Marcus 11:7-9 | Jezus is de nederige koning

Mark Veurink
Mark Veurink
20 maart 2016

Marcus 11:7-9 | Jezus is de nederige koning

image_pdfimage_print

Is geloven voor zwakkelingen? Je zou het wel denken als je Jezus ziet… Zijn intocht in Jeruzalem ziet er vanaf een afstandje weinig indrukwekkend uit. Maar Jezus presenteert zich bewust als nederige koning. En juist daarin zit zijn enorme, wereld-veranderende, kracht.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: LvK Lied 173 : 1, 3 en 5
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 24 : 1, 4 en 5
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Marcus 11 : 1 – 11
Zingen: LvK Lied 42 : 1, 2 en 3
Preek over Marcus 11 : 7 – 9
Luisterlied: ‘Via Dolorosa’ (Sela)
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: GKB Gezang 91
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 118 : 8 en 9
Zegen

Jezus is de nederige koning

Inleiding
dia 1 – intocht
Het gaat vanochtend over een intocht.
Dat is best iets bijzonders.
Een intocht wordt georganiseerd voor belangrijke mensen.
Sinterklaas krijgt een intocht.
Gewone mensen, zoals jij en ik, niet.

dia 2 – Obama
Twee jaar geleden was deze man in Nederland: Barack Obama.
Over belangrijke mensen gesproken!
Zijn aankomst en ontvangst in Nederland was tot in de puntjes voorbereid.
Voor een Amerikaanse president trek je alles uit de kast.
Dat begint al met zijn reis naar Nederland.
Natuurlijk vliegt Obama niet economy-class met TUI-fly:
hij heeft zijn eigen vliegtuig, de Air Force One,
wat vooral een vliegend luxe kantoor is.

dia 3 – nachtwacht
En dan is het nog maar net begonnen.
Op Schiphol aangekomen staat het volgende vervoersmiddel al klaar:
de presidentiële helikopter.
Je kunt zo’n man natuurlijk niet met de trein naar Amsterdam vervoeren.
De helikopter brengt hem naar het Museumplein,
vlak bij de bestemming van de echte ontvangst: het Rijksmuseum.
Maar je moet niet denken die honderd meter zich lenen voor een wandelingetje.
Want Obama’s dienstauto staat al op hem te wachten,
geen auto van de Nederlandse regering,
maar zijn eigen gepantserde Cadillac, bijgenaamd ‘the Beast’,
speciaal voor de gelegenheid overgekomen uit de VS.
Op naar het Rijksmuseum.
Daar staat premier Rutte al te wachten, samen met de trotse museumdirecteur,
vereerd dat de Amerikaanse president ons land aandoet.
Dát is nog eens een intocht.

dia 4 – stoepkrijt
Maar stel je voor dat het heel anders was gegaan.
Dat Obama met een gewone lijnvlucht naar Nederland was gevlogen,
op Schiphol gewoon via de aankomsthal naar buiten was gekomen,
en slechts opgewacht zou worden door een stel verdwaalde Amerikaanse toeristen.
Dat ze vervolgens naar de autoverhuur zouden zijn gelopen,
en daar een Opel Corsa zouden hebben meegekregen,
om daarmee aan te sluiten in de file richting Amsterdam.
En dat eenmaal in Amsterdam met stoepkrijt de route voor Obama zou zijn uitgezet,
hij nog een kwartier moest lopen van de parkeerplaats naar het Rijksmuseum,
vergezeld van een inmiddels wat groter groepje Amerikanen
die proberen een erehaag voor hem te vormen.

dia 5 – Jezus is de nederige koning
Dat is natuurlijk ondenkbaar.
Een president verdient een presidentiële behandeling,
niet dit knullige improvisatiewerk.
Toch lijkt de komst van Jezus naar Jeruzalem
meer op die tweede versie.
Jezus wordt onthaald als een koning,
maar het is allemaal nogal knullig en amateuristisch.
Maar Jezus kiest er bewust voor: hij is de nederige koning.

1. Een vreemde vertoning
dia 6 – een vreemde vertoning
Jezus en zijn gevolg naderen Jeruzalem.
Het allerlaatste stukje, van Betanië naar Jeruzalem,
wordt Jezus begeleid door een juichende menigte.
Maar als je even van een afstandje kijkt, is het maar een vreemde vertoning.
Niet iets om diep van onder de indruk te zijn.

dia 7 – Jeruzalem: hier gebeurt het
Laten we het eens bekijken vanuit de bewoners van Jeruzalem.
Jeruzalem is voor Israël wat de Randstad voor Nederland is: hier gebeurt het.
Hier zijn de machtige mensen.
Jeruzalem is de stad van de tempel,
maar ook van het paleis van koning Herodes
en de standplaats van de Romeinse stadhouder Pontius Pilatus.
Al die hoge mensen moesten natuurlijk beschermd worden,
dus waren ook heel wat soldaten in Jeruzalem gestationeerd.

