1 Korintiërs 4:3-4 – In Jezus ben ik vrij (met Samen Groeien)

Mark Veurink
Mark Veurink
16 februari 2014

1 Korintiërs 4:3-4 – In Jezus ben ik vrij (met Samen Groeien)

image_pdfimage_print

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.Bij deze preek is preekverwerkingsmateriaal beschikbaar: <a href=”index.php?option=com_docman&task=doc_download&gid=122&Itemid=100″ target=”_blank” title=”Samen GROEI-en”>Samen GROEI-en</a>.” col=”6″]

Liturgie

  • Zingen: Opwekking 518
  • Stil gebed
  • Votum en groet
  • Zingen: GKB Gezang 145 : 2, 3 en 4
  • Gebed
  • Kinderen naar club
  • Lezen: 1 Korintiërs 3 : 1 – 4 : 5
  • Zingen: Psalm 139 : 1, 7 en 8
  • Preek over 1 Korintiërs 4 : 3 – 4
  • Zingen: Psalm 131 : 1, 2 en 3
  • Kinderen terug
  • Lezen wet
  • Zingen: GKB Gezang 140 : 1
  • Gebed
  • Collecte
  • Zingen: LvK Lied 90 : 1, 3 en 11
  • Zegen

Preek: In Jezus ben ik vrij

Schaatssucces
dia 1 – olympische spelen

De Olympische spelen zijn in volle gang.
Nederland is er van in de ban.
We doen het ook goed!
De ene na de andere medaille wordt binnengesleept.
Alsof het niets is.
Wij, Nederlanders, laten de wereld wel even zien wie de baas is!
Oke, alleen met schaatsen,
bij die andere sporten bakken we er vrij weinig van,
maar schaatsen dat telt!
En we zijn allemaal toch stiekem wel een beetje trots
dat Nederland het zo goed doet.

dia 2 – podium

Een wedstrijd om nooit te vergeten,
was de 500 meter voor mannen.
Nog nooit won een Nederlander Olympisch goud op die afstand,
maar nu kleurde het hele podium oranje.
Michel Mulder, Jan Smeekens en Ronald Mulder.

dia 3 – banner Greijdanus

En wat het voor mij extra bijzonder maakt:
Michel en Ronald hebben op dezelfde school gezeten als ik:
het Greijdanus College in Zwolle.
Ik ken ze niet,
en toch voelt het alsof ik een beetje meedoe in hun overwinning.
Die Michel heeft toch maar mooi Jan Smeekens verslagen,
ook al is het maar met een fractie van een seconde.
En daar hoor ik bij!
Het is alsof ik zelf Olympisch goud heb gewonnen.
Ik zie mijzelf al op het podium staan,
en ga me bijna beter voelen dan Jan Smeekens.
Totdat ik bedenk dat wat hij in 35 seconden doet,
dat ik daar toch minsten drie en een halve minuut voor nodig heb…

dia 4 – zwart

Vreemd is dat…
Dat anderen goed schaatsen,
en dat wij ons zo met hen verbonden voelen,
dat we schaamteloos zeggen dat ‘wij’ hebben gewonnen.
Het doet ons goed als landgenoten presteren.
Want dan mogen we trots zijn op onze Nederlandse identiteit.

dia 5 – in Jezus ben je vrij

En over identiteit en prestaties gaat het vanmorgen.
Identiteit gaat over de vraag: wie ben ik?
Ben ik iemand omdat ik iets goed kan,
en anderen daar bewondering voor hebben?
Ben ik iemand omdat ik bij de goede groep hoor,
bijvoorbeeld een sporter of een zanger,
en anderen me daarom waarderen?
Of zit het daar niet in?

Voordat we met die vragen bezig gaan,
moet ik nog even iets uitleggen.
Deze preek is er een in een serie over dienen.
Het bijbelgedeelte gaat daar niet rechtstreeks over.
Maar dienen kan heel gevaarlijk zijn:
een manier om van je eigen schuldgevoel af te komen.
Als je dient zonder dat dat geworteld is
in het besef dat God zielsveel van je houdt,
is dienen de zoveelste afgod in ons leven.
Daarom staan we vandaag stil bij de vraag:
hoe kijk je naar jezelf?
Ik wil je graag laten zien dat je in Jezus vrij bent.

dia 6 – boekje

Over die vraag en de bijbeltekst van vanmorgen,
heeft Tim Keller een mooi boekje geschreven:
“bevrijd van je zelf.”
Voor de preek heb ik daar dankbaar gebruik van gemaakt.
Altijd maar vergelijken

dia 7 – ik wil de beste zijn

Hoe kijk je naar jezelf?
Waarom ben jij waardevol?
Op die vraag kan ik natuurlijk niet voor jullie een antwoord geven,
want iedereen is anders.
Wat ik wel weet is dat veel mensen zichzelf waardevol vinden
omdat ze ergens goed in zijn.
Grappen maken, preken, dienen.

