Johannes 20:16 – Jezus leeft, en hij kent mij!

Mark Veurink
Mark Veurink
20 april 2014

Johannes 20:16 – Jezus leeft, en hij kent mij!

image_pdfimage_print

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie

  • Zingen: Opwekking 430 en Opwekking 733
  • Stil gebed
  • Votum en groet
  • Zingen: Psalm 150 : 1 en 2
  • Gebed
  • Kinderen naar club
  • Lezen: Johannes 20 : 1 – 18
  • Zingen: LvK Lied 215 : 1 en 2
  • Preek over Johannes 20 : 16
  • Zingen: Opwekking 461
  • Kinderen terug
  • Wetslezing: Romeinen 6 : 1 – 11
  • Zingen: Opwekking 687 : 1, 2 en 4
  • Belijdenis en doop
  • Getuigenissen Hielkje en Margriet
  • Luisterlied André en Letty
  • Onderwijs doop en belijdenis
  • Gebed
  • Belijdenis: vragen en zegenbede
  • Doop: vragen en doopbediening
  • Oproep aan gemeente
  • Zingen: Opwekking 710
  • Felicitaties
  • Luisterlied Emma
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen: GKB Gezang 99 : 1, 2 en 3
  • Zegen

Preek: Jezus leeft, en hij kent mij!

Inleiding

dia 1 – koffie

Ik kom regelmatig bij de HEMA,

en dan drink ik in het restaurant een kop koffie.

Zo’n lekker grote mok,

zodat je een half uur van je koffie kunt genieten.

De medewerkers van het restaurant herkennen me inmiddels ook.

En soms hoef ik helemaal niets meer te zeggen.

Als ik dan naar de kassa loopt, vraagt de medewerkster al:

‘een grote koffie maar weer?’

Zo’n momentje maakt mij blij.

Het is misschien heel klein en onbenullig,

maar het tovert wel een glimlach op mijn gezicht.

Die medewerkster herkent mij

en heeft de moeite gedaan te onthouden wat ik altijd bestel.

Ook al weet ze verder vrij weinig over mij,

ik voel me even gekend.

Ze behandelt me niet als de zoveelste klant van de dag,

maar als een persoon.

Dat willen we graag, persoonlijk behandeld worden.

We willen geen nummertje zijn, maar gekend worden.

Bedrijven proberen daar handig gebruik van te maken,

ook als ze je helemaal niet persoonlijk kennen.

En dan gaat het mis…

dia 2 – horloge

Een paar maanden geleden had ik een nieuw horloge nodig,

gewoon een simpel en goedkoop horloge,

en heb ik via Google op internet gezocht.

Een paar dagen later heb ik een horloge gekocht, in een gewone winkel.

Maar op internet achtervolgden horlogereclames me nog maanden lang…

Allemaal advertenties van veel te dure horloges

die ik ook had kunnen kopen.

Alsof ik daar nog op zat te wachten…

Google weet ongetwijfeld heel veel over mij,

maar ze kennen me niet.

Hoe persoonlijk ze het ook maken, het blijft nep.

dia 3 – Jezus leeft, en hij kent mij

Een persoonlijke benadering,

veel persoonlijker dan het beste restaurant ooit kan zijn,

zie je in de ontmoeting van Jezus met Maria.

Jezus kent haar, hij noemt haar naam.

En dan ziet Maria het: haar Jezus leeft!

Vanmorgen kijken we met Maria mee,

en ik hoop dat je het zelf ook mag ontdekken:

Jezus leeft, en hij kent mij!

Leeft Jezus?

dia 4 – leeft Jezus?

Het lijkt daar helemaal niet op,

op de zondag na Jezus’ dood.

Jezus is voorgoed verleden tijd.

En ook voor ons lijkt het al snel alsof Jezus dood is.

Hoe kun je geloven dat hij leeft?

dia 5 – Maria: Jezus is verleden tijd

Maria huilt.

De hele ochtend al.

Ze is vroeg naar het graf van Jezus gekomen.

Om dichtbij de man te zijn die zo veel voor haar betekende.

Voor ze Jezus had leren kennen,

was ze bezeten geweest door zeven boze geesten.

