Handelingen 1,4-8 – Wachten op de Geest – bruikbaar worden voor Hem (met Samen GROEI-en)

Hans Burger
Hans Burger
29 mei 2011

Handelingen 1,4-8 – Wachten op de Geest – bruikbaar worden voor Hem (met Samen GROEI-en)

image_pdfimage_print

Liturgie

Voorzang: Ps 62,1.3
Stil gebed
Votum en zegengroet
Zingen: Ps 95,1.3
Als wetslezing: Galaten 5,13-26
Zingen: Ps 130,2.3.4
Gebed
Lezen:
- 1 Sam 13,1-15
- Handelingen 1,1-8
Zingen: Gez 103,1.6
Preek over Handelingen 1,4-8
Zingen: Opwekking 334
(Middag:
Geloofsbelijdenis
Zingen: Gez 105,1.2.5)
Gebed
Collecte
Zingen LB 477
Zegen

Opmerkingen:

- Bij deze preek is een ‘Samen GROEI-en‘ (een samenvatting met verwerkingsvragen) beschikbaar;

- Ik vind het prettig om het even van te voren te horen wanneer deze preek ergens in een kerkdienst gelezen wordt. In mijn mailbox past altijd nog wel een mailtje: hansburger@filternet.nl

 

Preek over Handelingen 1,4-8 – Wachten op de Geest – bruikbaar worden voor Hem

1. Wachten…

Nee, blijven wachten.

‘Is het nou nog geen tijd?’

 

Wie van jullie kan er goed wachten?

Wie wordt er snel ongeduldig?

 

Je kunt wachten tot papa of mama weer thuis komt.

Je kunt wachten op een trein die vertraging heeft.

Je kunt wachten op bericht uit het ziekenhuis.

 

Je kunt ook wachten op God.

Wachten op de Heilige Geest.

Wie kan er goed wachten op God?

 

Ik moest denken aan het verhaal over Saul uit 1 Samuël 13. Saul moest wachten op de profeet van God, maar hij hield het niet vol. Hij ging zelf aan de gang. En het liep mis met Saul. Maar dat was bij Saul.

 

De apostelen moeten na Hemelvaart wachten op de Heilige Geest, tot de Geest over hen komt. Maar dat waren de apostelen.

 

Toch – wachten op de Heer, wachten op de Geest, het is ook voor ons vandaag belangrijk. Dan maakt het niet zoveel uit dat het nog geen hemelvaart en Pinksteren geweest is, maar wel bijna. Dat is wel een mooie aanleiding om er eens bij stil te staan.

Je komt het een paar keer tegen in de psalmen. In psalm 27:

13 Mag ik niet verwachten

de goedheid van de HEER te zien

in het land van de levenden?

14 Wacht op de HEER,

wees dapper en vastberaden,

ja, wacht op de HEER.

En in Psalm 130:

5 Ik zie uit naar de HEER, mijn ziel ziet uit naar hem (HSV: Ik verwacht de HEERE, mijn ziel verwacht Hem)

en verlangt naar zijn woord,

6 mijn ziel verlangt naar (HSV: wacht op) de Heer,

meer dan wachters naar de morgen,

meer dan wachters uitzien naar de morgen.

 

Wachten op de Heer, Hem verwachten, naar Hem verlangen, naar Hem uitkijken.

 

Dat hoort er soms kennelijk bij. God laat soms op zich wachten.

Wachten op de Heer, dat is wachten tot Jezus terugkomt.

Wachten op de Heer, dat is ook wachten op de Heilige Geest.

 

Ik vroeg het net al. Wie is er goed in: wachten op God?

Verlangen en meer gaan verlangen?

Uitkijken en blijven uitkijken?

En niet net als Saul zijn – zelf maar aan de slag.

Stoppen met bidden.

Geen tijd nemen om stil te zijn.

De TV maar weer aan. Maar weer surfen op internet. Maar weer druk met werk.

Verder leven zonder te wachten op God.

Ik vond het verhaal van Saul eigenlijk wel confronterend. Kan ik wachten op God? Kan jij het?

 

2. Wachten op de Geest – wat is dat? Waarom is het belangrijk?

 

Zo nu en dan is er veel aandacht voor de Geest – een verlangen naar beleving en ervaring. De Geest voelen. Zelf meemaken dat de Geest er is. In tongen spreken misschien. Wonderen zien?

