Lucas 24:5b – Jezus, hij is niet bij de doden!

Mark Veurink
Mark Veurink
5 april 2015

Lucas 24:5b – Jezus, hij is niet bij de doden!

image_pdfimage_print

Jezus leeft, maar waar moet je hem zoeken? In ieder geval niet bij de doden. Hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag en zoekt je! Dat verandert je kijk op het hele leven.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: Opwekking 488 en Opwekking 614
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: GKB Gezang 95 : 1, 2 en 4
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Lucas 24 : 1 – 12
Zingen: Psalm 21 : 3 en 7
Preek over Lucas 24 : 5b
Zingen: Sela – ‘Juicht / Hij is verheerlijkt’ (combinatie Opwekking 174 en 349)
Kinderen terug
Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 11
Zingen: LvK Lied 217 : 3 en 4
Belijdenis
Onderwijs belijdenis
Getuigenis Klasina
Zingen: GKB Gezang 160 : 1 en 2
Belijdenisvragen en zegenbede
Oproep aan gemeente
Zingen: Opwekking 710
Felicitaties
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 99 : 1 en 4
Zegen
Zingen: GKB Gezang 99 : 1 en 2

Jezus, hij is niet bij de doden!

Inleiding
dia 1 – zwart
‘Waarom zoeken jullie de levende onder de doden?’
De engelen stellen deze vraag met verbazing.
Vandaag is de grote dag, Jezus leeft!
Maar over een feest lezen we niets, wel over ongeloof.
Hoe kan dat?!

dia 2 – WIDM
Nou, ik weet wel een antwoord…
Het is maar één woord: ‘kokervisie’.
Wat dat is, kan ik het beste uitleggen met een voorbeeld:
het tv-programma ‘Wie is de Mol’?
Tien bekende Nederlanders gaan samen naar een ver land.
Met groepsopdrachten verdienen ze geld voor de pot.
Er is één probleem:
een van de deelnemers wil juist dat er zo weinig mogelijk in die pot komt.
Dat is de mol.
De mol saboteert, verdraait en verduistert.
Aan de deelnemers de taak de mol te ontmaskeren.
Alles draait om die ene vraag: ‘wie is de mol?’

dia 3 – detective
Thuis op de bank wordt je er in meegezogen.
Kun jij ontdekken wie de boel bedriegt?
Als een ware speurneus komt alles onder een vergrootglas.
‘Hij is wel erg stil, heeft hij iets te verbergen?’
‘Maar zij treed juist steeds op de voorgrond,
dat kan natuurlijk ook een manier zijn om de aandacht af te leiden…’
‘Is ze echt zo naïef, of speelt ze het maar?’
En dat de portofoon het weer eens niet doet,
dat is een wel heel doorzichtige mollenstreek.

dia 4 – kokervisie
Na een paar afleveringen wordt het steeds duidelijker:
jij weet wie de mol is!
Vanaf dan wordt het alleen nog maar bevestigd.
Als jouw mol niets uithaalt,
dan is dat natuurlijk omdat hij voorzichtig moet zijn.
Als jouw mol verantwoordelijk is voor het mislukken van een opdracht,
dan is dat logisch: hij is de mol.
Dat is precies wat kokervisie is:
jij weet hoe het zit, en alles wat er gebeurt, pas je in dat plaatje in.

Tot in de laatste aflevering blijkt dat jij er helemaal naast zat.
Tenminste, zo gaat dat bij mij altijd…
Alle verborgen hints heb ik gemist,
en de dingen waarvan ik dacht dat het hints waren,
bleken het helemaal niet te zijn.
De echte mollenacties zijn precies in beeld gebracht,
maar ik heb het gewoon niet gezien.
Achteraf blijkt alles anders.

dia 5 – Jezus, hij is niet bij de doden!
Kokervisie: je denkt dat het snapt.
Dat is wat er in Jeruzalem aan de hand is, die eerste paasdag.
De mensen dachten dat ze Jezus snapten.
Maar ze hebben het helemaal mis,
want Jezus, hij is niet bij de doden.

1. Jezus bij de doden zoeken
dia 6 – Jezus bij de doden zoeken
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’, vragen de engelen.
Voor de vrouwen bij het graf is dat helemaal geen vraag:
Jezus is dood, waar zouden ze hem anders moeten zoeken?
Natuurlijk zoek je Jezus bij de doden!

dia 7 – alleen de herinnering blijft bestaan
Daarom zijn ze daar, die ochtend.
Vrijdag hadden ze in alle haast Jezus begraven.
Er was geen tijd voor afscheid en verdriet.
Nu, op de vroege zondagochtend, willen ze dat inhalen.
Willen ze Jezus de laatste eer bewijzen,
door zijn lichaam met olie te verzorgen.
Willen ze voor de laatste keer zitten aan zijn voeten,
en kijken naar die man die hun levens veranderd heeft.
Willen ze huilen omdat het nooit meer hetzelfde zal zijn.
Alleen de herinnering aan Jezus zal voortleven.
En waar kun je die herinneringen beter zoeken dan hier,
in het graf, Jezus’ laatste rustplaats?