De mensen hadden praatjes over haar.

Maar Jezus had haar weer een leven gegeven!

Nu is Jezus dood, en Maria wil hem de laatste eer bewijzen.

Vrijdag hadden ze hem begraven, het was allemaal heel snel gegaan,

te snel voor het verdriet van Maria.

Dus op zondagmorgen is ze er weer.

Maar als ze bij het graf komt, ziet ze dat het open is.

‘Nee hè’, denkt ze, ‘wat nu weer?

Alsof ik het niet al moeilijk genoeg heb…’

De begrafenis vrijdag was zo snel gegaan,

de beheerder van de begraafplaats zal Jezus wel een betere plek hebben gegeven.

Maar hoe kan Maria hem nu vinden?

Dit kan ze er niet meer bij hebben,

dus ze vraagt Petrus en Johannes om hulp.

Maar daar heeft ze weinig aan.

Zij zien het lege graf ook,

bij Johannes begint er wat te dagen,

maar Maria maakt het niet mee.

En weg zijn Petrus en Johannes alweer.

Maria blijft achter.

Als er geen lichaam meer is van Jezus,

dan kan ze tenminste nog rouwen op de laatste plek waar hij geweest is.

Het spookt in haar hoofd:

alles zal weer worden zoals het was.

De boze geesten zullen terugkomen en de mensen zullen weer over haar praten.

Want Jezus is dood.

dia 6 – Jezus is opgestaan, maar leeft hij ook?

Maria houdt er geen moment rekening mee dat Jezus leeft.

Waarom zou ze ook?

Misschien kun je dat zelf ook niet geloven,

omdat de dood nu eenmaal het einde is.

Maar ook als je wel kunt geloven dat Jezus is opgestaan,

is dat nog iets heel anders dan geloven dat Jezus leeft.

dia 7 – Willem van Oranje

Je kunt de opstanding van Jezus zien als een gebeurtenis van lang geleden.

Iets wat een plek heeft in de geschiedenisboekjes,

naast allerlei andere gebeurtenissen van vroeger,

bijvoorbeeld de moord op Willem van Oranje.

Een interessant feitje als je van geschiedenis houdt,

maar voor je eigen leven betekent het niets.

Je haalt je schouders er over op.

dia 8 = dia 6

Dat Jezus is opgestaan, dat zal wel, maar dat Jezus nog altijd leeft?

Dat is moeilijk te geloven.

Vaak denken we toch aan Jezus als iemand van vroeger,

alsof hij later alsnog overleden is.

En wat is er nu veranderd?

In de wereld gaat alles nog net zo als vroeger.

We worden zelfs weer bang voor de Russen.

De koude oorlog, die ik alleen uit de geschiedenisboekjes ken, komt weer terug.

En de dood heeft nog steeds het hoogste woord.

Leeft Jezus wel?

2.Jezus kent mij!

dia 9 – Jezus kent mij

Ja, Jezus leeft, en hij kent jou!

Dat Jezus is opgestaan, is geen interessant wetenswaardigheidje

waarmee je misschien nog eens een quiz kunt winnen.

Het is ook geen sterk verhaal waardoor je de moed erin houdt.

De opstanding van Jezus is heel persoonlijk:

Jezus leeft, en hij kent mij!

Maria staat nog bij het graf als ze hem tegenkomt.

Een hele gewone man.

Maria denkt nog steeds dat de beheerder van de begraafplaats

Jezus in een ander graf heeft gelegd.

Dit zou wel eens de man kunnen zijn die ze nodig heeft,

en ze begint een heel verhaal.

dia 10 – een naam is veel meer dan een argument

De man luistert en laat haar praten,

en dan ineens zegt hij haar naam: ‘Maria’.

Er gaat een schok door Maria heen.

‘Deze man kent mij!

Nee, het zal toch niet waar zijn?’

Razendsnel gaan Maria’s gedachten.

En het dringt tot haar door: Jezus leeft!

Jezus had een heel verhaal tegen Maria kunnen afsteken.

Hij had Maria kunnen herinneren aan zijn eigen woorden

en haar verwijten kunnen maken.

