Efeziërs 4:26-27 – Opstaan uit je boosheid

Mark Veurink
Mark Veurink
19 april 2015

Efeziërs 4:26-27 – Opstaan uit je boosheid

image_pdfimage_print

Pasen heeft alles met je dagelijks leven te maken. Bijvoorbeeld met hoe je met boosheid omgaat. Boosheid is normaal, soms ook terecht. Maar koester je boosheid niet. Door Jezus kun je op een nieuwe manier met boosheid omgaan.
Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Bij deze preek is een preekverwerkingsblad beschikbaar: Samen GROEI-en.

Liturgie
Zingen: Psalm 141 : 1, 2 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Lied 215 : 1, 2 en 3
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: Efeziërs 4 : 25 – 5 : 20
Zingen: Psalm 4 : 2 en 3
Preek over Efeziërs 4 : 26 – 27
Zingen: LvK Lied 462 : 1, 3 en 4
Kinderen terug
Lezen wet
Zingen: Opwekking 689
Gebed
Collecte
Zingen: Psalm 96 : 1, 2 en 5
Zegen

Opstaan uit je boosheid

Inleiding
dia 1 – zwart
Het gaat vanmorgen over ‘boos zijn’.
Misschien vind je het wel lekker om soms even boos te zijn,
want dat kan je best opluchten.
Maar het kan ook dat je bijna nooit boos bent, en daarom denkt:
‘ik hoef vanmorgen niet te luisteren, het gaat toch niet over mij.’
Luister toch nog maar even verder!

dia 2 – rijdende rechter
Bij boze mensen denk ik aan het tv-programma ‘de rijdende rechter’.
Ik verbaas me er altijd over hoe boos mensen kunnen worden
om een rijtje coniferen dat 20 centimeter teveel naar voren staat…
Totdat het mijzelf een keer overkomt,
dan wil ik toch ook wel erg graag dat ik krijg waar ik recht op heb…
Hoe dan ook, de emoties kunnen bij ‘de rijdende rechter’ hoog oplopen.
Vooral op de hoorzitting.
Eerst heeft mr. Frank Visser met deskundigen een kijkje ter plaatse genomen,
in de hoorzitting komen eiser en beklaagde uitgebreid aan het woord.
Tenminste, als ze elkaar laten uitpraten, en soms is dat heel moeilijk…
Dan legt de een net uit wat zijn probleem is,
en dan schreeuwt de ander er alweer doorheen ‘dat is niet waar!’
En daarna gaan ze demonstratief met de armen over elkaar zitten
en blijven de hele hoorzitting boos ‘nee’ schudden.

dia 3 – boos
Daar denk ik dus aan bij ‘boos zijn’.
Maar boosheid is veel meer.
Je kunt boos zijn op de computer omdat die zo langzaam opstart.
Je kunt boos zijn op iemand die op een onhandig moment belt,
helemaal als het weer eens zo’n callcenter is dat je iets wil aansmeren.
Je kunt boos zijn omdat iemand zich niet aan afspraken houdt.
Je kunt boos zijn omdat iemand je niet serieus neemt.
Je kunt boos zijn omdat zoveel vluchtelingen omkomen in de Middellandse Zee.
Dat is allemaal boosheid, en je kunt die lijst nog veel langer maken.
Het gaat vanmorgen niet over een klein gedeelte van de mensen
dat het lastig vindt om hun boosheid te beheersen.
Misschien is het zelfs nog wel veel gevaarlijker
om niets van je boosheid te laten merken.
In ieder geval durf ik wel te zeggen dat iedereen regelmatig boos is.
Of, als je het liever anders noemt: geërgerd of geïrriteerd.

dia 4 – opstaan uit je boosheid
De vraag is: hoe ga je met je boosheid om?
Vorige week ging het erover dat het Pasen in je leven mag zijn:
niet alleen Jezus is uit de dood opgestaan,
met Jezus mogen wij ook opstaan in een nieuw leven.
Dat is natuurlijk nog best abstract,
wat is er dan zo anders aan dat nieuwe leven?
Vandaag maken we het wat concreter:
wat betekent opstaan met Christus voor je boosheid?
Het thema is daarom: opstaan uit je boosheid.

