Jesaja 52:7 | Verlangen naar meer: geluk

In juni stemden de Britten voor de ‘Brexit’. Het had Nederland ook kunnen overkomen… Onvrede broeit overal. Maar wat zit daarachter? Het lijkt een verlangen te zijn naar geluk, naar het bijbelse ‘sjaloom’. Onze onvrede wijst naar God, bij Jezus kun je volmaakt geluk vinden.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 717
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Psalm 122 : 1, 2 en 3
Gebed
Lezen: 1 Samuël 8 : 1 – 9 en Jesaja 52 : 1 – 10
Zingen: LvK Lied 28 : 1, 2, 3 en 4
Preek over Jesaja 52 : 7
Zingen: Psalmen voor Nu 84 (=Opwekking 715)
Leefregels
Zingen: LvK Lied 477 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: GKB Gezang 64 : 1, 2 en 3
Zegen

Verlangen naar meer: geluk

Introductie voor bijbellezing
Is er meer?
Meer dan het leven dat we zo goed kennen?
In ieder geval verlangen we ernaar.
Mensen verlangen,
mensen beseffen dat het leven niet is zoals het zou moeten zijn.
Ik geloof dat we niet zomaar verlangen,
maar dat onze verlangens wijzen naar iets dat groter is dan wij,
dat we in onze verlangens God kunnen ontmoeten.
De komende weken staan we bij een paar van die verlangens stil.
Bij geluk, schoonheid, recht, seksualiteit en spiritualiteit.
Vandaag het verlangen naar geluk.
We lezen 1 Samuël 8 : 1 – 9 en Jesaja 52 : 1 – 10.

Inleiding
dia 1 – Pond
Toch aardig van die Britten.
Precies een dag voordat wij vertrokken voor onze vakantie in Wales
besloten de Britten hun munt, de Pond, goedkoper te maken.
Oké, eigenlijk besloten ze uit de Europese Unie te stappen,
ook wel ‘Brexit’ genoemd,
maar gevolg was wel dat de Pond flink goedkoper werd.
Vorig jaar in de zomer moest je nog 1 Euro 50 betalen voor een Pond,
deze zomer nog maar 1 Euro 20.

dia 2 – donuts
Voor hen die dit soort getalletjes niet zo veel zeggen:
het betekent dat als je 5 donuts koopt,
je er maar 4 hoeft te betalen.
En donuts bakken, dat kun je aan de Britten wel overlaten,
dus daar hebben we het maar lekker van genomen.
Hetzelfde geldt voor muffins: 5 halen, 4 betalen.
En voor chips in de meest wonderlijke smaken:
red hot chili met limoen, of bacon met maple-siroop…
Geloof mij maar: daar wil je geen 5 zakken van hebben,
ook niet als je er maar 4 hoeft te betalen.
Hoe dan ook, het hele land stond in de uitverkoop:
20% korting op alles.
Speciaal voor ons.
Toch aardig van die Britten.

dia 3 – brexit
Niemand had gedacht dat het zo ver zou komen.
Neem alleen al dat woord: ‘Brexit’.
Een grappig woord voor iets wat als een grap begon
en gewoon een grap het moeten blijven.
Net zoals de ‘Frexit’: dat Friesland de onafhankelijkheid uitroept.
Leuk om wat over te grappen, maar verder geen goed idee.
Maar de Brexit is nu echt in gang gezet!

Ze zijn er zelf ook van geschrokken.
Ontredderd zelfs.
In een speeltuintje raakten we aan de praat met een vader en een oma.
Nog voordat we over het weer hadden gepraat
vonden ze het al nodig ons hun excuses voor de Brexit aan te bieden.
Al snel waren we heerlijk aan het mopperen
over alles wat er niet deugde aan het referendum.

dia 4 – verlangen naar meer: geluk
Hoe heeft het ooit kunnen gebeuren?
Over die vraag heb ik nagedacht, ik heb er ook wat dingen over gelezen,
en ik kom uit bij ‘verlangen’.
Verlangen naar een betere wereld.
Verlangen naar een beter leven.
Verlangen naar dat alles goed is.
Vanmorgen staan we stil bij het verlangen naar geluk.

1. Onvrede
dia 5 – onvrede
Zijn we dan echt zo ongelukkig?
Dat zeggen we dan ook weer niet zo snel van onszelf…
Toch missen we iets, is er veel onvrede, ook in Nederland.

dia 6 – Nexit
Want die Brexit is geen typisch Brits dingetje.
Dan was ik er vandaag echt niet over begonnen.
Het had Nederland net zo goed kunnen overkomen.
In april mochten wij ook naar de stembus,
over het ‘associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne’.
Maar een van de initiatiefnemers zei in een interview
dat Oekraïne hem niets kon schelen,
dat het referendum vooral als protest tegen de EU bedoeld was.
Een ‘Nexit’ dus…

dia 7 – trump
Toch gaat het ook niet over de Europese Unie.
Mensen zijn ontevreden, en de EU krijgt de schuld.
Maar als er geen EU zou zijn, zouden mensen net zo ontevreden zijn.
Kijk maar naar Amerika: ver buiten de EU,
maar Donald Trump is er wel presidentskandidaat
en gaat ‘Amerika weer groot maken’.

dia 8 – onvrede zit overal
Ook al is het leven in Nederland goed, de onvrede zit overal.
We zijn boos op graaiers, bang voor terroristen en we wantrouwen politici.
We mopperen op de EU, op Den Haag, op het management van je bedrijf,
op de samenleving en de jeugd van tegenwoordig,
of op de ouderen van tegenwoordig,
en misschien ook wel op de kerk.
Ze doen maar wat…

dia 9 – Israël: onvrede met corrupte leiders
In Israël kunnen ze erover meepraten.
Het volk is ontevreden.
En eigenlijk ook wel terecht.
Jarenlang werd het volk door Samuël geleid,
en het waren goede jaren.
Samuël was een eerlijk man die zijn macht niet misbruikte.
Dat het ook anders kon, wisten de Israëlieten maar al te goed.
Voor Samuël waren het Eli en zijn zonen Chofni en Pinechas die de dienst uitmaakten.
De twee broers maakten er hun eigen feestje van en vader stond het toe.
Wat waren de Israëlieten blij toen Samuël het overnam.

Maar ook Samuël heeft twee zonen, Joël en Abia.
Hij vindt zichzelf te oud om Israël nog te leiden,
dus heeft hij Joël en Abia tot zijn opvolgers benoemd.
Ze maken er een potje van, en Samuël laat het gebeuren.
Ze zijn zo corrupt als wat,
en het belang van het volk kan hen niet interesseren.
De geschiedenis lijkt zich te herhalen,
en daar hebben de Israëlieten dus geen trek in.
Het volk pikt het niet langer, onvrede broeit overal,
en de roep om een revolutie wordt steeds luider.
Ze trekken bij Samuël aan de bel:
‘Samuël, doe er iets aan!
Die zonen van jou zijn een ramp.
Geef ons toch een echte koning!’

dia 10 – verlangen naar ‘sjaloom’
Wat zit daar nou achter?
Achter die onvrede van de Israëlieten?
Achter de onvrede van Britten, Amerikanen, Turken en Nederlanders?
Heel simpel: ze willen gelukkig zijn.
Ze willen eerlijk worden behandeld,
ze willen serieus genomen worden,
ze willen worden gekend en gewaardeerd.
Om het met een Hebreeuws woord te zeggen: ze willen sjaloom.
Meestal wordt dat met ‘vrede’ vertaald,
maar bij vrede denken wij vooral aan dat het geen oorlog is.
Sjaloom is veel meer: het is dat alles goed is.
Het is volmaakt geluk.

‘Hoe welkom is de vreugdebode die sjaloom aankondigt’
profeteert Jesaja eeuwen later.
De vraag stellen is hem beantwoorden: zo iemand is zeer welkom.
De koning waar het volk om heeft gevraagd, heeft het geluk niet gebracht.
Zijn opvolgers ook niet: ze hebben het land in de afgrond gestort.
Maar het verlangen blijft, en Jesaja spreekt erover.

