Johannes 14,15-17 – De Geest komt wonen in wie van Jezus houden

Hans Burger
Hans Burger
25 april 2010

Johannes 14,15-17 – De Geest komt wonen in wie van Jezus houden

image_pdfimage_print

Liturgie

Voorzang Ps 143,1.6.9
Stil gebed
Votum / groet
Zingen Gez 157
Wet met Ez 36,25-27:
Zingen Ps 51,5.6
Gebed
Lezen: Johannes 14,1-26
Zingen: Gez 102a,4.5
Tekstlezing: Johannes 14,15-17 (NGB-51)
Preek
Zingen: LB 473,1.5.7.10
KINDEREN
(’s Middags Geloofsbelijdenis Gez 123,1 – gesproken het deel over de Zoon – Gez 123,5)
Gebed
Collecte
Zingen Gez 118
Zegen

Opmerking:

- ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

Preek over Johannes 14,15-17 – De Geest komt wonen in wie van Jezus houden

Gemeente van Jezus Christus, broers en zussen, maar ook jullie die bij ons te gast zijn,

1. Heeft de kerk wel toekomst, in Nederland? Dat klinkt pessimistisch, maar dat is deze preek niet. Toch vraag ik me dat soms wel af. Kijk naar Turkije. Vroeger reisde Paulus er rond, schreef brieven aan Efeze, Galaten. Johannes schreef brieven aan zeven gemeenten in Klein Azië, kijk in het begin van Openbaringen. Nu is Turkije een land vol Moslims. Neem Noord-Afrika. 1500 jaar geleden was dat het centrum van de christelijke wereld, de kerkvader Augustinus woonde er. Nu liggen er Moslim-landen. De kandelaar werd weggenomen. De kerk bleef groeien, maar daar niet meer.

Wereldwijd heeft de kerk zeker toekomst. In China, in Afrika, in Zuid-Amerika. In de Arabische wereld krijgen moslims dromen waarin ze Jezus zien. En ze worden christen. Maar in Nederland? Waarom zou Jezus hier de kandelaar niet ook wegnemen?

Waarin verschillen christenen van niet-christenen? Gewend aan welvaart, hoge hypotheken, ruime auto’s. Maar hoe zit het met onze vrijgevigheid?

We lezen dezelfde woonbladen, kleden onze huizen mooi aan. Maar hoe zit het met onze gastvrijheid?

We zijn druk met werk, curussen, internet, TV, hobby’s, vakanties, sociale contacten, uitgaan. Maar hoe zit het met onze inzet voor Gods rijk?

Blinken we uit in liefde? We zien juist kerkelijke verdeeldheid. Er is veel gedoe in gemeentes. Partijen en kliekjes. Roddel, ruzies, korte lontjes, gebrek aan onderlinge vergeving – je ziet het in de kerk net zo goed als daarbuiten.

Er werd deze week door een hoogleraar theologie van de PKN niet uitgesloten dat de overheid misschien wel moet ingrijpen, als een kerk opvattingen heeft die volgens de overheid schadelijk zijn voor vrouwen of homo’s. Zouden we met vervolging te maken krijgen, zeg, over 30 jaar? En zijn christenen dan sterk genoeg om overeind te blijven?

We willen graag missionair zijn – ook wij in Franeker zeggen het. Maar zijn we sterk genoeg in God om echt een krachtig getuigenis te laten horen? Kennen we het evangelie goed genoeg om het ook uit te kunnen dragen? Zijn wij echt verworteld in Jezus Christus? Is Hij werkelijk ons fundament?

Hoe sta jij tegenover God?

Ik zie mooie dingen. Gods Geest is in mensen aan het werk, ook hier. Ik hoorde gister nog van iemand die pas christen geworden is: christenen zijn aardiger en vriendelijker dan andere mensen. Het was haar opgevallen.

Maar ik zie ook verslapping, leegloop, gebrek aan enthousiasme, verveling, onverschilligheid, behoudzucht.

En toch: als wij Gods oordeel zouden verdienen, als het terecht zou zijn wanneer God de kandelaar hier weg zou halen en de kerk in Franeker zou verdwijnen, toch is er nu nog hoop voor ons.

Want het is Pasen geweest: Jezus is opgestaan.

Straks vieren we Pinksteren: de Geest van God wordt uitgestort.