 

Als je dat wilt, waar is het dan goed voor om te wachten op de Geest?

 

Dan ontdek je dat de Geest er niet meteen is. De Geest is geen automaat – je stopt er een gebed in en de Geest rolt er uit. De Geest zit niet in een wonderlamp zoals in het verhaal van Aladin. Je roept hem eruit als je hem nodig hebt. Niet wij zijn de baas over de Geest. De Geest is God en God is onze Heer.

 

Dat moeten wij leren – ik wel. Niet ik ben de baas. Niet ik bepaal wat er gebeurt. Niet ik ben God. Al denkt mijn zondige ik dat misschien wel. Herken jij dat? Ons zondige ik kan slecht wachten op de Geest – maar de Geest is God – niet jij, niet ik.

 

Wachten betekent ook: meer gaan verlangen. Wie iets graag wil en moet wachten, die gaat er steeds meer naar verlangen. Als je op een vertraagde trein staat te wachten en hij komt – dan ben je extra blij.

Of je kapt er al eerder mee. Je gaat weg – naar huis, je belt om een auto, je neemt een taxi. Wachten is een test: wordt je verlangen sterker? Of is je verlangen snel voorbij?

 

Hoe sterk is jouw verlangen naar de Geest?

Blijf je vurig bidden om de Heilige Geest? Of verdwijnt het vuur al snel en stop je met bidden als je weinig resultaat ziet?

Zo zit dat bij ons hè? Wij willen resultaat zien. Anders worden we ongeduldig.

God is geen manager. God denkt vanuit liefde.

Bij liefde hoort verlangen.

 

Wachten – denk aan Saul – is ook een test van je vertrouwen. Saul zou met de filistijnen gaan vechten. Eerst zou Samuel offeren. Toen Samuel op zich liet wachten, werd iedereen ongedurig. Soldaten liepen weg. Saul werd bezorgd. En ging zelf maar offeren. Hij had er geen vertrouwen meer in.

Wie moet wachten op God, die ontdekt: hoe groot is mijn vertrouwen op God eigenlijk?

 

Waarom laat God ons wachten?

 

Omdat God wil dat wij groeien.

In verlangen. Als ik moet wachten, dan kan mijn verlangen groter worden.

In vertrouwen. Als ik moet wachten, dan kan mijn vertrouwen sterker worden.

In afhankelijkheid. Ik ben niet de baas. God is mijn Heer.

 

3. Maar wat is dan wachten op de Geest? Wat doe je dan, wat gebeurt er dan?

 

Wachten op de Geest betekent als eerste dat je je plek gaat zien in Gods grote plan. Jouw eigen kleine plek.

 

Denk aan de leerlingen – er waren geweldig grote dingen gebeurd. Jezus was opeens dood. Gekruisigd – verschrikkelijk. En toen ook opgestaan. Gods koninkrijk zou nu komen. Israel zou hersteld worden. Alles wordt nieuw! Ze hebben in die 40 dagen na de opstanding uitleg gekregen van Jezus. Over hoe het allemaal zat met Gods rijk, met Israël.

 

Ze zien het grote geheel.

En ze zoeken naar hun eigen plek daarin.

 

‘Heer, gaat u dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?’ Vers 6.

 

Komt het dan nu allemaal goed met Israël? Heer, maak het nu eens concreet voor ons hier en nu?

Zo hebben wij nog steeds onze vragen – je kunt lastige vragen stellen bij dit hoofdstuk.

Hoe zit het met Israël? Wanneer wordt Israel definitief hersteld?

Wanneer komt Jezus nu eindelijk terug? Wanneer komt echt alles goed?

Hoe zit het nu met die doop in de Heilige Geest? Moeten wij niet ook in tongen spreken?

 

Dan doet Jezus drie dingen:

1. Hij schetst de grote lijnen – zo ziet Gods plan er uit

2. Hij laat zien: de grote beslissingen over wanneer en waar, die zijn aan God de Vader alleen

3. Hij zegt tegen de leerlingen: richten jullie je nu op jullie eigen taak.

 

Dat geldt voor ons ook.

Wachten op de Geest wil zeggen: dat leren.

Wachten op de Geest, is tijd krijgen om Gods plan in hoofdlijnen te leren zien. Onderwezen worden uit de Bijbel. Ontdek hoe Gods rijk komt en wat de betekenis van Jezus daarin is.