2. Het echte geluk komt!
dia 11 – het echte geluk komt!
Is het tegen beter weten in?
Gaan we dat volmaakte geluk nog eens vinden?
Of moeten we maar stoppen met verlangen,
er genoegen me nemen dat het er nu eenmaal niet in zit.
Moeten we die stem van onvrede,
die stem die roept om volmaakt geluk,
maar tot zwijgen brengen?
Jesaja moedigt aan om aan dat verlangen vast te houden:
geef het niet op, het echte geluk komt!

dia 12 – God heeft je gemaakt voor geluk
Die onvrede, die leidt tot dingen als een Brexit, legt een verlangen bloot,
en het is een goed verlangen!
Natuurlijk verlang je naar dat alles goed is.
God zelf wil ook niets liever.
Als hij aarde inricht, het staat in Genesis 1,
zegt hij het steeds weer: ‘het is goed.’
Dat is wat God altijd al voor ogen heeft gehad.
God heeft je gemaakt voor die sjaloom, voor dat geluk.
Het is niet gek dat je daarnaar verlangt.

dia 13 – echt geluk komt niet van mensen maar van God
Dan moet je wel de goede kant op kijken,
niet zoals de Israëlieten die bij Samuël komen.
Zij denken dat ze de oplossing voor het probleem hebben:
Samuëls zonen moeten plaatsmaken voor een echte koning,
dan zal alles wel goed worden.
Als zo’n idee zich eenmaal heeft vastgezet,
is er geen argumenteren meer aan:
die koning moet en zal er komen.
Samuël waarschuwt het volk nog, in opdracht van God,
maar het volk wil er niet naar luisteren.
Ze zien de koning als oplossing voor al hun problemen.

De sjaloom, het volmaakte geluk, komt niet van mensen.
We geloven graag van wel,
dat we van de wereld een betere plaats kunnen maken,
maar is het niet eens tijd om te erkennen dat het keer op keer mislukt?
Jesaja wijst een andere kant op.
De sjaloom komt als God terugkomt naar Sion.
Als je verlangt naar een betere wereld, naar sjaloom,
dan wijst dat verlangen naar God.
Het paradijs breekt aan als God koning wordt.

dia 14 – thuis in Jeruzalem
En dat gaat gebeuren.
Dat is het goede nieuws uit Jesaja.
God komt en wordt koning in Jeruzalem.
Want sjaloom en Jeruzalem horen in de bijbel helemaal bij elkaar.
Jeruzalem is de stad van vrede en geluk, waar alles goed is.
Daarom hebben we Psalm 122 gezongen.
Johannes schrijft erover in Openbaring 21:
‘Toen zag ik de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem,
uit de hemel neerdalen, bij God vandaan.
Ze was als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor haar man en hem opwacht.
Ik hoorde een luide stem vanaf de troon, die uitriep:
Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.
Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn.’
Als we verlangen naar dat alles goed is, verlangen we naar Jeruzalem:
dat er geen onrecht is, geen ongelijkheid, geen armoede,
geen mensen die meer zijn dan andere mensen,
geen angst, geen jaloersheid,
niet meer aan je lot worden overgelaten.
De onvrede die je kunt hebben, wijst naar Jeruzalem.
Daar ben je thuis!

3. Geluk begint bij koning Jezus
dia 15 – geluk begint bij koning Jezus
Nu is het al wel weer even geleden dat Jesaja profeteerde.
En ook Johannes is van ver voor onze tijd.
Het is mooi wat ze zeggen, maar komt er ook nog eens wat van?
We zitten al zo lang te wachten,
gaat God alles nou nog eens echt goed maken?

dia 16 – Jezus geeft zijn sjaloom op om het ons te geven
Ja, dat gaat God.
Sterker nog: hij is er al lang mee bezig.
Maar misschien niet op de manier die je zou verwachten.
Hij stuurt geen leger naar de aarde om de macht op te eisen,
zoals bijvoorbeeld het Turkse leger
probeerde om president Erdogan aan de kant te zetten,
of de Israëlieten probeerden van Samuëls zonen af te komen.
Maar God doet het op zijn heel eigen manier: Jezus.

Jezus is de koning waar Jesaja het al over heeft.
De koning die met vrede en redding naar Jeruzalem komt.
Hij is God die alles op alles zet om het volmaakte geluk te brengen.
Niet door zich groot en sterk te maken,
maar juist door zich klein en zwak te maken.
Voor zichzelf hoefde hij het niet te doen:
hij had het volmaakte geluk al, hij leefde in sjaloom bij zijn Vader.
Hij heeft het voor ons opgegeven,
is als mens in deze wereld gekomen, midden in de chaos,
en heeft de onvrede van binnenuit leren kennen.
Jouw onvrede is die van hem geworden, is met hem gekruisigd.
Bij Jezus mag je ontdekken
dat je je er niet bij neer hoeft te leggen dat het nooit wat zal worden,
dat je nooit volmaakt gelukkig zult zijn:
er is meer, sjaloom, dat alles goed is, bestaat,
en Jezus geeft het!

dia 17 – vrede voor vandaag
Als je een volger van Jezus bent,
mag je ook iets van dat geluk ervaren.
Nee, het paradijs is nog niet aangebroken.
Er is genoeg in de wereld om ongelukkig van te worden.
Maar bij Jezus mag de stem van onvrede wel tot rust komen.
Hij geeft vrede in je hart.
Want vrede begint met dat je God kent:
onze harten vinden geen rust tot ze rusten in God.
En wat is het prachtig als mensen kunnen getuigen
hoe ze in moeilijke situaties ervaren dat ze bij Jezus vrede vinden.

4. Waar zoek je geluk?
dia 18 – waar zoek je geluk?
We waren begonnen bij de Brexit,
en zijn nu uitgekomen bij de vrede die Jezus geeft.
Even op een rijtje:
de Brexit laat onvrede zien, onvrede die Nederlanders net zo goed hebben.
Achter die onvrede zit een verlangen: het verlangen naar geluk, dat alles goed is.
In de bijbel wordt daar het woord ‘sjaloom’ voor gebruikt.
God heeft ons gemaakt voor die sjaloom,
en bij Jezus mag je die sjaloom ervaren.

Maar nu terug naar die Brexit.
Wat betekent dit verhaal nu voor al die onvrede die we ervaren?
Voor ons gemopper op bijvoorbeeld de politiek?
Voor het gevoel dat je er alleen voorstaat?
Dat ‘ze’ maar wat doen?

dia 19 – niet: je overal bij neerleggen
Het betekent niet dat je je overal maar bij moet neerleggen,
dat je het leven maar moet nemen zoals het is,
want het is nu eenmaal niet anders.
Je mag je stem laten horen.
Mocht het nog eens van een Nexit-referendum komen,
dan zal ik zelf ervoor stemmen om in de EU te blijven,
maar ik geloof niet dat dat de enige keuze is die je als christen kunt maken.

dia 20 – verwacht je geluk niet van de wereld
Waar het wel om gaat: waar zoek je geluk?
En dan denk ik dat de meeste mensen die voor een Brexit hebben gestemd
bedrogen zullen uitkomen.
Ze hebben gestemd uit onvrede.
Ze hebben gestemd voor banen, voor meer gelijkheid, voor zekerheid.
Of er echt iets voor hen gaat veranderen,
of ze krijgen waar ze voor gestemd hebben,
dat is maar zeer de vraag.
Net zoals voor Israël niets echt veranderde
toen koning Saul de macht overnam van Samuëls zonen.
Als je door onvrede wordt gedreven
zul je dat volmaakte geluk wat je zo graag wilt niet vinden.
Geluk zit niet in een Brexit, en ook niet in de Bremain,
zoals het ‘blijf-kamp’ zich genoemd heeft.
Geluk zit niet in een Nexit of Frexit,
maar ook niet in de Europese Unie of Den Haag.

dia 21 – sjaloom vind je bij God
Je bent gemaakt om het volmaakte geluk te vinden,
niet door de wereld te verbeteren totdat het perfect is,
maar bij God.
Bij hem is sjaloom, is alles goed.
Met God in je leven mag je vrede hebben,
ook in een wereld die echt geen paradijs is.
Maar als je Jezus volgt, als je je niet door je onvrede laat leven,
dan zul je sjaloom vinden.
Zoals Jezus zegt, in Marcus 8:
‘ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen,
maar wie zijn leven verliest omwille van mij en het evangelie, zal het behouden.’

