1 Korintiërs 14:26b | Ieder draagt bij

Mark Veurink
Mark Veurink
14 mei 2017

1 Korintiërs 14:26b | Ieder draagt bij

image_pdfimage_print

Wat doe je eigenlijk in de kerk? Het lijkt weleens alsof maar een handjevol mensen iets doet in een kerkdienst. In Korinte was dat heel anders: ieder droeg bij. Wat betekent dat voor ons?
Voor wie deze preek in een kerkdienst wil gebruiken: graag ontvang ik een melding op hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 171 : 2 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: LvK Gezang 328 : 1, 2 en 3
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: 1 Korintiërs 14 : 20 – 33
Luisterlied: Here’s My Heart
Preek over 1 Korintiërs 14 : 26b
Zingen: GKB Psalm 148 : 1, 2 en 4
Kinderen terug
Leefregels
Zingen: Bid met mij (Sela)
Gebed
Mededelingen
Collecte
Zingen: LvK Psalm 98 : 3 en 4
Zegen

Ieder draagt bij

Inleiding
dia 1 – zwart
“Wanneer u samenkomt, draagt iedereen wel iets bij:
een lied, een onderwijzing, een openbaring,
een uiting in klanktaal of de uitleg daarvan.
Laat alles tot opbouw van de gemeente zijn.”

dia 2 – mierennest
Het klinkt misschien niet als een compliment,
maar bij mij komt bij deze woorden het beeld op van een mierennest.
Je weet wel, zo’n nest dat je pas opmerkt als je er middenin zit…
Het leek zo’n lekker plekje om even uit te rusten,
maar je weet niet hoe snel je weg moet komen.

Blijf de volgende keer dat je in zo’n mierennest gaat zitten
toch even wat langer kijken.
Van een veilig afstandje natuurlijk.
Want het is ronduit fascinerend.
Wat een bedrijvigheid is er rond een mierennest!
Waar ze precies mee bezig zijn,
ik heb werkelijk geen idee,
maar bezig zijn ze, zonder uitzondering.
Ik daag je uit te zoeken naar een mier die niets doet:
dat is zoeken naar een speld in een hooiberg.

Een kerk vergelijken met een mierennest,
dat klinkt misschien niet als een compliment,
maar in de bijbel worden mieren een voorbeeld voor ons genoemd.
Spreuken 6:6-8: “Ga naar de mieren, luiaard,
kijk hoe ze werken en word wijs.
Hoewel er onder hen geen leider is, geen aanvoerder, geen koning,
halen ze in de zomer voedsel binnen,
leggen ze in de oogsttijd een voorraad aan.”
Nietsnutten en luilakken kunnen een voorbeeld nemen aan de mieren.

Trouwens, die mieren doen dus ook niet zomaar wat.
Ze lopen geen rondjes omdat ze nu eenmaal van hun energie af moeten.
Het is geen uitsloverij, ze zijn juist heel doelgericht bezig!
Voor ons lijkt zo’n mierennest een chaos,
maar elke mier heeft zijn taak.

dia 3 – ieder draagt bij
Dat brengt me bij het weekthema: taken en rollen.
In 1 Korintiërs 14 heeft iedereen in de kerk een taak: ieder draagt bij.
Paulus geeft daar een doel bij:
laat het geen uitsloverij zijn, maar tot opbouw van de gemeente.
Laten wij kijken wat we vandaag met die woorden van Paulus kunnen.

1. Korinte als spiegel
dia 4 – wat doe jij hier?
“Wanneer u samenkomt, draagt iedereen wel iets bij.”
Zo ging dat in Korinte.
Maar hoe zit dat met ons?
Wat doe jij hier?
Zo af en toe staan, vooral veel zitten,
een stoel warm houden,
een pepermuntje eten, of 2, of 3,
maar dat zij natuurlijk niet de dingen die Paulus bedoelt.
Is er nog meer?
Wat doe je nou eigenlijk in de kerk?

