Ruth 2 – Aan tafel bij Jezus smaakt naar meer – avondmaalsdienst

Mark Veurink
Mark Veurink
9 december 2012

Ruth 2 – Aan tafel bij Jezus smaakt naar meer – avondmaalsdienst

image_pdfimage_print

Ruth 2 – Aan tafel bij Jezus smaakt naar meer – avondmaalsdienst

Liturgie

Zingen: Opwekking 595

Stil gebed

Votum en vredegroet

Zingen: Psalm 146 : 1, 3 en 4

Lezen van de wet

Zingen: LvK Lied 358 : 1

Gebed

Kinderen naar kinderclub

Lezen: Ruth 2

Zingen: Psalm 146 : 5, 7 en 8

Preek over Ruth 2

Zingen: GKB Gezang 47 : 1, 4, 5 en 6

Kinderen terug

Zingen: projectlied couplet 1 en 2

Gebed ouderling van dienst

Collecte

Avondmaal

Lezen formulier 5

Geloofsbelijdenis

Zingen: LvK 358 : 3, 4 en 5

Viering

Dankzegging

Zingen: GKB Gezang 160 : 1 en 2

Zegen

Preek: aan tafel bij Jezus smaakt naar meer

Introductie: de eerste sneeuw

dia 1 – zwart

Zo, wie heeft er al sneeuwballen gegooid?

Heerlijk is dat.

Toen ik deze week naar buiten keek,

zag ik dit plaatje.

dia 2 – sneeuw turfkade

Ik geniet altijd van sneeuw.

Natuurlijk, sneeuw kan heel lastig zijn,

omdat het glad is enzo,

(en omdat mijn auto door de kou niet wilde starten…)

maar ik vind het altijd een prachtig gezicht.

Helemaal als de zon er op schijnt,

wordt ik er altijd erg vrolijk van.

dia 3 – iglo

Ik krijg weer helemaal zin om sleetje te gaan rijden,

met sneeuwballen te gooien en iglo’s te bouwen.

O ja, ik ben tegenwoordig volwassen,

dan hoort dat niet meer…

Nou ja, als Daniël wat ouder is,

heb ik weer een perfect excuus

om heerlijk in de sneeuw te spelen.

Hoe dan ook,

de herfst is voorbij, de winter begint,

en daar kikker ik helemaal van op.

dia 4 – sneeuwblubber

Nou ja…

Iets later die middag was de meeste sneeuw gesmolten,

en was de stoep een grote blubberbende.

Dan is het weer over met de pret.

De winter begint te komen,

maar het is nog lang niet zover dat die Elfstedentocht gereden kan worden.

Maar juist in zo’n week als deze,

krijg ik alleen maar meer zin in de winter.

Zou het echt weer zo’n lekker koude winter worden?

Zal er bij ons voor het huis geschaatst worden?

Komt er een sneeuwpop in de tuin te staan?

Ik kan er nu al naar uitkijken.

Zo’n dagje sneeuw smaakt naar meer.

dia 5 – zwart

In het verhaal van Ruth gaat het nou niet echt over die eerste winterse dag.

Het is juist de tijd van de oogst.

Geen sneeuwpret dus voor Ruth.

Maar waar het mij om gaat,

is dat gevoel dat je ergens heel veel zin in hebt, bijvoorbeeld in de winter,

en dat je daar al een klein beetje van krijgt.

Want dat gebeurt bij Ruth ook.

Ruth verlangt naar een beter leven.

Naar eten en een warme familie.

In dit hoofdstuk krijgt ze daar al een klein beetje van.

Het is een hoofdstuk van nieuwe hoop:

zou het dan toch echt beter worden?

In armoede bij Jezus komen

Dat het beter wordt, dat kan Ruth ook wel gebruiken.

Laten we even teruggaan naar vorige week,

toen het over het vorige hoofdstuk ging.

Ruth doet een sprong in het diepe door met Noömi mee te gaan naar Bethlehem.

Ze heeft grote verwachtingen van God,

maar ze heeft niks.

Ze heeft geen man meer, geen geld,

en ze is een vreemdeling, een asielzoekster.

dia 6 – aren lezen

Ruth heeft niets te makken.

Daarom stelt ze aan Noömi voor om aren te ‘lezen’,

een ouderwets woord voor ‘oprapen’.

En dat was echt iets voor de armen.

Als de oogst binnen werd gehaald door de maaiers,

lieten ze altijd aren op het land vallen.

Ruth wil die aren gaan oprapen.

Het zijn dus echt de restjes van de oogst.

Voor mensen die zelf geen eten kunnen betalen.

dia 7 – zwart

Dat Ruth uit Moab komt, maakt het niet gemakkelijker.

In vers 10 zegt ze daarom ook dat ze ‘maar een vreemdeling’ is.

Zo gedraagt ze zich ook.

Ze is heel bescheiden, in de hoop dat iemand haar te hulp komt.

Afhankelijk van de goedheid en gulheid van anderen.

Ruth zoekt genade, en zo komt ze bij Boaz.

dia 8 – lege handen

Hierin is een Ruth een voorbeeld voor ons.

