geen activiteiten,
het gebeurde gewoon!
Een gemeente van 3000 mensen, die elke dag verder groeit,
waar helemaal niets is vastgelegd,
aan de ene kant zorgt dat ervoor dat alles heel spontaan gaat,
aan de andere kant wordt het ook wel eens een chaos,
en gebeuren er kleine of grotere ongelukken.
Dat gebeurt in het boek Handelingen ook:
gelukkig blijft de kerk geen baby,
maar viert ze haar verjaardagen,
en wordt op een gegeven moment volwassen.
Dan is er al veel meer organisatie.
Maar wel altijd in dienst van het werk van de Geest!
Hoe we de kerk ook organiseren,
laat die organisatie nooit heilig worden,
laten we met ons georganiseer de Geest niet wegdrukken,
maar steeds bidden waar hij ons hebben wil!

(Dat gedlt ook voor de ambten.
Vandaag wordt Romke Wielstra als ouderling bevestigd.
Dat is een cadeau van de Geest aan onze gemeente.
Vandaag mogen we het gerust een verjaardagscadeau noemen.
Maak ook van de ambten en de Geest geen tegenstelling!
Als Paulus in 1 Korintiërs 12 schrijft over gaven van de Geest,
noemt hij naast de gave van genezing of van geloof
net zo goed de gave van apostelen.
Dus Romke: de Geest geeft jou als ouderling aan de gemeente!
Maar niet om vervolgens alles zelf te doen
en de macht naar jezelf toe te trekken.
Als kerk zijn we leerlingen van Jezus, de beweging van de Geest,
en aan jou en de andere ambtsdragers,
is de opdracht: moedig mensen hiertoe aan.
Moedig mensen aan hun leven te delen, hun geloof te delen.
En voor ons als gemeente geldt:
laat je dan ook inschakelen, want de Geest wordt aan ons allen gegeven!)

4. Het geheim van de kerk
dia 15 – het geheim van de kerk
Als ik dat fotoalbum van het begin van de kerk doorblader,
dan wordt ik ook wel een beetje jaloers.
Wat een bruisende gemeente, wat een leven!
Het roept bij mij wel een verlangen op:
hoe kunnen we zo gemeente zijn?
Wat is het geheim van de kerk?

dia 16: niet: een goede structuur
Het geheim ligt niet in allerlei modellen en structuren.
Er zijn boekenkasten vol geschreven
over hoe je de kerk het beste kunt organiseren,
en daar staan best nuttige dingen in,
maar een goede kerkstructuur geeft nog geen bruisende gemeente.
Die foto van de kerk in Handelingen vindt ik prachtig,
maar daar kun je geen beleid van maken,
dat kun je niet organiseren.

dia 17 – wel: bekeer je!
Nee, het geheim ligt in de woorden van Petrus:
“Keer u af van uw huidige leven
en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus.”
Gedoopt, dat zullen de meesten van ons al zijn.
Blijft staan: keer je af van je huidige leven, bekeer je!
Want die mensen in Jeruzalem
zijn echt niet de enige verantwoordelijken voor de dood van Jezus.
U, jij en ik zijn dat net zo goed!
Laten we nooit vergeten wie we zijn:
dat we Jezus vermoord hebben,
en dachten God daarmee een dienst te bewijzen.
Wanneer u weer eens eigen baas wilt zijn.
Wanneer jij het weer eens zelf wilt doen.
Wanneer ik het weer eens beter wil weten dan God.
Stop met het leven waarin voor God geen plaats is,
stop met het leven waarin Jezus het niet voor het zeggen heeft.
Kom bij Jezus, dat is alles wat wij volgens Petrus moeten doen.
En hij zal zijn Geest geven.

dia 18 – duif
Het is Pinksteren.
Wie vieren onze verjaardag.
Ons geheim? Dat is de Geest!
De kerk is met hem begonnen,
hij heeft ons weer een jaar gegeven,
en ik ben razend benieuwd waar hij ons verder brengen zal!
Amen.




Leerdienst | Avondmaal: Christus ervaren

Waarom vieren we eigenlijk avondmaal? Wat zouden we missen als we ermee zouden stoppen? In Handelingen 2 blijkt dat het avondmaal geen extraatje is, maar ook niet extra bijzonder. Met praktische uitstapjes naar het gebruik van formulieren en hoe vaak we het avondmaal vieren.
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Psalm 42 : 1
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Psalm 34 : 1 en 3
Gebed
Introductie serie
Lezen: Handelingen 2 : 37 – 47
Lezen: HC Zondag 28 v/a 76
Lezen: fragment NGB Artikel 35 (‘nu is het’ t/m ‘niet te begrijpen’)
Zingen: LvK Psalm 25 : 6 en 7
Preek
Zingen: ‘Ik ben’ (Sela) : 1, 2, R, 3, 6 en R
Gebed
Mededelingen
Collecte
Geloofsbelijdenis
Zingen: GKB Gezang 161 : 2, 3 en 4
Zegen

Avondmaal: Christus ervaren

Introductie serie
Vanmiddag beginnen we met een spannende ontdekkingsreis.
Ik zou ook kunnen zeggen:
we beginnen met een serie van drie leerdiensten over het avondmaal.
Maar dan klinkt het zo saai.
Het avondmaal, is daar niet veel te veel over gezegd?
Wat een theologische discussies zijn er over het avondmaal geweest!
Avondmaal, moet je dat niet gewoon doen?
Ik kan me voorstellen dat je dan niet direct denkt aan een spannende ontdekkingsreis.

Toch noem ik het zo.
Een ontdekkingsreis: dat is het in ieder geval voor mijzelf.
Want het avondmaal brengt ons bij de kern!
Over het avondmaal spreken we volgens mij niet zoveel met elkaar,
en als we het al doen, gaat het om allerlei problemen rondom het avondmaal.
Ik hoop dat ik jullie mee kan nemen op een ontdekkingsreis.
Want met het avondmaal heeft God ons iets geweldigs gegeven.

Het is ook spannend.
Ik zelf vínd het ook spannend om over het avondmaal te spreken.
Want wat een meningsverschillen zijn er rondom het avondmaal!
En dan bedoel ik niet de meningsverschillen in de tijd van de Reformatie,
maar gewoon verschillen binnen onze gemeente.
We beleven het avondmaal heel verschillend,
en dan is het wel zo veilig er maar niet over te praten.
Maar veilig is niet altijd goed!

Het betekent wel dat we het niet altijd eens zullen zijn.
Dat zeg ik maar bij voorbaat.
Voel je vrij het niet met mij eens te zijn!
Ik wil niet dat iedereen na afloop van die spannende ontdekkingsreis
er net zo over denkt als ik.
Wel hoop ik van harte dat deze diensten je helpen
om zelf over het avondmaal na te denken
en vooral om met elkaar in gesprek te blijven!

Rondom het avondmaal spelen praktische vragen,
maar er zijn ook diepere achtergronden.
Bij die laatste wil ik beginnen.
Vandaag over de vraag wat de toegevoegde waarde van het avondmaal is.
Ik hoop dat we elkaar op dat niveau kunnen vinden.
Van daaruit maak ik ook praktische uitstapjes,
vandaag naar het gebruik van formulieren en hoe vaak we avondmaal vieren,
maar laat daar vooral ruimte zijn voor gesprek.
Ik zal niet verstoppen hoe ik denk en waarom,
maar besef dat mijn woord niet het laatste is.

Genoeg vooraf: laten we de bijbel en de belijdenissen eens induiken.
Eerst Handelingen 2:37-37,
dan vraag en antwoord 76 uit de Catechismus
en ten slotte en fragment uit artikel 35 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

Inleiding
dia 1 – vraag: wat raken we kwijt als we het avondmaal niet meer zouden vieren?
Met enige regelmaat vieren we het avondmaal.
Wat zou er gebeuren als we daar mee stoppen?
Ik wil jullie vragen daar zelf even over na te denken:
wat raken we kwijt als we het avondmaal niet meer zouden vieren?
Denk er even over na, voor jezelf, met je buurman of buurvrouw,
en dan geef ik zo gelegenheid wat van die antwoorden te delen.

dia 2 – skype
Wat raak je kwijt als je geen avondmaal viert?
Je kunt het vergelijken met een relatie op afstand.
Jij bent gewoon in Nederland,
maar je man of vrouw, vriend of vriendin, broer of zus
is voor langere tijd in het buitenland.
Je kunt er niet zomaar even naartoe.
Gelukkig kun je met hulp van de techniek wel contact houden.
Een telefoonverbinding is overal beschikbaar, en vaak ook internet.
Via Skype kun je hele gesprekken voeren en elkaar zien.
Maar er mist natuurlijk wel iets:
via zo’n webcam blijft het elkaar vreemd aankijken,
en elkaar aanraken behoort al helemaal niet tot de mogelijkheden.

dia 3 – avondmaal: Christus ervaren
Geloven zonder het avondmaal te vieren is een beetje zoals zo’n Skype-relatie.
Dat is al heel wat: je kunt in gesprek zijn met God!
Je luistert naar wat hij jou zegt en deelt met hem het diepste wat in je hart leeft.
Maar er mist wel iets: dat je niet alleen hoort maar ook ervaart dat God er is.
Dat je ook lichamelijk met hem omgaat.
De waarde van het avondmaal,
en dat is ook de centrale boodschap vanmiddag,
is dat je er Christus mag ervaren.

Verlangen naar ervaring
dia 4 – verlangen naar ervaring
Met het avondmaal hebben we echt iets bijzonders in handen!
We leven in een ervaringscultuur,
we verlangen naar ervaringen, belevenissen, en ook rituelen.
Het avondmaal sluit prachtig bij die behoefte aan.

dia 5 – van de ene ervaring naar de andere (vliegtuig)
In onze wereld valt heel wat te beleven.
Vroeger was het al een hele onderneming
om op vakantie te gaan naar Ameland.
Nu is Ameland steeds een populaire bestemming,
ook voor dagjesmensen om te fietsen,
maar zo bijzonder als vroeger, is het niet meer.
Nu valt er zo ontzettend veel te beleven,
en is het ook voor iedereen toegankelijk.
Voor een zonvakantie in Griekenland hoef je echt geen miljonair te zijn!
Elke vakantie willen we weer nieuwe dingen ontdekken, nieuwe dingen beleven.
We rollen van de ene ervaring in de andere.

In zo’n wereld passen ook rituelen goed.
Rituelen gaan verder dan woorden, je moet ze meemaken.
Neem bijvoorbeeld de duizenden mensen langs de snelweg
om de laatste eer te bewijzen aan de slachtoffers van de vliegramp in Oekraïne.
Of iets heel anders: een bruiloftsfeest.
De meeste mensen kiezen ervoor eerst te gaan samenwonen,
maar uiteindelijk trouwen best veel mensen.
De reden?
De behoefte aan een bijzondere dag, een dag vol rituelen en belevenissen.

dia 6 – verlangen God te ervaren
In de kerk is het niet anders.
Ook wij zoeken beleving.
We willen niet alleen over God horen, we willen God ervaren!
Een verlangen dat overigens ook in de bijbel onder woorden wordt gebracht.
Maar in de kerk zijn we dat aspect van belevenissen wel wat kwijt geraakt.
Katholieken hebben tenminste nog het carnaval, wat echt een belevenis is,
maar dan ook het askruisje en de vastentijd.
Juist dat laatste spreekt ook steeds meer protestantse christenen aan.
Maar de omgang met God is in de kerk vaak vooral een omgang met woorden.
We spreken gebeden uit, we lezen de bijbel,
we luisteren naar een preek, we zingen: het zijn allemaal woorden.

dia 7 – Joods feest
Ik snap heel goed dat christenen verlangen naar meer beleving,
en het op allerlei manieren zoeken.
Bijvoorbeeld gedoopt te worden door onderdompeling,
terwijl je als kind ook gedoopt bent.
Het is een verlangen naar Gods tastbare aanraking.
Ik denk niet dat de doop daarvoor bedoeld is,
maar het verlangen erachter snap ik!
Of neem onze feesten.
In de kerk lijken we te denken
dat het al feest is als we een extra kerkdienst houden…
Daar hoefde je bij de Joden echt niet mee aan te komen!
Wat is een feest zonder eten, drinken en muziek?!
In die feesten, bijvoorbeeld het loofhuttenfeest of het pesachfeest,
zat ook weer allerlei prachtige symboliek.
Ik snap dat sommige christenen die feesten willen vieren,
want daar valt een stuk meer te beleven dan in een kerkdienst:
je hele lijf doet mee!

Avondmaal: geen extraatje
dia 8 – avondmaal: geen extraatje
Als we nu eens met dit in het achterhoofd naar het avondmaal gaan kijken.
Laat dan allereerst duidelijk zijn dat het avondmaal geen extraatje is.
Dat we écht iets missen als met het avondmaal zouden stoppen.

dia 9 – vaak wordt avondmaal niet als onmisbaar ervaren
Bij mij is het zo dat als ik erover nadenk,
ik er van overtuigd ben dat het avondmaal belangrijk is,
maar dat het in de praktijk niet eens zo veel verschil maakt.
Een avondmaalsdienst is mooi,
maar voor mijn geloofsleven hoort het niet bij de wezenlijke dingen.
Dat kan natuurlijk mijn zwakte zijn,
maar er is recent ook onderzoek gedaan
naar hoe christenen uit vrijgemaakte kerken het avondmaal beleven,
en daar kwam dat ook uit:
het avondmaal wordt vaak niet als onmisbaar ervaren.

dia 10 – avondmaal hoort bij de ‘basics’ van de kerk
Je kunt het avondmaal als een aardig extraatje ervaren.
Dat stukje uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis dat we lazen, gaat daar tegenin:
‘het is volstrekt zeker dat Jezus Christus het avondmaal niet voor niets heeft voorgeschreven.’
Avondmaal vieren we niet voor de aardigheid, het is fundamenteel.
Dat lees je ook in Handelingen 2,
over de allereerste kerk in de geschiedenis, die in Jeruzalem.
In vers 42 wordt een soort profielschets gegeven van die kerk.
4 Elementen: onderwijs, gemeenschap, breken van het brood en gebed.
Nu zou je bij dat breken van het brood nog kunnen denken aan samen eten,
maar als je dan doorleest in vers 46, staan ze naast elkaar:
het brood breken en de maaltijden gebruiken.
Het brood breken, daarmee wordt het avondmaal bedoeld.
Die 4 dingen waren wezenlijk voor de kerk in Jeruzalem.
Als ik het naast onze situatie leg:
onderwijs en gebed, de dingen die je met woorden doet,
zijn voor ons gemeentezijn wezenlijk.
Maar die andere 2, de gemeenschap en het avondmaal?
Natuurlijk hoeven we geen kopie te zijn van die kerk in Jeruzalem,
maar het geeft wel te denken dat wat voor hen de basis was,
in onze beleving vaak een extraatje is geworden.

dia 11 – Christus is aanwezig in brood en wijn
Het avondmaal is geen extraatje
omdat God in meer dan woorden met ons om wil gaan.
Het leven met Christus is zoveel meer dan woorden,
zo veel meer dan ons verstand: God wil ons hele wezen aanspreken!
In Johannes 1 staat dat Jezus het vleesgeworden Woord van God is.
Laten we dat Woord niet opsluiten in woorden!
Brood en wijn zijn veel meer dan een plaatje bij het praatje:
ze staan voor de gemeenschap met Christus.

