Matteüs 2,13-23 – Wat een wreedheid! Maar Gods reddingsplan gaat door

Hans Burger
Hans Burger
26 december 2010

Matteüs 2,13-23 – Wat een wreedheid! Maar Gods reddingsplan gaat door

image_pdfimage_print

Tweede Kerstdag

 

Liturgie

Voorzang
- LB 135 – Hoor de englen zingen de eer
- LB 140 – Prijs de Heer die herders prijzen
Stil gebed
Votum
Zegengroet
Zingen: LB 26,1.2.4
Gebed
Schriftlezing: Matt 2,1-23
Zingen: Gez 85,1.3.4 – beurtzang
Preek over Matteüs 2,13-23
Zingen: Gez 86
KINDEREN
Projectlied vers 6 en refrein
Wet met Jeremia 31,31-34
Zingen LB 169,4.5.6
Muzikaal intermezzo – n.a.v. LB 141
Gebed
Collecte
Zingen – LB 134 – Eer zij God in onze dagen
Zegen

Opmerking:

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

  • Preek over Matteüs 2,13-23 – Wat een wreedheid! Maar Gods reddingsplan gaat door

1. Wat een verhaal hè? Moet dat nou, met kerst?

Dan kan ik zeggen: tja, het kerstproject ging er over. En dat heb ik gevolgd. Eerlijk gezegd, als het kerstproject er niet over gegaan zou zijn, had ik er niet met Kerst al over gepreekt..

En toch: die gruwelijke moordpartij zit meteen al in het kerstverhaal. De komst van de wijzen roept de slechtheid van Herodes wakker. Waarom zit er direct in het kerstverhaal al zo’n gruwelijke moordpartij?

Er gebeurt iets geweldig moois met Kerst. God wordt mens. Gods Zoon wordt geboren op aarde. God begint aan een prachtig verlossingsplan. Waarom dan meteen die wreedheid erover heen?

Het is toch gruwelijk – zo’n wrede koning? Herodes heeft meer moordpartijen op zijn geweten. Zonder pardon vermoordde hij een aantal van zijn eigen kinderen. En dan nu – om er maar zeker van te zijn dat je de goeie hebt kinderen vermoorden: je neemt een ruime marge, qua leeftijd, qua woonplaats – alle kinderen onder de twee jaar in Bethlehem en de dorpen eromheen dood. Of misschien uit wraak, als Herodes wist dat Jezus ontsnapt was; puur uit wraak kinderen doden. Wat een wreedheid…

Waar is dat goed voor?

Hoe kunnen mensen zich zo verzetten tegen God?

Zoiets moois als kerst, en dan tegelijk zo’n verschrikkelijke moordpartij…

Het doet me denken aan asielzoekers die Moslim waren en Christen worden. Dan denk je: mooi! Je mag via Jezus God leren kennen als een Vader! Dat gun je iedereen. Maar wat krijg je dan? In Nederlandse asielzoekerscentra worden ze mishandeld en bedreigd. Door medebewoners die Moslim zijn. Hier, in ons eigen land! Het is geen pretje om asielzoeker te zijn. Doordat ze christen worden, krijgen ze het alleen maar zwaarder.

En dat kan ook gebeuren bij een klasgenoot of een vriendin van je. Je hebt op school, of op je werk een vriendin. Je neemt haar mee naar Face 2 Face. En ze leert Jezus kennen. Je vindt het geweldig voor haar! Maar als ze er thuis mee komt? Haar ouders, haar broer reageren alleen met onbegrip. Met minachting zelfs. Je zou willen dat ze gestimuleerd wordt. Maar ouders en vrienden van vroeger maken het alleen maar moeilijk. Ze wordt gepest. Het valt haar zwaar.

Waarom? Waarom is er soms zo’n sterk verzet tegen Jezus, tegen God?

2. Het lijkt wel of God het hier zelf oproept.

God zorgt ervoor dat ze die ster zien. God zorgt ervoor dat ze naar Jeruzalem komen. Hij voorkomt niet dat de magiërs naar Herodes toegaan. Hij gaat pas ingrijpen via een engel nadat Herodes gevaarlijk begint te worden. Waarom heeft God niet gezorgd dat de magiërs niet bij Herodes op de stoep kwamen staan? Waarom kregen ze niet eerder een engel in een droom te zien? Dat had de levens van al die kinderen gespaard!

Weet je wat dat betekent had?

Dan had God Herodes bij voorbaat afgeschreven. Dan had Herodes geen kans gekregen.

Nu wordt hij voor de keus geplaatst.

Herodes, de koning van de Joden is geboren. Dat moet wel de beloofde koning zijn. De koning die goed voor het volk Israël zal zorgen! Zo staat het ook bij de profeten – er komt een goede leider die het volk Israel zal hoeden!

Herodes, wat doe je daar mee?

Ben je daar blij mee en ga je die koning aanbidden?

Of ga je bewust van de ene naar de andere leugen? Komt al jouw slechtheid naar buiten en keer je je tegen die koning?

God schrijft niemand af – jij bent te slecht. Jij bent gevaarlijk. Voor jou ben ik niet gekomen.

