1 Korintiërs 11:33 – Verkondig Jezus door te delen (avondmaal)

Mark Veurink
Mark Veurink
2 februari 2014

1 Korintiërs 11:33 – Verkondig Jezus door te delen (avondmaal)

image_pdfimage_print

Voor preeklezers: ik hoor graag als mijn preek ergens gelezen wordt. Neem dan even contact met mij op: hmveurink@gmail.com. Dan stuur ik ook de bijbehorende powerpoint toe.

Liturgie
Zingen: GKB Gezang 171 : 1 en 3
Stil gebed
Votum en groet
Zingen: Psalm 47 : 1 en 2
Gebed
Kinderen naar club
Lezen: 1 Korintiërs 11 : 17 – 34
Zingen: LvK Lied 106 : 1 en 2
Preek over 1 Korintiërs 11 : 33
Zingen: Opwekking 268
Kinderen terug
Kinderlied
Lezen wet
Zingen: Psalm 65 : 2 en 3
Avondmaal
Lezen formulier 4
Viering
Zingen: GKB Gezang 141 : 1 en 2
Gebed
Collecte
Zingen: LvK Lied 21 : 1, 3 en 7
Zegen

Preek: Verkondig Jezus door te delen

Inleiding
dia 1 – taart
Delen, eerlijk delen,
dat is nog niet zo gemakkelijk.
Op verjaardagsfeestjes vind ik het altijd lastig.
Met de taart gaat het nog wel.
Iedereen krijgt gewoon een stuk taart.
Het ene stuk is misschien wat groter dan het andere,
en ik durf nooit het grootste stuk te kiezen,
maar een taart kun je redelijk eerlijk verdelen.

dia 2 – zak chips
Dat wordt anders als er een zak chips wordt opengetrokken.
Meestal heb ik wel zin in chips,
maar ik wil ook niet onbeschoft zijn en de hele zak leegeten…
Wat moet je dan?
Hoe kun je een zak chips goed verdelen?

dia 3 – chips zakjes
De makkelijkste oplossing is natuurlijk
om van die kleine chipszakjes te kopen.
Iedereen krijgt een zakje.
Of de chips verdelen over bakjes,
zodat iedereen z’n eigen portie heeft.
Op kinderfeestjes kan dat nog.

Op feestjes van grote mensen kan dat eigenlijk niet meer.
Dan ben je aan elkaar overgeleverd.
Dan krijgt onze slechtheid alle ruimte.
Dan moet je zelf bedenken hoe je het aanpakt.

dia 4 – graaien
Je kunt er dan voor kiezen
je niets van anderen aan te trekken.
Er is chips en jij hebt zin in chips.
Een en een is twee, dus aanvallen maar.
Een zak chips moet zo snel mogelijk leeg.
Als iedereen deze tactiek heeft,
dan werkt het ook best aardig,
en heb je binnen een minuut de zak eerlijk verdeeld.

Het wordt lastiger als mensen rustig willen genieten van hun chips.
Als je een beetje manieren hebt,
moet je dan tactisch chips gaan pakken.
Goed om je heen kijken wanneer iemand weer wat pakt,
en dan mag jij ook weer wat pakken.
En dan proberen zo veel in je hand te hebben dat het niet opvalt,
maar dat je toch een voorraadje kunt maken.

dia 5 – lege zakken
Je hebt ook nog van die mensen die achter het net vissen.
Die zien de zak chips op tafel komen,
en bedenken na een kwartier dat ze wel wat lusten.
Maar dan is het natuurlijk al lang op.
Pech gehad!

Eerlijk delen, dat is niet makkelijk.
Want je doet jezelf niet graag tekort.
Ik in ieder geval niet.
De meeste mensen kiezen voor zichzelf.

1. Leven voor jezelf
dia 6 – leven voor jezelf
In de stad Korinte werkt dat ook zo.
We maken een sprong in de tijd en gaan naar de eerste eeuw.
In die tijd is Korinte een grote en bruisende stad.
Er is ook een kleine groep christenen, een kerkje.
Het is een bont gezelschap van mensen die tot geloof zijn gekomen.

Dit kerkje krijgt een brief van Paulus.
Het gedeelte dat we daaruit hebben gelezen, gaat over het avondmaal.
Tenminste, zo noemen we het in de kerk meestal.
Paulus heeft het over de maaltijd van de Heer.
Een veel mooiere naam!

Als we hier in de kerk de maaltijd van de Heer vieren,
dan is dat heel sober: een klein stukje brood en een slokje wijn.
In Korinte ging dat heel anders.
Daar vierden ze de maaltijd van de Heer als een echte maaltijd.
Het was een feestmaal.

dia 7 – armen vinden de hond in de pot
Maar het was geen feest voor iedereen.
De maaltijd werd gehouden in het huis van een wat rijker gemeentelid.
Hij had een groot huis, waar iedereen in paste.
Aan het einde van de middag druppelen de eerste mensen binnen.
Het zijn mensen die hun zaakjes goed voor elkaar hebben,
die niet hoeven te zwoegen voor hun geld.
Het zijn echte levensgenieters.
Als het eten op tafel komt, dan weten ze het wel: aanvallen!