2. Op weg naar Pinksteren staan we vanmorgen stil bij de belofte van Jezus in Johannes 14,15-17.

Jezus neemt afscheid van zijn leerlingen. Hij gaat sterven, met hemelvaart vertrekt Hij naar de hemel. Dan is Hij weg. Hij, onze helper, onze trooster, onze pleitbezorger. Hij is niet meer bij ons!

Laat Hij ons in de steek?

Kunnen we constateren dat het niet goed gaat met de kerk in Nederland? En dat is het dan?

Nee – zo is het niet.

Zo is het niet.

Want Jezus geeft aan zijn leerlingen een geweldige belofte. Als wij toeleven naar Pinksteren, mogen ook wij Hem herinneren aan die belofte. Hij belooft het – wij mogen Hem er aan houden.

Hij gaat naar de Vader. En Hij vraagt de Vader voor ons.

Jezus is de ene pleitbezorger, de ene trooster. Hier is hij weg, hij is nu in de hemel – daar neemt Jezus het voor ons op. Johannes schrijft in 1 Joh 2,1:

Mocht een van u echter toch zondigen, dan hebben wij een pleitbezorger (een helper, een trooster) bij de Vader: Jezus Christus, de rechtvaardige.

Onze zonde is niet het eind.

Hij brengt verzoening voor al onze zonden. En niet wij vragen de Vader ergens om – Jezus doet dat. Waarom moet de Vader naar ons luisteren? Ik durf het niet te zeggen. Maar naar Jezus luistert hij wel! Wat Jezus vraagt, dat doet de Vader.

En wat vraagt Jezus voor ons?

Hij, de eerste pleitbezorger, vraagt de Vader om een andere pleitbezorger te geven. Dat is de Heilige Geest. De Geest van Jezus Christus. De Geest van de waarheid.

Jezus is de waarheid. De Geest van de waarheid maakt een vitaal christelijk leven mogelijk. Dat we Jezus kennen. Dat we echt in Hem verworteld raken, steeds meer. Dat we weten wat Jezus ons geeft. Dat Hij in ons zichtbaar wordt. Dat we door Hem vrucht dragen. De vrucht van de Geest. Liefde, vrede, vergeving, blijdschap, geloof. Nieuwe mensen die zich bij onze gemeente voegen.

Bij die Geest hoeven we ons geen zorgen te maken over de toekomst van de kerk in Nederland. Als die Geest ons leven doortrekt en stempelt, dan kunnen we als gemeente werkelijk getuigen van Jezus Christus. Dan kunnen we druk van buitenaf of misschien zelfs vervolging doorstaan. Dan hoeven we niet bang te zijn voor Moslims, maar kunnen we hen vol liefde op Jezus Christus wijzen. Daarmee mogen we elkaar bemoedigen: Die Geest zal ons gegeven worden!

3. Dat is een belofte van Jezus zelf. Aan die belofte mogen ook wij Hem herinneren, op weg naar het Pinksterfeest. En altijd natuurlijk, want het is al lang Pinksteren geweest. Dat Hij de Vader vraagt. Dat de Vader ons de Geest van de waarheid geeft. De trooster. De pleitbezorger. Doe een beroep op die belofte. Vol verlangen. Zonder die Geest redden we het niet in Nederland als christenen – jij niet, ik niet.

Maar: als je Jezus niet aan die belofte herinnert, als je zelfs niks met Jezus hebt, dan krijg je de Heilige Geest ook niet. Er zijn wel mensen die zeggen dat de Heilige Geest overal is. Dat klopt. Maar het gaat hier er om dat de Geest op een heel speciale manier bij je is. Dat je zelf de Geest mag krijgen, heel persoonlijk.

Zo belooft Jezus de Heilige Geest alleen aan de leerlingen. Als helper, als trooster, als pleitbezorger, als Geest van de waarheid is de Heilige Geest alleen bij de leerlingen. Niet bij de wereld.

De wereld, dat zijn de mensen die geen leerling van Jezus zijn. Ze geloven niet in Jezus. De wereld verzet zich tegen Jezus. Ze hebben hem zelfs gedood. Ze maken het de leerlingen van Jezus moeilijk. Ze kiezen tegen de verlosser, en dus voor de zonde. Ze hebben geen oog voor hoe de Heilige Geest werkt in Jezus. Heilige Geest? Kan ik me niks bij voorstellen. Wie de Geest niet kent, heeft ook geen oog voor Hem. En krijgt Hem ook niet. De wereld heeft dus ook niks met de Geest.

Zolang je bij de wereld hoort, zul je de Heilige Geest niet persoonlijk ontvangen.