En dat paradijs, dat komt.
We leven op weg naar het nieuwe Jeruzalem,
waarover Jesaja later zegt, in hoofdstuk 62,
‘Jeruzalem, de Heer verlangt naar jou,’
wij zijn dus niet de enigen die verlangen: God doet dat ook,
‘Jeruzalem, je land wordt ten huwelijk genomen.
Zoals een jongeman een meisje tot vrouw neemt,
zo zullen jouw zonen jou ten huwelijk nemen,
en zoals de bruidegom zich verheugt over zijn bruid,
zo zal je God zich over jou verheugen.’
Amen.




HC Zondag 35 – Heb God lief: laat hem zichzelf zijn!

Iedereen maakt zich een voorstelling van God, heeft een beeld van God. Toch waarschuwt God voor het gevaar van beelden: je maakt al snel een God op maat. God heeft je iets veel mooiers te bieden: in Jezus Christus, zijn perfecte beeld, laat hij zich kennen!
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.
Bij deze preek is een verwerkingsblad beschikbaar: DoorSpreken.

Liturgie
Welkom
Zingen: GKB Gezang 171 : 1 en 2
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 457 : 3 en 4
Gebed
Introductie preek
Lezen: 1 Samuël 4 : 1b – 11 en HC Zondag 35
Zingen: Psalm 86 : 4 en 5
Preek
Zingen: LvK Lied 75 : 1 en 3
Geloofsbelijdenis
Zingen: Opwekking 349
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: Psalm 33 : 2 en 8
Zegen

Heb God lief: laat hem zichzelf zijn!

Introductie
Bij ons thuis verbieden we van alles.
‘Daniël, je mag niet gaan slapen.’
‘Niet je brood opeten hoor.’
‘Nee, ik wil geen knuffel van je.’
Het blijkt de makkelijkste manier om bij Daniël iets voor elkaar te krijgen.
Regels zijn er per slot van rekening om te overtreden…

Regels en wetten belemmeren je in je vrijheid, dat hebben kinderen al door.
Toch gaan we het over regels hebben, Gods regels.
In drie leerdiensten staan we stil bij de wet.
Ook die regels zijn niet altijd geliefd,
en soms wordt dat met een beroep op Paulus verpakt
in dat we door Jezus vrij zijn en daarom de regels niet meer nodig hebben.
Maar is dat zo?
Beknotten Gods regels je vrijheid?
Of zijn die regels misschien wel bevrijdend?

De tien geboden kun je in tweeën delen.
De eerste vier geboden zeggen: ‘heb God lief’,
de andere zes: ‘heb je naaste lief’.
Over die eersten gaan we het hebben: ‘heb God lief.’
Het eerste gebod, ‘vereer geen andere goden’, slaan we over.
Dat gebod kun je zien als een overkoepelend gebod:
elk volgende gebod heeft daar wel iets mee te maken.
Wij gaan het aan de hand van het tweede, derde en vierde gebod
hebben over God liefhebben:
over Gods beeld, Gods naam en Gods dag.
Dat kan je helpen om liefde voor God vorm te geven,
want liefde is zoveel meer dan een gevoel.
En als je er maar gewoon mee aan de slag gaat,
dan hoop ik dat je mag merken wat zo veel mensen hebben gemerkt:
dat het gevoel van liefde voor God vanzelf meegroeit!

Drie diensten dus over het thema ‘heb God lief!’
Vandaag over het tweede gebod: ‘maak geen godenbeelden’.
We lezen eerst 1 Samuël 4 : 1b – 11 en daarna Zondag 35 van de Catechismus.

Inleiding
dia 1 – fresco origineel
‘God kan en mag op geen enkele manier afgebeeld worden.’
En toch begin ik met dit plaatje…
Het is een schilderij, een fresco, van Jezus.
Geschilderd rond het jaar 1930 door de Spaanse schilder Elias Garcia Martinez.
Hoe dan ook: een afbeelding van Jezus.
Heb ik soms liggen slapen toen ik uit de catechismus voorlas?

Wees gerust, ik ben er helemaal bij vanmiddag, en niet van plan in slaap te vallen.
Ik ben ervan overtuigd dat dit soort afbeeldingen niet tegen dat tweede gebod ingaan.
Zou dat wel zo zijn, dan hebben we grotere problemen…
Dan moet je alle kinderbijbels zo snel mogelijk de deur uit doen,
nee, je zou ze moeten verbranden,
zodat je ook geen anderen tot zonde zou verleiden.

Laten we er dus maar even vanuit gaan dat zo’n fresco wel door de beugel kan.
Het is te zien in de dorpskerk van Borja, een dorp in Spanje met zo’n 5000 inwoners.
Het is geen bijzonder kunstwerk:
de katholieke kerk heeft duizenden van dit soort fresco’s.

Dat verandert in 2012.
Zoals je ziet is het fresco in niet al te beste staat.
Tijd dus voor een restauratie.
Eén van de dorpsbewoners, een vrouw van 81, kan niet langer aanzien
dat dit fresco met het jaar verder afbladdert.
Ze had al wel meer geschilderd, mooie schilderijen,
dus de plaatselijke priester heeft er wel vertrouwen in.
Het resultaat was, eh… nou ja, oordeel zelf maar.

dia 2 – fresco resultaat
Schilderen op koude en natte stenen
is wel wat anders dan schilderen op een droog doek.
De verf is alle kanten uitgelopen,
en opeens werd het fresco wereldberoemd.
Het uitgestorven Borja is opeens een toeristische attractie van formaat.
Waar een mislukte restauratie al niet goed voor kan zijn…

Het zal duidelijk zijn: deze restauratie was geen verbetering.
Het was allemaal goed bedoeld,
maar goede bedoelingen maken nog geen goed schilderij.
Het resultaat werkt op je lachspieren
en doet op geen enkele manier recht aan het origineel.

dia 3 – heb God lief: laat hem zichzelf zijn!
Daarmee komen we terug bij dat tweede gebod.
Onze beelden van God kun je met die mislukte restauratie vergelijken.
Met de beste bedoelingen maken we God onherkenbaar.
Beelden kunnen geen recht doen aan God.
Daarom houdt het tweede gebod ons voor:
heb God lief: laat hem zichzelf zijn!

1. Behoefte aan beelden
dia 4 – behoefte aan beelden
Dat klinkt nogal logisch.
Waarom zou je God niet zichzelf laten zijn?
Waarom zou je een beeld van hem maken?
Toch hebben wij een grote behoefte aan beelden, ook van God.

dia 5 – soorten beelden: godenbeeldjes
Het lijkt mij goed om eerst even duidelijk te krijgen
waar we het over hebben als we het over ‘beelden’ hebben.
In de bijbel wordt in het tweede gebod het woord ‘godenbeelden’ gebruikt.
Het tweede gebod gaat allereerst over het maken van beeldjes,
van bijvoorbeeld hout, steen of brons.
En dan niet zomaar beeldjes, maar godenbeelden:
beeldjes die een god vertegenwoordigen en waar je voor knielt alsof het de god zelf is.
Dat is de meest letterlijke betekenis van ‘beelden’.
Ik denk dat zulke beelden bij ons nauwelijks voorkomen.

dia 6 – afbeeldingen
Toch geloof ik niet dat het tweede gebod over datum is.
De catechismus geeft een tweede betekenis aan dat woord ‘beelden’:
daar gaat het niet over godenbeeldjes, maar over afbeeldingen.
De catechismus is in een heel andere tijd geschreven:
midden in de kerkstrijd in de 16e eeuw tussen katholieken en protestanten.
Katholieke kerken zaten vol afbeeldingen, van God en van de heiligen.
Wat de gewone mens over God wist, had hij uit die afbeeldingen gehaald.

dia 7 – denkbeelden
Beeldjes, afbeeldingen, daar houdt het nog niet mee op:
er zitten denkbeelden achter.
Dat is de derde betekenis van ‘beelden’, de diepere betekenis.
Het tweede gebod gaat ook over beelden in je hoofd,
je een voorstelling maken van wie God is.
Dat is waar beeldjes en afbeeldingen beginnen.

dia 8 – wat voor denkbeelden van God kom je tegen?
Denkbeelden, je een voorstelling van God maken,
kunnen jullie voorbeelden van geven van waar je dan aan kunt denken?
Wat voor denkbeelden van God kom je tegen?
(antwoorden verzamelen)
Ik denk dat we allemaal wel zulke beelden hebben,
en dat het tweede gebod ons dus allemaal iets te zeggen heeft.

dia 9 – beelden halen God dichterbij
Maar waarom hebben we zo’n behoefte aan beelden?
Dat wordt duidelijk in 1 Samuël 4.
Het is oorlog tussen de Israëlieten en de Filistijnen.
De Israëlieten hebben zware verliezen geleden
en voelen zich door God in de steek gelaten.
Daarom besluiten ze de ark van het verbond te laten halen.
Als de ark er maar is, dan zal God wel met hen zijn!
Op deze manier wordt de ark zo’n beeld van God.
Ze doen alsof de ark God zelf is.
God is ongrijpbaar, daar kunnen ze niets mee,
en daarom gebruiken ze de ark om God wat dichterbij te halen.

