Johannes 4,1-42 – Uitdelen van Gods liefde

Hans Burger
Hans Burger
16 september 2012

Johannes 4,1-42 – Uitdelen van Gods liefde

image_pdfimage_print

Liturgie

Zingen

- Zingend gezegend 218,1.4 Heer wij zijn bijeengekomen

- Ps 138,1.2

- Opw 461 Mijn Jezus, mijn redder

Stil gebed

Votum

Zegengroet

Zingen: Ps 87,1-3

Gebed

Bijbellezing: Joh 4,1-42 (gelezen door Rik Zweers, Margriet Wiersma en Hielkje Kok)

Zingen: EL 70: Lied over de Samaritaanse vrouw

Zingen: Opw 575 – Jezus alleen

Kinderen terug

Met de kinderen: EL 429 – Een rivier vol van vrede

Als wetslezing: samenvatting van de wet en Hebr 13,1-6

Zingen: 387 – Laat mij zijn een instrument

Gebed

Collecte – onder de collecte: Opw 733

Zingen: Gez 141

Zegen

Opmerkingen:

- Bij deze preek is een Samen GROEI-en (een samenvatting met verwerkingsvragen) beschikbaar;

- Bij deze preek is een pp-presentatie beschikbaar

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

- de bron voor het verhaal in de preek uit Berlijn: http://gfberlin.terred.de/wordpress/index.php?s=kreuzberg

Preek over Johannes 4,1-42 – Uitdelen van Gods liefde

1. [dia 1] Uitdelen van Gods liefde – dat is komend seizoen het jaarthema. Vandaag – startzondag – starten we er samen mee. Vorige week al lag er in jullie postvakken een A4-tje met wat info erover.

Afgelopen jaar was het thema ‘leren van Gods liefde’. We zijn de hele bijbel doorgegaan. Gods liefde is zo groot, we krijgen zo veel. Teveel om het voor jezelf te houden. Echte liefde kun je nooit voor jezelf houden, zeker Gods liefde niet. Liefde is er om uit te delen en door te geven.

Maar ja – dat is toch wel lastig. Hoe doe je dat, uitdelen van Gods liefde?

Als je met een collega bij de koffie staat? Op het voetbalveld? Op school?

Hoe doe je dat in de praktijk?

We hebben het project MEER, we organiseren maaltijden, de kerk is regelmatig open, maar daarnaast… Hoe deel je van Gods liefde uit, gewoon als het huisje boompje beestje is?

Met dat thema maken we vandaag een start. Nu nog zonder dominee, maar straks gelukkig niet meer. Een dominee die in Kampen de missionaire master gedaan heeft – extra goed opgeleid als het gaat om het uitdelen van Gods liefde. Dit thema is hem dus op het lijf geschreven. Wat geeft God ons veel!

OK – uitdelen.

Stel, iemand zegt tegen mij: Ga jij eens even in de kerk pepermuntjes uitdelen.

Dan is natuurlijk de eerste vraag: wil ik dat, durf ik dat?

Of durf ik niet van het podium af, op al die mensen af te stappen? Heb ik er zin in, of zeg ik: nou, vraag maar iemand anders. Ik wil niet?

De tweede vraag is: kan ik het? Heb ik wel pepermuntjes om uit te delen? Zijn het er genoeg? Als ik maar één rol heb, en de kerk zit vol, wat moet ik dan doen? Ze eerst in stukjes gaan breken? Of de jongste kinderen naar voren vragen?

En dan kom je meteen bij de volgende vragen: hoe, en aan wie?

Ga ik ze verloten? Ga ik ze door de kerk heengooien, kijken wie ze vangt?

Loop ik rond, vraag ik mensen naar het podium?

Uitdelen – en dan heb ik het alleen maar over pepermuntjes. Maar je kunt al best lastige vragen stellen.

Bij uitdelen van Gods liefde is dat net zo. [dia 2]Het zijn dezelfde vragen: [klik]

•        Wil ik, durf ik: Uitdelen van Gods liefde? Of vind ik het wel best?

•        Kan ik? Heb ik iets te geven? Of sta ik met lege handen?

•        Hoe dan? Wat moet ik doen?

•        Aan wie moet ik uitdelen – waar moet ik beginnen?

Weet jij op allemaal een antwoord?