Het avondmaal past geweldig bij dat verlangen naar Gods tastbare aanwezigheid.
In brood en wijn is Christus aanwezig, mag je hem ervaren.
Paulus zegt in 1 Korintiërs 10:
‘maakt de beker waarvoor wij God loven en danken
ons niet één met het bloed van Christus?
Maakt het brood dat wij breken ons niet één met het lichaam van Christus?’
Aan het avondmaal worden wij één met Christus!
De catechismus zegt dat ook:
‘we worden door de heilige Geest met Christus’ heilig lichaam verenigd.’
Hoe dat precies gebeurt, hoe Jezus Christus in het avondmaal aanwezig is,
dat is een mysterie, een geheimenis.
Weer de Nederlandse Geloofsbelijdenis: ‘het gaat ons verstand te boven.’
Daar zijn hele discussies over gevoerd,
ik zal niet zeggen dat die discussies onbelangrijk waren,
maar uiteindelijk is het niet te bevatten.
Maar vast staat dat we in het avondmaal Christus mogen ervaren.
Het is dus geen extraatje.

Praktijk: formulieren
dia 12 – praktijk: formulieren (formulier) – mag het avondmaal een geloofsmysterie zijn?
En dan komen we bij een praktisch punt:
het gebruik van formulieren rond het avondmaal.
Aan het avondmaal mogen we Christus ervaren,
op een andere manier met hem omgaan dan met woorden,
maar dan staan de formulieren vol woorden over het avondmaal…
Kan het zo zijn dat al die woorden rond het avondmaal
de ervaring van eenheid met Christus verdringen?
Is het echt nodig eerst onderwijs over het avondmaal te geven?
Of mogen we het avondmaal ook gewoon beleven,
mag het ons overkomen?

Natuurlijk, in Handelingen 2 wordt zowel onderwijs als het avondmaal genoemd.
Aan onderwijs komen wij niets tekort.
Maar moet er ook bij elke avondmaalsviering onderwijs over het avondmaal zijn?
Of zijn we ook klaar om avondmaal te vieren
als we het onderwijs van het evangelie hebben gehoord?
Iemand vertelde me eens
dat hij na de preek verlangde het avondmaal te vieren,
maar na het formulier was dat verlangen verdwenen…

Die formulieren zijn er natuurlijk niet zomaar.
Ze zijn ontstaan in een tijd dat mensen niets wisten over het avondmaal:
natuurlijk is dan onderwijs nodig!
Bovendien geven die formulieren vastigheid:
de viering van het avondmaal hangt niet af van wat een voorganger te melden heeft.
In onze tijd is originaliteit een doel in zichzelf geworden,
maar vastigheid kan een heel stuk rust geven!

Maar dan nog: laten de woorden nog ruimte voor ervaring?
De formulieren zeggen mij te veel, ook de kortere nieuwe formulieren.
Moet elke avondmaalsviering een afgeronde avondmaalstheologie klinken?
Daar heb ik mijn vraagtekens bij.
Mag het avondmaal nog een geloofsmysterie zijn?
Waar je iets van God ervaart,
zonder dat het in woorden gevat moet worden?

Avondmaal: niet extra bijzonder
dia 13 – avondmaal: niet extra bijzonder
Er is nog een praktische vraag:
als het avondmaal geen extraatje is, waarom vieren we het dan niet vaker?
Maar voor we met die vraag bezig kunnen,
moeten we nog een ander inhoudelijk punt bespreken.
Namelijk dat het avondmaal niet alleen geen extraatje is,
maar ook niet extra bijzonder.

dia 14 – avondmaal werd niet bewaard voor bijzondere gelegenheden
Die sfeer kan wel om het avondmaal ontstaan.
Dat het avondmaal zo bijzonder wordt,
dat het avondmaal niet alleen ervaring toevoegt, maar ook extra heiligheid,
dat we daarom terughoudend zijn met vieren.
Als ik het even heel scherp zeg:
dat we het avondmaal gebruiken als een magisch middel,
waar je voorzichtig moet zijn met de krachten die daarbij loskomen.

In Handelingen 2 merk je niets van zo’n sfeer.
Onderwijs, gemeenschap, brood breken en gebed gaan er samen.
De viering van het avondmaal was niet beladen:
elke dag kwamen ze samen,
braken het brood en gebruikten hun maaltijden,
in een geest van eenvoud en vol vreugde – vers 46.
Net als het onderwijs en de andere dingen
hoorde het avondmaal bij het dagelijks leven van de gemeente.
Het avondmaal werd niet bewaard voor bijzondere gelegenheden.

dia 15 – het avondmaal staat niet boven de woordverkondiging
Voor het gemak beperken we het even tot het onderwijs en het avondmaal:
hoe verhouden die twee zich tot elkaar?
Als het avondmaal extra bijzonder is,
dan staat het avondmaal boven het onderwijs, wat voor normale gelegenheden is.
Het avondmaal is ook bijzonder, je mag er Christus in ontmoeten,
maar niet extra bijzonder: ook in het onderwijs mag je Christus ontmoeten.
Het avondmaal is een sacrament,
en de catechismus zegt daarover in Zondag 25:
‘de heilige Geest werkt het geloof door de verkondiging van het evangelie
en versterkt het door de sacramenten.’
De verkondiging staat dus voorop!
Het avondmaal kan je nooit tot geloof brengen,
het kan je geloof wel verdiepen.
Daarmee is het avondmaal niet minderwaardig,
maar het is wel iets dat bíj het Woord, bíj het onderwijs komt.
Vergelijk maar weer met die Skype-relatie: zo’n relatie is niet ideaal.
Andersom moet ik ook niet denken aan een relatie
die alleen maar uit aanraken bestaat,
zonder dat er ooit een woord wordt gewisseld.
Wat ik wil zeggen:
maak van het avondmaal niet iets extra bijzonders,
alsof de woordverkondiging niet bijzonder en heilig is.

dia 16 – het avondmaal is heilig, zoals de gemeente heilig is
Een tekst die wel aanleiding geeft voorzichtig te zijn met het avondmaal, is 1 Korintiërs 11.
Paulus zegt daar: ‘Iemand die op onwaardige wijze van het brood eet
en uit de beker van de Heer drinkt,
maakt zich schuldig tegenover het lichaam en bloed van de Heer.’
En even verder: ‘daarom zijn er onder u veel zwakke en zieke mensen
en zijn al velen onder u gestorven.’
Oeps!
Wat is hier aan de hand?
Paulus schrijft dit met het oog op partijvorming in de gemeente.
De misstanden aan het avondmaal daar,
staan voor het geheel van misstanden in de gemeente.
Maar toch: heftig, die koppeling aan ziekte en dood!
Maar Paulus zegt niet: vier het avondmaal maar niet meer.
Ook niet: wees voorzichtig, vier het spaarzaam.
Paulus zegt: beproef jezelf, eet en drink.
Uit Paulus woorden kun je niet afleiden dat het avondmaal extra bijzonder is.
Wel dat het avondmaal heilig is,
net zoals de lezing uit het Woord heilig is,
en de gemeente heilig is!

Praktisch: hoe vaak avondmaal?
dia 17 – hoe vaak avondmaal?
Terug naar die vraag:
als het avondmaal geen extraatje is, waarom vieren we het dan niet vaker?
Zoals gezegd: het is niet mijn bedoeling dat na deze preek
iedereen er hetzelfde over denkt als ik.
Wat ik wel wil is het gesprek op gang brengen.
Daarom een stelling: (dia 18)
‘het avondmaal is voor een kerkdienst net zo onmisbaar als de zegen’.
Ja, ik wil jullie graag prikkelen.
Wie wil reageren?

dia 19 – vaak avondmaal was lang vanzelfsprekend
Zelf ben ik het grotendeels met de stelling eens,
zeker als het om de morgendienst gaat.
En ik bevind mij in goed gezelschap.
Johannes Calvijn, je zou kunnen zeggen: een van onze kerkvaders, schreef:
‘wat zouden we graag zien
dat de communicatie van het Heilig Avondmaal van Jezus Christus
minstens elke zondag genoten kan worden.’
Een hoge inzet: mínstens elke zondag, het liefst nog vaker!
Het is er niet van gekomen bij Calvijn:
het stadsbestuur zag het niet zitten, en vond 4 keer per jaar genoeg.
Daar komt onze gewoonte dus vandaan!
Niet uit theologische overwegingen, maar de politieke van een stadsbestuur…
Voor de eerste christenen, zie Handelingen 2, was het vanzelfsprekend:
avondmaal is iets voor elke dag!
Het is ook de enige aanwijzing die Jezus zelf voor onze kerkdiensten gegeven heeft:
‘doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.’

Als je het avondmaal elke week zou vieren,
dan heeft dat best wat voeten in de aarde.
Wordt de dienst niet te lang?
En als er een keer geen predikant is?
Maar volgens mij zijn dat niet de doorslaggevende dingen.
Interessanter is de vraag of het avondmaal dan geen sleur wordt.
Dat hangt er maar net vanaf hoe je relatie met Christus is!
Vergelijk het maar met een huwelijk: is het sleur om elke dag getrouwd te zijn?
Als de relatie met Christus goed is, wordt het avondmaal nooit sleur.
Wel een middel om aan die relatie te bouwen.
En ja, mensen komen dan niet meer speciaal voor de avondmaalsviering.
Maar waarom zo’n onderscheid maken tussen diensten waarin het Woord wordt geopend,
en bijzondere diensten met avondmaal?

dia 20 – dan wordt avondmaal wezenlijk voor ons gemeentezijn
Als we het avondmaal vaker vieren, dan gaat er meer veranderen.
Dan kun je het avondmaal niet meer als extraatje zien,
maar wordt het een wezenlijk onderdeel van ons gemeentezijn.
Misschien helpt het om alle discussies en rationele vragen even te parkeren,
weg te komen van activisme in de kerk,
steeds weer bij de kern bepaald te worden
en elkaar in de ogen te kijken.
Ik ben heel benieuwd wat er gaat gebeuren
als we het avondmaal veel vaker zouden vieren!

Christus ervaren
dia 21 – in het avondmaal mogen we Christus ervaren! (avondmaal)
Tijd om af te ronden.
We kunnen over van alles van mening verschillen, en dat mag.
Maar ik hoop zo dat we weer gaan verlangen naar het avondmaal.
Als kinderen van onze tijd verlangen we naar beleving,
en bij het avondmaal lijkt het zo vaak dat we het gewoon laten liggen!
Vinden we het dan gek dat geloven theorie blijft
en we het zo moeilijk vinden om elkaar vast te houden?
Juist aan het avondmaal mogen we de aanwezigheid van Christus ervaren!
Worden we boven ons verstand en onze woorden uitgetild,
en krijgen we deel aan Jezus Christus en zijn lichaam: de kerk.
Amen.




Handelingen 5:41 | Lijden om Jezus: een eer

Waar word je blij van? Waarschijnlijk niet van lijden… De apostelen wel: ze zijn blij dat ze mogen lijden om Jezus. Hoe kan dat? En wat als je niet of weinig lijdt om je christen-zijn?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 124 : 1
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 585 : 1, 2, R, 3 en R
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 5 : 17 – 42
Zingen: Psalm 40 : 3 en 4
Preek over Handelingen 5 : 41
Zingen: Psalm 66 : 3 en 5
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: ‘Aan uw tafel’ (Sela) : 1, 3 en 4
Onderwijs (5) en viering avondmaal
Zingen: LvK Lied 440 : 1 en 4
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 163 : 1, 2 en 3
Zegen

Lijden om Jezus: een eer

Inleiding
dia 1 – zwart
Wie was er bij, maandagmiddag?
Als je er bij was, hoef ik je niet eens te zeggen wat ik bedoel.
Ik heb het natuurlijk over het bezoek
van koning Willem Alexander en koningin Maxima aan Franeker.
Wie was er bij?
Steek even je vinger op!

dia 2 – koninklijk bezoek
Ik was er zelf helaas niet bij,
ik zat in de auto op weg naar een vergadering.
En ik houd al zo veel van vergaderen…
Toen ik weer thuis kwam, werd het me op Facebook nog even lekker ingewreven:
mijn hele tijdlijn stond vol met foto’s van het koninklijk bezoek.
Is er trouwens nog iemand in geslaagd een selfie te maken
met Willem Alexander of Maxima?
Of om ze een hand te geven?

Hoe dan ook, het is een hele eer als de koning en koningin lanskomen.
Ik bedoel, we noemen ze dan wel Willem Alexander en Maxima,
gewoon met hun voornamen, alsof het je buren zijn,
maar ze blijven toch de koning en de koningin.
Bijzonder dat zij de moeite nemen om naar Franeker te komen!

Daar werd dan ook alles voor uit de kast getrokken:
het centrum werd hermetisch afgesloten,
overal hingen de vlaggen uit,
het Raadhuisplein en de Voorstraat waren voor de gelegenheid tip-top,
en het zou me niet verbazen als de koning, die toch bekend staat als bierliefhebber,
nog een paar flesjes van het nieuwe Franeker Planeten-pils heeft meegekregen.

dia 3 – lijden om Jezus: een eer
We voelden ons vereerd met het hoge bezoek.
Maar wat heeft dat nou met Handelingen 5 te maken?
Eigenlijk heel simpel: de apostelen voelen zich ook vereerd.
Maar dan niet met hoog bezoek, maar omdat ze lijden om Jezus!
Hoe je dat ooit als een eer kunt beschouwen,
daar staan we vanmorgen bij stil.