Dat is precies waarom we beelden van God maken:
we willen God graag concreet maken, dichtbij halen.
Als je een voorstelling van God hebt, als je hem voor je ziet,
dan lijkt het makkelijker om met hem om te gaan.
Beelden geven duidelijkheid en maken God herkenbaar.

Juist in onze tijd is die behoefte enorm.
In onze wereld wordt alles in beelden verpakt.
Een beeld zegt meer dan 1000 woorden.
En als je dan toch woorden gebruikt, dan moet het beeldend zijn:
in hapklare brokken zodat je het direct voor je ziet.
Anders haak je af.
Niet gek dus, dat je je ook van God een voorstelling wilt maken.

2. Gevaar van beelden
dia 10 – wat is er gevaarlijk aan beelden?
Toch zegt het tweede gebod: maak geen beelden van God!
Waarom eigenlijk?
Wij zitten toch gewoon zo in elkaar dat we beelden nodig hebben?
Wat is nou het gevaar van beelden?
Over die vraag mogen jullie even met elkaar overleggen.
Doe dat in twee- of drietallen.
Wat is nou zo gevaarlijk aan beelden en denkbeelden?

dia 11 – beelden laten God niet zichzelf zijn
Wat is het gevaar van beelden?
Het gevaar is niet dat we God dichtbij halen:
God geeft dit gebod niet omdat hij graag op afstand wil staan
en niet wil dat we ons iets bij hem kunnen voorstellen.
Het probleem is dat onze beelden nooit recht doen aan God.
Beelden die je van God hebt, laten God niet zichzelf zijn.
Dat is waar het de Catechismus uiteindelijk ook om gaat:
dat we God niet op onze maar op zijn manier vereren.

Beelden, hoe mooi ook, doen God altijd tekort.
God kun je niet in een beeld vatten,
hij is altijd groter, schitterender en veelzijdiger.
Meestal is het zo dat je met beelden
de werkelijkheid mooier kunt laten lijken.
Als je bijvoorbeeld op zoek bent naar een vakantiehuisje,
ziet het er op de foto’s bijna altijd ruimer uit dan het is.
Een goede fotograaf kan het allemaal nog net wat mooier maken.
Met God kan dat niet: God past niet in ons voorstellingsvermogen.
God is de Schepper, alles wat wij kennen heeft hij gemaakt.
Als we een beeld van hem maken, trekken we hem naar beneden, in de schepping.

dia 12 – beelden van God zijn eenzijdig
Maar: is het wel mogelijk, leven zonder beelden van God?
Het lijkt mij niet, dan zou ik direct moeten stoppen met preken…
In elke preek zet ik een beeld van God neer.
Trouwens, God zelf gebruikt ook allerlei beelden.
Lees maar eens wat er allemaal voor kunst in de tempel staat.
En God vergelijkt zichzelf met van alles:
hij is een Rots, een Herder, een Rechter, een Vader, een Arts, enzovoort.
Allemaal beelden.

Volgens mij slaat de Catechismus dan ook een beetje door,
met dat we op geen enkele manier beelden van God mogen maken.
Trouwens, wel te begrijpen vanuit de achtergrond van die Catechismus.
Het zet zich af tegen de Katholieke kerk van die tijd,
waarin hele diensten in het Latijn werden afgestoken,
maar het gewone volk het met fresco’s en raamschilderingen moest doen.

Maar beelden op zich zijn niet het probleem.
Het probleem is dat beelden al snel een eigen leven gaan leiden.
Beelden van God zijn altijd eenzijdig.
Het is onmogelijk om te geloven zonder een beeld van God te hebben.
Maar beperk je dan niet tot een eenzijdig beeld.
Niet voor niets gebruikt God heel verschillende beelden voor zichzelf.
In de veelheid van beelden kan God zichzelf zijn.

dia 13 – beelden passen God aan je wensen aan
Het gevaar is dat je die veelheid niet meer ziet,
en God beperkt tot een of twee beelden.
Je kiest zelf de beelden uit waardoor je het meest wordt aangesproken,
en maakt zo je eigen God op maat.
Dat gebeurt in 1 Samuël 4.
God wordt klein gemaakt, tot een God die overwinnaar in een oorlog is.
De Israëlieten willen van de Filistijnen winnen,
en gebruiken God als een soort mascotte
die aan hun wensen tegemoet moet komen.
Daar doet God dus niet aan mee!

En zo’n mascotte-God is dichterbij dan je zou denken.
Op diezelfde manier kun je ook Gods liefde misbruiken.
Je hebt het beeld: ‘God is liefde’,
en vervolgens kun je daar mee aan de haal gaan om je eigen gedrag goed te praten.
‘God houdt toch van me?
Hij wil toch dat ik gelukkig ben?
Dan vindt hij het ook goed dat ik…’ vul zelf maar in!
Mag God ook nog zichzelf zijn?!

3. Jezus Christus als Gods beeld
dia 14 – Jezus Christus als Gods beeld
Ook al ontkom je er niet aan dat je beelden van God hebt,
toch is het met beelden altijd oppassen:
voor je het weet heb je je eigen God gemaakt.
Maar hier houdt het niet op: God zelf geeft ons een beeld
zodat wij geen beelden meer hoeven te maken.
Gods beeld is Jezus Christus!

dia 15 – God komt dichtbij in zijn Zoon
Lees maar mee in Kolossenzen 1:15:
‘Beeld van God, de onzichtbare, is hij,
eerstgeborene van heel de schepping’.
Jezus Christus is hét beeld van God.
Maar door hun eigen beelden hebben velen hem niet herkend.
Hij lijkt niet op die God die oorlogen wint.
Hij lijkt niet op de koning die de mensen verwachten.
Hij lijkt ook niet op die God die alles goed vindt wat je doet:
hij haalt stevig uit naar mensen die denken dat ze wel goed zitten.

Deze Jezus is Gods beeld.
God wil niet op afstand staan, hij wil dichtbij komen!
Maar een beeld, in wat voor vorm ook,
of het nu een beeldje, een afbeelding of een denkbeeld is,
is daarvoor veel te klein.
God wil dichtbij je komen, niet in een beeld maar in zijn Zoon.
Jezus als persoon leren kennen, dat is veel mooier dan welk beeld ook!
Door Jezus komt God dichtbij, wordt hij concreet, kun je met hem omgaan.
Paulus zegt in Efeziërs 3:12:
‘in Christus Jezus hebben wij vrijelijk toegang tot God.’
Daar hebben we onze beelden niet voor nodig!

dia 16 – Jezus kennen door de aanspraak van Gods Woord
Maar hoe leer je Jezus dan kennen?
Dan kom ik toch weer bij de Catechismus uit:
‘door de levende verkondiging van zijn Woord.’
Als je Jezus wilt leren kennen,
dan is omgang met Gods Woord onmisbaar.
Dan gaat het niet om de bijbel als boek op zich,
sterker nog: dat kan ook weer beeldendienst worden.
Als je God als God van een boek ziet, heb je toch weer een beeld van hem gemaakt.
Het gaat om ‘levende verkondiging’:
door de Heilige Geest word je in Gods Woord zelf aangesproken.
Als je het voor jezelf leest, maar ook als we dat samen in de kerk doen.
Als je je steeds door Gods Woord laat aanspreken, leer je Jezus kennen.
En beelden kunnen er best aan bijdragen dat die verkondiging zich vastzet.

dia 17 – Jezus niet eenzijdig benaderen
Trouwens, het blijft dan nog wel oppassen
dat je niet Jezus eenzijdig gaat benaderen.
Je leert hem niet alleen kennen in Marcus,
maar ook in 1 Samuël en in Openbaring, om maar eens wat te noemen.
Van Jezus worden ook weer beelden gemaakt.
Denk bijvoorbeeld aan de jaarlijkse uitvoering van The Passion,
waar het lijdensverhaal van Jezus uitgebeeld wordt
en ondersteund met liedjes van nu.
Ik denk dat er beroerdere manieren zijn om iets van Jezus te laten zien,
maar wees je er wel van bewust dat zoiets eenzijdig is.
Het is prachtig als het mensen aan het nadenken kan zetten
over wie Jezus is en waarom je leeft,
maar het is niet meer dan een begin.
Jezus is veel meer: niet alleen gekruisigd voor ons,
maar ook opgestaan en naar de hemel gegaan,
vanwaar hij regeert in glorie.