Het gaat er hier in De Voorhof heel anders aan toe dan in Korinte.
Dat is helemaal niet erg, verschil mag er zijn,
maar zo’n tekst van Paulus staat daardoor wel op grotere afstand.
Misschien is het zelfs wel vervreemdend:
kom je in 1 Korintiërs 14 in een wereld
waar je je helemaal niets bij kunt voorstellen.
Het gaat er zó anders dan bij ons – wat kun je daar nog mee?
Nou, volgens mij kunnen we in ieder geval eens in de spiegel kijken.
Wat zie je, als je de kerk in Franeker gaat vergelijken met die in Korinte?

dia 5 – Korinte: ieder draagt actief bij
De kerk in Korinte zit in ieder geval vol energie!
Iedereen doet wel wat.
Dat is ook wel een stukje van het probleem:
ze konden niet zo goed maat houden.
Elke samenkomst van de gemeente
stonden mensen te popelen hun bijdrage te leveren.
De een droeg bij met een lied,
de ander met een getuigenis,
weer een ander met een stuk onderwijs,
maar er werd ook geprofeteerd,
mensen kregen openbaringen die gedeeld werden,
en dan ook nog klanktaal.
Nu gaat het niet om wat er nou allemaal precies gebeurt,
Paulus zou nog wel even kunnen doorgaan met zijn opsomming,
het punt is dat ieder actief bijdraagt.

Kerkgebouwen bestonden toen nog niet.
De samenkomsten waren aan huis,
waarschijnlijk bij de rijkere gemeenteleden,
want die hadden ruimte om mensen te ontvangen.
Maar dan nog, met 40 mensen was het huis wel ongeveer vol,
en dan was er echt niet voor iedereen een klapstoeltje.
Sommige mensen stonden tegen de muur aan,
anderen zaten op de grond,
weer anderen hadden een stoel bemachtigd.
Misschien was het ook wel een grote stoelendans,
want je krijgt niet de indruk dat ze veel stilzaten!
En zo ging dat dan op meer plaatsen in de stad:
op verschillende adressen kwamen huisgemeenten samen.

dia 6 – kerkdienst: een paar mensen met een taak
Heel anders dus dan bij ons.
Waar kerkdiensten worden gehouden in kerkgebouwen.
Hier hoef je niet tegen de muur aan te staan,
voor ieder is er een eigen stoel,
en als je kunt stilzitten ben je bij ons in het voordeel.
Ik kan dat dus niet, en daarom ben ik maar predikant geworden…
Je mag ook blijven zitten: er wordt niet zoveel van je verwacht.
Er zijn een paar mensen die een duidelijke taak hebben in een dienst:
natuurlijk ik als predikant,
de organist zorgt voor muziek, vandaag aangevuld met zang en gitaar,
de ouderling van dienst geeft mij een hand,
de diakenen zorgen voor de collecte,
in het mediahok zorgen mensen voor beeld en geluid,
de koster doet van alles,
in de creche zijn oppassers,
de kinderclub heeft zijn eigen leiders,
en dan heb je het ook wel ongeveer gehad.

Heel anders dus dan in Korinte.
Dat heeft zeker zijn voordelen, maar ook nadelen.
Het gevaar is dat je de kerkdiensten gaat zien als een soort voorstelling.
Er is muziek, er is een praatje, en jij laat het lekker over je heen komen.
Je neemt een afwachtende houding aan,
en het staat allemaal op veilige afstand.

2. Alles tot opbouw
dia 7 – hét criterium: dient het de opbouw?
Ik stelde de vraag: ‘wat doe jij hier?’
Die vraag beantwoorden wij ongetwijfeld anders dan in Korinte,
dat lijkt mij inmiddels wel duidelijk.
Maar ik vermoed, ik kan er natuurlijk naast zitten,
dat zowel in Korinte als bij ons
maar weinig mensen als eerste antwoord zouden geven:
‘ik ben hier om de gemeente op te bouwen.’
Terwijl juist dát is wat Paulus mee wil geven:
laat alles tot opbouw van de gemeente zijn.

Verschillen mogen er zijn.
In Franeker hoeven we geen kopie te zijn van de kerk in Korinte.
Zo’n zinnetje van Paulus, ‘iedereen draagt wel iets bij’,
beschrijft hoe het er in Korinte aan toe ging.
Dat wil nog niet zeggen dat het bij ons ook zo moet!

Wat wél geldt voor zowel Korinte als voor ons,
is die opdracht die Paulus geeft:
laat alles tot opbouw van de gemeente zijn.
Net zoals die mieren:
die sloven zich niet uit, maar hebben doel.
Ze bouwen een nest en leggen voedselvoorraden aan.
Of iedereen in de kerkdienst aan het woord komt, daar gaat het niet om.
Waar het wél om gaat is of het de opbouw van de gemeente dient.
Dat is in alle dingen die we doen, in al onze taken, het criterium.
Helpt dit de gemeente om met God te leven?
Helpt dit om elkaar te leren liefhebben?
Helpt dit om het evangelie naar buiten te brengen?