1. Wat maakt je blij?
dia 4 – wat maakt je blij?
Vorige week hebben we het gehad over Petrus en Johannes
die door het Sanhedrin op het matje worden geroepen.
Dit keer zijn alle apostelen aan de beurt:
de elf die altijd met Jezus waren meegegaan en Mattias, de vervanger van Judas.
Het Sanhedrin heeft een appeltje met hen te schillen.
Als ze dan uiteindelijk mogen gaan,
staat er dat ze ‘verheugd’ zijn: ze zijn blij!
Laten we het eens van die kant bekijken: wat maakt je blij?

dia 5 – mona
Toetjesfabrikant Mona heeft het tot slogan gemaakt: ‘daar word je blij van!’
En dat is nog niet eens zo gek gedacht:
van lekker eten kun je best blij worden.
Maar er zijn natuurlijk veel meer dingen waar je blij van kunt worden.
Bijvoorbeeld als je deze week door je school bent gebeld
en te horen hebt gekregen dat je bent geslaagd.
Ook daar wordt je blij van.
Gefeliciteerd trouwens!
En waar ik zelf blij van word: morgen heb ik vakantie.
Nee, niet dat ik het zo verschrikkelijk vind om te werken,
ik ben blij dat ik in jullie midden predikant mag zijn,
maar het is ook fijn om even afstand te kunnen nemen en op te laden.
Ongetwijfeld kun je nog veel meer bedenken waar je blij van kunt worden:
goede gezondheid, fijne vrienden, leuke baan, genoeg geld, enzovoort.
Als je het hebt, wees er dan ook vooral maar blij mee.

dia 6 – blij met lijden?!
Maar wat je ook allemaal kunt bedenken aan dingen waar je blij van wordt,
ik denk niet dat er hier ook maar iemand is
die zegt: ‘lijden, daar word je blij van’.
En niet eens omdat je dat antwoord bent vergeten,
zo van: ‘o ja, lijden, daar kun je ook blij van worden.’
Nee: hoe zou je van lijden nu blij kunnen worden?
Is blij zijn niet het tegenovergestelde van lijden?
Als je lijdt, dan kun je toch niet meer blij zijn?

dia 7 – apostelen hebben reden blij te zijn: vrij
De apostelen zijn blij.
Ze hebben ook een reden om blij te zijn:
ze zijn net vrijgelaten, terwijl het net zo goed de doodstraf had kunnen worden.
De vorige keer waren Petrus en Johannes er nog vanaf gekomen
met de opdracht niet meer over Jezus te praten.
Daar hadden ze zich niet aan gehouden,
en nu zitten ze nog dieper in de problemen.
Weer mogen ze een nacht in de cel doorbrengen,
maar dit keer worden ze op een wonderbaarlijke manier door een engel bevrijd,
net als later, in Handelingen 12, Petrus, waar we het in de gezinsdienst over hebben gehad.
De volgende dag worden de apostelen alsnog opgehaald
om voor het Sanhedrin hun opwachting te maken.
De sfeer is grimmig: het Sanhedrin heeft er schoon genoeg van.
Dit kan niet langer zo doorgaan, er moet een grens gesteld worden.
Ze willen de apostelen ter dood brengen, allemaal.

Maar dan staat Gamaliël op.
Hij roept op om geen overhaaste dingen te doen:
dat gepraat over Jezus waait vanzelf wel weer over.
En mocht het toch van God komen, dan kun je maar beter niets doen.
Nu is op de woorden van Gamaliël best wel wat af te dingen,
Gamaliël blijft een Farizeeër die van Jezus niet wil weten,
maar waar het om gaat is dat door zijn toedoen de apostelen vrij komen,
en dan ook verder kunnen gaan met het vertellen over Jezus.
Met zo’n onverwachte bondgenoot mag je best blij zijn!

dia 8 – blij met lijden om Jezus
Maar dat staat er dus niet!
De apostelen zijn blij, niet omdat ze zijn vrijgelaten,
maar om de vernedering die ze mochten ondergaan!
Ze zijn blij dat ze mogen lijden om Jezus.
Kun je je het voorstellen?

2. Lijden om Jezus: een eer
dia 9 – lijden om Jezus: een eer
Hoe kan lijden nu een reden zijn om blij te zijn?
Waarom wordt van alle redenen die er voor de apostelen zijn om blij te zijn,
en die redenen zijn er best: ze zijn net vrijgelaten,
waarom wordt dan precies die ene reden genoemd
dat ze verheugd zijn dat ze waardig zijn bevonden
deze vernedering te ondergaan omwille van de naam van Jezus?
Het antwoord ligt in het woordje ‘waardig’:
ze zien het als een grote eer om te lijden om Jezus!

dia 10 – apostelen krijgen een zware straf
Voor alle duidelijkheid: geleden hebben ze!
Het is niet zo dat ze er makkelijk vanaf zijn gekomen.
Gamaliël zegt dan wel dat het Sanhedrin hen maar beter kan laten begaan,
en het Sanhedrin neemt die conclusie ook over,
maar voordat de apostelen hun vrijheid terug krijgen,
worden ze nog wel even gegeseld.
En dat doet serieus pijn!
Hun rug ligt open, en het duurt weken voor dat hersteld is.
Bij elke verkeerde beweging werden ze er weer aan herinnerd.
Ze komen er niet met een symbolische straf van af:
geselen is het serieuze werk, het waterboarden van die tijd.

En toch zijn de apostelen blij.
Beter gezegd: juist om deze marteling en vernedering zijn ze verheugd.
Het Sanhedrin ziet geen andere weg meer
dan de apostelen bang te maken met lichamelijke straffen:
dat zal die apostelen toch wel leren dat ze maar beter stil kunnen zijn over Jezus.
Maar de apostelen zien het heel anders:
ze zien het als een eer dat het Sanhedrin hen zo vernedert,
dat ze waardig bevonden zijn om te lijden.

dia 11 – het is een eer net als Jezus behandeld te worden
In Johannes 15, op de laatste avond die Jezus met de apostelen doorbrengt,
de volgende dag wordt hij gekruisigd,
in Johannes 15 zegt Jezus:
‘Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie. (…)
Denk aan wat ik gezegd heb: een slaaf is niet meer dan zijn meester.
Ze hebben mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen.’
Jezus heeft het al gezegd, dat ze zullen lijden om hem.
Nu gebeurt het.
Jezus wekte de woede van de Joodse leiders op,
nu worden de apostelen met diezelfde woede geconfronteerd.
Voordat Jezus werd gekruisigd, kreeg hij er van langs met de gesel,
nu is het de beurt aan de apostelen.
Jezus is hun Koning, hun Redder en Heer,
en nu krijgen zij dezelfde behandeling als hij.
Daarom voelen ze zich vereerd.

Waar word je blij van?
Van Mona-toetjes, een diploma of vakantie?
De apostelen zouden een heel ander antwoord geven.
Waar ze pas echt blij van worden, is leven met Jezus.
Dat is alles!
En als daar lijden bij komt kijken, dan is het een grote eer:
blijkbaar hebben mensen dan iets van Jezus in je herkend.

3. En als je niet lijdt?
dia 12 – en als je niet lijdt?
Tja, en wat dan als je niet lijdt?
Christenen in Nederland hebben het makkelijk:
als christen wordt je misschien wel eens vreemd aangekeken,
mensen snappen niet waarom je in Jezus gelooft,
maar of je christen bent, dat moet je vooral zelf weten, het staat je vrij.
Moet je dan maar beter je best doen om te lijden?

dia 13 – wees blij met godsdienstvrijheid
Nee, wees maar blij met Nederland.
Wees blij met de vrijheid van godsdienst die we hebben,
dat je de ruimte krijgt om christen te zijn,
dat er buiten geen politie staat te wachten om ons te intimideren,
en dat veel mensen het eerder interessant vinden dat je christen bent
dan dat ze er boos om worden.

dia 14 – trek je niet terug in christelijke wereld
Maar gebruik die vrijheid niet om je terug te trekken in de christelijke wereld.
Als de apostelen worden vrijgelaten,
krijgen ze weer de opdracht om de naam van Jezus nooit meer te noemen.
Je zou zeggen: de schrik moet er nu toch wel in zitten,
nu zullen ze toch wel even dimmen.
Niets daarvan: ze trekken er zich niets van aan!
De volgende dag staan ze gewoon weer te vertellen in de tempel over Jezus.
Ze krijgen boze blikken toegeworpen van de tempelpolitie
en van de leden van het Sanhedrin die langs komen,
maar ze doen wat ze altijd al deden: Jezus bekend maken.

Misschien zitten we wel te veel in het christelijk wereldje om te lijden.
Ik heb hier in Franeker nog nooit iemand gesproken die zei:
‘geloof jij in Jezus? je bent gek!’
Terwijl ik zeker weet dat er ook in Franeker mensen zo over denken.
Maar ik ken ze niet, alleen van TV.
In de talkshow van Jeroen Pauw krijgen christenen wel eens de wind van voren,
maar ik ken geen mensen persoonlijk die denken zoals hij.
Wat gaat er dan mis?
Misschien is het omdat ik predikant ben,
dan ontmoet je automatisch wat meer christenen.
Maar stel je toch eens de vraag: trek ik me in een veilige christelijke wereld terug?

dia 15 – ben je lijden waard?
En dan is er nog iets.
Van de apostelen wordt gezegd dat zij ‘waardig zijn bevonden’.
Is dat misschien het probleem: dat wij niet waardig bevonden worden?
Dat vervolging helemaal niet nodig is,
omdat je toch al een verwaterd geloof hebt,
dat je gelooft als het je uitkomt?
Ik zeg het maar even scherp, omdat ik denk dat daar wel iets zit.
Wij willen graag én én, de blijdschap van Mona, diploma en vakantie
én de blijdschap van Jezus.
Geloof je dat de blijdschap van Jezus veel meer is dan die andere dingen?
Dat als het geloof in Jezus je die gewone dingen zou kosten,
dat je het er dan graag voor over hebt?
Wat maakt jou nou echt blij?

4. Jezus, daar word je blij van!
dia 16 – Jezus, daar word je blij van!
Velen geloven dat je pas blij kunt zijn als het goed met je gaat,
als je leven op de rit is, als je succesvol bent, enzovoort.
Blij ben je als alles in je leven loopt zoals jij het wilt,
als er geen lijden is in je leven.
Dat kun je gerust een godsdienst noemen,
en als je daar een naam op wilt plakken:
het is de godsdienst van het hedonisme, van het genieten.
Ik denk dat we er allemaal een tik van hebben meegekregen.
Maar het is een genadeloze godsdienst:
je kunt het lijden niet blijven ontlopen,
en wat is je leven dan nog waard, kun je dan nog blij zijn?

Bij Jezus is geluk dat veel verder gaat,
dat niet van je af te pakken is.
Blijdschap ligt niet in dat er geen lijden in je leven is,
ook niet in dat er wel lijden in je leven is,
maar in het omarmen van Jezus als je Redder en Heer.
Dat betekent nog geen makkelijk leven,
misschien levert het zelfs wel lijden op,
maar het is het waard, het is een eer.
Daarom vieren we avondmaal,
om er voor uit te komen waar het echt om gaat.
Bij Jezus vind je zin, vind je een doel, vind je geluk.
Jezus, daar wordt je pas blij van!
Amen.




Handelingen 4:19-20 | Vrijmoedig spreken over Jezus

Reclame is overal. Maar reclame voor Jezus maken, dat vinden we vaak moeilijk. Waarom eigenlijk? Jezus is veel te mooi om voor jezelf te houden! Vrijmoedig spreken over Jezus begint met ontdekken hoe mooi het evangelie is.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 138 : 1 en 2
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 157 : 1, 2, 3 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 4 : 1 – 22
Zingen: LvK Gezang 446 : 1, 2, 5 en 6
Preek over Handelingen 4 : 19 – 20
Zingen: Psalm 118 : 3, 8 en 9
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: Ik ben (Sela) : 3a, 4v, Refr.a, 5m, 6a, Refr.a
Onderwijs ambtsdragers
Bevestiging
Zingen: GKB Gezang 164 (canon in 3 groepen)
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 710
Zegen

Vrijmoedig spreken over Jezus

Inleiding
dia 1 – tent
Vijf jaar geleden ontdekten Hanneke en ik Engeland.
We wilden eens ergens anders naar toe dan het geijkte Frankrijk.
Een paar weken voordat we vertrokken,
raakten we in gesprek met een van onze professoren.
Hij lachte ons vierkant uit met onze Engeland-plannen:
hij zou geen voet op de Britse eilanden zetten
voordat er een enorm dak overheen zou zijn gebouwd.
Je gaat toch niet op regenvakantie?!
Zelf ging hij naar Italië.
Je begrijpt, toen we een paar weken later
in een zonovergoten Engeland op vakantie waren
hebben we ons kostelijk vermaakt
toen de Engelse kranten schreven over noodweer in Italië.
Sinds die tijd zijn we verliefd op Engeland:
wat is dat een prachtig land!

dia 2 – pond
Behalve een schitterende natuur en volop zon,
heeft Engeland nog meer te bieden.
Wat dacht je bijvoorbeeld van de Engelse pond?
Handig hoor, die euro,
maar die vreemde muntjes en biljetten zijn wel goed voor het vakantiegevoel.
Bovendien zie je in eurolanden direct dat je overal veel te veel voor betaalt,
in Engeland heb je het gewoon niet door.
Trouwens, je kunt goedkoper naar Engeland varen dan naar Terschelling.

dia 3 – links rijden
Alles gaat in Engeland net even anders.
Onze stekkers passen niet in de Engelse stopcontacten.
Goed voor het gevoel dat je heel ver van Nederland bent.
En natuurlijk het linksrijden:
als je maar gewoon achter je voorligger aan rijdt, is er niets aan de hand.
Het heeft wel wat.
Maar misschien wel de beste reden om naar Engeland te gaan: de mensen!
Fransen kom je er niet tegen, Nederlanders ook niet.
De Engelsen zelf zijn behulpzaam en hoffelijk én ze hebben humor.
En je kunt nog gewoon verstaan ook!

dia 4 – evangelisatie
Ik kan nog wel even door gaan met mijn campagne voor Engeland.
Je zou het bijna ‘evangeliseren’ kunnen noemen.
Als mensen ons om tips vragen waar ze naar toe moeten op vakantie,
is het antwoord wel duidelijk: Engeland natuurlijk!
We proberen al jaren mijn ouders naar Engeland toe te praten,
tot nog toe helaas zonder resultaat.

Oké, we zijn hier in de kerk,
en je bent hier niet om te horen dat je naar Engeland op vakantie moet.
Dat is ook niet waar het mij om gaat.
Waar het wel om gaat, is dit:
als je ergens op vakantie bent geweest en je bent er enthousiast over,
dan wil je er ook over vertellen
en vind je het leuk als anderen er door jou ook naar toe gaan.
Als je iets moois hebt ontdekt, gun je het anderen ook.

dia 5 – vrijmoedig spreken over Jezus
In de kerk vieren we dat we iets moois hebben ontdekt,
of beter: iemand, namelijk Jezus.
Dat gunnen wij anderen ook.
Maar zo makkelijk als je met anderen praat over vakantiebestemmingen,
zo moeilijk is het om over Jezus te praten.
Kun je vrijmoedig spreken over Jezus?