Wil je bij Jezus komen,

dan moet je in armoede komen.

Want alleen dan kun je van genade leven.

Dan zeg je: ‘Heer Jezus, ik heb niets,

ik wil van uw goedheid en genade leven’.

Dat is ook hoe je aan het avondmaal komt: in armoede.

In de hoop op Jezus’ goedheid.

Maar wat is die armoede dan?

Dat is de erkenning dat je kwetsbaar bent.

Bijvoorbeeld als je deze week slecht nieuws hebt gekregen

of worstelt met een zonde die steeds weer terugkeert.

Het is de erkenning dat je je eigen leven niet mooi kunt maken.

Dat er maar iets hoeft te gebeuren, of het ontglipt je al.

Het is ook geestelijke armoede:

Het echte mooie leven is een leven dicht bij God.

Wees niet te gemakkelijk tevreden met je leven.

Ook niet als het je voor de wind gaat.

Natuurlijk, je mag dankbaar zijn voor alles wat je van God krijgt.

Maar God wil zoveel meer geven dan je nu hebt.

Hij wil een persoonlijke relatie met je.

Daar verlang ik ook naar.

Maar ik sta dat zelf zo vaak in de weg.

Met mijn ongeduld, met mijn egoïsme, met mijn trots.

Zo mis ik dat mooie leven.

Kom bij Jezus met lege handen.

Dan kun je ze, net als Ruth,

laten vullen met genade.

Kun je ze laten vullen met brood en wijn.

Liefde voor de armen

dia 9 – zwart

Ruth gaat dus op pad,

in de hoop dat iemand haar gunstig gezind is.

Zo komt ze op het land van Boaz.

‘Het toeval wilde,’ staat er dan.

Dat is niet bedoeld om te ontkennen dat God hier bezig is.

God geeft dat toeval.

Dat is de manier hoe God in deze geschiedenis werkt.

Niet met groots vertoon van bovennatuurlijk geweld,

maar heel simpel, door Ruth toevallig de goede persoon te laten ontmoeten.

dia 10 – Boaz

Want dat Boaz de goede persoon is, dat wordt al snel duidelijk.

Kijk maar in vers 4, hoe Boaz zijn werknemers begroet:

‘de Heer zij met jullie.’

Blijkbaar is Boaz iemand die God hoog houdt.

Dat doet hij niet met vrome praatjes.

Iedereen kan de naam van de Heer wel gebruiken,

en misschien deden ook wel meer mensen dat,

maar Boaz is iemand die ook echt voor God leeft.

Die Gods wetten serieus neemt.

Dat is bijzonder, want Ruth 1:1 zegt dat het de tijd van de rechters is.

Nou, als er één tijd is waarin ieder maar deed wat goed was in eigen ogen,

dan is het die tijd van de rechters wel.

Boaz is dus een uitzondering.

Hij kent de wet.

Hij weet ook heel goed wat de wet zegt over het delen van geld en bezit.

dia 11 – Deut 24

Zoals de wet uit Deuteronomium 24:19:

‘Wanneer u bij de graanoogst op de akker een schoof vergeet,

mag u niet teruggaan om die op te halen.

Laat hem achter voor de vreemdelingen, weduwen en wezen.’

Door zulke wetten wilde God mensen als Ruth beschermen.

En als Boaz dan ook nog hoort

dat Ruth haar bescherming zoekt onder de vleugels van de God van Israël,

dan kan hij niet anders dan Ruth te helpen.

Dat heeft met de gulheid van Boaz niet te maken,

het is een kwestie van rechten en plichten.

dia 12 – zwart

Boaz kent zijn plicht,

en neemt die plicht van harte op zich.

Maar daar laat hij het niet bij.

Boaz is veel guller:

Ruth mag zelfs vlak bij de maaiers aren oprapen,

op plekken waar de maaiers nog niet klaar waren.

Boaz helpt Ruth niet omdat hij nu eenmaal moet,

hij helpt met zijn hele hart.

Niet de regels, maar liefde is zijn drijfveer.

Aan zo’n man als Boaz kunnen we een voorbeeld nemen.

Aan zijn hartelijkheid voor wie het minder goed hebben dan hij.

dia 13 – vluchtkerk

God vraagt ook van ons om om te zien

naar mensen zoals Ruth.

Om bewogen te zijn met bijvoorbeeld asielzoekers.

Die laat je niet op straat slapen.

Dat ze nu in een leegstaande kerk in Amsterdam worden opgevangen,

dat is geweldig.

dia 14 – zwart

Maar: zoals Boaz omzien naar anderen,

dat kunnen we alleen als we eerst als Ruth worden.

Als we in armoede bij Jezus komen,

die, net als Boaz, ons leven hoop geeft.

Alleen dan, als je weet dat je zelf ook alles van God hebt gekregen,

kun je gaan uitdelen.

Een maaltijd van verwachting

En dan komt er echt hoop in het leven van Ruth.

Er gaan nieuwe deuren voor haar open.

De spanning is te snijden:

zouden er dan toch betere tijden komen?

De voortekenen zijn in ieder geval goed.

dia 15 – broden

Net zoals die eerste winterdag mij laat uitkijken naar een mooie winter,

zo laat die eerste kennismaking met Boaz Ruth uitkijken naar een einde van de armoede.

