Matteüs 28:16-20 – Afscheid met een opdracht

Mark Veurink
Mark Veurink
9 mei 2013

Matteüs 28:16-20 – Afscheid met een opdracht

image_pdfimage_print

Bij deze preek is een blad met verwerkingsvragen beschikbaar: Samen GROEI-en.

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie

Zingen: Psalm 47 : 1 en 2

Stil gebed

Votum en groet

Zingen: Opwekking 366 : 1 en 3 (Kroon hem met gouden kroon)

Gebed

Kinderen naar club

Lezen: Handelingen 1:1-11

Zingen: Psalm 47 : 3 en 4

Lezen: Matteüs 28:16-20

Preek over Matteüs 28:16-20

Zingen: LvK Lied 234 : 1 en 2 (Al heeft hij ons verlaten)

Kinderen terug

Kinderlied

Lezen wet

Zingen: GKB Gezang 68 : 1, 2 en 3 (Wij knielen voor uw zetel neer)

Gebed

Collecte

Zingen: GKB Gezang 147 : 1, 3 en 4 (Maak muziek voor God de Vader)

Zegen

Preek: Afscheid met een opdracht

Afscheid

dia 1 – camping

Er zijn maar weinig dingen zo leuk als op vakantie gaan.

Ik ben vast niet de enige die dat vind.

Vakantie is heerlijk!

Even geen gezeur aan je hoofd,

niet naar school, niet werken,

en als je gaat kamperen, hoef je niet eens te stofzuigen.

Alle tijd om te wandelen, te zwemmen, uit te slapen of puzzels te maken.

Van mij mogen vakanties heel lang duren!

Dat duren ze meestal niet…

Vakanties gaan veel te snel voorbij!

Terwijl je het gevoel hebt dat je er nog maar net bent,

moet je alweer inpakken.

Behalve als je vakantie in het water is gevallen,

is dat toch altijd de vervelendste dag.

Het is een dag van afscheid nemen.

Je neemt afscheid van het uitzicht op de bergtoppen.

Voor de laatste keer maak je een mooie strandwandeling.

Het loopje naar het toiletgebouw ga je missen.

Dat geldt zelfs voor die zingende overbuurman.

Je neemt afscheid van de mensen die je hebt leren kennen.

Misschien wissel je nog wat persoonlijke gegevens uit.

De meesten zie je nooit meer terug.

Aan alle leuke dingen komt een einde.

dia 2 – afscheid

Afscheid nemen, dat is niet leuk.

Een wijze Fransman heeft eens gezegd:

‘afscheid nemen, het is een beetje sterven.’

Heftig is een afscheid helemaal rondom de dood.

Met vakantievriendjes aan de andere kant van de wereld

kun je nog contact houden.

De dood maakt dat definitief onmogelijk.

De dood brengt scheiding.

dia 3 – zwart

Soms is er dan de mogelijkheid om heel bewust afscheid van elkaar te nemen.

Om nog één keer te zeggen dat je van iemand houdt.

Misschien ook om nog een laatste opdracht mee te geven:

‘zorg goed voor je moeder als ik er niet meer ben.’

Of om samen uit de bijbel te lezen.

Die laatste momenten, die laatste woorden, die zijn heel bijzonder.

Als je daarbij bent geweest, blijft het je altijd bij.

Vandaag vieren we Hemelvaartsdag.

En het lijkt een beetje gek om dat te vieren:

Hemelvaart is juist afscheid nemen.

Afscheid van Jezus op aarde.

Nee, Jezus is niet dood, hij leeft!

Maar hij lijkt wel erg ver weg…

dia 4 – afscheidswoorden van Jezus

De laatste veertig dagen van zijn leven op aarde,

heeft Jezus zijn leerlingen op dit afscheid voorbereid.

Er kan geen misverstand zijn over hoe de leerlingen verder moeten

als Jezus niet langer in hun midden is.

De allerlaatste woorden van Jezus staan in Handelingen:

‘jullie zullen van mij getuigen (…) tot aan de uiteinden van de aarde.’

Maar ook in Matteüs 28 is Jezus met zijn afscheid bezig.

Je kunt dat dan ook prima zien als de afscheidswoorden van Jezus.

Die laatste, dierbare woorden, om steeds weer aan terug te denken.

Jezus wil dat deze woorden ons bijblijven.

1.Jezus heeft alle macht

dia 5 – alle macht

Het eerste wat Jezus dan zegt is:

‘mij is alle macht gegeven, in de hemel en op de aarde’.

Als er een ding is wat de leerlingen, en ook wij,

moeten onthouden, dan is het dat wel:

Jezus heeft alle macht!