Het criterium is dus niet hoe we het altijd gedaan hebben!
Steeds weer is de vraag: wat is nu het beste voor de gemeente?
Welke taken moeten er nu echt gedaan worden?
Maar ook: welke gaven zijn er in ons midden?
Gaven die we niet zomaar links kunnen laten liggen.
Soms betekent het ook met dingen stoppen.
In het kerkblad van vorige week kon je lezen dat we gaan stoppen met themadiensten.
Die diensten hebben veel zegen gebracht,
zijn echt tot opbouw van de gemeente geweest,
maar lijken op dit moment vooral veel energie te kosten.
We gaan niet koste wat kost met taken door:
steeds is de vraag: wat dient de opbouw?

dia 8 – Korinte: Paulus remt af
In Korinte betekent die vraag dat Paulus flink moet afremmen.
Dat is trouwens relatief, want ook met de nieuwe regels van Paulus,
komt het op mij nog niet heel ordelijk over.
Mensen die aan het profeteren zijn,
en worden onderbroken door mensen die een openbaring krijgen…
Het probleem in Korinte is dat veel gemeenteleden
niet de opbouw van de gemeente zoeken, maar hun eigen eer.
Veel van die bijdragen zijn puur om jezelf te etaleren:
‘kijk eens wat een mooie bijdragen ik lever?’
Dan zegt Paulus: waar doe je het eigenlijk voor?
Laat alles voor de opbouw zijn!

dia 9 – voor ons: draag met je gaven bij!
In Korinte staat Paulus op de rem,
maar wat zou hij tegen ons in Franeker zeggen?
Ik denk dan toch dat hij ons zou aanmoedigen
de gaven die we gekregen hebben meer te gebruiken.
In vers 1 zegt Paulus: ‘jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest.’
Natuurlijk, onze situatie is heel anders,
we zijn ook met meer mensen bij elkaar dan in Korinte,
maar de Geest geeft gaven, en die geeft hij niet zomaar:
die geeft hij om de gemeente mee op te bouwen.

We doen onszelf tekort als we alles laten afhangen
van een paar mensen die een taak in de dienst hebben.
Gods liefde, Gods genade, Gods aanwezigheid
mogen we ervaren in de bijdragen van ieder.
Niet alleen van de mensen die ervoor geleerd hebben.
Niet alleen van mensen die ergens supergoed in zijn.
Want bijdragen zijn geen manifestatie van jouw prestaties,
maar van Gods genade.
Ik moet denken aan de dienst van 4 weken geleden, Paaszondag,
waar Julia een getuigenis gaf over Gods weg met haar.
Daar mocht ík iets van God ervaren.
Dan gebeurt wat Paulus zegt, dat mensen belijden:
‘werkelijk, God is in uw midden’.
Laten we de opbouw van de gemeente
niet in de weg zitten door maar een handjevol mensen te laten bijdragen!

3. Weg met de afrekencultuur!
dia 10 – wat houdt ons tegen?
Dat zijn we niet zo gewend,
en ik vroeg me af: wat houdt ons eigenlijk tegen?
Misschien het gevoel dat je iets moet,
en daar houden we niet zo van.
Juist als iets moet, heb ik de neiging het niet te doen…
Maar ik denk dat er nog een belangrijkere reden is:
we staan niet zo graag in de schijnwerpers,
steken niet zo graag onze kop boven het maaiveld.
Je zou kunnen denken dat Friezen nu eenmaal zo in elkaar zitten,
maar het geldt voor Hollanders net zo goed.
Podiumangst schijnt een van de grootste angsten van mensen te zijn.
Het voelt niet veilig om iets bij te dragen.

dia 11 – afgerekend worden op je prestaties
Ik noem dat maar een afrekencultuur.
In een afrekencultuur wordt je beoordeeld op je prestaties,
en kun je snoeiharde kritiek krijgen als je prestaties ondermaats zijn.
Hoe veel verschillen er ook zijn tussen Korinte en Franeker,
in beide draait het vaak om prestaties.
In Korinte lieten mensen graag hun prestaties zien,
‘kijk mij toch eens’, daar haalden ze eigenwaarde uit.
Daarom wilde iedereen ook bijdragen.
Bij ons draait het net zo goed om prestaties,
maar zijn we sneller bang dat het niet goed genoeg is.
Mensen die denken dat ze ergens goed in zijn, vinden we al snel arrogant.
‘Dus jij denkt dat jij talent hebt? Dat zullen wij wel bepalen!’
Zowel in Korinte als in Franeker doen we daarmee Gods genade tekort.