1. Naar de mond praten
dia 6 – naar de mond praten
Petrus en Johannes zeggen:
‘kunnen we het tegenover God verantwoorden
om wel naar u te luisteren en niet naar hem?’
Het antwoord is duidelijk: natuurlijk moet je naar God luisteren.
De praktijk is moeilijker: we luisteren toch ook wel graag naar mensen.
De verleiding is groot om mensen naar de mond te praten.

dia 7 – onder druk om Jezus niet te noemen
Petrus en Johannes doen dat niet, maar ze worden wel zwaar onder druk gezet.
De Joodse leiders, met de Sadduceeën voorop, zijn woedend op Petrus en Johannes.
Eerder die dag is door toedoen van hen een verlamde man genezen.
Dat is nog tot daar aan toe,
wat veel erger is, is dat ze alle nieuwsgierige mensen over Jezus vertellen.
Nota bene in de tempel!
Dit kan niet, dit mag niet!
Daarom wordt de tempelpolitie er op af gestuurd,
en Petrus en Johannes belanden in de cel.

De volgende dag volgt de confrontatie.
Petrus en Johannes worden voorgeleid.
Het lijkt wel alsof alles erop gericht is om hen te intimideren.
Daar staan ze, met z’n tweeën, tegenover zo ongeveer alle belangrijke Joden,
waarvan de een nog strenger kijkt dan de ander.
De Sadduceeën zijn van de partij:
een religieuze groep van Joden die het ver hebben geschopt.
Ze haten Jezus, ze zien hem als bedreiging voor hun succes.
Ook Annas en Kajafas zitten in de zaal,
mannen die de leiding hebben genomen in het plan om Jezus te kruisigen.
Dat geeft voor Petrus en Johannes niet bepaald vertrouwen
dat ze hier eerlijk worden behandeld.

In het verhoor gaat het direct naar de kern:
‘door welke kracht of in wiens naam is die verlamde man genezen?’
Petrus en Johannes weten wat van hen wordt verwacht:
elk antwoord is goed, als het maar niet Jezus is.
Ze zouden het zichzelf makkelijk kunnen maken
door te zeggen dat het in de naam van de Heer was.
Een handige manier om om de hete brij heen te draaien.
Maar ze doen het niet:
ze weigeren te zeggen wat de Sadduceeën willen horen.

dia 8 – poster
Als je wel eens langs mijn studeerkamer bent gelopen,
heb je misschien de poster voor mijn raam gezien:
dat als je vragen hebt over het christelijk geloof,
dat je dan altijd mag aanbellen voor een praatje.
Het gebeurt bijna nooit dat de bel dan inderdaad gaat,
maar laatst gebeurde het wel.
De man viel met de deur in huis:
‘heb je op die vragen een antwoord gevonden?’
Ik merkte bij mijzelf dat het bijna een reflex is
om eerst af te tasten wat voor antwoord hij zou willen horen.
En natuurlijk, ik heb ook niet op alle vragen een antwoord,
maar ik sta wel ergens voor!
Waarom zou ik daar omheen willen draaien?
Uiteindelijk heb ik dat ook niet gedaan,
maar ik voel wel de spanning.
Overigens bleek de man zelf ook christen te zijn.

dia 9 – durf je te zeggen waar het op staat?
Petrus zegt precies waar het op staat:
‘de naam van Jezus is de enige op aarde die de mens redding biedt’.
Ik denk dat wij daar een beetje voor terugdeinzen:
wie zijn wij nou eigenlijk om van een ander te zeggen dat hij redding nodig heeft
en dat hij die redding nergens anders dan bij Jezus zou kunnen vinden?
Moet je mensen daar echt mee lastigvallen?
En als iemand problemen heeft,
is het dan niet veel te kort door de bocht om Jezus als antwoord te presenteren?
We praten liever met mensen mee.

2. Vrijmoedig spreken over Jezus
dia 10 – vrijmoedig spreken over Jezus
Kun je over Jezus wel vrijmoedig spreken?
Petrus en Johannes zwichten niet
voor de druk van de Sadduceeën en hun medestanders.
Ze weten dat ze zichzelf daarmee verder in de nesten werken.
Ze zullen vast ook de verleiding hebben gevoeld
om nu toch even wat gas terug te nemen.
Hoe moet het verder met de gemeente in Jeruzalem
als Petrus en Johannes worden opgesloten?
Maar ze geven er niet aan toe.

dia 11 – je staat er niet alleen voor (duif)
Ze staan tegenover de rijkste, de intelligentste en de machtigste mensen van het land,
maar het lijkt wel alsof ze er helemaal niet van onder de indruk zijn.
Dat heeft ook te maken met dat er staat dat Petrus vervuld is van de heilige Geest.
Hij weet dat hij en Johannes er niet alleen voor staan.
Jezus had dat beloofd, in Lucas 12:
‘wanneer ze jullie voor de synagogen en de autoriteiten en het gerecht slepen,
vraag je dan niet bezorgd af hoe of waarmee je je moet verdedigen
of wat je moet zeggen,
want de heilige Geest zal jullie op dat moment ingeven wat je moet zeggen.’
Daar komt die vrijmoedigheid van Petrus en Johannes vandaan!

dia 12 – God wil de boodschap van redding verder brengen
Het is een gevaarlijke vraag die ze krijgen:
door welke naam is die verlamde genezen?
Maar Petrus grijpt zijn kans,
hij gebruikt de vraag als een uitnodiging om over te Jezus te vertellen:
‘we hebben een zieke geholpen, is dat nou echt zo gevaarlijk?
Is dat tegenwoordig al een reden om iemand een nacht in de cel te stoppen?
Maar jullie hebben een onschuldige man laten vermoorden, Jezus van Nazareth.
En het is in zijn naam dat die man is genezen!’
De aanwezigen weten niet meer hoe ze het hebben:
hoe durft Petrus zo brutaal te zijn?!
Maar Petrus is nog niet klaar:
hij doet een dringende oproep om zich bij Jezus aan te sluiten,
omdat alleen bij Jezus redding is.

Uiteindelijk lijkt het met een sisser af te lopen:
Petrus en Johannes komen vrij, maar wel voorwaardelijk.
Ze mogen niet meer over Jezus spreken.
Maar ze leggen het naast zich neer:
de Joodse leiders kunnen wel meer willen,
maar voor hen telt maar één ding: wat God wil.
Als God wil dat iedereen over Jezus hoort,
hoe zouden zij dan kunnen zwijgen?
Wat is voor jou belangrijker?
Je imago, wat andere mensen over je denken?
Of hoe God jou wil inschakelen om de boodschap van redding verder te brengen?

dia 13 – dat wil God door ons heen
In Engeland is laatst weer eens een rapport verschenen over ontkerkelijking.
Tja, ook Engeland is niet de hemel…
In ieder geval: de Britse krant Daily Telegraph schreef daarover:
‘Christenen zijn zelf hun grootste vijand geworden;
ze helpen het geloof om zeep met hun zwijgen.
Maak reclame, laat je horen, vertel mensen wat je gelooft.
Het hart van het geloof is de waarheid dat Jezus is gestorven en opgestaan
als begin van een nieuw tijdperk.
De kracht van het goede nieuws is zo groot dat het wel bekeerlingen móét maken.
Het is tijd om het te delen!’

Hoe kunnen je buren, je collega’s, je klasgenoten
van Jezus weten als wij het ze niet vertellen?
Bij Jezus is redding, draai daar niet omheen,
alsof mensen die redding niet nodig hebben
of alsof die redding een te gemakkelijk antwoord is.

Ik zeg het vandaag in het bijzonder tegen de ambtsdragers:
laat je oren niet hangen naar wat mensen willen horen,
maar luister naar wat Christus wil.
Wees vrijmoedig in het spreken over Jezus en laat je leiden door zijn Geest.
Jullie krijgen niet zomaar een taak, jullie krijgen een ambt:
namens Christus moeten jullie zijn kerk besturen,
in de naam van Jezus mensen bezoeken.

3. Waar het hart vol van is…
dia 14 – waar het hart vol van is…
Vrijmoedig spreken over Jezus, het klinkt mooi, en toch…
Willen we het eigenlijk wel?
Waar het hart vol van is, daar stroomt de mond van over.
Is dat inderdaad zo, is je hart vol van Jezus?
Ben je zo blij dat je hem kent, dat je dat iedereen gunt?

dia 15 – zie en hoor het zelf!
Mijn reclamepraatje voor Engeland
kan ik alleen maar houden omdat ik er ben geweest.
Als ik er nooit zou zijn geweest, zou ik niet verder komen dan:
het schijnt er mooi te zijn, en op tv hebben Engelsen in ieder geval humor…
Als ik je met zo’n verhaal zou proberen je om te praten om naar Engeland te gaan,
zou je waarschijnlijk zeggen: ‘ga er nou eerst zelf eens naartoe,
voordat je mij daarheen probeert te krijgen.’
Je zou in ieder geval groot gelijk hebben.

Petrus en Johannes kunnen niet anders meer dan spreken over Jezus.
Dat kan alleen omdat Jezus voor hen geen vreemde is.
Dat zeggen ze ook: ‘we moeten spreken over wat we gezien en gehoord hebben.’
Petrus en Johannes waren er bij,
toen Jezus door Israël rondtrok met zijn onderwijs en wonderen.
Ze waren er bij, toen de sfeer grimmig werd,
en Jezus uiteindelijk werd gekruisigd.
Ze waren er bij, toen het graf leeg was,
en ze later die dag de Opgestane Jezus ontmoetten.
Ze waren er bij, toen de Geest werd uitgestort.
Hun hart is er helemaal vol van.

Vrijmoedig spreken over Jezus kan pas als je zelf ook ziet en hoort.
En natuurlijk hoor en zie je het niet zoals Petrus en Johannes.
Maar het gaat erom dat je zelf Jezus ook kent.
Ron van der Spoel, een predikant die werkt voor Open Doors,
heeft eens aan verschillende voorgangers in de vervolgde kerk gevraagd
hoe ze het volhouden.
Hun antwoord was eigenlijk steeds het zelfde: zorgen voor balans.
Ze bedoelden ermee: je houdt het niet vol als je alleen maar geeft, alleen maar spreekt,
je moet het ook ontvangen.
Velen van hen proberen net zo veel tijd met God door te brengen
als dat ze besteden aan de gemeenten daar.
Nou gaat het er mij niet om hoe die tijdsverdeling precies moet zijn,
maar wel dat je ruim tijd neemt om te ontvangen.
Anders loop je helemaal leeg.

dia 16 – zoek naar welk verschil Jezus voor je maakt
Wat heb je gezien over Jezus?
Wat heb je gehoord van Jezus?
Vrijmoedig spreken over Jezus begint met ontdekken waarom je niet zonder hem zou willen!
Wat spreekt je aan in Jezus?
Welk verschil maakt hij in je leven?
Probeer daar achter te komen, praat daar ook over met elkaar.
Vertellen over Jezus kan pas als je er zelf van overtuigd bent dat je iets geweldigs hebt,
iets dat iedereen zou moeten weten.

Klaas, Chris, Klaas en Bram,
als ouderlingen, diaken en bezoeker
kun je ongetwijfeld altijd meer doen in de gemeente.
Maar begin steeds weer met zien en horen.
Laat je voeden, ga om met God en met zijn Woord.
Juist daar heeft de gemeente veel aan!
Laten we samen ons steeds weer verwonderen om wat God voor ons heeft gedaan.
Amen.




Handelingen 3:6 | Met Jezus sta je niet machteloos

Je wilt graag iets voor een ander betekenen, maar vaak voel je je machteloos. Maar met Jezus sta je niet met lege handen: er is liefde en hoop voor iedereen. Daarom hoef je je niet voor de problemen van anderen af te sluiten.
In deze dienst was het Calvin College Wind Ensemble uit de Verenigde Staten te gast. Om die reden is de preek tweetalig: Nederlands en Engels.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Voor de dienst: CCWE speelt ‘Holy Manna’ (Donald Grantham)
Welkom en mededelingen
Zingen: Opwekking 520 : 1 (NL), 2 (NL) en 3 (EN) (begeleiding: CCWE)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 70 : 1, 2 en 3 (begeleiding: orgel)
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 3 : 1 – 10 (Nederlands en Engels)
Zingen: Psalm 145 : 1 en 4 (begeleiding: orgel)
Preek over Handelingen 3 : 6
Muzikaal intermezzo: ‘Who Puts His Trust In God Most Just’ (J.S. Bach)
Zingen: LvK Gezang 460 : 1, 2 en 3 (begeleiding: CCWE)
Kinderen terug
Leefregel
Zingen: Psalm 19 : 4 (begeleiding: orgel)
Gebed
Collecte (CCWE speelt ‘Amazing Grace’ (William Himes))
Zingen: Opwekking 575 : 1 (EN), 2 (NL), 3 (NL) en 4 (EN)
Zegen
Na de dienst: CCWE speelt ‘Sweet Canaan’ (Donald Grantham)

Met Jezus sta je niet machteloos

Inleiding
dia 1 – zwart
Het is alweer een tijdje geleden.
Ik zat wat uit het raam te staren.
Opeens zie ik in mijn ooghoek een groep mensen bij het water staan.
Het was nog voor de bouw van de Oosterpoortsbrug,
dus zoveel drukte was ik niet gewend aan de Turfkade…
Waarom staan al die mensen daar?
Ik kijk nog wat beter, ‘hè, zie ik dat goed?!’,
en ren de trap op naar Hanneke.
‘Hanneke, heb je al uit het raam gekeken?’ Niet dus…
‘Dan zou ik maar eens gaan kijken!’
dia 2 – auto te water
In het water steekt de achterkant van een auto omhoog.
Geparkeerd op een helling, handrem vergeten,
en zo het water in gerold.
Gelukkig zat er niemand in de auto.

Je leest er wel vaker over.
Maar stel nu dat je het ziet gebeuren,
dat er nog een paar seconden zijn voordat de auto het water raakt,
wat doe je dan?
Je kunt gaan schreeuwen ‘ho, stop, remmen!’,
maar bij een auto zonder bestuurder heeft dat niet zo veel zin.
Je zou kunnen proberen de handrem alsnog aan te trekken,
maar vaak heeft de bestuurder die zijn handrem is vergeten
niet vergeten de auto op slot te doen.
Je kunt aan de trekhaak gaan hangen, om de auto tegen te houden,
maar er is geen beginnen aan.
Je ziet dat het niet goed kan gaan, maar je kunt niets doen:
je staat machteloos.

dia 3 – met Jezus sta je niet machteloos / with Jesus you are not powerless
Het gevoel dat je machteloos bent,
dat je staat toe te kijken, maar niets kunt,
daar gaat het vanmorgen over.
Mensen die je zou willen helpen, maar je weet niet moe.
Uit Handelingen 3 mag je leren
dat je met Jezus niet machteloos staat.