Juist hemelvaartsdag is een goede dag om daarbij stil te staan.

Hemelvaart wordt ook wel de troonsbestijging van Jezus genoemd:

Jezus gaat naar zijn Vader in de hemel om daar zijn plek als koning in te nemen.

En dan niet een koning zoals Willem Alexander die linten mag doorknippen

en misschien achter de schermen nog wat invloed kan uitoefenen.

Jezus is een koning met alle macht.

Vanaf zijn troon in de hemel regeert hij over de hele wereld.

dia 6 – treinramp

Tenminste…

Dat is wat Jezus zijn leerlingen meegeeft.

Maar je hoeft niet ver om je heen te kijken

om daar je vraagtekens bij te zetten.

Als Jezus echt alle macht heeft,

zou de wereld er dan niet veel beter uitzien?

Dan had hij er toch gewoon voor kunnen zorgen

dat die giftrein in België niet ontspoorde?

Dan had hij er toch gewoon voor kunnen zorgen

dat deze wereld zo’n goede plek is

dat er niemand asiel in een ander land hoeft aan te vragen?

Het is heel gemakkelijk om die woorden van Jezus te vergeten:

‘mij is alle macht gegeven.’

Dat lijkt helemaal achterhaald: gewone mensen zijn veel machtiger.

Maar van Jezus waren het geen overmoedige woorden, geen opschepperij.

Hij kan dit echt zeggen.

dia 7 – machtiger dan mensen

O ja, mensen hebben heel veel macht.

En als je kijkt naar alles wat wij kunnen,

wat onze voorouders 200 jaar geleden niet konden…

Afstanden stellen tegenwoordig niets meer voor.

Met het vliegtuig kom je overal,

en anders zijn er wel kabels en satellieten

om contact met de andere kant van de wereld te hebben.

Sommige ernstige ziektes hebben we weten uit te roeien.

En ga zo maar door.

Mensen zijn machtig.

Maar Jezus is nog veel machtiger.

Hij kan mensen zonder medicijnen genezen.

Hij kan een storm laten liggen.

Hij weet wat er in mensen omgaat.

En nog wel het machtigste:

hij kon opstaan uit de dood.

Dan kunnen wij, mensen, misschien veel,

maar winnen van de dood, dat kunnen wij nooit.

Jezus wel: hij heeft alle macht.

Toch gebruikt hij die macht blijkbaar niet

om alle problemen in de wereld op te lossen.

Hij laat dingen gebeuren die hij gemakkelijk had kunnen voorkomen.

En waarom?

Ik weet het ook niet.

dia 8 – leerlingen maken

Jezus wil tegen zijn leerlingen niet zeggen:

‘ik heb alle macht, dus nu wordt de wereld zoals ik wil.’

Jezus zegt: ‘ik heb alle macht, maak dus leerlingen.

Ik heb alle macht, maar veel mensen kennen die macht nog niet.

Ik wil dat iedereen mijn macht erkent.’

Natuurlijk zou Jezus dat kunnen afdwingen,

maar zo werkt hij niet.

Hij wil dat mensen hem vrijwillig, met hun hart, erkennen.

Dat mensen denken:

‘wauw, dat is nog eens een Koning, daar wil ik bij horen!’

En daarom geeft hij aan de leerlingen, en ook aan ons, die taak:

‘maak alle volken tot mijn leerlingen.

Laat hen zien dat ik Koning ben,

vertel hen over alles wat ik heb gedaan,

dat ik zelfs machtiger ben dan de dood.’

Dit is de reden waarom iedereen van Jezus moet horen.

Jezus geeft die opdracht zodat iedereen zijn macht zal erkennen.

2.Opdracht aan kwetsbare leerlingen

dia 9 – kwetsbare leerlingen

Bij zijn afscheid geeft Jezus dus een grote opdracht mee.

Het staat ook wel bekend als het zendingsbevel.

Met het jaarthema ‘uitdelen van Gods liefde’

kun je eigenlijk niet om deze woorden heen:

‘maak alle volken tot mijn leerlingen.’

Maar wat een enorme opdracht is dat!

Hoe kun je nou leerlingen voor Jezus maken,

als je er elke dag weer achter komt hoe moeilijk het is om Jezus te volgen?

Is dit niet te hoog gegrepen?

Wie ben jij, dat jij dit zou kunnen?

dia 10 – de elf leerlingen

Ik denk dat deze vragen helemaal niet zo gek zijn.

Sterker nog: Jezus’ discipelen zaten er zelf ook mee.

De schrik van de afgelopen weken zit er bij hen nog goed in.

Er is zo veel gebeurd!