1. Boosheid koesteren
dia 5 – boosheid koesteren
Paulus schrijft over boosheid:
‘laat de zon niet ondergaan over uw boosheid.’
Waarom Paulus dit schrijft, weten we niet.
In ieder geval wordt er wel duidelijk van
dat Paulus niet alleen maar met z’n hoofd bij God zit:
hij weet ook heel goed dat de kerk niet perfect is,
dat mensen het vaak best moeilijk vinden om goed met elkaar om te gaan,
ook al zijn ze door hun geloof aan elkaar verbonden.
Blijkbaar ziet Paulus dat ook de christenen in Efeze
niet goed met hun boosheid omgaan: ze koesteren hun boosheid.

dia 6 – boos zijn is normaal
Met boosheid op zich is niets mis.
Paulus begint met ‘als je boos wordt’:
het is voor hem vanzelfsprekend dat mensen boos worden,
dat is geen enkel probleem.
Boos zijn is normaal, boos zijn hoort gewoon bij het leven.
Je kunt boosheid verstoppen, maar daarmee is de boosheid nog niet weg.

dia 7 – parlement Italie
Ik denk trouwens dat Nederlanders daar ook best goed in zijn, boosheid verstoppen.
Vergelijk een vergadering van onze Tweede Kamer maar eens
met een vergadering van het Italiaans of Brits parlement:
daar zijn vergaderingen echt vuurwerk, met veel geschreeuw,
in Nederland zijn ze heel braaf.
We houden het graag netjes, maar dat betekent niet dat we geen boosheid hebben.
Het komt alleen wat anders naar buiten, bijvoorbeeld door te mopperen,
en daar zijn Nederlanders dan weer heel goed in!

dia 8 – goede redenen om boos te zijn
Er kunnen heel goede redenen zijn om boos te zijn.
Jezus was ook boos,
bijvoorbeeld als de Farizeeën met hun regeltjes mensen van God weg hielden.
De meeste goede veranderingen beginnen met mensen die boos zijn:
zonder boosheid was de slavernij nooit afgeschaft,
hadden vrouwen nog altijd geen stemrecht
en waren er nauwelijks sociale voorzieningen.
Het is goed om boos te zijn als je onrecht ziet,
als mensen misbruik van elkaar maken
of als je hoort hoe vluchtelingen worden behandeld.

dia 9 – koesteren: je houdt je boosheid voor jezelf
Boosheid zit in ons allemaal, de vraag is alleen: hoe ga je er mee om?
Het is nog niet zo makkelijk om goed met boosheid om te gaan.
Voor je het weet, ga je je boosheid koesteren.
Als je bijvoorbeeld een probleem hebt met iemand uit de kerk,
omdat die een vervelende opmerking tegen je maakte,
dat je dan die persoon gewoon maar even ontloopt.
Of dat je vriendelijk doet, dat is namelijk wel zo beleefd,
maar ondertussen voel je de boosheid van binnen wel.
Je houdt je boosheid voor jezelf, die boosheid blijft met je meegaan,
hoe langer je erover nadenkt, hoe meer je jezelf gelijk geeft:
je omarmt de boosheid.
Dat is dus iets heel anders dan een opvliegend karakter,
deze vorm van boosheid is nog veel venijniger: hij blijft bij je.
Daarover heeft Paulus het: je boosheid koesteren.

2. Boosheid koesteren houdt je van Jezus af
dia 10 – boosheid koesteren houdt je van Jezus af
En dáárvan zegt Paulus: dat is niet goed.
Natuurlijk ben je regelmatig boos,
maar koester dan je boosheid niet.
Want je boosheid koesteren, dat houdt je van Jezus af.

dia 11 – het evangelie verandert hoe je met boosheid omgaat
Ik vind dat spannend:
geloven in Jezus Christus heeft dus ook met zulke dingen te maken!
Het gaat niet alleen over hoe je tegenover Jezus staat,
maar ook over alledaagse dingen zoals boosheid.
Het gaat niet alleen over dat God van je houdt,
maar ook over dat God je leven verandert.
Paulus zegt: ‘laat u door niemand met loze woorden misleiden.’
Loze woorden stellen je gerust,
laten je denken dat God het wel prima vindt als jij op jouw manier leeft.
Maar het evangelie verandert ook je dagelijks leven,
ook hoe je met boosheid omgaat.