4. Gods beeld dragen
dia 18 – Gods beeld dragen
Beelden maken God klein: we passen God aan onszelf aan.
Beelden zijn ook niet nodig: Jezus Christus is Gods beeld,
in hem komt God naar je toe.
En dan gebeurt er iets wonderlijks:
in plaats van dat wij God op ons laten lijken, laat God ons op zichzelf lijken!
God maakt ons dragers van zijn beeld.
Wij passen God aan ons aan, maar God past ons aan zichzelf aan!

dia 19 – God past ons aan zich aan!
Luister maar naar Paulus, in 2 Korintiërs 3:18:
‘Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer aanschouwen,
zullen meer en meer door de Geest van de Heer
naar de luister van dat beeld worden veranderd.’
Wij mogen Gods beeld dragen!

dia 20 – laat God zichzelf zijn
Stop daarom met God aan jezelf aan te passen:
laat hem zichzelf zijn!
Dat is iets wat we wel snel doen.
Dat we sommige gedeelten uit de bijbel maar liever overslaan,
omdat we er gewoon niet zoveel mee hebben.
Dat we voor God proberen te denken: ‘als God liefde is, dan…’
Terwijl we eigenlijk vooral in ons eigen straatje denken.
‘Ik kan me niet voorstellen dat God…’
nee: het gaat er niet om wat ik me kan voorstellen.
Als God in mijn voorstellingsvermogen past, blijft er niet veel over.
Het is niet te voorkomen dat je beelden van God hebt,
maar laat die beelden steeds weer door God corrigeren!
Luister naar wat hij over zichzelf zegt,
naar hoe je Jezus op elke bladzijde van de bijbel ontmoet.

dia 21 – draag Gods beeld
En draag dan Gods beeld.
Zo heeft God je gemaakt.
Helemaal aan het begin, je leest het op de eerste bladzijde van je bijbel,
zegt God: ‘laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken.’
Wij zijn gemaakt om God op aarde te vertegenwoordigen.
In die opdracht hebben we gefaald, maar in Jezus Christus begint God opnieuw.
Jezus maakt het waar: hij is Gods beeld op aarde,
en nu herstelt hij door zijn Geest Gods beeld in ons.

dia 22 – munt
In Marcus 12 wordt Jezus door een aantal Farizeeën op de proef gesteld.
Ze vragen aan Jezus of het toegestaan is om de keizer belasting te betalen.
Jezus vraagt hen om een geldstuk.
‘Wiens afbeelding staat hierop?’ vraagt hij.
‘Dat van de keizer,’ antwoorden de Farizeeën.
Dan volgt een raadselachtige uitspraak van Jezus:
‘geef wat van de keizer is aan de keizer,
en geef aan God wat God toebehoort.’
Het is een oproep om Gods beeld te dragen.
Het beeld van de keizer staat op een muntje, daarom is het voor hem,
maar het beeld van God staat op ons: wij zijn van God!
Denk daar maar aan, de volgende keer dat je met een muntje betaalt.

dia 23 – Laat God zichzelf zijn: een bevrijdende regel!
‘Maak geen beelden,’ is dat zo’n regel die je vrijheid beknot?
Ik denk het niet.
God wil je iets veel mooiers dan een beeld geven: zichzelf!
Wil jij dat zien en zijn beeld dragen?
Dat is bevrijdend!
Amen.




Psalm 150:3b – Leven in Gods wereld: muziek

Muziek: het is overal. Soms op de achtergrond. Maar soms kan het je ook diep raken. Maar wat heeft God met muziek te maken? Hoe kun je je muziek voor God gebruiken?
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 132 : 1, 3, 4 en 5
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 147 : 1, 3 en 4
Gebed
Zingen: Psalm 95 : 1 en 3
Lezen: 1 Samuël 16 : 14 – 23
Muzikaal intermezzo
Lezen: Psalm 150 : 1 – 6
Zingen: GKB Gezang 70 : 1, 2 en 3
Preek over Psalm 150 : 3b
Zingen: Psalmen voor Nu 145
Lezen wet
Zingen: Opwekking 548
Gebed
Collecte
Zingen: ‘Maak een vrolijk geluid’ (=Evangelische Liedbundel 462)
Zegen

Leven in Gods wereld: muziek

Introductie serie
Wat heeft God met het gewone leven te maken?
Je kunt dan denken aan hoe je elke dag met God leeft.
Je kunt dan denken aan hoe je met mensen omgaat.
Maar er is nog iets: je leeft middenin Gods wereld.
Gods grote verlossingsplan gaat ook over de wereld!
Deze weken staan we stil bij het leven in Gods wereld.
Bij natuur, techniek, muziek, arbeid en milieu.
Vandaag: muziek.
We lezen eerst 1 Samuël 16 : 14 – 23.
Daarna speelt Lysanne op de klarinet.
En dan lezen we Psalm 150.

Inleiding
dia 1 – zwarte zaterdag
Gisteren was het weer zover: zwarte zaterdag.
Oké, officieel was er dit jaar maar een zwarte zaterdag, vorige week,
maar het verkeer stond net zo goed muurvast.
Elk jaar is het weer hetzelfde liedje:
iedereen heeft een hekel aan files,
en toch kiezen we er massaal voor op zwarte zaterdag heel Europa door te reizen.
Je kunt veel beter in Friesland blijven!

dia 2 – koptelefoon
Maar goed, als je dan toch stil staat bij Parijs,
en je nog honderden kilometers moet rijden,
dan is terug naar Friesland geen optie meer…
Je moet verder, en de vraag is dan:
hoe kom je die lange, lange reis door?
Het antwoord is simpel: muziek.
Cd-speler aan, op de achterbank ieder zijn eigen koptelefoon op,
en de tijd gaat tenminste iets minder langzaam.
Muziek maakt de reis draaglijk.

dia 3 – zwart
Maar muziek is veel meer dan tijdverdrijf,
veel meer dan leuk om naar te luisteren.
Een voorbeeld: als ik dit melodietje neurie,
(HEMA-tune neuriën)
dan zeggen jullie: …
Drie keer raden waar ik was toen ik deze preek voorbereidde…

Muziek is niet alleen leuk, muziek is ook krachtig.
Zo’n HEMA-riedeltje zet zich vast in je hoofd,
en als je het hoort associeer je het direct met de HEMA.
Het reclamebureau van de HEMA heeft zijn werk goed gedaan.
In theorie zou zo’n muziekje klanten naar de HEMA moeten lokken.
Nou heb ik nog nooit gehad dat ik dat muziekje hoorde, en dacht:
‘hé, laat ik eens wat bij de HEMA kopen.’
Dat schijnt vooral onbewust te gebeuren:
dat als je het muziekje maar vaak genoeg hoort,
je eerder geneigd bent naar de HEMA te gaan.
Met de muziek wordt je dus beïnvloedt zonder dat je het doorhebt.
Een ander voorbeeld is filmmuziek.
Een saaie scene kan opeens heel spannend worden
als de goede muziek eronder is gemonteerd.

dia 4 – leven in Gods wereld: muziek
Muziek heeft veel invloed.
Dat lijkt mij een goede reden om vandaag eens bij muziek stil te staan.
Wat zegt de bijbel over muziek
en wat heeft God met muziek te maken?
Trouwens: veel dingen die ik over muziek zeg,
kun je ook toepassen op andere vormen van kunst,
zoals schilderijen, beeldhouwwerken, boeken en films.
Maar ik houd het maar bij muziek, anders wordt het zo’n onoverzichtelijk verhaal…

1. Muziek doet iets met je
dia 5 – muziek doet iets met je
Of je nu veel met muziek hebt of weinig,
muziek doet iets met je.
Daarmee komen we bij Saul en David:
de muziek van David doet iets met Saul.

dia 6 – muziek om rust te vinden
Saul, hij was de allereerste koning van Israël.
Een eigenwijze koning…
Van hoe God het wil trekt hij zich niet zo veel.
Saul maakt zijn eigen keuzes, God moet niet zo moeilijk doen.
En dan komen we in 1 Samuël 16.
Saul heeft de gunst van God verspeeld,
en wordt daarom gekweld door een boze geest.
Saul zit niet lekker in zijn vel.
Hij is somber, hij heeft angstaanvallen en woedeuitbarstingen.
Als het weer eens zo ver is, kun je maar beter niet bij Saul in de buurt komen.