Jezus was gestorven, maar opeens was hij ook weer opgestaan.

Ze kunnen er helemaal niet bij.

Ze dachten dat ze Jezus kenden,

maar ze moeten weer van voor af aan beginnen om hem echt te leren kennen.

Worden zij nu door Jezus de wereld ingestuurd?

Waar wij gemakkelijk overheen lezen,

is dat Jezus spreekt tot de élf leerlingen.

Dat getal, elf, laat goed zien hoe ze er aan toe zijn.

Ze waren met z’n twaalven, maar een van hen was een verrader.

Judas komt nooit meer terug, hij heeft een einde aan zijn leven gemaakt.

Er is nu nog maar een gehavende groep leerlingen.

Hoe heeft het ooit zo ver kunnen komen?

Ze weten het allemaal ook niet meer.

Ze hebben het idee dat ze midden in een onwerkelijke droom zitten.

Als Jezus naar ze toekomt, bewijzen ze hem eer,

ook al twijfelen sommigen ook nog.

Die leerlingen, die er door Jezus op uit gestuurd worden, die twijfelen nog!

En vind je het gek?!

Hun hele wereldbeeld is op de kop gezet.

Langzaam begint een heel klein beetje

-ik gebruik maar voorzichtige woorden-

door te dringen wie Jezus is en wat het betekent om hem te volgen.

Ze zullen wel gedacht hebben:

wie zijn wij om mensen over Jezus te vertellen?

dia 11 – zulke mensen

Herken je het?

Dat je denkt: ‘moet ík aan anderen vertellen hoe het zit?

Ik snap zelf nog niet de helft van Jezus!

Wat moet ik nou over Jezus vertellen?

En wat als mensen nou eens vragen stellen waar ik ook het antwoord niet op weet?

Nee, laat dat maar over aan mensen die wat sterker staan!’

Juist zulke mensen stuurt Jezus op pad.

Geen mensen die op elke vraag het antwoord weten,

maar mensen met hun aarzelingen en twijfels.

Mensen die nog veel kunnen leren.

Ze worden zelfs zo genoemd: leerlingen.

Je kunt wel wachten tot je alles over God weet,

maar dan zul je nooit toekomen aan die opdracht van Jezus.

Ik zou zelfs willen zeggen: gelukkig niet.

Gelukkig kan ik God niet begrijpen, snap ik niets van hem!

En ik hoop dat God mij ervoor bewaart dat ik dat ooit nog ga denken.

Natuurlijk kan ik God niet begrijpen, hij is daarvoor veel te groot!

Als ik zou denken dat ik uitgeleerd ben, houdt ik een hele kleine God over…

Je hoeft niet alles te weten, je mag ook twijfelen.

Als leerling van Jezus heb je niet alle antwoorden,

maar ga je naar Jezus toe met je vragen.

Wees maar gewoon zo’n leerling.

Niet groot en sterk, maar klein en kwetsbaar.

3.Leerlingen maken leerlingen

dia 12 – leerlingen maken leerlingen

Zulke leerlingen kan Jezus gebruiken.

Mensen die denken: wie ben ik, om over Jezus te vertellen?

Mensen die op moeilijke vragen geen ander antwoord weten dan:

‘ik weet het ook niet, vraag het Jezus maar.’

Maar wel vast blijven houden aan Jezus.

dia 13 – TU

Toen ik nog theologie studeerde,

kreeg ik natuurlijk ook te maken met allerlei moeilijke vragen,

zoals bijvoorbeeld die vraag waarom Jezus zijn macht niet gewoon gebruikt

om een einde aan alle ellende in de wereld te maken.

In mijn studeerkamer heb ik allerlei boeken staan waar ik antwoorden kan zoeken.

Maar daar heb ik niet het meeste van geleerd.

Het meeste heb ik geleerd van professoren die zeiden dat ze het ook niet wisten.

Natuurlijk, ze konden best wat zinnige dingen zeggen,

maar hét antwoord, dat hadden ze niet.

Aan het einde van een college konden we dan bidden:

‘God, wij weten ook niet hoe het zit, maar we weten wel dat u onze God bent

en dat u veel groter bent dan wij kunnen bedenken.

Al onze vragen, we leggen ze bij u neer.’

Ik ben veel meer onder de indruk van mensen die,

hoe veel ze ook geleerd hebben,

eerlijk toegeven dat ze ook niet alles weten

en met hun vragen naar God toe gaan,

dan van mensen die alle antwoorden op een rijtje hebben.

dia 14 – onzekerheid

Waarom ik dit vertel:

je hoeft niet alles te weten om over Jezus te vertellen.