Waar Jezus komt, zet God je voor de keus: wat doe jij met Jezus? Ga jij hem eer bewijzen zoals de magiërs?

Of reageer je zoals Herodes?

God neemt jou en mij serieus. Hij geeft ons een kans. Laat maar zichtbaar worden: Wie ben jij? Wat wil jij met Jezus?

Het kan zijn dat God daarmee agressie en wreedheid wakker roept.

Maar dat is niet Gods schuld!

God geeft een koning die vrede op aarde komt brengen.

Wil jij dat niet, zoals Herodes? Verzet je je?

Voor die reactie ben jij zelf verantwoordelijk. En Herodes is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen reactie

En niet God.

Daarom staat er ook niet dat deze verschrikkelijke dingen gebeuren omdat God het wil. Omdat God wil dat er een profetie in vervulling gaat.

Dat staat in het Grieks wel in vers 15, en in vers 23. In de NBG-51 vertaling kun je dat goed zien. ‘Dit gebeurde opdat vervuld zou worden’. God had hier een bedoeling mee, dit moest gebeuren.

Bij de kindermoord in vers 17 staat in het Grieks iets anders. Er staat alleen ‘Toen werd vervuld’. Daarin proef je: je kunt niet zomaar zeggen: God wil dit. God zit hierachter. Bij vers 15 en 23 kun je zeggen: Dit gebeurde omdat het moest. Hier niet. Dit moest niet van God, al kreeg toen het gebeurde een profetie wel een diepere vervulling…

3. Dit verzet tegen de geboorte van Jezus, waar komt het vandaan?

Als je kijkt in Openbaringen 12, dan zie je de diepere laag achter dit verhaal. In Herodes proef je de macht van een grote vuurrode draak, met zeven koppen en tien horens. Deze draak staat klaar om het kind dat geboren wordt te verslinden. De duivelse macht van verzet tegen God.

Lieve mensen, vergeet dat niet: er is een geestelijke strijd aan de gang. Een gevecht tussen God en zijn grote tegenstander, de duivel. De geboorte van Jezus betekent dat die geestelijke strijd in een nieuwe fase komt. Nu wordt het spannend. Nu komt het erop aan. Wie gaat winnen: God of de duivel?

Het verhaal van Kerst is geen romantische zwijmelfilm. Het Kerstverhaal is eerder het begin van een bloedstollende oorlogsfilm – en dan echt gebeurd. Dit gevecht tussen God en de draak is echt. Daarom is het goed dat we ons dat realiseren op het kerstfeest zelf. Vanaf het begin is de duivel er bij om Jezus te doden. In Herodes vindt hij een bruikbaar middel om dat te doen.

Zonder mensen die doen wat hij wil, kan de duivel niks beginnen. Hij is afhankelijk van mensen zoals Herodes.

Wat doet God nu?

Hij grijpt in.

Hij haalt Jezus bij Herodes vandaan.

Jozef krijgt een droom. Hij ziet een engel. Die engel geeft een heel duidelijke waarschuwing: ‘Snel Jozef, naar Egypte met je kind en je vrouw. Herodes wil het kind doden!’

Midden in de nacht pakken ze al hun spullen bij elkaar. Het goud, de wierook en de mirre gaan natuurlijk mee. Die komen nu goed van pas. Reizen kost geld, en wat moeten ze straks in Egypte?

Nog diezelfde nacht trekken ze de deur achter zich dicht en verdwijnen ze in het donker. Richting Egypte. De weg terug naar het land waar Gods volk lang geleden uit bevrijd was, in de tijd van Mozes. Terug door de woestijn. Terug naar het land van de slavernij. Alsof Gods geschiedenis met Israel wordt teruggedraaid.

Jezus is terug in Egypte. Daar heeft die draak, Gods tegenstander, geen mensen die Jezus zullen kunnen doden. Daar is Jezus voorlopig veilig.

God redt zijn kind. Hij zorgt ervoor dat Jezus veilig is. Ondanks de wreedheid van Herodes, ondanks het felle verzet van de grote draak, van satan. God is zijn tegenstander te vlug af. Als Herodes’ soldaten komen om Jezus te zoeken, is de vogel gevlogen. De redder van straks leeft! Het reddingsplan van God gaat door! Eer aan God!

4. Ondertussen blijft het wel verschrikkelijk.

Jezus mag dan veilig zijn, Herodes moord er op los als een razende.

Het mag dan waar zijn dat dit niet gebeurt omdat de profetie in vervulling moet gaan, het gebeurt wel.

Maar ook in verschrikkelijke dagen is de Bijbel een belangrijk boek. Zelfs verschrikkelijke dingen zijn in de Bijbel terug te vinden. Ook ons verdriet.

De Bijbel weet er van. Want God weet ervan. Jeremia profeteerde over het verdriet van moeders, toen hun kinderen gedeporteerd werden, in ballingschap.

In Rama hoort men klagen, bitter treuren.

Rachel beweent haar zonen,

zij wil niet worden getroost.

Haar kinderen zijn er niet meer.