2. We staan vanuit die vragen vanmorgen stil bij het verhaal over Jezus en de Samaritaanse vrouw. [dia 3]

Ja, die Samaritaanse vrouw. Wat voor iemand zou het geweest zijn? Ze zal toch zeker een jaar of 40 zijn geweest, misschien in de 50. Ze is bezig met haar zesde relatie. Ze gelooft niet meer in eeuwige liefde, maar ze kan niet zonder man. Nu, bij haar zesde, hoeft ze niet zo nodig meer te trouwen. Een vrouw, door het leven getekend. Een grote mond? Ze laat zich niet kisten – ook al is ze van binnen ongelukkig. Make up kan veel verstoppen.

Keken de mannen haar vroeger na? Of nog steeds? De vrouwen in de stad – zou ze nog een echte vriendin over hebben? Roddelen ze over haar? Is het een vrouw die achter de bar staat in haar eigen kroeg? Of onzeker, mishandeld, een schim van wie ze vroeger was?

Niet echt een type voor Jezus.

Die gun je een betere gesprekspartner.

Jezus. Ze zag het uit de verte, o, zo’n Jood op doorreis.

Samaritanen en Joden – water en vuur is het.

Joden en Samaritanen – die lopen om elkaar heen.

Jezus was moe. Hij zat daar in de hitte, midden op de dag. Jezus had dorst.

‘Mevrouw, hebt u wat water voor me?’

Ze hoort het in Keulen donderen – die Joodse man?

‘Hoe kunt u, als Jood, mij om drinken vragen? Ik ben immers een vrouw, en ook nog eens een Samaritaanse vrouw!’

Moet je je voorstellen: die keurige Jezus, de Zoon van God die mens geworden is, lid van Gods volk, rabbi, de redder die van God komt!

Hij weet wie ze is – dat blijkt straks wel.

Zou jij haar om water vragen, als je Jezus was?

Al pratend verdwijnt de verbijstering bij de vrouw.

Hij heeft respect voor haar – dat gebeurt niet vaak.

Hij blijft vriendelijk, ook als zij wat spottend reageert.

Ze hongert naar liefde, naar erkenning, maar dit is anders dan wat die mannen haar gaven.

Hij heeft haar door, maar hij maakt haar niet af. Vijf kapotte huwelijken en nu samenwonen – hij weet het!

Wat is dit voor iemand – een profeet?

Of de Messias, die ervoor zorgt dat alles goed komt?

Hij ziet haar.

Zie je hoe de ontmoeting met Jezus haar verandert?

Zie je wat er aan het eind gebeurt: ze rent naar de stad, zonder haar kruik.

Niemand heeft gezegd: deel Gods liefde uit!

Het gaat vanzelf – kom eens kijken! Een man die alles van me weet – het moet de Messias zijn!

[dia 4] Jezus ontmoeten is hartverwarmend.

En de vraag: wil ik, durf ik, verdwijnt. [klik]

Voor die vrouw is het geen vraag.

Herken je dat – Jezus ontmoeten is hartverwarmend? Merk je dat de vraag wil ik, durf ik Gods liefde uit te delen, verdwijnt?

Zo werkt het wel!

Het meest duidelijk bij mensen die echt zonder God leefden. En die het verschil ervaren hebben toen ze Jezus leerden kennen.

Ik wil en durf lang niet altijd.

Laat een ander maar uitdelen.

Hoe kan dat veranderen?

Het begint hier: in de ontmoeting met Jezus.

Hij kent me door en door, en toch houdt hij zoveel van me.

Zoek die ontmoeting steeds weer op.

Hij motiveert!

3. En let dan speciaal op wat Jezus zegt in vers 13-14. [dia 5]

‘Iedereen die dit water drinkt zal weer dorst krijgen,’ zei Jezus, ‘maar wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’

Die tekst is door de commissie op een kaartje gezet. Jullie krijgen ‘m mee, om uit je hoofd te leren. Een tekst bij het jaarthema.

Het gaat hier over de Heilige Geest. Als je Jezus ontmoet en hem vraagt: Heer, ik durf niet, ik wil niet, ik kan niet.

Maar ik heb dorst, ik ben leeg, vul mijn leven. Geef mij wat ik niet heb, en wat ik zo mis…

Dan nodigt Jezus je uit om te drinken. Kom, drink water, de Heilige Geest.

En dat water wordt een bron, die blijft stromen. [dia 6]

Nooit meer dorst, al moet je nog steeds water drinken.

Maar die diepe dorst naar God, naar vervulling, naar genezing, naar erkenning, naar liefde, die dorst verdwijnt.

Water, Heilige Geest, liefde van God binnen in jou zelf.

Niet alleen voor jezelf, maar ook voor anderen.

Echt? Geloof je dat zelf?

Merk je dat?

Ja – en nee.

Ik merk het als ik drink. Maar als ik stop met drinken, ongelovig ben; of als ik de bron dichtstop met stenen – zonde – dan merk ik het niet.