Helaas gebeurt dat afrekenen veel te veel,
niet alleen in de samenleving, maar ook in de kerk.
Ik hoor soms verhalen, ook uit onze gemeente,
van mensen die afknappen op de kritiek die ze krijgen
als ze zich met hart en ziel voor de gemeente inzetten.
Het lijkt alsof iedereen zijn mening over je klaar heeft.
Dat als je iets bijdraagt aan het gemeenteleven,
je daarmee anderen het recht geeft je af te branden…
Laten we toch vergeten dat Jezus al gekruisigd is,
al ís afgebrand, voor ons allemaal.

dia 12 – genadecultuur: gedreven door liefde
Laten we daarom genadig zijn.
We hebben een genadecultuur nodig.
Niet alleen het beste is goed genoeg!
Dan ga je maar naar theater de Koornbeurs ofzo!
Hier leven we samen als familie van Jezus Christus.
Spreken we waardering uit.
Worden we gedreven door liefde voor elkaar.
En als je toch eens een kritische opmerking hebt,
vraag je dan eerst af of je het uit liefde zegt,
en of de ander je liefde erin kan proeven.
Houd anders liever je mond!

4. Ben jij maker?
dia 13 – ben jij maker?
“Wanneer u samenkomt, draagt iedereen wel iets bij.”
Het mag bij ons best wat anders gaan dan in Korinte, dat is geen probleem.
Maar draag je bij aan de opbouw van de gemeente?
Anders gezegd: ben jij maker?
Dat woord leen ik van popup-kerken:
gemeenschappen die proberen op een nieuwe manier kerk te zijn.
Op de website van een van die kerken staat:
“iedereen is maker: alle deelnemers zijn gelijkwaardig
en iedereen is in staat de gemeenschap vorm te geven.
Zo zien we de gemeenschap niet als een groep consumenten,
maar juist als producenten,
waarbij iedereen de gelegenheid heeft om mee te doen.”
Ben jij een maker?

dia 14 – jouw bijdrage doet ertoe!
Besef in ieder geval dit: je draagt bij,
jouw bijdrage aan het gemeentezijn doet ertoe!
De kerk is geen plek waar je naartoe gaat om iets te halen,
de kerk is een familie waar we elkaar opbouwen.
Dat betekent dat je niet zelf een afwachtende houding aanneemt,
terwijl je ondertussen van alles van anderen verwacht.
Het betekent dat niet een paar mensen een taak hebben,
zoals de kerkenraad of de organist,
en de rest wel gemist kan worden.
Nee: je kunt niet gemist worden, want je brengt jezelf in deze familie.
Zie jezelf niet als een toeschouwer,
die kijkt naar wat anderen aan het doen zijn, maar als een deelnemer.
Zoals die buitenstaander waar Paulus het over heeft:
die merkt dat er in de samenkomst echt iets gebeurd,
wordt er zelf volledig in betrokken, en belijdt dat God hier is!

dia 15 – ook in het geestelijk gesprek
We zijn aan elkaar gegeven om elkaar op te bouwen.
Dat kan natuurlijk op allerlei manieren.
In taken die er zijn, in je meeleven, in je gebeden.
Laten we in ieder geval niet vergeten
dat ook het met elkaar delen van je geloof erbij hoort.
Ik heb het idee dat we vooral op praktisch niveau
best wat voor de gemeente willen doen,
maar het veel moeilijker vinden
om met elkaar in gesprek te gaan over wat jij van God ervaren hebt,
of juist over de grote vragen aan God waar jij mee rondloopt.
Maar dat is niets om je voor te schamen!
We zijn een familie en wat ons samenbindt,
is onze liefde voor Jezus, voor zijn Vader en zijn Geest.
Iedereen mag bijdragen in dat geestelijk gesprek:
daar groeien we van.

dia 16 – kerk, dat zijn we samen!
Deze week is het thema ‘taken en rollen’.
Ik hoop dat nu duidelijk is
dat niet een paar mensen in de kerk een taak hebben, en de rest toekijkt.
Ieder heeft een rol in de gemeente!
Nee, het hoeft bij ons niet zo te gaan als in Korinte.
Wij mogen eigen wegen vinden om bij te dragen aan de opbouw.
Misschien kun je iets bijdragen in een kerkdienst.
Misschien heb je gaven om in te zetten in een bepaalde functie.
Misschien zijn het je gebeden en je meeleven.
Ik denk dat de kring ook een heel belangrijke plek is als het gaat om bijdragen:
daar kan ieder iets inbrengen, kan ieder zijn vragen stellen,
en kan ieder ook vragen aan jou stellen.
Hoe dan ook: kerk, dat zijn we samen!
Laten we samen bouwen, laten we samen God aanbidden,
want hij is in ons midden!
Amen.