Wij kennen het vervolg van het verhaal:
Jezus is niet dood, hij leeft.
Jezus heeft zelfs verteld dat het zo zou gaan,
bijvoorbeeld in Lucas 9: ‘maar op de derde dag zal hij uit de dood worden opgewekt.’
Ze hadden het dus kunnen weten!
Geloofden ze Jezus soms niet?

dia 8 – opstanding past niet in het systeem
Probeer je even in die vrouwen in te leven.
Zo gek is het niet dat ze denken dat Jezus dood is.
Zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar:
dode mensen worden niet weer levend.
De dood is definitief.
Alleen Jezus kon er een einde aan maken,
maar ja, die is nu dood…
Dat Jezus zou opstaan uit de dood, dat paste gewoon niet in hun systeem.
Trouwens, ook niet in ons systeem.

dia 9 – televisie
Als je 500 jaar terug in de tijd zou kunnen gaan,
en dan de mensen daar zou moeten uitleggen wat een televisie is,
dan zouden ze je ook nooit gaan begrijpen.
Een schilderij dat steeds verandert en waar ook nog geluid uit komt…
Dat bestaat gewoon niet!
Hoe vaak je daar ook zou vertellen over een televisie,
de mensen zouden het toch nooit begrijpen.

dia 10 = dia 8
Zo is het met de opstanding van Jezus ook.
Hij heeft het er van tevoren wel over gehad,
maar de mensen konden het niet begrijpen.
Het past gewoon niet bij de wereld die zij kennen.
Dit is nieuw, dit is totaal anders.
Geen wonder dat ze Jezus bij de doden zoeken.
En natuurlijk reageren de andere leerlingen sceptisch
als de vrouwen hen proberen aan te praten dat Jezus leeft.
Dat kan gewoon niet!
Die vrouwen hebben slecht geslapen,
ze zijn emotioneel helemaal op, die kun je niet geloven.
Jezus is gewoon dood, punt.

dia 11 – wie Jezus was in plaats van wie Jezus is
Natuurlijk zoeken ze Jezus bij de doden!
En vandaag kunnen wij ook zomaar in die valkuil stappen.
Door te zoeken naar herinneringen aan Jezus,
in plaats van Jezus vandaag als de levende te ontmoeten.
Je leert Jezus niet kennen als je alles over hem leest.
Je leert Jezus niet kennen als je naar Israël gaat en daar zijn graf bezoekt.
Je leert Jezus niet kennen als hij in de geschiedenisboekjes blijft,
en alleen maar in de herinnering voortleeft.
Jezus bij de doden zoeken,
het is veel weten over wie Jezus was maar niets over wie hij vandaag voor je is,
het is veel studie doen naar Jezus, maar niet of nauwelijks in gebed met hem omgaan.

2. Jezus is niet bij de doden!
dia 12 – Jezus is niet bij de doden!
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Ook al is het volstrekt logisch om Jezus daar te zoeken,
toch stellen de engelen deze vraag.
En voor hen is het geen flauwe vraag:
ze verbazen zich er oprecht over waarom die vrouwen nog bij het graf komen.
Want Jezus had het gezegd, dat hij zou opstaan.
Ja, ze hadden het kunnen weten,
als ze echt naar Jezus hadden geluisterd,
en hun zicht niet vertroebeld was door hun eigen kokervisies.
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Het is geen vraag maar een boodschap:
Jezus is niet bij de doden!

dia 13 – alles blijkt anders
Langzaam dringt het bij de vrouwen door.
Als de engelen doorpraten,
Jezus’ eigen woorden in herinnering brengen,
komt het bij de vrouwen binnen.
‘O, wacht, ja, ja, het klopt, het klopt!’
Bij Petrus gaat het al net zo.
Terwijl de andere leerlingen nog denken
dat de vrouwen emotioneel ontoerekeningsvatbaar zijn,
haakt het bij Petrus.
Hier is iets aan de hand, en hij wil weten wat!

Het doet mij denken aan de verrassende ontknoping van een spannend boek.
Dat alle radertjes in je hoofd als een gek gaan draaien,
dat je het niet snapt, dat je honderden vragen hebt,
en dat langzaam het plaatje duidelijk wordt.
Dat alles anders is dan je dacht,
en dat als je het boek opnieuw zou lezen,
je opeens allemaal dingen leest die je eerder gewoon over het hoofd had gezien.