Niet iedereen in Korinte heeft het zo goed.
Andere leden van het kerkje moeten hard werken voor weinig geld.
Zij kunnen pas aan het begin van de avond komen.
Ze hebben stevige trek, maar vinden de hond in de pot
en rijken die wat aangeschoten beginnen te raken door de wijn.
Het zou zelfs goed kunnen dat er voor hen geen plek meer was in de eetkamer,
en ze daarom naar de hal worden verwezen.
Ze lijken een soort 2e-rangs leden.

In Korinte gaat het er anders aan toe dan in Franeker.
De maaltijd van de Heer vieren we hier niet als een echte maaltijd,
al gaan we na de dienst vandaag wel zo’n maaltijd houden.
Een ander verschil is hoe belangrijk status is.
In Korinte bepaalde je status alles.
In Nederland vinden mensen dan dat je omhoog gevallen bent…
En misschien vindt je die Korintiërs ook gewoon ongemanierd.

dia 8 – mijn behoefte en mijn status
Maar zijn ze echt zo anders dan wij?
Het gaat er om twee dingen.
Het eerste is mijn behoefte.
De rijken hadden zin in eten, dus ze gaan eten.
En dat doen wij toch ook,
je eigen behoefte volgen, je eigen gevoel?
Wat overdreven gezegd: de hele wereld is er voor mij,
ik ben de hoofdrolspeler, en de rest van de wereld is figurant.
Natuurlijk zeg je dat normaal niet zo,
maar we doen het vaak wel.
Ik heb recht op mijn tijd, mijn geld, mijn leven.

Het tweede is mijn status.
In Korinte wilden de rijken niet met de armen delen.
Wij zoeken ook het liefst soortgenoten op.
De jongeren bij de jongeren,
gezinnen bij de gezinnen,
en ouderen bij de ouderen.
De mensen waarmee je een soort natuurlijk band hebt.
En mensen buiten die groep, die kun je beoordelen,
op hun kleding, geur, lachje, maniertjes, enzovoort.

2. Jezus verkondigen
dia 9 – maaltijd voor Jezus of voor jezelf?
Als Paulus hoort hoe ze in Korinte de maaltijd van de Heer vieren,
maakt het hem boos: dit kan zo niet!
Paulus legt de vinger bij de zere plek:
jullie komen niet samen om de maaltijd van de Heer te vieren.
De Korintiërs zullen wel gedacht hebben:
‘hoezo, dat vieren we toch regelmatig?’
Maar Paulus’ punt is:
jullie vieren niet de maaltijd van de Heer, maar jullie eigen maaltijd.
Wat de Korintiërs doen heeft helemaal niets met de maaltijd van de Heer te maken!

In de maaltijd van de Heer gaat het om Jezus.
Het gaat erom dat hij gestorven is,
dat hij zijn leven voor ons gegeven heeft.
Het gaat erom dat hij is opgestaan
en ons een nieuw leven geeft.
Elke keer als christenen de maaltijd van de Heer vieren,
denken ze daaraan terug.
Paulus gebruikt daarvoor het woord ‘gedenken’,
Jezus’ dood en opstanding komen aan zijn maaltijd diep binnen.
In Korinte is dat ver te zoeken.
Het gaat om eetlust en status.

dia 10 – blijkt in hoe je met elkaar omgaat
Op die manier kun je Jezus niet verkondigen.
Aan Jezus’ maaltijd vier je dat hij alles voor je heeft gegeven.
Je viert dat hij zichzelf heeft opgeofferd.
Dan kun je niet zeggen:
‘Jezus, fijn dat u dat deed, maar dat ga ik dus mooi niet doen.
Al die mensen hier, ik doe wel vriendelijk tegen ze,
maar eigenlijk kunnen ze me gestolen worden.
Ik trek me liever terug in mijn eigen wereldje.’
Dan maak je jezelf belangrijker dan Jezus.
Jezus kan al die mensen wel belangrijk vinden,
maar jij bent toch echt belangrijker…

Als je viert dat Jezus zich opoffert,
dan blijkt dat ook in hoe je met elkaar omgaat.
Het blijkt in dat je samen deelt,
in dat je elkaar vergeeft,
jezelf geeft voor anderen en elkaar dient.
Dan zie je aan Jezus’ maaltijd wie hij is.

Als Paulus het even later heeft
over het onwaardig vieren van de maaltijd, heeft hij het daar over.
Hij bedoelt dan niet dat het er allemaal heel plechtig aan toe moet gaan.
Het is onwaardig als het ieder voor zich is.
Het gaat erom dat je elkaar wilt dienen!
En natuurlijk is dat niet alleen zo bij die maaltijd.
Het gaat om een manier van leven.
Dat het in mijn leven niet om mij gaat, maar om Jezus.