You are in a country full of water.
Also in Franeker we have channels.
I also live on the waterside,
and once I looked out of my window,
and saw a large group of people staring at the water.
In the water was a car: the driver forgot to use the handbrake…
What can you do when you see a car rolling to the water?
You can shout, but it’s useless.
You can try to pull the handbrake, but the doors are locked.
You can’t do anything…
You are powerless.
Tomorrow it’s about that feeling:
that you’re watching, that you would help people,
but you’re unable.
From Acts 3, you can learn
that with Jesus, you’re not powerless.

1. Een machteloos gevoel
dia 4 – een machteloos gevoel / feeling powerless
Wat kan een machteloos gevoel je bekruipen
als je eens even goed om je heen kijkt in de wereld.
Wat zijn er veel problemen waar je niets aan kunt doen.

dia 5 – niemand kan de verlamde echt helpen / nobody can help the lame really
Zo kijken de bezoekers van de tempel in Jeruzalem aan tegen die verlamde man.
De arme stakker!
42 Jaar is hij nu, nooit heeft hij kunnen lopen.
In het begin zorgden zijn ouders voor hem.
Dat waren redelijk goede jaren,
al was hij een buitenbeentje, die niet met andere kinderen op straat kon spelen.
Maar hij had tenminste te eten en een veilige plek.
Zijn ouders leven niet meer, nu moet hij voor zichzelf zorgen.
Dat kan alleen maar door te bedelen.
Hij haat het om dat te moeten doen.
Hij voelt dat hij de mensen alleen maar tot last is.
Maar ja, hij moet overleven.

Er zijn nog wel wat mensen die om hem geven.
Ze brengen hem elke dag naar de tempel.
Dat is alles wat ze kunnen doen.
Ze voelen zich er rot over, maar staan machteloos.

En zo zit die man daar elke dag in de tempelpoort.
Een goede plek om te bedelen.
In Duitsland en Frankrijk heb ik het ook wel eens gezien:
dat bedelaars precies als de kerkdienst is afgelopen,
vlak bij de uitgang van het kerkgebouw gaan zitten.
Want als mensen met hun geloof bezig zijn geweest,
staan ze beter voorgesorteerd iets te geven.

Sommige tempelbezoekers negeren de verlamde.
Anderen werpen hem een muntje toe.
Maar echt helpen, dat kunnen ze niet.
Geld is in ieder geval iets, het helpt om te overleven,
maar daar is alles wel mee gezegd.
Morgen zit hij er gewoon weer.
De mensen die geven, realiseren zich dat maar al te goed,
ze generen zich voor de verlamde man,
ze staan machteloos en kijken weg.

dia 6 – wij veranderen de wereld niet / we don’t change the world
Konden we van de wereld maar een betere plek maken.
Maar wat staan we machteloos.
Als we horen van een wereld die in brand staat.
Van miljoenen die op de vlucht zijn om een veilig bestaan,
en worden weggestopt in smerige kampen aan de randen van Europa.
Als we horen van uitbuiting, van kinderarbeid,
van de armsten die door de rijke westerse wereld worden afgezet.
Via onze schermpjes komt het allemaal ons leven in.
We staan machteloos in onze eigen omgeving.
Als je hoort van relatieproblemen, schulden of ziekte.
Als je de verlamden van onze samenleving ontmoet.
Je verandert er niets aan.
Zo frustrerend!

When you look around in the world, you can feel powerless.
That is how the visitors of the temple feel about that lame.
Poor man!
He hates to beg for money, but it’s the only way to survive.
He feels redundant and isolated.
He has a few friends who bring him to the temple every day.
It’s al they can do.
Some of the visitors of the temple ignore him,
others throw a coin to him,
but that’s all they can do.
He will be back tomorow.
Nobody can really help him, they know that and look away.
We can not make the world a better place.
People flee from war to survive and live in filthy camps at Europe’s borders.
The poorest of the world are exploited by the western world.
We are powerless, in relation problems, debts and diseases.
It’s frustrating!

2. Met Jezus sta je niet machteloos
dia 7 – met Jezus sta je niet machteloos / with Jesus you are not powerless
Het lijkt alsof wij met lege handen staan,
de wereld niets te geven hebben.
Maar we hebben wel iemand te geven: Jezus.
Dan sta je niet langer machteloos.

dia 8 – bij Jezus begint de redding / salvation begins in Jesus
Het is ongeveer 15:00 als Petrus en Johannes bij de tempel komen.
Ook zij zien de verlamde man zijn hand ophouden.
Maar dan gaat alles anders.
Tegen alle gewoonten in kijken Petrus en Johannes de man aan.
‘Ik heb geen geld wat ik je kan geven’, zegt Petrus.
De man kijkt teleurgesteld naar beneden, alsof hij denkt:
‘loop maar snel door, dan kan de volgende geld geven.’
‘Maar ik heb wel wat anders’, gaat Petrus verder.
‘In de naam van Jezus Christus, sta op en loop.’
En het gebeurt: de man staat op en loopt!
Petrus bidt niet eens om genezing,
hij geeft een simpele opdracht: ‘in Jezus’ naam, sta op’.
Zoals Jezus dat zelf ook deed.

Wat een feest moet dat zijn geweest voor deze man.
Hij kan weer lopen, hij krijgt weer een leven!
Maar het is meer dan de genezing van één man.
In Jesaja 35 gaat het over dat God zijn volk eens zal bevrijden.
En dan staat er, in vers 6:
‘verlamden zullen springen als herten.’
De mensen in de tempel kennen die tekst maar al te goed,
en nu zien ze het voor hun ogen gebeuren.
Jezus lost deze oude belofte van God in,
zelfs nu hij in de hemel is opgenomen.
Deze genezing zet een dikke streep onder dat Jezus van God komt,
dat de wereld niet hopeloos verloren is,
maar dat bij Jezus de redding is begonnen.
Als Petrus in het vervolg de toegestroomde mensen uitlegt wat is gebeurd,
gaat zijn hele verhaal over Jezus.

dia 9 – met Jezus geef je liefde en hoop / with Jesus you give love and hope
Nee, Jezus geneest niet iedereen,
al is deze verlamde man ook zeker niet de enige.
Maar het is niet zo dat Jezus nu al onze problemen oplost.
Toch sta je met Jezus niet meer machteloos,
heb je echt iets te geven in die situaties waar je niets aan verandert.
Ik heb er deze week lang over nagedacht: wat is dat dan precies?
Het eerste is dat Jezus God is die zelf in de blubber gaat staan.
God ziet al onze problemen, al onze verlamdheid,
en hij kijkt er niet van weg!
Hij kiest er juist voor zelf verlamd te worden,
om alle ellende van de wereld over zich heen te laten komen.
Voor God ben je geen blok aan het been, een foutje:
hij kent je, hij ziet je, hij doet alles voor je!
Het tweede: met Jezus geef je hoop.
Jezus is de redder van de wereld,
hij gaat alles recht zetten en goed maken.
Hij lost niet al je problemen in één beweging op,
maar geeft je wel uitzicht op een nieuw leven.

Our hands seem empty,
but we have someone to give: Jesus.
With him, we are not powerless.
Among the visitors of the temple are Peter and John.
They don’t have money to give, but have something else:
‘in the name of Jesus Christ: walk’.
And it happens!
But it’s more than a healing of one man.
Isaiah 35 states that God will rescue his people,
and then, verse 6: ‘the lame man shall leap like a deer’.
Jesus fulfills this promise, even now he’s in heaven.
It underlines the fact that Jesus is from God,
that salvation has begon.
With Jesus, you are not powerless,
even if he doesn’t solve our problems immediately.
Jesus gives love:
he knows your problems, but does not look away,
he became a lame himself!
You are not a mistake, you are loved by God!
And Jesus gives hope:
he will make everything right,
and gives a new perspective on life.

3. Houd je ogen open!
dia 10 – houd je ogen open / keep your eyes open
Wij kunnen ons machteloos voelen.
Maar met Jezus zijn we het niet!
Daarom hoeven we niet weg te lopen van de problemen en pijn van anderen,
maar kunnen we mensen laten binnenkomen en aankijken.
Houd je ogen open!

dia 11 – zie de mens in de ander / see the human in the other
Want het delen van wat Petrus en Johannes hebben,
het geloof in Jezus Christus, begint met aankijken!
Dat hij niet kan lopen, is niet het enige probleem van de verlamde man.
Misschien nog wel heftiger is dat iedereen wegkijkt.
Dat niemand hem als mens ziet.
Petrus en Johannes doen dat anders
en daarin brengen ze al een stukje genezing.
Met Jezus’ naam sta je niet machteloos
en hoef je dus ook niemand als onmogelijk geval te zien.
Dus kijk, zie de mens in degene die je zou willen helpen.

Dat is heel krachtig.
Je geeft er mee aan dat je iemand niet als probleem ziet maar als mens.
In het filmpje dat ik zo laat zien, zie je wat alleen kijken al kan doen.
Willekeurige asielzoekers en willekeurige westerlingen
krijgen de opdracht elkaar 4 minuten aan te kijken.

With Jesus we are not powerless.
That’s why we don’t have to walk away from problems of others:
keep you eyes open!
Just like Peter and John.
In the lame, they don’t see o problem but a human.
I show a fragment which shows the power of just looking at each other.

dia 12 – filmpje

(t/m 3:41)

dia 13 – het beste wat we hebben is Jezus / the best we have is Jesus
Houd je ogen open, en kijk mensen aan.
Laat mensen daarin iets van Jezus mogen herkennen:
dat je in Jezus’ naam mensen aankijkt.
Wees dan ook niet bang om Jezus ter sprake te brengen.
Want het beste wat we kunnen geven,
dat is niet ons geld en zelfs niet dat we mensen als mens aankijken,
maar het is de naam van Jezus Christus.

Dare to look at people
and let them recognize something of Jesus in it.
Don’t be afraid to mention him!
The best we can give is not our money,
not even that we look at people,
but the name of Jesus Christ.
Amen.




Handelingen 12:1-19 | Vervolgd? Jezus is het waard!

In veel landen is het gevaarlijk om christen te zijn. Voor de eerste christenen was dat ook zo: Petrus zit in de gevangenis om zijn geloof. Wat kunnen we van hem en andere vervolgde christenen leren?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Welkom en mededelingen
Zingen: -‘Door de kracht’ (Kids Opwekking 31)
-‘Vuur uit de hemel’ (Elly en Rikkert, te vinden in E&R 313)
-‘Liefde, blijdschap, vrede’ (Kids Opwekking 70)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: ‘Breng dank aan de Eeuwige’ (Opwekking 331)
Gebed
Lezen: Handelingen 12 : 1 – 19 (uit Bijbel in Gewone Taal)
Zingen: Psalm 43 : 1, 3 en 4
Sketch
Preek
Zingen: ‘Stil, mijn ziel wees stil’ (Opwekking 717)
Smokkelspel
Zingen: ‘Sta eens even op’ (Kids Opwekking 100)
Leefregel: Matteüs 5 : 3 – 12 (uit Bijbel in Gewone Taal)
Zingen: ‘Uw woord is een lamp’ (GKB Gezang 23)
Gebed
Collecte (met kaartjes)
Zingen: ‘Wat de toekomst brenge moge’ (LvK Gezang 293 : 1 en 2)
Zegen

Vervolgd? Jezus is het waard!

Inleiding = Sketch
Sketch is gebaseerd op een verhaal van stichting Open Doors
Personages: Tan-Qi (TQ), agent (A), moeder (M)
Attributen: verband om hand Tan-Qi, pen, papier, eventueel politiekleding
Setting: kamer in het politiebureau, tafel met aan beide kanten een stoel

A: zo, daar zit je dan… hoe heet je?
TQ: ik heet Tan-Qi
A: en nog brutaal ook hè?
TQ: hoe bedoelt u, ik snap u niet
A: heb je geen manieren geleerd ofzo? o nee, daar doen jullie christenen zeker niet aan… nou, laat ik duidelijk zijn: hier in mijn politiebureau spreek je met twee woorden. is dat begrepen?
TQ: eh, ja, meneer de politieagent
A: nee, niet zo overdreven, gewoon ‘ja meneer’ is genoeg
TQ: ja meneer

A: goed, laten we dan maar beginnen, Tan-Qi
TQ: ja meneer
A: snap je waarom je hier zit?
TQ: nee meneer, ik heb toch niets verkeerds gedaan?
A: o nee, waarom zit dat verband dan om je hand?
TQ: juf heeft me op mijn hand geslagen meneer, dat was een paar dagen geleden, maar het doet nog steeds pijn
A: en waarom heeft juf jou geslagen Tan-Qi?
TQ: (kijkt ongemakkelijk) omdat ik naar de zondagschool ga meneer
A: zeg dat nog eens
TQ: ik ga naar de zondagsschool meneer
A: precies, dat wilde ik horen, snap je nu waarom je hier zit?
TQ: ik denk het wel meneer

A: juf heeft toch gezegd dat je nooit meer naar de zondagschool moest gaan?
TQ: ja, maar hoe weet u dat meneer?
A: juf is naar ons toegekomen omdat ze zich zorgen over je maakte. ze vertelde ons over die gevaarlijke zondagschool
TQ: gevaarlijk? dáár ben ik nog nooit geslagen hoor!
A: niet zo brutaal! als ik zeg dat het daar gevaarlijk is, dan ís het gevaarlijk. en praat met twee woorden. begrepen?
TQ: ja meneer
A: mooi, dan kunnen we verder, vertel eens over die zondagschool?
TQ: het is daar echt heel fijn meneer! we horen daar altijd zulke mooie verhalen!
A: o ja, waarover dan?
TQ: nou eh, over Jozef en over Simson en over Jona en over Petrus
A: gaat het ook wel eens over Jezus?
TQ: ja, natuurlijk, het gaat elke keer over Jezus
A: en toen wij kwamen, wat waren jullie toen aan het doen?
TQ: we waren aan het zingen meneer, ‘Jezus is de goede herder’, kent u dat liedje? zal ik het voor u zingen?
A: nee, nee, nee, houd je mond! snap je niet dat jullie heel stom waren?
TQ: waarom bent u zo boos op mij meneer?
A: omdat je met Jezus bezig bent, jullie zijn slechte mensen. weet je wat, ik geef je strafwerk. dat heb ik met de anderen ook gedaan. je moet honderd keer opschrijven: ‘ik geloof niet in Jezus’
TQ: maar ik geloof wel in hem!
A: kan me niet schelen, je hebt me gehoord. honderd keer ‘ik geloof niet in Jezus’. anders mag je hier niet weg

(Tan-Qi begint te schrijven, even later komt moeder binnen)
A: zo mevrouw, mooi dat u er bent, u bent de moeder van Tan-Qi?
M: ja, dat klopt
A: u weet waarom uw dochter hier is?
M: nee, maar dat kunt u mij vast vertellen
A: uw dochter was op de zondagschool
M: dus?
A: snapt u niet dat dat heel gevaarlijk is voor kleine kinderen?
M: om eerlijk te zijn: nee, dat snap ik niet
A: als ik het niet dacht… christenen zijn verraders mevrouw! de kinderen hebben allemaal strafwerk geschreven. ze hebben honderd keer opgeschreven ‘ik geloof niet in Jezus’. voor u geldt hetzelfde mevrouw: u krijgt u dochtertje pas mee als u zegt dat u niet in Jezus gelooft
M: maar dat kan ik niet! dat kunt u niet menen!
A: dat meen ik wel. de andere ouders hebben dat ook gedaan
TQ: nee, dat is niet waar!
A: denk je dat ik hier sta te liegen?!
TQ: maar dat zouden ze nooit doen
A: echt wel! net als jullie. jullie hebben toch ook strafregels geschreven? kijk!
(agent pakt stapel papieren erbij, strafregels van de kinderen, bladert er doorheen en zijn gezicht betrekt)
A: wat is dit?! stelletje etterbakken! alle kinderen hebben opgeschreven dat ze in Jezus geloven! verdwijn! en neem je dochter mee! en zorg ervoor dat ik jullie hier nooit meer zie! wegwezen, nu!