En nu is Jezus op weg naar Jeruzalem.
Het is niet zijn eerste bezoek aan deze stad,
maar deze keer is anders.
Jezus komt niet naar Jeruzalem voor een jaarlijks bezoek aan de tempel,
nu komt Jezus naar Jeruzalem om zijn taak uit te voeren.
Jezus is op weg Gods koninkrijk te brengen.
Daarom die koninklijke intocht.

dia 8 – intocht is niet indrukwekkend
De bewoners van Jeruzalem zijn wel wat gewend.
Ze hebben heel wat machtige mensen in hun stad verwelkomd.
Ze weten hoe je dat aanpakt.
En dat is dus niet zoals Jezus nu komt aangereden.
Dat is eerder lachwekkend dan indrukwekkend.

Neem nou Jezus’ vervoer.
Geen dikke Cadillac, ook geen gehuurde Opel Corsa,
maar een wankelend ezeltje.
Zelfs een zadel kon er nog niet vanaf.
Een echte koning zet zich niet zo voor schut.
Een koning hoort in een strijdwagen te rijden,
getrokken door de best getrainde paarden van het land.
Of neem die stoet om Jezus heen.
Ze zingen en juichen, ze leggen de rode loper voor Jezus uit,
maar het is en blijft een stel armoedzaaiers.
In Johannes’ versie van het verhaal wordt verteld wie Jezus onthalen.
Het zijn niet de inwoners van Jeruzalem,
maar pelgrims die in de stad zijn voor het Pesachfeest.
Mensen uit de provincies, onder andere uit Galilea waar Jezus gewoond had.
In Jeruzalem werd een beetje op hen neergekeken.
Een beetje koning laat zich omringen door de elitetroepen van zijn leger.
Dit lijkt er in de verste verte niet op.

Vanuit Betanië komt Jezus steeds dichter bij Jeruzalem.
Eenmaal aangekomen is het ook snel afgelopen met het eerbetoon.
Over wat er in Jeruzalem zelf gebeurt, schrijft Marcus bijna niets.
Jezus gaat naar de tempel, neemt alles in zich op…
…en vertrekt weer!
Geen hotel voor deze koning, niemand die hem een slaapplaats aanbiedt,
Jezus blaast de aftocht naar Betanië.

Het is het gewoon allemaal net niet.
Jezus en zijn gevolg worden meewarig aangekeken:
moeten we hier van onder de indruk zijn?
Het lijkt meer op ‘intochtje spelen’ dan op een serieus onthaal.
Een stel malloten die de boel bij elkaar improviseert,
maar niet echt imponerend.

dia 9 – wat heb je bij Jezus te zoeken?
Ach, zoveel is er niet veranderd.
Vraag een gemiddelde Nederlander naar Jezus,
en hij haalt z’n schouders er over op.
En de kerk heeft ook wel betere tijden gekend.
Vroeger was de kerk nog imponerend,
je ziet in echt oude kerkgebouwen nog terug.
De kerk was factor om serieus rekening mee te houden.
Maar wat stelt het nu nog voor?
Wat bezielt mensen, wat bezielt jou, om die kerk vast te houden?
Wat heb je in de moderne wereld nog in een kerk te zoeken?
Is de kerk niet voor zwakkelingen,
die naar de kerk vluchten als laatste houvast?
Het is een vreemde vertoning!

2. Jezus is de nederige koning
dia 10 – Jezus is de nederige koning
Tenminste, als je het vanuit Jeruzalem bekijkt.
Vanuit de ogen van Jezus ziet het er allemaal heel anders uit.
Voor Jezus is het geen vreemde vertoning: Jezus demonstreert wie hij is.
Heel bewust maakt hij zich op deze manier kenbaar als de nederige koning.

dia 11 – Jezus zelf neemt het initiatief
Je zou kunnen denken: ‘arme Jezus…
Je zult maar zo’n stel malloten om je heen hebben!’
Maar die hele zegetocht van Betanië naar Jeruzalem
is niet iets waar Jezus tegen wil en dank in wordt meegesleurd.
Het is Jezus zelf die de eerste stap heeft gezet, het gebeurt op zijn initiatief.
Het lijkt misschien een vreemde vertoning,
maar voor Jezus zelf is het heel belangrijk!