Het is juist heel krachtig als mensen aan je merken

dat je geen antwoord weet op hun vragen,

en er toch op vertrouwt dat God het antwoord wel heeft.

Maak dus maar leerlingen, hoe onzeker je ook bent.

Dat is ook de opdracht die Jezus hier meegeeft.

dia 15: de opdracht

Die opdracht van Jezus heeft drie delen.

De eerste is: maak alle volken tot mijn leerlingen.

Doe dat door mensen nieuwsgierig te maken naar Jezus.

Nodig mensen uit om naar Jezus op zoek te gaan,

zoals je ook zelf nog altijd op zoek bent.

Het tweede is: doop hen.

Door de doop ga je bij de groep van leerlingen horen.

De doop is dus niet voor mensen die op alles een antwoord weten.

Het is voor mensen die achter Jezus aan willen gaan

en hun vragen bij hem neer willen leggen.

En daar hoort dan ook het derde bij: onderwijs hen.

Jezus noemt het onderwijs dat hij zelf gegeven heeft,

en de leerlingen zullen ongetwijfeld hebben gedacht aan de bergrede:

woorden die Jezus uitsprak op dezelfde berg als waar ze nu staan.

Leerlingen van Jezus leren Jezus steeds meer kennen,

leren Jezus te volgen in alles in hun leven.

Dat leren ze ook gewoon van elkaar.

De elf leerlingen hebben zo leerlingen gemaakt.

Die nieuwe leerlingen op hun beurt, vertelden het ook weer verder,

en maakten zo ook weer leerlingen.

Dat is een geweldig principe: leerlingen maken leerlingen.

Die elf hoefden het niet allemaal zelf te doen.

Al snel waren er honderden die met hen meededen om leerlingen te maken.

Mensen die net tot geloof waren gekomen,

en iedereen om hen heen over Jezus vertelden.

Laten wij in dat spoor verder gaan.

4.Jezus is er zelf bij

dia 16 – Jezus is er zelf bij

Het is een hele opdracht.

En dan kan het wel waar zijn dat Jezus ons daar goed genoeg voor vindt,

maar daar wordt de opdracht nog niet gemakkelijker van.

Gelukkig sluit Jezus af met een bemoediging: ik ben met jullie, alle dagen.

Die opdracht kunnen we alleen maar omdat Jezus bij ons is.

Dat laat ook weer zien hoe bijzonder hemelvaart is.

Jezus neemt afscheid van zijn leerlingen,

maar niet zoals iemand die gaat sterven.

‘Ik ben met jullie’, zegt hij.

Dat kan hij alleen maar zeggen omdat hij leeft.

Jezus gaat een andere plek innemen, in de hemel,

maar hij blijft dezelfde Jezus.

En hij blijft bij iedereen die leerling van hem wil zijn.

dia 17 – anders onmogelijk

Zonder dat Jezus erbij is, zouden we nooit leerlingen kunnen maken.

Want Jezus heeft alle macht, niet ik.

Als het aan mij zou liggen, was ik die opdracht al lang weer vergeten.

Was ik zelfs Jezus al lang weer vergeten.

Als ik naar mijzelf kijk, dan maakt zo’n opdracht me bang:

anderen over Jezus vertellen, wat zullen ze wel niet van me denken?

En wat moet ik eigenlijk zeggen?

‘Maak je geen zorgen,’ zegt Jezus dan, ‘ik ben met je!’

En als Jezus er niet bij zou zijn,

dan konden we nog zo ons best doen om leerlingen te maken,

het zou nooit lukken.

Onze taak is om mensen over Jezus te vertellen.

Maar we kunnen geen mensen voor Jezus laten kiezen.

Als iemand voor Jezus kiest,

dan geloof ik dat Jezus zelf daar de hand in heeft gehad.

Want hij is met ons.

Laat dat je maar bemoedigen:

leerlingen maken, je hoeft het niet alleen te doen.

dia 18 – juist als je evangelie deelt

Die belofte van Jezus, die geldt juist als je het evangelie deelt.

Natuurlijk, Jezus is overal bij, hij is altijd met ons.

Maar dat is niet direct waar hij het hier over heeft.

Het gaat erom dat als je met zijn opdracht bezig bent,

je juist dan ook mag weten en ervaren dat je daarin niet alleen staat.

Ik zou zeggen: probeer het maar!

‘Ik ben met jullie, tot de voltooiing van deze wereld.’

Er komt een moment dat die opdracht klaar is.

Dat we niet langer leerlingen hoeven te maken.

Want hemelvaart is niet het einde: Jezus komt terug.

En dan wordt alles nieuw.

Amen.