Wachten op de Geest is ook: de grote beslissingen aan God overlaten. Niet blijven hangen in ingewikkelde vragen. Wij hoeven niet alles te weten. Wij weten niet wanneer Jezus terugkomt. Wij krijgen niet op alle vragen een antwoord – hoe zit het met Israël? Waarom spreekt de een wel in tongen, de ander niet? Waarom wordt de een wel genezen, de ander niet? Laat die vragen je niet afleiden. Laat dat over aan God zelf. Ontdek Gods grote plan. Dan kun je ook je eigen plek daarin zien. En bereid je dan voor op je eigen taak!

 

 

4. Wat is onze taak?

Onze taak is getuige zijn van Jezus. Mensen bij Jezus brengen.

 

Getuigen, dat zijn we samen als gemeente, niet in ons eentje. Zoals in een team ieder zijn eigen rol heeft, zo is het hier. De een kan goed contacten leggen, de ander kan goed uitleggen wie Jezus voor ons is. De één kan heerlijk koken voor gasten die hier komen eten, de ander organiseert het koken en afwassen, maakt de WC schoon of brengt een stuk gezelligheid met zich mee. Samen vormen we dan een gemeente waarin Gods liefde ervaarbaar wordt: vergeving, gastvrijheid, gulheid, liefde en gemeenschap, uitdragen van het goede nieuws: Jezus leeft en Hij maakt alles nieuw!

 

Doe het ook samen!

Ik ben niet zo goed in het contact leggen met mensen die ik niet ken, die niet geloven, zeker als ik niet ‘in functie ben’ als dominee. Het was voor mij een eye-opener toen ik pas hoorde: dan kun je ook samen met iemand anders erop af stappen. Contacten leggen kun je beter met z’n tweeën of z’n drieën doen. Word bijvoorbeeld samen lid van een voetbalclub, dan kun je samen contacten leggen.

 

Getuigen is geen keus, dat is onze opdracht. Klaar. Leerlingen van Jezus werven nieuwe leerlingen. Iedereen kan daar een rol in spelen – en dat kan ook afwassen zijn. Dat doen we om mensen bij Jezus te brengen.

 

Op belijdeniscatechisatie daag ik de jongeren altijd uit om getuigend te leven – zo je keuzes te maken dat heel je leven een getuigenis is van Jezus. Dus ook de kleine en gewone dingen doen met in je hart het verlangen: misschien kan dit de ander dichter bij Jezus brengen.

 

Soms komt dat hard aan – wij zijn Gods levende reclame-materiaal. Wil ik dat wel?

En dat herken ik: ik vind het nogal wat. Ik wil het vaak niet.

Steeds is er weer die verleiding: geloof is privé. Ik hou het voor mezelf.

Ergens is er die schaamte: geloof is van vroeger. Dat is voorbij.

En dan mist er die bewogenheid: als wij niks zeggen, gaat die ander dan eeuwig verloren?

 

Wachten op de Geest is: tijd krijgen om daarover na te denken: ga ik mee in de missie van de kerk, van onze gemeente: dat begint met ‘mensen bij Jezus brengen’?

 

5. Wachten op de Geest is namelijk ook: ontdekken dat Jezus daarvoor zijn Geest geeft. De Geest wil Jezus groot maken. De Geest is de eerste getuige van Jezus. Daar is alles op gericht. Daarom brengt de Geest ons bij Jezus. Maar daarom maakt de Geest ook ons geschikt om weer anderen bij Jezus te brengen.

 

Dat was voor mij een ontdekking – al weer een tijd geleden trouwens. Maar hier trof het me weer. De Geest wordt gegeven als kracht om te getuigen van Jezus.

 

Ik vraag het me ook wel eens af: waarom is het leven van christenen in Nederland soms zo mat? Waar zijn de ogen die branden van vuur voor Jezus? Waar is de diepe vreugde in Hem? Zou het kunnen dat God ons niet zo veel van zijn Geest geeft omdat we het niet belangrijk vinden om te getuigen van Jezus?

 

Of erger – omdat we er niet eens aan toe komen om op de Geest te wachten? We zijn al weer afgeleid. Druk druk druk. Verslaafd verslaafd… aan van alles en nog wat. Altijd zitten we vol, met beelden, met muziek, met afspraken, met werk. Van de stilte blijft niets over. Wachten op de Geest … Zijn we net als Saul al weer zelf aan de slag?