1. Vervolgd?
dia 1 – vervolgd?
Dat liep nog maar net goed af!
En dit soort dingen gebeurt dus echt!
Wij kunnen ons dat misschien moeilijk voorstellen,
in Nederland is de politie je beste vriend, daar kun je op vertrouwen,
maar dat is dus echt niet overal zo!
Hoe zou jij reageren, als je zoals Tan Qi op het politiebureau zit,
en je pas mag vertrekken als je zegt dat je niet in Jezus gelooft?
Durf je dan nog voor Jezus te staan?

dia 2 – Petrus in gevangenis
Petrus wel.
Daarom zit hij in de gevangenis.
Het is niet de eerste keer…
De mensen in Jeruzalem hebben een verschrikkelijke hekel aan christenen.
En Petrus, dat is de allerergste.
Zonder Petrus zouden er nooit zoveel christenen zijn.
Ze haten Petrus.

Petrus zit in de gevangenis, de best bewaakte gevangenis van Israël.
Zelfs een terrorist zou nog niet uit deze gevangenis kunnen ontsnappen.
Petrus heeft een cel diep onder de grond, in de kerkers.
Als je daar uit kunt komen, ben je echt heel knap.
Maar Petrus krijgt extra bewaking.
Bij de deur van zijn cel staan twee soldaten,
en met kettingen zitten Petrus’ armen vast aan twee andere soldaten.
Nog één nacht, want koning Herodes heeft gezegd dat Petrus dood moet.
Morgen zal Petrus de doodstraf ontvangen.

In de gevangenis denkt Petrus aan Jezus.
Deze week wordt het Paasfeest gevierd.
Een paar jaar geleden kreeg Jezus op het Paasfeest de doodstraf.
Nu is Petrus aan de beurt, weer op het Paasfeest.
De mensen haten Petrus en de andere christenen
al net zo veel als ze Jezus hebben gehaat.

dia 3 – vervolging Pakistan
Ze kunnen moeilijk alle christenen arresteren.
Dat past niet in de gevangenissen in Jeruzalem.
Daarom pakken ze de leiders.
Dat gebeurt nog altijd, in Pakistan bijvoorbeeld.
Er zijn daar predikanten die elke maandagochtend naar het politiebureau moeten.
Daar worden ze geslagen met een stok, op hun rug en in hun gezicht.
Dan mogen ze weer naar huis,
maar volgende week moeten ze zich weer melden voor een pak slaag…

Vervolging van christenen, het is nog altijd een groot probleem!
De duivel wil de kerk kapot maken.
Hij wil het ons moeilijk maken om te geloven.
Het allerliefste wil hij dat je zegt:
‘als geloven in Jezus mij wat kost,
als ik erom vervolgd wordt, als mensen mij erom haten
of als ik er dingen voor moet opgeven,
dan geloof ik maar niet meer.’

2. Jezus is het waard!
dia 4 – Jezus is het waard!
Zou het de duivel lukken?
Soms helaas wel.
Sommige christenen geven hun geloof maar op.
Maar heel veel andere christenen blijven juist geloven,
hun geloof wordt er zelfs sterker van!

dia 5 – wachtrij
Waarom doen ze dat?
Omdat ze geloven dat Jezus het waard is!
Ben je wel eens in een attractiepark geweest?
En moest je dan ook wachten in een wachtrij?
Echt, ik heb een hekel aan wachten…
Je staat maar in de rij, soms kun je weer een klein stapje naar voren,
maar het duurt zo lang!
Toch is de wachtrij de moeite waard:
aan het einde van de wachtrij mag je in de achtbaan.
Een wachtrij is niet leuk, maar wel de moeite waard.
Dat is met vervolging ook zo: niemand wil straf omdat je gelooft in Jezus,
maar Jezus is zo mooi, dat hij het wel waard is.

dia 6 – slapen
Dat vindt Petrus ook.
Petrus weet dat hij morgen vermoord wordt.
Ik zou dan heel boos worden.
Ik zou schreeuwen dat het niet eerlijk is,
dat ze me vrij moeten laten, dat ik niets verkeerd heb gedaan!
Ik zou schoppen en daarna heel bang worden en huilen.
Maar hoor je Petrus?
Sst, luister goed, hoor je het?
Petrus slaapt.
En zijn gesnurk is zo rustgevend dat de soldaten ook in slaap vallen…

Petrus is niet boos, Petrus is niet bang.
Het kan hem niet schelen wat ze met hem doen,
Jezus kunnen ze toch niet van hem afpakken!
Misschien droomt hij wel over dat hij weer bij Jezus is.
Dat is alles wat Petrus wil.
Dus slaapt Petrus heerlijk.

dia 7 – zwart
Vervolgde christenen laten je zien hoe bijzonder Jezus is.
Geloven in Jezus is zo mooi, dat ze er alles voor over hebben.
Zelfs hun leven!
Ze hebben ontdekt dat Jezus het allerbeste is dat je kunt krijgen.
Dat mogen wij van hen leren.

3. Leer te bidden
dia 8 – bidden
Er is nog iets wat we van hen kunnen leren: bidden.
Want terwijl Petrus in de gevangenis zit,
zijn de christenen in Jeruzalem druk aan het bidden.
En dat zijn er nogal wat!
Die passen niet in één huis.
Overal in Jeruzalem zijn groepjes christenen aan het bidden.
Ook al is het midden in de nacht,
ze piekeren er niet over om te gaan slapen.
Bidden is nu even belangrijker dan slapen!
Ze bidden voor Petrus in de gevangenis.
Ze bidden dat de doodstraf voor Petrus niet door hoeft te gaan,
ook al durven ze er eigenlijk niet om te hopen.
Ze bidden voor de kerk in Jeruzalem
Ze bidden ook voor de mensen die christenen haten:
dat ze mogen ontdekken wie Jezus is.

Als ik aan het bidden ben, ben ik meestal in 5 minuten klaar.
Soms, bijvoorbeeld als ik een wandeling maak,
kan ik langer bidden, een uur ofzo.
Maar de hele nacht door?!
Dat doen ze in Jeruzalem.
Om de beurt bidden ze, dan is het weer even stil,
en dan gaat de volgende verder.
Ze denken niet ‘nu heeft God het wel gehoord, nu weet hij het wel,
nu is het tijd om te slapen.’
Nee, ze blijven bidden!

dia 9 – bidden 2
Ik vind dat mooi.
Zij weten dat er pas echt iets verandert als God iets doet.
Neem er een voorbeeld aan.
Bid om een sterk geloof.
Bid voor de kerken in Franeker.
Bid dat nog veel meer mensen Jezus leren kennen.
Bid voor vervolgde christenen.

Nee, ik bedoel niet dat je vanavond niet naar bed hoeft,
omdat je de hele nacht moet bidden.
Jammer hè? Sorry!
Maar leer wel van die christenen in Jeruzalem
dat je voor bidden tijd mag nemen.
Als je samen bidt, bedenk dan bijvoorbeeld eerst eens met elkaar waar je voor gaat bidden,
dat iedereen twee dingen noemt om voor te bidden.
Dan kun je daarna bidden.
Het is echt niet erg als het eens langer dan twee minuten duurt…

4. God opent deuren
dia 10 – God opent deuren
Het verhaal van Petrus is nog niet afgelopen.
Hij is klaar om te sterven voor Jezus.
Maar God heeft andere plannen,
en dan gaan de deuren voor Petrus letterlijk open.

dia 11 – engel
Weet je nog, terwijl alle christenen in Jeruzalem bidden,
ligt Petrus te slapen in zijn cel.
Opeens is het licht en staat er een engel bij Petrus.
Petrus draait zich nog een keer om, hij wil verder slapen.
Dat is dus niet de bedoeling…
De engel schudt Petrus heen en weer:
‘Petrus, wakker worden, ik kom je bevrijden.’
‘Wat gebeurt hier’, denkt Petrus, ‘droom ik ofzo?
Opeens voelt hij dat zijn armen lichter worden:
de kettingen vallen er vanaf.
Ze vallen rinkelend op de grond,
maar de soldaten hebben niets door: ze zijn diep in slaap.

De engel wenkt Petrus: ‘kom met me mee’.
Zachtjes sluipt Petrus naar de deur van zijn cel.
De soldaten daar liggen ook al te slapen.
De deur gaat gewoon voor hen open.
De volgende deur ook, en de volgende ook.
En dan staat Petrus buiten!
Pas als de engel weg is, beseft Petrus dat dit echt is.

dia 12 – Rhode
Petrus weet waar hij heen moet:
naar één van de huizen waar christenen aan het bidden zijn.
Net als Petrus kunnen ze het daar eigenlijk niet geloven.
Niemand had erop gerekend dat Petrus bevrijd zou worden.
Het meisje dat Petrus op de deur hoort kloppen, vergeet open te doen,
en de anderen geloven haar niet eens.
Maar Petrus staat er echt!
Iedereen is superblij.

dia 13 – open deuren
God opent deuren, nog altijd.
Er zijn allerlei verhalen van vervolgde christenen die het gemerkt hebben.
Dat ze op een wonderlijke manier konden ontsnappen.
Of dat hun vijanden tot geloof kwamen.
Het gaat niet altijd zo.
Een tijdje voordat Petrus in de gevangenis kwam,
was Jakobus, een andere leerling van Jezus, wel gedood.
Voor Petrus blijft het ook gevaarlijk:
hij vertrekt zo snel mogelijk uit Jeruzalem.

Waarom God de een wel bevrijdt en de ander niet, dat weet ik niet.
Ik weet wel dat God altijd wint.
Hij is sterker dan de vijand, de duivel.
De duivel probeert de kerk uit te roeien,
hij wil dat niemand in de wereld in Jezus gelooft.
Maar hoe zwaar christenen ook vervolgd zijn en nog altijd worden,
het is de duivel nog altijd niet gelukt.
Het zal hem ook nooit lukken.
Er zullen altijd mensen tot geloof blijven komen.
God opent deuren voor Jezus.
En met Jezus staat de deur van de hemel wijd open.
Amen.




Handelingen 2:11b | De Geest helpt goed nieuws de wereld in

Waar op de wereld je ook bent, overal kun je christenen vinden. Dat is het werk van de Geest. En hij wil ook ons daarbij inschakelen. In deze preek extra aandacht voor de verbondenheid met ‘onze’ zendingsgemeente in Zuid-Afrika.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 117 (Nederlands én Fries)
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 334
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 2 : 1 – 13
Zingen: Psalm 71 : 8, 9 en 11
Preek over Handelingen 2 : 11b
Zingen: GKB Gezang 105 : 1, 2, 8 en 9
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: LvK Gezang 477 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 165
Zegen

De Geest helpt goed nieuws de wereld in

Inleiding
dia 1 – vlag Zuid-Afrika
We gaan vandaag op de Afrikaanse toer.
Twee weken geleden hebben we een kaartje gestuurd
naar de zendingsgemeente in Soshanguve in Zuid Afrika.
Ik vermoed dat dat kaartje nog op zijn lange reis is…
Vandaag, op Pinksteren, staan we extra stil bij wereldwijde verbondenheid,
juist ook met het zendingswerk in Zuid Afrika.

dia 2 – kaart Zuid-Afrika
Eerst maar eens jullie topografie testen.
Je ziet hier een kaart van Zuid-Afrika.
Wie kan Soshanguve aanwijzen?
Het ligt iets ten noorden van Pretoria.
Pretoria is een grote stad, met zo’n 750.000 inwoners,
maar Soshanguve mag er ook zijn: 400.000 inwoners.

dia 3 – zendingsgemeente
Vanuit Friesland wordt al heel wat jaren zendingswerk gedaan in deze regio.
Zo zijn 5 zendingsgemeenten in Soshanguve gesticht,
onder andere de gemeente van ds. Phineas Kgatle.
Die naam komt vanochtend nog wel vaker voorbij,
en om te voorkomen dat ik elke keer weer mijn tong breek,
zal ik hem vanaf nu maar gewoon ds. Phineas noemen.
Samen met een paar andere gemeenten
steunen wij het werk van deze zendingsgemeente,
een gemeente met ongeveer 85 leden.

dia 4 – filmpje
Om even goed in Afrikaanse sferen te komen, luisteren we naar een liedje:

dia 5 – Phineas
Wij zijn allemaal één, of we nu kerk zijn in Franeker of in Soshanguve.
Overal op de wereld zijn kerken, overal mensen die geloven in Jezus Christus,
en dat mag je gerust een wonder noemen.
Vandaag staan we er bij stil hoe het kan
dat overal op aarde mensen Jezus hebben leren kennen.

Ik had het al even over ds. Phineas.
Hij heeft voor deze Pinksterzondag meegedaan met de preekvoorbereiding,
hij heeft bedacht waar het over zal gaan.
Dus wat je vanochtend uit mijn mond hoort
is een beetje van Phineas en een beetje van mijzelf.

dia 6 – de Geest helpt goed nieuws de wereld in
Maar veel belangrijker: het is een boodschap die de Geest voor ons heeft.
Daarmee zijn we bij het thema van vanochtend:
de Geest helpt goed nieuws de wereld in.
Want goed nieuws moet naar buiten.