Maar goed is vaak nog niet goed genoeg.
Ik wil niet goed zijn, ik wil beter zijn.
Beter dan anderen.
Hoe goed je ook bent,
de zilveren medaille is een medaille voor verliezers…
Mensen zijn steeds bezig zichzelf met anderen te vergelijken.
Je moet de beste grap maken, en ik de beste preek,
of je moet het beste dienen.
Je bent iemand als anderen van je onder de indruk zijn.

Zo zijn de Korintiërs ook druk bezig.
Ze vergelijken zichzelf graag met anderen.
Als ze ergens beter in zijn, dan zijn ze trots,
maar als iemand anders beter is, dan zijn ze jaloers.
Ze zijn druk bezig met hun ego.
Want wat geeft het een goed gevoel
als anderen van je onder de indruk zijn!
Dat streelt je ego.
Hoe anderen over je denken is dus heel belangrijk.
Daarom moet je scherp blijven en presteren,
laten zien dat je belangrijk bent.
Anders ben je een loser.

dia 8 – ik hoor bij de goede groep

Toch kan er maar één de beste zijn.
Ik kan niet schaatsen.
Dan kan ik me maar beter met een goede schaatser identificeren:
dan deel ik in zijn roem.
In Korinte gebeurt dat ook.
De een hoort bij Paulus en de ander bij Apollos.
Allebei zijn ze als evangelist in Korinte geweest.
Ze hebben hetzelfde evangelie verteld,
het gaat dus niet om een meningsverschil over de inhoud.
Het gaat alleen maar om persoonlijke voorkeur:
de een vindt Paulus aansprekend, de ander vindt Apollos een fijne man.
Zo ontstaan er groepen, van mensen die trots zijn op dezelfde leider.

Het lijken misschien verschillende dingen,
je identiteit zoeken in waar jij het beste in bent
en je identiteit zoeken in een groep,
maar er zit steeds hetzelfde achter:
je wilt anderen aftroeven zodat je positief over jezelf kunt denken.
Wie je bent, wordt bepaald door anderen.

dia 9 – dienen om jezelf waardevol te vinden

Het klinkt misschien gek,
maar ook dienen kan een manier zijn om positief over jezelf te denken.
Je zet je volop in voor anderen, en hoopt dat anderen dat zien,
en dat ze hun waardering uitspreken.
En doen ze dat niet, dan helpt dienen tenminste nog om jezelf nuttig te voelen.
Je moet wel dienen, want anders kun je niet tevreden zijn over jezelf.
Dan is dienen jouw antwoord op de vraag ‘waarom ben ik waardevol?’
Juist dienen, je voor anderen inzetten,
doe je dan om er zelf beter van te worden.
Ik betrap mijzelf daar wel op:
dat ik anderen dien omdat ik waardering wil.
Maar dan is dienen een afgod,
een afgod die je hard laat werken en zweten.
Oordelen zijn niet belangrijk

dia 10 – oordelen zijn niet belangrijk

Jezelf steeds vergelijken met anderen,
altijd beter moeten zijn en waardering nodig hebben,
dat is een erg vermoeiende bezigheid.
Het is nooit
goed genoeg,
en als je wel tevreden over jezelf kunt zijn,
moet je ervoor knokken dat vast te houden.
Wie weet nog wie er vier jaar geleden
met de Olympische schaatsmedailles vandoor gingen?
Nee, er is niets mis met hard werken en complimenten.
Maar laat dat niet bepalen wie je bent!

dia 11 – meningen van mensen niet naar je identiteit trekken

Paulus kijkt op een
heel andere manier naar zichzelf.
Hij zegt: ‘hoe u of een menselijke instelling over mij oordeelt, interesseert me niet’.
Die hele vergelijkingswedstrijd, Paulus doet er niet aan mee.
Paulus wijst erop dat hij, en ook Apollos, alleen maar dienaren waren.
Het ging hen om de Korintiërs, niet om zichzelf.
Voor Paulus is dat een diepe werkelijkheid.
Het kan hem werkelijk niets schelen
wat de Korintiërs van hem vinden.
Ze mogen vinden wat ze willen,
maar Paulus zal er niet anders over zichzelf door gaan denken.