En ik merk het als ik Gods liefde doorgeef. Als ik ervan uit ga dat er in mij een bron van leven is die stroomt. Als ik met mensen in gesprek ben of voor mag gaan. Dan merk ik dat die bron er is.

Door de Heilige Geest [klik] kun je ook uitdelen. Gods liefde is al in jou,  dus er is altijd genoeg om te geven.

Daarom: geloof –drink zelf –ga en geef!

Dan stroomt Gods liefde door je heen – er is altijd meer dan genoeg!

4. Heel belangrijk is dus wat God doet, en dat jij God opzoekt en in jou laat werken. [dia 7]

Maar er zit ook een andere kant aan.

Vaardigheden moet je oefenen.

Je moet de kunst afkijken van anderen.

Uitdelen van Gods liefde – hoe doe je dat?

Dat kun je leren!

Laten we daarom eens goed kijken wat Jezus eigenlijk doet. [dia 8] Kijk maar mee.

Hij spreekt iemand aan die het echt niet verwacht.

Hij houdt zich niet aan de groepen die mensen hebben gemaakt. [klik]

Hij zoekt contact met iedereen.

Rijk en arm, geslaagd en mislukt, Jood en Samaritaan.

Hij spreekt haar aan.

Als Hij met haar aan de praat raakt, wordt het geen gesprek over koetjes en kalfjes, vers 10-14. [klik]

Creatief komt hij via het water meteen bij de kern: levend water. Iedereen heeft het nodig. En hij wijst daarmee naar zichzelf – ik geef levend water. Hij heeft geen standaardverhaal over ‘ik vergeef je zonde’. Hij sluit aan bij het water – en boort dan dieper door. Het begint met Gods liefde en genade!

De vrouw begrijpt het niet, maar wil dat water wel. Dan verbindt hij het met de leegte in haar leven. [klik] Vriendelijk en liefdevol – hij boort haar niet de grond in. Maar hij confronteert haar wel. Hij laat haar voelen hoe de zonde haar leven kapot maakt – ze heeft dorst (Vers 16-18).

De vrouw voelt aan dat ze op het gebied van spiritualiteit en religie komen. Een verwarrend terrein. [klik] Waar moet je bidden? Al die godsdiensten – wat moet ik dan geloven? Jezus laat zien wat echt belangrijk is: God aanbidden in Geest en in waarheid, vers 23 en 24. En dat kan door Jezus, de Messias, vers 25-26. Hij is de weg naar de Vader.

Zo geeft Jezus ons een les in gesprekstechniek.

Ik heb daar wel behoefte aan – en jullie? Er zal dit jaar meer aandacht voor zijn.

Op al die vier punten zouden wij misschien niet durven.

Geen contact zoeken met iemand die je niet kent en in een heel andere wereld leeft dan jij; het eerste.

Het tweede: Je geloof voor jezelf houden, niet te snel over Jezus beginnen. Of eerst andere dingen noemen van Gods liefde en genade.

Het derde: wij zouden denk ik iemand niet zo snel confronteren met zichzelf. Aardig zijn, niet te dichtbij komen, iemands privacy respecteren.

En het vierde: wij zouden denk ik bijzaken veel te belangrijk vinden, en daarover gaan discussiëren. Of we durven het niet zo scherp neer te zetten: God bestaat, er is één God, en Jezus alleen is de weg naar God.

Leer van Jezus. [dia 9] Hij leert ons gesprekken te voeren: creatief – maar ook met geestelijke diepgang.

5. En dan komen we bij de laatste vraag: aan wie?

Moet ik nu met een cursus gesprekstechniek de straat op? [dia 10]

Op straat wildvreemde mensen aan gaan spreken?

Dat durf ik niet!

Nou, terug dus maar naar Johannes 4.

Kijk eens wie daar met elkaar in gesprek komen.

Eerst Jezus en die vrouw. Waarom? Gewoon, Jezus heeft dorst en hij komt iemand tegen met water. En hij vraagt om water.

Daarna die Samaritaanse vrouw met de mensen in haar buurt. Ze kent ze allemaal. ‘Moet je nu eens horen wat ik heb meegemaakt!’ Gewoon, je maakt iets mee en je moet het vertellen. En het gaat vanzelf over Jezus. Vers 28-30.

En dan de leerlingen. Zij hebben niks hoeven doen. Het wordt ze in de schoot geworpen. De mensen komen er al aan! Vers 31-38.

Dus: aan wie uitdelen van Gods liefde?

Niet aan iemand die je niet kent en nooit tegenkomt.

Maar je huisgenoten, je gasten.