En daarmee stelt Johannes een indringende vraag aan de kerk in Nederland. Aan jou en mij. Bij wie hoor jij: bij de leerlingen van Jezus of bij de wereld?

Als je in kerkelijk Nederland om je heen kijkt, is het niet gek om die vraag te stellen. Joden die niet in Jezus geloofden hoorden bij de wereld. Iemand die bij de wereld hoort, kan dus heel vroom en religieus zijn. Als kerkelijk Nederland verslapt, verzwakt, niet meer vitaal is, zitten er ook christenen bij – christen in naam. Misschien wel spiritueel of betrokken. Maar met Jezus kunnen ze niks.

Waar horen wij dan bij – en begin dan bij jezelf? Bij wie hoor ik, jij? Bij de leerlingen van Jezus of bij de wereld? Wil jij Jezus gehoorzamen, of kies je een andere weg, een weg zonder Hem?

4. Dat maakt dus uit: Leerling van Jezus zijn en de Geest ontvangen, het hoort bij elkaar.

Hoeveel heb jij er voor over om van Jezus en zijn Geest te leren?

Bijvoorbeeld: hoeveel tijd maak je daar voor vrij?

Hoe vaak gebeurt het dat je doet wat Jezus zegt? Hoe vaak juist niet?

Hoe vaak denk je er over na wat Jezus zou willen, bid je om duidelijkheid?

Blijkt uit jouw daden dat je bij Jezus hoort?

En als je nu Jezus niet kent, en de Geest niet kent, wat dan?

Let dan eens op het eind van vers 17, en dan moet je even kijken in de vertaling van 1951, onze vorige vertaling. Daar staat:

maar gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.

Jezus’ leerlingen kennen de Heilige Geest al. Waarom?

Dat zit verstopt in dat kleine zinnetje: hij blijft bij u.

Als Jezus dit voor zijn sterven zegt, is de Geest al bij de discipelen. Want de Geest is bij Jezus. De Geest is op Jezus neergedaald en op Jezus blijven rusten. Toen Jezus mens was op aarde en de Geest op Hem was neergedaald, waren ze altijd samen. Waar Jezus was, daar was de Geest.  De leerlingen trokken met Jezus op en zagen Hem zoals Hij echt was. Ze geloofden in Hem. Ze kenden Jezus, en dus kenden ze ook de Geest, zijn Geest.

De leerlingen kenden de Geest dus al. De Geest was al bij hen. Omdat ze Jezus kenden en omdat ze bij Jezus waren.

En dat is ook voor ons belangrijk.

Misschien schrik je wel: hoor ik wel bij de leerlingen van Jezus? Of hoor ik bij de wereld? Krijg ik de Geest dan niet?

Misschien hoor je nu nog wel bij de wereld. Stel dat dat zo is. Leef je eigenlijk los van God?

Wil je rijk zijn? Wil je indruk maken met je kleren, je mobieltje, auto’s, een huis?

Word je weggetrokken bij Jezus, lukt het niet om sterker te worden in geloof?

Jezus kan je uit de wereld redden.

Jezus is gekomen om de wereld te redden. Hij geeft zijn leven voor de wereld. Hij is het licht van de wereld.

Hoor je nu nog bij de wereld?

Bekeer je dan! Ga naar Jezus toe. Vraag Hem je te redden. Zoek zijn licht. Breek met de wereld. Leer Hem kennen, zoals Hij in de Bijbel naar je toe komt. En via Jezus leer je de Heilige Geest kennen. En van Jezus krijg je de Heilige Geest. Want dat belooft Hij. Daar mag je Hem aan houden.

5. De discipelen kenden de Geest dus al. Toen ze bij Jezus waren, was de Geest al bij hen. Wat is dan het nieuwe?

Luister nog eens naar dat zinnetje, het slot van vers 17:

maar gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.

Dat laatste is nieuw voor de discipelen: de Geest zal in u zijn.

De Geest is overal. Maar aan jou, aan mij, als leerling van Jezus, wordt beloofd: de Geest is niet alleen bij je, Hij komt in je wonen.

Laat dat eens tot je doordringen: de Geest van God zelf woont in je. Dat is bijzonder: Gods eigen Geest – in mij. Mijn lichaam een tempel van de Heilige Geest. Nergens komt God zo dichtbij – wonen in onze harten.

Maar hoe weet ik dat de Geest in mij woont? Als ik er niks van merk, woont de Geest dan niet in mij? Hoor ik dan bij de wereld?