Niet de leerlingen komen met het idee om een ezel te gebruiken:
Jezus zelf geeft opdracht het dier te vorderen.
Ook al zoiets koninklijks trouwens: vorderen.
Jezus zoekt geen vrijwilliger die hem een ezeltje wil uitlenen,
hij zegt gewoon: ‘ik neem je ezel mee’.
Overigens was Jezus in Betanië en omgeving geen onbekende:
hij had er vrienden wonen.
Eén van hen, Lazarus, had hij zelfs uit de dood opgewekt.
Jezus heeft dus wel wat goodwill opgebouwd,
Het zal dus ook niet al te grote problemen hebben gegeven
dat Jezus nu het ezeltje vordert.
Hoe dan ook: die hele optocht naar Jeruzalem is het idee van Jezus zelf.

dia 12 – Jezus is geen gewone koning
Jezus wil een boodschap afgeven, een statement maken.
Dat ezeltje is niet zomaar een ongelukkig gekozen dier.
Het ezeltje komt uit het Oude Testament, uit een profetie van Zacharias, hoofdstuk 9,
waar we net een berijming van hebben gezongen.
“Jeruzalem, schreeuw het uit van vreugde!
Je koning is in aantocht, bekleed met gerechtigheid en zege.
Nederig komt hij aanrijden op een ezel. (…)
Hij zal vrede stichten tussen de volken.
Zijn heerschappij strekt zich uit van zee tot zee,
van de Rivier tot de einden der aarde.”
Jezus is een koning, en wat voor een!
Hij heeft alle macht en brengt overal vrede.
Maar hij is geen gewone koning.
Dat maakt die ezel duidelijk.
Jezus komt als een ongewapende koning Jeruzalem binnen,
hij wordt niet vergezeld door een leger soldaten.
Hij is anders: geen koning van machtsvertoon, maar een nederige koning.
Dát wil Jezus duidelijk maken.

Daarin lijkt Jezus op zijn verre voorvader David,
die eens met de beresterke Goliath vocht.
Goliath vertrouwt op zijn kracht en wapens.
Maar dan zegt David, in 1 Samuël 17:
‘Jij daagt me uit met je zwaard en je lans en je kromzwaard,
maar ik daag jou uit in de naam van de Heer van de hemelse machten.’
Zo komt Jezus Jeruzalem in: niet met wapens, maar in de naam van de Heer.

dia 13 – op weg naar de overwinning
Dat wordt ook gezongen:
‘Hosanna! Gezegend hij die komt in de naam van de Heer.’
Woorden uit Psalm 118, waar we straks de dienst mee afsluiten.
Nee, de mensen die het Jezus toeroepen begrijpen het nog niet.
Ook zij zouden het ezeltje graag door een fatsoenlijk paard vervangen.
Ze dromen van de overwinning van Jezus.
Dat de overwinning van Jezus heel anders zal zijn,
dat Jezus juist aan het kruis zijn overwinning behaalt,
dat is nu nog niet aan hen besteed.
Maar ze staan er mooi wel, op weg naar de strijd die Jezus zal voeren.
Op die weg mag het feest zijn.

3. Is geloven soft?
dia 14 – is geloven soft?
Een nederige koning.
Zit je daar op te wachten?
Klopt het dan toch: is geloven voor zwakkelingen?
Is de kerk maar soft gedoe?
Voor mensen die de hardheid van de wereld niet aankunnen?

Soms lees ik ergens dat de kerk een vrouwenkerk is geworden.
Nederigheid, liefde, dienstbaarheid, maar ook zelfwaardering,
dat zouden woorden zijn waar vrouwen zich makkelijker bij voelen dan mannen.
Mannen zijn stoerder aangelegd,
hoeven niet zo nodig steeds over hun gevoelens te praten
maar willen wel graag zichzelf bewijzen.
dia 15 – classis
Ik geloof er trouwens niets van:
deze foto, van de hand van mijn collega Maarten Boersema, zegt genoeg.
Afgelopen donderdag was ik op een classisvergadering,
een vergadering van de kerken uit de regio,
en ik heb er geen vrouw gezien.
Hoezo vrouwenkerk?

dia 16 – de kerk is anders dan de wereld
Die tegenstellingen tussen man en vrouw,
die neem ik ook altijd maar met een flinke korrel zout.
Maar dan blijft nog steeds staan: is geloven niet soft?
Jezus is niet imponerend, niet stoer,
hij komt juist nederig aanrijden, op een ezeltje.
Maar de mensen die er echt toe doen, kijken hem schouderophalend aan.

