Bijbelleesproject Job september/oktober 2017

Bijbelleesproject Job uitnodiging

 

10 september Job 1 Job verliest alles, maar blijft God prijzen. Wat doe jij als jij verlies te verwerken hebt?
11 september Job 2 Jobs vrouw zegt: ‘Vervloek God toch en sterf’. Voel jij die verleiding ook? Wat doe je dan?
12 september Job 3 Wat vind je van wat Job hier zegt?
13 september Job 4 ‘Werden rechtschapenen ooit in het ongeluk gestort?’ Wat is jouw antwoord op die vraag?
14 september Job 5 Lees nog eens vers 17. Wat vind je ervan dat Elifaz dit tegen Job zegt?
15 september Job 6 Job verlangt naar de dood. Zijn vrienden geven geen troost. Wat zeg jij tegen iemand die lijdt?
16 september Job 7 Vergelijk vers 21a eens met Psalm 103:10-12. Vult vers 21a je hart? Herhaal dan steeds Psalm 103:10-12.
17 september Job 8 Wat zegt Bildad hier over God? Vind je dat in deze situatie terecht?
18 september Job 9 Job noemt verschillende voorbeelden van Gods macht. Welke spreekt je het meest aan?
19 september Job 10 Job voelt zich als mens onbegrepen (vs. 4 en 5). God werd mens: Jezus. Wat betekent dat in het lijden?
20 september Job 11 Sofar zet rechtvaardig en onrechtvaardig tegenover elkaar. Is Job onrechtvaardig? En jij? Zie ook Rom. 5:1.
21 september Job 12 Vers 12-25 doet denken aan Psalm 2. Waarom? Wat zegt dit je, gelet op de wereld om je heen?
22 september Job 13 Kijk nog eens naar vers 5. Ben jij een goede zwijger?
23 september Job 14 Job ervaart de kwetsbaarheid van de mens. Voel jij je kwetsbaar? Zie 1Petr. 1:24-25a. Troost dat je?
24 september Job 15 Elifaz maakt Job verwijten. Welke daarvan raakt je het meest? Waarom?
25 september Job 16 Job hoopt alleen nog op recht van God. Heb jij je eens door vrienden verraden gevoeld? Wat deed je toen?
26 september Job 17 Wat vind je van hoe Job over de dood praat in dit gedeelte? Kan je hem begrijpen?
27 september Job 18 Bildad schetst het lot van de goddeloze. Waarom zegt hij dit tegen Job? Wat zou je tegen Bildad zeggen?
28 september Job 19 Vers 25-27 is een krachtige belijdenis. Spreek deze eens hardop uit.
29 september Job 20 Hoe verloopt volgens Sofar het leven van wie leeft zonder God? Slaat dit ook op Job? En op jou?
30 september Job 21 Vergelijk eens met Psalm 73. Voel jij weleens jaloezie voor wie leeft zonder God? Wanneer?
1 oktober Job 22 Elifaz zegt dat God belangrijker is dan geld (vs. 25). Welke rol speelt geld in jouw leven?
2 oktober Job 23 Job siddert als hij denkt aan Gods plannen. Hoe reageer jij op Gods plan?
3 oktober Job 24 Job beschrijft hier allerlei onrecht. Welke herken jij in je omgeving? Wat doe jij eraan?
4 oktober Job 25 Houd Psalm 8 eens naast vs 5-6. Daar wordt net zoiets gezegd, maar de toon is anders. Wat is het verschil?
5 oktober Job 26 ‘Wij vangen van zijn woorden slechts gefluister op.’ (vs. 14) Waarin hoor jij God fluisteren?
6 oktober Job 27 Job vertrouwt erop dat hem ooit recht gedaan wordt. Op welk recht mag jij aanspraak maken bij God?
7 oktober Job 28 Wijsheid is onbetaalbaar. Vers 28 zegt: ontzag voor de Heer is wijsheid. Hoe krijgt dat in jouw leven vorm?
8 oktober Job 29 Job verlangt terug naar de tijd dat God nog bij hem was (vs. 2-5). Wanneer ervoer jij Gods nabijheid sterk?
9 oktober Job 30 ‘Luistert God nog wel?’, vraagt Job zich af. Wat merk jij ervan dat God je gebeden hoort?
10 oktober Job 31 Job vertelt o.a. wat hij deed voor weduwe en wees. Welke weduwen en wezen ken jij? Wat doe je voor hen?
11 oktober Job 32 Elihu wacht op zijn beurt. Oudere: welk voorbeeld ben je voor jongeren? Jongere: hoe kijk jij naar ouderen?
12 oktober Job 33 Een voorspraak die het losgeld verkrijgt (vs. 23-24). Leg dat eens naast 1Joh.2:1. Zie je de overeenkomst?
13 oktober Job 34 Wat in vs. 10 staat, vind je ook in 1.Joh1:5. Geloof je dat? Wanneer is het moeilijk dat te geloven?
14 oktober Job 35 Wat vind je van wat Elihu in vers 35 zegt?
15 oktober Job 36 Wat van de dingen die in dit hoofdstuk over God gezegd worden raakt je het meest?
16 oktober Job 37 Ook met wolken ervoor blijft de zon schijnen (vers. 21) Welke ‘wolken’ verduisteren jouw blik op God?
17 oktober Job 38 God roept Job tot de orde: ken je plek. Wanneer dacht je het beter te weten dan God?
18 oktober Job 39 God kent de dieren als geen ander. Hij heeft ze gemaakt. Welk dier brengt jou onder de indruk van God?
19 oktober Job 40 Niemand is zo sterk als Ik, zegt God. Welke kracht of macht in jouw leven laat je daar soms aan twijfelen?
20 oktober Job 41 Het schepsel dat hier beschreven wordt is beangstigend sterk. Wat wil God hiermee tegen je zeggen?
21 oktober Job 42 Wat vind je ervan dat Job moet bidden en offeren met en voor zijn vrienden?