3. En ik dan?
dia 11 – en ik dan?
En ik dan?
Altijd maar Jezus,
altijd maar leven voor anderen,
ik heb toch zelf ook nog behoeften?
Ik moet toch ook voor mijzelf zorgen?

dia 12 – zorg voor jezelf, dan kun je dienen
Paulus zegt ook niet dat je niet meer mag eten.
Hij zegt ook niet dat je geen luxe maaltijden mag houden.
Wat hij wel zegt:
als je zo veel honger hebt dat je jezelf niet meer kunt beheersen,
als het eten al jouw aandacht opslokt,
en er geen plaats meer is voor Jezus en voor je naaste,
eet dan gewoon thuis!
Zorg goed voor jezelf.
Want juist als je goed voor jezelf zorgt,
kun je anderen dienen.

Als je de hele week doordraaft,
geen moment de tijd hebt om tot rust te komen,
dan is dienen heel moeilijk.
Dan moet je in de kerk op adem komen,
om de rust in te halen die je de rest van de week hebt gemist.
Dan is het moeilijk om je op Jezus en elkaar te richten.
Paulus zou dan zeggen: zorg goed voor jezelf,
neem voor jezelf tijd om bij te komen,
dan hoeft het in de kerk niet om jouw rust te gaan.
Dan kun je dienen.

dia 13 – dienen met Jezus die jou dient
Maar moet je dan altijd maar dienen, steeds geven,
zonder dat je er ook eens wat voor terugkrijgt?
Ja, dat hoort bij dienen.
Als je er iets voor terugkrijgt, is het geen dienen meer.
Dan is het gewoon ‘voor wat hoort wat’.
Dienen gaat juist verder: ik geef iets en ik hoef niets terug.

Dat kan alleen met Jezus.
Hij doet het op die manier.
Wij kunnen onszelf heel belangrijk vinden,
maar als er iemand is die het recht heeft voor zichzelf op te komen
en alle andere mensen als 2e-rangs te beschouwen,
dan is het Jezus wel.
Maar juist Jezus doet dat niet.
Hij beschouwt zichzelf als 2e-rangs, of nog lager.
Het gaat hem niet om zichzelf.
Hij geeft zijn behoeften op, hij geeft zijn status op,
allemaal om ons te dienen.
Jezus geeft dus niet alleen een opdracht,
hij doet het zelf ook voor jou.
Daarom hoeft het niet meer om mij te gaan.

En met elkaar dienen doe je niet iets terug voor Jezus.
Dan zou je Jezus’ liefde kunnen verdienen.
Jezus wil je laten zien dat dienen mooi is.
Als je kunt dienen is dat een geschenk van hem.
Als je erachter komt dat je zelf helemaal niet zo belangrijk bent,
is dat enorm bevrijdend.
Het is heerlijk om Jezus te volgen en je te geven.

4. Vier samen het feest
dia 14 – toets jezelf
Genoeg theorie voor vanochtend.
Hoe kun je dit nu in de praktijk brengen.
Drie korte dingen daarover:
toets jezelf, dien elkaar en vier het feest.

Eerst: toets jezelf.
Paulus heeft het daar ook over:
‘laat ieder zichzelf eerst toetsen,
voordat hij van het brood eet en uit de beker drinkt.’
Die uitspraak van Paulus is een beetje een eigen leven gaan leiden,
alsof Paulus hier zegt dat je diep in jezelf moet graven.
Dat kan heel navelstaarderig worden…
Maar Paulus heeft het over een andere toets:
toets jezelf of je bereid bent te dienen.
Vraag jezelf af: leef ik voor mijzelf, of wil ik mij geven?
Gaat het om Jezus, of gaat het om mijzelf?

dia 15 – dien elkaar
Het volgende: dien elkaar.
Paulus schrijft over de maaltijden in Korinte:
wees gastvrij voor elkaar, wacht op elkaar.
Dat gaat over de maaltijd van de Heer,
maar ook breder: over je levenshouding.
Durf je eigen belang op te geven voor een ander?
Het gaat er in dit leven niet om dat ik gelukkig wordt,
mijn geluk ligt in Jezus.
Eén voorbeeldje van hoe dat eruit kan zien:
je bent jarig en je geeft een verjaardagsfeestje.
Wie nodig je dan uit?
Je kunt de mensen uitnodigen die je er graag bij wilt hebben,
je ‘soortgenoten’ en mensen die voor een fijne sfeer zorgen.
Je kunt ook mensen uitnodigen waarvan je weet
dat ze nooit eens op een feestje worden uitgenodigd,
en waarmee je nog maar moet afwachten of het een leuk feestje wordt.
Zo zou je kunnen dienen.

dia 16 – vier het feest
En vier dan ook samen het feest.
Paulus bedoelt niet dat je je nog maar eens achter de oren moet krabben
of je de maaltijd van de Heer echt wel kunt vieren.
Paulus wil je stilzetten bij waar het echt om gaat:
niet jezelf maar Jezus.
En al geef je jezelf een dikke onvoldoende voor dienen,
begin er gewoon mee, probeer het maar, bid erom,
en vier het feest.
Samen delen we de maaltijd van Jezus
en verkondigen zijn naam.

Amen.