Sauls personeel merkt ook dat Saul niet zichzelf is.
Terwijl ze in de keuken staan,
bespreken ze de gesteldheid van hun baas.
Maar, en dat vind ik best dapper,
ze praten niet alleen met elkaar over Saul,
ze beginnen er ook over tegen de koning zelf:
‘majesteit, u bent de laatste tijd zo somber,
kunnen wij u niet helpen?’
Saul staat daarvoor open,
en het personeel stelt voor om iemand muziek te laten maken voor Saul.
Een van de koks weet nog wel iemand, een zekere David.
Saul vindt het prima: baat het niet, dan schaadt het ook niet.

Zo leren Saul en David elkaar kennen.
Dat David Sauls opvolger wordt, daar weet Saul nog niets vanaf.
David is nu nog gewoon een muzikant.
Hij speelt op de lier, een instrument dat tegenwoordig niet zo bekend is.
Een deuntje neuriën, dat kan ik nog wel, maar een lier nadoen…
Daar heb ik iets op gevonden, een filmpje van iemand die een lier speelt.

dia 7 – filmpje

dia 8 = dia 6
Daar wordt je rustig van toch?
Saul in ieder geval wel.
De muziek helpt hem om even te ontsnappen aan alle ellende.
Het bevalt hem zo goed, dat David een vast contract krijgt.
De muziek doet iets met Saul: het maakt hem rustig,
en hij wordt er direct een aangenamer mens van.

dia 9 – muziek is altijd en overal
Nog nooit is er zoveel muziek geweest als tegenwoordig.
Als je muziek wilt luisteren, hoef je geen muzikant in te huren.
Gelukkig niet…
Muziek is overal: in de auto, in winkels, in je telefoon,
het is niet meer weg te denken uit ons leven.
Maar ook met zoveel muziek, blijft muziek iets met ons doen.

Muziek herinnert je aan mooie, maar ook aan moeilijke momenten.
Een lied dat op een begrafenis is gezongen,
zal altijd een bijzonder plekje blijven houden.
Muziek kan emoties oproepen.
Ik ben zelf niet zo emotioneel aangelegd,
maar muziek kan soms een traantje in mij losmaken.
Muziek kan je even laten vluchten uit het gewone leven,
je droomt weg op de muziek.
Hoe je je ook voelt, voor elke stemming is er wel passende muziek.

2. Muziek: een geschenk van God
dia 10 – muziek: een geschenk van God
Maar wat heeft God nu met die muziek te maken?
Daarover gaat het in Psalm 150.
Een Psalm die barst van de muziek.
Die lier, waar David op speelt, is er om God te loven!
Muziek is een geschenk van God!

dia 11 – muziek kan God niet vervangen
Met mooie dingen is het vaak zo dat we ze te belangrijk maken.
Zoals bijvoorbeeld de natuur waar we het twee weken geleden over hadden.
Dat de natuur zo indrukwekkend is, dat je niet eens meer ziet dat God het heeft gemaakt.
Dan neem je met te weinig genoegen!
Om het even iets moeilijker te zeggen:
je geniet wel van de schepping, maar niet van de Schepper.
Met muziek is dat ook zo:
God heeft ons de mogelijkheid gegeven om muziek te maken, hij heeft het bedacht.
Muziek kan dus nooit God zelf vervangen!
Muziek is er juist om God mee te eren.

Dan zit je midden in Psalm 150.
Een Psalm vol muziek, maar het gaat niet om de muziek.
Er staat niet ‘loof de lier, want die geeft je rust’.
Er staat: ‘loof God met de lier’.
Dat is ook precies het verschil tussen Saul en David.
Saul vindt rust in de muziek, David vindt rust bij God.

David is vol van God.
Als hij speelt, is het voor God.
Hij draagt zijn muziek aan God op.
Saul wil daar niets van weten.
Daarom kan de muziek hem wel even verdoven,
even tot rust laten komen,
maar het echte probleem kan de muziek niet oplossen:
dat het niet goed zit tussen Saul en God.
Voor Saul is er maar een oplossing: terug naar God.
Daar wil Saul niets van weten.
En als later voor Saul duidelijk wordt dat het tussen God en David wel goed zit,
kan de muziek hem niet meer rustig maken.
Die vrome David met zijn lier, het maakt Saul woest.
Terwijl David speelt, probeert Saul hem te doden.

dia 12 – door muziek dichter bij God komen
Hoeveel muziek je ook doet,
uiteindelijk gaat het niet om de muziek maar om God.
Muziek is een geschenk van God.
Het is prachtig als je door muziek geraakt wordt,
maar het is pas af als je Gods grootheid erachter ziet.
Alles wat muziek met je doet, daar mag je God in betrekken.
Want God gaat veel verder dan muziek.
Muziek kan even een glimlach op je gezicht brengen,
Jezus geeft je eeuwige vreugde.
Muziek kan even je pijn dragen,
Jezus maakt een einde aan alle pijn.
Muziek kan je even laten ontsnappen aan de wereld,
Jezus brengt een compleet nieuwe wereld.
Dan is muziek een manier om dichter bij God te komen,
en doe je wat in Psalm 150 staat: God loven met muziek.

3. En ‘gewone’ muziek dan?
dia 13 – en ‘gewone’ muziek dan?
Muziek en God, ze hebben alles met elkaar te maken.
Muziek is een geschenk van God en muziek is er om God te loven.
Als je kijkt naar de liederen die we in deze dienst zingen,
of als je een cd met christelijke muziek luistert, dan is dat duidelijk.
Maar er is zoveel meer muziek!
Die gewone muziek, zo noem ik het maar even,
muziek die helemaal niet over God gaat,
muziek die vaak helemaal niet door christenen is gemaakt,
is dat ook een geschenk van God waar je God mee kunt eren?

dia 14 – verschil toen en nu: muziek is overal
Ik zei al dat er in onze wereld veel meer muziek is.
Dat je in de file staat bij Parijs,
en muziek aan zet voor wat afleiding,
zulke muziek komt in de bijbel niet voor.
In de bijbel kom je vooral muziek tegen in de tempel
en op straat als er feesten voor God worden gehouden.
Nu is muziek overal.
Dat is wel een verschil om rekening mee te houden!

dia 15 – ook met niet-christelijke muziek kun je God eren
Ja, in de bijbel staat veel aanbiddingsmuziek.
Muziek zoals Psalm 150, een jubellied voor God.
Maar ook in de bijbel komt meer muziek voor.
Muziek die helemaal niet vrolijk is.
Er is zelfs een heel bijbelboek met die muziek gevuld: Klaagliederen.
In de bijbel staat ook muziek waar het niet over God gaat.
Alweer een bijbelboek vol: Hooglied, over de liefde.
Muziek hoeft niet uitbundig te zijn,
muziek hoeft niet over God te gaan,
om toch God ermee te eren.