Boosheid koesteren hoort bij het oude leven, het leven zonder Jezus.
Paulus waarschuwt: ‘laat je boosheid er niet voor zorgen
dat je zondigt en dat je de duivel een kans geeft.’
Als je je boosheid koestert, doe je dat.
Het past niet bij het opstaan met Jezus,
het nieuwe leven is juist dat je ook opstaat uit het koesteren van boosheid.

dia 12 – boosheid koesteren verwoest relaties
Want boosheid die je koestert doet lelijke dingen.
In je boosheid zeg en doe je dingen waar je achteraf spijt van hebt.
Maar boosheid kan nog meer doen.
Het gaat tussen jou en anderen instaan, ook als het maar om kleine ergernisjes gaat.
Boosheid kan je trots voeden, dat je je meer voelt dan anderen.
Als je boosheid koestert, gaat het een heel eigen leven leiden:
je negeert elkaar, heb oordelen over elkaar, en gaat langs elkaar heen leven.
Als je boosheid voor jezelf houdt, verwoest het je relaties.
Terwijl frustraties juist een hele goede gelegenheid zijn
om echt met elkaar in gesprek te zijn en te groeien in liefde.

Boosheid geeft zelfs de duivel kans om in je leven binnen te komen.
Het Griekse woord dat Paulus hier voor de duivel gebruikt, betekent ook ‘leugenaar’.
Met boosheid kunnen leugens in de wereld komen.
De duivel verdraait de waarheid graag.
Als je boos bent, blijf je meestal niet bij de feiten, maar ga je voor een ander invullen.
Iets kleins kan een eigen leven gaan leiden,
bijvoorbeeld als iemand op straat je niet groet,
en jij denkt dat die iets tegen je heeft,
en vervolgens ga je inbeelden wat die ander allemaal over je denkt.
Terwijl hij in werkelijkheid je gewoon niet gezien had.
Geef de duivel geen kans door zo met je boosheid om te gaan!

dia 13 – boosheid mag niet in de plaats van Jezus komen
Boosheid die je koestert, gaat je leven beheersen.
Je houding wordt er een van irriteren en mopperen.
Dat staat ook je leven met Christus in de weg.
Boosheid verzuurt je, in plaats van dat je in Christus vreugde vindt.
Voor je het weet is boosheid de drijfveer van je leven,
je boosheid wordt bepalend voor je keuzes.
Dan komt boosheid in de plaats van Jezus te staan.

3. Jezus rekent met je boosheid af
dia 14 – Jezus rekent met je boosheid af
Je boosheid koesteren is gevaarlijk.
Tegelijk denk ik dat iedereen het in bepaalde mate wel doet.
Paulus geeft in deze hoofdstukken veel regels, best zinnige regels,
maar hoe kun je daar ooit aan voldoen?
En nog iets anders:
een beetje psycholoog zal ook zeggen dat je boosheid niet moet koesteren.
Wat is er dan zo typisch christelijk aan goed omgaan met boosheid?
Ja, je kunt op een nieuwe manier met je boosheid omgaan,
en ja, Jezus heeft daar alles mee te maken.
Jezus rekent met je boosheid af.

dia 15 – God heeft reden om boos te zijn (raam)
Laten we maar eens kijken hoe God met boosheid omgaat.
Als er iemand reden heeft om boos te zijn, is het God wel.
Wij worden al boos als iemand aan je spullen zit,
als iemand bijvoorbeeld een steen door je raam gooit.
Terecht dat je dan boos bent.
God heeft een prachtige wereld gemaakt waar alles goed was.
Tot de mensen ermee bezig gingen…
Dat gaat wel even wat verder dan een steen door een raam:
zonder ophouden maken we kapot wat God zo mooi gemaakt heeft.
Natuurlijk is God boos!

dia 16 – in Jezus rekent God met de boosheid af
Maar God koestert zijn boosheid niet.
God maakt werk van zijn boosheid.
Hij laat zich niet door zijn boosheid beheersen.
In plaats van zijn terechte boosheid op ons af te reageren,
of zich maar terug te trekken en ons voortaan te negeren,
neemt God de boosheid op zichzelf!
Aan het kruis draagt Jezus alle boosheid, en trekt zelfs God zich van hem terug.
En deze Jezus is opgestaan!
Dat betekent dat hij gewonnen heeft, ook van de macht van de boosheid.
Wij, mensen, blijven elkaar lang dingen nadragen.
God is anders: voor wie bij Jezus horen is zijn boosheid klaar.
Dat gaat heel wat dieper dan uit beleefdheid vriendelijk met ons omgaan:
God heeft alles op alles gezet om een echte relatie met je te hebben.

dia 17 – Jezus wil je boosheid dragen
In hoe God met jou omgaat, geeft hij het goede voorbeeld.
Maar het is nog meer:
omdat Jezus is opgestaan, is er ook echt iets veranderd voor je eigen boosheid.
Als je boosheid terecht is, mag je weten dat God met jou boos is.
Ook die boosheid heeft Jezus al ondergaan en overwonnen.
De boosheid die ik nog koester doet daar alleen maar afbreuk aan.
God doet recht, niet ik.