1. Delen wat God doet? Eng!
dia 7 – delen wat God doet? eng!
Inderdaad, het gaat over vertellen over God.
Gods grote daden moeten de wereld over.
Maar volgens mij vinden we het ook wel eng,
om te delen wat God doet.

dia 8 – we hebben iets moois te vertellen
Gek eigenlijk, want we hebben echt iets moois te vertellen!
Veel mensen die er bij waren in Jeruzalem op de eerste Pinksterdag zijn diep onder de indruk.
Wat ze nu horen, zoiets hebben ze nog nooit gehoord!
Ze zijn onder de indruk van de wonderlijke dingen die ze meemaken,
maar ze zijn misschien nog wel meer onder de indruk van wat ze horen:
van Gods grote daden.

Van Jezus hadden ze allemaal wel eens gehoord.
Sterker nog: 50 dagen geleden waren ze er ook bij,
toen Jezus ter dood werd veroordeeld
omdat rechter Pontius Pilatus een woedende menigte zijn zin gaf.
Ze hadden zelf geroepen: ‘aan het kruis met hem’.
Nu staan ze er weer.
Nu dringt tot hen door wat er écht is gebeurd.

Ze horen dat het kruis niet het einde van Jezus is:
Jezus is opgestaan, Jezus heeft gewonnen van de dood,
Jezus heeft gewonnen van de macht van het kwaad,
en nu is Jezus koning in de hemel.
Dát is het goede nieuws van Gods grote daden.
In de afgelopen weken hebben we het erover gehad
hoe Jezus je een compleet nieuw leven geeft.
Als je daar ook maar een klein beetje van merkt,
heb je echt iets te vertellen!

dia 9 – we durven niet zo goed…
Maar hoe geweldig het ook is wat God doet,
dat met anderen delen is nog wel even een ander verhaal…
Vaak vinden we het al moeilijk om met elkaar over God te praten,
en dan praten we maar over koetjes en kalfjes.
Wel zo veilig…
Hoe vaak zeg je nu tegen iemand:
‘weet je, ik zou het jou zo gunnen dat jij christen bent.
Jezus is echt goed nieuws voor jou!’
Volgens mij durven we niet goed.

Misschien is onze grootste angst wel wat in Handelingen 2:13 gebeurt:
dat mensen zeggen: ‘ze zullen wel dronken zijn’.
Dat mensen je totaal niet serieus nemen,
dat ze je er zelfs belachelijk om maken.
Dat hebben we liever niet…

dia 10 – Lubach
Ik denk bijvoorbeeld aan deze meneer: Arjen Lubach.
Regelmatig op TV te vinden en beroepsgrappenmaker.
Zijn satirische nieuwsshow ‘zondag met Lubach’ doet het goed.
Ergens heb ik bewondering voor hem:
hoe hij de moeilijkste thema’s zo even neerzet.
Maar met christenen heeft hij niet zo veel.
Lubach vindt, ik citeer hem maar even,
‘het volstrekt gestoord dat weldenkende mensen in een god kunnen geloven’.
Over die uitspreek wilde Gert-Jan Seegers van de Christenunie
graag met Lubach in gesprek.
Dat gesprek is er geweest, afgelopen maandag.
Het heeft Lubach in ieder geval niet van mening veranderd.
Volgens Seegers was er af en toe zelfs lichte verbijstering in zijn ogen te zien,
dat mensen echt in God kunnen geloven.

2. De Geest helpt goed nieuws de wereld in
dia 11 – de Geest helpt goed nieuws de wereld in
Toch is dat precies waar Pinksteren om gaat:
het goede nieuws moet naar buiten.
Ds. Phineas zegt het zo: ‘Pinksteren draait om missie,
het doel is, Habakuk 2:14, dat zoals de zee vol water is
de aarde vol zal zijn van kennis van de grootheid van de Heer.’
Daarbij worden we geholpen door de Geest:
de Geest helpt het goede nieuws over Jezus de wereld in.

dia 12 – de Geest geeft een duw in de rug
In Jeruzalem gebeuren vreemde dingen.
Er is het geluid van een harde wind,
er lijken vlammen te zijn op de hoofden van de leerlingen,
en die leerlingen spreken in elke taal die je maar kunt bedenken.
Dat moet overweldigend zijn geweest.
Ik zou het best willen meemaken, dat de Geest zich zo duidelijk laat zien.
Maar uiteindelijk, en ik volg Phineas maar weer even,
gaat het er niet om dat de Geest je een topervaring geeft, een extase:
de bijzondere gebeurtenissen in Jeruzalem
helpen het goede nieuws de wereld in.

De Geest geeft een enorme duw in de rug.
Misschien weet je nog dat je nog maar net kon fietsen.
Heel stoer natuurlijk, maar je wordt er ook wel moe van.
Dan is het fijn als je een duwtje in je rug krijgt van je vader of moeder.
Dat is wat de Geest doet.
Als het van mij zou afhangen dat iedereen over Jezus weet, zou het niets worden.
Maar het hangt niet van jou af: de Geest helpt.
De leerlingen van Jezus waren ook echt niet zo dapper.
Ja, Petrus kon wel eens denken dat hij de wereld aankon,
maar dat hij nu voor meer dan 3000 mensen moet spreken,
daarvan had hij nooit gedacht dat hij het zou kunnen.
Maar door de Geest doet hij het!

dia 13 – begin van een wereldwijde beweging
Er gebeurt heel wat die dag.
Voor Pinksteren kwamen bijna alle volgelingen van Jezus uit Galilea,
in het noorden van Israël.
Nu komen maar liefst 3000 inwoners van Jeruzalem tot geloof.
Hier begint de kerk.
Maar hier blijft het niet bij!
Het is een geweldig begin, maar niet meer dan een begin.
De beweging gaat verder.
Het talenwonder laat er al iets van zien:
het nieuws van Jezus moet overal naar toe.
Uiteindelijk zo ver dat overal op aarde mensen van Jezus hebben gehoord,
dat er volgelingen van Jezus zijn in Jeruzalem, maar ook in Soshanguve en Franeker.
Geen enkele andere godsdienst heeft zich zo over de wereld verspreid.
Dat is het werk van de Geest.

3. Overal anders
dia 14 – overal anders
Maakt het dan helemaal niet uit wie je bent?
Mooi dat het voor iedereen is,
maar we zijn toch ook wel heel verschillend!
Klinkt een beetje als een massaproduct, als ‘one size fits all’.
En dat willen we dus liever niet.
Als iets voor iedereen geschikt is, past het nooit helemaal bij je.
Dan moet je met minder genoegen nemen.
Bij God is dat dus niet zo: wat hij doet, is voor iedereen,
maar in elke situatie kan het op een andere manier worden gebracht.

dia 15 – de Geest spreekt alle talen
Het wonder van die talen in Jeruzalem
betekent niet alleen dat het goede nieuws voor iedereen is.
Het betekent ook dat de Geest naar je toe wil komen zoals je bent.
Het was daar in Jeruzalem echt niet nodig dat er zoveel talen gesproken werden.
De mensen die daar waren, waren dan wel niet allemaal opgegroeid in Jeruzalem,
maar ze woonden er nu wel allemaal.
Met hun moedertaal deden ze er niet zo veel:
ze spraken Aramees met elkaar, of misschien Grieks.
Maar de Geest wil het nog dichter bij brengen.
Zelfs Judeeërs, staat er, hoorden de leerlingen in hun eigen taal.
Nogal logisch zou je zeggen: die hadden dezelfde taal.
Maar hun dialect was wel anders,
misschien net zoals het Kleifries van het Woudfries verschilt.
Het gaat trouwens niet alleen om talen,
het gaat ook om cultuur, om je gewoontes, om wie je bent.

dia 16 – in Zuid-Afrika anders dan in Nederland
Daarom klinkt het goede nieuws in Zuid-Afrika anders dan bij ons.
Natuurlijk, het is in een andere taal, maar het verschil is nog veel groter.
Ds. Phineas schrijft dat in Zuid-Afrika
veel mensen zijn grootgebracht met de traditioneel-Afrikaanse godsdienst.
Ze hebben geleerd dat God ver weg is in de hemel,
en als je God wilt aanbidden, dat je dan de hulp van je overleden voorouders nodig hebt.
Die voorouders moet je tevreden stellen met allerlei rituelen.
Allemaal om iets bij God te bereiken.
De man op de foto, geloofde tot voor kort op deze manier.
Nu heeft hij Jezus gevonden, net als zijn vrouw en kinderen,
en je kunt je voorstellen dat het voor hem een geweldige bevrijding is!

Wij leven in een heel andere situatie.
Ik zou hier wel elke week kunnen preken tegen traditionele Afrikaanse godsdiensten,
en misschien zou het voor een keertje nog interessant zijn ook,
maar we hebben daar helemaal niets aan.
Wij worden geconfronteerd met andere godsdiensten:
met materialisme, het geloof dat alleen die dingen bestaan die je kunt waarnemen,
of met kapitalisme, waar geld steeds het doorslaggevende argument is.
Ook dan is het trouwens een enorme bevrijding om Jezus te leren kennen!

dia 17 – de Geest wil je op jouw manier aanspreken
De Geest wil jou op jouw manier aanspreken.
Hij wil je liefde voor Jezus geven,
besef van Gods grote daden, dat dat geweldig nieuws is,
en hij wil je laten weten dat het ook voor jou is.
Dat doet hij op allerlei manieren.
Dat kan met spectaculaire wonderen.
Het kan door iets dat je leest.
Het kan door iets in een preek dat je raakt.
Het kan ook door een gesprek met bijvoorbeeld iemand
die hetzelfde heeft meegemaakt als wat jij meemaakt,
en die vertelt wat geloven toen voor hem of haar betekende.
Zo spreekt de Geest je persoonlijk aan.

4. Deel van Pinksterbeweging
dia 18 – deel van Pinksterbeweging
Maar nu terug naar het vertellen over God.
Daarin staan we er niet alleen voor:
de Geest brengt het goede nieuws naar buiten.
Zo is het de hele wereld overgegaan, en zo wil de Geest ook jou aanspreken.
Als je dat goede nieuws hebt ontdekt,
dan wil de Geest je ook gebruiken om het verder te brengen.
Hij wil je deel maken van zijn Pinksterbeweging.

dia 19 – de Geest werkt door de kerk heen
Want zo kun je de kerk wel noemen: ‘Pinksterbeweging’.
De Geest kan op heel bijzondere manieren werken,
hij kan dromen en visioenen geven,
maar vaak werkt de Geest ook gewoon door mensen.
Hij gebruikt de kerk om het evangelie verder de wereld in te brengen.
De kerk is de wereldwijde beweging van de Geest.
Met de woorden van ds. Phineas:
het doel van ons als kerk, dat zijn we niet zelf en dat is ook niet ons geluk,
het is ons doel om Gods grote daden overal bekend te maken,
te beginnen in ons eigen Jeruzalem.

Hij en zijn gemeente doen dat in Soshanguve,
dat is, om zo te zeggen, hun Jeruzalem.
Ze willen niet voor zichzelf houden wat ze van God hebben gekregen,
daar is het veel te mooi voor!
Wij mogen het hier in Franeker doen.
Geen geheim maken van dat we christenen zijn.
Laten zien dat het mooi is om Jezus te kennen.
En dat in de taal van de mensen om ons heen:
dat we hen kennen, dat we geïnteresseerd zijn in wat mensen bezig houdt,
en dat we hen willen leren begrijpen.
Dan laten we zien dat geloven niet iets plechtigs is voor op zondag,
maar dat het over het leven gaat.

dia 20 – mag de Geest zijn werk door jou doen?
Zijn we dan terug bij af?
Dat we eigenlijk anderen over God moeten vertellen, maar het eng is?
Wel als je denkt dat het nu allemaal van jou afhangt.
Maar het punt is juist dat de Geest aan het werk is.
Hij maakt ons echt niet allemaal straatevangelist,
maar hij helpt je wel om je geloof niet te verstoppen omdat je je er voor schaamt.
Laat de Geest zijn werk maar doen.
Vraag hem hoe hij je kan gebruiken.
Luister naar hem, zie de mensen die hij op je weg plaatst,
en leer hun taal te spreken en hun leven te begrijpen.
En wees dan niet bang als de gelegenheid zich voordoet
om te vertellen wat Jezus voor jou zo bijzonder maakt.
De Geest zal je er bij helpen.

Doe je mee?
Met die beweging van Pinksteren?
Mag de Geest je gebruiken, door je heen werken?
Nog een keer ds. Phineas:
‘God rust zijn kerk toe met de kracht van zijn Geest
zodat hij verheerlijkt wordt onder alle volken.’
Amen




Kolossenzen 3:1b | Uit het oog, in je hart?

Hemelvaart: Jezus verdwijnt uit het oog. Niet om het ons moeilijk te maken, maar om te regeren. Nu is het de tijd dat hij zijn macht gaat uitoefenen. En overal waar hij regeert wordt het hemelse leven al een beetje werkelijkheid.
Deze preek is gehouden op Hemelvaarstdag 2016, toen Hemelvaart en Bevrijdingsdag samenvielen.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Psalm 68 : 13
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Opwekking 569
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Handelingen 1 : 4 – 11
Zingen: GKB Gezang 68 : 1, 2 en 3
Lezen: Kolossenzen 3 : 1 – 4
Zingen: Psalm 110 : 1 en 2
Preek over Kolossenzen 3 : 1b
Zingen: Psalm 47 : 1, 3 en 4
Kinderen terug
Gebed
Collecte
Zingen: Opwekking 366
Zegen

Uit het oog, in je hart?

Inleiding
dia 1 – bevrijdingsdag
Vandaag vieren we niet 1 maar 2 feesten: Hemelvaart en de bevrijding.
Dat deze 2 feesten op precies dezelfde dag vallen, komt maar weinig voor.
In 2005 gebeurde het voor het eerst in de geschiedenis,
vandaag gebeurt het voor de tweede keer,
en de volgende keer, dat duurt nog wel even…
Dat is in het jaar 2157!
Dit zal dus wel de laatste keer zijn in je leven
dat je na de hemelvaartsdienst direct door kunt naar Leeuwarden voor het bevrijdingsfestival.
Eigenlijk is dat jammer, want het is best een mooie combinatie!

dia 2 – bevrijding Franeker
Laten we eens naar 1945 gaan: het jaar dat Nederland werd bevrijd.
In de internetarchieven vond ik er een foto van.
Wie weet waar deze foto gemaakt is?
Het is een foto uit Franeker,
je ziet de trappen van het stadhuis en de Koornbeurs.
Leuk detail: ook toen al gold op het Noord eenrichtingsverkeer.
Oke, we gaan het iets moeilijker maken:
wanneer is deze foto genomen? (kort na de bevrijding)
En waar zie je dat aan? (onder andere aan bord ‘council hall’)
Nog een stapje moeilijker: wie staan er op de foto?
Iemand een idee? Of herken je zelfs iemand?
(Een Canadese commandant houdt een toespraak,
naast hem staan onder andere de burgemeester en een wethouder,
onderaan op de foto, in uniform, de leden van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten,
en verder veel inwoners van Franeker.)