Je kunt zelfs God eren met muziek die niet door christenen gemaakt is.
Dat een muzikant geen christen is
en dat hij zijn muziek helemaal niet maakt om God ermee te eren,
dat betekent nog niet dat zulke muziek niet tot Gods eer is.
En als je dat gek vindt:
denk nog even terug aan vorige week toen het over techniek ging.
Dat een uitvinder geen christen is,
betekent nog niet dat je zijn uitvinding niet tot Gods eer kunt gebruiken.
Waarom zou dat met muziek opeens anders zijn?
En dan denk ik aan popmuziek, maar net zo goed aan klassieke muziek.
Andersom kan ook: dat christelijke muziek niet tot Gods eer gebruikt wordt,
denk maar weer aan hoe Saul naar Davids muziek luistert.

dia 16 – niet alle muziek is goed
Is alle muziek dan goed? Nee!
Muziek is goed als je het aan God verbindt.
In de bijbel staan ook voorbeelden van muziek die dat niet doet.
Bijvoorbeeld in Jesaja 5:12:
“Bij al hun drinkgelagen klinkt muziek
van lier en tamboerijn, van trommel en fluit.
Maar voor de daden van de Heer hebben zij geen oog,
wat hij tot stand brengt zien ze niet.
Daarom gaat mijn volk in ballingschap.”
Ze gebruiken de muziek niet voor God maar voor zichzelf.
Of Amos 5:23: “bespaar mij het geluid van jullie liederen;
de klank van jullie harpen wil ik niet horen.
Laat liever het recht stromen als water,
en gerechtigheid als een altijd voortvloeiende beek.”
Je kunt nog zulke mooie muziek maken voor God,
maar als in de rest van je leven blijkt dat God je niets kan interesseren,
is je muziek voor God ook niet om aan te horen.

4. Loof God in je muziek
dia 17 – loof God in je muziek
God heeft de wereld gemaakt, hij maakt muziek mogelijk.
Muziek is pas echt goed als je God er mee looft.
Ik wil dat nog praktisch maken voor de muziek die je zelf luistert:
hoe je God looft in je muziek.

dia 18 – sta eens bewust stil bij muziek
Ik snap ook wel dat je niet bij alle muziek die je luistert
jezelf kunt afvragen: hoe eer ik God hiermee.
Er is niets mis met een muziekje op de achtergrond,
of met muziek als afleiding in de auto.
Maar luister ook eens bewust naar muziek!
Kun je met je muziek God eren?

dia 19 – brengt muziek je dichterbij of verder van God?
Muziek heeft veel invloed op ons, het zet zich in je vast,
dus het maakt echt uit met welke muziek jij je laat vullen.
Dan kan wat Paulus schrijft in Filippenzen 4:8 helpen:
“schenk aandacht aan alles wat waar is, alles wat edel is,
alles wat rechtvaardig is, alles wat zuiver is, alles wat lieflijk is,
alles wat eervol is, kortom aan alles wat deugdzaam is en lof verdient.”
Wat draagt de muziek die je luistert uit?
Hoe beïnvloedt muziek jou?
Muziek kan je laten geloven dat het leven om succes gaat.
Muziek kan je laten geloven dat je leeft voor het weekend.
Muziek kan je laten geloven dat het belangrijkste is dat jij gelukkig bent.
Wat volgens mij de vraag is waar het om draait:
brengt de muziek die je luistert je dichterbij of verder van God?
En dat kan ook nog per persoon verschillen…

Op die manier wil even naar twee liedjes kijken.
Hoog in de hitlijsten staat het nummer ‘Drank en drugs’.
Nederlandse rap, en ik zet er de radio voor uit.
Drank en drugs, voeg er nog wat seks aan toe,
en je hebt de boodschap van het liedje ook wel te pakken.
Daar kan ik God niet in betrekken.
Vorige week hoorde ik toevallig een liedje van een andere Nederlandse rapper,
Diggy Dex, het heet ‘Sterren tellen’.
Het is opgedragen aan de slachtoffers van de vliegramp met vlucht MH17.
Taalgebruik is niet altijd even netjes, maar het nummer brengt me wel dichter bij God.
Hij zingt over dat als je op je sterfbed ligt, het echt niet uit maakt wat je hebt verdiend.
Hij zingt over Twitter, dat het zo leeg voelt als je wordt geconfronteerd met de dood.
Het gaat over het leven dat tegenvalt, het leven dat niet maakbaar is.
En dat raakt mij, ik herken het.
De troost in het liedje is niet meer dan ‘ik tel de sterren.’
Ik denk verder, ik zie het liedje als een schreeuw naar boven:
‘God, wat heeft het voor zin zonder u?’
Zo kan God geëerd worden met muziek die helemaal niet over hem gaat.

dia 20 – muziek in de kerk om dicht bij God te komen
Hier in de kerk gaat de muziek wel over God, en we zingen het voor hem.
Zoals iemand ooit zei: ‘zingen is dubbel bidden’.
Laat die muziek hier in de kerk zich ook maar in je vastzetten:
dat de muziek ook na de dienst nog in je rondzingt.
Het is een goede manier om dicht bij God te komen.
“God ik adem om van u te zingen!”
Doe je mee?
Amen.




1 Samuel 24 – Ik krijg je nog wel – Of zou jij het anders doen?

Gezinsdienst

Liturgie

Zingen:
- Gez 75,1.2.5 Nu gaan de bloemen nog dood
- EL 445 Ik zag een kuikentje
- Gez 171 Wees stil voor het aangezicht van God
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen Gez 165 Machtig God, sterke rots
Gebed
Lezen uit de Bijbel: 1 Samuël 24
Zingen: Ps 54
Preek
Zingen EL 461 Liefde blijdschap vrede
Lied over vergeving
Wetslezing
Zingen EL 471 Weet je dat de Vader je kent?
Gebed
Collecte
Zingen EL 342 = Opw 430 Heer ik prijs Uw grote naam
Zegen

Opmerkingen:

- Bij deze preek is een powerpointpresentatie beschikbaar (die op verzoek gemaild kan worden)

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over 1 Samuel 24 – Ik krijg je nog wel… OF ZOU JIJ HET ANDERS DOEN?

1. Heb jij wel eens ruzie met iemand? Tim wel. Nico zit bij hem op school. [dia 1] Hij zit twee groepen hoger. Altijd zit Nico te pesten. Wat een irritant joch. Wat een opschepper, met z’n dure kleren en z’n dure fiets. Altijd zoekt ‘ie ruzie met Tim en zijn vrienden. Je in de modder duwen. De voetbal afpakken. Door een knikkerspel heen rennen.

Woest is Tim soms. ‘Ik krijg je nog wel!’

Dan lacht Nico. ‘Jij, ukkie?’ Want ja, Nico is groter en sterker. Tim kan niet tegen hem op, ook niet als hij met z’n vrienden is.

En dan op een donderdagmiddag… Tim loopt met z’n vrienden naar het fietsenhok. Bijna iedereen is weg. Hun fietsen staan er nog. En de fiets van Nico. ‘Hé Tim, zie je dat?’ zeggen z’n vrienden. ‘Wat?’ ‘Die fiets. Het is de fiets van Nico!’´Trap ´m kapot. Die spaken kunnen stuk. We gooien z´n ventieltjes weg. Nu kunnen we hem terugpakken!’

Wraak!

Nu heb je ‘m te pakken!

Nemen jullie wel eens wraak?

Nee?

Of toch wel?

Nou, volgens mij weten zelfs de kleine kinderen wel wat wraak is.

Wie weet er een voorbeeld?

Wraak!

Nu pak ik je terug!

Wat zou David hebben gedacht?

Saul is echt irritant. [dia 2]

Een slechte koning.

En David zal de nieuwe koning worden.

Daarom wil Saul David dood maken.

Hij blijft maar achter David aan zitten.

Levensgevaarlijk!

Hij is weer in de buurt!

David verstopt zich met z’n mannen in een spelonk. [dia 3]En precies in die spelonk gaat Saul naar binnen. Hij moet naar de WC.

Ze zien dat hij gaat zitten. Moet je zien, wat een koning! Een koning op de WC!

He, David! [dia 4]

Nu kun je hem pakken. Dit is een kans die God geeft!

God heeft gezegd dat jij koning wordt!

God wil dat je Saul dood maakt!

Ze stoken ‘m op.

Kom op David, je kunt het. Pak ‘m!

God geeft je deze kans!

Wat zou jij doen?

Neem ‘m te grazen!

Wraak! God wil het!

Wat doet David? Hij sluipt zachtjes naar voren. Saul moet natuurlijk niks horen.

En dan – een mes tussen z’n ribben!

Yes! Wraak!

Saul is dood.

Nu kun je koning worden, David!

Zo wil God het!

2. Hè? Wat doet David nu? [dia 5]

Hij snijdt alleen een stuk van de jas van Saul af!

En dan komt hij weer terug.

He, David, wat doe je nu?

Als jij het niet doet, dan doe ik het!

Ben je gek geworden?

Er wil al iemand naar voren gaan.

Ho! [dia 6] Stop!