Aan het einde van de dag gaat ze naar huis met een efa gerst.

Dat is genoeg om ongeveer 30 broden te bakken.

Voorlopig hoeven Ruth en Noömi geen honger te lijden.

God heeft zich hun lot aangetrokken.

Ruth is zelfs welkom bij de maaltijd.

Boaz nodigt haar uit om mee te eten met de maaiers.

Hij geeft haar brood met wijnazijn.

Ruth eet mee aan Boaz’ tafel.

Ruth hoort er even helemaal bij,

bij Boaz en zijn werknemers.

Ze is even niet die arme zielige vrouw,

waar iedereen met een boog om heen gaat.

Ze is nu Boaz’ persoonlijke gast.

dia 16 – zwart

Dit is een maaltijd die verwachtingen schept.

In die donkere wereld van Ruth komt licht binnen.

Als Boaz die eerste dag al zo goed voor Ruth is,

wat zou haar verder dan te wachten staan?

Is deze maaltijd een voorproefje van een beter leven?

Zou het dan toch?

dia 17 – avondmaal

Op die manier mogen we het avondmaal vieren.

Mogen we bij Jezus aan tafel komen.

Het is een maaltijd die verwachting schept.

Als we nu al, in al onze armoede,

met onze problemen, met onze zonde,

met Jezus mogen mee-eten,

wat zal de toekomst ons dan wel niet brengen?

In het avondmaal laat God zien:

je hoort bij mij.

Houd goede moed!

Het avondmaal zelf lijkt niet zo bijzonder,

een stukje brood en een slok wijn.

Maar de verwachting maakt het bijzonder.

We mogen nu al aan tafel bij Jezus!

Dat geeft hoop voor de toekomst.

Het smaakt naar meer

dia 18 – zwart

Als Ruth weer thuis komt bij Noömi,

begint ze enthousiast te vertellen.

‘Wat ik vandaag toch heb meegemaakt!

Ik heb een man ontmoet, Boaz, en hij was zo goed voor mij!’

Als Noömi de naam van Boaz hoort, wordt ze helemaal warm.

Boaz, die kent ze wel.

Hij is familie van haar overleden man, Elimelech.

En dan valt dat woordje: ‘losser’.

Boaz kan als losser optreden.

Even kort gezegd: hij kan ervoor zorgen dat het bezig van Elimelech in de familie blijft.

Hij kan er ook voor zorgen dat Elimelech nageslacht krijgt, als hij Ruth tot vrouw neemt.

Boaz kan dus een einde maken aan de familieproblemen.

We hebben Boaz al leren kennen als iemand met ontzag voor God en zijn geboden.

Iets wat in die tijd behoorlijk uniek was.

In die wet van God gaat het ook over dat losser zijn.

Maar een hoofdstuk na die wet over het aren rapen,

gaat het in Deuteronomium 25 over de zwagerplicht.

Aangezien Boaz de wet kent,

en al bereidheid heeft getoond om daar ruimhartig aan te voldoen,

geeft dit voor Ruth en Noömi een hele nieuwe hoop.

Die maaltijd bij Boaz, die was nog eenmalig.

De komende weken is Ruth welkom op Boaz’ land,

maar hoe zal het daarna gaan?

Als Boaz ook deze wet serieus neemt,

zou zijn steun wel eens niet eenmalig kunnen zijn.

Wellicht kan Boaz een definitief einde maken aan de problemen.

Dat is nog eens een vooruitzicht!

Wie weet kan Ruth wel met Boaz trouwen.

Is die maaltijd bij hem, waar ze er even helemaal bij hoorde,

niet meer dan een beginnetje van een nieuwe toekomst.

Zal ze in de toekomst elke dag bij Boaz aan tafel eten.

Meer nog: ze hoort en dan echt bij, als vrouw van Boaz.

‘Hij heeft trouw bewezen’, zegt Noömi in vers 20.

Het is onduidelijk of dat over God of over Boaz gaat.

Maar ik zou liever gewoon niet kiezen:

Boaz is trouw gebleven omdat God hem daartoe leidt.

God is Ruth en Noömi, die verbitterde vrouw, niet vergeten.

dia 19 – gastheer Jezus

Het avondmaal is een maaltijd van Gods trouw.

Waar Ruth alleen nog maar kan hopen dat

die maaltijd een begin is van meer,

daar mogen christenen er zeker van zijn

dat het avondmaal een voorproef is van meer.

Jezus zal ons verlossen uit onze armoede.

Elke keer weer vieren we het avondmaal

om de blik op Jezus te blijven richten.

Om hem niet te vergeten.

Jezus heeft belooft dat hij eens definitief een einde maakt aan onze armoede.

Hij heeft ons opgedragen het avondmaal te vieren,

totdat de dag komt dat hij de wijn opnieuw met ons zal drinken

in het koninkrijk van zijn en onze Vader.

De dag van de bruiloft van het lam.

Laten we zometeen in die verwachting het avondmaal vieren,

als maaltijd die smaakt naar zoveel meer.

Amen.