Twee dingen daarover:

1. Dat de Geest in je woont, gaat vooraf aan wat je van Hem merkt.

2. Omdat de Geest met jou bezig gaat, ga je het wel merken.

Een voorbeeld.

Soms denken mensen: de Geest is een gevoel. Als de Geest in je is, dan heb je bijvoorbeeld een heel warm gevoel. De Geest kan een heel warm gevoel geven, maar is zelf niet een gevoel. De Geest heiligt je gevoel. Je gaat anders voelen, op een nieuwe manier. Je wordt blij met God. God verveelt je niet meer. Je voelt liefde voor Jezus, je ergert je niet meer aan Hem. Je gevoelsleven verandert, en dat doet de Geest. Maar jouw gevoelsleven blijft jouw gevoel.

Net zo is het met je denken. Je manier van denken, je denkwereld verandert. En dat doet de Geest. Maar jouw gedachten blijven jouw gedachten.

De Geest woont niet in je verstand, in je gevoel of in je wil. De Geest komt een stap dieper in je wonen: in je hart. Van daaruit beïnvloedt Hij je voelen, je denken, je willen. Je merkt wat de Geest doet met jou – liefhebben gaat je beter af dan voorheen. De vrucht van de Geest groeit. Maar dat de Geest in je woont, dat merk je niet direct. Maar Jezus zorgt er wel voor.

Hij belooft het aan al zijn leerlingen: Ik zorg dat jij de Heilige Geest krijgt. Twijfel niet aan die belofte: als jij gelooft in Jezus Christus en zijn leerling bent, dan komt de Heilige Geest in je wonen. Dat kan niet anders.

6. Dus is er hoop voor christenen in Nederland. Jezus is onze pleitbezorger. En Jezus belooft: ik zal de Vader vragen om nog een pleitbezorger. Die komt in jullie wonen.

Besef goed: die Geest hebben we keihard nodig. Om los te komen van de wereld en van wereldse denkpatronen, wereldse voorkeuren, wereldse consumptiepatronen. Om tegenstand te kunnen weerstaan. Om krachtige getuigen van Jezus te zijn.

Maar die Geest kunnen we ook in de weg staan. Let op wat het kader is van vers 15-21: het begint ermee en het eindigt ermee:

Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden – vers 15.

Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief – vers 21.

Daar kan de Heilige Geest werken.

Ze horen bij elkaar: de Heilige Geest – Jezus liefhebben – je aan de geboden van Jezus houden.

Je aan de geboden van Jezus houden, dat is: in Hem geloven. Willen dat Hij alles voor je is. In Hem blijven. Luisteren naar zijn stem. Zijn voorbeeld volgen. God liefhebben. Je broer of zus in de gemeente liefhebben. Elkaar vergeven.

Wie weet: ik moet dit doen, en het niet doet, die dooft de Heilige Geest uit.

Wie roddelt, wie haat koestert, wie partijschappen in leven houdt, die staat de Heilige Geest in de weg.

Wie denkt: God vergeeft mij toch wel, dus ik zondig nog maar een keer, die bedroeft de Heilige Geest.

Wie overal tijd in steekt, maar geen tijd heeft voor het onderwijs van Jezus en voor de andere leerlingen van Jezus, die geeft de Heilige Geest geen ruimte.

Vul het zelf maar in.

Ik kan hier niet omheen: Het christendom in Nederland is verzwakt, omdat we te weinig gehoorzaam zijn aan de geboden van Jezus Christus.

Gaat er van jouw leven weinig uit omdat jouw liefde en jouw gehoorzaamheid mist? Bekeer je dan!

Als wij lauw zijn geworden, dan is het niet gek als de kerk hier straks verdwijnt. Dan wordt Nederland misschien een Moslimland.

Maar dat is niet de conclusie van deze preek. We gaan straks Pinksteren vieren.

De conclusie is juist:

Wie zich richt op Jezus en zijn leerling is, wie zich bekeert waar dat nodig is: die mag zeker weten: Jezus belooft ons de Heilige Geest.

Als jij van Jezus houdt en Hem gehoorzaam wilt zijn, dan krijgt de Heilige Geest in jouw leven alle ruimte.

Als de Heilige Geest in je woont, dan ga je alleen maar meer van Jezus houden, en groeien in gehoorzaamheid.

Verlang daar naar, bid daarom, steeds weer:

Van Jezus te houden

Hem te voorhoorzamen

En vol te worden van de Heilige Geest.