David gaat er voor staan.

Hij is de koning van God.

Dit is geen kans van God.

Dit is een verleiding van de duivel!

God wil dit niet.

Wij mogen Gods koning niet dood maken!

Even voor de grote mensen: zie je dat?

Zou dat jou kunnen overkomen: je krijgt een kans en je denkt: dit moet wel zo geleid zijn. Dit is zo bijzonder! En dat je je vergist?

Wat is het echt? Leiding van God of een verzoeking van de duivel?

Soms gaan mensen vreemd. En ze praten het op deze manier goed: Het was zo bijzonder hoe we elkaar ontmoetten. Het was echte geestverwantschap. Hier kan God toch niet tegen zijn?

Pas op!

Het kan lijken of iets door God geleid is.

Maar het is een verleiding van de duivel.

David neemt dus geen wraak.

Moet je je voorstellen. Zijn vrienden zitten ‘m op te stoken. Hij gaat er naar toe. Hij heeft een zwaard. Hij is boos op Saul. Hij kan het doen. Het kan!

Maar hij beheerst zichzelf. Hij doet het niet.

Jezelf beheersen.

Je bent zo boos op iemand.

Je wilt hem wel een keiharde klap geven.

Hier!

Maar je houdt je in.

Vinden jullie dat moeilijk? Jezelf beheersen?

Dat je geen keiharde klap geeft, of aan iemands haren trekt, of knijpt, als je boos bent?

Of dat je niet iemand gaat uitschelden?

Dat is soms best lastig, of niet?

Wanneer vinden jullie het lastig?

Denk je dat het voor David lastig was?

Ja, natuurlijk was het lastig.

Maar waarom doet David het niet?

Lees maar wat David zegt: ik mag Gods koning niet doden.

Davod weet wat God zegt – en David is gehoorzaam aan God.

God heeft Saul koning gemaakt – dus moet David van die koning af blijven.

Zelfs al is het een slechte koning.

David, beheers jezelf!

En dat doet David.

[dia 7 – zwart scherm] Zo kan het ook thuis zijn. Je bent heel boos op je vader. Misschien vind je hem wel oneerlijk. Je kunt gaan schelden. ‘Je bent een stomme papa!’

Maar God heeft jou je papa, je heit, gegeven.

Hij blijft je papa, ook als hij een slechte papa is.

Kom op, beheers jezelf!

Zo kan het op school gaan. Tim was heel boos op Nico, weet je nog? Nico was zo irritant. Misschien denkt Tim wel: hij verdient het dat we zijn fiets in elkaar schoppen. En nu kan het mooi. Niemand ziet het.

Maar God heeft Tim gemaakt. En God heeft Nico gemaakt.

Pesten is niet goed. Iemand terugpakken en wraak nemen ook niet.

Kom op Tim,  beheers jezelf!

3. Als je jezelf beheerst, ben je dan een watje?

Als Tim zich niet op laat stoken, als hij niet de fiets van Nico in elkaar trapt?

Is hij dan een lafaard?

Misschien zeggen z’n vrienden dat wel.

Ze zeiden het vast ook tegen David. Lafaard! Je durft gewoon niet.

Het staat er toch ook, dat Davids hart bonsde? Is hij bang?

David is niet bang. Hij weet dat hij Saul niet dood mag maken. Daarom doet hij het niet.

Bang is hij niet.

Want als Saul weg is, loopt hij naar buiten. [Dia 8]

Alleen, naar Saul. Naar die 3000 sterke soldaten.

‘Mijn Heer, mijn koning!’ roept hij.

Wat zal er nu gebeuren? Pakken ze hem nu?

Saul blijft staan. Kijkt om.

David gaat naar hem toe.

Valt op zijn knieën. Zie je wel? [dia 9]

Hij zegt: Waarom luistert u naar mensen die over mij liegen?

Ze zeggen dat ik u wil doden. Dat wil ik helemaal niet!

Kijk maar – hier is de hoek van uw jas. Ik kon u dood maken, mijn vader. Maar ik heb het niet gedaan!

Waarom wilt u mij dood maken?

David is niet laf of bang. David is juist heel dapper en sterk.

Hij durft bij al die soldaten gewoon naar Saul toe te lopen.

Hij vraagt gewoon: waarom wilt u mij pakken? Waarom bent u oneerlijk? Ik heb toch helemaal niets gedaan! Ik ben juist eerlijk. Ik wil u niet doden!

Ik hoorde pas een verhaal over een meisje die op kinderclub kwam. Ze kreeg aan het eind twee snoepjes mee. Een voor zichzelf, een voor iemand met wie ze altijd ruzie had. Eerst durfde ze het snoepje niet te geven. Toen deed ze het toch.

Dat andere meisje wilde het snoepje niet. Wij hebben altijd ruzie! Het is vast een gemeen grapje.

Nee, zei ze. Ik meen het echt. En ze gaf het snoepje toch.

Probeer het ook maar eens zo!

Dan ben je niet laf. Dan ben je juist heel sterk!

Weet je wat David ook zegt? God weet dat ik gelijk heb! [dia 11]

Misschien word jij ook wel gepest.

Krijg jij geen gelijk, en heb je wel gelijk! Je weet het zeker.

Onthoud dan maar: God is er ook. En God weet wie gelijk heeft.

Je mag bidden – zelf, of met je mama en papa. Here Jezus, u weet dat ik gepest wordt. U weet dat ik gelijk heb. U weet ervan. Wilt u voor mij zorgen?

Doe het maar!

Misschien word je dan wel rustig. Of gaat het daarna beter.

God zorgt voor je!

4. Wat doet Saul nu?

Roept hij: Mannen, pak David! Nu hebben we hem!

Nee, natuurlijk niet.

Saul schrikt ervan.

Hij moet er zelfs van huilen.

Hij zegt [dia 12] Ben jij dat, David? Jij bent beter dan ik. Je had me dood kunnen maken. Maar je hebt het niet gedaan.

Jij bent goed voor mij geweest.

Ik ben slecht voor jou geweest.

De HEER zal je hiervoor een beloning geven!

Zie je dat?

Als David geprobeerd had Saul dood te maken, wat was er dan gebeurd? Wat denken jullie? Dan waren ze gaan vechten. Dan was de ruzie alleen maar erger geworden.

En zo gaat het vaak. Jij slaat mij – ik sla jou – jij slaat mij weer – ik sla jou nog harder terug – jij schopt mij keihard – en ruzieënd rol je over het schoolplein. Of niet?

Maar David laat zien: Ik kan u terugpakken. Bang ben ik echt niet. Maar ik wil geen ruzie! Ik wil vrede!

Had Saul dat verwacht?

Nee, echt niet.

Saul kan nu niet meer vechten.

Straks gaat hij toch weer vechten.

Dat is wel jammer.

Hij zegt wel sorry. Jij bent beter dan ik.

Maar bedoelt hij ook echt: David, ik heb het fout gedaan? Vanaf nu doe ik het anders?

Saul denkt meer aan zichzelf dan aan David.

Daarom gaan ze toch niet samen verder. [dia 13] Saul gaat naar huis. David gaat weer naar de bergen.

Zeggen jullie wel eens sorry?

En hoe doe je dat dan – Sorry, het was echt mijn fout? Wil je mij vergeven?

Of zeg je: Nou, sorry hoor. (… stommerd…)

Dan is het niet echt hè?

Dan wordt het niet echt vrede.

Hoe doe jij dat? Ik merk dat ik soms ook op Saul lijk. Toch meer aan mezelf denken. Wel sorry zeggen, maar… toch ook weer niet echt. Hebben jullie dat ook?

De Here Jezus heeft het anders gedaan. Die dacht niet aan zichzelf. Die dacht aan ons. Hij wil niet dat wij ruzie met Hem hebben. Hij wil vrede.

Weet je wat zo mooi is?

Als de Here Jezus in je hart woont, dan kunnen jij en ik het anders gaan doen.

Niet meer zeggen ‘Nou, sorry hoor…’ (…zeurpiet…)

Maar echt: ‘Ik was niet aardig. Het spijt me.’

Daar wil de Here Jezus voor zorgen.

Dan komt er echte vrede.

Niet jij de ene kant op. Je klasgenootje ergens anders heen.

Dan komt er echte vrede – samen vrede!

Dat wil God geven. Daar mag je naar verlangen – naar echte vrede!