Jezus geeft je een nieuw leven, een nieuwe toekomst.
Veel boosheid komt uit angst voort.
Angst voor hoe anderen tegen jou aan kijken,
angst dat het anders gaat dan op jouw manier,
angst dat je niet krijgt waar je recht op hebt.
Jezus wil je angst dragen, er een einde aan maken.
Paulus zegt: ‘de Heilige Geest is het stempel
waarmee u gemerkt bent voor de dag van de verlossing.’
Je hoort bij Jezus, bij zijn nieuwe wereld: het koninkrijk van God,
en met die hoop hoef je je niet door boosheid te laten leiden.

4. Laat boosheid je niet beheersen
dia 18 – laat boosheid je niet beheersen
De vraag was: hoe ga je met boosheid om.
Boosheid is normaal, maar het gaat fout als je het gaat koesteren.
Bij Jezus kun je kracht vinden om op een nieuwe manier met boosheid om te gaan:
laat boosheid je niet beheersen!

Dat is niet perse makkelijk.
Het zit zo in mensen ingebakken hun boosheid te koesteren,
dat het een bewuste keuze moet zijn om dat niet te doen.
Maar hoe vaker je dat doet, hoe meer het ook automatisch gaat:
boosheid gaat je steeds minder beheersen.
Wat Paulus eerder al zei, dat je met Christus bent opgewekt,
wordt dan in je leven ook steeds meer werkelijkheid.
Oude gewoonten moeten sterven, en nieuwe gewoonten moeten opstaan.

dia 19 – geef de duivel geen kans in de gemeente:
Dat begint hier, in de gemeente.
Vlak voor het gedeelte dat wij hebben gelezen,
heeft Paulus het erover hoe belangrijk het is elkaar lief te hebben
om zo naar Christus toe te groeien, die het hoofd is van de gemeente.
In de kerk mag boosheid niet tussen mensen in staan.
En daarbij kun je ook denken aan ergernisjes en irritaties.
Het is onvermijdelijk dat die er zijn, maar koester ze niet,
geef de duivel geen kans om tussen ons in te komen.
Daarmee maak je het lichaam van Christus kapot!

dia 20 – spreek goede woorden
Wat moet je dan wel?
Het begint in ieder geval met een goede omgang met elkaar.
Paulus zegt: ‘laat goede en waar nodig opbouwende woorden over je lippen komen,
die goed doen aan wie ze hoort.’
Geef geen aanleiding tot boosheid,
door slechte woorden te spreken, door altijd iets aan te merken te hebben,
door met woorden af te breken in plaats van op te bouwen.

dia 21 – maak werk van je boosheid
En als er dan wel boosheid is?
Niet alle irritaties zijn groot genoeg om uit te praten.
Laat het dan los: iets gaat niet op jouw manier, maar ook niet alles hoeft op jouw manier.
Laat het dan ook écht los: laat het niet sluimeren,
zodat het later alsnog naar boven komt.

In andere situaties is het beter om je boosheid uit te praten.
Dat is een kunst op zich.
Want wat begin je makkelijk vanuit je boosheid:
‘moet je eens horen, jij hebt me gekwetst, dat moet je terugnemen!’
Je dropt je boosheid, en de ander moet zich er maar mee redden…
Dat heeft dus niets te maken met uitpraten!
Uitpraten is veel moeilijker: je moet naar elkaar luisteren,
eerlijk bespreken wat er is gebeurd, zonder alle vooroordelen die je erbij hebt bedacht,
elkaar leren te begrijpen en dan samen verder gaan.
Dan is er uit je boosheid iets moois gekomen: liefde.

Helaas lukt uitpraten niet altijd.
Laat het dan wel los, laat het aan God over.
Je hoeft het niet te vergeten, maar laat je boosheid je niet beheersen.
Dat geldt ook voor boosheid over grote wereldproblemen:
laat je boosheid maar aan God over.
Dat neemt niet weg dat je je natuurlijk wel kunt inzetten voor de goede zaak.

dia 22 – nog voor je gaat slapen
En dan geeft Paulus nog goede praktische raad:
‘laat de zon niet ondergaan over je boosheid.’
Doe iets met je boosheid voor je gaat slapen,
en waarschijnlijk slaap je dan nog beter ook.
Want van uitstel, van wachten op een betere gelegenheid,
komt vaak alleen maar afstel.
Je boosheid gaat nog meer een eigen leven leiden.

Laat het Pasen zijn in je leven:
leef het nieuwe leven dat Jezus geeft
en sta op uit je boosheid.
Amen.