Matteüs herkent die bittere pijn.

Onze pijn en ons verdriet zijn terug te vinden in Gods woord.

Realiseer je je dat?

De Bijbel is niet alleen een boek voor mooie feestelijke momenten. Ook in momenten van pijn is God er met zijn woord. Hij weet van ons verdriet. Hij verzamelt onze tranen in zijn kruik.

En weet je wat dan zo mooi is? Als je de Bijbel kent, dan valt het je op: hé, dat staat in Jeremia 31. Dat is een heel mooi hoofdstuk! En je pakt het er nog eens bij – zoek het maar eens op. In dat hele hoofdstuk staat maar één vers waar het gaat over verdriet. Vers 15. De rest van Jeremia 31 gaat juist over een geweldige toekomst.

Nu zijn er nog tranen. Alleen, dan gaat het verder, vers 16-17:

Maar dit zegt de Heer:

Huil niet langer, droog je tranen.

Je zorg voor hen wordt nu beloond

– spreekt de HEER.

Ze keren terug uit het land van de vijand.

Je hebt een hoopvolle toekomst,

je kinderen keren naar hun eigen land terug

– spreekt de HEER.

De tranen van Bethlehem worden de voorbode van een hoopvolle boodschap. Er komt een nieuw verbond! Feest. Lekker eten. Water in overvloed. Verlossing. Juichen. Dansen. Liefde. Vergeving. Zegen. Gods wet geschreven in de harten van mensen. Iedereen kent God! Wow!

Die kleine Jezus is de man die later zal zeggen:

Drink allen hieruit, dit is mijn bloed, het bloed van het nieuwe verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden

Omdat God zijn kind redt, komt er eens een eind aan alle verdriet. Dankzij dat nieuwe verbond uit Jeremia 31.

Stel je voor: jouw tranen, jouw pijn, jouw rouw.

Omdat je iemand verloren hebt. Kinderen, een partner, vrienden, broers en zussen.

Om wat je hebt meegemaakt.

Dingen misschien wel zo erg dat je niet meer getroost wilt worden.

Jezus gaat ervoor zorgen dat alle verdriet verdwijnt. Door Jezus zal God onze tranen drogen!

5. Ja, Jezus gaat daar voor zorgen. Ook al is Hij nu in Egypte.

Juist omdat Hij in Egypte is.

Jezus, de Jood Jezus, Hij gaat opnieuw doen wat Israël moest doen. Via Israël wilde God de wereld zegenen. Het is niks geworden – ze eindigden in de ballingschap.

Matteüs laat zien dat Jezus het echte Israel is. Het verhaal van Israël wordt teruggedraaid naar het begin, tot in Egypte. En daar begint God met Jezus opnieuw. Zoals het volk Israël uit Egypte geroepen werd, zo wordt Gods Zoon nu uit Egypte geroepen. Kijk in vers 15. De uittocht uit Egypte herhaalt zich.

En daarna gaat het verder: Jezus gaat door de Jordaan naar het beloofde land, Matt 3. Hij is veertig dagen in de woestijn, zoals het volk 40 jaar in de woestijn was, Matt 4. Hij geeft Israël een nieuwe wet vanaf de berg, net als Mozes, Matt 5-7.

Wonderlijk toch?

Het felle verzet van de draak, de wrede Herodes met zijn kindermoord, God benut zelfs die slechtheid en geeft er een draai aan, ten goede.

Zoals Jozef door zijn eigen arrogantie in Egypte belandde, en door zijn wrede broers. Zoals Jacobs familie door de hongersnood in Egypte kwamen. Gered door God.

Zo komt Jezus door de wrede Herodes in Egypte. Gered door God.

En dat wordt dan het begin van onze redding. Want waar Israël de fout in ging, daar blijft Jezus overeind. En zo gaat het nu echt gebeuren: de zegen van Abraham komt via Abrahams zaad bij alle volken! Jezus’ leven betekent ook de redding van mensen in Friesland. Van jou, van mij. Eindelijk is er redding voor mensen van over de hele wereld! Eindelijk is er zegen van God – ook voor ons!

Gods reddingsplan gaat door. De wreedheid van Herodes neemt Hij daarin mee. Wat is Gods wijsheid toch ondoorgrondelijk groot!

God wordt in zijn Zoon een kleine zwakke baby.

Geen partij voor de draak, zou je zeggen.

Dat moet wel mis gaan.

Binnen no time zal de draak die kleine Jezus verslinden.

Maar het gaat anders: de draak moet meewerken aan Gods plan.

Zelfs de intense slechtheid van de draak brengt God niet van de wijs.

God redt zijn Zoon.

En in het klein, in het verborgen, in een uithoek in Galilea groeit een man op.

De man uit Nazareth, een Nazoreeër.

Gods zwakte is sterker dan de kracht van Satan en zijn trawanten.

God redt zijn kind – om jou en mij te redden!

Geef je gewonnen aan die onopvallende Jezus – Hij geeft echte vrijheid.

Laten we naar Bethlehem trekken, naar die koning, om Hem te loven!