Dat betekent niet dat Paulus
zich afsluit voor kritiek.
Van Paulus mag iedereen kritiek op hem hebben.
Maar kritiek raakt hem niet in wie hij is.
Juist dat geeft ruimte voor kritiek.
Kritiek is voor Paulus geen persoonlijke afwijzing.
Daarom kan hij er nuchter mee omgaan.

dia 12 – niet over jezelf oordelen

Maar is Paulus dan zo’n super zelfbewust persoon,
iemand die aan alle kanten uitstraalt:
‘kan me niet schelen wat je van me denkt,
ik ben tevreden met mijzelf’?
Nee dus!
Paulus zegt niet:
‘het kan me niet schelen wat jullie van me denken,
want ik weet wel hoe ik over mijzelf denk.’
In plaats daarvan zegt hij:
‘hoe ik over mijzelf oordeel telt evenmin.’

Je niets aantrekken van anderen en gewoon positief over jezelf denken,
is geen oplossing.
Anderen hebben misschien een oordeel over mij,
maar de meest vernietigende oordelen heb ik nog altijd over mijzelf.
Ik ben nooit tevreden over hoe ik het doe.
Dan moet ik mijn eigen waardering gaan verdienen…
Dat werkt niet.

Paulus weet dat ook.
Er is vast veel op hem aan te merken.
Als hij zichzelf vergelijkt met hoe hij graag wil zijn,
dan stelt hij zichzelf teleur.
Het is nooit goed genoeg.
Met dienen is dat ook zo:
als je dat doet om iemand te zijn,
is het een bodemloze put waar je heel leeg van wordt.

dia 13 – minder aan jezelf denken

Paulus’ oplossing is heel simpel:
hij is gestopt met vergelijken,
hij trekt zich van oordelen niets meer aan.
Om het met de woorden van Tim Keller te zeggen:
Paulus denkt niet positiever over zichzelf,
hij denkt ook niet negatiever over zichzelf,
hij denkt minder aan zichzelf.
Paulus wil zijn energie niet stoppen in zijn zelfbeeld.
Dat is pas echt nederig:
het gaat hem niet om zichzelf, hoe mensen over hem denken.
Als je Paulus tegen zou komen,
hoef je niet bang te zijn dat hij op een of andere manier beter van je wil worden,
daar is Paulus namelijk niet mee bezig.
Hij is oprecht op anderen gericht.Gods oordeel telt
dia 14 – Gods oordeel telt

Het moet heerlijk zijn,
om net zoals Paulus in het leven te staan!
Wat kun je toch veel met jezelf bezig zijn,
wat kun je gevoelig zijn voor waardering,
waardering van anderen en waardering van jezelf.
En wat valt dat vaak tegen,
omdat je nooit zo veel waardering krijgt als je zou willen.
Dan is het toch fantastisch als je net als Paulus kunt zeggen:
‘wat mensen van me vinden, het maakt niet uit,
en hoe ik over mijzelf denk, doet er ook niet toe.’
Dat is bevrijdend!

Maar kan het echt?
Is dat niet iets wat alleen voor heel bijzondere mensen,
mensen zoals Paulus, is weggelegd?
Is het misschien voor extreem ongevoelige mensen?

dia 15 – we gaan steeds naar de rechtbank

Paulus heeft het steeds over ‘oordelen’.
Daarmee komen we in de wereld van de rechtbank.
In een rechtbank is er altijd een aangeklaagde
en er is een rechter om een oordeel te vellen.
Zelf ben ik nog nooit in een rechtbank geweest,
maar het lijkt me erg spannend!
Vooral als de rechter een beslissing over jou moet nemen.
Ik zou daar heel onzeker van worden.

Het stomme is dat we onszelf dat steeds aandoen.
We gaan steeds naar de rechtbank toe,
de rechtbank of je wel waardevol bent,
en anderen mogen hun oordeel dan over je geven.
Bijvoorbeeld of ze je foto op facebook liken.
En met dat oordeel is
het helaas niet klaar…
Volgende week begint het weer van voor af aan.
We laten ons steeds beoordelen.

dia 16 – Gods oordeel telt: hij houdt van je!

Voor Paulus geldt dat niet.
Hij schrijft: ‘het is de Heer die mij oordeelt.’
En het fijne van dat oordeel,
is dat het niet elke dag verandert!
Alleen Gods mening telt,
en gelukkig is Gods mening niet afhankelijk van wat ik doe.
Voor God maakt het niet uit of je Olympisch goud wint,
of alleen achter een stoel kunt schaatsen.
Voor God maakt het niet uit of je een gangmaker bent,
of dat je je leven maar saai vindt.
Voor God maakt het niet uit of je keurig leeft,
of dat je jezelf diep in de put hebt gewerkt.