Het klopt in ieder geval dat geloven vreemd is.
In de kerk zijn andere dingen belangrijk dan in de wereld.
De kerk hoeft niet zo nodig te imponeren.
Mensen waar de wereld niet naar omkijkt
worden als het goed is in de kerk wel gezien.
De kerk is anders: minder dikdoenerij, minder opgejaagd.

dia 17 – Jezus is niet soft: hij vecht voor vrede
Maar dat wil nog niet zeggen dat de kerk voor zwakkelingen is!
Want Jezus is niet alleen nederig, hij is ook een koning.
Een koning die een zwaar gevecht voert.
Nee, geen strijd tussen twee legers van soldaten,
maar een nog veel heftigere strijd.
Jezus vecht tegen het kwaad, het kwaad in eigen persoon, de duivel.
Zijn nederigheid maakt hem juist zo sterk.
Het kruis van Jezus, wat zo’n teleurstelling lijkt, is zijn overwinning op het kwaad!
Jezus is geen softie die maar gewoon over zich heen laat lopen,
iemand die niet weet hoe hij zichzelf moet verdedigen:
Jezus vecht, met alles wat hij heeft, om ons vrede te geven.
Geen vrede die door wapens is afgedwongen, want dat werkt niet.
Wapens kunnen misschien rust terugbrengen,
maar wapens kunnen nooit de haat verslaan.
Jezus pakt het probleem van deze wereld bij de wortel aan: het kwaad in ons.

4. Jezus jouw koning?
dia 18 – Jezus jouw koning?
De vraag is: hoe kijk je?
Kijk je met de ogen van de inwoners van Jeruzalem?
Zie je een wereldvreemde man op een zielig ezeltje?
Of kijk je met de ogen van hen die Jezus begeleiden op zijn weg naar Jeruzalem?
Juich je ‘Hosanna’ omdat Jezus de overwinnaar is?
Is Jezus jouw koning?

dia 19 – kijk verder dan de buitenkant
Dan moet je verder kijken dan de buitenkant.
Op het eerste gezicht stelt Jezus niet zoveel voor
en is de kerk niet direct een verrijking van je leven.
In onze wereld gaan we graag om met mensen die goed zijn voor ons imago.
Het doet het gewoon beter als je bevriend bent met de burgemeester
dan als je bevriend bent met iemand wiens leven mislukt is.
Maar in de kerk heb je het niet voor het uitkiezen.
Jezus wordt niet naar Jeruzalem begeleid door de top van Jeruzalemse bevolking,
maar door een menigte die in Jeruzalem niet serieus wordt genomen.
Wil je bij die menigte horen?
Tussen mensen die je niet direct zou uitkiezen?
Tussen die andere vreemde vogels die ook iets in Jezus zien,
in plaats van tussen de mensen die jouw imago opkrikken?

Dan moet je verder kijken dan de buitenkant.
Anders kijken naar jezelf.
Want als je jezelf ziet als iemand die geslaagd en sterk is,
dat je toch maar mooi tevreden met jezelf kunt zijn
helemaal als je kijkt naar wat anderen van het leven bakken,
dan is het heel moeilijk om voor die koning op z’n ezeltje te juichen.
Maar die koning rijdt op dat ezeltje voor jou!
Hij is gekomen om jou te dienen, om jou te bevrijden van het kwaad,
om jou lief te hebben.
Ik kan hem wel een softe koning vinden,
maar ik heb zijn nederigheid nodig.
Ik ben niet zo geweldig,
en het is een wonder dat Jezus door mensen als mij geëerd wil worden.
Dat hij die menigte met hun jassen en palmtakken en hosanna’s
niet wegstuurt omdat het niet past bij zijn grootheid,
maar zich door hen laat eren.

dia 20 – volg de nederige koning
Waarom zou je deze koning volgen?
Als je de wereld wilt imponeren, dan moet je niet bij Jezus zijn.
Als mensen erachter komen dat je christen bent,
kunnen ze je vreemd aankijken:
‘ben jij christen? dat had ik nooit achter je gezocht!
Maar je bent best leuk!’
Je hoeft niet te geloven voor status, voor aanzien.
Er is een tijd geweest dat de kerk echt belangrijk was,
maar die tijd is voorbij: we hebben een plekje aan de rand gekregen.
De kerk bepaalt niet hoe het in Nederland gaat.
En dat lijkt mij een zegen!
Want zo kunnen we onze koning volgen:
in nederigheid zijn koninkrijk, zijn overwinning, laten zien.
Door nederig te zijn, door aandacht te hebben voor mensen,
door te dienen en te delen.
Voor het oog van de wereld stelt het misschien niet zo veel voor,
is het knullig en amateuristisch.

dia 21 – zijn kracht verandert de wereld
Maar achter die koning die zo gewoontjes lijkt
zit een kracht die de wereld verandert,
een kracht waar niets tegen opgewassen is.
Hij is geen zwakkeling: zijn kruis werd een troon.
Daarom juich ik:
‘Hosanna, gezegend hij die komt in de naam van de Heer.’
Doe je ook mee?
Amen.