In plaats daarvan noemt hij haar naam: ‘Maria’.

Jezus kiest de persoonlijke weg.

Juist dat overtuigt Maria.

Hoe kun je geloven dat Jezus leeft?

Je kunt boekjes gaan lezen met allerlei argumenten,

en waarschijnlijk kom je ook nog best goede argumenten tegen.

Maar dat Jezus leeft, is te groot voor argumenten.

Als Jezus je naam noemt, zoals hij Maria’s naam noemt,

dan is dat toch veel meer dan welk argument ook?!

dia 11 – Jezus noemt ook jouw naam

Het goede nieuws: Jezus doet dat!

Jezus kent je, hij wil een relatie met je, hij noemt je naam.

Al bij de doop zegt Jezus dat hij je kent.

‘Mirjam, ik leef! Demy, ik leef!’

André, Letty, Hielkje en Margriet,

tegen jullie heeft Jezus dat al lang geleden gezegd.

Vandaag zeggen jullie dat jullie zijn persoonlijke stem hebben herkend,

dat jullie geloven dat hij leeft.

Jezus zegt het tegen ons allemaal: ‘ik ken je, ik leef!’

Nee, niet zo rechtstreeks als tegen Maria.

Maar hij zegt het, ook vandaag weer.

Hij zegt het door zijn woord heen,

bijvoorbeeld door een bijbeltekst die je raakt

hij zegt het ook door zijn volgelingen heen,

als ze vertellen over hoe zij Jezus kennen.

De vraag is of je het wilt horen.

Kun je geloven dat als je luistert,

je inderdaad Jezus kunt vinden,

of denk je dat je alleen de beheerder van de begraafplaats kunt vinden?

Luister naar Jezus en hoor wat hij zegt:

‘ik leef, en ik ken je!’

3.Leef met Jezus

dia 12 – leef met Jezus

Jezus is niet alleen opgestaan, hij leeft nog steeds!

Als Jezus Maria’s naam noemt, herkent ze hem.

En dan heeft Maria ook niet veel woorden nodig.

Zij kent Jezus als haar Heer.

En dat zegt ze: ‘Rabboeni, Meester’.

Het is de kortste geloofsbelijdenis die er is.

dia 13 – laat Jezus geen feitje zijn maar een persoon

Uit die korte belijdenis van Maria wil ik twee dingen halen.

Het eerste: laat Jezus geen feitje zijn, maar een persoon.

Ik noemde al even dat Willem van Oranje ooit is vermoord,

en dat geloof ik direct.

Ik kan het onthouden, en misschien komt het me nog eens van pas.

Zo kun je met de opstanding van Jezus ook omgaan:

een feitje dat je gelooft en in je geheugen opslaat.

Maar geloven in Jezus is een relatie met een persoon.

Maria zegt niet: ‘nu zal ik het onthouden’, dat zou ook nergens op slaan,

maar: ‘u bent mijn Heer, ik wil bij u zijn.’

dia 14 – neem Jezus serieus

Dan het tweede: neem Jezus serieus.

Maria noemt Jezus ‘meester’.

Dat betekent dat Jezus je iets te zeggen heeft.

Als Jezus dood zou zijn,

dan kon je alles wat hij tijdens zijn leven heeft gezegd

nog afdoen als mooie praatjes.

Maar omdat Jezus leeft, is er ook alle reden om hem serieus te nemen.

Hij heeft eeuwig leven beloofd in zijn nieuwe wereld,

een leven dat vandaag begint als je hem kent en voor hem leeft.

Jezus is geen praatjesmaker, hij heeft alle macht!

Voor Maria is dat een geweldige opluchting:

ze hoeft niet bang te zijn voor geesten of mensen.

Ook al lijkt er in de wereld weinig veranderd,

aan de dood is in ieder geval nog geen einde gekomen,

Jezus’ leven laat ons de toekomst al zien.

dia 15 – Jezus leeft!

Zeg het Maria maar na:

‘Rabboeni, Jezus, u bent ook mijn Heer,

u bent niet iemand uit een ver verleden, u leeft, nog altijd.’

Laat hem zo de levende zijn in jouw leven.

Want hij leeft!

Amen.