Voor God maakt maar één ding uit: Jezus.
Als je in Gods rechtbank staat en tegen God zegt:
‘Heer, kijk toch alstublieft niet naar mij,
van die rotzooi wordt niemand vrolijk,
kijk toch naar Jezus’,
dan wordt je vrijgesproken!
Dan zegt God:
‘ja, Mark ik houd zielsveel van je!’
Probeer het maar eens met je eigen naam!

Gods oordeel telt.
Als hij je waardevol vindt, en dat vindt hij,
en als je daar zelf ook steeds meer van overtuigd bent,
dan maakt het steeds minder uit wat anderen van je vinden.
Aan het einde van deze dienst gaan we een lied zingen met de zin:
‘ik lach en loop te zingen in louter zonneschijn’.
Daarmee wordt niet bedoeld dat alles in het leven makkelijk is,
maar wel dat God van je houdt, en je daarom mag weten dat je waardevol bent.

dia 17 – bij God vind je vrijheid

Als je net als Paulus kunt zeggen:
‘het is de Heer die over mij oordeelt’, dan ben je vrij!
Dan hoef je
andere mensen niet al concurrenten te zien,
die iets beter kunnen dan jij.
Dan hoef je ze ook niet te zien als rechters,
die je steeds weer beoordelen.
Geloof in God wordt wel eens gezien
als een einde aan al je vrijheid.
Het is juist andersom: pas bij God vind je vrijheid.
Wees vrij

dia 18 – hoe kan Gods liefde in je hart landen?

Ik hoop dat ik je iets heb kunnen laten zien
van hoe mooi het is om vrij te zijn.
Dat je waardevol bent voor God,
en dat je daarom niet bezig hoeft te zijn met oordelen.

Vrij zijn, het klinkt prachtig,
maar in de praktijk is het best moeilijk.
Ik weet met mijn verstand wel dat God van mij houdt,
en dat dat genoeg is,
maar ondertussen blijf ik gevoelig voor mensen.
Hoe kan die liefde van God in je hart landen?
Dat het geen mooie woorden zijn,
maar dat het echt alles voor je is?

dia 19 – geef God ruimte te zeggen dat hij van je houdt

Zelf merk ik dat ik echt onder de indruk kan zijn van Gods liefde,
maar als ik daar even wat minder mee bezig ben,
het ook weer wegzakt en mensen weer belangrijker worden.
Volgens mij is er maar een manier om uit Gods liefde te leven,
en dat is er steeds weer mee bezig zijn.
Want Gods liefde is niet een kwestie van weten hoe het in elkaar steekt.
Zo werkt liefde niet.
In een gewone relatie ook niet.
Dan moet je blijven vertellen dat je van elkaar houdt,
met woorden, met een dikke knuffel of een avondje uit.

Geef God die ruimte ook!
Om tegen je te blijven zeggen dat hij van je houdt.
Dat boekje van Tim Keller, ‘bevrijd van je zelf’,
had ik al eens eerder gelezen.
Deze week las ik het opnieuw,
en ik was weer onder de indruk van Gods liefde.
Ik heb het nodig dat God dat elke dag tegen mij zegt.
En dat wil hij!
Houd je oren en ogen open voor dat God het steeds wil zeggen.
Zoek het in de bijbel of in je gebed.
Je kunt ook herinneringen voor jezelf maken,
door een mooie bijbeltekst op te hangen in je slaapkamer.
Van mijn zusje kreeg ik dit kubusje toen ik belijdenis heb gedaan.
Er staat op: ‘smile, God loves you’.
‘Lach, God houdt van je’.
Ik heb hem maar weer eens op m’n bureau gezet.

dia 20 – pas dan kun je dienen

En als het tot je
doordringt,
als Gods liefde genoeg voor je is,
dan kan dienen pas beginnen.
Dan hoef je niet meer te dienen om waardering van anderen te krijgen,
om je eigen ego wat op te krikken.
Gods liefde is genoeg.
Dan kun je oprecht dienen, zonder bijbedoelingen.
Het is dan geen manier om jezelf waardevol te kunnen vinden,
je weet al dat je waardevol bent,
dus kun je je helemaal op de ander richten.

Dus wees vrij.
En geniet van Gods enorme liefde.

Amen.