Zoiets gebeurt met de vrouwen en met Petrus.
Dat Jezus leeft, het paste niet in hun systeem.
Dan kun je twee dingen doen:
ontkennen dat Jezus leeft of je systeem aanpassen.
Ze doen het laatste: ze leren op een heel nieuwe manier te kijken,
naar Jezus, naar zichzelf en naar het leven.
Als Jezus is opgestaan, dan is alles anders dan gedacht!
Het is van een volstrekt andere orde, het past in geen enkel systeem,
het zet hoe je naar het leven kijkt helemaal op de kop.
Opeens begrijpen de vrouwen dat ze een kokervisie hadden.
Ze moeten Jezus opnieuw leren kennen.
De opstanding van Jezus past niet in onze kokervisies,
past niet bij het zoeken naar Jezus bij de doden:
Jezus is niet dood, hij is geen geschiedenis, hij leeft vandaag!

dia 14 – Jezus is koning in de hemel en op aarde
Een ‘volstrekt andere orde’ noemde ik het net.
Wat is dat compleet nieuwe, dat alles verandert?
Het is dat Jezus gestorven is en leeft,
dat hij met een hemels lichaam op aarde is,
dat hemel en aarde elkaar in hem ontmoeten.
Het is dat Jezus niet in alleen in de herinnering voortleeft,
als een wijze leraar die veel voor mensen betekend heeft.
We hoeven niet ‘in zijn geest’ hem na te doen
om van de wereld een betere plek te maken,
hij brengt zelf zijn koninkrijk op aarde.
Jezus is de koning van hemel en aarde,
zijn dood blijkt de genadeslag voor al het kwaad te zijn.

Dit is zo’n verrassende ontknoping, alles blijkt anders te zijn,
een ontknoping ook waar je honderden vragen bij kunt stellen.
‘Hoe zit het dan met dit?’, en ‘wat betekent dit hier nu voor?’
Met die vragen ben je nooit klaar.
De opstanding van Jezus blijkt altijd weer groter,
verwondert je alleen maar meer.

3. De levende Jezus zoekt je
dia 15 – de levende Jezus zoekt je
‘Waarom zoeken jullie de levende bij de doden?’
Die vraag is voor ons een uitdaging.
Blijf je Jezus bij de doden zoeken?
Of ga je anders aankijken tegen Jezus, de wereld en het leven?
Het daagt je uit om je kokervisie aan de kant te zetten.

dia 16 – herken Jezus…
Maar als je Jezus niet bij de doden moet zoeken, wat moet je dan wel?
Het lijkt eigenlijk best wel voor dat hand te liggen:
dan moet je Jezus gewoon bij de levenden zoeken.
Dat klinkt simpel, en het is te simpel.
Want waar moet je dan zoeken?
Als Jezus leeft, dan kan hij overal zijn!
Dat de leerlingen naar Jezus zoeken, levert niets op.
Ze ontmoeten Jezus pas als Jezus zich laat zien,
als Jezus het is die hen zoekt!
Wij kunnen Jezus wel zoeken, maar het begint met dat Jezus zoekt.
Laat je je door de levende vinden?
Of vind je het idee zo belachelijk dat je hem simpelweg niet herkent?
Omdat het gewoon niet in je systeem past?

Klasina, jij belijdt vandaag in ons midden dat Jezus leeft.
Jezus heeft jou gezocht!
Klasina, jij bent door Jezus gevonden, jij hebt Jezus herkend,
en nu mag jij getuigen dat Jezus leeft!

dia 17 – …in wat hij doet
Als Jezus je zoekt – en dat doet hij! – dan kun je hem overal herkennen.
Ik wil er nu nog twee van noemen.
Het eerste: je kunt Jezus herkennen in wat hij doet.
Je hoeft niet naar de plaatsen waar Jezus ooit geweest is
om door hem gevonden te worden.
Hij is overal, en laat overal zijn handtekening achter.
Je kunt hem herkennen in het werk van het Leger des Heils
op de Wallen in Amsterdam.
Maar je hoeft zelfs niet zo ver van huis.
Je kunt Jezus ook in Franeker, of Dronrijp, herkennen.
Overal waar mensen met Jezus leven,
overal waar mensen vergeven, liefhebben en zichzelf verloochenen,
mag je Jezus herkennen.
Niet het lege graf bewijst dat Jezus is opgestaan,
maar wat Jezus doet in de levens van mensen die hem herkennen.

dia 18 – …aan zijn maaltijd
Het tweede: volgende week vieren we de maaltijd van de Heer.
Klasina, jij mag het voor het eerst meevieren.
Ook daar aan tafel mag je Jezus als de levende ontmoeten.
Het avondmaal is geen herinnering aan wie Jezus was,
ja natuurlijk denken we terug aan zijn sterven en leven,
maar het is allereerst een ontmoeting met wie Jezus is.
En wie volgende week aan tafel gaat,
doet zelf ook weer belijdenis van zijn of haar geloof:
dat Jezus niet dood is, maar de levende Heer.

Jezus is niet bij de doden, hij leeft en zoekt je.
Mag hij jou vinden?
Dan zul je echt leven, met hem!
Amen.