De mensen in je buurt of op je werk die je altijd al tegen komt.

In de winkel of bij de kapper.

Heel alledaags. [dia 11]

Maak het niet groter dan het is.

Gewoon net als Jezus – bij een beker water beginnen over levend water.

Ja hallo!

Dat is nu precies wat ik niet zie zitten.

Dat gevoel herken ik. In het algemeen kun je zeggen: wij als Christenen in Nederland leefden in onze christelijke omgeving. En die is verdwenen. Dat betekent: ontdek opnieuw wat het is om christen te zijn.

Ik ben dat nog steeds aan het leren. [klik]

Je leven delen met mensen om je heen.

Mensen in je eigen leven toelaten.

Gastvrij zijn.

En durven laten zien wat God in je leven doet.

Durf je geloof te laten zien – het is niet privé, het is heel je leven, ook de buitenkant.

Wees erop bedacht: wanneer kan ik laten voelen dat Jezus belangrijk is? Voor iedereen?

Dat is een leerproces.

Het is goed om daar dit jaar samen mee aan de slag te gaan.

[dia 12] Uitdelen van Gods liefde. Kijk er nog eens naar [op de dia]

Dat betekent: willen leren. Hoe doe je het? Volg het onderwijs van Jezus!

Aan wie? Creatief worden en om je heen kijken – wanneer kan ik Jezus laten zien aan anderen?

Maar het is ook een proces van verlost worden, nieuw gemaakt worden.

Zoek daarom de ontmoeting met Jezus. Hij motiveert!

En bid:

Vader, u bent mijn Vader!

Hier ben ik. Ik stel mijzelf aan u beschikbaar.

Ik kan niet, ik durf niet, ik wil niet.

Maar u mag me hebben en u mag me inzetten.
Maak me geschikt. Maak me bruikbaar.

Vul me met uw Geest en met uw liefde.

Leer me uitdelen van uw liefde.

6. En natuurlijk, we leven in een andere tijd dan Jezus. Toen werd er naar hem uitgekeken.

En nu? [dia 13]

Toen we het blad MEER pas gaven aan wat mensen in onze buurt, was de reactie meestal: O, bij mij heeft dat geen zin. Ik ga echt niet geloven! Iemand begon te vertellen dat ze op zondag haar huis geverfd had. Ze deed de dingen die natuurlijk niet mochten van de kerk!

Om ons heen leven veel mensen die denken dat ze weten wat christen-zijn is. Dat ligt achter hen. ‘Ik ga echt niet geloven, doe bij mij maar geen moeite.’

Maar wat ook opvallend was: iedereen die we spraken vond het ook leuk dat we aan hen gedacht hadden. Iets krijgen is leuk. Uitdelen is misschien eerst eng. Maar als je iets krijgt wat waardevol is, daar worden mensen blij van.

En daarom is het belangrijk dat we leren creatief te zijn in het uitdelen van Gods liefde.

We mogen God dankbaar zijn dat we een voorganger krijgen die speciaal daarin is opgeleid.

Hoe kun je op een verrassende en onverwachte manier Gods liefde uitdelen? En toch bij iemand binnenkomen?

Soms kan dat lange tijd niet. Dan is dat zo. Soms kan het opeens – gebruik dan die open deur!

Want: geloven in Jezus is voor iedereen waardevol en belangrijk.

Ik was pas in Berlijn, en daar hoorde ik een mooi, bemoedigend verhaal.

Je hebt in Berlijn de wijk Kreuzberg, daar wonen veel radicaal linkse mensen, communisten, anarchisten. 1 mei is in Duitsland een nationale feestdag, de dag van de arbeid. Dat betekende in Kreuzberg elk jaar: demonstraties die uit de hand lopen, rellen, geweld.

In 2004 is een groep christenen begonnen om daar te bidden voor die wijk en voor vrede. Speciaal rond de 1 mei demonstraties werd gebeden.

Elk jaar nam het geweld sindsdien af.

Dit jaar kon er in Kreuzberg een open lucht kerkdienst gehouden worden, de dag voor 1 mei.

Op een feestterrein, een Links-radicale partij stelde hun podium ter beschikking.

Worden er mensen christen? Sommigen wel, veel anderen niet.

In elk geval zeggen ze in Kreuzberg: laat de christenen terugkomen!

Je leven delen, je inzetten voor vrede, bidden voor de mensen om je heen, er zijn.

Dat kan in Berlijn, dat kan op een heel andere manier in Franeker.

Als wij onszelf beschikbaar stellen aan God, als wij Gods liefde willen uitdelen, dan zegent Hij dat!