 

Lieve mensen – de kracht van de Geest is beschikbaar – in overvloed.

Voor mensen die zelf beschikbaar zijn. Handelingen 5,32 zegt:

‘Daarvan getuigen wij, en daarvan getuigt ook de heilige Geest, die God geschonken heeft aan wie hem gehoorzamen.’

De Geest wordt gegeven aan wie gehoorzaam zijn.

Bereid om te gaan.

 

Mensen die het vuur van de Geest niet doven.

Die de Geest niet laten praten.

Die de stem van hun geweten niet wegdrukken, en zeggen ‘nu maar even niet’.

 

In het koninkrijk van God werkt het zo, Marcus 4,25:

‘Want wie heeft zal nog meer krijgen; maar wie niets heeft zal zelfs het laatste worden ontnomen.’

Wie gehoorzaam is en gaat, getuigt, die ervaart de kracht van de Geest. Ik hoop dat je dat herkent.

Wie niet gaat, die ervaart weinig van de Geest.

 

Wachten op de Geest is een tijd van bezinning: verlang ik naar de kracht van de Geest? Verlang ik ernaar gehoorzaam te zijn?

En als het nodig is, jezelf te bekeren?

 

Dat kan. Dat mag. Dat moet misschien wel.

Zeg het tegen de Heer als het moet: Heer, vergeef me. Ik ben niet bereid om te gaan. Het zit niet in me. Maar ik wil wel. Ik verlang er wel naar – uw kracht te gebruiken voor uw doel.

 

6. Want dat is de belofte van de Vader waarover Jezus ons verteld heeft. We zullen in de Heilige Geest ondergedompeld worden.

 

Wachten op de Geest is: Danken voor wat je al gekregen hebt – in iedere christen woont immers de Heilige Geest.

Maar ook vurig verlangen naar die onderdompeling in de Geest. Ondergedompeld worden in de Geest – dat is wat Jezus doet. Johannes doopt met water, Jezus doopt met de Heilige Geest. Dat is zijn belofte. Daar mag je hem en God, zijn Vader, aan herinneren.

 

Dompel maar eens een kopje onder in water. Dan druipt het water er af. Zo is het ook met gedoopt worden met de Heilige Geest – de Geest druipt er af. Helemaal doortrokken van de Geest.

 

Let dan wel op: wat doet de Geest?

De Geest geeft als eerste kracht om te getuigen. Als iemand eerst bang is, zich verstopt, zoals de leerlingen. En dan opeens gaat staan en in het openbaar getuigt van Jezus, zoals Petrus. Dan zie je het effect van de doop met de Geest.

 

De Geest laat zijn vrucht groeien. Dat is niet allereerst een gevoel, al speelt blijdschap wel een centrale rol. Dat is, zegt Galaten 5, liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Als iemand verandert van een chagrijnig iemand in iemand die kan liefhebben, blij is met de Heer, een vredestichter wordt die kan vergeven. Vriendelijk, goed, vol geloof. Zodat je het karakter van Jezus ziet. Dan zie je het effect van de doop met de Geest. Dan kun je getuigend leven – heel je leven spreekt immers van Jezus.

 

De Geest geeft zijn gaven – om te dienen, te onderwijzen, leiding te geven, in tongen te spreken, te vertroosten, te genezen, te bemoedigen – de een dit, de ander dat. Nooit alles tegelijk. Altijd om mensen bij Jezus te brengen. Waar je die gaven ziet, daar zie je het effect van de doop met de Geest.

 

De Geest getuigt van Jezus en maakt Jezus groot. Waar Jezus groot gemaakt wordt, waar mensen bij Jezus worden gebracht, daar zie je het effect van de doop met de Geest.

Die doop met de Geest, kracht om te getuigen, het is ons beloofd!

 

Trek je daaraan op, biddend.

Weet je wat de leerlingen deden? Kijk in vers 14:

Vurig en eensgezind wijden ze zich samen aan het gebed.

Zo samen bidden en elkaar helpen om het te bidden:

Heer, u hebt belooft ons onder te dompelen in uw Geest. Maak mij bruikbaar als getuige van Jezus. En dan: dompel mij onder in uw Geest.

Verlang daarnaar! Samen, vurig, eensgezind.

Wacht op de Geest – word bruikbaar voor Hem!