Natuurlijk ook belangrijk is wie er niet op de foto staan: Duitsers.
Geen Duitse soldaten: Nederlanders en Canadezen hebben het overgenomen.
Ook de NSB-burgemeester is ingeruild voor een waarnemend burgemeester
die aan de kant van de Nederlandse regering staat.
Door de bevrijding viel Franeker niet langer onder de Duitse regering,
maar had de Nederlandse regering, koningin Wilhelmina en haar kabinet,
het weer voor het zeggen.
De bevrijding is een wisseling van de macht:
de Nederlandse regering neemt de macht over.

dia 3 – uit het oog, in je hart?
Een wisseling van de macht: dat is Hemelvaart ook.
Hemelvaart gaat over de vraag: wie heeft de macht?
Het is het feest dat Jezus gaat regeren,
dat hij de macht overneemt van de donkere macht van het kwaad.
Jezus mag dan wel uit het oog zijn, hij is Koning,
hij regeert over de hele wereld.
Regeert hij ook in jouw hart?

1. Uit het oog…
dia 4 – uit het oog…
Hemelvaart kun je best met bevrijdingsdag vergelijken.
Het is dus ook een feestelijke dag.
In theorie tenminste…
Want in de praktijk is Hemelvaart het minst feestelijke christelijke feest.
Hemelvaart zegt ons vaak niet zoveel…

dia 5 – Jezus is afwezig: is dat wel feest?
Wat de feestvreugde er ook niet groter op maakt,
is dat Hemelvaart het feest is dat Jezus vertrekt.
Nadat Jezus was opgestaan, hebben zijn leerlingen Jezus nog vaak ontmoet.
Daar komt nu een einde aan.
Jezus verdwijnt uit het oog.
Hemelvaart betekent dat we Jezus niet kunnen zien.
Jezus is afwezig: hij is niet langer op aarde, maar in de hemel.
Volgens Paulus is Jezus ‘boven’.
Dat zijn wij niet, wij zijn gewoon op aarde,
en kunnen op z’n beste onze gedachten op Jezus richten.

Jezus is vertrokken, is dat nou zo’n feest?
Ik zag eens ergens bij een voordeur een tegeltje hangen:
‘bezoek brengt altijd vreugde aan,
zo het niet bij het komen is, dan bij het gaan.’
Daar is geen speld tussen te krijgen: sommige mensen zie je liever vertrekken.
Maar om Jezus nou onder die mensen te rekenen…
Nee: als het aan mij had gelegen, was Jezus nooit vertrokken.
Wat zou het fijn zijn als je Jezus gewoon kon zien
en als je hem gewoon je vragen kon stellen!
Hoe dan ook: Hemelvaart voelt alsof Jezus ons in de steek laat.
Hij gaat naar de hemel, en wij moeten het op aarde maar uitzoeken…

Jezus’ leerlingen staan in Handelingen 1 ook niet te springen van blijdschap.
Na Pasen zou alles anders worden, dachten ze.
Jezus had laten zien dat hij alle macht had, dat niets of niemand hem kon stoppen.
Volgens de leerlingen wordt het tijd om eens iets met die macht te doen,
om de macht in Israël van de Romeinen over te nemen.
Maar Jezus vertrekt…
Daar hadden ze niet op gerekend!
Ze zien Jezus verdwijnen in een wolk en staren hem beteuterd na.

dia 6 – uit het oog, uit het hart?
Jezus verdwijnt uit het oog.
Volgens het spreekwoord verdwijnt hij dan ook uit het hart.
Zo gaat dat vaak.
Als jongetje van 4 speelde ik vaak met de kinderen van de overburen.
Maar zij gingen verhuizen.
Het meest verschrikkelijke was nog wel dat mijn ouders gingen helpen met verhuizen.
Ik vond dat verraad…
Wilden zij dan niet dat ze tegenover ons bleven wonen?!
Maar al vrij snel was ik de overburen vergeten.
Ook zonder hen kon ik me prima vermaken.
Uit het oog, uit het hart.

Met Jezus kan dat ook zomaar gebeuren.
Je gelooft wat je ziet, dat heeft invloed op je leven.
Maar Jezus?
Is hij er wel?
Wat merk je nou eigenlijk van hem?
Kun je niet beter zonder Jezus verder?

2. Hemelvaart: Jezus gaat regeren
dia 7 – Hemelvaart: Jezus gaat regeren
Maar Jezus vertrekt niet om het ons moeilijk te maken.
Hij vertrekt met een doel: hij gaat regeren.

dia 8 – nu is het tijd dat Jezus de wereld regeert
We gaan even terug naar 1945.
De oorlog is voorbij, de macht is overgenomen door de Nederlandse regering,
en koningin Wilhelmina is weer in het land.
Ze konden weer het land in,
hun gezicht laten zien en mensen een hart onder de riem steken.
En dat is goed, dat is belangrijk.
Maar het zou niet goed zijn als ze dat zouden blijven doen.
Als de koningin en de regering jarenlang op tournee zouden zijn,
en daardoor aan hun echte werk niet toekwamen:
een land regeren, de opbouw coördineren.
Er is werk te doen!

Hemelvaart kun je daarmee vergelijken.
Jezus is opgestaan, hij heeft alle macht,
en nu is de tijd aangebroken dat hij die macht wereldwijd gaat uitoefenen.
Jezus is niet opgestaan om zich aan iedereen te laten zien.
Hij heeft ander werk: regeren.
Paulus zegt dat Jezus ‘aan de rechterhand van God’ is:
dat is de taal van de bijbel om te zeggen dat Jezus regeert.
Hemelvaart is dat Jezus koning wordt.
In zekere zin hebben de leerlingen in Handelingen 1 dan ook gelijk,
als ze vragen of Jezus nu koning over Israël wordt.
Ze denken alleen veel te klein:
Jezus is niet alleen koning van Israël, maar van de hele wereld.
Nu is het tijd dat het goede nieuws dat Jezus leeft,
het goede nieuws dat je niet leeft om te sterven, de wereld in gaat.
Daar geeft Jezus de leiding aan.

dia 9 – vanuit de hemel: te groot om te bevatten
Maar waarom moet dat vanuit de hemel,
of, zoals Paulus het noemt, ‘boven’?
Kon Jezus niet gaan wonen in een mooi paleis op aarde?
Dan zou hij toch mooi weer een stukje dichterbij zijn…
Want bij ‘de hemel’ denken we al snel aan ver weg.
Terwijl we ook best weten dat je miljarden kilometers kunt reizen,
maar dat we de hemel nog altijd niet gevonden hebben.
De hemel is helemaal niet ver weg!
Vanuit de hemel kan Jezus juist overal op aarde tegelijk zijn!
Daarom is juist de hemel zo’n goede plek om te regeren,
ook al kun je je er niets bij voorstellen.

dia 10 – televisie
Stel je de hemel in ieder geval niet voor als een plek aan de rand van ons universum.
En ook niet als een plek die alleen maar geestelijk is:
Jezus is met lichaam en al naar de hemel gegaan.
Wij kunnen die hemel gewoon niet bevatten:
het is groter dan de werkelijkheid die wij kennen.
Wij leven in een driedimensionale wereld: we kennen lengte, breedte en hoogte.
Stel je nou voor dat je in een tweedimensionale wereld zou leven,
dus dat je zou leven in een soort groot tv-scherm.
Dan kun je niets met de derde dimensie, met diepte:
mensen komen dan altijd van links, rechts, boven of beneden,
maar nooit van voor of van achter, dat bestaat dan namelijk niet.
Zoiets kun je over de hemel ook zeggen:
die is groter dan wij met onze dimensies kunnen vatten.
Onze werkelijkheid is maar een klein stukje van Gods werkelijkheid.

3. Jezus verandert mensen
dia 11 – Jezus verandert mensen
Oke, Jezus ging dus naar de hemel om te regeren,
om plaats te nemen aan de rechterhand van God.
Maar wat merk je daar nou eigenlijk van?
Is de wereld na Hemelvaart echt anders geworden,
zoals Nederland na de bevrijding echt anders werd?
Ik ben bang van niet…
Regeert Jezus wel?

dia 12 – koning op een onverwachte manier
Ja, maar niet op de manier waarop je het misschien zou verwachten.
In ieder geval niet op de manier waarop Jezus’ leerlingen het verwachtten.
Zij vroegen: ‘gaat u het koningschap over Israël herstellen?’
Dat is wat ze al die tijd van Jezus verwachtten, en ze hopen er nog steeds op:
dat Jezus Israël bevrijdt uit de handen van de Romeinen,
dat Jezus Israël bevrijdt van de Joodse religieuze leiders,
dat Jezus zorgt voor nieuwe welvaart voor Israël,
een Israël waarin niemand tekort heeft.
Vervang ‘Israël’ voor ‘onze wereld’, en je herkent het direct:
als Jezus regeert, dan verwachten we wereldvrede en dat het met iedereen goed gaat.

Maar Jezus geeft nog één keer een raadselachtig antwoord:
‘Het is niet jullie zaak…
Jullie zullen kracht ontvangen en van mij getuigen.’
Jezus zegt niet: ‘nee, ik word geen koning.’
Jezus zegt: ‘ik word koning, maar op een andere manier.
Geen aardse koning, zoals jullie verwachten.
Ik word koning over de hele wereld,
en waar jullie van mij getuigen en mensen tot geloof komen in mij,
daar zie je dat ik regeer.’

dia 13 – Jezus regeert waar mensen tot geloof komen
Misschien wel het beste bewijs dat Jezus regeert, is de kerk.
Niet alleen hier, maar overal op de wereld.
En die kerk groeit ook nog eens: elke dag komen mensen tot geloof in Jezus.
Normaal gesproken is het ‘uit het oog, uit het hart.’
Jezus is al bijna 2000 jaar uit het oog,
maar nog altijd niet uit het hart te krijgen.
Ondanks vervolging, ondanks aanvechting, ondanks gedoe in de kerk.
Hoe is dat mogelijk als Jezus niet regeert?

Jezus regeert op zijn eigen manier.
‘Verborgen’ noemt Paulus het.
Jezus zet de wereld niet naar zijn hand, Jezus verandert mensen.
Niet door het af te dwingen, maar door mensen voor zich te winnen,
door te laten zien hoe mooi zijn vrijheid is, zodat mensen bij hem willen horen.
Jezus regeert waar mensen anders gaan leven omdat ze Jezus kennen.
Waar mensen ontdekken dat Gods liefde het leven de moeite waard maakt.
Waar mensen, met de woorden van Paulus,
zich kleden in innig medeleven, in goedheid, bescheidenheid, zachtmoedigheid en geduld.
Je ziet Jezus’ macht waar het hemelse leven al een beetje werkelijkheid wordt.
En als je weet hoe je moet kijken, zie je het overal.

dia 14 – citaat
Augustinus, een kerkleider uit de 4e eeuw in Noord-Afrika, zei het zo:
‘u voer voor onze ogen ten hemel
en we keerden bedroefd terug om u terug te vinden in onze harten.’
Dát is waar Jezus regeert!

4. …In jouw hart?
dia 15 – …in jouw hart?
Jezus is dan wel uit het oog verdwenen, juist vanuit de hemel regeert hij.
Niet door de wereld te veranderen, maar mensen.
Jezus is uit het oog, regeert hij ook in jouw hart?

dia 16 – niet: met je hoofd in de wolken
‘Streef naar wat boven is,’ dat klinkt best zweverig, toch?
Alsof je met je hoofd in de wolken moet lopen,
je steeds bedenkt hoe mooi het daarboven wel niet moet zijn,
en daarom met een glimlach van oor tot oor door het leven gaat…
Dat is dus niet de bedoeling!
Als Jezus al niet meer te zien is, staren zijn leerlingen nog steeds omhoog.
Twee engelen zetten hen weer met beide benen op de grond:
ze moeten weer om zich heen kijken, in plaats van omhoog.
‘Streven naar wat boven is,’ dat betekent niet dat het aardse leven onbelangrijk is.
Het gaat over hoe je dat aardse leven leeft.

dia 17 – Wilhelmina
Jezus regeert, maar je kunt nog kiezen of je je door hem laat regeren of niet.
Hij heeft alle macht, maar dwingt het niet af.
Nog 1 keer een vergelijking met de Tweede Wereldoorlog.
Koningin Wilhelmina woonde tijdens de oorlog in Londen.
Voor de Nederlanders was ze uit het oog.
Voor sommigen was ze daarmee ook uit het hart:
we moesten maar wennen aan de nieuwe situatie,
waar Nederland een onderdeel was van het Duitse rijk.
Maar voor veel anderen bleef ze de koningin.
Vanuit Londen heeft ze verschillende radiotoespraken gehouden op Radio Oranje,
met uitspraken als:
‘wie op het juiste ogenblik handelt, slaat den Nazi op zijn kop, ik heb gezegd.’
Op die manier bleef ze regeren.
Mede door zulke uitzendingen bleven mensen moed houden
en durfden ze zich ook tegen de Duitsers te verzetten.
Wilhelmina was dan wel uit het oog, maar echt niet uit het hart!

dia 18 – wel: laat je door Jezus regeren
In die tijd hadden mensen in Nederland tegen elkaar kunnen zeggen:
streef naar wat in Engeland is.
Dat zou dan geen oproep zijn om allemaal de boot naar Engeland te pakken,
maar een oproep om naar Wilhelmina te luisteren, om haar te laten regeren.
Zoiets bedoelt Paulus ook als hij zegt ‘streef naar wat boven is’:
laat je door Jezus regeren!

Sinds 1945 is Nederland vrij.
Het is prachtig dat de meesten van ons niet eens beter weten.
Hoe gebruik je die vrijheid?
Gebruik je die om je te richten op wat op aarde is?
Op geld verdienen en weer uitgeven?
Op luxe en statussymbolen?
Op gemak en de nieuwste technologie?
Op seks en je prestaties?
Het zijn allemaal dingen waar de wereld sinds 1945 enorm in veranderd is.
Of richt je je op Jezus?
Is hij het die je leven zinvol maakt?
Ga je delen, dienen, geven en vergeven?
Dan wordt het al een beetje hemel op aarde.
Dan heb je een vrijheid die veel groter is dan leven in een vrij land.

dia 19 – vrijheid geef je door
Als Jezus regeert in je hart,
dan ben je een vertegenwoordiger van de hemel op aarde.
Door jou heen wil Jezus zijn regering verder brengen,
totdat iedereen op aarde ervan weet.
Het thema van Bevrijdingsdag dit jaar
is precies de opdracht van Jezus’ hemelvaart:
vrijheid geef je door!
Amen.